Posts Tagged ‘twitter’

Twitter realiseert omzet- en abonneegroei

Posted 07 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Twitter realiseerde in het vierde kwartaal 24 procent meer omzet, terwijl het aantal dagelijkse actieve gebruikers met 9 procent steeg ten opzichte van 2017.

De omzet ging (pdf) van 732 miljoen dollar in 2017 naar 909 miljoen in het vierde kwartaal. De winst van 141 naar 244 miljoen (255 miljoen volgens GAAP regels). Het handelsresultaat bedroeg 397 miljoen dollar, 44 procent van de totale omzet.

Het gros van de omzet, 791 miljoen, komt van advertenties. De advertentie-omzet is daarmee 23 procent hoger dan een jaar geleden. Vooral video advertenties doen het goed. Aan datalicenties houdt Twitter een bescheiden 117 miljoen over, 35 procent meer dan in 2017.

In heel 2018 was Twitter voor het eerst winstgevend (1,2 miljard dollar), terwijl in 2017 nog een verlies van 108 miljoen werd geleden.

Het aantal maandelijkse actieve gebruikers steeg van 321 naar 326 miljoen, vooral buiten de VS. Echter, ten opzichte van het derde kwartaal is het aantal gebruikers juist weer afgenomen.

In de vorige twee kwartalen schatte Twitter zijn abonneegroei telkens verkeerd in. Deels kwam dat ook doordat het bedrijf een hoop nepgebruikers en bots heeft verwijderd.

Twitter overweegt om gebruikers tweets te laten bewerken. Dat vertelde CEO Jack Dorsey een dezer dagen in een radio-interview. De originele versie blijft dan nog wel zichtbaar.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Belgische 5G-veiling in 2020 zo goed als onwaarschijnlijk

Posted 06 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Het overlegcomité tussen de federale en lokale overheden over de veiling van de 5G-frequenties in België heeft geen akkoord opgeleverd. Daarmee zou 5G in dat land ernstig vertraagd kunnen worden.

Het overlegcomité was vorige maand al uiteen gegaan zonder akkoord. Ook vandaag mislukte het overleg. Een derde poging volgt in maart.

Struikelblok is de verdeling van de inkomsten uit de frequentieveilingen. Die gaan doorgaans voor tachtig procent naar de federale overheid en voor twintig procent naar de deelstaten. Minister De Backer heeft op Twitter laten weten dat vooral Vlaanderen tegenwerkt in het overlegcomité.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Radiozender KINK start met sterk online kanaal

Posted 31 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

Het alternatieve radiostation KINK begint morgenavond met uitzenden en leunt daarbij op een sterk online kanaal. Met een brede waaier van afspeellijsten en podcasts wil het overal zijn publiek bereiken.

Vanmiddag om zes uur gaat de zender formeel live als Michiel Veenstra zijn microfoon open zet. Fans van de radiozender luisteren echter sinds gisteren al via DAB+, zo laten meerdere meldingen op Twitter zien, en via de website KINK.nl.

Net voor de lancering heeft de zender ook zijn mobiele apps al in de downlaodwinkels van Apple en Google klaarliggen voor gebruik. Een kleine twintig afspeellijsten op Spotify geven alvast een idee van de kleur van de nieuwe zender.

KINK biedt naast alternatieve rockmuziek ook ruimte voor alternatieve hiphop, dance en metal in zijn programmering. Deze speciale muzieksmaken worden gericht verspreid onder fans via podcasts. Het verspreidt die via zijn eigen app en vermoedelijk ook via de bekende distributieplatformen daarvoor.

Er komt een dagelijkse podcast die beknopte updates geeft en sowieso vier wekelijkse uitzendingen van de verschillende programma’s. Ook is nu al duidelijk dat KINK rondom speciale muziekevents on demand radio maakt. Zo verzorgde het rondom Eurosonic Noorderslag al enkele podcasts.

Radiozender KINK FM ging in 2011 uit de lucht. De reïncarnatie vond plaats op initiatief van Michiel Veenstra na diens vertrek bij 3FM. KINK heeft geen FM-frequentie meer. De professionele radiowereld zal met belangstelling kijken hoe de zender zich zonder de vermeende luxe van FM-frequenties louter op het digitale kanaal operationeel en commercieel ontwikkelt.

Op socialmedia is de zender actief op Twitter, Facebook en Instagram. Daar heeft het cumulatief iets meer dan 21.000 volgers.

Trots en blij: de nieuwsbulletins op @KINKpuntnl worden verzorgd door @BNR. En zeg zelf, zo’n KINK-shirt staat @SjorsFbnr heel goed. #ikhoorbijbnr #NoAlternative pic.twitter.com/7Zsx8FQzOI

— Michiel Veenstra 🎉 (@michielveenstra) 30 januari 2019

Foto: Gerry Wood (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Onderzoek: vijf op de tien reisbedrijven reageren niet op Instagram 

Posted 31 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

Hoe reageren bedrijven uit toerisme, leisure en hospitality als je ze benadert of noemt op Instagram? Slechts 44 procent van de bedrijven reageert op een concrete vraag en slechts 11 procent komt met een respons als ze getagd worden.

Voor het derde jaar op rij is dit onderzocht, met dank aan 27 studenten van de minor eTravel van Breda University of Applied Sciences (NHTV). Uit de brede selectie aan bedrijven zijn er slechts vier die binnen de 15 minuten reageren. Is Instagram wel het juiste medium of wordt het verkeerd ingezet? Ik deel een aantal benchmarks en opmerkelijke cases met je. Het Facebook-onderzoek dat we onder dezelfde bedrijven hebben gedaan staat overigens hier.

Eurocamp holidays: uitstekende snelle reactie op vraag bij hun post: inhoudelijk, met CTA en een deeplink

Doel

In dit kwalitatieve onderzoek zijn 87 bedrijven benaderd die een dwarsdoorsnede vormen van de verschillende partijen in toerisme, leisure en hospitality. In dit onderzoek zitten ook dertien internationale bedrijven, zoals KLM, Skyscanner, Disneyland Paris, Best Western en Ryanair. Hun resultaten blijken bijna hetzelfde als die van de ‘kleinere’ (Nederlandse) bedrijven zoals Shoestring, NRV Holidays, Iamsterdam, GOGO en Molecaten Vakantieparken. Een consument zet een reactie in de vorm van een vraag bij een Instagrampost van een bedrijf zelf: krijgt hij of zij antwoord? Zo ja, hoe snel en wat is de content?

Dit onderzoek is gedaan vanuit het perspectief van een individuele consument. Bedrijven hebben relevante vragen gekregen bij een recente post vanuit een echt privé-account (waarvoor dank aan de onderzoekers). Ook hebben zij een compliment-post geplaatst op hun privé-account, met tags van de onderzochte bedrijven. De vraag was of die opgemerkt zou worden en een reactie zou opleveren.

Dit onderzoek geeft een indicatie van de inzet van Instagram als communicatiemiddel. De cases dienen slechts als voorbeeld en zijn geen waardeoordeel over de genoemde bedrijven.

Tweede type: compliment-post met tag opgemerkt door Sunweb en reactie via een like

Actieve accounts en namen 

Voor alle bedrijven is er gekeken of er een actief account is: dit betekent minimaal één post de afgelopen zes maanden. Tachtig procent van de onderzochte bedrijven heeft een actief Instagram-account. Vorig jaar was dat 73 procent.

Verdeling Instagram-accounts

Bedrijven als VrijUit, HappyHome en bijvoorbeeld Kras hebben geen account. Ze hebben ook geen account met hun bedrijfsnamen ‘defensief’ vastgelegd: bijvoorbeeld met alleen een bio en verwijzing naar hun website. Van Koning Aap is er geen account, maar het bedrijf is wel 1.201 maal getagd; engagement die ze dus missen. OAD reizen is bezet door een jonge man en Holiday Cars wordt gebruikt door een car fanatic.

Bedrijf legt account niet vast, consument gebruikt logo en soms ook de naam

Zombie-accounts zijn accounts waar al een half jaar niet op gepost is en die verder ook geen vermelding hebben dat het account ‘on hold’ staat. Er is geen toelichting in de bio; deze zijn onder andere aangetroffen bij Bizztravel en Go4camp. Hogenboom Vakantieparken doet al sinds 2015 niets met haar account, maar dat staat nergens aangegeven. Ook Expedia Nederland, heeft een zombie account met een vreemde verwijzing: ‘Ontdek jouw perfecte Hangzhou-vakantie: bit.ly/2PJ2DVU’

Account wel vastgelegd. Eén post met passend beeld, een bio met uitleg van ongebruik zou nog beter zijn

Bio

Opvallend is, dat er erg weinig aandacht is voor de bio bij de bedrijven met een account en juist ook bij de bedrijven die gestopt zijn met actief gebruik. Voor alle accounts en ook bij een ‘defensief’ account, zijn de volgende elementen vrij eenvoudig door te voeren en zeer relevant: het logo gebruiken, één kenmerkende post, een korte bio met melding wat je doet, vermelding van ongebruik en verwijzing naar bijvoorbeeld de website.

Vacansoleil: aardige bio en indeling. Aparte keus om te verwijzen naar Image-pagina en niet direct naar website

Respons op vraag aan het bedrijf

De afgelopen jaren was de respons op een vraag bij een bedrijfspost 12 procent in 2016, ruim 24 procent in 2017 en dit jaar 44 procent. Opvallend laag nog steeds: op Facebook was de respons dit jaar 92 procent en op Twitter (tot vorig jaar onderzocht) 59 procent.

Vergelijking respons social media 2016-2018

Bij de internationale bedrijven was de respons vergelijkbaar. Dit geeft aan dat Instagram nog steeds een erg moeizaam platform is, en veel engagement niet opgemerkt wordt. De compliment-post met tag (sinds dit jaar) werd door slechts acht bedrijven opgemerkt. Als we kijken naar de bedrijven die gereageerd hebben op de vraag en we doen een ranking (alleen) op responstijd, is dit de top tien.

Ranking van reagerende bedrijven op Instagram, reactie met vraag. Complete lijst: klik hier

De responstijd

Het totale aantal reacties van bedrijven is laag en de responstijd is ook boven de norm die Facebook aanhoudt als reactietijd (15 minuten). Alleen BBI Travel, Jan Doets,Corendon en Landal GreenParks halen deze norm.

De 44 procent die reageert was vaak relatief laat

Opvallende afwezige bij de reacties is KLM. Zij geven overigens wel op hun Instagram account aan: Please contact our Facebook team for service questions. Maar bezoekers plaatsen natuurlijk toch opmerkingen en vragen bij foto’s.

Instagramposts, gelinkt aan KLM, niet opgemerkt door KLM 

Conclusies

De bedrijven lijken Instagram nog steeds vooral als push-medium te gebruiken en ook niet actief te monitoren. De potentie van het medium en van de engagement worden erg weinig gebruikt. Een aantal aanbevelingen:

  • Stories

Instagram heeft natuurlijk veel meer mogelijkheden, Instagram shopping en qua communicatie de stickers in de stories (net als in Facebook). ‘One of the reasons Instagram stories is such a fun feature is because it allows you to feel closer to your friends and followers. Instagram made stories can be made even more interactive and personal by adding a question sticker. The question sticker makes engaging with your followers even easier and brings a whole new level of conversation to your story’. Jessica Booth in Bustle, 07-2018.

Ronkende teksten, maar gezien de rest van ons onderzoek, is de vraag is of onze branche hier wel klaar voor is. En wat is de ROI hiervan?

  • Bio aanpassen

Opvallend dat de meeste bedrijven amper aangeven wat een consument kan verwachten van het account (zwakke bio) en dat er vaak geen link naar de website is.

  • Monitoring

Het lijkt toch alsof er weinig gemonitord wordt op Instagram waardoor engagement en leads gemist worden. De vraag is dan ook vooral waarom, wat is het doel van de accounts en de posts?

Als Instagram (nog) geen toegevoegde waarde heeft of niet actief gemonitord wordt, geef dat dan aan op het account. Misschien heeft een actief Instagramaccount op deze manier geen meerwaarde en is alleen een ‘defensief’ account genoeg? Misschien is Instagram ook niet het juiste medium voor de branche? Of wordt Instagram shopping juist een superkanaal?

Benieuwd of je bedrijf erbij zit? Klik hier voor het overzicht van de bedrijven in het onderzoek.

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Trump, Twitter en de media: een analyse

Posted 30 jan 2019 — by Villamedia
Category nieuws

Dat de Amerikaanse president Trump de media (Fox News uitgezonderd) niet kan uitstaan, is geen geheim. Dat hij de voorkeur geeft te communiceren via Twitter evenmin. Een analyse van duizenden Trump-tweets door persvrijheidsorganisatie CPJ geeft interessante…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

‘654.000 Nederlanders verlieten Facebook in 2018’

Posted 26 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

In 2018 hebben maar liefst 640.000 Nederlanders Facebook verlaten. Dat blijkt uit het Nationale Social Media Onderzoek 2019 van Newcom dat vandaag uitkomt. Ongeveer de helft vertrekt vanwege gebrek aan vertrouwen.

Nepnieuws of de privacyproblemen worden als belangrijkste oorzaak genoemd. De ergernis over nepnieuws is opmerkelijk omdat Facebook gebruikers zelf voor de verspreiding van vage nieuwsbronnen lijken te zorgen. Meer dan vijf miljoen Nederlanders hebben weleens een bericht van pagina’s als TrendNieuws en Viraal Vandaag geliket of gedeeld, of er een reactie achtergelaten, zo bleek eerder deze week uit onderzoek van de Universiteit Leiden. De onderzoekers spreken over ‘pulpnieuwssites’: berichten die van anderen zijn overgeschreven, met een sensationele inhoud en het gebruik van koppen die mensen moeten verleiden om erop te klikken.

Het aantal dagelijks actieve (Nederlandse) Facebookgebruikers neemt af, van 7,6 miljoen vorig jaar tot 6,8 miljoen nu. Vooral onder jongeren gaat het volgens Newcom nu heel erg hard: in 2016 zat nog bijna zeven op de tien tieners op Facebook, nu is dat nog maar 30 procent.

Facebook is wel populair onder senioren, waaronder 80 plussers. Ruim 28 procent van deze senioren gebruikt Facebook, nog evenveel als een jaar eerder.

Twitter levert ook in, maar veel andere sociale media signaleren juist groei. Vooral Instagram doet het goed: het platform telt nu 4,9 miljoen Nederlandse gebruikers, een vijfde meer dan het jaar ervoor.

Newcom peilde ruim 7000 Nederlanders in de eerste weken van het jaar.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Wat doen webwinkels met social media en influencers?

Posted 25 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

Facebook en Instagram zijn met afstand de populairste socialmediakanalen onder webwinkeliers. Dat blijkt uit onderzoek naar de e-commercemarketing-trends van 2019. Social media zetten ze vooral in voor engagement en voor de groei van het aantal webshopbezoekers. Webshops maken minder gebruik van influencers dan vooraf gedacht.

Met 84% is Facebook het belangrijkste socialmediaplatform waarvoor de webwinkeliers content ontwikkelen. Instagram volgt op een tweede plek (60%) en verrassend genoeg staat het van oorsprong zakelijke medium LinkedIn op de derde plek (42%). Ongeveer een kwart van de ondervraagden geeft aan specifiek voor Twitter content te produceren.

Social media geen direct verkoopkanaal

De inzet van social media levert vooral een toename in engagement (41%) en een toename in het aantal bezoekers naar de webshops (39%) op. Ongeveer een derde geeft aan ook meer te verkopen door social media. Daarentegen zorgen social media niet per se voor meer bezoekers naar de fysieke winkel (10%), meer tevreden klanten (9%) of een toename in de besteding per klant (7%). In het onderzoek is ook aan enkele experts gevraagd hoe zij deze trends zien. “Dat social media worden ingezet als verkoopkanaal, is mijns inziens ook de grootste fout geweest die veel adverteerders de afgelopen jaren hebben gemaakt. Social media zijn, zoals de naam al aangeeft, bedoeld om relaties te leggen en te onderhouden. Daarmee kan het prima een indirect verkoopkanaal zijn”, aldus Marco Derksen, oprichter en adviseur digitale transformatie bij Upstream.

The rise and fall of influencers

Gevraagd naar een andere marketingtrend geeft 29% van de ondervraagden aan dat ze het afgelopen jaar influencers hebben ingezet om hun webshop te promoten. Een kwart geeft aan dat nog niet gedaan te hebben, maar komend jaar wel te willen doen. 45% heeft dat niet gedaan en wil dat ook niet doen. Arjan van Oosterhout, hoofdredacteur bij Twinkle Magazine: “Influencermarketing staat nog in de kinderschoenen en er zullen nieuwe vormen komen. De balans tussen authenticiteit en promotie zal steeds beter gevonden worden.”

De ondervraagde experts zijn heel duidelijk in hun visie op influencers: Ze zullen ongetwijfeld ingezet blijven worden, maar de hype van de grote en betaalde influencers is een beetje voorbij. Transparantie en authenticiteit spelen daarbij een grote rol. Wanneer bijvoorbeeld beeld en boodschap niet matchen of de foto te duidelijk in scene is gezet, gaan consumenten vragen stellen over de eerlijkheid en/of het bedrag dat ermee gemoeid is. Dat is slecht voor zowel influencer als merk.

Volgens de experts is er een verschuiving gaande naar de kleinere micro-influencers, die in tegenstelling tot ‘de grote jongens’ vaak wel een hechte band hebben met hun volgers. Micro-influencers (5.000 – 50.000 volgers) werken in een nichemarkt en hebben daardoor zeer betrokken volgers. Maar ook bij deze groep blijft de tip: wees eerlijk als je een influencer hebt betaald om je product te promoten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

RTL-journalist laat Twitter meegenieten van zijn scoop over Tikkie

Posted 24 jan 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Techjournalist Daniël Verlaan stuit op een privacylek bij Tikkie van ANB Amro. Zijn scoop in wording wordt een social evenementje.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Surseance voor aanbiedingensite 1DayFly.com

Posted 24 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

De Haagse aanbiedingssite 1DayFly.com gaat surseance van betaling aanvragen. Bestellen kan niet meer. Op de site is te lezen dat de site niet meer aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen.

Accounts op Facebook en Twitter zijn inmiddels weggehaald.

Naar verluidt stokten de betalingen voor leveranciers afgelopen zomer al. Het affiliateprogramma bij Awin was al gestopt.

Het bedrijf van Roderick Voerman had in 2017 een omzet van 8,5 miljoen euro. De oorzaak van de problemen is niet bekend.

De site heeft betere tijden gekend. In 2014 werd een andere site voor dagaanbiedingen Waat? gekocht. In 2011 kocht 1DayFly het Duitse bedrijf Guut.de om zijn bereik op om de buitenlandse markt uit te breiden.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De énige belangrijke mobiele feature voor 2019

Posted 22 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

Er bestaat een feature die de consument boven alles wil. Die je mobiele conversie met gemak 15% laat stijgen. En ook je bounce rate keihard terugdringt. Google is er ook nog eens dol op voor je SEO. En de groten der aarde hebben deze feature allemaal. Netflix, Facebook, Amazon, en dichterbij BOL, NU.nl en Coolblue.

Echt?! Hebben! Wat is het? Een extra knop, social integratie, 360 video of AR? Nou, nee. A propos, klanten willen vaak niet allerlei features. Wat ze wel willen, verwachten, en wat hun loyaliteit kan maken én breken is…snelheid. Snelheid, als in, dat iets letterlijk snèl gaat? Yes.

Instant everything is de norm

We hebben bijna elke vijf minuten een mobiel (micro)moment. Tijdens al die ultrakorte en langere momenten willen we direct bediend worden. Instant everything. We multitasken tussen Whatsapp, Instagram, Twitter, een push bericht, NU.nl en meer. We hebben geen tijd. Ons laten wachten is de grootste doodzonde van elk merk. Dan zie je ons nooit meer terug.

Snelheid cruciaal voor loyaliteit

Zijn consumenten echt zo streng? Zeker. Consumenten zijn niet loyaal aan merken, ze zijn loyaal aan diensten die hun leven makkelijker maken. In 2016 kwam al 33% van je potentiële klanten nooit meer terug na een slechte mobiele ervaring. In 2019 zal dit een stuk hoger liggen. Bijna 2 op de 3 consumenten switcht naar een concurrent als een website mobiel slecht werkt. Gebrek aan snelheid is daarbij de meest genoemde klacht.

Snelheid essentieel voor conversie

Tot voor kort kon je nog rustig achterover leunen als je mobiel lastig vond. Of als je nog steeds de mobiele misvattingen uit 2015 in je hoofd had over ‘mensen doen dat [kopen/iets moeilijks] niet mobiel’. Consumenten kochten namelijk met name via de desktop. Het is hier nog geen China met 500 miljoen smartphone shoppers, maar ook in Nederland is de pc op zijn retour voor online aankopen. De combi van mobiel en tablet heeft inmiddels de desktop ingehaald. En het wordt alleen maar méér mobiel, het is de enige digitale tijd die groeit. En snelheid is cruciaal voor de conversie. Elke seconde trager kost je zo 7% conversie.

Wat houdt snelheid in?

Ok, snel is belangrijk. Maar wat houdt dat concreet in?

Snel laden:

  • Zorg voor letterlijk snel ladende websites op mobiel. Rond de twee seconden, maximaal drie. Daarboven ben je de klant kwijt.
  • Snel laden is ook belangrijk voor je SEO-positie. Ranking algoritmes zijn een black box, maar Google heeft met de Speed Update aangeven dat snelheid een belangrijke factor is bij mobiele searches.

Snel is wat de klant ervaart:

  • Optimaliseer voor de mobiele werkelijkheid van je klanten, niet die van jezelf. Kijk in je Analytics naar het meest voorkomende type toestel en de specs. Dat jij de nieuwste iPhone hebt met randstedelijk 4G, is niet relevant. De gemiddelde schermresolutie,  internetsnelheid en performance van het toestel van jouw klanten is dat wel.
  • Zorg ook voor een goede perceptie van snelheid door een pagina slim op te bouwen, bijvoorbeeld met skeleton design.

Snelheid is een reis:

  • Laadtijd is opgebouwd uit allerlei tussenstapjes. Neem de consument mee in deze reis, en optimaliseer voor de belangrijkste momenten.
  • De ‘time to interactive’, oftewel hoe lang het duurt voor de consument wat op je site kan doen (scrollen, invullen), is daarbij het belangrijkste.


Bron: medium

Uiteraard moet je ook direct aansluiten bij de behoeftes van het (micro)moment. De intentie (want to know, go, do or buy) herkennen, bedienen en je flow snel maken. Maar zorg eerst maar eens dat klanten zover komen om dit te ervaren. Als de consument al is afgehaakt voordat je site ‘scroll-ready’ is, dan is dat nogal jammer.

Snelheid is de ervaring meten

Weet jij wat de laadtijd is voor jouw website? Meten is weten. Waarbij je de gebruikerskant van de performance moet meten. Wat ervaren je klanten als ze je site aantappen via Google op hun mobiele devices? Hoe lang duurt het voordat ze wat zien gebeuren, voordat de hele pagina visueel is geladen, voordat ze kunnen scrollen of typen? Breek de hele reis op in delen, en lokaliseer de pijnpunten.

Snelheid is écht mobile-first ontwerpen

Kijk vervolgens eens kritisch naar je responsive website. Realiseer je dat deze een doorvertaling is. Het uitgangspunt was, geheel logisch, je bestaande desktop website. Als deze responsive websites een kleine schermresolutie tegenkomen, proppen ze zich morrend in hun kleine jasje. Net zo passend als de voet van het boze stiefzusje in het muiltje van Assepoester. Stiekem verzwaren en vertragen ze de mobiele ervaring met hun te grote plaatjes, afvurende scripts en onnodig ladende elementen. Mobile-first betekent dat je die desktop legacy moet afschudden.

Snelheid is je killer feature

Wat is er nodig voor een snelle soepele mobiele ervaring? Start daarmee. Maak van snelheid je ‘killer feature’ voor 2019. De desktop mag volgen, ook die zal profiteren van de focus op mobiel. En doe het snel. De merken zonder website legacy halen je anders met gemak keihard links en rechts in.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Social Tavel 30: de eindsprint van 2018 – Corendon en Skyscanner grootste stijgers

Posted 16 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

2018 is ten einde en we maken de balans voor dat jaar op: welke Nederlandse reismerken hebben in het laatste kwartaal het best gepresteerd op het gebied van online berichtgeving?

We sluiten 2018 af met inmiddels 104 merken die strijden om een felbegeerde plek in de top 30.  KLM heeft ook deze editie haar stevige nummer 1-positie weten te behouden. TUI, Corendon, Zoover en Skyscanner zijn de hoogste stijgers en er zijn maar liefst vier nieuwe organisaties binnengekomen in de top 30. Elizawashere, Neckermann, CitizenM en Parkvakanties veroveren hun plek in de lijst.

Waar veel reisorganisaties redelijk stabiel scoren op volume en PR, zorgen veranderingen in sentiment voor de grootste verschuivingen in de lijst. Zoover heeft de stijging met vijf plekken te danken aan het positieve sentiment. Roompot Vakanties levert dit kwartaal punten in op volume en PR, maar realiseert toch een stijging naar een vierde plek door meer positieve berichtgeving rondom het merk.

Social Travel 30

Neckermann breidt stedentripaanbod uit dankzij Expedia

Goed nieuws rondom Neckermann en Expedia dit kwartaal. De twee organisaties kondigden in december een samenwerking aan, waarbij Neckermann het aanbod van stedentrips uitbreidt dankzij Expedia. De berichtgeving rondom de twee reisorganisaties werd vooral verspreid op nieuwssites en Twitter en dit zorgde voor een potentieel bereik van 234.000.

Faillissement van Travelbird zorgt voor hoge pieken

Het afgelopen kwartaal zagen we dat het faillissement van Travelbird voor veel media-aandacht heeft gezorgd. De berichtgeving heeft grote impact op volume en PR en heeft daarnaast een negatieve invloed op het sentiment.

In onderstaande grafiek is de eerste piek in berichtgeving rondom Travelbird te zien op de dag dat de financiële problemen van de reisorganisatie naar buiten werden gebracht, waarbij bekend werd dat zo’n 40.000 Nederlanders gedupeerd werden. Niet veel later zien we opnieuw een toename in het volume als de berichtgeving naar buiten wordt gebracht dat Travelbird een doorstart maakt onder Secret Escapes.

 

Opvallend is de sympathieke Linkedin-post van de voormalige HR-directeur, die een lijst van ex-medewerkers verspreidde naar recruiters om de gedupeerde medewerkers zo snel mogelijk aan nieuw werk te helpen. De actie ging viral en zorgde voor veel positieve reacties.

Racistisch incident tijdens Ryanairvlucht

Op 21 oktober werd een zwarte vrouw op een Ryanair-vlucht van Barcelona naar Londen racistisch bejegend. Het incident deed online veel stof opwaaien, voornamelijk door de reactie van het personeel op het incident. Het personeel op de vlucht zorgde ervoor dat het slachtoffer werd verplaatst, terwijl het gedrag van de dader natuurlijk bestraft had moeten worden. Dit schoot bij veel Nederlanders in het verkeerde keelgat.

Naast het buitenlandse nieuws rondom dit incident, speelt ook in Nederland nog meer rondom de Engelse luchtvaartmaatschappij. In de vorige editie van de Social Travel 30 zagen we veel nieuws over stakingen en het sluiten van de vliegbasis in Eindhoven. Dit kwartaal zien we dat de maatschappij weigert voor de Tweede Kamer te verschijnen en het ontslag van Eindhovens personeel aanvraagt. De nieuwsberichten van NOS over de luchtvaartmaatschappij worden veelvuldig verspreid en zorgen voor een potentieel bereik van bijna 30 miljoen.

Ander nieuws in de reisbranche

Vorige maand werd bekendgemaakt dat TUI het contract als official travel partner van Ajax met vijf jaar heeft verlengd. Hiermee blijft de reisorganisatie de reizen van het team, de directie, de sponsors en business members verzorgen

KLM en Transavia behoren in 2018 tot de 5 meest punctuele luchtvaartmaatschappijen van Europa, zoals blijkt uit onderzoek van OAG, met respectievelijk 84,2 procent en 82 procent vluchten die op tijd vertrokken. Schiphol verovert in hetzelfde rapport een achtste plaats in de lijst met meest punctuele megaluchthavens ter wereld.

Wil je nog even terugblikken op het hele afgelopen jaar? Hieronder zetten we de 5 meest gelezen travel artikelen van Emerce voor je op een rij:

  1. Traveltrends in 2018: China plaveit de weg
  2. Arthur Hoffman is de nieuwe CEO van boekingsplatform TRVL
  3. KLM past design thinking toe met TU Delft
  4. Black Friday: goedkoopste vliegtickets om 7 uur ’s ochtends
  5. Skyscanner lanceert nieuwe beste-prijs-tool

Voor het onderzoek is gekeken naar het volume van de berichten op social media, de pr-waarde en het positief sentiment.

In het onderzoek zijn de volgende organisaties opgenomen: ANWB Reizen, Barqo, Beachmasters, Bebsy, Belvilla, Better Places, Bizztravel, BookerZzz, Booking.com, Bungalows.nl, Bungalowspecials, Casamundo, Center Parcs, Cheaptickets, Citizen M, Corendon, Cruisereizen, Cruisetravel, D-reizen, De Jong Intra Vakanties, De Vakantiediscounter, Djoser, EasyJet, Ebookers, Ecart Skitours, Eindhoven Airport, Elizawashere, Estivant, Eurail.com, Eurocamp, Expedia, Fletcher Hotels, Fox Verre Reizen, GOGO, Hotelspecials, Husk, Inezia Tours, Jan Doets, Jiba, KLM, Kras, Landal Greenparks, Natuurhuisje.nl, Neckermann, NH Hotels, Novasol, NS International, Odyssee, Oostappen vakanties, Paperflies, Parkvakanties, Pharos Reizen, Polarsteps, Preston Palace, Prijsvrij.nl, Primavera Reizen, Reisgraag.nl, ResiRest,Riksja Travel, Roompot Vakanties, Rotterdam The Hague Airport, Ryanair, Sawadee, Schiphol Airport, Schipholtickets, Secret Escapes, Shoestring, Silverjet, Skikot, Skistuds, Skyscanner, Snowblend, SNP Natuurreizen, srprs.me, Stena Line, Stip Reizen, Sunweb, Surfblend, Tiqets, Tix.nl, Transavia, Travelassist, Travelbird, Travelhome, TripAdvisor, Trivago, Tubber, TUI, Vacanceselect, Vacansoleil, Vakantiepiraten, Vakanties.nl, VakantieXperts, Van der Valk Hotels, Vliegtickets.nl, Vliegwinkel.nl, Voigt Travel, Vrijuit, Vueling, Weekendjeweg.nl, With Locals, Wizzair, WTC.nl, Zoover



Lees het volledige bericht op Emerce »

PayPal stelt CMO aan

Posted 16 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

PayPal stelt Allison Johnson aan als chief marketing director van de de internationale organisatie. Ze moet de merken, waaronder PayPal en iZettle, wereldwijd duidelijker op de kaart gaan zetten.

Johnson werkte in het verleden voor HP, zette voor Apple tussen 2005 en 2011 de iPhone en iPad op de kaart en werkte sindsdien met haar bureau West voor klanten als Square, Braintree, Twitter, Impossible Foods en Prelude Fertility. In alle gevallen richtte ze zich op strategische internationale marketingvraagstukken.

Bij PayPal bestond de positie van CMO nog niet. De creatie ervan laat zien dat topman Dan Schulman zijn betaaldiensten zichtbaarder wil maken. Met de opkomst van grote spelers als bijvoorbeeld Adyen en Ant Financial (Alipay), en met hen hun diensten, is de behoefte aan duidelijk marktprofiel ook toegenomen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Zo zet je de eerste stappen richting echte data driven commerce

Posted 15 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws
Vaak wordt gezegd: met data los je marketingproblemen op. Maar met welke data? En welke problemen los je eerst op en welke daarna? Dus: hoe zet je de eerste stappen richting een data driven commerce organisatie?

Waar bevinden zich jouw data? Als je wilt groeien naar een data gedreven organisatie is dit de meest basale vraag. Want hoe kun je data driven zijn zonder data? Systeembeheerders, IT’ers of ander technisch personeel kunnen je helpen bij het in kaart brengen van een lijst met databronnen. Je kunt hierbij denken aan:

  • Identiteit data (intern)
    Identity data bevat gegevens over je klanten. Wie ze zijn, waar ze wonen, hoe ze te bereiken, wat hun voorkeuren zijn en hun loyaliteit. Dit type data staat in je datawarehouse of CRM.
  • Order data (intern)
    Order data bevat gegevens over de bestellingen die gedaan zijn. De hoeveelheid bestellingen en op welke momenten en welke producten er besteld zijn. Dit type data staat in je kassa systeem en commerce-databron.
  • Interactie data (intern)
    Interactie data bevat gegevens over het gedrag van je potentiële klanten. Wat ze doen op je site, welke site doelen ze behalen, etc. Dit type data staat in je advertising/email/web analytics zoals Google Analytics en conversie optimalisatie tools.
  • Social media data (extern)
    Social media data zijn externe gegevens die je binnenkrijgt over de platformen die je inzet voor jouw organisatie. Wat wordt er gedeeld en wat vinden je potentiele klanten leuk? Dit type data is op te halen uit je Twitter, Facebook en YouTube account. Met een tool zoals SEMRush kan je ook de groei en de engagement van je concurrentie inzien.
  • Open data (extern)
    Open data zijn gegevens verzameld door een onafhankelijke partij. Met deze gegevens krijg je doelgroepen en trend inzichten. Dit type data is op te halen via de site van het CBS.
  • GEO data (extern)
    GEO data zijn locatiegegevens waarmee je je bestaande data verrijkt. Waar bevindt je klant zich? Afhankelijk daarvan kan je specifieke boodschappen sturen die afhankelijk zijn van hun locatie. Dit type data haal je uit de browser van de gebruiker of bijvoorbeeld door Beacons, door het uitzenden van signalen via bluetooth.

Door de databronnen in kaart te hebben en te koppelen, ontstaan datasets die gebruikt worden voor analyses. De analyses geven inzichten die de input vormen voor verbeterde marketingactiviteiten.

Data analyseren en toepassen

Na het in kaart brengen van de data zijn er verschillende analyses die jouw digitale marketing activiteiten kunnen verbeteren. Het is afhankelijk van de focus van jouw digital commerce activiteiten welke analyse voor jouw organisatie geschikt is. Deze en andere analyses zijn mogelijk:

Basis personalisatie aanpassingen

Identiteit data is geschikt voor small-scale personalisatie, wat antwoord geeft op de vragen: “Hoe geef ik mijn potentiële klanten een betrokken gevoel?” en “Hoe vergemakkelijk ik hun aankoopproces?”. Identity data zet je in om je klant het gevoel van herkenning te geven. Dit doe je door de site- en marketinguitingen aan te passen aan de voorkeuren van je klant. Met die voorkeuren zorg je ervoor dat je relevante uitingen serveert. Een klant met de voorkeur voor hardlopen moet je niet primair voetbalshirts aanbieden, maar juist hardloopkleding. Hierdoor is de kans groot dat deze klant een herhaalbestelling plaatst. Met het geslacht en de leeftijd van iemand pas je de tone of voice van je communicatie aan. Hierdoor voelt iemand zich gerespecteerd.

Knelpuntenanalyse en retargeting met web analytics

Met interactie-data beantwoord je vragen zoals: “Waar komt mijn webverkeer vandaan?”“Welke websiteonderdelen werken het beste?” en “Welke type gebruiker plaatst bestellingen?”. Door je webanalyticsdata te analysen ontdek je knelpunten in het aankoopproces van je site bezoekers. Zo leer je aan de hand van de betrokkenheid KPI’s, zoals het bouncepercentage, aantal pagina’s en sessie kwaliteit score welke interacties niet aansluiten bij de verwachting van de bezoeker.

Deze interacties ga je vervolgens aanpakken met je conversie ratio optimalisatie en content team. Tevens gebruik je interactie-data om je marketinginzet te optimaliseren. Wanneer je webshopbezoeker producten in bijvoorbeeld de categorie keukenspullen heeft bezocht gebruik je deze gegevens om de bezoeker beter te targeten via online advertising of je email inhoud (gerichte content over, in dit geval, keukenspullen) te verbeteren.

Klanttevredenheid achterhalen met sentiment-analyse

Hoe tevreden zijn je klanten nu echt? Op social media delen consumenten hun échte mening. Dat loopt uiteen van frustratie over een slecht product tot blijdschap over een excellente dienstverlening. Nadat je de reacties van social media ophaalt kan je met behulp van machine learning (natural language) achterhalen hoe positief men praat over je merk. Door het sentiment over de tijd te volgen kan je de effectiviteit van je marketinginspanningen en procesverbeteringen in kaart brengen. Daarmee helpt een sentiment analyse om verbeteringen door te voeren die écht het verschil maken voor je klanten.

Orderwaarde verhogen met market basket-analyse

Met je orderdata heb je de mogelijkheid om een market basket analyse uit te voeren. In een market basket-analyse wordt onderzocht welke producten gezamenlijk gekocht worden. Door deze data met hoge frequentie te gebruiken, zorg je ervoor dat je onsite productaanbod, zoals “andere kochten ook” of “dit past hier goed bij”, gebaseerd is op up-to-date gegevens. Hierdoor zal je orderwaarde per bestelling stijgen.

Ontdek je ambassadeurs met Recency, Frequency, Monetary Value (RFM) analyse

Een geavanceerde analyse op order data is de RFM analyse. Deze wordt gebruikt om inzichtelijk te maken hoe recent, hoe vaak en voor welke waarde jouw klanten bij je kopen. De verschillen in aankoopgedrag worden in groepen ondergebracht. Marketingactiviteiten worden vervolgens toegepast op de eigenschappen van de klantgroep. Stel bijvoorbeeld dat een klantgroep regelmatig koopt voor kleine bedragen.

Deze groep ga je dan overhalen producten gezamenlijk te kopen, omdat je hiermee je overhead en verzendkosten reduceert. De groep die heel lang geleden voor het laatst iets bij je hebben gekocht ga je heractiveren met een aparte campagneflow. De klantengroep die regelmatig voor grote bedragen bij je koopt ga je weer anders benaderen. Deze ambassadeurs nodig je bijvoorbeeld uit voor een VIP-avond of vraag je je merk uit te dragen door het weggeven van gratis producten.

De juiste korting geven met prijselasticiteit analyse

Korting geven wil je alleen wanneer je hierdoor meer winst genereert. Op basis van je historische productverkoop gegevens bepaal je de prijselasticiteit van je producten. Met een prijselasticiteit-analyse bepaal je welke prijsdalingen het beste hebben gewerkt en vervolgens pas je je kortingsbeleid hierop aan.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Maak je website sneller in 2019

Posted 14 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

Web performance is net als vele andere online activiteiten aan verandering onderhevig. De optimalisaties van vijf tot tien jaar geleden kunnen nu een averechts effect hebben. Welke performance metrics zijn belangrijk, wat heeft de meeste invloed op deze metrics en hoe start je met performance-metingen van je site?

Wat zijn de key insights van dit artikel?

  • Er bestaat geen ‘one size fits all’ performance metric. Lees hieronder over de belangrijkste metrics en bepaal wat belangrijk is voor je website.
  • Naast HTML is CSS de belangrijkste bron voor een pagina. Zorg echter dat je zorgvuldig met CSS omgaat, want het laden en uitvoeren van CSS blokkeert het renderen van de pagina.
  • Webfonts worden vaak vergeten, zonder een goede font loading strategie zijn ze van negatieve invloed op de gebruikerservaring.
  • Afbeeldingen die progressief worden geladen bieden de beste gebruikerservaring.
  • Niet het netwerk, maar het gebruik van JavaScript vormt voor de meeste websites de grootste performance bottleneck omdat processors van smartphones niet krachtig genoeg zijn de JavaScript snel te verwerken.
  • Verschillende afdelingen van bedrijven implementeren third party tooling en tracking op de website zonder zich te beseffen wat de performance impact is. Het is daarom zaak hier rekening mee te houden, en voor ogen te houden wat er allemaal op de website mee geladen wordt en de business value af te blijven wegen tegen de performance costs.
1. Wat is web performance?

Wanneer we over web performance spreken hebben we het over de snelheid waarmee:

  1. pagina’s in de webbrowser worden geladen en verschijnen (rendering)
  2. gebruikers in een vroeg stadium gemakkelijk met pagina’s kunnen werken (responsiveness of interaction)

Sites met slechte prestaties hebben doorgaans te maken met trage pagina’s en vertragingen in de interactie. Hierdoor hebben gebruikers mogelijk geen toegang tot je content of kunnen zij de website niet optimaal gebruiken. Web performance heeft primair invloed op de gebruikerservaring, en secundair op:

  • het conversiepercentage en eventueel de conversiewaarde;
  • de kwaliteitsscore van uw SEA landingspagina, en daarmee de CPC en ROI van SEA;
  • pagina’s met een langere laadtijd worden lager gerangschikt in de zoekresultaten dan wanneer ze snel laden.
User centric metrics

Om een site voor performance te kunnen beoordelen zijn er tegenwoordig diverse user-centric metrics beschikbaar die je vertellen wat je gebruikers zien en ervaren (perceived performance). Deze moderne performance metrics geven inzicht in de user experience, iets wat voorheen met enkel technische metrics niet mogelijk was.

2. Wat zijn de belangrijkste performance metrics van dit moment?

Je wilt natuurlijk niet enkel de snelheid van je website meten, maar vooral de bijbehorende gebruikerservaring. Hier zijn veel verschillende metrics voor. Maar wat zijn nu de belangrijkste? Een ding is zeker, er bestaat geen ‘one size fits all’.

2.1 User-centric metrics

Er zijn meerdere momenten tijdens het laden van een pagina die kunnen beïnvloeden of een gebruiker deze als ‘snel’ ervaart. Het kan zijn dat voor de ene gebruiker het allerbelangrijkst is dat de pagina eerst begint met weergeven, terwijl de ander de meeste waarde hecht aan het moment dat de pagina op interactie reageert. Om de totale gebruikerservaring te optimaliseren is het daarom belangrijk om naar meerdere user-centric metrics te kijken.

De metrics die we in deze sectie behandelen zijn overwegend user-centric en staan in onderstaande afbeelding van Addy Osmani chronologisch gevisualiseerd. Aansluitend zijn er nog enkele alternatieve rendering metrics die worden behandeld.

2.2 Rendering metrics

Er bestaan diverse rendering metrics, metrics die inzichtelijk maken op welk moment (relevante) content op het scherm verschijnt. De belangrijkste metrics staan hieronder opgesomd.

  1. Time to first byte (TTFB)
    De TTFB is de tijd die het duurt voordat de server reageert op het verzoek van de browser en vervolgens de eerste byte naar de browser heeft teruggestuurd. Het is eigenlijk geen rendering metric, want het start al voor het renderingproces. Maar een trage first byte of server reactietijd heeft wel degelijk gevolgen voor de snelheid waarmee de pagina gerenderd of weergegeven kan worden. De TTFB dient volgens Google rond de 200ms te liggen voor desktop devices op kabelverbindingen. Voor mobile devices op mobiele netwerken is een extra latency van 500ms acceptabel, wat uitkomt op een TTFB van 700ms voor mobiel.
  2. Start Render
    Start Render is het moment dat de pagina begint met het weergeven van de eerste pixel.
  3. First Contentful Paint (FCP)
    FCP is het moment waarop de eerste tekst en/of afbeelding op het scherm verschijnt, maar dit is nog niet de belangrijkste content waarvoor een gebruiker de pagina heeft opgevraagd. Deze metric behoort tot de zogenaamde user-centric metrics (metrics die beschrijven wat gebruikers zien en ervaren) en beantwoord de vraag ‘Gebeurt er iets?’ nadat een verzoek tot het ophalen van de pagina door de gebruiker via de browser naar de server is verstuurd.
  4. First Meaningful Paint (FMP)
    First Meaningful Paint kan enigszins verwarrend zijn. Het is namelijk niet het moment waarop de eerste significante verandering in het scherm plaatsvindt, maar de meest significante verandering. In andere woorden, wanneer bij twee seconden 35% van het scherm wordt geladen, en bij drie seconden nog eens +50%, dan ligt de FMP op drie seconden. Als user-centric metric beantwoordt deze metric de vraag ‘is het nuttig?’. Toont de pagina relevante content waarvoor de gebruiker de pagina opvraagt en wilt zien? Een belangrijke ‘key user moment’ of belangrijk gebruiksmoment waaraan de performance kan worden gemeten.
  5. SpeedIndex
    SpeedIndex maakt inzichtelijk hoe snel de volledige ruimte boven de vouw of de gehele viewport visueel compleet is. SpeedIndex wordt berekend aan de hand van een formule (zie onderstaand). Hoe lager het getal, des te beter de score. Vaak wordt dit getal gelijk gesteld aan het aantal milliseconden. In onderstaand voorbeeld is de viewport van pagina A visueel compleet binnen 1,2 seconden. Bij pagina B duurt dat maar liefst negen seconden.
  6. Alternatieve rendering metrics SpeedCurve: Hero Rendering Times
    First Meaningful Paint betreft de meest significante verandering, maar dit is niet per se de belangrijkste verandering. Voor een blog kan het weergeven van de H1 heading voor gebruikers het meest belangrijk zijn, en voor de productpagina van een webshop kan de weergave van de productafbeelding het meest van belang zijn. Ofwel, one size does not fit all. Daarom heeft SpeedCurve (performance testing software) enkele nieuwe metrics toegevoegd.
    6.1 H1 heading

    Hoe lang het duurt voor de H1 heading wordt weergegeven.
    6.2 Largest Image
    Hoe lang het duurt voor de grootste afbeelding boven de vouw wordt weergegeven.
    6.3 Largest Background Image
    Hoe lang het duurt voor de grootste achtergrondafbeelding boven de vouw wordt weergegeven.
    6.4 First Painted Hero
    Hoe lang het duurt voor eerste Hero element boven de vouw wordt weergegeven.
    6.5 Last Painted Hero
    Hoe lang het duurt voor laatste Hero element boven de vouw wordt weergegeven.

Wanneer deze rendering metrics niet goed in staat zijn om inzicht te verschaffen in belangrijke gebruikersmomenten dan is het altijd mogelijk om zelf metrics toe te passen die beter aansluiten bij een specifiek gebruikersmoment. Sites als Twitter en Pinterest passen custom metrics toe. Met ‘Time to First Tweet’ maakt Twitter inzichtelijk hoe lang het voor gebruikers duurt wanneer de eerste tweet in beeld verschijnt. En met de ‘Pinner Wait Time’ probeert Pinterest de langzaamste laadtijd voor inhoud die ze als kritisch beschouwen op een pagina, inzichtelijk te maken.

2.3 Interactive metrics

Naast rendering metrics ligt de focus de laatste paar jaar ook steeds meer op metrics die inzichtelijk maken op welk moment gebruikers de interactie met een pagina kunnen aangaan. Want wanneer (relevante) content op het scherm verschijnt, lijkt de pagina voor gebruikers geladen, maar is de pagina vaak nog niet klaar om direct op invoer (key, touch of scroll interacties) van gebruikers te reageren. Ook van deze metrics staan de belangrijkste metrics op een rijtje.

  1. First CPU Idle (voorheen First Interactive)
    First CPU Idle geeft aan hoe lang het duurt voordat de eerste interactie kan plaatsvinden op de pagina. Wanneer een pagina (snel) geladen is, verwachten gebruikers dat de pagina ook bruikbaar is. Vaak is dit niet het geval omdat browser main thread nog bezig is met het verwerken van JavaScript, en diezelfde main thread daarom niet direct kan reageren op input vanuit de gebruiker
  2. Time to Interactive (voorheen Time to Consistently Interactive)
    Time to Interactive geeft aan hoe lang het duurt voordat de pagina blijvend interactief is. Een belangrijke user-centric metric die de vraag ‘Is het bruikbaar’ als belangrijk gebruiksmoment kan beantwoorden.
  3. Estimated Input Latency of First Input Delay (FID)
    Estimated Input Latency geeft aan hoeveel tijd er zit tussen de klik van een gebruiker en de daaropvolgende reactie van de pagina. Om geen negatieve invloed te hebben op de gebruikerservaring zou dit niet hoger dan 50ms moeten zijn volgens Google. Estimated Input Latency is zoals de naam van de metric als doet vermoeden een labmeting. Door in de meting een gebruiker te simuleren kan deze timing worden geschat. In de praktijk, of in een veldmeting wordt dit gemeten met de metric First Input Delay (FID).
3. Wat heeft de meeste invloed op Performance?

Een pagina is opgebouwd uit diverse (soorten) bronnen en iedere bron heeft in meer of mindere mate invloed op de performance van de pagina. Hieronder staan de verschillende bronnen die we grofweg het belangrijkst achten voor performance.

3.1 Invloed op rendering

3.1.1 CSS
Naast HTML is CSS de belangrijkste bron voor een pagina. Zonder CSS is er namelijk geen styling; zonder CSS komt de bezoeker op een kale, witte pagina die daardoor niet voldoet aan zijn of haar verwachtingen en bovendien niet bij uw brand past. Het laden en verwerken van CSS blokkeert echter wel het weergeven van de pagina door de browser. CSS is dus cruciaal, maar er zijn wel een aantal zaken om rekening mee te houden zodat de CSS het renderingproces van de content boven de vouw niet verstoort.

Tips voor CSS
Geef prioriteit aan de CSS boven de vouw en laadt bovendien alleen CSS die nodig is voor de styling van uw pagina.

3.1.2 Custom Webfonts
We zien elke dag tientallen, zo niet honderden verschillende webfonts op het internet. Relatief gezien zijn het misschien wel de kleinste bestandjes op een webpagina die verhoudingsgewijs de grootste impact op de eerste relevante weergave hebben. Het is bijvoorbeeld een vereiste voor de FMP metric dat relevante tekstuele content in de custom fonts worden weergegeven. Toch worden ze vaak vergeten, vaak omdat er geen ‘font loading strategy’ wordt toegepast.

Het browsergedrag en de wijze waarmee custom webfonts geladen kunnen worden is in de afgelopen jaren veelvuldig verandert. Wat tot bijvoorbeeld een jaar geleden nog als een optimale strategie betiteld werd kan vandaag de dag averechts werken voor performance.

Tips voor font optimization
Geef prioriteit aan de fonts die belangrijk zijn voor uw eerste weergave en laadt alleen fonts en karakters die nodig zijn voor uw pagina.

3.1.3 Images
Dat afbeeldingen bij voorkeur qua bestandsomvang zo klein mogelijk dienen te zijn weten we anno 2018 inmiddels allemaal wel. Maar daar stopt de kennis van image optimization voor de meeste mensen. Afbeeldingen zijn op vele manieren te optimaliseren. Belangrijk voor de perceived performance is dat afbeeldingen op een pagina bij voorkeur progressief worden geladen (progressive rendering).

Progressief laden ter verbetering van perceived performance
Progressief laden betekent dat meerdere afbeeldingen boven de vouw niet een voor een laden, maar dat alle afbeeldingen bij voorkeur tegelijkertijd kunnen beginnen met laden en weergeven. Dat de kwaliteit van de afbeeldingen dan niet optimaal is, is voor gebruikers geen probleem. Het menselijk oog en brein kunnen al snel vaststellen wat er wordt weergegeven in de afbeelding en de afbeelding wordt naarmate de tijd verstrijkt kwalitatief steeds beter.

Wanneer een productafbeelding tot de kritieke content behoort zal de belangrijkste content dus al zeer snel worden weergegeven, wat de bezoeker het gevoel geeft dat er iets gebeurt. Een pagina met Progressive JPEG images die direct renderen wordt daardoor door gebruikers als sneller ervaren dan dezelfde pagina met gewone JPEG images. Vanwege dit principe zijn Progressive JPEG’s ook aan te raden boven WebP images, ondanks dat deze laatste vaak veel kleiner zijn qua bestandsomvang.

Onderstaande afbeeldingen tonen het praktijk verschil tussen een baseline JPEG image (die qua renderingproces hetzelfde werkt als een WebP, alleen WebP heeft een kleinere bestandsomvang) en een Progressive JPEG image.

WebP (of baseline JPEG image)

Progressive JPEG image

Belangrijke opmerking hierbij is dat het laden van de belangrijkste afbeeldingen boven de vouw essentieel is voor de metric First Meaningful Paint.

Tips voor image optimization
Laad afbeeldingen progressief en geef prioriteit aan de afbeeldingen boven de vouw.

3.2 Invloed op interactiviteit (en rendering)

Zoals eerder aangegeven hebben de twee bronnen die hieronder worden behandeld ook invloed op rendering. Echter, omdat de voornaamste problemen met de interactie metrics door onderstaande bronnen worden veroorzaakt zijn deze omwille van de rode draad in dit artikel beide in een afzonderlijke paragraaf behandeld.

3.2.1 De invloed van JavaScript op performance
In de beginjaren van het internet bestonden webpagina’s enkel uit HTML. Naarmate de mogelijkheden op het web steeds geavanceerder werden, groeide het gebruik van afbeeldingen, CSS maar vooral ook JavaScript (een client-side scriptingtaal speciaal ontwikkeld voor browsers op het web).

De enorme toename van JavaScript op het web over de afgelopen jaren is hieronder weergegeven (bron).

JavaScript bestanden hebben verreweg de meeste invloed op performance. Op zowel het renderingproces als de interactiviteit van webpagina’s. Dit heeft twee oorzaken:

  1. JavaScript krijgt voorrang en blokkeert daardoor het renderen
    Een browser kan helemaal niets anders doen wanneer deze een script tag in een pagina ontdekt. De browser start eerst met het laden en uitvoeren van JavaScript, voordat de HTML en CSS (die nodig zijn voor het weergeven van de pagina), worden geladen. Dat betekent dat JavaScript weergave blokkerend is, het vertraagt de snelheid waarmee de pagina wordt weergegeven in de browser.
  2. JavaScript belast de main thread en blokkeert daarmee interactiviteit
    Ten tweede vormt de uitvoering van JavaScript een grotere belasting voor browsers dan andere bestanden. De uitvoering van JavaScript kost veel rekenkracht die de browser alleen via de main thread (een browser is single-threaded) kan afhandelen. Wanneer de main thread zwaar belast wordt kan de browser niet reageren op een gebruikersinteractie. Wanneer een browser een JavaScript bestand download zal de browser eerst het JavaScript bestand nog uitpakken en verwerken. Dit proces is in onderstaande afbeelding gevisualiseerd.Het gevolg is dat een JavaScript bestand na het uitpakken 4 tot 5 keer groter is qua bestandsomvang en vervolgens volledig door de browser moeten worden verwerkt. Dit is waarom JavaScript zoveel belastender is voor de main thread dan andere bestanden als HTML, CSS en afbeeldingen. Onderstaande afbeelding van Google illustreert het verschil in het verwerken van een JavaScript bestand en een JPEG bestand van dezelfde omvang.

De verwerking van JavaScript geeft met name problemen bij minder krachtige devices van veelal goedkope smartphones die vast ook door een groot deel van uw doelgroep worden gebruikt.

Vertaalslag naar de metrics in de praktijk
Het laden van JavaScript heeft invloed op de rendering metrics First Contentful Paint, First Meaningful Paint en interaction metrics First CPU Idle en Time to Interactive. In onderstaande afbeelding (bron: SpeedCurve) staat een timeline van median performance metrics van ‘s werelds top 1,3 miljoen sites.

1. Het gat tussen TTFB & Rendering metrics
De grote lege ruimte tussen TTFB en paint metrics wordt veroorzaakt door het weergave blokkerende effect van JavaScript.

2. Het gat tussen Rendering metrics en Interactieve metrics (First CPI Idle & Time to Interactive)
Opvallend is de grote lege ruimte tussen de paint metrics en First CPU Idle. Het moment waarop de pagina voor het eerst kan reageren op invoer van gebruikers ligt ver na rendering van content.

Hoewel developers met JavaScript features ten behoeve van UX bieden, heeft het gebruik van JavaScript ook een keerzijde voor de performance en daarmee user experience van een pagina.

Tips voor JavaScript
Geef prioriteit aan JavaScript boven de vouw en laad daarnaast enkel JavaScript die nodig is voor de functionaliteiten op uw pagina.

3.2.2 De invloed van Third party resources op performance
Websites maken gebruik van third-party tooling en tracking omdat dit van belang is voor de business. Veel van deze tools of trackers maken echter gebruik van JavaScript. Websites maken steeds meer gebruik van third party scripts (140% toename sinds 2011), die daarnaast ook steeds groter worden qua omvang (+706% sinds 2011), zo bewijst ook het onderzoek van SpeedCurve.

Render blokkerende third party tools
Wanneer deze tooling wordt gebruikt om de weergave te manipuleren, zoals het geval is bij A/B testing en personalisatie tools, is deze tooling weergave blokkerend.

Interactie blokkerende third party tools
Het merendeel van deze tooling wordt echter op een later moment geladen en vertraagt daarmee het moment wanneer de pagina continu en direct op invoer van gebruikers kan reageren.

Wees er ook bewust van dat marketeers via tooling als A/B testing, personalisatie tools en tag managers een webpagina volledig kunnen veranderen qua look en feel. Dit vaak zonder kennis te hebben van web development of inzicht te hebben in de mogelijke gevolgen die dit heeft voor performance.

Tips voor third-party bronnen
Laad alleen tools die echt toegevoegde waarde bieden voor gebruikers en de business. Weeg de business value af van elke third party tool en stel een strikt third party beleid op.

4. Gratis tools voor performance inzichten

Wilt u zelf starten met het in kaart brengen van uw web performance? De meest gebruikte en toegankelijke gratis tools zijn Google Pagespeed en Webpagetest.org. Voor het verzamelen van performance data zijn er sec genomen twee bronnen:

1. Veldmetingen (Real User Monitoring)
Veldmetingen voert u uit om ervaringen van echte users te meten via Real User Monitoring (RUM). Google Pagespeed bevat twee metrics die gebaseerd zijn op veldmetingen.

2. Labdata (Synthetic testing)
Labdata kunt u gebruiken om gebruikers na te bootsen via Synthetic Testing en daarmee technische oorzaken van vastgestelde performance issues binnen veldmetingen bloot te leggen. De metingen van Webpagetest.org zijn op basis van labdata en ook het grootste deel van de Google Pagespeed metrics worden gebaseerd op labdata.

Voor- en nadelen van beide meetmethoden
Synthetic tests zijn in principe nagebootste tests in een stabiele omgeving en wijken daarom per definitie af van RUM tests. Je kunt een synthetic test op basis van een specifiek device en netwerkconditie uitvoeren, maar in de ‘echte wereld’ wijken de resultaten af omdat locatie, het netwerk en device per gebruiker verschilt. Het uitvoeren van RUM tests is met tools als bijvoorbeeld SpeedCurve altijd aanbevolen. Het nadeel is echter dat u een minimaal aantal bezoekers op een pagina nodig heeft om betrouwbare RUM data te vergaren. Met Synthetic testing heeft u dit probleem niet, en kunt u ook eenvoudig benchmarks creëren.

Pagespeed Insights
Pagespeed Insights is een performance tool van Google waarvoor sinds kort de performance analyse uitgevoerd wordt op basis van Google Lighthouse, een andere performance tool van Google. Dankzij deze update geeft Pagespeed Insights nu een completer en accurater beeld van de performance van een pagina. In deze tool vindt u ook een aantal van de rendering en interactieve metrics terug die eerder in dit artikel zijn benoemd (zie onderstaand screenshot).


Naast deze metrics wordt er ook een ‘filmstrip view’ getoond. Hierdoor heeft u niet alleen inzicht in de metrics, maar ziet u ook visueel hoe het renderingproces van de pagina verloopt en wordt ervaren door gebruikers.

Webpagetest.org
Webpagetest.org is een veel gebruikte tool en biedt vergelijkbare inzichten qua metrics als Pagespeed Insights, maar er zijn enkele verschillen:

  1. Configuratie naar wens – Webpagetest.org
    Bij Pagespeed Insights kunt u de configuratie van labtesten niet aanpassen. Er wordt altijd getest vanaf een 3G verbinding met een gemiddeld device (beperkte rekenkracht van processor en beperkt geheugen). Bij Webpagetest.org kunt u de simulatie aanpassen naar verschillende browsers, netwerkcondities, devices en nog veel meer.
  2. Waterval View – Webpagetest.org
    Webpagetest.org biedt inzicht in de volgorde waarin bronnen worden geladen middels een waterval (zie onderstaand screenshot). Dit inzicht is essentieel om het renderen van de content boven de vouw van Start Render tot aan Visually Complete te analyseren.
  3. Video – Webpagetest.org
    Webpagetest.org biedt naast een filmstrip ook de optie om een video weer te geven van de rendering. Zo kunt u het renderingproces nog beter visualiseren.
  4. Verschil in metrics
    Beide tools bieden vergelijkbare metrics, maar ze kunnen niet 1-op-1 met elkaar worden vergeleken. Het zijn analysetools die inzicht bieden in mogelijke gebruikerservaringen en welke performance issues er spelen.
  5. Toegankelijkheid: Kant en klare optimalisaties – Pagespeed Insights
    Hoewel Pagespeed Insights beperkter is dan webpagetest.org, is het toegankelijker voor iemand die weinig of geen kennis heeft van performance, omdat er een aantal kant en klare optimalisatie punten worden aangegeven. Weet echter wel wat je met deze aanbevelingen doet, een onjuiste uitvoering kan de performance juist verslechteren.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Veelvuldig gebruik sociale media leidt níet tot psychische en slaapproblemen’

Posted 11 jan 2019 — by Emerce
Category nieuws

Het gebruik van sociale media als Facebook, Twitter en WhatsApp leidt niet tot slaap- en psychische problemen op de korte of langere termijn. Bij geen enkele leeftijdsgroep is sprake van een negatieve invloed van gebruik van sociale media. Ook bij eenzame mensen leidt dit gebruik niet tot meer problemen. Dat zijn de belangrijkste uitkomsten van een groot onderzoek van instituut CentERdata, Tilburg University en de Universiteit van Pavia.

In het onderzoek dat is verschenen in het wetenschappelijke tijdschrift Computers in Human Behavior is tweemaal, met een onderbreking van een jaar, uitgebreid aan de onderzoeksdeelnemers gevraagd of ze gebruikmaken van sociale media (zoals WhatsApp, Twitter, Facebook en Youtube), en met name hoe vaak ze chatten en hoe vaak ze berichten of boodschappen lezen of plaatsen. Verder zijn psychische en slaapproblemen en eenzaamheid in de periode ervóór en erná onderzocht.

De resultaten tonen dat mensen die méér gebruik maken van sociale media, niet méér psychische of slaapproblemen hebben op de korte of langere termijn (circa 1 jaar). In de achterliggende analyses is overigens rekening gehouden met bestaande psychische problemen, slaapproblemen en eenzaamheid in de periode ervóór. Daarmee wordt voorkomen dat verkeerde conclusies worden getrokken. Dit verklaart waarom sommige studies wel een effect van sociale media gebruik lijken te vinden.



Lees het volledige bericht op Emerce »