Posts Tagged ‘twitter’

KLM breidt dienstverlening via Twitter en WeChat uit

Posted 06 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

KLM maakt met ingang van vandaag de boekingsbevestiging, incheckinformatie, instapkaart en vluchtstatus beschikbaar voor haar passagiers op Twitter en WeChat in tien verschillende talen.

Klanten kunnen bovendien dag en nacht direct contact opnemen met het socialmediateam van KLM via Twitter en WeChat.

De nieuwe service is beschikbaar voor alle KLM-klanten die tickets boeken of inchecken via KLM.com en ervoor kiezen om informatie te ontvangen via Twitter of WeChat. De dienst wordt vandaag uitgerold en zal de komende weken steeds breder beschikbaar komen.

KLM heeft ruim 2,2 miljoen volgers op Twitter en ziet wekelijks meer dan 25.000 mentions. In september 2014 opende KLM het WeChat-kanaal om klanten 24/7 bij te kunnen staan met ondersteuning, nieuws en aantrekkelijke aanbiedingen. WeChat is met 938 miljoen actieve gebruikers per maand het grootste socialmediaplatform van Continentaal China. KLM heeft meer dan 120.000 volgers en ontvangt wekelijks ruim 6.000 vragen op WeChat.

Vorig jaar introduceerde KLM vluchtinformatie via Facebook Messenger. Inmiddels hebben al meer dan 1,4 miljoen klanten hun KLM-vluchtdocumenten en -statusupdates via Messenger ontvangen en wordt 10 procent van alle online KLM-boekingsbevestigingen en 15 procent van alle online KLM-instapkaarten via deze dienst verstuurd.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Subscription commerce, de nieuwe cashcow?

Posted 03 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Subscription commerce wint rap aan populariteit. Na Spotify en Netflix kiezen ook het Nederlandse bol.com en Blendle voor een abonnementsmodel. Is het dé nieuwe cashcow voor bedrijven? Of spelen andere motieven een rol?

“There is no such thing as a free lunch”, zei de econoom Milton Friedman decennia geleden. Internet met zijn minimale datakosten leek het ongelijk van de Nobelprijswinnaar te bewijzen, maar inmiddels moeten digitale bedrijven ook gewoon winstgevend zijn. Steeds populairder lijkt daarbij het subscriptionmodel: terwijl een paar jaar geleden specialisten als HelloFresh, Beautybox en de Dollar Shave Club hiermee furore maakten, komen almaar meer sectoren met abonnementsmodellen. En wordt door marketeers steeds strenger onderscheid gemaakt tussen gratis en premium.

“In de begintijd trokken foodboxen zoals HelloFresh natuurlijk veel probeerders, maar ze voorzagen ook echt in een behoefte”, zegt Timo Zuidgeest, CEO van Subscription Factory. “Mensen willen ontzorgd worden. Daarnaast is er een verschuiving gaande van bezit naar gebruik: consumenten willen een product of dienst alleen als ze hem écht nodig hebben.”

Mindswitch
Netflix en Spotify zijn wellicht de bekendste voorbeelden waarbij gebruikers zonder nadenken een maandelijkse fee betalen om een dienst te gebruiken, waar ze vroeger juist de fysieke producten – zoals cd’s en dvd’s – kochten. Dat gaat niet vanzelf, want Netflix-CEO Reid Hastings investeert doodleuk honderd miljoen dollar in twee nieuwe seizoenen House of Cards. Gezien de aantrekkingskracht ervan is dit feitelijk een koopje vergeleken met de benodigde licentiedeals voor films met onder meer Paramount, Lionsgate en MGM ter waarde van circa tweehonderd miljoen dollar.

Het is overigens lastig om vanuit het niets een abonnementenmodel op te tuigen. Zo lanceerde Adobe cloud-based subscription om piraterij tegen te gaan, maar dat kan ook als je goeddeels monopolist bent. Tinder-concurrent Happn kondigde in april nog betaalde lidmaatschappen aan, teneinde na drie jaar eindelijk winst te schrijven en daarmee de investeerders tegemoet te komen. Vergelijkbaar is de spraakmakende onthulling door techblog The Verge dat het noodlijdende Twitter overweegt om een betaalde variant in te voeren met extra functies, zoals uitgebreide statistieken. Deze premiumdienst, die zo’n twintig dollar per maand zou moeten gaan kosten, lijkt vooral interessant voor bedrijven, marketeers en journalisten. In ruil krijgen ze ook geen advertenties meer voorgeschoteld.

De meest uiteenlopende bedrijven willen tegenwoordig een abonnementenmodel, constateert Zuidgeest. “Belangrijk is dat organisaties echt een mindswitch maken. Want bestaande klanten laten overstappen naar een abonnement is lastig. Zeker voor verkopers die al vele jaren gewend zijn om producten eenmalig te verkopen. Bovendien moet de automatisering geschikt worden gemaakt voor maandelijkse facturatie.”

Piraterij
Met Kobo Plus lanceerde bol.com in februari samen met Rakuten een gezamenlijk e-bookabonnement dat voor een tientje per maand toegang geeft tot meer dan veertigduizend digitale boeken. Waaronder ruim zestienduizend Nederlandstalige titels. Het aanbod varieert van nieuwe releases tot klassiekers. Vanwege beursregels deelt de Ahold-dochter niet het aantal betalende klanten, maar pr-manager Marjolein Verkerk meldt wel dat inmiddels twintigduizend mensen zich hebben aangemeld om de dienst dertig dagen gratis uit te proberen.

“We hebben een paar jaar aan deze dienst gebouwd. Om het te laten slagen, is het wel belangrijk dat iedereen binnen de branche ervan profiteert.” Uitgevers en de Auteursbond zijn echter kritisch, omdat ‘all you can read’-abonnementen per boek per definitie minder opleveren dan losse verkoop.

“Er is geen sprake van kannibalisatie, want wij vergroten juist de markt”, verdedigt Verkerk zich. “Het aantal verkochte e-readers staat namelijk in geen verhouding tot het aantal verkochte e-books. Feit is wel dat nu zeventig tot tachtig procent van alle e-books qua verdiensten geheel aan de auteur voorbijgaan door illegaal downloaden. Daar gaan we gezamenlijk iets aan doen. Als je iets aantrekkelijks aanbiedt qua prijs, denken wij dat de stap naar piraterij groter wordt. Voor dit abonnement hebben we dan ook goed gekeken naar de muziekindustrie, al is het product duidelijk anders.”

Bol.com verwijst naar een intern onderzoek waaruit blijkt dat klanten die eerst alleen papieren boeken lazen – en zijn begonnen met digitaal lezen – onder aan de streep meer uitgeven aan boeken. “We verwachten met dit abonnement dan ook klantgroepen aan te trekken die nauwelijks e-books kochten of deze illegaal verkregen. Zo creëren we een nieuw publiek.” Bovendien blijkt dat lezers door middel van een abonnementsmodel sneller geneigd zijn om een nieuwe auteur of genre uit te proberen.

Pay-out
Een vergelijkbare uitkomst geeft het Tilburgse onderzoek naar streamingdiensten zoals Spotify, dat binnenkort in het wetenschappelijk tijdschrift Marketing Science verschijnt. Een overstap van iTunes naar streaming zorgt in een half jaar tijd voor gemiddeld vijftig procent meer beluisterde muziek, waarbij het aantal beluisterde artiesten met een derde groeit.

“Bij streamen versus kopen is het ontdekken van nieuwe dingen heel belangrijk”, zegt Hannes Datta, universitair docent aan de Tilburg School of Economics and Management, die samen met twee collega-wetenschappers publieke gebruiksdata op Last.fm onderzocht. “Daar ligt ook een link met prijs: als je niet per liedje hoeft af te rekenen, ga je actief op zoek naar wat je echt wilt luisteren. We signaleren daarbij een fors toegenomen consumptie, en ook een veel bredere interesse naar genres. Daar profiteert de long tail van, de kleinere artiest.

Desondanks wordt er door muziekdiensten nog altijd volop gesleuteld aan hun businessmodel. Zo maakt Spotify speciale afspraken met platenmaatschappijen over het selectiever aanbieden van nieuwe muziek. Universal sloot als eerste met hen een deal die vastlegt dat betalende muziekfans sommige albums tot twee weken eerder kunnen beluisteren. De Zweedse unicorn gaat daardoor per stream ook minder geld aan het platenlabel afdragen.

Daar waar Spotify en ook Tidal (eigendom van rapper Jay-Z) afspraken maken met de muziekindustrie over het selectief beschikbaar stellen van nieuwe albums voor betalende leden, zegt marketingmanager Hoite Polkamp van Deezer Nederland dat zijn werkgever een andere koers vaart. “Wij zijn geen voorstander van exclusiviteit. Onze doelstelling is om muziek altijd en overal beschikbaar te stellen voor iedereen. Uiteindelijk wordt de consument de dupe van exclusiviteit. We kunnen alleen bestaan als de consument ons gebruikt.”

Blendle
Abonnementen zijn uitermate gangbaar in de journalistiek, traditiegetrouw vooral voor print. Betalen voor online content blijkt echter lastig, tenzij gecombineerd met een papieren krant. Een succesvolle uitzondering is De Correspondent, de opiniesite van Rob Wijnberg (ex-NRC.next) die grotendeels wordt gefinancierd door abonnees. Op kleinere schaal probeert Follow The Money dat ook, maar dit platform is toch vooral een plek waar traditionele media hun onderzoeksjournalistiek inkopen.

Krantenconcern De Persgroep lanceerde van zijn kant in 2015 de digitale abonnementsvorm Paper, maar verkocht die na uitblijvend succes vorig jaar alweer aan Blendle. Sindsdien zet de uitgever van dagbladen als Trouw, Volkskrant en AD in op de dienst Topics, die de eigen abonnees digitale toegang biedt tot alle Persgroep-titels. “Met gepersonaliseerde lijsten in Topics hebben we een manier gevonden om ons wekelijkse aantal van vijftienduizend artikelen te ontsluiten”, aldus Koen Verwee, CEO van Persgroep Publishing. “Topics zal de journalistiek niet redden, maar ik ben ervan overtuigd dat het zal helpen ons overeind te houden.”

Het kanaal dat zich wel profileert als dé redding van de journalistiek, is Blendle. Met een compleet ander verdienmodel (betalen per artikel), maar daar kwam begin dit jaar ineens ook een abonnementsmodel bij: Blendle Premium. Voor een vast bedrag per maand krijgen gebruikers ‘het beste uit alle kranten en tijdschriften voor jou geselecteerd’. Medeoprichter Alexander Klöpping signaleert dat een hele generatie er niet over piekert om abonnee te worden van een krant of tijdschrift, maar wél betaalt voor Spotify en Netflix. “Dat komt omdat die diensten extreem verslavend zijn. Heerlijke apps, met prachtige interfaces. Ze tonen alleen dingen die relevant voor je zijn.”

Belonen
Premium kreeg direct kritiek uit de hoek van de uitgeverijen. “Wij vrezen oprecht dat deze dienst op middellange termijn niet goed is voor de journalistiek”, reageert NRC-hoofdredacteur Peter Vandermeersch stellig. Zijn krant stapte in april uit Blendle. Het krantbedrijf haalde vorig jaar naar eigen zeggen tweehonderdduizend euro extra omzet uit Blendle: te weinig. De komst van Premium gaf de doorslag: “Onze financiële basis dreigt hiermee te worden aangetast. Met de Premium-versie wordt Blendle ook zelf een uitgever, met onze content. Voor een tientje per maand. Trek daar de btw vanaf en verdeel de rest tussen honderdtwintig titels en je begrijpt dat we onze journalistiek dan zo goed als gratis weg dreigen te geven.”

Verdienmodellen voor online media houden de gemoederen ook internationaal bezig. De gratis dienst Medium.com gooide in maart namelijk het roer volledig om met een betaalde dienst. “We hebben een nieuw model nodig voor media op internet”, riep oprichter Ev Williams bij de lancering in 2012. Vijf jaar later is het alweer tijd voor een ander model, want Medium ontbeerde een oplossing om aan kwalitatieve content te kunnen verdienen. “We willen geen kapot systeem zijn”, aldus Williams. “Reclamegedreven online media zijn dat kapotte systeem, omdat ze niet gebouwd zijn om mensen te bedienen. Ideeën moeten worden beloond, niet het trekken van een paar seconden aandacht.”

Valkuilen
Er liggen echter ook talloze valkuilen te wachten voor wie een subscriptionmodel overweegt. Zo wordt te vaak gestart met een te ingewikkelde propositie, stelt Zuidgeest. “Bepaal vooraf dus goed welke dienst je via subscription aanbiedt en via welke kanalen je dit wil verkopen. Tegelijkertijd moet je ook eerlijk zijn tegen jezelf: het is onzin dat iedereen alles in abonnementsvorm wil. En waak ervoor dat consumenten abonnementenmoe worden.”

Voor bedrijven die hun inkomen verdienen aan abonnees is focus op de churn essentieel. “Als je klanten namelijk niet kunt vasthouden, gaat een subscriptionmodel nooit werken. En dus moet je goed naar hen luisteren. Wellicht is je product te duur of niet divers genoeg.”

Freemium blijkt vooral zinvol om mensen een dienst te laten uitproberen, aldus Zuidgeest. “Het kan resulteren in een grootschalige lock-in. Zorg er dan wel voor dat je een grote groep benadert en vertel er duidelijk bij dat die gratis variant een tijdelijke aanbieding is. Een grote speler als Spotify kan dit makkelijk doen, omdat men daar inmiddels prima kan inschatten welk percentage gebruikers na verloop van tijd overstapt naar de betaalde variant. Heb je daar geen enkel zicht op, dan loop je echter een groot risico.”

De vraag is natuurlijk wat het alternatief wordt voor de subscription hype. Zuidgeest: “De volgende stap wordt dat je alleen nog gaat betalen wanneer je een dienst echt gebruikt. Daarvoor betaal je vervolgens een lager bedrag dan een regulier abonnement. Abonnees hebben toch vaak het gevoel dat ze uiteindelijk te veel betalen. En past een usage-model beter, zoals we dat kennen van leenauto’s en de telco-markt.”

Versnipperd
Hoewel subscription services populair zijn, leiden ze ook tot veel opzeggingen. Dit blijkt uit Amerikaans onderzoek uit maart van AYTM Market Research. De helft van alle respondenten maakt gebruik van abonnementsdiensten. Bijna twee vijfde heeft ze echter ook alweer opgezegd. Dat afhaak- of overstapgedrag is altijd een groot risico voor abonnementsmodellen. En de reden waarom andere inkomstenbronnen belangrijk blijven. Zo heeft beautyspeler Birchbox ook fysieke winkels.

Volgens rankingsite Hitwise steeg het bezoek aan subscriptionwebsites in januari overigens met achttien procent. Een jaar eerder was die groei nog groter (56 procent). Met name Food en Mode vertonen verzadiging. De markt raakt bovendien versnipperd door steeds meer nieuwe toetreders in deze populaire segmenten.

Gewoontedier
Hoite Polkamp van Deezer maakt wat betreft gebruikers onderscheid tussen mensen die lean forward zijn (zelf actief hun profiel inrichten) en degenen op wie lean backwards meer van toepassing is. “Veel mensen willen gewoon relaxen en van muziek genieten. Voor hen hebben we Flow gelanceerd, de gepersonaliseerde radio die via een continu lerend mechanisme precies aansluit bij wat jij wilt horen.” Met een forse positieve invloed op het aantal streams per gebruiker tot gevolg.

Consumenten losweken bij de concurrentie is overigens geen speerpunt van Polkamp. “Overstappers zijn in streaming een echte uitdaging. Mensen zijn gewoontedieren, hebben geen zin om voor een tweede keer een eigen muziekbibliotheek aan te maken. De cost to switch is dan ook hoog. Op zich geen probleem: streaming is een groeimarkt en er is ruimte voor meerdere aanbieders, dus mikken we vooral op de grote groep die nog geen abonnement heeft.”

* Dit artikel verscheen eerder in het meinummer van Emerce magazine (#158).

Foto: Gauthier DELECROIX (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Sociale media verwijderen haatberichten sneller

Posted 02 Jun 2017 — by Villamedia
Category nieuws

Facebook en Twitter verwijderen berichten met hatelijke inhoud sneller dan voorheen. Dat meldt Reuters op basis van onderzoek van de Europese Commissie. Facebook, het grootste sociale netwerk ter wereld, reageert in 58 procent van de gevallen binnen…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Hoe YouTube je merk kan devalueren en hoe dit te voorkomen

Posted 31 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Video als extensie van je bedrijfsactiviteiten is een goede manier om jezelf te vermarkten. Simpel gezegd, door video’s te produceren en op kanalen zoals YouTube te publiceren, verhoog je de kans op zichtbaarheid. Afhankelijk van de promotietools die je inzet, kan het plaatsen van video’s op YouTube leiden tot meer omzet. Maar pas op! Het kan ook goed misgaan en leiden tot inkomstenderving, vervelende rechtszaken en een verlies in zichtbaarheid voor je merk of bedrijf.

De vraag is: wat is de juiste manier om video in te zetten voor meer naamsbekendheid en verhoogde omzet zonder verlies?

Fitnesstube gone wrong

We zien steeds vaker sportschoolketens online video’s inzetten. Gezondheid en fitness zijn populaire onderwerpen en binnen deze branche is er goed geld te verdienen met video’s. Mensen willen er nu eenmaal goed uit zien en volgen graag de trends van online fitnessguru’s. Door fitnessroutines te filmen en te publiceren op YouTube kunnen sportschoolketens en gezondheidprofessionals vertrouwen winnen en nieuwe klanten werven.

Althans, zo zou het moeten gaan. De werkelijkheid is soms wel anders.

De Amerikaanse fitness expert Jillian Michaels heeft de nadelen van het plaatsen van video’s op YouTube meegemaakt. Sinds 1993 is Michaels een bekende fitness celebrity met zelf ontwikkelde programma’s en fitness-DVD’s.

Vanaf 2004 tot 2013 was ze teamtrainer bij het televisieprogramma ‘The Biggest Loser’ (Big Diet). Alles ging goed totdat de producenten van het programma (zonder toestemming) Michaels’ video’s op hun BeFit YouTube kanaal plaatsten.

Michaels was er snel bij om aan de bel te trekken bij de producenten. Ze zag verkoopcijfers van haar eigen DVD’s snel dalen maar de producenten bleven haar video’s op YouTube plaatsen. In 2015 startte Michaels een rechtszaak tegen de producenten en in Mei 2017 werd ze in het gelijk gesteld. Er werd een bedrag van 5,8 miljoen dollar aan inkomstenderving aan haar toegekend. Terecht ook!

Voor het plaatsen van Michael’s video’s op de BeFit YouTube kanaal hadden de producenten (Lionsgate) een bereik van 6.7 miljoen impressies. Na het plaatsen van Michaels video’s is het kanaal gegroeid naar 27.5 miljoen impressies binnen een periode van twaalf maanden.

Devalueren van videocontent

Je kunt je voorstellen dat het reguliere bezoek naar Michaels eigen website en haar Amazonpagina, waar ze haar DVD’s verkocht, snel verdween. Als bezoekers eenmaal het idee krijgen dat ze ergens gratis videocontent kunnen verkrijgen dan zullen ze niet meer bereid zijn om voor videocontent te betalen. Een slechte ontwikkeling maar volkomen te begrijpen.

Michaels is een voorbeeld van hoe video op platforms zoals YouTube de waarde van een merk of bedrijf kan verlagen. Haar videocontent was niet haar core business maar wel een verdienmodel dat een groot deel van haar omzet genereerde.

Wie video op YouTube plaatst moet daarom heel voorzichtig aan de slag gaan.

YouTube video: voor en nadelen

Als je video inzet als extra bedrijfsactiviteit, dan moet je vooraf de voor- en nadelen overwegen. Laten we beginnen met de voordelen:

1. Gratis videoplatforms
YouTube, Vimeo and DailyMotion zijn gratis platforms. Deze self-service platforms zijn makkelijk te gebruiken en inmiddels household names.

2. Veel bereik
Alle drie hebben aardig wat bereik en volgens YouTube’s eigen statistieken bereiken ze meer dan 1 miljard gebruikers wereldwijd.

3. YouTube ads zijn zeer betaalbaar
Als je van plan ben een video-advertentiecampagne te draaien dan is YouTube aan te raden. De werkelijke CTR-statistieken zijn moeilijk te vinden maar wanneer je bezig bent met het opbouwen van naamsbekendheid dan zijn de views gegarandeerd. YouTube biedt de mogelijkheid je video-advertentiecampagne gericht in te zetten.

De nadelen

1. Mensen gaan naar YouTube voor gratis videocontent

“YouTube bezoekers hebben kijkintentie, niet koopintentie”

YouTube is een fantastisch platform waar je veel mensen kunt te bereiken. Wanneer je een Unilever, Proctor & Gamble, Heineken of andere multinational bent, dan zijn de advertentiemogelijkheden echt het geld waard. Ook voor de doelgroep kinderen, denk aan de FidgetSpinner rage. Lanceer je een nieuw product of dienst en wil je zichtbaarheid creëren dan is YouTube a must-do!

Maar als de doelstelling is om als bedrijf meer bezoek te generen naar je eigen website en van kijkers klanten te maken, dan is YouTube niet altijd de beste strategie. Het is erg moeilijk om bezoekers weg van YouTube te krijgen en naar je eigen website toe te leiden. Website-URL’s die toegevoegd zijn binnen het tekstgedeelte (onder de video player) zijn vaak nofollow (Google indexeert deze links niet als backlinks).

2. Weinig SEO-waarde
De externe links geplaatst onder je YouTube video of op je YouTube kanaal bieden weinig waarde toe omdat de meeste ‘nofollow’ zijn.

Onderstaand plaatje geeft aan welke externe pagina’s gezien worden als backlinks in Google en welke niet. De paarse links worden niet gevolgd door Google. Deze URL’s zijn links naar de externe website en sociale media. YouTube markeert deze links als nofollow en vraagt Google ze niet te indexeren.

De groen/blauwe links worden wel gevolgd. Slechts 1 link onder de video-player is dofollow (geeft aan Google dat deze als backlinks geïndexeerd mag worden). De groen/blauwe blokken aan de rechte kant zijn interne links.

Tip: Installeer de gratis MozBar Chrome app om ‘dofollow’ en ‘nofollow’ links te ontdekken

3. Skimmable (makkelijk content te stelen)
Met sites zoals Clipconvertor, Savefrom of Keepvideo is het makkelijk video’s van YouTube te downloaden en stelen. Je hebt er geen controle over noch weet je waar jouw video’s gebruikt kunnen worden. Daar gaat je merkbescherming!

4. Erg veel content
Het is lastig, zonder inzet van YouTube advertenties, zichtbaar te zijn binnen YouTube. YouTube video wordt snel geïndexeerd maar dit is geen garantie voor zichtbaarheid.

5. Heel veel concurrentie
Vaak is je concurrent zichtbaar op hetzelfde pagina of speelt hun video direct na jouw video af. YouTube, net zoals Google, heeft als doelstelling de meest relevante content te vertonen voor de zoeker. YouTube houdt geen rekening met het vertonen van je video naast je concurrenten.

6. Vage content rechten
Volgens de algemene voorwaarden van YouTube geef je ze bepaalde rechten tot gebruik zodra je video daar plaatst:

“8. Door u in licentie te geven rechten

8.1 Als u Content naar de Dienst uploadt of die Content daarbinnen plaatst, dan verleent u:

YouTube een wereldwijde, niet-exclusieve, royaltyvrije, overdraagbare licentie (met het recht tot sublicentie) voor het gebruik, de verveelvoudiging, de verspreiding, het maken van afgeleide werken, het tonen en uitvoeren van die Content in verband met de verlening van de Dienst en anderszins in verband met het aanbieden van de Dienst en de ondernemingsactiviteiten van YouTube, waaronder ten behoeve van het geheel of gedeeltelijk promoten en verder verspreiden van de Dienst (en daarvan afgeleide werken), in welke media-formats [en via welke mediakanalen] dan ook; alsmede […]

Met andere woorden, YouTube mag gebruik maken van je content, dupliceren, verspreiden én hermonteren voor eigen doeleinden of andere mediakanalen. En zo luidt het gezegde:

“If it’s free, you’re the product”.

YouTube is bekend als het platform waar je gratis video’s kunt bekijken. Het plaatsen van videocontent is ook gratis, ook als het niet je eigendom is. In de algemene voorwaarden schuift YouTube de verantwoordelijkheid naar de uploader toe

“7.7 U gaat ermee akkoord dat Content die u op de Website hebt geplaatst, geen auteursrechtelijk beschermd materiaal van derden, of materiaal waarop eigendomsrechten van derden rusten (met inbegrip van privacy- en/of publiciteitsrechten) zal bevatten, tenzij u over een officiële licentie of officiële toestemming van de rechtmatige eigenaar beschikt, of op een andere wijze juridisch gerechtigd bent om het materiaal in kwestie op de Website te plaatsen en om YouTube de in lid 8.1 hierna bedoelde licentie te verlenen.”

In Jillian Michaels verhaal was YouTube daarom niet de boosdoener maar producent Lionsgate. YouTube heeft indirect geholpen bij het devalueren van Michaels’ content. YouTube bood de fitness video’s gratis aan YouTube bezoekers maar elke video was wel voorzien van video-advertenties. 55 procent voor Lionsgate, 45 procent voor YouTube en 0 procent voor Michaels. Pijnlijk!

Zet op slimme wijze video in op YouTube én je eigen site

Het is niet genoeg om alleen YouTube te gebruiken en ook niet de slimste strategie. Ik ben ook geen voorstander om al je eieren in één maandje te leggen. Denk aan wat er met Vine is gebeurd, om een voorbeeld te geven.

YouTube is echt waardevol maar kijk wel naar je eigen YouTube-gedrag om beter inzicht te krijgen in het gedrag en de verwachtingen van YouTube-gebruikers. Volg onderstaande tips om het goed te doen.

1. Zet YouTube in als onderdeel van je videocontent-marketingstrategie
Video hoort bij allerlei online platforms thuis; website, fora, communities en sociale media. Voor elk kanaal is er echter een unieke videostrategie nodig.

Op Facebook is het best video direct (native) te uploaden omdat Facebook voorrang geeft aan eigen videocontent.

Voor Twitter heb je 30 seconden tot 2 minuten de tijd en dat vraagt een andere soort montage dan je Facebookvideo. Daarbij is de aandachtspanne van Twitter slechts 15 seconden. Bedenk daarom of het überhaupt de moeite waard in video in te zetten op Twitter.

Instagram en Snapchat zijn mobile first platforms waardoor je video beter langwerpig of vierkant kan maken (aspectratio 1:1 of 9:16). Vooral voor modemerken geldt dat ze beter verticaal video in kunnen zetten. Het is veel praktischer en prettiger voor de kijker om kleding te bekijken in deze layout.

Video is overal thuis. Bedenk wat je wilt bereiken per platform en zet video in op de meest natuurlijke manier voor de betreffende bezoekers.

2. Gebruik YouTube als trailerplatform
Wanneer je doelstelling is de verkoop te stimuleren op je website en je YouTube graag wilt gebruiken, dan kan je YouTube het beste inzetten als trailer/teaser strategie. Dit is niets nieuws en wordt vaak gedaan voor bioscoopfilms. Waarom dan ook niet voor je bedrijfsactiviteiten?

Verkoop je schoenen? Maak dan een video met een selectie van je schoenen. Zet de video op YouTube als promotie, bijvoorbeeld tijdens de uitverkoop wanneer je scherpe prijzen kunt aanbieden. Zorg dat je urgentie creëert. Dit is namelijk een duidelijke reden waarom de YouTube-bezoeker naar je site moet gaan. De aanbieding is alleen daar van toepassing.

Je kunt deze video ook kiezen in te zetten als YouTube-videoadvertentie (pre-roll). Dan speelt hij vooraf op andere video’s.

Gouden Tip: Zorg dat je video-advertentie niet langer dan vijf seconden is. Zo kan het niet geskipped worden en heb je een hoge kijkratio.

3. Bied de hoogste kwaliteit video op je eigen site (derde partij hosting)
Als je wilt dat de conversie plaatsvindt op je (e-Commerce) site, dan is het funest de hoogste kwaliteit content daar te bieden. Alle marketingactiviteiten dien je daarom in te zetten met als doel bezoekers naar je website te krijgen. Alleen op je website heb je volledige controle en kan je de bezoeker ongestoord verleiden tot aankoop.

Het is niet verstandig video te hosten op je eigen server. Dit kan je website traag maken en hoge rekeningen met zich mee brengen. Gelukkig zijn er een aantal videohostingoplossingen beschikbaar. Zorg dat je een self-service oplossing kiest zodat je volledige control hebt en snel kunt schakelen met de support team.

Kijk ook naar beschikbare features zoals:

– Interactieve/shoppable video,
– De mogelijkheid emailadressen te verzamelen binnen de video,
– Horizontaal en verticaal videoplayer opties,
– CRM-integratie en
–  eventueel limieten op dataverkeer zodat je niet voor verassingen komt te staan.

4. Zorg dat alle promotie gericht is op de video’s op je eigen site
Promotie van de je socialmediavideo kan je het beste doen binnen de socialmediaplatforms zelf. Deze zijn vaak minder goed geïndexeerd in Google en zullen je niet veel op het gebied van organische SEO kosten.

Wil je gevonden worden binnen zoekmachines dan is het belangrijk dat je de video op je eigen site (geen YouTube video ivm backlink naar YouTube) gepromoot wordt.

Zoekmachines zijn gevoelig voor relevante video. YouTube krijgt geen voorkeur in Google zoals velen denken en de mogelijkheid voor je video om hoog te ranken is net zo aanwezig met het toepassen van goede video SEO-technieken.

Wil je zorgen dat jouw merk of bedrijfsactiviteit zijn waarde behoudt, zet dan zeker video in maar wees voorzichtig en selectief met wat je op kanalen zoals YouTube zet. Video blijft een belangrijk medium voor bedrijven. Ontwikkel daarom een videomarketing- en conversiestrategie zodat je er echt de vruchten vankunt plukken!



Lees het volledige bericht op Emerce »

Elsevier vanaf deze week verder als Elsevier Weekblad

Posted 31 Mei 2017 — by Villamedia
Category nieuws

Opinietijdschrift Elsevier gaat met ingang van deze week verder onder een andere naam. Met het verschijnen van de editie die deze week verschijnt heet het magazine voortaan Elsevier Weekblad. Ook de website en het account op Twitter (voorheen @elsevier,…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Android bedenker Andy Rubin lanceert vandaag eerste smartphone

Posted 30 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het bedrijf van Android-oprichter Andy Rubin gaat dinsdag eindelijk zijn eerste smartphone aankondigen. Essential maakte de datum via Twitter zelf bekend.

Details zijn schaars, maar de smartphone moet concurreren met premiumtoestellen als Google Pixel en iPhone 7.

De smartphone krijgt in elk geval een magnetische aansluiting voor opladen en het toevoegen van allerlei accessoires.

Rubin (1963) begon Android als een eigen project. Google nam zijn bedrijf over, maar Rubin bleef betrokken bij de verdere ontwikkeling ervan. In 2013 verhuisde hij naar de afdeling die robots ontwikkelde. In 2014 verliet hij Google om voor zichzelf te beginnen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Social Clone Wars: kopiëren om te overleven

Posted 27 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Ongeveer alles waarmee Snapchat zich tot voor kort onderscheidde, is inmiddels door rivaal Facebook onder een carbonnetje gelegd. En ook andere media kopiëren er lustig op los. Wat betekent dit voor het socialmedialandschap? En what’s next?

Toen de Facebook-dochter in 2016 Stories van Snap kopieerde – zelfs de naam werd overgenomen – vond Instagram-topman Kevin Systrom het helemaal geen punt om dat ruiterlijk toe te geven. Zij het wel met een belangrijke nuance: “Dit gaat niet over wie wat heeft uitgevonden. Dit gaat over een format waar je je eigen draai aan geeft. Facebook ontwikkelde de tijdlijn, en LinkedIn deed dat ook.”

Instagram heeft nog net de moeite genomen de volgorde van wat icoontjes te wisselen, maar dat is het dan ook wel, schamperde techblog Mashable. Snapchat-fans spraken zelfs over ‘Snapstagram’. Maar Systrom zat er niet mee. Kopiëren is alomtegenwoordig in de techsector, meent hij. De filters van Instagram zijn immers ook schaamteloos gekopieerd.

Wat velen als een daad van oorlog zagen, is achteraf een geniale zet gebleken. Binnen vijf maanden steeg namelijk het aantal dagelijkse gebruikers van Stories naar honderdvijftig miljoen. Het zou ook de reden zijn dat de groei van Snapchat het afgelopen half jaar is vertraagd. Volgens TechCrunch wordt Snapchat Stories zelfs vijftien tot veertig procent minder bekeken dan voor de introductie door Instagram. Want waarom zou je Snapchat nog willen gebruiken als je met Instagram precies hetzelfde kunt?

Wraak
Leentjebuur spelen viert momenteel hoogtij in de sociale media, al is het verschijnsel niet nieuw. Toen Twitter de hashtag introduceerde, deden Facebook, Instagram en andere platforms dat ook. LinkedIn nam elementen van Facebook over en daar is het dan ook sterk op gaan lijken. Nog verder terug: twintig jaar geleden kopieerde Microsoft met Windows 95 al de gebruikersomgeving van Apples MacOS.

Op dit moment wordt de kopieerdrift vooral bepaald door de angst om gebruikers kwijt te raken. Nu sociale platforms zich steeds meer ontwikkelen tot multifunctionele omgevingen waarin je nagenoeg alles kunt doen – van shoppen tot bankieren – is het zaak om gebruikers binnen de muren te houden.

Toch valt het kopieergedrag van Facebook nog het meest op, omdat het Snapchat aan de lopende band kopieert. Niet alleen met Instagram, maar ook met Facebook Messenger en WhatsApp. Het is alsof topman Mark Zuckerberg alsnog wraak wil nemen op Snap-CEO Evan Spiegel, die enkele jaren terug een bod van Facebook hooghartig afsloeg.

Eind 2012 kreeg Spiegel, destijds amper 23 jaar oud, een uitnodiging van Zuckerberg om eens kennis te komen maken op het hoofdkwartier in Silicon Valley. Spiegel antwoordde dat Zuckerberg maar naar Los Angeles moest komen, waar Snapchat kantoor houdt. Daar schudden Spiegel, Snapchat-medeoprichter Bobby Murphy en Zuckerberg elkaar uiteindelijk de hand.

Facebook stond op het punt een eigen variant van Snapchat te lanceren onder de naam Poke, onthulde Zuckerberg, toch vooral bedoeld om met Snapchat in gesprek te komen. Maar Spiegel zag het als een regelrechte aanval. Terug in zijn kantoor bestelde hij direct een boek voor zijn werknemers, Sun Tzu’s: The Art of War. Spiegel was zelfs zo boos over de komst van de kloon dat hij zich direct uitschreef bij Facebook.

Poke werd echter een regelrechte flop. En dus kwam Zuckerberg met een opmerkelijk vredesvoorstel: hij bood drie miljard dollar voor Snapchat, een bod dat een normaal mens moeilijk zou kunnen weigeren. Maar wederom werd de Facebook-topman de deur gewezen. Zomer 2014 was duidelijk dat ook de nieuwe Snap-kloon Slingshot van Facebook het niet zou gaan redden. Zowel Poke als Slingshot werden geruisloos uit de appwinkels verwijderd.

Vorig jaar werd bekend dat Facebook ook nog heeft geprobeerd het Zuid-Koreaanse Snow te kopen. Op het eerste gezicht lijkt de gebruikersomgeving van deze app een regelrechte kopie van Snapchat. Buiten Azië heeft Snow echter nog nergens voet aan de grond weten te krijgen.

Camerabril
Achteraf blijken al deze pogingen om Snapchat af te troeven voor niets te zijn geweest. Alle kenmerken die Snapchat voorheen uniek maakten, zijn in Instagram terechtgekomen. “Dat hebben ze best knap gedaan”, vertelde voormalig Twitter-directeur Marc de Vries onlangs op The Social Conference in Amsterdam. Al moest hij toegeven dat het onderscheidende vermogen van de platforms hierdoor wel verdwijnt.

Sterker nog: de trend om elkaar te kopiëren, lijkt de ontwikkeling van nieuwe sociale platforms tegen te houden. Na Snapchat is er geen nieuwe sociale app van betekenis meer opgekomen.

Snap kan vooralsnog weinig ondernemen tegen copycats. Fast Company haalde vorig jaar jurist Arti Rai (Duke University) aan die zegt dat zolang de uitvoering van een idee verschillend is, daar weinig tegen is te doen. Een concept als Stories kun je niet patenteren, tenzij de onderliggende broncode zou zijn overgenomen.

Dat is bijzonder slecht nieuws voor Snap, dat onlangs met veel bombarie naar de beurs ging. Want Snap is niet zeker van zijn toekomst, zo geeft ook Spiegel toe. De nadruk die het platform op hardware is gaan leggen – via de verkoop van camerabrillen – is niet zonder risico. Om accessoires te verkopen, moet je toch een stevig basisproduct hebben. En aan de poten van dat product wordt aan alle kanten flink gezaagd.

Dat is zelfs meetbaar. De groei van Snapchat neemt de laatste maanden in Nederland en ook daarbuiten in rap tempo af. Niet alleen zakt het aantal nieuwe installaties op mobiele telefoons weg, ook het gebruik onder jongeren neemt af, zo blijkt uit het meest recente Dutch Apps Market-rapport van Telecompaper.

Het aantal installaties van Snapchat groeide in november 2016 nog met 67 procent ten opzichte van een jaar eerder. In december was dit veertig procent en afgelopen januari liet nog een stijging van twintig procent zien ten opzichte van een jaar ervoor.

Segmentatieslag
Behalve Snapchat heeft ook Instagram te maken met een sterk leeftijdsgerelateerde populariteit. Al lijkt de Facebook-dochter beter in staat om dertigers en veertigers aan zich te binden. WhatsApp is onder alle leeftijdsgroepen ongeveer even populair.

Leeftijd en niet functies lijken dus de keuze van de sociale apps te gaan bepalen. Luuk de Haardt, die crossmediale marketingcampagnes voor RTL heeft bedacht, haalt Amerikaanse onderzoeken aan waaruit blijkt dat jongeren Snapchat drie keer eerder dan Facebook openen en twee keer eerder dan Instagram.

Instagram groeide van 2,1 in 2016 naar 3,2 miljoen Nederlanders in 2017. Er is qua leeftijd flink wat overlap met Snapchat: 66 procent van de gebruikers in de leeftijd van 15 tot 19 jaar gebruikt Instagram. Maar Instagram bereikt meer een iets oudere doelgroep (20 tot 39 jaar) dan Snapchat.
Demografie is ook wat Instagram onderscheidt van bijvoorbeeld Pinterest. Instagram volgt met Instagram Shopping de koopbare pins van Pinterest. Gebruikers kunnen producten die zij op foto’s zien meteen bestellen. De leeftijd van de gemiddelde Pinterest-gebruiker ligt echter flink hoger.

De toenemende vergrijzing hoeft overigens voor Facebook zelf nog niet eens zo negatief uit te pakken. Nu zijn in Nederland nog alle leeftijden bij Facebook goed vertegenwoordigd, maar de doelgroep lijkt steeds ouder te worden. Voor adverteerders liggen hier juist kansen. En dus ook voor Facebook zelf.

Het geringe onderscheid tussen de platforms zou daarmee best eens tijdelijk kunnen zijn. In plaats van elkaar schaamteloos te kopiëren, zouden de platforms moeten kijken aan welke functies doelgroepen de voorkeur geven. Oudere Facebook-gebruikers zitten wellicht niet te wachten op schreeuwerige filters, terwijl jongeren dat juist wel willen.

De Social Clone Wars eindigen dus wellicht in een segmentatieslag, waarbij veel meer de wetmatigheden gelden die we van traditionele media kennen: Snapchat, Facebook en Instagram zullen zich steeds meer profileren als ‘doelgroepzenders’.

Een overzicht van gekloonde features:

Live Masks
Najaar 2016 kondigde Facebook selfiefilters voor livevideo aan. De filters, die het platform Live Masks noemt, maken gebruik van augmented reality om je gezicht te veranderen in bijvoorbeeld een schedel of pompoen. Het is een kopie van Lenses van Snapchat. De technologie komt overigens van de app MSQRD die Facebook eerder overnam.

Mark Zuckerbergs bedrijf heeft Facebook Stories inmiddels uitgerold voor zijn mobiele apps. Door op een camera-icoon te drukken, kunnen gebruikers foto’s en video’s in een tijdlijn zetten. En versieren met tekst, tekeningen, stickers en filters. Ze verdwijnen na 24 uur.

Messenger Day
Is een Snapchat-alternatief waarmee je gemakkelijk foto’s en video’s deelt. De foto’s zijn 24 uur zichtbaar voor al je vrienden en andere contacten. Je kunt ook filters, stickers of andere versieringen toevoegen. Dat Facebook Messenger Day als eerste in Polen is getest, is waarschijnlijk geen toeval. Daar kennen ze Snapchat nauwelijks.

Clips
Apple zat een beetje met de handen in het haar. Vergeleken met hippe chatapps als Line, WeChat en Facebook Messenger had iMessage lange tijd maar weinig spannends te bieden. En dus lanceerde Apple naast stickers en effecten ook iMessage-apps. Ontwikkelaars kunnen mini-apps maken die de chatervaring moeten verrijken. Er zijn inmiddels bijna vijfduizend varianten beschikbaar. De populariteit daarvan loopt echter sterk terug. Dat is niet verwonderlijk: iMessage is alleen te gebruiken op Apple-hardware.

Ook Apple heeft zich recentelijk laten inspireren door Snapchat. Zo verscheen begin april de gratis videoapp Clips. Waarin je naast filters spraakballonnen en geanimeerde posters kunt maken. Evenals emoji’s toevoegen. Het wachten is op integratie met FaceTime of iMessage. Vooralsnog is het echter een losse applicatie.

Instagram
In augustus 2016 lanceerde Instagram lanceerde zijn verhalenfunctie Stories. Je kunt er een serie foto’s mee samenvoegen tot een album, of liever gezegd tot een verhaal. Tekenen op de afbeeldingen kan ook, net zoals dat in Snapchat het geval is. En evenals bij Snapchat verdwijnen de verhalen na 24 uur.

De volgende stap volgde in februari van dit jaar, met geostickers. Ook regelrecht afgekeken van Snapchat. Het zijn stickers (grappige plaatjes) die je in Instagram Stories kunt gebruiken op basis van je locatie.

Ook zijn in berichten dienst Direct verdwijnende berichten geïntegreerd. Inderdaad net als bij Snapchat.

Met het van Pinterest afgekeken Instagram Shopping kunnen retailers op hun beurt berichten plaatsen met een tap to view-knop in de linkerbenedenhoek van een foto. Wanneer de gebruiker daarop drukt, ziet hij wat het product kost en hoe hij het kan bestellen.

Medium
Het jaar begon niet best voor het bedrijf achter verhalenapp Medium. Kort na de jaarwisseling maakte CEO Ev Williams, medeoprichter van Twitter, bekend dat hij vijftig werknemers op straat zou zetten, tegelijk met sluiting van de kantoren in New York en Washington D.C. Medium houdt het midden tussen Twitter en een blog als WordPress: deelnemers kunnen er korte of langere verhalen delen. Begin maart lanceerde Medium al Series, dat sprekend lijkt op Stories van Snap. Gebruikers kunnen snippets met tekst en foto’s publiceren en die al swipend consumeren. Het grote verschil met Snapchat: de verhalen verdwijnen niet na 24 uur.

Teams
Ook in de zakelijke sfeer wordt er flink gekopieerd. Slack had het rijk voor teamsoftware grotendeels voor zich alleen, maar zelden is een concept zo goed gekopieerd als door Microsoft. Die rolde onlangs in 181 landen Teams uit, waaronder in de Benelux. Ook deze dienst stelt medewerkers van bedrijven in staat om via meerdere kanalen met elkaar te communiceren, waaronder via videochat.

Gebruikers met een Office 365-abonnement hebben toegang tot Teams. Dat zijn er gelijk al zo’n 85 miljoen. Ter vergelijking: Slack heeft er 6,8 miljoen. Het grote voordeel is de integratie met Office en andere Microsoft-diensten. Meer dan honderdvijftig integraties zijn al beschikbaar, onder andere voor SAP, Trello en ModuleQ.

Reddit
Wil meer op Facebook gaan lijken. Bij het nog altijd zeer lelijk ogende sociale nieuwsforum kunnen gebruikers binnenkort profielen maken, waardoor niet alleen onderwerpen, maar ook auteurs met bepaalde interesses zijn te volgen. Waarbij leden interessante berichten ook op hun eigen pagina kunnen plaatsen.

Op het congres SXSW in Texas gaf medeoprichter Alexis Ohanian toe dat Reddit tot nu toe te weinig heeft gedaan om nieuwe gebruikers te faciliteren. Ook hebben gebruikers moeite om berichten in de verschillende categorieën te plaatsen, daarvan zijn er te veel, elk met eigen regeltjes. Of Reddit een echte Facebook-kloon wordt, blijft afwachten.

WhatsApp
Ook in WhatsApp kunnen gebruikers sinds begin dit jaar foto’s en filmpjes delen die na vierentwintig uur verdwijnen. Net als bij Instagram Stories en Snapchat dus. Niet alle gebruikers zaten daarop te wachten. Het vervangt de oude WhatsApp Status, ooit een zinnetje onder de gebruikersnaam waarin je kon laten weten dat je niet beschikbaar bent. WhatsApp voert de oude Status-versie daarom opnieuw in. En behoudt ook de nieuwe variant.

Secret Chats
Belapps kijken ook naar Snapchat. Neem Viber, onderdeel van het Japanse internetbedrijf Rakuten, dat met zo’n achthonderd miljoen gebruikers vooral populair is in Oost-Europa, Noord-Afrika en Azië. Ook deze app krijgt berichten die na verloop van tijd automatisch verdwijnen, Secret Chats genaamd. Net als bij Snapchat zijn er tientallen stickers om over beelden heen te plakken. En kunnen gebruikers tekeningen toevoegen, waarbij de kwastdikte dunner of dikker te maken is. Een detail waar ook Snap zich onlangs op richtte.

* Dit artikel verscheen eerder in het meinummer van Emerce magazine (#158).

Foto: mellamokat (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Populier twittert over zijn gezondheid

Posted 26 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Wageningen University & Research claimt de primeur van de eerste Nederlandse Twitter boom. Een ruim dertig jaar oude populier twittert over hoe hij warme, droge dagen met watertekort ervaart en onder welke omstandigheden hij prima groeit.

De twitterende boom stuurt als @TreeWatchWUR berichten over hoeveel water er door zijn vaten stroomt en hoe hard hij groeit. Watertekort tijdens een periode met hete en droge dagen leidt tot ‘stress’ voor de boom en vertraagt de groei.

De tweets zijn bedoeld als gimmick om bewustzijn bij het publiek te creëren voor de interactie tussen bomen en hun omgeving. De verzamelde gegevens dienen voor het vergroten van kennis over fysiologische processen in bomen in relatie tot weersomstandigheden en implicaties van toekomstige klimaatverandering.

De boom in Wageningen is de vijfde twitterende boom in Europa. Naast de Nederlandse boom twitteren nog een eik, een esdoorn en een beuk in België en een grove den in Duitsland. Doel is om twitterende bomen te laten aansluiten bij al bestaande netwerken waarin onderzoek naar de groei, koolstofvastlegging en het watertransport in bomen wordt gedaan.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Europese ministers willen filter op sociale media

Posted 26 Mei 2017 — by Villamedia
Category nieuws

Als het aan de Europese Raad van Ministers ligt gaan sociale media als Facebook, YouTube en Twitter in de toekomst ongewenste content filmen. Het gaat vooral om video’s die aanzetten tot haat en waarin geweld wordt aangemoedigd. Dergelijke video’s…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Journalist beschuldigt Amerikaanse politicus van mishandeling

Posted 26 Mei 2017 — by Villamedia
Category nieuws

De Amerikaanse politicus Greg Gianforte heeft een journalist van de Britse krant The Guardian aangevallen. Dat stelt de journalist, Ben Jacobs, althans op Twitter. Jacobs was in Montana aanwezig bij een verkiezing voor een zetel in het Huis van Afgevaardigden,…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Journalist Albert Jan Swart naar onderzoeksredactie De Telegraaf

Posted 24 Mei 2017 — by Villamedia
Category nieuws

De onderzoeksredactie van De Telegraaf krijgt er versterking bij. Met ingang van 12 juni voegt journalist Albert Jan Swart zich bij het team. Dat meldt hij op Twitter.

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Matthew Ogle van Spotify naar Instagram

Posted 24 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Matthew Ogle, die bij Spotify verantwoordelijk was voor Discover Weekly, verhuist naar Instagram. Na twaalf jaar muziek wil hij eens wat anders.

Ogle werkte nog niet eens zo lang voor het Zweedse muziekbedrijf. Hij stapte januari 2015 over van zijn muziekstartup This I MyJam.

Discover Weekly is een van de meer gewaardeerde onderdelen van Spotify. Het genereerde automatisch speellijsten op basis van muziekvoorkeuren.

Twitter heeft inmiddels Todd Swidler van Bloomberg aangetrokken voor zijn liveprogrammering. Recentelijk kondigde Twitter een groot aantal contracten voor liveshows aan die gewoon in de tijdlijn te zien zijn.



Lees het volledige bericht op Emerce »

CEO Fnatic: ‘We willen altijd frontrunner zijn’

Posted 20 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

E-sports is booming business, en mondiaal goed voor 696 miljoen dollar aan omzet. In 2020 zelfs anderhalf miljard. Een megagroeimarkt, ook voor Fnatic, een van de succesvolste e-sportorganisaties ter wereld. “Wij zijn de Real Madrid van digital sports”, aldus CEO en Nederlander Wouter Sleijffers (40).

Wie denkt dat e-sports een marginale business is bestaande uit nerds achter een laptop, heeft het flink mis. Het competitief spelen van online games – van first person shooters als Counter-Strike tot multiplayer role playing games als World of Warcraft – is in de afgelopen tien jaar uitgegroeid tot een mondiale sport. En is met name populair bij 21- tot 35-jarigen.

Dat e-sport volwassen is geworden, blijkt ook uit de wereldwijde fanbase. Momenteel zo’n 385 miljoen in aantal, een kleine twintig procent meer dan in 2016. Hoewel 51 procent van hen zich in Azië bevindt, wordt er in Noord-Amerika – waar slechts 13 procent van de fans woont – het meeste geld aan verdiend: 257 miljoen dollar. Een omzet die medio 2020 rond de 607 miljoen zal uitkomen, aldus onderzoeksbureau Newzoo.

Wie wil, kan de verwikkelingen van zijn favoriete team volgen via livestreams op online platformen als Twitch, YouTube, DingIt en Hitbox, en sinds kort ook Facebook. Voor wie meer wil, zijn er ook tal van venues. Overal ter wereld. Veelal in voetbalstadions, waar tienduizenden sportfans samenkomen om hun team te zien strijden. Hetzij in reallife, dan wel via een groot beeldscherm.

Europa doet volgens Sleijffers nauwelijks voor de Amerikaanse markt onder. “Wat betreft het aantal events en het prijzengeld gaan we gelijk op. Kijk je naar de interesse van investeerders en merken, dan lopen we hier wel een dik jaar achter op de Verenigde Staten.” De Aziatische markt is qua omzet volgens hem een goede derde, en groeit het hardst, met tientallen procenten in het afgelopen jaar.

Hoewel de eerste videogamecompetitie al in 1972 aan de Stanford University werd gehouden, heeft e-sport pas na 2000 echt tractie gekregen. Met Fnatic als een van de eerste spelers. Het Engelse bedrijf, opgericht door gamers van het eerste uur, zet twaalf jaar na dato mondiaal de toon. Met onder andere tien eigen teams die bij elkaar al meer dan vijftien miljoen dollar aan prijzengeld hebben gewonnen.

Sleijffers, die sinds 2015 Fnatic’s CEO is, moet er onder meer voor zorgen dat het bedrijf, met hoofdkantoor in Londen, future proof is. “Wij willen ook op termijn dé innovator binnen e-sports zijn, of beter gezegd de new world sports. Want uiteindelijk ligt onze focus op digital sports.”

Hoe kan je Fnatic het best omschrijven?
“We zijn een competitieve e-sportsorganisatie en managen diverse teams, veelal bestaande uit vijf professionele gamers. Daarnaast doen we aan merchandising, content en hebben we onze eigen productlijn, Fnatic Gear, met gaming mouses, keyboards en headsets. En net als bij een voetbalclub staan al onze spelers, momenteel 46 in totaal, onder contract. We scouten ze zelf. Waarbij we gamedata gebruiken om iemands persoonlijkheid te duiden. Want dat je op het hoogste niveau kunt spelen, is slechts een deel van het verhaal. Alles draait – net als bij andere topsporten – uiteindelijk om hoe goed je in een team past en of je voor langere tijd op topniveau kunt presteren. Door de support en faciliteiten die we bieden, kan je er tegenwoordig echt een carrière in opbouwen. En stopt deze niet meer zodra je de twintig bent gepasseerd. Het dagelijks leven van een pro-gamer bestaat vandaag de dag dan ook grotendeels uit veel trainen, tactische sessies, lichamelijke sporten en een goede work-life balance.”

Krijgen alle spelers dezelfde begeleiding?
“Nee, daar zit een groot verschil in. Want er wordt simpelweg minder geïnvesteerd in kleine games, en dus ook in de staff eromheen. Bij een spel als League of Legends, dat wereldwijd een relatief groot kijkerspubliek trekt, gebeurt dat wel. En stopt publisher en organisator Riot Games er zelf ook nog eens geld in, waardoor de competitie nog professioneler wordt. Daar profiteren niet alleen de spelers, de teammanager en de coaches van, maar ook de data-analisten die per spel onder meer de strategieën bepalen en monitoren hoe het een speler mentaal afgaat. Aangezien niet alle data wordt vrijgegeven, onder meer vanwege de gevoeligheid ervan ten aanzien van betting, ontwikkelen we zelf ook tools die helpen bij het analyseren van onze eigen matches en die van onze tegenstanders.”

Spelers wonen samen in gaming houses. Wat is daar het idee achter?
“Het is de plek waar ze als team wonen en trainen. Inclusief een kok die voor hen kookt. We hebben dergelijke houses onder meer in Los Angeles, Berlijn en Kuala Lumpur. Veelal omdat daar bepaalde game-wedstrijden worden gehouden. Zo is Berlijn bij uitstek de plek voor League of Legends, omdat de Europese competitie ervan in een lokale tv-studio wordt gehouden en dus ook onze concurrentie er woont. Elke speler krijgt overigens gewoon een maandelijks salaris, eventueel aangevuld met een share van het gewonnen prijzengeld, een soort performancebonus.”

Leiden jullie zelf ook gamers op?
“We leiden ze niet op, maar laten opkomende gamers via onze Academy wel kennismaken met het pro-circuit. Zodat ze zien wat het betekent om aan de top mee te draaien. Het geeft hen tevens een bepaalde status in de markt, waardoor ze toegang tot e-sportevenementen krijgen waar ze anders niet voor zouden worden uitgenodigd. Voor ons is het ook een mooie manier om de kennis en ervaring van het gevestigde talent te delen.”

Lijkt me een kostbaar geheel. Betalen jullie dat zelf?
“Fnatic is tot op heden organisch gegroeid. Om onze ambities te realiseren, hebben we recentelijk nog wel zeven miljoen dollar aan funding opgehaald. Overall zijn we winstgevend. Als groeibedrijf investeren we momenteel in zaken als productontwikkeling, talent, content, distributie en warehousing, maar ook in een nieuw hoofdkantoor. Dat is noodzakelijk, willen we er ook over een paar jaar nog toe doen. Dat het een groeimarkt is, betekent niet dat je op je lauweren kunt rusten. Allesbehalve, het is keihard werken.”

Hoe ziet deze tak van sport er over een paar jaar uit?
“Dat is deels koffiedik kijken. Neemt niet weg dat we altijd een frontrunnerpositie willen innemen. Je ziet al wel dat virtual reality een mooie basis legt voor een nieuw soort spelervaring. Hetzelfde geldt voor augmented reality. Maar of het wat gaat worden, en hoe groot, is grotendeels ongewis. En niet aan ons, maar aan de publishers en hun games. We proberen wel alvast een blik in de toekomst van de new world sports te geven door ons Bunkr-concept, een soort gathering, winkel, maar ook playground en eventlocatie voor alles rondom digital sports. Eind vorig jaar hebben we daar de eerste vestiging van geopend, hier in Londen. In eerste instantie bedoeld als pop-upstore, maar vanwege het succes gaan we er meer openen, zoals in Parijs en Los Angeles. Gezien de marktvraag mogelijk zelfs via een franchisemodel. Kunnen we tevens sneller opschalen.”

Wanneer ben je als CEO van Fnatic succesvol?
“Als onze fanbase, brand en bedrijfsresultaat harder groeien dan de al explosieve e-sportsmarkt. Wat betreft onze fanbase kijken we nog vooral naar onze socialmediacijfers, maar dat moet breder. Vanuit mijn positie is het ook belangrijk hoe groot de brand awareness van Fnatic is. Van de Verenigde Staten tot Korea. Tot op heden zijn we wereldwijd een van de bekendste e-sportmerken. Mede doordat we vanaf het begin ons tevens hebben gericht op andere zaken dan gaming. Waarbij ook ik word afgerekend op omzet en de groei ervan. Komend jaar verwachten we vele miljoenen omzet te doen. Hoe hard de omzet nog gaat groeien, hangt grotendeels af van het aantal sponsordeals die we nog gaan afsluiten. De meeste hebben namelijk een looptijd van een jaar. Deels vanwege de onstuimige marktgroei en deels omdat veel merken nu pas met onze business kennismaken. Gezien de groeiende interesse is één jaar lang genoeg. Voor beide partijen. Meerjarige afspraken maken we alleen als een merk in staat is om financieel met de markt mee te groeien. Een voorbeeld daarvan is Monster Energy, waarmee we al langere tijd een succesvolle samenwerking hebben.”

Waar verdienen jullie het meest aan?
“De meeste omzet komt uit sponsorships, de merchandise en de hardwareverkoop. In die volgorde. Ze doen onderling overigens niet veel voor elkaar onder. De omzet uit Fnatic Gear, dat we pas anderhalf jaar geleden hebben gelanceerd, schaalt rap op en zal spoedig wel flink meer inkomsten genereren. Omdat we zelf meer gas gaan geven en de markt als geheel nog fors groeit. Volgens marktgegevens van Newzoo komt 38 procent van de omzet uit de markt op conto van sponsorships. Gevolgd door 22 procent uit advertenties en respectievelijk 17 en 14 procent door publisher fees en mediarechten. In merchandise zou branchebreed zo’n 64 miljoen dollar omgaan, goed voor een kleine 9 procent marktaandeel.”

Jullie merchandise is op jullie eigen site en op Amazon, eBay en AliExpress te koop. Hoe loopt dat?
“Haha. De merchants op die laatste zijn copycats, want officieel leveren we niet via AliExpress. Daar doe je overigens weinig tegen. Het is voor ons vooral een signaal dat onze fanbase in Azië serieuze omvang krijgt. En dat we er spoedig een online winkel moeten openen. Voor Amazon en eBay hebben we gekozen omdat ze wereldwijd bereik hebben. Dat zie je ook terug in de verkoopcijfers.”

Worden er ook nieuwe verdienmodellen uitgeprobeerd?
“Zeker. Eén ervan is het delen in de inkomsten van leagues. Sommigen experimenteren hier al mee op basis van revenue share. Daar verwachten we veel van. Zelf hebben we onlangs een streamingdeal met Facebook afgesloten, iets wat we voorheen exclusief bij Twitch deden. Gezien de marktontwikkelingen, waaronder ook de komst van livestreams op YouTube Gaming en de ambitie van Twitter daarin, is dat voor ons nog vooral op basis van trial-and-error.”

Jullie managen het FiFa-team van voetbalclub AS Roma. Is dat ook een nieuw businessmodel?
“Ja, we managen en coachen hun e-sportsteam, net als onze eigen teams. Onderdeel van de deal is dat wij onder meer op de spelersshirts van AS Roma vermeld staan. Waardoor we dus goed zichtbaar zijn bij een voetbalpubliek dat per definitie openstaat voor gameachtige sporten. Over het algemeen zie je dat het spelniveau en de manier waarop dergelijke activiteiten worden aangestuurd en gemanaged veel professioneler kan.”

Eerder repte je over inkomsten uit content. Ambiëren jullie een soort Red Bull Media House te worden?
“In zekere zin wel. Met content bedoel ik in deze storytelling rondom onze teams en spelers. Iets wat we in tal van concepten kunnen gieten. Van documentaires tot snackable lifestyle videocontent op social media. Indien gewenst in samenwerking met merken. Welke rol we hier precies in willen gaan nemen, daar zijn we nog niet helemaal over uit. Wat we wel weten, is dat we voor e-sports in het algemeen, en onze eigen brand in het bijzonder, videoproducties willen maken. Ondersteund door onze inhouse studiofaciliteiten. Red Bull is daarbij vooral een inspirerend voorbeeld.”

In de gamewereld wordt er nogal eens gebruikgemaakt van illegale software en ongeoorloofde tweaks aan hardware. Speelt dat ook op jullie niveau?
“Nee, alle spelers geven voorafgaand aan een wedstrijd op welke gear ze willen gebruiken. Die wordt vervolgens geheel gesealed en direct vanaf de fabriek naar het betreffende stadion gestuurd. Daar kan de gamer dus tussentijds niet aankomen en wordt pas in de coulissen – in het bijzijn van officials – uitgepakt.”

Tot slot, bijna alle e-sportgames zijn console- en pc-based. Hoe staat het met mobile?
“Dat is absoluut een trend. We hebben zelf ook al een mobile gameteam dat geheel vanaf de smartphone of tablet een game speelt. In dit geval de videogame Vainglory. Hoewel het vooralsnog een beetje weird aanvoelt, kan het zeker een global hardwareplatform worden. Maar dan moet het ecosysteem eromheen, van het aantal gamers, de beschikbaarheid van spellen tot de gamedevelopment nog wel een aantal serieuze stappen voorwaarts maken.”

* Dit artikel verscheen eerder in het meinummer van Emerce magazine (#158).

Foto: Alek (in opdracht van Emerce)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Twitter gebruiker krijgt meer controle over advertenties

Posted 18 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Gebruikers van Twitter krijgen meer zeggenschap over de advertenties die zij te zien krijgen. Incorrecte interesses op basis waarvan advertenties worden getoond zijn voortaan handmatig te verwijderen.

Ook kunnen gebruikers lijsten van adverteerders opvragen die Twitter binnen bepaalde interesses heeft opgenomen.

In de privacyinstellingen is een nieuwe optie toegevoegd ‘Personalisation and Data’. Gebruikers kunnen daarmee bepalen of zij reclames willen zien op basis van interesses, of op de apps die zij op hun telefoon hebben staan.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Medeoprichter Biz Stone keert terug naar Twitter

Posted 16 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Medeoprichter Biz Stone van Twitter keert terug naar het bedrijf dat hij in 2011 verliet. Stone heeft recentelijk zijn huidige bedrijf Jelly aan Pinterest verkocht en heeft zijn handen vrij.

Hoewel Stone het nieuws dinsdag zelf naar buiten heeft gebracht, is niet duidelijk wat precies zijn functie gaat worden. Hij zou in ieder geval rapporteren aan marketingdirecteur Leslie Berland en zich gaan richten op de bedrijfscultuur.

CEO Jack Dorsey verdeelt zijn aandacht nog steeds over twee bedrijven, naast Twitter is dat betaalbedrijf Square. Het gaat al een tijd niet goed met Twitter. Het bedrijf sloot een groot aantal Europese kantoren, waaronder het Benelux kantoor.

Foto: Johncarloshedare (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »