Posts Tagged ‘video’

Programmatic advertising groeit 20% tot 225 miljoen euro

Posted 29 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Adverteerders in Nederland gaven vorig jaar 225 miljoen euro uit aan reclameboodschappen die ze via geautomatiseerde handelsplaatsen inkochten. Programmatic advertising wordt tegenwoordig meer ingezet voor merkbouwende dan voor performance doeleinden.

Reclame vertonen op basis van persoonskenmerken van de consument. Marketeers smullen ervan en uit nieuwe marktcijfers van IAB Nederland blijkt dat het steeds vaker gebeurt. Zojuist verscheen een gedetailleerd onderzoeksrapport waarin Deloitte een kijkje achter de schermen geeft wat de marktontwikkelingen van programmatic betreft.

Nog steeds gaat de helft van alle digitale reclamegelden naar Search. Google dus. En de andere helft gaat naar display advertising. Een derde van de displaybudgetten wordt, zo blijkt nu https://iab.nl/nieuws/omzet-programmatic-advertising-groeide-met-20-in-2016 , ingekocht op geautomatiseerde handelsplaatsen. In jargon: programmatic exchanges.

Tim Geenen, voorzitter van de werkgroep Programmatic van IAB Nederland licht toe. “Wat opvalt, is de groei van 95 procent van de videobestedingen.” Omgerekend gaat dat om 34 miljoen euro, maar dat getal is bij lange na niet representatief voor de werkelijke uitgaven aan videoreclame. “Van Facebook en YouTube kennen we geen cijfers, terwijl dat net de grootste bestemmingen zijn van videobudget.” Niettemin zeggen de cijfers die Geenen vandaag wel kan geven iets over de sterke groei die videoreclame doormaakt in de volle breedte.

Gemiddeld betaalde een adverteerder in 2016 11,68 euro (+e1,43) om zijn videocommercial duizend keer online te vertonen. Deze zogeheten eCPM lag bij banners op precies 62 cent, dertien cent minder dan het jaar ervoor. Geenen: “Dat komt deels door de groei in het mobiele kanaal, waar de prijzen lager liggen.”

Een andere opvallende bevinding is de relatief sterke opkomst van header bidding. Dat is een term die enkel de specialisten iets zegt. Feitelijk komt het neer op een nieuwe manier van prijsbepaling bij programmatic buying waarbij de adverteerder als het ware de bocht afsnijdt. Hij ‘dringt voor’ in de rij om als eerste een bod te kunnen uitbrengen op een reclamepositie. Hij betaalt wel een prijs voor dat voordringen: hij betaalt wat hij biedt en niet, zoals gebruikelijk is, de een na hoogste prijs plus één cent. Geenen: “Dat heeft grote impact op de markt omdat de prijzen stijgen.” De uitgever profiteert hiervan en de keten tussen adverteerder en uitgever wordt wat transparanter.

Het IAB constateert ook dat programmatic tegenwoordig vaker dan ooit voor branding wordt ingezet:

En dat adverteerders steeds meer direct zaken doen met uitgevers. Ze handelen vaker buiten de publieke exchanges om:

Onderzoeker Deloitte verwacht dat de programmatic uitgaven in het nu lopende jaar met zeventien procent toenemen. Voor de rapportage van volgend jaar proberen de onderzoekers om direct of indirect cijfers van Facebook en Google los te krijgen.

Foto: pedro santiago (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Campagnepanel Opel: ‘Influencer mist’

Posted 29 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

In het campagnepanel beoordelen drie deskundigen een campagne. Dit keer mogen belangstellenden betalen met YouTubeviews bij Opel.

Site: opel.nl
Klant: Opel Nederland
Bureau: J. Walter Thompson Amsterdam, Carat, Isobar
Gebruikte media: YouTube, PR, blogs

Doel van de campagne: De bekendheid van de nieuwe Opel-lijn vergroten. En belangstellende doelgroep activeren: verleiden tot doen van een proefrit.

Omschrijving

Een nieuwe auto in ruil voor YouTube-views: dat is de campagne van de nieuwe Opel Online Editions. Mits je wel honderdduizenden views genereert. Voor minder views ‘koop’ je een dakkoffer, een iPadhouder of andere presentjes. De winkelwaarde van al deze cadeaus samen ligt om en nabij de 55.000 euro. De uitwerking: deelnemers maken rond een proefrit een video die de nodige views genereert. Het filmpje moet speciaal voor de campagne ‘Betalen met views’ zijn gemaakt. Social beïnvloeding mag wel, traffic inkopen niet.

Panelleden

Maarten Reijgersberg
Oprichter RauwCC

“De Enzo Knols van deze wereld zullen niet zo gauw met deze actie meedoen, want daarmee halen ze hun eigen businessmodel onderuit. Dus om écht kans te maken op één van deze zes Opel-producten, moet je gewoon een heel gers filmpje maken. Maarrr. In het grijze circuit koop je voor negentig euro binnen vijfentwintig dagen vijftigduizend niet te controleren Nederlandse YouTube-views. Best een goede deal dan. De campagne-gallery laat overigens nog niet veel video’s zien en ook een tagsearch op YouTube geeft nog weinig resultaten. Maar Opel is met deze actie natuurlijk ruimschoots in haar doelstelling geslaagd: het heeft veel media-aandacht opgeleverd. Acties als deze bewijzen maar weer eens dat views an sich niets waard zijn en dat video maken een vak is.”

Cijfer: 7

Stefan Nuijten
Medeoprichter The Fightclub

“Slim idee en direct een gemiste kans als ik daar met de pet van een performancemarketeer naar kijk. Ik had deze actie dan ook gelijk door een influencer laten introduceren. Om zo kracht aan het idee te geven en ook het online budget effectiever in te kunnen zetten. Nu wordt het geactiveerd via verschillende kanalen die elkaar onvoldoende ondersteunen. Van campagnes in het verleden voor onder andere Mercedes en Porsche weet ik dat de jonge doelgroep die men aanspreekt niet makkelijk te converteren is in een showroom vanuit online. Er zullen leads uitkomen maar echt veel extra verkoop verwacht ik niet. Maar dat zal vast niet de doelstelling geweest zijn voor deze campagne. Soms wil je gewoon iets vernieuwends ontwikkelen en dat is zeker gelukt.”

Cijfer: 8

Ruud Mantz
Senior accountmanager Mannenmedia

“Free publicity door middel van user generated content, dat is waar Opel naar op zoek is. Potentiële Opel-rijders maken zelf content, met als doelstelling ruim 2,2 miljoen videoviews. Content waar Opel niets voor hoeft te betalen of hoeft te doen. Het gevaar hierbij is wel dat je geen invloed hebt op de winnende video, waar dus bijna een miljoen mensen de Opel Astra mee kunnen associëren. Wat ik mis: in aanloop naar deze campagne had Opel samen met de grote online automotive platformen een soort van pre-launch kunnen opzetten. Bezoekers van kanalen zoals Autojunk & Dumpert zijn natuurlijk al bekend met het filmen, vloggen en uploaden van video’s. De campagne begon langzaam en had duidelijk een betere start gehad met een automotive influencer.”

Cijfer: 8

* Deze campagne verscheen eerder in het juninummer van Emerce magazine (#159).



Lees het volledige bericht op Emerce »

Allsecur neemt met video afscheid van praatpaal

Posted 29 Jun 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Praatpaal bedankt! #Ikzegdoeidoei.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Nieuw platform VI: medialandschap zorgt voor andere technische eisen

Posted 29 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

De nieuwe digitale omgeving van Voetbal International maakt één ding heel duidelijk: door de veranderingen in het medialandschap moeten platform en CMS aan nieuwe technische eisen voldoen. Het draait om snelheid en klaar zijn voor nieuwe verdienmodellen.

Eind april lanceerde Voetbal International een nieuwe digitale omgeving: de website en de apps zijn volledig op de schop genomen. Qua inhoud zijn de mogelijkheden uitgebreid om nieuwe verdienmodellen in te zetten – bijvoorbeeld door middel van branded content. Ook het nieuwe VI PRO speelt nu een centrale rol. Deze nieuwe abonnementsvorm verweeft artikelen uit het tijdschrift met openbare en exclusieve content. Doordat het makkelijker is gemaakt om data te integreren, ontstaan er zo nieuwe mogelijkheden voor personalisatie en bijpassende content. Met die data kan de uitgever in de toekomst mogelijk nieuwe verdienmodellen ontwikkelen.

Afbeelding: nieuwe homepage VI

Onder de motorkap: de vereisten voor een nieuw mediaplatform

Maar waar moet zo’n platform vandaag de dag technisch gezien aan voldoen? Tijdens een vrij intensieve ‘track nul’ is er samen met VI gekeken naar de vereisten van een mediaproduct en is de technische visie hierop uitgedacht.

Net als in de sport zelf bleek het moeten pieken een centraal uitgangspunt. “Het is een race tegen de klok”, zegt VI’s Product Owner Matthijs Kraaij hierover. “Gechargeerd gezegd krijgt de uitgever die als eerste het nieuws brengt al het verkeer.” Dat leidt er allereerst toe dat een CMS in het teken moest staan van de redactie. Dat vergroot uiteindelijk de snelheid waarmee artikelen, video’s en andere content bij de bezoekers terecht komen.

Die extremere pieken hebben daarnaast ook de nodige technische gevolgen voor een uitgever. Is er écht groot nieuws en verstuurd de redacteur vanuit zijn CMS-scherm een pushbericht naar alle appgebruikers dan neemt in één klap het aantal actieve gebruikers van vierduizend tot vijftigduizend toe. Een nieuw platform moet dus op zo’n piekbelasting – en een toekomstige veelvoud ervan – berekend zijn. Is het dat niet en verschijnt de content traag (of niet) dan maakt dit de gebruikerservaring ronduit slecht.

Niet onbelangrijk is daarnaast de wens om tot een uitgebreide datastrategie te komen. Daarmee kan VI de online ervaring personaliseren. Door in te spelen op contentvoorkeuren nemen de lezersloyaliteit en betrokkenheid alleen maar verder verder toe.

Het Feyenoord-kampioenscenario

Algauw is daarom besloten om het Magnolia-CMS te gebruiken: een uitbreidbaar integratieplatform, een zogeheten headless systeem, dat zich door middel van API’s aan allerlei distributiekanalen laat koppelen. De gelijktijdig ontwikkelde VI-apps staan zodoende in directe verbinding met het CMS. En mochten er nieuwe kanalen komen dan is het CMS hier dus op voorbereid.

Dat maakt het systeem toekomstbestendig en gebruiksvriendelijk bovendien. De inrichting van de CMS-schermen is afgestemd op hoe de VI-redactie het liefst en snelst content maakt, cureert en distribueert. In tegenstelling tot in veel andere CMS’en is er de vrijheid om vanuit de editor zelf per situatie bepaalde instellingen te veranderen: de artikelstructuur wordt net zo makkelijk aangepast als de plek waar de betaalmuur in het stuk verschijnt. Om zulke details gaat het als je bezoekers wil verleiden door te lezen.

Samen met de mensen van VI is een ‘walking skeleton’ ontwikkeld. Op deze zo realistisch mogelijke testomgeving kon na iedere sprint getest worden hoe het model functioneerde bij een maximale piekbelasting. Feyenoords kampioenschap werd als een van de grootst denkbare piekmomenten gezien. Iedere nieuwe functie of wijziging in het platform moest deze ingecalculeerde verkeerstoename aankunnen.

Dat bleek mede door de uitgebreide vorm van personalisatie een flinke uitdaging. Want ook het toevoegen van extra servercapaciteit kent een grens. Door te werken met gefragmenteerde caching en de open source authenticatie-oplossing Keycloak te integreren is er niet alleen een veilige, maar ook schaalbare oplossing gebouwd die iedere denkbare situatie aankan.

De resultaten

Door een wijziging in het VI-team en de veranderde strategische koers kreeg het project onderweg nog een heel nieuwe dimensie. Tot dat moment werkte VI namelijk met een betaalmuur die niet-betalende lezers (voor een deel) weerde. Met VI PRO is die zwart-witte betaalmuur ingeruild en zijn er nieuwe abonnementsvormen geïntroduceerd. De aandacht voor online verdienmodellen is daarin vergroot: iedereen kan nu vijf gratis PRO-artikelen lezen.

De datastrategie bewijst daardoor direct zijn waarde: met behulp van het eerdere surfgedrag doet het platform nu gepersonaliseerde contentsuggesties. Daarmee raken bezoekers bekend met de premium content en is het de bedoeling dat in ieder geval een deel via een ‘trial’ converteert naar een betaald PRO-abonnement.

Afbeelding: voorbeeld PRO-artikel

Kort na de lancering van de site en apps in april van dit jaar dienden zich al de eerste successen aan. Zo wist VI bijvoorbeeld van alle nieuwssites het snelst een verslag van de wedstrijd Ajax-Lyon te publiceren én te pushen richting de app. Het platform heeft daarnaast al diverse piekperiodes doorstaan: de dagen waarop Feyenoord eerst niet en daarna alsnog kampioen van de Eredivisie werd leverden geen problemen op.

Maar misschien nog interessanter is het commerciële effect. De PRO-content ontvangt anderhalf keer zoveel gebruikers die meer en langer lezen of andere content bekijken. Het grootste succes boekte VI kort erop met het artikel ‘Waarom Henk ten Cate bondscoach was en daarna weer niet’. Het artikel achter de betaalmuur werd zo goed gedeeld via sociale media dat het 130 duizend keer is gelezen. Door de ‘getrapte’ betaalmuur die lezers verleidt zich te registeren meldden zich alleen door die ene publicatie 2600 nieuwe mensen aan.

Hoeveel extra abonnementen er zijn afgesloten en of gebruikers zich er makkelijk toe laten verleiden is nog moeilijk te zeggen. Maar Product Owner Kraaij noemt de eerste cijfers veelbelovend. De technische basis voor snelheid, performance en data moet de uitgever in staat stellen door te groeien. Met (diepgaande) content en de combinatie van statistieken en live evenementen is de nieuwe inkomstenbron mogelijk nog verder te vergroten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Virtual Reality in de reisbranche: het blijft een belofte

Posted 29 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Virtual Reality (VR) leent zich bij uitstek voor de reisbranche, waar klanten met goede content moeten worden verleid tot een boeking. Toch is de technologie nog niet echt doorgebroken. Hoe komt dit? 

In de whitepaper Does Virtual Reality Have a Place in Travel? onderzoekt EyeforTravel in wat de verwachtingen van de consument zijn en de branche zelf. De verwachting is dat de reisbranche een belangrijke katalysator zal zijn bij de commerciële toepassing van VR-technologie, omdat het de klant nieuwe manieren biedt om bestemmingen te onderzoeken en te beleven en omdat het een middel is om User Generated Content te genereren in de vorm van 360-graden video’s. Uit onderzoek van EyeforTravel blijkt dat reisprofessionals de hoogste verwachtingen hebben van AI en machine-learning, met VR en AR als goede tweede (respectievelijk 45 procent en 27 procent).

eyefortravel

De voorspelling was dat de technologie in 2016 gemeengoed zou worden, maar die is niet uitgekomen. Toch zijn er tekenen dat VR aan tractie verkrijgt bij consumenten. Brits onderzoek van GfK toont aan dat de helft wel een VR-bril zou willen hebben. Die zou dan vooral worden gebruikt voor spelletjes (66 procent), films kijken (54 procent) en scholing (52 procent). Reizen plannen staat op de zesde plek in de lijst van mogelijke toepassingen. Het ziet er dus naar uit dat de gaming industrie het voortouw zal moeten nemen om VR tot een geaccepteerde technologie te maken.

Voor de reisbranche liggen de kansen nu vooral in markten in Noord-Afrika, Zuid-Azië en het Midden-Oosten. Daar zou 71 procent reiscontent laden op hun device, stelt onderzoeksbureau YouGov. Vierenzestig procent zou een reisbureau bezoeken als daar VR-technologie wordt ingezet en 31 procent denkt dat VR het zetje zou zijn om de reis daadwerkelijk te boeken.

eyefortravel

Wat de adoptie tegenhoudt, zijn de kosten, zowel van de benodigde headsets als de ondersteunende hardware en diensten. De Britse participanten uit het GfK-onderzoek noemt de kosten van headsets als belangrijkste struikelblok (73 procent), gevolgd door de prijs van andere hardware (64 procent) en veiligheidsoverwegingen ten aanzien van het gebruik van VR buitenshuis (61 procent). De kosten gaan vanzelf omlaag wanneer VR in massaproductie wordt genomen. Bovendien zijn er budgetopties zoals Google Cardboard en – een stap hoger – Samsung Gear VR. Qua beleving zijn deze mogelijkheden niet zo overweldigend als met duurdere set-ups, maar het is wel een laagdrempelige manier om het gebruik van VR in de reisbranche te stimuleren.

eyefortravel

Een tweede barrière is de geboden content. Hoe zorg je voor een interessante 360-gradenfilm die idealiter tot conversie leidt? Er is geen bibliotheek voor dit soort materiaal, zodat bedrijven zelf hun content moeten maken.

Volgens EyeforTravel betekent dit alles dat ook 2017 niet het jaar zal zijn waarin VR mainstream wordt in de reisbranche. 2020 lijkt waarschijnlijker. Tot die tijd is het zaak om te experimenteren met VR-technologie om producten voor het voetlicht van de consument te brengen, zodat de reisbranche er over drie jaar klaar voor is als Virtual Reality doorbreekt.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Inschrijving Dutch Search Awards 2017 geopend

Posted 28 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

De inschrijving voor de tweede editie van de Dutch Search Awards is deze week geopend. Marketingbureaus, merken en professionals kunnen tot en met 30 september hun beste case(s) op het gebied van search marketing insturen. Wellicht treden ze in de voetsporen van de vorige winnaars Wehkamp, Blue Mango en iProspect.

Dit jaar kunnen cases worden ingezonden voor achttien onderscheidingen die verdeeld zijn over de hoofdcategorieën ‘Branche’, ‘Campagne’ en ‘Tools & Software’. Iedere inzender van een case dingt automatisch mee naar de awards voor Beste agency, Beste in-house team of Beste consultant.

Naast de bestaande categorieën, zijn Beste Brandingcampagne, Beste Videocampagne, Beste Bing-campagne, Beste Displaycampagne en Beste Socialadvertising-campagne dit jaar nieuw.

De uitreiking van de prestigieuze Dutch Search Awards vindt op donderdag 23 november plaats in B.Amsterdam. Behalve erkenning en een award, krijgen winnaars tevens een plek tijdens de Search Marketing Masterclass in 2018.

Ook het publiek krijgt dit jaar een stem. Het oordeel voor de awards in de categorie ‘Tools & Software’ wordt namelijk voor de helft gebaseerd op het juryoordeel en voor de helft op publieksstemmen. Vanaf 30 oktober kan men via de website van de Dutch Search Awards stemmen op de genomineerde tools en software.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Vimeo ziet af van Netflix concurrent

Posted 28 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Videoplatform Vimeo komt toch niet meer met een eigen streamingdienst. Dat bevestigt een woordvoerder tegenover The Hollywood Reporter.

Men wil zich meer concentreren op video- en filmmakers die Vimeo voor de distributie van hun producties gebruiken.

Vimeo maakte de plannen voor een betaalde streamingdienst eind vorig jaar bekend. De dienst zou eerst volgend jaar worden gelanceerd, inclusief eigen producties. Daarvoor zouden tientallen miljoenen dollars worden uitgetrokken.

In maart van dit jaar werd Alana Mayo van Paramount Pictures nog ingehuurd voor de aankoop van originele content. Zij is inmiddels alweer opgestapt.



Lees het volledige bericht op Emerce »

StreamOne sluit nieuwe investeringsronde af

Posted 27 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Online videobedrijf StreamOne heeft een nieuwe investeringsronde afgerond. Die draagt bij aan de verdere (internationale) uitbreiding van het Nederlandse bedrijf.

Financiële details zijn niet bekend gemaakt, wel dat de samenwerking met de huidige partners Quintin Schevernels (investeerder) en Marc Stubbé (Digitaal Media ondernemer, voormalig CCO van Sanoma/SBS) blijft bestaan.

Nieuwe partners zijn David Vink (voormalig Chief Digital Officer van SBS Broadcasting), Jan Willem Jonker (ondernemer, media investeerder en business coach), Paul Buying (oprichter en voormalig CTO van LiveWords), en Dirk Groten (voormalig CTO van Layar).

StreamOne werkt al langer met het Zweedse telecombedrijf Ericsson. Recentelijk zijn MyChannels, AD en OLON (lokale omroep) als klant binnengehaald.



Lees het volledige bericht op Emerce »

DNS als het telefoonboek van het internet

Posted 27 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het internet kent veel termen die menig mens de wenkbrauwen doet optrekken. Daarom ga ik hier menigmaal komen met het verhaal achter bepaalde internettermen. Met deze keer in de spotlights, het Domain Name System (DNS).

DNS is een in 1983 bedacht systeem om de communicatie tussen computers gemakkelijker te maken voor mensen. Een van de belangrijkste taken van het DNS is het koppelen van een meercijferig IP-adres aan de domeinnaam van een computer, waarvan bijvoorbeeld een website wordt geserveerd. Dankzij DNS hoef je daarom nooit een IP-adres tijdens het browsen te typen, maar alleen de domeinnaam. Dit maakt DNS vergelijkbaar met het telefoonboek op je mobiel. Zonder telefoonboek zou je alle telefoonnummers van je vrienden moeten onthouden om ze te kunnen bellen.

Hosts File

Toen het internet nog in zijn kinderschoenen stond, maakte elke computer gebruik van een hosts file. Dit is een op je computer opgeslagen tekstbestand waarin domeinnamen en hun bijhorende IP-adressen staan. Bij wijzigingen of aanvullingen moest een hosts file handmatig geüpdatet worden. Naarmate het internet groeide, was dit moeilijk vol te houden. Het zou namelijk een dagtaak worden om je hosts file up-to-date te houden. Op zoek naar een praktischer systeem dus. DNS was geboren.

Een vrij toegankelijk systeem met een verdeelde administratie

DNS heeft gezorgd voor een actueel systeem (de DNS namespace) waartoe iedereen toegang heeft om onder andere het IP-adres dat schuilt achter een domeinnaam op te sporen. Een centrale administratie achter dit systeem ontbreekt. Gelukkig, want net zoals het onmogelijk is om een hosts file up-to-date te houden, is het voor één organisatie onuitvoerbaar om de DNS namespace up-to-date te houden. Dat zou betekenen dat deze organisatie miljarden wijzigingen of aanvullingen per dag moet verwerken en veel macht over het internet krijgt.

Om dit te voorkomen, is de namespace verdeeld over talloze DNS nameservers, in beheer bij verschillende entiteiten. Ze nemen allemaal de verantwoordelijkheid over een klein deel van het grote geheel. Welke nameserver welk gedeelte van de DNS namespace voor zijn rekening moet nemen, wordt bepaald door de DNS-hiërarchie.


Hiërarchie binnen de DNS namespace

In plaats van een platte database (zoals de hosts file) werkt de DNS namespace met een gedistribueerde database, onderverdeeld in meerdere zones. Om de hiërarchie tussen deze zones te begrijpen is de term fully qualified domain name belangrijk. Dit is een voluit geschreven domeinnaam, zoals:

www.transip.nl.

Deze domeinnaam bestaat uit een aantal door punten gescheiden delen, genaamd labels. Elk label staat gelijk aan een niveau binnen de DNS namespace. De hiërarchie snap je het beste wanneer je een domeinnaam van rechts naar links ontleedt.

Achter de laatste punt in een domeinnaam, die door vrijwel niemand geschreven wordt, schuilt het hoogste niveau, ook wel de root genoemd. De root heeft geen domeinnaam, vandaar dat je alleen een punt op het einde ziet met niets erachter. De nameservers die dit niveau onderhouden, worden rootservers genoemd en zijn in beheer bij verschillende grote partijen.

Het eerste niveau domeinnamen dat zich direct onder de root bevindt, bevat de Top Level Domains (TLD). Denk hierbij aan gTLD’s als .com en .shop of ccTLD’s voor landen zoals .nl. SIDN heeft het beheer gekregen over de TLD-nameservers van het nl-domein.

Het tweede niveau domeinnamen dat zich onder de root bevindt, bevat domeinen die vrij te verzinnen zijn en vaak de naam van een organisatie of bedrijf dragen. Denk hierbij aan albertheijn.nl, nu.nl of transip.nl. De nameservers verantwoordelijk voor deze domeinnamen zijn vaak in beheer bij hostingproviders zoals TransIP en dus indirect bij de klanten van hostingproviders.

Het meest linkerlabel is ook vrij te verzinnen, maar wordt vaak www genoemd. Soms zie je ook domeinnamen met nog meer labels, zoals de nieuwswebsite van de BBC: www.bbc.co.uk.


De zoektocht naar een IP-adres

De werking van DNS is makkelijker te begrijpen aan de hand van een praktijkvoorbeeld. Nadat je in je browser www.transip.nl hebt ingetypt, kijkt jouw computer of het IP-adres dat bij deze domeinnaam hoort bekend is in zijn eigen DNS cache of de hosts file.

Als dit niet zo is, dan moet je computer op zoek naar een nameserver die het antwoord wel weet, de authoritative nameserver. Deze zoektocht wordt ook wel name resolution genoemd. Zonder doordacht plan is het zoeken naar een speld in een hooiberg. Daarom schakelt jouw computer hulp in om slim gebruik te maken van de hiervoor besproken DNS-hiërarchie.

Jouw computer, tijdens de name resolution ook wel een DNS client genoemd, zoekt contact op met een DNS resolver. Deze server is meestal in beheer bij je internetprovider, zoals KPN. Aan de resolver stelt je computer de vraag welk IP-adres hoort bij de domeinnaam www.transip.nl. Deze vraag wordt een forward lookup genoemd. Hiernaast geeft hij de opdracht aan de resolver om deze vraag ook aan andere servers te stellen, in het geval de resolver het niet zelf weet. Zo’n opdracht heet een recursive query.

  • DNS resolver

De resolver gaat meteen aan de slag en kijkt eerst in zijn eigen cache om een antwoord te vinden. Als hij niets vindt, is het tijd om de nameservers behorend tot de DNS namespace te raadplegen. Een gestructureerde aanpak is om te beginnen bij het hoogste niveau, de rootservers. Op elke DNS resolver staat een bestand (root hints) waarin de IP-adressen van alle rootservers staan. Via deze adressen wordt contact gemaakt met een rootserver aan wie opnieuw de vraag wordt gesteld welk IP-adres bij de domeinnaam www.transip.nl hoort. Het enige verschil is dat de rootserver niet de opdracht krijgt om verder te vragen, maar alleen om te antwoorden. Zo’n opdracht heet een iterative query.

  • Rootserver

Aangezien elke nameserver maar een klein deel van de DNS namespace voor zijn rekening neemt, weten we nu al dat het antwoord van de rootserver niet 100 procent compleet is. Een rootserver kent namelijk alleen IP-adressen binnen zijn eigen DNS zone: die van zichzelf en alle nameservers die zich één niveau lager bevinden, de Top Level Domains. Het antwoord luidt dan ook: Ik weet niet welk IP-adres hoort bij die volledige domeinnaam, maar wel het IP-adres van de nameservers verantwoordelijk voor het nl-domein.’

Er is hier sprake van een delegatie van verantwoordelijkheden naar een lager niveau. De nl-nameserver moet de zoektocht naar het IP-adres achter www.transip.nl voortzetten. Deze delegatie maakt de nameserver duidelijk door de volgende DNS records terug te sturen.

  • TLD-server

De resolver neemt vervolgens contact op met de nl-nameserver. Deze server kent zijn eigen IP-adres en onder andere die van alle nameservers verantwoordelijk voor het transip.nl-domein, zolang de domeinnamen van deze nameservers maar eindigen op de .nl-extensie. Het antwoord luidt daarom: ‘Ik weet niet welk IP-adres hoort bij die domeinnaam, maar wel welke nameservers verantwoordelijk zijn voor het transip.nl-domein. Dit zijn hun domeinnamen. Aangezien al hun domeinnamen eindigen op de .nl-extensie, weet ik ook de bijhorende IP-adressen van deze nameservers.’

  • Authoritative nameserver

Voor de derde keer neemt de resolver contact op met een nameserver, die van TransIP zelf. Deze keer zal hij niet doorgestuurd worden omdat de transip-nameserver in dit scenario de authoritative nameserver is. In het antwoord wat de resolver teruggestuurd krijgt, is daarom alleen een A record genoemd: het IP-adres dat hoort bij de domeinnaam www.transip.nl.


Dit IP-adres wordt tijdelijk (300 seconden in dit geval) opgeslagen in de cache van de resolver, zodat deze bij een volgende identieke vraag van jou of iemand anders direct een antwoord kan geven.

Dit betekent overigens niet dat het complete vragenrondje van de resolver lang duurt. Nadat jij in de browserbalk om een website hebt verzocht, is het IP-adres hiervan al bekend voordat je weer je hand op de muis hebt gelegd. Deze snelle communicatie tussen jouw computer, de DNS resolver en alle nameservers zie je goed terug in de volgende video.

*) Dit artikel is eerder gepubliceerd op de website van Transip



Lees het volledige bericht op Emerce »

CEO Rabobank: ‘Dit jaar blockchain-toepassing voor handel over de grens’

Posted 27 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Nog dit jaar komen vijf Europese banken met een platform voor handel over de grens – gebaseerd op blockchaintechnologie. Dat vertelde Rabobanks CEO Wiebe Draijer op de Blockchain Innovation Conference.

Geen klant verwacht een blockchaintoepassing, zegt Draijer over de technologie waarmee zijn bank druk experimenteert. “Ik heb nog niemand ontmoet die daarom vraagt. Maar wat ik wel zie is dat onze klanten vragen om oplossingen die dingen makkelijker maken. Bijvoorbeeld de export of het proces van internationale betalingen. Onze rol is om te blijven valideren en tot productie te komen.”

Een van de eerste experimenten die de ‘proof of concept’-fase voorbij is en daadwerkelijk tot een product leidt dient zich nog dit jaar aan, zo voorspelt Draijer. Een netwerk van vijf Europese banken werkt op dit moment aan het platform ‘Digital Trade Chain’. Vanuit Nederland is de Rabobank betrokken.

Achter de verkoop en export van goederen naar het buitenland gaat een wereld schuil van complexe documentatie, tracking & tracing en de uiteindelijke betaling als de producten zijn gearriveerd bij de afnemer. Deze op een blockchain gebouwde Digital Trade Chain koppelt alle betrokken partijen uit de keten – koper, verkoper, transportbedrijven en banken.

Bedrijven die bijvoorbeeld een nieuwe relatie aangaan hoeven dan niet meer te grijpen naar al het traditionele papierwerk dat voor garanties en vertrouwen moet zorgen. Een gedeelde boekhouding op de blockchain, een ‘slim’ contract en de aangesloten banken garanderen dat de transactie voor alle betrokkenen goed wordt afgerond. Komt een scheepslading aan bij de afnemer dan wordt de betaling ervoor automatisch in gang gezet. Voor de daadwerkelijke betaling is nu nog de infrastructuur van de (deelnemende) banken benodigd, maar Draijer denkt dat op termijn ook daarvoor de blockchain bruikbaar is. Maar daarvoor moet de betaalcomponent van de blockchain eerst landen ‘in de echte wereld’.

‘We bevinden ons nog midden in een hype. Maar er zijn daadwerkelijke behoeften van klanten die we met blockchain kunnen oplossen. En daarvoor moeten we samen met diverse partners testen. De potentie is er, de moeilijkheid is om er realiteit van te maken. In die fase bevinden we ons nu.’

Video over de werking van Digital Trade Chain



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nieuwe app voor Nederlanders met vakantiebestemming Iran

Posted 27 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Een nieuwe app moet Nederlanders die naar Iran op vakantie gaan ondersteunen bij hun reis. Het video- en reisgidsenplatform REiSREPORT heeft de app gelanceerd. Bij succes volgen meer bestemmingen, laat medeoprichter Godfried van Loo weten.

De app houdt de gebruiker op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen via pushnotificaties en biedt de mogelijkheid realtime met andere Nederlanders en Belgen in contact te komen en vanuit de app betrouwbare taxi’s, gidsen en hotels te boeken. De app is gratis beschikbaar voor Android en iOS.

Waarom hebben jullie voor Iran gekozen?

“Iran is de bakermat van de beschaving met een ongekende geschiedenis, rijke cultuur en een gastvrijheid en hartelijkheid die je nergens anders vindt. Men is erg nieuwsgierig en verwelkomt je met open armen. Het toerisme in Iran is enorm in opkomst terwijl de sector zich nog sterk moet ontwikkelen. Zo zijn er in het hoogseizoen veel te weinig hotels. Juist door het opkomende karakter zien we hier en daar nog wat onduidelijkheid en onzekerheid bij reizigers. Sinds het opheffen van een deel van de sancties in 2015 is er namelijk enorm veel veranderd maar je weet niet altijd wat. Creditcards en pinpassen zijn bijvoorbeeld nog altijd nutteloos in Iran dus je moet al je contant geld meenemen.“

Wat is jullie verdienmodel?

“We hebben verschillende verdienmodellen. Sommige zijn al verwerkt in de app, andere zullen volgen. Ten eerste krijgen we commissie over de boekingen die via de app worden gedaan, zoals  gidsen, hotels en chauffeurs. Meer diensten zullen volgen. Dit is een samenwerking met onze partner Middenoostenreizen.com. Ten tweede richten we ons op adverteerders, die branded content, in-content advertenties en branded app onderdelen kunnen afnemen. Ten derde is er een shop in de app waar we samen met partners relevante producten een podium bieden en verkopen. Verder zijn we met twee andere modellen bezig die we in onze volgende update en toekomstige apps zullen verwerken.”

Zijn er plannen voor andere bestemmingen?

“Zeker! Mijn medeoprichter Marlou Jacobs en ik reizen volgende week naar de Balkan. REiSREPORT is onze fulltime onderneming dus er zijn zeker ideeën voor volgende bestemmingen die een app verdienen, maar we laten ons uiteraard ook leiden door adverteerders. De komende weken vullen we onze YouTube en social kanalen nog aan met tientallen video’s van Iran, die uiteraard ook weer in de app terecht komen.”

In hoeverre nemen jullie verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de app-gebruiker? Als de situatie ter plaatse bijvoorbeeld dusdanig verslechtert dat mensen extra maatregelen moeten treffen, worden die dan gecommuniceerd?

“Iedereen is uiteraard altijd verantwoordelijkheid voor eigen veiligheid. Wel helpen we met de app graag mee die veiligheid te vergroten. Zo beschikt de app over pushnotificaties die wij uitsturen. Zodra bijvoorbeeld Buitenlandse Zaken een update doet, zullen wij die eveneens doorsturen. We zijn al in gesprek met BZ om deze push notificaties nog sneller te kunnen ontvangen. De app verkrijgt overigens wel zijn data via internet, dus een internetconnectie zal altijd vereist zijn.”

 

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Philips en VICE brengen online film uit met Achmed Akkabi

Posted 26 Jun 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Video moet Philips’ male-grooming tool OneBlade onder de aandacht brengen bij millennials,

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Vijf manieren om de frequentie van Facebook-advertenties te beheersen

Posted 26 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Adverteerders wachten al lang op de introductie van frequentielimieten door Facebook, een functie die deel had moeten uitmaken van de kern van het advertentieportfolio van Facebook Ads. Hoewel Facebook zijn adverteerders verzekert geavanceerde algoritmen te hebben opgezet om te voorkomen dat advertenties te vaak aan dezelfde persoon worden getoond, hebben we allemaal de voorbeelden gezien van het tegenovergestelde.

Facebook introduceert regelmatig nieuwe functies, maar biedt nog steeds geen fatsoenlijke optie voor frequentielimieten. We kunnen er daarom ook rustig vanuit gaan dat dit de komende tijd niet zal gebeuren.

Dus wat kunnen we doen om onze frequentie van Facebook-advertenties te beheersen? Er zijn eigenlijk een paar dingen die we kunnen proberen om de frequentie in Facebook te beperken. Ik heb een lijst gemaakt van de vijf meest effectieve manieren om de frequentie van Facebook-advertenties te beheersen:

  1. Gebruik bereik als campagnedoelstelling
  2. Schakel advertenties in de rechterkolom op de desktop uit
  3. Verlaag je advertentieset-budget
  4. Maak gebruik van geautomatiseerde regels
  5. Sluit engagement-doelgroepen uit
1. Gebruik bereik als campagnedoelstelling

Dit kan heel voor de hand liggend of irrelevant zijn voor je campagnedoelstelling. Facebook biedt echter een campagnedoelstelling waarbij je een Frequency Cap kunt instellen voor je advertenties:

Frequency Cap in campagnes met bereik als doelstelling.

Deze optie werkt het best als je daadwerkelijke campagnedoelstelling het bereiken van zoveel mogelijk mensen is. Als je daadwerkelijke doelstelling het verhogen van conversies op je website of het promoten van een productcatalogus is, dan is dit geen optie.

2. Schakel advertenties in de rechterkolom op de desktop uit

Het type advertentie dat in desktop-browsers wordt weergegeven in de kolom rechtsboven, levert meestal veel weergaven op en heeft een veel lagere klikfrequentie dan plaatsingen in het nieuwsoverzicht. De kans is groot dat wanneer je de prestaties van de afzonderlijke plaatsingen in je campagne bekijkt, de advertenties in de rechterkolom op de desktop de grootste bijdrage leveren aan je aantal weergaven en daardoor ook je bereik. Om achter deze statistische gegevens per plaatsing te komen, moet een uitsplitsing per plaatsing worden uitgevoerd en moeten de kolommen worden gecontroleerd op aantal weergaven, bereik en bovenal frequentie:

De frequentie van advertenties in de rechterkolom van de desktop is meestal veel hoger dan die van andere plaatsingen.

Wanneer je advertenties in de rechterkolom van de desktop uitschakelt, gaat je frequentie omlaag, maar wordt ook de blootstelling van je campagnes beperkt. Als je doelgroepen groot genoeg zijn, zou je de plaatsingen kunnen opsplitsen in verschillende advertentiesets om controle te krijgen over elke plaatsing. Dit biedt de mogelijkheid een andere bied-, budget- of biedingstrategie te specificeren voor elke plaatsing op basis van de resultaten daarvan.

3. Verlaag je advertentieset-budget

In tegenstelling tot Google AdWords bepaalt het budget dat je kiest voor je advertentieset gedeeltelijk hoe vaak je advertenties worden getoond aan dezelfde personen. Ik heb vaak gezien dat de frequentie omhoog schoot nadat het budget van een advertentieset was verhoogd, terwijl andere statistische gegevens (zoals bereik, link-kliks of conversies) en de algehele performance van de campagne niet veranderden. Facebook zal proberen zoveel mogelijk van je budget te besteden op basis van de gekozen campagnedoelstelling. Voor bepaalde campagnedoelstellingen betekent dit dat Facebook je advertenties vaker zal presenteren aan dezelfde mensen, simpelweg om jouw geld uit te geven. Afhankelijk van je daadwerkelijke doelstelling kan dit het tegenovergestelde zijn van wat je wilt, wat betekent dat het verlagen van het budget van je advertentieset invloed zal hebben op de frequentie van je advertenties. De enige manier om het optimale budget voor elke advertentieset te bepalen, is door meerdere budgetten uit te proberen en te zien wat het beste werkt voor jouw doelgroep.

4. Maak gebruik van geautomatiseerde regels

Geautomatiseerde regels zijn pas onlangs door Facebook geïntroduceerd en leken de beste optie te zijn als je de frequentie van je advertenties wilt beheersen. Er schuilt echter een addertje onder het gras als je deze instelt: de regels bieden je alleen de mogelijkheid om een melding te ontvangen of de advertenties helemaal uit te schakelen op basis van een bepaalde frequentie. Dit betekent dat je advertentie pas opnieuw wordt weergegeven wanneer je je advertentie (handmatig) opnieuw activeert:

Regels bieden de mogelijkheid advertenties uit te schakelen wanneer een opgegeven maximale frequentie is bereikt.

Aangezien er ook geen enkele optie bestaat om advertenties te activeren met regels, moet je dat altijd handmatig doen om te voorkomen dat alle advertenties worden uitgeschakeld. Er bestaat een mogelijkheid om Facebook je een bericht te laten sturen in het berichtencentrum van Facebook of per e-mail om je te laten weten dat de advertenties waarvoor je de regels hebt ingesteld de opgegeven frequentie hebben bereikt, waarna je kunt bepalen wat je ermee wilt doen.

5. Sluit engagement-doelgroepen uit

Een andere vrij recent toegevoegde functie van Facebook is ‘Engagement-doelgroepen’ in het doelgroepgedeelte. Dit is een aangepast type doelgroep dat je de mogelijkheid biedt een lijst op te stellen van mensen die hebben gereageerd op jouw content op Facebook. Dit kan ofwel je Video, Lead Ad of Canvas zijn. ‘Maak een lijst van mensen die interactie hebben gehad met jouw pagina op Facebook’. Deze doelgroepen zijn heel interessant om te gebruiken bij het targeten van je campagnes, maar kunnen ook worden gebruikt om mensen uit te sluiten die interactie hebben gehad met je advertenties:

Je kunt een aangepaste doelgroep maken op basis van de interactie van mensen met je bericht of advertentie.

Het nadeel van deze techniek is dat deze doelgroep geen mensen bevat die je advertentie hebben gezien, maar er niet op hebben geklikt of er op een andere manier interactie mee hebben gehad. Als je deze doelgroep uitsluit, wordt alleen voorkomen dat mensen die interactie hebben gehad met je advertentie, je advertentie opnieuw te zien krijgen. Er is ook geen mogelijkheid om een ​​limiet te bepalen voor het aantal keren dat iemand interactie moet hebben gehad met je advertentie, voordat ze worden uitgesloten. Dit betekent ook dat mensen die interactie hebben gehad met een normaal bericht en je advertentie niet noodzakelijkerwijs hebben gezien of daarmee interactie hebben gehad, worden uitgesloten van het zien van je advertenties. Dit kan ertoe leiden dat je een bepaald deel van je doelgroep mist. Natuurlijk kun je deze doelgroep in een andere advertentie targeten om dit probleem op te lossen en ervoor te zorgen dat je iedereen bereikt.

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Amazon heeft 80 miljoen abonnees op Prime

Posted 26 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Amazon heeft in Amerika tachtig miljoen klanten die iedere maand zo’n tien dollar betalen voor betrouwbare pakketbezorging en aanvullende digitale diensten. Dat is 38 procent meer dan het jaar ervoor.

Dat blijkt uit een steekproef door Consumer Intelligence Research Partners. Dat zou erop neerkomen, dat meer dan zestig procent van de Amerikaanse huishoudens een abonnement op Amazon Prime heeft.

In de VS wordt Prime gepositioneerd als een abonnement voor snellen en betrouwbare levering van e-commercebestellingen. Snel is in Amerikaanse termen alles binnen twee werkdagen. Daarom is de VS-markt niet met Nederland te vergelijken en zijn logistieke Prime-achtige abonnementen hier niet te verwachten. Immers, meer dan negentig procent van alle pakketjes wordt standaard al binnen 24 uur bezorgd. Daarnaast bieden meerdere logistieke partijen voor een paar euro zelfs samedaydelivery.

De meest basale, goedkoopste vorm van Prime is overigens geen logistieke dienst, maar een Netflix-achtig abonnement voor streaming video.

De abonneedienst is behalve in Amerika en Engeland ook beschikbaar in Duitsland, Frankrijk, Italië, Canada, India, Japan en sinds kort ook in Mexico.

Foto: janitors (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Jongeren Innovatie Programma 2017: Let the games begin! (video)

Posted 26 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

In het insuranceLAB van het Verbond van Verzekeraars wordt nagedacht over de toekomst. Al vanaf 31 januari zijn zij druk bezig met het bedenken van dé innovatie, de 22 deelnemers aan het Jongeren Innovatie Programma van het Verbond. Werkzaam bij wel 14 verschillende verzekeringsmaatschappijen, maar voor dit programma zijn de krachten gebundeld. En vandaag is alweer de slotdag aangebroken.

Jonge medewerkers hebben een frisse blik op de verzekeringssector en een andere kijk op de behoefte van de klant en innovatie. Het Verbond wil de jonge generatie daarom heel graag betrekken bij vernieuwing in de sector.



Lees het volledige bericht op Emerce »