Posts Tagged ‘yahoo’

Topman Oah (AOL, Yahoo) weg

Posted 11 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

CEO Tim Armstrong houdt het naar verluidt voor gezien bij Oath, het koepelbedrijf van AOL en Yahoo onder Verizon. Dalende advertentie-inkomsten zouden de oorzaak zijn.

Verizon betaalde 4,4 miljard dollar voor AOL in 2015 en nog eens 4,5 miljard voor Yahoo in 2017, maar een ‘advertentie powerhouse’ is Oath tot nu toe niet. Sterker nog: marketeers klagen dat er met de afdeling moeilijk te werken is.

Oath zou marktaandeel verliezen aan Google, Facebook en anderen, volgens eMarketer. De omzet over het afgelopen kwartaal bedroeg 1,9 miljard dollar.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Gerichte advertenties bij maildiensten Yahoo en AOL

Posted 03 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Google is ermee gestopt, maar Verizon-dochter Oath gaat vrolijk verder met het scannen van e-mails van diensten Yahoo en AOL om adverteerders aan te trekken. Die krijgen tot op zekere hoogte indirect toegang tot zeker 200 miljoen gebruikers.

Op basis van trefwoorden kunnen gerichte advertenties worden getoond. Op deze manier hoopt Oath zijn investeringen in de gratis maildiensten terug te verdienen.

Yahoo kent overigens een betaalde variant van 3,49 dollar per maand, en daar worden geen advertenties getoond.

Advertenties in maildiensten zijn onder gebruikers weinig geliefd. Na een hoop protesten is Google ermee gestopt. Microsoft is er nooit aan begonnen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Amazon in stilte met tientallen nieuwe eigen huismerken

Posted 28 aug 2018 — by Emerce
Category nieuws

Amazon heeft afgelopen jaar flink geïnvesteerd in eigen huismerkproducten. Tientallen verschillende merken zijn er opgetuigd om kleding, versproducten, wc-papier en zelfs hondenbrokken aan de man te brengen op de marktplaats. Het bedrijf ziet kansen in de afnemende merkloyaliteit van de zogeheten millennials.

Zonder er veel ruchtbaarheid aan te geven, is Amazons aantal eigen merken flink gegroeid. Een kleine honderd zijn het er inmiddels, zo blijkt uit een analyse van Gartner L2. Het afgelopen jaar alleen zijn er al zestig aan toegevoegd. Behalve de welbekende en als zodanig herkenbare producten van AmazonBasics, verkoopt het steeds vaker artikelen van andere eigen labels.

Amazon over Amazon: ‘Amazons keuze’

Onder het merk Spotted Zebra verkoopt de retailreus kinderkleding, Wag is een eigen merk voor hondenvoer en sinds de overname van Whole Foods neemt het aantal supermarktproducten ook snel toe. Vlees voor op de barbecue, eigen koffiecups, nootjes van Happy Belly en zeep en smeersels van Solimo prijken tussen de producten van andere merken. Een enkel product wist binnen enkele dagen al het predikaat ‘Amazons keuze’ te verdienen, zo ontdekte Yahoo.

 

Doorgaans is de grotere marge een belangrijke motivatie om producten onder eigen vlag uit te brengen. Daarnaast zien kenners vooral kansen in het veranderende consumentengedrag. Met name millennials zijn niet meer merktrouw en wisselen steeds gemakkelijker tussen fabrikanten. De eigenschappen van de artikelen – zowel de prijs, maar ook de ingrediënten of gebruikte materialen – zijn van grotere invloed op hun overwegingen en tevredenheid dan het label dat erop is geplakt. Door de productie simpelweg zelf in handen te nemen en flink onder de aandacht te brengen via de verschillende verkoopkanalen kan de retailer goed verdienen.

Concurreren met partners

De Amerikaanse krant The New York Times merkt terecht op dat Amazon daarmee een opvallende – en in zekere zin zeer risicovolle – koers vaart. Hoewel marktplaatsen zoals deze altijd hebben gestaan voor democratisering van de retail, gaat het bedrijf nu steeds vaker de directe concurrentie aan met eigen partners. Het wordt daarbij enorm geholpen door de data die het jarenlang heeft kunnen verzamelen – onder andere via diezelfde relaties.

Zo weet Amazon en in feite iedere andere marktplaats exact wat de succesartikelen zijn en onder welke doelgroep. Maar ook waar andere merken het nu laten afweten. Juist op die punten kan een eigen merk zich dan positief onderscheiden.

Ongeveer zeven van de tien zoekopdrachten die klanten doen zijn generiek. Het wil zeggen dat 70 procent van de consumenten eerder zoekt op ‘wc-papier’ dan op het product van een specifiek merk. Bij al die zoekvragen kan het bedrijf dus de eigen artikelen presenteren of die met de meeste of beste reviews. De komst van de voice-technologie, bijvoorbeeld in de vorm van Amazon Echo, versterkt dit effect alleen maar, zo tekent de krant op. Vraagt een klant zijn slimme thuisassistent om wasmiddel te bestellen dan krijgt diegene de keuze uit slechts een handvol opties. Volgens een onderzoek van Bain & Co geeft Amazon daarin de eigen merken graag voorrang.



Lees het volledige bericht op Emerce »

300 miljoen gebruikers en een eerste CMO voor Duolingo

Posted 03 aug 2018 — by Emerce
Category nieuws

Duolingo, de app waarmee men op speelse wijze een buitenlandse taal kan leren, heeft inmiddels 300 miljoen gebruikers. Een jaar geleden waren dat er nog 100 miljoen minder.

Toch blijft het aantal actieve maandelijkse gebruikers steken op 25 miljoen. Om de groei te bevorderen, heeft het bedrijf zijn eerste CMO aangetrokken, Cammie Dunaway.

Zij was CMO bij Yahoo voordat ze Nintendo kwam versterken. Recentelijk was zij marketingdirecteur van KidZania.

Op de foto oprichter Luis von Ahn



Lees het volledige bericht op Emerce »

Marco Ruivenkamp Managing Director Benelux SpotX

Posted 17 jul 2018 — by Emerce
Category nieuws

Marco Ruivenkamp gaat het Benelux kantoor van videoadvertentieplatform SpotX aansturen. Binnen SpotX, dat onderdeel is van de RTL Group, wordt Ruivenkamp verantwoordelijk voor de verdere groei van SpotX in Nederland, België en Luxemburg.

De aanstelling van Ruivenkamp hangt samen met meer investering in programmatic adtech-oplossingen voor televisie, personeelsuitbreiding en klantretentie. In het eerste kwartaal van 2018 heeft SpotX een groei van 43 procent gezien.

Ruivenkamp was betrokken bij het videoplatform LoopMe en had hij de leiding over alle digitale en programmatic activiteiten bij mediabureau MEC. Daarnaast heeft hij diverse internationale leidinggevende posities bekleed bij onder meer Turn, Tapps en Yahoo.

Bij SpotX neemt Ruivenkamp de rol over van Jeroen Rutte, die na het vertrek van Elwin Gastelaars de functie op interimbasis heeft bekleed.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De ongemakkelijke strijd tegen nepnieuws

Posted 16 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Sociale media worstelen al langere tijd met (politieke) beïnvloeding. Er liggen allerlei voorstellen op tafel om nepnieuws te bestrijden, maar zo makkelijk is dat niet. Hoe krijgen media weer grip op de waarheid?

Hij moest in grote advertenties in Britse kranten zijn excuses aanbieden voor het lekken van gegevens van mogelijk 87 miljoen gebruikers. Facebook-CEO Mark Zuckerberg kroop diep door het stof voor het incident met het schimmige Britse bedrijf Cambridge Analytica, dat op basis van gebruikersprofielen het Amerikaanse kiespubliek probeerde te bereiken via op maat gemaakte berichten over toen nog de republikeinse kandidaat Trump.

Het schandaal kreeg een vieze bijsmaak toen bleek dat Cambridge Analytica niet alleen zonder toestemming gegevens via Facebook had vergaard, maar ook afkeurenswaardige tactieken inzette om Trump aan zijn verkiezingsoverwinning te helpen. De leiding van het bedrijf vertelde voor een verborgen camera van Channel 4 dat ze niet terugdeinsde voor het betalen van steekpenningen, spionage of het inzetten van prostituees.

Niet dat Facebook daaraan bewust had meegewerkt, maar het bedrijf liet het wel gebeuren. Het gaf weer eens aan dat het bedrijf veel te ver is doorgeschoten met het delen van gebruikersdata.

Bij het verhoor in het Amerikaanse Congres en het Huis van Afgevaardigden had Zuckerberg zeven pagina’s nodig om uit te leggen dat Facebook zich heeft geconcentreerd op ‘al het goede dat het verbinden van mensen kan brengen’, maar dat hij ‘geen brede kijk op onze verantwoordelijkheid had’. ‘Ik begon Facebook, en ik ben verantwoordelijk voor wat hier gebeurt.’

Facebook laat een onafhankelijke commissie van academische deskundigen onderzoek doen naar de vermeende beïnvloeding van de verkiezingen. Zij moet ook met aanbevelingen komen. Een aantal filantropische instellingen zorgt voor de financiering.

Gevoelig
Het bedrijf heeft verder technische maatregelen aangekondigd: apps en games krijgen bijvoorbeeld alleen nog maar toegang tot naam, e-mailadres en de profielfoto van de gebruiker. Ontwikkelaars die meer willen, zullen een contract moeten ondertekenen met behoorlijk wat juridische clausules. Datasets waarmee adverteerders gebruikers kunnen analyseren en gerichte advertenties kunnen voorzetten worden beperkt. In de tijdlijn van gebruikers wordt getoond welke apps toegang hebben tot hun data. Zij kunnen daarmee ook apps de toegang ontzeggen.

Ondanks de toezeggingen blijft er nog veel uit te leggen: aan de EU, zeker in het licht van de aanstaande Europese privacywetgeving, maar ook aan de Amerikaanse Federal Trade Commission (FTC). Deze toezichthouder wil weten of het technologiebedrijf zijn eigen privacyrichtlijnen heeft geschonden. Facebook heeft in 2011 namelijk al een strengere privacybescherming toegezegd, en een van de vragen is of het bedrijf zich hieraan heeft gehouden.

Extra pijnlijk waren in dit verband de opmerkingen van Apple-topman Tim Cook, die op de vraag wat hij zou doen als hij in de schoenen van Zuckerberg zou staan, antwoordde ‘dat mij dit nooit zou zijn overkomen’. Simpelweg omdat de missie van Apple nooit geweest is om de data van gebruikers te verkopen.

Cambridge Analytica was zeker niet het enige incident. Vorig jaar moest Facebook toegeven dat zeker veertig procent van de Amerikaanse kiezers tijdens de presidentsverkiezingen in aanraking was gekomen met nepnieuws dat via Rusland werd verspreid in de vorm van betaalde advertenties. Aangeleverd door een trollenfabriek, genaamd Internet Research Agency.

Over de aanpak hiervan schijnt bij het social platform intern grote onenigheid te zijn ontstaan. Het hoofd beveiliging van het mediabedrijf, Alex Stamos, kondigde onlangs zijn vertrek aan, omdat hij het niet eens was met de manier waarop Facebook de verspreiding van nepnieuws en desinformatie wil bestrijden. Stamos wilde openheid van zaken geven over pogingen van Rusland om via Facebook de Amerikaanse presidentsverkiezingen te beïnvloeden, maar dat lag kennelijk te gevoelig bij de top van het bedrijf.

MIT
Aanvankelijk ging de discussie over de politieke beïnvloeding via sociale media toch vooral over de vraag of hier eigenlijk wel sprake van was. Kort na de verrassende verkiezingsuitslag in de VS vermoedde ook Google-topman Sundar Pichai dat nepnieuws daarbij een rol had gespeeld. De verkiezingen waren immers een nek-aan-nekrace. Een kleine groep kiezers kon de uitslag bepalen. Maar bewijzen kon hij het niet.

De vraag hoe je dit soort ontwrichtende propaganda moet aanpakken, is dan ook nog lastiger te beantwoorden. Het verspreiden van onwaarheden valt immers grotendeels onder de vrijheid van meningsuiting. Voor een individueel bericht is dit meestal geen probleem, maar het totale effect van individuele foutieve berichten kan substantieel zijn, constateert het Centraal Planbureau (CPB) in een onlangs verschenen advies. Als het onderliggende probleem meer een gebrek aan kennis is dan een gebrek aan goede prikkels, dan zou voorlichting of onderwijs in mediawijsheid kunnen helpen.

De kracht van internet – het rechtvaardigheidsprincipe waarbij het niet noodzakelijk is dat elke speler evenveel kansen heeft om te slagen, maar wel dat alle spelers het spel volgens dezelfde regels spelen – is tegelijk zijn grote zwakte gebleken. Dat begon natuurlijk al vroeg met commerciële beïnvloeding. Spammers wisten de zoekresultaten bij Google zo te manipuleren dat bedrijfsnamen en producten hoog scoorden. Zoekmachines moesten hun algoritmen regelmatig bijstellen in wat een grenzeloos kat-en-muisspel leek. Achter de schermen werden nieuwe technieken ontwikkeld om consumenten op basis van slimme profielen zeer gericht te benaderen met op maat gesneden advertenties.

En die technieken worden tegenwoordig ook volop ingezet om propaganda te verspreiden. Na het bestuderen van 126.600 berichten die door drie miljoen Twitteraars zijn verzonden en gedeeld, concludeert het Massachusetts Institute of Technology (MIT) dat nepnieuws zich sneller verspreidt dan echte journalistieke verhalen.

Experts beweren dat het Google-zoekalgoritme de verspreiding van nepnieuws juist heeft bevorderd door de kans te berekenen dat een internetgebruiker ook daadwerkelijk zal klikken op een zoekresultaat. Dit soort user engagement moet volgens kenners anders worden gewogen.

Response team
Veel van de voorgestelde maatregelen werken echter niet of nauwelijks. Facebook wilde eerst onafhankelijke factcheckers in de arm nemen en dubieuze nieuwsberichten voorzien van een waarschuwing. Was een bericht eenmaal aangemerkt als verdacht, dan werden ook geen advertenties meer getoond. Maar ook dit heeft zo zijn nadelen: want wie bepaalt wat precies de waarheid is? Onderzoek van Yale University laat zien dat een nepnieuwslabel bij artikelen eerder contraproductief werkt. Trump-aanhangers en jonge lezers bleken zelfs eerder geneigd een dergelijk artikel te geloven.

Het rechtvaardigheidsprincipe zorgt ook voor lastige keuzes: betrouwbare en minder betrouwbare bronnen zijn op internet nauwelijks van elkaar te onderscheiden, maar een schifting op basis van betrouwbaarheid geeft een ongemakkelijk gevoel: alternatieve opinies moeten ook gehoord kunnen worden.

Sommige landen schieten helemaal door. Duitsland wilde de verspreiding van nepnieuws tegengaan door wetgeving. Met boetes die tot vijfhonderdduizend euro kunnen oplopen. SPD-voorman Thomas Opperman benadrukte dat het niet de bedoeling is om een meningspolitie of waarheidscommissie in het leven te roepen. Het wordt echter een lastige discussie om te bepalen wat precies nepnieuws is. Het Netzwerkdurchsetzungsgesetz blijkt nu al niet te werken, omdat ruziënde burgers elkaar aangeven.

Groot-Brittannië heeft daarbij zelfs plannen voor een rapid response team, dat bevoegdheid krijgt om op te treden tegen ‘desinformatie’ op sociale media en andere online platformen.

Maleisië op zijn beurt dreigt zelfs met tien jaar gevangenisstraf voor het verspreiden van nepnieuws. Amnesty International zag dit gelijk als een poging om kritiek op de regering tegen te houden: nieuwe wetten maken critici monddood en de persvrijheid wordt aan banden gelegd. Waarbij ook in Singapore en de Filipijnen de autoriteiten overwegen om nepnieuwswetgeving in te voeren. Amnesty riep alle landen in de regio op deze gevaarlijke ontwikkeling tegen te houden.

Protest
Dat toezicht helemaal geen zoden aan de dijk zet, bewees de Europese commissie tegen nepnieuws EU vs Disinfo. De Europese taakgroep, die vanuit Brussel nepnieuws analyseert, ontvangt sinds vorig jaar ruim een miljoen euro uit het budget voor strategische communicatie en heeft veertien mensen in dienst. Maar de werkgroep ligt onder vuur. Die bleek gemakshalve ook GS Media, De Persgroep en The Post Online tot verspreiders van nepnieuws te rekenen. Na dreiging met een kort geding volgde een rectificatie.

De advocaten van deze mediabedrijven haalden dan ook flink uit. Overheid blijf ver weg bij het beoordelen van het werk van journalisten, luidde hun kritiek. De EU heeft volgens de juristen boter op haar hoofd als zij beweert dat het haar als koene ridder van de waarheid alleen zou gaan om het bestrijden van ‘pro-Kremlin-desinformatie’. Haar campagne diende eerder de belangen van de EU in de regio rond Rusland en was overduidelijk onderdeel van het beleid van de EU richting deze regio.

Uitwassen kun je natuurlijk wel bestrijden. In een gesprek met The Washington Post gaf de Amerikaan Paul Horner in 2016 ronduit toe dat hij al jaren leefde van nepnieuws via advertenties. Tijdens de verkiezingscampagne publiceerde hij berichten die door het Trump-kamp gretig werden overgenomen, zoals het verhaal dat een democratische demonstrant 3500 dollar betaald had gekregen om te protesteren bij een rally van Trump.

Google heeft inmiddels paal en perk gesteld aan de mogelijkheden van bloggers en vloggers om geld te verdienen met nepnieuws. Mede onder druk van adverteerders. Zij hebben miljoenen dollars ingetrokken, omdat ze hun advertenties niet meer bij dubieuze content willen zien staan.

Waar echter nog te weinig mee wordt gedaan, zijn algoritmen die bepalen wat consumenten zelf betrouwbaar vinden. Facebook laat gebruikers al wel bepalen welke nieuwsbronnen betrouwbaar zijn. Andere bronnen worden dan naar de achtergrond gedrukt.

Identiteitscontrole
Sommige critici zien ondanks de uitdagingen ook een positieve ontwikkeling. Naarmate meer mensen zich zorgen maken over desinformatie, neemt de waardering voor betrouwbare informatie toe. Zorgwekkend is wel dat één op de drie Nederlanders in een onderzoek van de Volkskrant zegt ‘tegenwoordig vaak niet meer te weten wat waar is en wat onwaar’, slechts 29 procent zegt ‘echt nieuws van nepnieuws te kunnen onderscheiden’.

Mede hierdoor hebben Kamerleden Hans van der Molen (CDA) en Kees Verhoeven (D66) al gepleit voor een bewustwordingscampagne over nepnieuws, de invloed van geldschieters op advertenties en meer kennis over algoritmes van Twitter en Facebook die bepalen wat gebruikers zien. De BBC helpt middelbare scholieren nu al om echt nieuws van nepberichten of stukken met valse informatie te onderscheiden.

Het CPB stelt nog andere maatregelen voor: een online platform zou iedere gebruiker de mogelijkheid moeten geven om zijn identiteit te laten controleren. De gebruiker kan baat hebben bij identiteitscontrole, omdat andere gebruikers hem of haar dan eerder vertrouwen. Zogenoemde verified accounts moeten een recht worden, geen privilege. Dat kunnen platforms in principe zelf organiseren, maar de overheid kan ook een DigID-achtig platform aanbieden om identificatie te faciliteren, aldus het CPB. Mogelijk biedt blockchaintechnologie hier een efficiënte oplossing.

Grote internetbedrijven hebben al wel toegezegd meer uitleg te zullen verschaffen over hoe de selectie van nieuws werkt. En ook zij willen meer maatregelen gaan nemen, al dan niet met behulp van machine learning die verdachte patronen herkent. Facebook, Twitter en Google zijn daarnaast onderdeel geworden van een 39 leden tellende adviesgroep onder leiding van de Nederlandse hoogleraar Madeleine de Cock Buning. In het advies blijft een belangrijke rol voor factchecken weggelegd, maar dan via een netwerk van onafhankelijke Europese centra voor (academisch) onderzoek.

Nederlands probleem?
Minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken) spiegelde eerder dit jaar voor dat nepnieuws ook in Nederland een groot probleem is. De bewindsvrouw noemde als voorbeeld de Russische pogingen om de meningsvorming over de ramp met de MH17 te beïnvloeden. Universitair docent politieke communicatie Sanne Kruikemeier, die onlangs onderzoek deed naar online activiteiten van Nederlandse kiezers, maakt zich echter geen zorgen. Nederlanders consumeren informatie nog steeds via traditionele media, zoals het NOS Journaal, de krant en sociale contacten. Ons land is ook minder gepolariseerd, waardoor de motivatie voor beïnvloeding minder urgent aanwezig is.

Vergunning
Het Centraal Planbureau (CPB) heeft eind vorig jaar een advies uitgebracht over een vergunningstelsel voor online platforms. Zo’n vergunning zou gericht moeten zijn op Europese gebruikers. In de financiële sector stellen toezichthouders hoge eisen aan bankvergunningen, dus waarom zou je zoiets ook niet kunnen verlangen van nieuwsleveranciers? Platforms kunnen verplicht worden om berichten met ongewenste of schadelijke informatie te markeren of te filteren. De bestaande regulering voor informatiemakelaars, nu voornamelijk verankerd in mediabeleid, is veelal ontworpen voor (traditionele) offline bedrijven en daardoor ontoereikend voor de risico’s die digitale platforms met zich meebrengen.

Trollenfabriek
Blogsite Tumblr, onderdeel van Yahoo, heeft naar eigen zeggen 84 accounts aangetroffen die duidelijke banden hebben met de trollenfabriek van de Russische overheid in Sint-Petersburg. Die accounts werden vooral ingezet om in aanloop naar de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 onrust te zaaien en presidentskandidate Clinton in diskrediet te brengen. De financiering en leiding van de trollenorganisatie zou in handen zijn van restaurateur Jevgeni Prigozjin, ook wel de ‘kok van Poetin’ genoemd. Om hun achtergrond te verhullen, huurden de Russen Amerikaanse servers. Pas in maart 2018 heeft de Amerikaanse regering van Trump Rusland sancties opgelegd voor wat het noemde ‘destabiliserende activiteiten’.

* Dit artikel verscheen eerder in het meinummer van Emerce magazine (#165).

Illustratie: Eva Straver (in opdracht van Emerce)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Britse boete voor datalek Yahoo

Posted 14 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Yahoo krijgt alsnog een fikse boete voor het datalek uit 2014 dat veel publiciteit genereerde. Het Amerikaanse bedrijf, tegenwoordig onderdeel van Verizon, moet 250.000 pond betalen aan de Britse toezichthouder.

Bij dat lek kwamen gegevens van 500 miljoen gebruikers op straat te liggen. Daaronder ‘slechts’ een half miljoen Britse gebruikers die vielen onder Yahoo UK.

De Britse toezichthouder heeft ook flink wat kritiek op de afwikkeling van het incident.

Verizon betaalde 350 miljoen dollar minder voor Yahoo nadat tijdens de onderhandelingen de omvang van het datalek duidelijk werd.

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Hans Vestberg wordt CEO Verizon

Posted 11 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

De voormalige CEO van Ericsson Hans Vestberg wordt in augustus de baas van het Amerikaanse telecombedrijf Verizon. Hij neemt de taak over van Lowell McAdam.

Vestberg was al CTO van Verizon, maar krijgt nu ook de verantwoordelijkheid voor de afdelingen die uit AOL en Yahoo zijn voortgekomen.

Vestberg kwam een jaar geleden bij Verizon nadat hij door zijn commissarissen bij Ericsson aan de kant was gezet. De verwachting is dat Vestberg vooral gaat inzetten op 5G.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Yahoo Messenger uit de lucht

Posted 11 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Yahoo stopt met Messenger, een van de oudste chatapplicaties. Vanaf 17 juli is de app al niet meer te gebruiken.

Het is al de tweede chatapp in korte tijd waarvan afscheid wordt genomen. Moederbedrijf Oath trok ook al de stekker uit AIM, de chatapp van AOL.

Oath verwijst gebruikers niet naar andere chatapps als alternatief, maar naar Yahoo Squirrel, dat zich nog in een experimentele fase bevindt. Gebruikers kunnen hun conversaties overigens wel bewaren.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Muziekdienst Vevo sluit app en site

Posted 28 mei 2018 — by Emerce
Category nieuws

Muziekdienst Vevo stopt met zelf verspreiden van videoclips en gaat volledig leunen op distributie via derde partijen als YouTube.

Het bedrijf, opgericht en in handen van de grote muziekmaatschappijen, kondigde dat eind vorige week aan. In cryptische termen heet het dat elementen van ‘owned and operated platforms’ worden uitgefaseerd.

Wat niet verdwijnt van Vevo.com zijn de programma’s om aanstormende artiesten meer zichtbaarheid te geven. Ook blijft het bedrijf, waar Nederlander Eric Huggers tot eind 2017 de CEO was, zelf de commerciële exploitatie van muziekvideo’s verzorgen.

Vevo claimt dat de maandelijks meer dan 25 miljard streams helpt genereren op platformen van derden. Dat is overwegend maar niet uitsluitend YouTube. Het distributienetwerk omvat tientallen partijen, onder wie ook Apple, Yahoo, Amazon, Disney, Roku en Sony.

Foto: Marc E. (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Tim Armstrong (Oath) genoemd als opvolger Sorrell

Posted 14 mei 2018 — by Emerce
Category nieuws

Tim Armstrong en Keith Weed volgen mogelijk CEO Martin Sorrell op bij reclamereus WPP.

Armstrong leidt momenteel Oath, de Verizon-dochter waaronder AOL en Yahoo vallen.

Ook Jerry Buhlmann van Dentsu Aegis en Andrew Robertson van BBDO zouden op de short list staan.

Sorrell moest een maand geleden vertrekken na een onderzoek in verband met ‘aantijgingen over misbruik van bedrijfseigendommen en ongepast gedrag’, die overigens nooit zijn toegelicht.

Sorrell houdt zich overigens niet stil. Tijdens het Techonomy evenement in New York kondigde hij aan dat hij ‘opnieuw gaat beginnen’.

Foto: Gino Depinto (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Yahoo test besloten chatapp

Posted 11 mei 2018 — by Emerce
Category nieuws

Yahoo heeft stilletjes een nieuwe chatapp gelanceerd voor vrienden of gezinnen die foto’s en andere media willen uitwisselen.

Het bijzondere aan de app Squirrel is dat het om besloten gebruikersgroepen gaat. Zonder uitnodiging is deelname niet mogelijk. Binnen groepen zijn ook weer subgroepen aan te maken.

Yahoo heeft inmiddels bevestigd dat het om een test gaat.

Twintig jaar terug was Yahoo met Yahoo Messenger een van de eerste bedrijven met een chatapp, weliswaar destijds alleen voor de desktop.



Lees het volledige bericht op Emerce »

CEO WhatsApp vertrekt na onenigheid over privacy

Posted 01 mei 2018 — by Emerce
Category nieuws

Medeoprichter en CEO Jan Koum stapt op bij Facebook. Dat heeft hij bevestigd op Facebook nadat de Washington Post daar lucht van had gekregen. Reden is het privacybeleid bij Facebook.

Voorwaarde van de overname van de chatapp in 2014 was dat WhatsApp volledig onafhankelijk zou blijven, maar in 2016 werd dan toch besloten om een deel van de data te delen met Facebook.

Niettemin bleef Koum zich verzetten tegen advertenties. Naar verluidt wilde Facebook nog meer data gebruiken en de encryptie verzwakken. Tot op heden heeft Facebook amper aan WhatsApp verdiend, ondanks het feit dat het 1,5 miljard gebruikers heeft. Aanvankelijk vroeg WhatsApp nog een dollar per jaar per gebruiker, daarna werd WhatsApp gratis. Naar verluidt was Koum moe van de vele discussies.

Wanneer hij precies vertrekt is niet duidelijk. Koum zegt te willen genieten van zijn verzameling Porsches en frisbees. De WhatsApp CEO is al jaren multimiljardair.

Koum richtte het bedrijf samen met Brian Acton – beiden werkten bij Yahoo – in 2009 op. Grote kracht was dat de chatapp op ongeveer elke mobiele telefoon draaide. Toen WhatsApp 500 miljoen gebruikers had werd het bedrijf verkocht aan Facebook voor 19 miljard dollar.

Acton was vorig jaar september al vertrokken. Recentelijk riep hij gebruikers om hun Facebook account te wissen naar aanleiding van het dataschandaal met Cambridge Analytica. Ook doneerde hij 50 miljoen dollar aan de privacy-app Signal.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Fotosite Flickr verkocht aan SmugMug

Posted 21 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

Fotosite Flickr is voor een onbekend bedrag in handen gekomen van het bedrijf SmugMug.

De site was sinds 2005 van Yahoo, tegenwoordig Oath. Dat onderdeel van Verizon stoot in hoog tempo belangen af, zoals Moviefone en Polyvore.

Gebruikers krijgen tot 25 mei de gelegenheid om hun foto’s bij Flickr weg te halen, anders worden ze op termijn overgeheveld naar SmugMug.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Ben je nog online na de dood?

Posted 17 mrt 2018 — by Emerce
Category nieuws

We zijn dagelijks bezig onze digitale identiteit te creëren en bij te houden. Maar wat gebeurt er met die identiteit na onze dood? Wat doe je met alle social accounts en online profielen van je partner of familielid als diegene overlijdt? Naarmate ons digitale leven omvangrijker wordt, neemt ook het belang van onze online identiteit toe en dus is het zaak na te denken over wat daarmee gebeurt als we er niet meer zijn.

Betere postmortem-UX

In haar lezing op SXSW in Austin, Texas pleitte Rebecca Blum van Frog Design er dan ook voor dat techbedrijven de UX rondom het overlijden van gebruikers grondig verbeteren. Het blijkt verbazingwekkend ingewikkeld te zijn om een profiel van een naaste te laten wissen, volgers en verre digitale vrienden te informeren en herinneringen en waardevolle content op te slaan. Er is bij de meeste bedrijven – van Google tot Yahoo – niet of nauwelijks nagedacht over de UX rondom de dood. Het is nu enorm lastig de account van een overleden persoon op te ruimen, content te downloaden en, net als bij de fysieke nalatenschap, de digitale sporen tot op zekere hoogte uit te wissen.

De klantreis van je leven

Digitale ervaringen worden vooralsnog ontworpen met het leven als uitgangspunt. Het wordt daarom tijd dat we als digitale industrie ook gaan ontwerpen voor de zekerheid van de dood. Zie het als het ontwerpen van de ultieme klantreis, vanaf het leven tot na de dood. De focus moet daarbij liggen op designprincipes die rekening houden met het einde van het leven, zodat tech helpt ons voor te bereiden op de dood, een bijdrage kan leveren aan het rouwproces en ons eventueel helpt om digitaal door te blijven leven.

Persoonlijke ervaring

Toen mijn vader enkele jaren geleden plotseling overleed, heb ik deze situatie uit de eerste hand meegemaakt. Mijn vader was bijzonder actief op social media, zowel privé als zakelijk. Ik moest de moeilijke beslissing nemen of ik zijn Facebookpagina wel of niet liet opheffen. AOp zich voelde dat goed, maar tegelijkertijd wiste ik daarmee een stuk van zijn wereld; digitaal, maar net zo echt en waardevol als oude notitieboekjes waarin hij aantekeningen maakte. Ik besloot dan ook om de Facebook-account te laten bestaan en heb toen op zijn tijdlijn gepost dat hij was overleden.

Nu is zijn Facebookpagina een plek waar bekenden meer dan drie jaar na dato op zijn verjaardag en op zijn sterfdag herinneringen delen. Maar het is soms wel ongemakkelijk als verre kennissen hem feliciteren  met zijn verjaardag, waarop anderen vervolgens reageren door te zeggen dat hij overleden is. Facebook heeft inmiddels wat aanpassingen gemaakt waardoor je als gebruiker nu een legacy-contact kunt instellen die na je dood je account kan beheren. En dat is goed, want er overlijden elke dag 10.000 Facebookgebruikers.

Leven na de dood

Maar zoals Blum al zei, kan tech meer voor ons doen na onze dood, en ons zelfs helpen voort te leven. Het is dan ook de vraag of onze fysieke dood in de (nabije) toekomst ook het einde van onze digitale self zal zijn. Er zijn steeds meer startups die tech verkennen die ons in staat stelt met onze overleden naasten te chatten en te praten via onze smartphones. Digitale reïncarnatie door na je dood te blijven tweeten vanuit je digitale, AI-powered self, die geen einde kent.  Technisch gezien is het geen science-fiction. Alle digitale content die we tijdens ons leven maken (berichtjes, voice-memo’s, filmpjes, foto’s, likes, etc.) zijn precies de ingrediënten die een AI-powered systeem nodig heeft om ons te ‘leren kennen’ en binnen no time te kunnen nadoen. Google kan met enkele minuten spraak iemands stem al volledig nabootsen en diegene dus letterlijk napraten. De stap naar echte gesprekken is nog niet heel dichtbij, maar het is ook geen verre toekomstmuziek nu AI-powered conversaties in rap tempo verbeteren. Zo lijkt de Black Mirror-aflevering ‘Be right back’ uit 2013 anno 2018 heel dichtbij.



Lees het volledige bericht op Emerce »