Posts Tagged ‘youtube’

Commissariaat voor de Media hoort Duitse mediatoezichthouder uit over aanpak online sluikreclame

Posted 23 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het Commissariaat voor de Media heeft een bezoek gebracht aan Berlijn om te horen hoe de Duitse mediatoezichthouder sluikreclame in online video’s aanpakt.

Het Commissariaat vindt dat reclame altijd als zodanig herkenbaar moet zijn. Niet alleen op radio en tv, maar ook in online video’s, zoals vlogs op platforms als YouTube.

Bij het opstellen heeft de Duitse toezichthouder goed geluisterd naar de behoeften, vragen en suggesties van onder meer YouTubers en de multichannel networks (MCN’s) waarmee ze samenwerken.

Een bestand FAQ voor vloggers maakt onderdeel uit van die aanpak. De FAQ legt in toegankelijke taal uit wat er wel en niet mag, en hoe makers van online video’s transparant moeten zijn over reclame.



Lees het volledige bericht op Emerce »

CEO Fnatic: ‘We willen altijd frontrunner zijn’

Posted 20 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

E-sports is booming business, en mondiaal goed voor 696 miljoen dollar aan omzet. In 2020 zelfs anderhalf miljard. Een megagroeimarkt, ook voor Fnatic, een van de succesvolste e-sportorganisaties ter wereld. “Wij zijn de Real Madrid van digital sports”, aldus CEO en Nederlander Wouter Sleijffers (40).

Wie denkt dat e-sports een marginale business is bestaande uit nerds achter een laptop, heeft het flink mis. Het competitief spelen van online games – van first person shooters als Counter-Strike tot multiplayer role playing games als World of Warcraft – is in de afgelopen tien jaar uitgegroeid tot een mondiale sport. En is met name populair bij 21- tot 35-jarigen.

Dat e-sport volwassen is geworden, blijkt ook uit de wereldwijde fanbase. Momenteel zo’n 385 miljoen in aantal, een kleine twintig procent meer dan in 2016. Hoewel 51 procent van hen zich in Azië bevindt, wordt er in Noord-Amerika – waar slechts 13 procent van de fans woont – het meeste geld aan verdiend: 257 miljoen dollar. Een omzet die medio 2020 rond de 607 miljoen zal uitkomen, aldus onderzoeksbureau Newzoo.

Wie wil, kan de verwikkelingen van zijn favoriete team volgen via livestreams op online platformen als Twitch, YouTube, DingIt en Hitbox, en sinds kort ook Facebook. Voor wie meer wil, zijn er ook tal van venues. Overal ter wereld. Veelal in voetbalstadions, waar tienduizenden sportfans samenkomen om hun team te zien strijden. Hetzij in reallife, dan wel via een groot beeldscherm.

Europa doet volgens Sleijffers nauwelijks voor de Amerikaanse markt onder. “Wat betreft het aantal events en het prijzengeld gaan we gelijk op. Kijk je naar de interesse van investeerders en merken, dan lopen we hier wel een dik jaar achter op de Verenigde Staten.” De Aziatische markt is qua omzet volgens hem een goede derde, en groeit het hardst, met tientallen procenten in het afgelopen jaar.

Hoewel de eerste videogamecompetitie al in 1972 aan de Stanford University werd gehouden, heeft e-sport pas na 2000 echt tractie gekregen. Met Fnatic als een van de eerste spelers. Het Engelse bedrijf, opgericht door gamers van het eerste uur, zet twaalf jaar na dato mondiaal de toon. Met onder andere tien eigen teams die bij elkaar al meer dan vijftien miljoen dollar aan prijzengeld hebben gewonnen.

Sleijffers, die sinds 2015 Fnatic’s CEO is, moet er onder meer voor zorgen dat het bedrijf, met hoofdkantoor in Londen, future proof is. “Wij willen ook op termijn dé innovator binnen e-sports zijn, of beter gezegd de new world sports. Want uiteindelijk ligt onze focus op digital sports.”

Hoe kan je Fnatic het best omschrijven?
“We zijn een competitieve e-sportsorganisatie en managen diverse teams, veelal bestaande uit vijf professionele gamers. Daarnaast doen we aan merchandising, content en hebben we onze eigen productlijn, Fnatic Gear, met gaming mouses, keyboards en headsets. En net als bij een voetbalclub staan al onze spelers, momenteel 46 in totaal, onder contract. We scouten ze zelf. Waarbij we gamedata gebruiken om iemands persoonlijkheid te duiden. Want dat je op het hoogste niveau kunt spelen, is slechts een deel van het verhaal. Alles draait – net als bij andere topsporten – uiteindelijk om hoe goed je in een team past en of je voor langere tijd op topniveau kunt presteren. Door de support en faciliteiten die we bieden, kan je er tegenwoordig echt een carrière in opbouwen. En stopt deze niet meer zodra je de twintig bent gepasseerd. Het dagelijks leven van een pro-gamer bestaat vandaag de dag dan ook grotendeels uit veel trainen, tactische sessies, lichamelijke sporten en een goede work-life balance.”

Krijgen alle spelers dezelfde begeleiding?
“Nee, daar zit een groot verschil in. Want er wordt simpelweg minder geïnvesteerd in kleine games, en dus ook in de staff eromheen. Bij een spel als League of Legends, dat wereldwijd een relatief groot kijkerspubliek trekt, gebeurt dat wel. En stopt publisher en organisator Riot Games er zelf ook nog eens geld in, waardoor de competitie nog professioneler wordt. Daar profiteren niet alleen de spelers, de teammanager en de coaches van, maar ook de data-analisten die per spel onder meer de strategieën bepalen en monitoren hoe het een speler mentaal afgaat. Aangezien niet alle data wordt vrijgegeven, onder meer vanwege de gevoeligheid ervan ten aanzien van betting, ontwikkelen we zelf ook tools die helpen bij het analyseren van onze eigen matches en die van onze tegenstanders.”

Spelers wonen samen in gaming houses. Wat is daar het idee achter?
“Het is de plek waar ze als team wonen en trainen. Inclusief een kok die voor hen kookt. We hebben dergelijke houses onder meer in Los Angeles, Berlijn en Kuala Lumpur. Veelal omdat daar bepaalde game-wedstrijden worden gehouden. Zo is Berlijn bij uitstek de plek voor League of Legends, omdat de Europese competitie ervan in een lokale tv-studio wordt gehouden en dus ook onze concurrentie er woont. Elke speler krijgt overigens gewoon een maandelijks salaris, eventueel aangevuld met een share van het gewonnen prijzengeld, een soort performancebonus.”

Leiden jullie zelf ook gamers op?
“We leiden ze niet op, maar laten opkomende gamers via onze Academy wel kennismaken met het pro-circuit. Zodat ze zien wat het betekent om aan de top mee te draaien. Het geeft hen tevens een bepaalde status in de markt, waardoor ze toegang tot e-sportevenementen krijgen waar ze anders niet voor zouden worden uitgenodigd. Voor ons is het ook een mooie manier om de kennis en ervaring van het gevestigde talent te delen.”

Lijkt me een kostbaar geheel. Betalen jullie dat zelf?
“Fnatic is tot op heden organisch gegroeid. Om onze ambities te realiseren, hebben we recentelijk nog wel zeven miljoen dollar aan funding opgehaald. Overall zijn we winstgevend. Als groeibedrijf investeren we momenteel in zaken als productontwikkeling, talent, content, distributie en warehousing, maar ook in een nieuw hoofdkantoor. Dat is noodzakelijk, willen we er ook over een paar jaar nog toe doen. Dat het een groeimarkt is, betekent niet dat je op je lauweren kunt rusten. Allesbehalve, het is keihard werken.”

Hoe ziet deze tak van sport er over een paar jaar uit?
“Dat is deels koffiedik kijken. Neemt niet weg dat we altijd een frontrunnerpositie willen innemen. Je ziet al wel dat virtual reality een mooie basis legt voor een nieuw soort spelervaring. Hetzelfde geldt voor augmented reality. Maar of het wat gaat worden, en hoe groot, is grotendeels ongewis. En niet aan ons, maar aan de publishers en hun games. We proberen wel alvast een blik in de toekomst van de new world sports te geven door ons Bunkr-concept, een soort gathering, winkel, maar ook playground en eventlocatie voor alles rondom digital sports. Eind vorig jaar hebben we daar de eerste vestiging van geopend, hier in Londen. In eerste instantie bedoeld als pop-upstore, maar vanwege het succes gaan we er meer openen, zoals in Parijs en Los Angeles. Gezien de marktvraag mogelijk zelfs via een franchisemodel. Kunnen we tevens sneller opschalen.”

Wanneer ben je als CEO van Fnatic succesvol?
“Als onze fanbase, brand en bedrijfsresultaat harder groeien dan de al explosieve e-sportsmarkt. Wat betreft onze fanbase kijken we nog vooral naar onze socialmediacijfers, maar dat moet breder. Vanuit mijn positie is het ook belangrijk hoe groot de brand awareness van Fnatic is. Van de Verenigde Staten tot Korea. Tot op heden zijn we wereldwijd een van de bekendste e-sportmerken. Mede doordat we vanaf het begin ons tevens hebben gericht op andere zaken dan gaming. Waarbij ook ik word afgerekend op omzet en de groei ervan. Komend jaar verwachten we vele miljoenen omzet te doen. Hoe hard de omzet nog gaat groeien, hangt grotendeels af van het aantal sponsordeals die we nog gaan afsluiten. De meeste hebben namelijk een looptijd van een jaar. Deels vanwege de onstuimige marktgroei en deels omdat veel merken nu pas met onze business kennismaken. Gezien de groeiende interesse is één jaar lang genoeg. Voor beide partijen. Meerjarige afspraken maken we alleen als een merk in staat is om financieel met de markt mee te groeien. Een voorbeeld daarvan is Monster Energy, waarmee we al langere tijd een succesvolle samenwerking hebben.”

Waar verdienen jullie het meest aan?
“De meeste omzet komt uit sponsorships, de merchandise en de hardwareverkoop. In die volgorde. Ze doen onderling overigens niet veel voor elkaar onder. De omzet uit Fnatic Gear, dat we pas anderhalf jaar geleden hebben gelanceerd, schaalt rap op en zal spoedig wel flink meer inkomsten genereren. Omdat we zelf meer gas gaan geven en de markt als geheel nog fors groeit. Volgens marktgegevens van Newzoo komt 38 procent van de omzet uit de markt op conto van sponsorships. Gevolgd door 22 procent uit advertenties en respectievelijk 17 en 14 procent door publisher fees en mediarechten. In merchandise zou branchebreed zo’n 64 miljoen dollar omgaan, goed voor een kleine 9 procent marktaandeel.”

Jullie merchandise is op jullie eigen site en op Amazon, eBay en AliExpress te koop. Hoe loopt dat?
“Haha. De merchants op die laatste zijn copycats, want officieel leveren we niet via AliExpress. Daar doe je overigens weinig tegen. Het is voor ons vooral een signaal dat onze fanbase in Azië serieuze omvang krijgt. En dat we er spoedig een online winkel moeten openen. Voor Amazon en eBay hebben we gekozen omdat ze wereldwijd bereik hebben. Dat zie je ook terug in de verkoopcijfers.”

Worden er ook nieuwe verdienmodellen uitgeprobeerd?
“Zeker. Eén ervan is het delen in de inkomsten van leagues. Sommigen experimenteren hier al mee op basis van revenue share. Daar verwachten we veel van. Zelf hebben we onlangs een streamingdeal met Facebook afgesloten, iets wat we voorheen exclusief bij Twitch deden. Gezien de marktontwikkelingen, waaronder ook de komst van livestreams op YouTube Gaming en de ambitie van Twitter daarin, is dat voor ons nog vooral op basis van trial-and-error.”

Jullie managen het FiFa-team van voetbalclub AS Roma. Is dat ook een nieuw businessmodel?
“Ja, we managen en coachen hun e-sportsteam, net als onze eigen teams. Onderdeel van de deal is dat wij onder meer op de spelersshirts van AS Roma vermeld staan. Waardoor we dus goed zichtbaar zijn bij een voetbalpubliek dat per definitie openstaat voor gameachtige sporten. Over het algemeen zie je dat het spelniveau en de manier waarop dergelijke activiteiten worden aangestuurd en gemanaged veel professioneler kan.”

Eerder repte je over inkomsten uit content. Ambiëren jullie een soort Red Bull Media House te worden?
“In zekere zin wel. Met content bedoel ik in deze storytelling rondom onze teams en spelers. Iets wat we in tal van concepten kunnen gieten. Van documentaires tot snackable lifestyle videocontent op social media. Indien gewenst in samenwerking met merken. Welke rol we hier precies in willen gaan nemen, daar zijn we nog niet helemaal over uit. Wat we wel weten, is dat we voor e-sports in het algemeen, en onze eigen brand in het bijzonder, videoproducties willen maken. Ondersteund door onze inhouse studiofaciliteiten. Red Bull is daarbij vooral een inspirerend voorbeeld.”

In de gamewereld wordt er nogal eens gebruikgemaakt van illegale software en ongeoorloofde tweaks aan hardware. Speelt dat ook op jullie niveau?
“Nee, alle spelers geven voorafgaand aan een wedstrijd op welke gear ze willen gebruiken. Die wordt vervolgens geheel gesealed en direct vanaf de fabriek naar het betreffende stadion gestuurd. Daar kan de gamer dus tussentijds niet aankomen en wordt pas in de coulissen – in het bijzijn van officials – uitgepakt.”

Tot slot, bijna alle e-sportgames zijn console- en pc-based. Hoe staat het met mobile?
“Dat is absoluut een trend. We hebben zelf ook al een mobile gameteam dat geheel vanaf de smartphone of tablet een game speelt. In dit geval de videogame Vainglory. Hoewel het vooralsnog een beetje weird aanvoelt, kan het zeker een global hardwareplatform worden. Maar dan moet het ecosysteem eromheen, van het aantal gamers, de beschikbaarheid van spellen tot de gamedevelopment nog wel een aantal serieuze stappen voorwaarts maken.”

* Dit artikel verscheen eerder in het meinummer van Emerce magazine (#158).

Foto: Alek (in opdracht van Emerce)



Lees het volledige bericht op Emerce »

TNW: Lowlands voor geeks

Posted 19 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het succes van The Next Web, het tweedaagse techfest van Boris Veldhuijzen van Zanten en Patrick de Laive, valt alleen al af te lezen aan de alsmaar groeiende omvang van het evenement. Ooit paste het hele festival in De Gasthouder in Amsterdam, vorig jaar waren er al tenten en barakken aan vastgebouwd, dit jaar vormde The Dome het middelpunt van een aanpalend festivalterrein compleet met catering en demopodia. En meer dan ooit drong de vergelijking met Lowlands op.

Het belangrijkste verschil: in plaats van muziek, ook al waren er voldoende sessies gewijd aan muzikale innovaties, ging het over technologie. In de meeste brede betekenis van het woord. De naam The Next Web dekt de lading al niet meer, getuige lezingen met titels als The Sixth Sense: How to Become a Cyborg, Creativity is the New Literacy, Training To Fight The Robots en How Self-Driving Cars Are Turning More Than Transportation Upside-Down (alleen vandaag al).

Voor alle sprekers gold dat ze met passie over hun onderwerp spraken, hoe excentriek soms ook. Stephanie Alys van Mystery Vibe vertelde gisteren over haar virtuele seksspeeltjes. De Chief Pleasure Officer beloofde dat alle gebruikersdata wordt geanonimiseerd.

Lucien Engelen, directeur van het Radboud REshape Innovation Center, voorspelde vrijdag dat de volgende generatie AirPods van Apple vol sensoren komen te zitten die onze gezondheid aanhoudend controleren. Zoals ook het winkelkarretje dat straks zal doen en ons in de supermarkt tijdig waarschuwt voor voeding die niet gezond voor ons is.

Datawetenschapper en YouTuber Siraj Raval waarschuwde dat kunstmatige intelligentie in handen van bedrijven en overheden ons kan vernietigen, Terminator-stijl.

Ja, zelfs een complete lezing werd gewijd aan het fenomeen emoji. Jeremy Burges, van Emojipedia en lid van het Unicode comité, vertelde waarom het zolang duurde voordat een olifant als emoji werd geaccepteerd.

En natuurlijk kreeg presentator Pep Rosenfeld (Boom Chicago) de lachers op de hand toen hij Donald Trump (collega Greg Shapiro) een paar staatsgeheimen wilde ontfutselen.

Het serieuze werk speelde zich intussen grotendeels af achter gesloten deuren. Er werden iets van 3800 1 op 1 sessies opgezet tussen de aanwezige startups en investeerders. Tachtig startups mochten pitchen aan een jury die – ook al is TNW geenszins een Nederlands festival, met zelfs grotendeels buitenlandse bezoekers – twee Nederlandse stastups Eccentrate en MiniBrew uitriep tot Startup Competion Winner.

De foto’s zijn van Janus van den Eijnden, Beto Ruiz Alonso en Dan Taylor.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Overname Spinnin’ Records in de maak’

Posted 16 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Sony en Warner overwegen om het Nederlandse Spinnin’ Records over te nemen. Het sterk digitaal georiënteerde dancelabel van Eelko van Kooten wordt in ieder geval aangehaald door Music Business Worldwide als overnamekandidaat. Er zouden al enige tijd gesprekken gaande zijn, ook met private financiers.  

‘Een beetje weinig’ reageert Van Kooten, zoon van Willem van Kooten alias Joost den Draayer, op het bedrag van 100 miljoen dollar dat door het magazine wordt genoemd.

Dat grote labels belangstelling hebben voor (buitenlandse) dancelabels is geen geheim. Sony heeft de afgelopen jaren al diverse muzieklabels overgenomen, waaronder Ministry of Sound.

Spinnin’ Records uit Hilversum heeft artiesten als Tiësto, Afrojack, Sander van Doorn en Oliver Heldens onder contract en het YouTube-kanaal telt alleen al 17 miljoen abonnees.

Worden Facebook, YouTube, Twitter, Instagram, Google+ en Soundcloud meegerekend dat komt het aantal volgers op 23 miljoen.

Denis Doeland heeft onlangs nog het digitale vermogen van het label uitgerekend en komt op een bedrag van 55 miljoen euro. Die waardering is gebaseerd op het aantal digitale connecties: relaties tussen fan en Spinnin’, maar ook de relatie van de fans onderling. Doeland ziet Spinnin’ als een sterk virtueel sociaal netwerk.

De ontwrichting op het gebied van communicatie, marketing en verkoop voltrekt zich in de dance-industrie in een razend tempo, constateert Doeland. ‘De always connected realiteit geeft meer dan ooit mogelijkheden om een directe relatie met de (potentiële) achterban te onderhouden. Digitale kanalen vormen nu de meest effectieve, flexibele en schaalbare manier om deze relaties te ontwikkelen. De positie in het digitale ecosysteem bepaalt het succes van een dancelabel.’



Lees het volledige bericht op Emerce »

Advocaat Christiaan Alberdingk Thijm over adverteerdersboycot GeenStijl

Posted 15 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Een specialist op het gebied van privacy en vrijheid van meningsuiting is de aangewezen persoon om te vragen of je zomaar alles mag plaatsen, posten en delen op het wereldwijde web. Christiaan: ‘Samen met Microsoft, Facebook, YouTube en Twitter stelde de Europese Commissie een gedragscode op tegen haatzaaien op internet. Daarin werd onder andere vastgelegd dat dergelijke berichten binnen 24 uur moeten worden verwijderd door deze bedrijven. Maar het is juridisch heel moeilijk om te bepalen wanneer er sprake is van haatzaaien.’



Lees het volledige bericht op Emerce »

Digitale transformatie in Communicatie: Proactief en gepersonaliseerd klantcontact

Posted 12 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

De telecomsector vormt het hart van alle digitale transformatie. Zonder telecom geen razendsnel internet en dus geen disruptie. Tegelijkertijd moeten bedrijven in deze sector zelf ook geloven aan de digitale transformatie. De hoge eisen en verwachtingen van klanten gelden immers net zo goed voor (mobiele) telefonie, internet en televisie. Wat betekent dit voor de CMO?

Het blijft moeilijk om geld te verdienen in de telecomsector. ABN AMRO verwacht een verdere omzetstagnatie, ondanks het economisch herstel in Nederland. Glasvezel- en 4G-abonnementen zorgen voor groei, maar de vraag naar spraakdiensten neemt af. Verder is de belofte van Internet of Things (IoT) nog niet ingelost, dus daar liggen kansen. Hoe meer apparaten wifi nodig hebben om te functioneren, des te beter voor de telecombedrijven. Die potentie blijkt ook uit het onderzoek Capturing Customer Momentum, dat Cognizant deed onder zeventig ‘digital executives’ van toonaangevende Nederlandse bedrijven. Zeven op de tien zegt dat digitale technologie hun concurrentiekracht bepaalt en drie kwart ziet het als belangrijkste brenger van verandering. En de telecomsector is zoals gezegd de ‘enabler’ van deze ontwikkelingen.

Mobiele telefonie blijft het belangrijkste segment van de telecommarkt, maar mobiele data zijn bezig met een inhaalslag, met name dankzij 4G. Het blijkt alleen lastig om de vraag om te zetten naar inkomsten, stelt ABN AMRO.

Uiteraard ligt ook in deze sector de disruptie op de loer. LiFi bijvoorbeeld, draadloos internet dat honderd keer zo snel is als WiFi. Het is een technologie waarbij LED-lampen worden gebruikt voor het verzenden van data via licht. LiFi is net als WiFi in staat om data bilateraal en met hoge snelheid te versturen. Het kan elektronische apparaten zoals computers, tablets en smartphones draadloos met het internet verbinden. Het klinkt nu nog als verre toekomstmuziek, maar de ontwikkelaars verwachten dat LiFi binnen een paar jaar realiteit zal zijn.

Capturing Customer Momentum

Bron: Capturing Customer Momentum – Cognizant

Wat wil de klant?

Digitale transformatie staat gelijk aan de klant centraal stellen. Maar wat wil die precies? Cognizant ondervroeg bijna tweeduizend Amerikaanse consumenten over de telecomsector. Hieruit blijkt dat klanten van communicatieproviders proactieve en gepersonaliseerde aanbiedingen willen ontvangen en gemakkelijker contact op kunnen nemen via digitale kanalen. Bovendien zijn zij zeer geïnteresseerd in de mogelijkheden van IoT.

Bij klachten is de Amerikaanse consument eerder geneigd de telefoon te pakken dan via (goedkopere) digitale kanalen in contact te treden met de provider. Digitale kanalen worden vooral gebruikt voor het bekijken van producten en diensten. Als er complexere zaken spelen – en dat is vaak al een abonnement afsluiten – dan zijn die kanalen niet toereikend, omdat ze te complex worden gevonden.

Positief voor de telecomsector is dat klanten steeds meer interesse hebben in IoT. Providers die diensten of producten bieden op het gebied van bijvoorbeeld ‘slimme’ huizen en auto’s en wearables krijgen tevredener en loyalere klanten. Dit geldt met name voor millennials, van wie 39 procent zegt dat IoT-technologieën het minder waarschijnlijk maken dat ze overstappen naar de concurrent.

Betaal- en internetzenders veranderen de markt van tv en radio. Deze nieuwkomers hebben als voordeel dat ze niet met verouderde technologie en operationele modellen hoeven te werken, zoals de communicatiebedrijven die al langer bestaan. Providers moeten de beste combinatie van prijs, content en gebruiksgemak inzetten om de consument voor zich te winnen. Van de gevestigde partijen wordt bovendien verwacht dat ze ‘gedachten kunnen lezen’, net zoals Netflix en YouTube dat bijvoorbeeld doen.

Hogesnelheidsinternet wordt door klanten de belangrijkste service gevonden, gevolgd door mobile, betaaltelevisie en internettelevisie (zoals Netflix). De tevredenheid is tegelijkertijd het minst bij hogesnelheidsinternet. Klanten vinden dat hun providers proactief moeten informeren over storingen en hoelang het duurt om die op te lossen. Verder waarderen zij waarschuwingen wanneer ze aan hun datalimiet zitten.

Uit het onderzoek volgen vijf aandachtspunten voor providers die meer omzet en opbrengsten willen realiseren in de huidige digitale communicatiesector, die ook voor de Nederlandse markt van toepassing zijn. Je moet:

  • Uitstekende service, kwaliteit en betrouwbaarheid bieden;
  • Zoveel kennis hebben van de klant dat je hyperpersoonlijke en proactieve belevingen kun bieden;
  • Digitale kanalen gebruikersvriendelijk maken;
  • IoT-technologieën aanbieden die snel kunnen worden ingevoerd en gemakkelijk in het gebruik zijn.
Alles-in-een of alleen snel internet

Ondanks het veranderende kijk- en luistergedrag kiezen de grote spelers op de Nederlandse markt nog steeds voor een geïntegreerde aanpak. Ziggo’s samengaan met Vodafone is gestoeld op de overtuiging dat de consument geen zin heeft om zijn telecombehoeften te spreiden over verschillende bedrijven. Hij wil één aanspreekpunt voor vaste en mobiele telefonie, internet en televisie.

Met de fusie willen Vodafone en Ziggo de concurrentie aangaan met KPN en Tele2, die dergelijke pakketten als enige op de Nederlandse markt aanbieden. Maar gezien het afvlakken van de vraag naar spraakdiensten, de groei van mobiele data en de populariteit van streaming-diensten, met name Netflix, kun je je afvragen of telecomproviders niet beter kunnen investeren in heel snel internet. Tele2 neemt het zekere voor het onzekere en nam vorig jaar een eigen 4G-netwerk in gebruik.

Potentie voor groei

Het goede nieuws: volgens Deloitte is er een aantal trends dat ruimte biedt voor groei. Zo groeit het aantal consumenten dat gebruikmaakt van mobiel betalen snel. Steeds meer smartphones worden voorzien van NFC-chips en ook retailers upgraden hun systemen om mobiele betalingen mogelijk te maken. Hiervoor is niet alleen dataverkeer nodig, maar ook randapparatuur die de telecomsector levert.

Verder worden steeds meer steden ‘smart’. Technologie wordt toegepast op mobiliteit (van de mogelijkheid om mobiel te parkeren en zelfrijdende auto’s en bussen tot het managen van bezoekersstromen door middel van realtime incentives), veiligheid (directe respons op cameradata), gezondheid (langer thuis kunnen blijven wonen door robots in te zetten), et cetera. Dit alles wordt gefaciliteerd door de telecomsector.

De rol van de CMO

In de snel veranderende en door disruptors geplaagde telecomsector is een sterke CMO belangrijk. Vier kernpunten:

 1. Klant is écht koning

Customer-centricity – iedereen neemt het woord in de mond, maar weinig bedrijven slagen erin 100 procent klantgedreven te zijn.

 2. Data

Je kunt de klant alleen leren kennen door data te verzamelen en zijn gedrag te analyseren. Dit is iets wat de CMO van nature al ligt, omdat die gewend is het effect van campagnes te meten. De nieuwe manier van data analyseren voert echter verder: in plaats van achteraf te bekijken wat voor effect de communicatie/interactie met de klant heeft gehad, zal de CMO nieuwe stijl voor en tijdens die interactie strategische en tactische beslissingen moeten kunnen nemen of voorstellen daartoe doen.

 3. Operationele processen

De organisatie moet wel ingesteld zijn op snelle veranderingen en het bijsturen van de koers. Processen dienen dus tegen het licht te worden gehouden en beoordeeld op efficiency.

 4. Technologie

De juiste technologie is belangrijk om via alle communicatie- en verkoopkanalen met de klant te kunnen praten, zonder dat deze het gevoel heeft met eilandjes te communiceren. Identificeer ‘legacy’ technologie die niet meer voldoet en durf de gebreken aan de kaak te stellen bij de andere belanghebbenden binnen het bedrijf, zoals de CEO en CIO. Dingen blijven doen uit gewoonte levert zelden efficiency of tevreden klanten op.

Van alle sectoren ondervindt de telecom de grootste druk van de technologische veranderingen, direct als het gaat om de eigen producten en diensten en indirect om innovaties in andere branches te faciliteren. Kennis van de klant en gevoel voor trends zijn belangrijke eigenschappen van de CMO nieuwe stijl. Data-analyse maakt het mogelijk in te schatten welke kant de markt op beweegt. Technologie ondersteunt de customer journey en maakt het mogelijk via alle kanalen een natuurlijk gesprek aan te gaan met de klant. Dat is een silo-doorbrekend proces dat heel goed (be)geleid kan worden door de CMO.

Dit is het vijfde artikel in een serie van negen over de veranderende rol van de CMO.



Lees het volledige bericht op Emerce »

#BOOS gaat de grens over

Posted 10 Mei 2017 — by Villamedia
Category nieuws

Het YouTube-programma #BOOS van BNN-presentator Tim Hofman krijgt een Belgische versie. Dat maakt Hofman bekend op Twitter. Daarbij roept hij zuiderburen die ergens boos om zijn op zich te melden. In de Nederlandse versie lost Hofman problemen op van…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Ook Facebook met eigen programma’s

Posted 10 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

In navolging van onder meer Amazon en uiteraard Netflix is ook Facebook van plan om eigen videoproducties aan te bieden. Dat moet volgens Business Insider volgende maand al gaan gebeuren.

Facebook zou twee soorten programma’s op het oog hebben: enerzijds programma’s die ook op televisie niet zouden misstaan, anderzijds content die nu ook al via sociale media wordt aangeboden. Die laatste categorie betreft kortere programma’s van hooguit tien minuten.

De contentprogrammering wordt aangestuurd door Ricky Van Veen, medeoprichter van CollegeHumor. Een van de shows waaraan zou worden gewerkt is een datingprogramma gebaeerd op VR.

Intussen werkt YouTube aan zeker zes nieuwe programma’s. Die worden niet via het abonneekanaal Red aangeboden, maar zijn vrij beschikbaar. Onder meer Ellen DeGeneres, Kevin Hart en Demi Lovato krijgen hun eigen serie. Ellen DeGeneres biedt een blik achter de schermen van haar tv programma.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Adverteerders gelaten over mediarel rondom GeenStijl

Posted 10 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

De meeste adverteerders die hun campagnes op GeenStijl en Dumpert staakten, zetten die na het weekend al weer aan. Een andere groep begon pas sinds afgelopen maandag überhaupt na te denken over zijn positie op betreffende sites.

“De grote druk is van het onderwerp af. Bij adverteerders is er eind vorige week op hoger niveau gekeken naar wat ze moesten met hun posities op GeenStijl en Dumpert. Een deel dacht aan blackslisten, maar de meesten degenen die dat daadwerkelijk deden haalden die er al weer vanaf of doen dat in de loop van de week.”

Zo klinkt een reactie ‘van achter de schermen’ in de mediarel die NRC en Volkskrant eind vorige week aanstichtten. Bart Leeffers is als Lead Consultant Display Marketing werkzaam bij Storm Digital, een onafhankelijk partij die grote merken helpt bij het inricten en beheren van hun reclamecampagnes op internet.

“Ze reageren allemaal vooral genuanceerd”, niet activistisch of getergd. Dat is ook niet vreemd. Adverteerders willen vooral goede resultaten op hun campagnes en dan maakt het ze eigenlijk niet uit waar ze die vandaan halen. Zo lang de inkoopprijs (CPM en CPC) en de interactieratio’s maar goed zijn. “Dat is waar het om draait.”

Dat de adverteerdersmarkt zich eind vorige week heeft geroerd als reactie op de hetze staat wel vast. Leeffers, en Dumpert zelf ook (vanaf 4:07), zag op enig moment zelfs Duitse advertenties op GeenStijl verschijnen. Reden: Nederlandse partijen trokken zich even dermate hard terug van de nieuwssite dat buitenlandse partijen het bereik van hun campagnes met goedkoop buitenlands (Nederlands) verkeer konden aanvullen in een enigszins aanpalende markt.

Maar lang niet alle adverteerders reageren zo resoluut. Mediabureau Dentsu Aegis in Amsterdam krijgt pas sinds afgelopen maandag serieuze vragen van klanten of het raadzaam is om op GeenStijl te adverteren. De woordvoerster: “Omdat het pas in het weekend in de kranten stond. We bekijken van klant tot klant in hoeverre er brand safety issues zijn en welke de specifieke wensen een adverteerder heeft qua doelgroep en de sites waar hij wil staan. Op basis daarvan geven we hen advies.” De resultaten van die adviezen, mochten ze negatief zijn, hebben misschien weken of zelfs maanden nodig om zijn beslag te krijgen.

Het ministerie van Defensie en de Belastingdienst hebben niet zoveel bedenktijd nodig. Die hebben besloten tijdelijk hun campagnes op GeenStijl en Dumpert te staken.

Opvallend is ook hoe snel en gericht Google Nederland reageert. Die blijkt erg druk bezig met voorlichting geven over adverteren met Doubleclick en YouTube.

Leeffers van Storm Digital: “Ze publiceerden een lijst om adverteerders nog eens goed te vertellen hoe zij hun campagnes goed moeten instellen om hun uitingen wel en niet op bepaalde sites te tonen.” Dat blijkt nodig. Doubleclick markeert namelijk nagenoeg alle kranten als ‘gevoelige omgevingen’ omdat daar dagelijks over moord, brand en geweld wordt geschreven. “Daarom sluit je nieuwssites niet per definitie uit en moet je dat op individueel niveau doen.”

Daarnaast signaleert de expert dat YouTube als de wiedeweerga nieuwe targetingfilters heeft geïntroduceerd. Overgenomen uit de VS zijn drie nieuwe filters in beta geactiveerd: sexual suggestive content, sensational & shocking en profanity & rough language. “En iedere video moet nu tienduizend views hebben gekregen wil er überhaupt reclame bij komen te staan.” Een goede zaak, vindt Leeffers, want dan krijgt niet ieder eerste de beste filmpje commerciële boodschappen. “En wordt YouTube een beschermder omgeving.”

Foto: Will Clayton (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

bol.com hevelt tv-budget over naar online

Posted 09 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Tv verliest voor bol.com aan kracht en daarom hevelt het dit jaar tv-budget over naar programmatic advertising. “Eerst maakten we vier tv-commercials per jaar. Nu gaan we ook jaarlijks tientallen online flows ontwikkelen, met in elke flow een mini-commercial”, aldus director Marketing Willem-Jan Lems.

bol.com heeft een omslag ingezet naar meer programmatic video. Daarbij werkt het met zogeheten flows. Op basis van datasignalen van internetpubliek worden thematische online reclamesequenties ingericht met als leidraad ‘Touch, tell, sell’. Jargon voor geschakelde verkoopverhalen.

Iemand die zich interesseert voor, bijvoorbeeld, woonartikelen krijgt in de flow eerst een online videoreclame rondom wonen te zien van maximaal vijftien seconden. Vervolgens, in de tellfase, wordt meer achtergrondinformatie gegeven. Dat kan met dynamische gegenereerde, op maat gesneden banners. In de daarop volgende fase wordt de gebruiker voor de aankoop naar de winkel gelokt. “Die informerende fase ontbreekt elders vaak”, zegt programmaticspecialist Esther Elberse.

De mediadruk op tv is iets lager, maar bol.com is nu wel always-on. Van interruptie met tv naar constant vertellen met programmatic. Het voordeel is dat de marketingafdeling niet meer hoeven te kiezen welke productcategorie ze op televisie naar voren wil brengen. Het kanaal televisie vertelt nu over het merk bol.com en met programmatic flows gaan ze de diepte in richting een specifieke productcategorie die bij een consumentprofiel past.

Momenteel werkt bol.com met acht van dit soort datagedreven reclameflows. Dat kunnen er rond de zomer tien zijn. Uiteindelijk, schetst Lems, kunnen dat twintig flows per productcategorie worden. Tegen die tijd zal naast de targeting ook de creatie – letterlijk de productie van online commercials – grotendeels automatisch verlopen. Maar zover is het nog niet. “In deze fase zetten we de eerste stappen en moeten we vooral leren.”

De focus op deze zogeheten flows betekent niet het afscheid van televisiereclame voor bol.com. Maar er wordt wel anders gekeken naar het massamedium. Dries Poels, verantwoordelijk voor Marketingcommunicatie & Brandmanagement, schetst: “Tot voor kort vertelden we op televisie over productcategorieën. In de zomer bijvoorbeeld over koffers en zwembaden. Dat is voorbij. We communiceren nu over het merk bol.com en doen dat naast tv ook op bijvoorbeeld YouTube en RTL XL. Memo2 onderzoekt of de merkdoelstellingen worden bereikt.”

Elberse vult aan: “We hebben ook nieuwe KPI’s moeten introduceren en kijken nu naar microconversies. Bijvoorbeeld: hoeveel tijd besteed een bezoeker minimaal in de winkel, hebben ze items aan hun verlanglijstje toegevoegd en hoevaak er twee of meer productpagina’s werden bekeken.”

De aanzet tot deze omslag in videodenken werd begin 2016 gegeven toen bol.com zag hoe ingrijpend de kijktijd bij lineaire televisie was gedaald. Het is een gegeven dat jongere kijkers minder vaak televisie kijken, ten gunste van online kanalen, maar de daling van het eerste naar het tweede kwartaal opende de ogen op Lems’ afdeling. De marketingbaas: “Televisie gaat zijn bereikskracht steeds sneller verliezen.”

Om de nieuwe datagebaseerde praktijk goed in de vingers te krijgen, wordt veel kennis uitgewisseld met relevante partners. Lems: “Als je zelf de media-inkoop gaat doen, moet je wel weten wat je doet. Dat zijn we nu aan het leren.”

Elberse: “De rol van het mediabureau is veranderd van uitvoerend maar coachend” en met een bedrijf als Greenhouse Group wordt intensief gespard, “want je gaat dieper doormeten”. De videoproductie is nu in handen van Made for Digital van MediaMonks. De creatieve kant door bureau Etcetera.

De eerste marktonderzoeken laten zien dat de waardering voor de online video’s hoger ligt dan de tv-commercial.

Foto: Brian Roberts (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Arjen Lubach en Tim Hofman grootste kanshebbers Beste Social Awards

Posted 08 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Arjen Lubach (genomineerd voor Beste Video, Beste Inhaker, Beste BN’er) en Tim Hofman (genomineerd voor Beste YouTuber, Beste Snapchatter, Beste BN’er) zijn met drie nominaties op zak de grootste kanshebbers van de vierde editie van De Beste Social Awards, de prijzen voor de meest creatieve uitingen op social media.

Andere genomineerden zijn Chantal Janzen, Martin Garrix, Georgina Verbaan, Ryanne van Dorst (Elle Bandita), Fred van Leer en Freek Vonk.

Het publiek kan vanaf vandaag via de website van De Beste Social Awards stemmen op alle genomineerden. De winnaars van De Beste Social Awards worden bekend gemaakt tijdens de uitreiking op 8 juni in B. Amsterdam. De uitreiking is live te volgen via de Facebookpagina van De Beste Social Awards.

Nieuwe categorieën, zoals Beste Instagrammer, Beste YouTuber en Beste Twitteraar, zorgen voor vele (jonge) talenten en influencers in de lijst van genomineerden. Zo zijn onder meer StukTV en Kelvin Boerma (Kalvijn) genomineerd voor Beste YouTuber en komt stand-up comedian en cabaretier René van Meurs in aanmerking voor Beste Twitteraar. Verder is er de nieuwe categorie Beste Politicus. Onder meer Klaas Dijkhoff, Jesse Klaver en Alexander Pechtold ontvingen een nominatie en maken daarmee kans op de prestigieuze award tijdens deze social verkiezingen.

In de categorie Slechtste Bericht is Geert Wilders genomineerd voor zijn tweet, waarin collega Pechtold staat gephotoshopt tussen Hamas-terroristen. Ook Raymond van Barneveld en de politicus Harry van Bommel komen in aanmerking voor de discutabele eer voor het slechtste bericht. Van Barneveld is genomineerd voor zijn enorm doorzichtige reclamepost op Twitter en Van Bommel voor zijn knullige tweet over deelname aan een actie voor slachtoffers van mensenhandel.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Reclamecode Social Media: ‘Travel vloggers moeten sponsor noemen’

Posted 04 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Bij meer dan driekwart van de vlogs is het onduidelijk dat er reclame wordt gemaakt, blijkt uit onderzoek van het Commissariaat voor de Media. Dit terwijl er al sinds 2014 een Reclamecode Social Media van kracht is. Wat moeten travel vloggers en adverteerders doen om overtredingen te voorkomen?

“Als een vlogger gevraagd wordt om bijvoorbeeld naar een bepaalde bestemming, hotel of attractie te gaan en daarvoor wordt betaald of korting krijgt, dan moet dat volgens de Reclamecode Social Media worden vermeld,” zegt Fiona Vening van de Stichting Reclame Code. “Reclame moet altijd als zodanig herkenbaar zijn, dus als er sprake is van een relatie met een adverteerder, dan moet dat duidelijk zijn voor de kijkers. Je kunt bijvoorbeeld aan het begin van het filmpje er iets over zeggen of een tekst in beeld laten zien, daarin ben je vrij, als het maar helder is.”

Fiona Vening, Reclame Code CommissieDe meeste influencers benadrukken dat ze zich niet laten beïnvloeden door commerciële partners. Volgens Vening maakt dat voor de toepassing van de regels echter niet uit. “Als een vlogger voordeel heeft van het maken van een filmpje en dat voordeel beïnvloedt de geloofwaardigheid ervan, dan is er sprake van reclame. Het is niet relevant of de adverteerder redactionele invloed heeft als er maar wel een relatie is met de vlogger.”

Opvallend is dat op reizen gerichte tijdschriften en andere journalistieke media het niet hoeven te vermelden als ze op uitnodiging van een reisorganisatie op pad gaan en daar een artikel over maken. “Van social media wordt eerder aangenomen dat er sprake is van promotie dan van een tijdschrift, waar een journalistieke gedragscode geldt. Je kunt je afvragen of die scheidslijn nog steeds zo scherp is, maar vooralsnog maakt de reclamecode dit onderscheid.”

Optreden na een klacht

De handhaving van de regels is de verantwoordelijkheid van de Reclame Code Commissie. Deze treedt alleen op naar aanleiding van een klacht. “Als die terecht is, dan kijkt de Reclame Code Commissie aan wie de overtreding toe te schrijven is, de vlogger, adverteerder of allebei. De focus ligt in de praktijk meestal op de adverteerder. De commissie doet een aanbeveling hoe het beter kan. Als de overtreder zich daar niets van aantrekt, komt hij op de non-compliance lijst en gaat er een melding naar de Autoriteit Consument en Markt. Zij kunnen boetes opleggen, maar de situatie moet wel heel ernstig zijn wil het zover komen.”

Ivana PerkovicDe Stichting Reclame Code krijgt veel vragen over de Reclamecode Social Media en doet daarom veel aan voorlichting. Ivana Perkovic, travel en food vlogger op YouTube denkt dat dat zeker nodig is, maar vindt de regels op zich logisch. “Bloggers werken al sinds 2009 commercieel en vloggers gaan sinds een jaar of twee die kant op. Een professioneel vlogger is een ondernemer die geld verdient met commerciële samenwerkingen. Daar moet je open over zijn richting je volgers, met wie je een hechte band opbouwt. Het heeft geen zin mensen voor de gek te houden, dan schaad je de vertrouwensrelatie met je publiek. Ik meld het daarom in mijn vlogs als ik gesponsord ben en zet dat ook in de beschrijving van het filmpje. Als je er schemerig over gaat doen, verliest iedereen: de adverteerder, de kijker en jijzelf.”

Perkovic ziet geen verschil in reacties op gesponsorde en onbetaalde vlogs. “Dat maakt de kijker niet uit, zolang je maar helder bent over de samenwerking.”

In de veronderstelling dat social media vaker promoties bevatten dan traditionele media kan ze zich niet vinden. “De hele wereld wordt commerciëler, ook traditionele media. Redactionele pagina’s worden zeker beïnvloed door adverteerders. Ik denk dat dat hetzelfde werkt als met vloggers: je bent onafhankelijk en kiest partners uit die bij je passen, zodat je dat ook kunt blijven. Anders komt de boodschap sowieso niet over.”

Meer weten over de Reclamecode Social Media? Download hier de Pdf ‘Vloggen: hoe heurt het eigenlijk’ van de DDMA.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Acht bekende YouTubers leren kinderen vloggen in de Hema

Posted 01 Mei 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Hema en bureaus XXS en Merktroubaour beginnen vlog academy

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Monsterboard start nieuwe merkcampagne gericht op millennials

Posted 01 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Monsterboard start vandaag met een nieuwe merkcampagne gericht op millennials. Het carrièreplatform wil werkend Nederland, dat over een aantal jaar voor meer dan de helft uit millennials bestaat, helpen om de baan te vinden die zij verdienen.

Met twee commercials waarin de grote paarse merkmascotte MONSTER figureert, wil Monsterboard de naamsbekendheid vergroten. De campagne is de hele maand mei zichtbaar op alle tv-stations van RTL en Brand Deli.

Naast TV commercials, is Monsterboard deze en volgende maand ook zichtbaar via online video, zowel op de sites van televisiezenders als via YouTube.

Voor het concept en de creatie van de campagne tekenden Mcgarrybowen London en Achtung Mcgarrybowen in Amsterdam.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Amerikaanse toezichthouder waarschuwt influencers

Posted 28 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

De Amerikaanse telecom- en mediatoezichthouder FTC heeft tientallen influencers per brief een waarschuwing gestuurd. De veelgebruikers van YouTube, Snapchat en Instagram zijn niet duidelijk genoeg over hun samenwerking met adverteerders.

Is een snap, een post op Instagram of een video op YouTube reclame of niet? Dat is lang niet altijd duidelijk voor de kijkers, volgers en fans van de influencers.

“Veel consumenten hebben geen flauw idee wat #sp, “Bedankt [merknaam]” of #partner in een posting betekent dat het betreffende bericht is gesponsord door een adverteerder”, licht de FTC toe aan negentig niet bij name genoemde influencers die vorige week een brief ontvingen.

De toezichthouder wil dat influencers veel duidelijker maken wanneer en dat een bericht reclame bevat. Net zoals dat ook op radio, televisie, in kranten en bladen en zoekmachines vrij expliciet is.

“Wanneer meerdere tags, hashtags of links in de beschrijving staan dan slaan lezers die teksten gewon over. Helemaal wanneer ze helemaal achteraan staan in een lange beschrijvende tekst. De opmerking dat het om een reclamebericht gaat, valt niet op.”

FTC’s brief richtte zich in dit geval voornamelijk op influencers op Instagram, maar de regels gelden voor alle media. De waarschuwingsbrief moet vooral worden gezien als een bewustwordingsinitiatief, vergelijkbaar met een bericht van het Commissariaat voor de Media vorige week.

Het CvdM stelde vorige week: “In bijna 90% van de [onderzochte] vlogs en clips zijn duidelijk een of meerdere merken of producten te zien. In meer dan 60% van die gevallen komen merken en producten niet terloops aan bod, maar krijgen ze nadrukkelijk de aandacht. Die aandacht is vaak (zeer) positief. Bij meer dan 75% van de video’s waarin merken en/of producten aan bod komen, is onduidelijk of het al dan niet om betaalde aandacht gaat.”

Foto: Rob Bertholf (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce » home page