Posts Tagged ‘sponsor’

Snapchat ontbreekt in meeste Nederlandse mediaplannen

Posted 22 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Weinig adverteerders in Nederland hebben Snapchat al in hun mediaplannen staan. Campagnes maken vergt extra inspanning en de resultaten zijn slecht te meten.

Tot die slotsom komt onderzoeksbureau MeMo2. “Voordat de Nederlandse adverteerder instapt, dan moet er nog wat gebeuren”, stelt onderzoeksdirecteur Coen Kempen. “Er zijn weinig campagnes gedaan, dus er is ook amper vergelijkingsmateriaal. Bovendien is het lastig om budget te verantwoorden als het lastig is de resultaten te meten.”

Kempen ziet wel enige kentering in het sentiment ontstaan. “De eerste campagnes worden nu gedaan vanuit testbudgetten, maar dat gaat nog heel terughoudend.”

Snapchat is voor adverteerders een gesloten en afgeschermd systeem. Er zijn geen API’s om reclames in automatisch in te laten lopen, geen targetingopties en geen analyticsdashboards. In die zin is de foto-app, qua commerciële mogelijkheden, het best te vergelijken met adverteren op televisie of outdoor. “Het verschil is dat er voor Snapchat nog geen historie is over wat wel en niet werkt.”

MeMo2 probeert de zielen bij adverteerders te kneden met zijn eigen crossmediale onderzoeken.

“We bieden cijfers over brandingeffecten van Snap Ads, Sponsored Geofilters en Sponsored Lenses. MeMo2 meet de Image- en Videoconsumptie op Snapchat en biedt een kwalitatieve verdieping op de meer generieke cijfers en publicaties die bekend zijn over het platform.” Een generiek getal: 54 procent van de Nederlandse gebruikers tussen de 12 en 24 jaar heeft Snapchat dagelijks open. Op maandbasis is dat zeventig procent.

Een bureau als SnapLabs, onderdeel van SocialEmbassy, bouwt sinds ruim een jaar campagne-ervaring op bij klanten. Dat zijn veelal merken die zich richten op jongeren, alhoewel niet uitsluitend, en het niet om nieuwe kanaal heen kunnen. Metrics of niet.

Sinds kort is duidelijk dat Snapchat in de persoon van Joost Hagesteijn een vertegenwoordiger op de lokale markt heeft. Ook hij zal de vragen over analytics, dashboarding, casestudies en te verwachten campagneresultaten moeten beantwoorden aan belangstellende partijen.

Hoewel ze qua functioneren op elkaar lijken is Snapchat volgens Coen Kempen niet te vergelijken met Instagram. “Dat wordt in de mediaplanning meestal gewoon meegekocht met Facebook.”

Foto: vivoandcapitone (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Google mengt zich in influencer marketing: megaplatform in de maak?

Posted 20 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Google houdt zich sinds kort bezig met influencer marketing. Het bedrijf koppelt populaire YouTubers aan merken. Op naar het grote Google influencersplatform?

Nu bedrijven inluencers omarmen gaat ook Google zich bemoeien met deze relatief nieuwe vorm van marketing. Het bedrijf heeft afgelopen jaar een nieuw initiatief opgericht, YouTube Labs, dat populaire videomakers heeft gekoppeld aan enkele merken van L’Oreal. Dat deed het door samen te werken met multi-channel network (MCN) en YouTubekanaal AwesomenessTV.

Product in ontwikkeling?

De Amerikaanse tak van L’Oreal werkte tot nu toe als enige samen met YouTube Labs. Google noemt het dan ook een service met een alpha-status. En hoewel dit dus betekent dat YouTube Labs nog een verre van definitief product is, worden komend jaar meer merken geholpen bij het vinden van influencers. In Europa gaan onder meer BMW en Johnson & Johnson ermee aan de slag.

Voor L’Oreal heeft een hele serie aan video’s opgeleverd die goed zijn bekeken. AdAge meldt dat er met name is gewerkt met minder bekende namen uit de beautywereld. De bekendste namen weet het cosmeticabedrijf natuurlijk zelf wel te vinden. Er zijn juist contacten gelegd met andere influencers, bijvoorbeeld een populaire reisvlogger.

Welke rol Google exact voor ogen heeft is nog niet duidelijk. Afgelopen najaar nam het ook al Famebit over, een marktplaats die videomakers met marketeers in contact brengt. Dat resulteert dan vaak in content voor kanalen die niet van de bedrijven zelf zijn. Na de overname werd eveneens gesteld dat dit als een kleine aanval gezien moest worden op MCN’s.

‘Logische stap: steeds lastiger aandacht te krijgen’

Dorit Roest kijkt er niet van op. Zo is ze oprichter van The Influencer Movement (TIM), een marktplaats zoals Famebit. “Ik zou me haast beledigd voelen als Google niet een stap had gezet richting influencer marketing. Het is vooral een compliment als zo’n grootmacht zich op jouw markt begeeft en interesse heeft in een concurrent. Toen we begonnen was er nog niet eens een naam voor, nu wordt het door Google gezien.”

Hoe logisch is het dat Google zich op dit terrein begeeft? Behoorlijk, laat Roest weten. “Mede door de opkomst van adblockers, algoritmes op sociale media en reclamevrije initiatieven als Netflix wordt het steeds lastiger om iemands aandacht op een traditionele manier te krijgen. Bloggers, vloggers en mensen op sociale media hoeven die gewilde aandacht van de consument niet op te eisen, maar verdienen die gewoon dagelijks.” Zij kunnen de boodschap van een bedrijf volgens Roest op een authentieke wijze vertalen. “Natuurlijk wil Google dit stimuleren. Hoe minder storende en irrelevante advertenties, hoe beter.” Ze noemt haar eigen kijk idealistisch: ze gaat uit van het scenario dat Google gaat voor de gebruikerservaring en de kwaliteit van content.

Opvallend is wel dat één van de betrokken influencer netwerken laat weten de helpende hand van YouTube Labs in ieder geval niet als bedreiging te zien. Hoe de commerciële afspraken eruit hebben gezien – en in de toekomst uitzien – is niet bekendgemaakt. Google zegt niets te hebben gerekend voor de ‘match’. Google verdient natuurlijk wel aan de advertenties die het bedrijf rondom de video’s plaatst. Ook zouden de bedrijven de video’s ook op andere platformen – Facebook bijvoorbeeld – mogen gebruiken.

“Natuurlijk kan het ook anders lopen”, zegt Roest. “Een scenario waarin Google het geld achterna gaat. Wat ik helaas vaak zie is dat influencers en merken dan om verkeerde redenen aan elkaar worden gekoppeld. Niet omdat de influencer oprecht enthousiast is over het merk of omdat iemand een relevante doelgroep heeft, maar omdat er exclusiviteitscontracten zijn gesloten of veel geld mee gemoeid is.”

In een commentaar op het recent nieuws is in ieder geval één scenario uitgedacht: Google en YouTube kunnen het algoritme zo aanpassen dat de video’s uit het eigen lab goed worden gepositioneerd. ‘Natuurlijk zal YouTube er een label ‘gesponsord’ opplakken, maar dat valt op den duur niemand meer op’, wordt er opgemerkt.

‘Er is meer dan bereik’

“Wat ik niet wil”, vervolgt Roest haar verhaal, is dat we deze sympathieke vorm van marketing laten afglijden naar een vorm van van adverteren die niemand meer gelooft. Omdat het simpelweg ook niet echt is. Hopelijk komt er naast de aandacht voor iemands bereik vooral aandacht voor wat wij de REAL-factoren noemen: Relevance, Engagement, Authenticity, Likeability.”

Of Google zich op deze marketingvorm stort en hét dominante platform wordt of dat er juist ruimte is voor allerlei kleine nichespelers weet nog niemand. “Maar de wildgroei aan bemiddelaars gaat op termijn normaliseren”, denkt Roest. In bepaalde disciplines, food en fashion bijvoorbeeld, ziet ze al een aantal grotere spelers. “Wat je ziet is dat de ‘winnaars’ zich niet alleen richten op het matchen, maar ook services en advies bieden over bijvoorbeeld campagnes.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Markt e-sports in 2020 naar 1,5 miljard dollar

Posted 20 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

De markt voor e-sports zal dit jaar een omvang bereiken van 517 miljoen dollar, zo verwacht de Nederlandse marktonderzoeker Newzoo. In 2020 moet het zelfs gaan om 2020 naar 1,5 miljard dollar.

Van dit bedrag komt ongeveer 155 miljoen dollar voort uit advertentie-inkomsten, 266 miljoen dollar uit sponsorcontracten en nog eens 95 miljoen dollar uit mediarechten. 64 miljoen dollar wordt verdiend met ticketverkoop en merchandise.

Onder e-sports wordt het in toernooivorm spelen van online games in bomvolle stadions bedoeld. De fans kijken niet alleen mee via de streams van Twitch en YouTube Gaming, maar komen ook bijeen in stadions waar ze de gameverwikkelingen op een groot scherm gadeslaan.

Voor adverteerders zijn e-sports met name interessant, omdat de kijktijd naar games op sites als Twitch extreem hoog is

Het aantal toeschouwers stijgt jaarlijks. In totaal zal de e-sportssector in 2017 naar verwachting 385 miljoen kijkers bereiken, 20 procent meer dan in 2016. Noord-Amerika blijft daarbij de grootste e-sportsmarkt met 241 miljoen euro aan omzet, oplopend naar 570 miljoen euro in 2020.

Het 2017 Global Esports Market Report is de derde marktverkenning van Newzoo.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Snapchat vs. Instagram: waarop moet de marketeer zich richten?

Posted 16 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Snapchat en Instagram zijn de snelst groeiende sociale netwerken van dit moment. De kanalen zijn zeer visueel ingesteld en trekken een jonger publiek aan dan bijvoorbeeld Facebook of Twitter. Maar wat zijn de voordelen per kanaal? En op welk kanaal moet je je als marketeer focussen?

Snapchat introduceerde in 2013 Stories; een functie waarmee geplaatste foto’s en video’s na 24 uur verdwijnen. Instagram deed dit pas in 2016. Doordat deze ‘Stories’ maar kort zichtbaar zijn, krijgen gebruikers de kans om vluchtige content te creëren. Het voordeel hiervan is dat zij een minder grote drempel voelen om content te uploaden en dat ze regelmatig het netwerk moeten checken om niets te missen.

Wie bevindt zich waar?

Even de feiten op een rij: Snapchat en Instagram hebben allebei jonge gebruikers (die van Snapchat zijn zelfs nog iets jonger dan die van Instagram.) Het grootste deel van de gebruikers is tussen de 15 en 19 jaar oud. Verder heeft Instagram (2,1 miljoen) veel meer gebruikers dan Snapchat (1 miljoen). Het percentage van het dagelijks gebruik ligt bij Snapchat iets hoger (51%) dan bij Instagram (47%). Ook is de toename van het dagelijks gebruik in 2016 ten opzichte van 2015 van Snapchat hoger.

Wat zijn de verschillen tussen de Stories van Snapchat en Instagram?

Stories is een functie waarvan wordt gezegd dat deze schaamteloos is gestolen van Snapchat, wat eigenlijk ook het geval is. Dit is overigens niet de enige functie die Instagram heeft ‘geïnspireerd’. Waar het tot voorkort alleen op Snapchat mogelijk was om verdwijnende foto’s en video’s naar volgers te sturen, kan dit nu ook op Instagram. Zo groeit Instagram steeds meer naar Snapchat toe.

Wel zijn er kleine verschillen in de functies die beide netwerken aanbieden. Zo hebben gebruikers van Snapchat veel meer mogelijkheden om de foto of video te bewerken met bijvoorbeeld stemvervormers en augmented reality-filters en geo-filters. Toch biedt de ‘rip-off’ van Instagram bepaalde voordelen voor marketeers ten opzichte van Snapchat.

Waar liggen de kansen voor de marketeer?

Een groot voordeel van Instagram is dat je de naam van een persoon/bedrijf kunt intypen, waarna je een aantal suggesties krijgt. Bij Snapchat is dit niet mogelijk; hier moet je de letterlijke gebruikersnaam intypen. De organisatie zal dus via andere (social media) kanalen de gebruikersnaam moeten communiceren. Het toevoegen van nieuwe personen of bedrijven kan op verschillende manieren; bijvoorbeeld door de ‘Snapcode’ van iemand te fotograferen of door op mensen in de buurt te zoeken.

Echter, een open zoekfunctie zou voor bedrijven handiger zijn. Een ander voordeel van Instagram ten opzichte van Snapchat is de mogelijkheid tot het toevoegen van links. Hierdoor is het voor bedrijven makkelijker om de gebruiker naar een bepaalde pagina te leiden.

Is Instagram dan in elk opzicht een beter marketinginstrument dan Snapchat?

Nee. Zoals eerder verteld, heeft Instagram wat betreft organisch bereik voor bedrijven een streepje voor. Wat betreft betaald adverteren is Snapchat in veel opzichten interessanter dan Instagram. Zo is het mogelijk om gratis een community geofilter in te stellen. Dit kan bijvoorbeeld interessant zijn voor city-marketeers of marketeers van een hogeschool/universiteit.

Gebruikers laten graag zien waar ze zich bevinden en maken dan ook veelvuldig gebruik van deze filters. Voor bedrijven die bijvoorbeeld hun eigen logo willen gebruiken als geofilter is het mogelijk om een on-demand geofilter ter goedkeuring in te sturen. Dit kost wel geld; het bedrag is afhankelijk van de tijd dat de advertentie zichtbaar is en de grootte van het gebied waarin het beschikbaar is.

Augmented reality als extra dimensie voor advertising

Een andere vorm van adverteren op Snapchat is door middel van sponsored lenses. Door de augmented reality (AR) techniek van Snapchat is het mogelijk voor gebruikers om actief aan de slag te gaan met deze advertenties. In Nederland heeft Unilever voor het eerst gebruikgemaakt van deze techniek. Voor Magnum Double konden gebruikers hun gezicht voor de helft veranderen in die van een wild dier. Hierdoor speelden de gebruikers met het merk, waarna ze het doorstuurden naar hun contacten. In andere landen is er al meer mogelijk op het gebied van Snapchat-advertising, dus in Nederland zullen er in de toekomst ook meer mogelijkheden tot adverteren komen.

Appels met peren vergelijken?

Ondanks de gelijkenissen in de features van de verschillende social media is de insteek van alles eromheen verschillend. Instagram is een open sociaal netwerk, waar Snapchat eerder gesloten is. Met Instagram is het hierdoor gemakkelijker om een breder publiek te bereiken en is daardoor, organisch gezien, aantrekkelijker voor marketeers.

Wat betreft de funfactor is Snapchat nog wel de baas. Door AR die wordt gebruikt, blijft de app verrassen. Facebook, eigenaar van Instagram, heeft een tijd geleden MSQRD, ontwikkelaar van AR, gekocht. Het is al mogelijk om zogenaamde ‘masks’ te gebruiken in een Facebook Live-video.

Het lijkt dus slechts een kwestie van tijd voordat dit te gebruiken is in Instagram. Als deze wijziging wordt doorgevoerd, zou je misschien denken dat Snapchat weinig voordelen meer heeft ten opzichte van Instagram. Dit is echter maar de vraag. De charme van Snapchat is het persoonlijke, Instagram heeft dat minder.

Voor marketeers is Instagram op dit moment misschien de gemakkelijkere, meer toegankelijke optie. Als Instagram volloopt met reclame-uitingen, zou het zomaar kunnen dat een wat meer gesloten, persoonlijker netwerk de voorkeur van het publiek krijgt. Of dit Snapchat is, zullen we tegen die tijd ontdekken.

*) Dit artikel is ook gepubliceerd op de website van Besocialized



Lees het volledige bericht op Emerce »

Risk As A Service brengt de innovatiemindset

Posted 06 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Binnen ABN AMRO werken we samen met veel andere afdelingen en met externe partners aan innovatie. In dit blog wil ik één van deze samenwerkingen nader toelichten. Een jaar geleden zijn we met de afdeling Risk Management een innovatietraject gestart met de vraag hoe we kredietaanvragen van klanten op korte termijn beter en sneller kunnen behandelen. Met als vergezicht om de kansen die ‘Risk As A Service’ (RAAS) biedt te ontdekken: het commercieel aanbieden van risico-management als nieuwe dienst.

Een ondernemend team

We zijn het traject gestart met het samenstellen van het team. Medewerkers konden zich aanmelden om in het team aan de slag te gaan en op basis van korte interviews zijn de beste kandidaten geselecteerd. Wij kozen voor een klein, multidisciplinair team dat fulltime aan innovatie werkt vanuit een eigen locatie in het hart van de bank. De samenstelling van dit team bleek cruciaal. Naast de juiste expertise hebben we goed gekeken naar karaktereigenschappen zoals intrinsieke motivatie, doorzettingsvermogen, een exploratieve mindset en handen-uit-de-mouwen mentaliteit. Ondernemers dus.

Vertrouwen & verantwoordelijkheid

Om de slagingskans van een innovatietraject te vergroten is het belangrijk dat een team toegewijd aan innovatie kan werken en zich hier volledig in gesteund voelt. De zogenaamde Business Sponsor zorgt voor een visie op de toekomstige gewenste situatie. Op welke manier deze visie bereikt wordt is volledig aan het team. Zij krijgen hier het totale vertrouwen in en de volledige verantwoordelijkheid over: van het in kaart brengen van de klantbehoefte tot het ontwikkelen van de (IT)-oplossing. De Business Sponsor schept alleen de kaders.

Er wordt iemand aangesteld die eventuele blokkades waar het team tegenaan loopt wegneemt. Zo kan het team zich volledig richten op het experimenteren. De Experiment Lead coacht het team hierin en leert ze hoe ze de innovatie werkwijze kunnen toepassen.

Data als aanvulling op de huidige werkwijze

ABN AMRO heeft jaren ervaring met risicomanagement. De risicomodellen waar onze Risk Managers nu gebruik van maken zijn dan ook sterk. En dit experiment heeft het beoordelingsproces mogelijk nog verder verbeterd!

Uit interviews met Relatie Managers, Risk Managers, klanten en experts binnen verschillende branches bleek dat er binnen elke branche specifieke Key Perfomance Indicators (KPI’s) zijn die gebruikt worden om succes te bepalen. Een KPI die in de autobranche wordt gebruikt is bijvoorbeeld het aantal sta-dagen van de voorraad tweedehands auto’s.

Al gauw bleek dat de data die deze KPI’s meten een waardevolle toevoeging zijn aan de werkwijze die de Risk Manager nu toepast. Door het beoordelingstraject aan te vullen met dergelijke sectorspecifieke KPI’s kan de riskmanager objectiever en meer voorspellend zijn afwegingen maken. Risicobeoordelingen zijn hierdoor kwalitatief nog beter.

Data visualiseren

De volgende stap: het visueel maken van de data waarmee een KPI gemeten wordt. Deze met data gevulde KPI’s zijn opgenomen in een dashboard om een actueel en objectief inzicht te geven aan de Risk Managers binnen de bank. Dit dashboard, eigenlijk nog maar een prototype, werd verder getest, gevuld en verbeterd. Hierbij leerden we dat sommige KPI’s zo sterk zijn dat ze in een bepaalde mate voorspellend kunnen zijn voor de performance van bedrijven in de toekomst. En zo werden aan de hand van deze KPI’s onze eerste ‘forward looking’ dashboards geboren. Inmiddels kunnen we bijvoorbeeld per bedrijfspand in Nederland een half jaar vooruitkijkend leegstand voorspellen met een hoge mate van waarschijnlijkheid.

En daarna?

De volgende fase is om na dit traject waarmee we op korte termijn kredietaanvragen van klanten beter en sneller kunnen behandelen, ook verder naar de toekomst te kijken en initiatieven te ontplooien waarin het vinden van nieuwe business modellen centraal staat. ‘Risk As A Service’: hoe kunnen wij als bank onze kennis en expertise op het gebied van Risk ook aan anderen gaan aanbieden als een dienst? Om daar te komen is het plan verschillend kleine experimenten te starten die daar invulling aan kunnen geven.

RAAS is niet alleen een mooi dashboard

Innoveren is een belangrijk onderdeel uit gaan maken van de dagelijkse gang van zaken van Risk Management. Het ideale klimaat om innovatie te stimuleren is er een waarin we werken met korte sprints, multidisciplinaire teams en vanuit een heldere innovatie visie (‘risicobeoordelingen sneller en objectiever maken’) in plaats van losse opdrachten (‘bouw een dashboard’).

Het experiment heeft ons veel meer gebracht dan alleen een mooi dashboard. We hebben er ontzettend veel van geleerd. Zo leerden we dat, naast kredietanalyse, ook data-analyse een belangrijke competentie is voor de Risk Managers wanneer de dashboards deel gaan uitmaken van hun dagelijkse werkzaamheden. Ook leerden we dat een multidisciplinaire samenwerking met onder meer dataspecialisten, IT en Risk Managers zorgt voor versnelling van opleveringen.

Wat we meenemen uit dit traject zijn de volgende drie dingen:

  1. Verzamel de juiste mensen om je heen;
  2. Combineer huidige werkwijze met de kracht van data;
  3. Richt je organisatie op dit aangepast proces in.

We merken dat andere collega’s mede door dit innovatietraject met Risk Management zijn geïnspireerd om op dezelfde manier aan de slag te gaan met innovatie en dat het aantal innovatie initiatieven sterk toeneemt in de organisatie. De innovatiemindset is los!

*) Dit artikel is tevens gepubliceerd op de website van ABN AMRO.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Agile worden? Stuur op de juiste manier

Posted 06 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Managers die vragen: ‘Waarom gaat het nou niet sneller?’ Teams die zeggen: ‘We geven steeds aan waarom we niet sneller kunnen, maar er wordt niets aan gedaan.’ ‘En leuk dat we nu een zelforganiserend team zijn, maar de managers bepalen nog steeds wat er gebeurt.’ Zomaar wat opmerkingen van medewerkers van een grote financiële dienstverlener die agile implementeerde. Herkenbaar? Lees in dit artikel de zeven kenmerken van een succesvol transitieteam en laat jouw agile transitie wel soepel verlopen.

 Het gaat niet vanzelf

Net als zoveel andere bedrijven had ook de financiële dienstverlener in de gaten dat hun manier van werken niet meer paste bij de eisen van deze tijd. Stroperige procedures, gebrek aan innovatie, afgehaakte medewerkers. Daarop besloten ze de veelgehoorde oplossing voor deze problemen in te zetten: agile werken. Werken met zelforganiserende multidisciplinaire teams zou het bedrijf van de ondergang redden. Toen deze omslag niet het gewenste resultaat had, vroeg de CEO ons om hulp.

Verkeerde verwachtingen

In onze gesprekken met het management en de teams kwamen we erachter dat er veel frustratie was. Voor de teams was niet duidelijk wat de doelstellingen waren en waarom de verandering nodig was. En de managers snapten niet waarom het allemaal niet sneller ging. Agile werd gezien als een wondermiddel dat direct voor verbetering zou zorgen.

“We hebben iedereen getraind, we hebben een projectleider aangesteld en via de stuurgroep sturen we strak op het transitieplan. Toch is er nog steeds geen versnelling van businesswaarde in de teams waarneembaar” – lid van de stuurgroep

Start met de basis

We hebben inmiddels veel verschillende organisaties van binnen gezien waar agile wordt toegepast, zowel binnen als buiten de IT. We zien veel vergelijkbare problemen. Een wendbare organisatie vraagt ook om een andere manier van leidinggeven, een goed functionerend transitieteam is essentieel. Als wij een transitie inzetten, zorgen we daarom altijd voor de volgende zeven randvoorwaarden:

“We scrummen nu wel, maar waarom dat nodig is is me niet duidelijk. Al die extra meetings kosten veel tijd. Het is een hype en het zal wel weer overwaaien.” – teamlid

  1. Zorg dat je een visie hebt waar je naartoe werkt

Agile werken is geen doel op zich. Agile is een middel dat je inzet om een bepaald doel te bereiken en dat doel moet je duidelijk voor ogen hebben voordat je begint. Veelgehoorde doelstellingen zijn: time-to-market verkorten, beter om kunnen gaan met verandering, meer innovatie, kwaliteit verhogen, minder bureaucratie, meer energie en plezier in teams brengen, de commerciële effectiviteit vergroten, de concurrentie voor blijven. Laat de rest van de organisatie horen waarom jullie visie belangrijk is en hoe jullie awesome end state eruit ziet. Door de doelen meetbaar te maken kun je ook fact-based beoordelen hoe het gaat met de transitie. Door regelmatig op de weegschaal te gaan staan weet je of je met de juiste dingen bezig bent om fit te worden.

“We hebben al vaak aangegeven dat we niet sneller kunnen omdat we afhankelijk zijn van een andere afdeling. Maar het lijkt erop dat er niets aan wordt gedaan” – teamlid

  1. Neem blokkades weg

Ieder team zal in het proces tegen blokkades aanlopen. Voorbeelden van zulke blokkades zijn afhankelijkheden van andere delen van de organisatie, politieke spelletjes, overbodige regels en procedures, niet passende beloningsmethodiek, conflicterende doelstellingen. De belangrijkste taak van het transitieteam is om die blokkades weg te nemen die de teams zelf niet kunnen wegnemen. Jullie zijn The A-Team dat teams snel te hulp schiet als ze vastlopen.

“Ik ervaar dat de grootste snelheidskiller ‘wij’ als management zijn, omdat we volgens de oude methodiek blijven acteren. De grootste verandering zit waarschijnlijk nog bij mijzelf.”  – een manager uit het T-team

  1. Zorg dat je zelf niet de blokkade bent

We zien vaak dat de leiders vinden dat ‘de werkvloer’ moet veranderen. ‘Als zij agile gaan werken, verdwijnen onze problemen als sneeuw voor de zon.’ Maar bij elke verandering geldt: leaders go first. Om wendbaar te worden is daarom een verandering van mindset en gedrag nodig, ook – en misschien wel juist – bij het management. Als T-team ben je de enabler van de transitie, niet de bestuurder. Stop met micromanagen maar stap over op andere manieren om grip te houden. Stel jezelf dus niet op als een stuurgroep die zegt: ‘Gij zult veranderen’, maar draag de boodschap uit: ‘Deze kant willen we op. Wat hebben jullie daarvoor nodig?’  Zo neem je de afstand tussen de leiding en de werkvloer weg.

  1. Werk zelf ook agile

Onderschat de kracht van voorbeeldgedrag niet. Door zelf ook agile te werken, laat je zien dat je in de verandering gelooft en dat je snapt wat de nieuwe teams doormaken. Werk in sprints, doe dagstarts, geef een demo, houd een eigen backlog bij op een zichtbare plek. Vergeet ook de retrospective niet, want alleen dan wordt het transitie team een goed geoliede machine die continu verbetert. Door retrospectives te houden, wordt het een veilige plek waar de teamleden open zijn naar elkaar en niet terughoudend zijn in het uiten van hun zorgen.

  1. Zorg voor het juiste team om impact te maken

Binnen het transitieteam is één persoon verantwoordelijk voor het bijhouden van de backlog, de product owner. Deze persoon hoeft niet senior in rang te zijn, maar hij of zij moet wel de juiste persoon zijn om de transitie te ‘trekken’. Daarnaast heeft ook het transitie team een agile coach, die zich bezighoudt met het faciliteren van het werkproces van het team.

Om blokkades weg te nemen, heb je mensen in je team nodig die dat snel kunnen bewerkstelligen. Dit kunnen bijvoorbeeld de leidinggevenden van de medewerkers in de teams zijn. Het is ook belangrijk een sponsor te hebben vanuit de hoogste directie, die regelmatig aanschuift en impasses kan wegnemen. Structurele belemmeringen verdwijnen niet vanzelf, het kost tijd om ze goed op te lossen. Teamleden van het transitie team moeten voldoende tijd beschikbaar hebben om hieraan te werken.

“Heel prettig om te merken dat aan ons team wordt gevraagd wat wij nodig hebben om meer impact te maken. Ik krijg het gevoel dat het management nu voor ons aan de slag is in plaats van andersom” – teamlid na het bezoeken van de demo van het T-team

  1. Wees transparant en vraag feedback

Presenteer als transitieteam zelf regelmatig de resultaten in de vorm van een demo of ‘sprint review’. Tijdens zo’n demo presenteer je welke stappen jullie hebben genomen, nog moeten nemen en welke veranderingen en belemmeringen je aan ziet komen. Laat zien wat werkt en wees niet bang om ook te laten zien wat niet werkt. Vraag ook om input: zijn we volgens jullie als transitieteam met de juiste dingen bezig? Als management weet je ook niet overal een oplossing voor. Blijf in dat geval niet lang doorvergaderen maar leg je vragen voor aan de mensen in de agile teams.

Een demo is een goed moment om te blijven communiceren over waarom deze veranderingen belangrijk zijn voor de organisatie en wat de stip op de horizon is. Dit schept duidelijkheid en dat helpt de stress te verminderen.

  1. Doe niet alles tegelijk

Voor een duurzame verandering is het beter om de organisatie niet in een keer om te gooien. Focus daarom op het belangrijkste, zorg voor kortetermijnsuccessen en schaal daarna op. Experimenteer en leer wat in jouw context wél en niet werkt. Dus geen big bang, maar inspect & adapt. Door de verandering team voor team aan te pakken, ‘eet’ je de oude organisatie op, tot het moment komt met een kritieke massa en ‘de rest’ ook om zal moeten. Wees geduldig; het

*) Co-auteur: Timo Mulder, oprichter & managing partner van Value First. Hij helpt groeibedrijven en corporates met het versnellen van hun innovatie en marketing teams met behulp van agile en lean startup technieken. Samen hielpen Timo en Jurriaan al meer dan 200 teams en 30 organisaties om meer impact te maken.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Ahold Delhaize: ‘Voice-assistants is een trend die we niet willen missen’

Posted 04 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het officieel samengaan van Ahold en Delhaize een jaar geleden is een van de grootste fusies in retailland ooit. Een slotstuk van een verlovingsdans die maar liefst negen jaar duurde. “We kunnen ontzettend veel van elkaar leren”, aldus Hanneke Faber (47), Chief E-commerce & Innovation Officer. 

De nieuwe retailcombinatie is volgens sommige experts een match made in heaven. Want door onder meer een eigen klantenkring, winkel- en distributienetwerk, eigen lokale merken en marktpenetraties vullen de supermarktbedrijven elkaar op bijna alle vlakken aan. En dan te bedenken dat elk ruim de helft van zijn omzet uit de Verenigde Staten haalt, waar ze sinds de fusie een groot deel van de oostkust afdekken. Het nieuwe bedrijf is wekelijks goed voor zo’n vijftig miljoen klanten, verdeeld over elf landen, met een jaaromzet van 62,3 miljard euro, waarvan 2,3 miljard op conto van de online labels: AH.nl, bol.com, delhaize.be en het Amerikaanse Peapod.

Vanuit Zaandam worden alle activiteiten wereldwijd aangestuurd. Het voormalige Europese hoofdkantoor van Delhaize in Brussel blijft desalniettemin behouden. “Vooral uit praktische overwegingen voor onze Belgische collega’s”, aldus Faber, die als hoofd E-commerce en Innovatie ruim vijfduizend medewerkers aanstuurt.

Dat de fusie vaak nog wordt neergezet als een overname door de Nederlanders vindt ze onterecht. “Toen Delhaize in maart 2015 aangaf met ons te willen praten, waren we meteen enthousiast. Strategisch was het een logische stap. En we hadden er op eerdere momenten al over nagedacht.”

Faber blijft spreken over een merger of equals. “Omdat we niet voor elkaar onderdoen als je kijkt naar de feiten en cijfers. Van het aantal winkelfilialen en jaaromzet tot beurswaarde en winstmarge. Die balans tussen Ahold en Delhaize zie je terug in de boardroom en supervisory board en de invulling ervan met ongeveer evenveel Ahold- als Delhaize-mensen. Dat geeft tevens aan hoe we er allebei in staan. En is een must, wil je – en dat is echt onze intentie – het beste uit beide werelden halen.”

Wat zijn volgens jou de grootste voordelen?
“Er zijn wereldwijd niet zoveel retailers die zowel in de Verenigde Staten als in Europa groot zijn. En daarnaast nog eens veel van elkaar kunnen leren. Delhaize is bijvoorbeeld nog een kleine speler op e-commercegebied. Aan de andere kant zijn zij weer veel verder als het gaat om hun premium assortiment. En in het bouwen van een eigen merk, dat ze vervolgens ook succesvol naar andere landen hebben weten te brengen. Dat ze minder hebben ingezet op online is een strategische investeringskeuze geweest. Ook zij zien nu echter in dat e-commerce een must-have is.”

Het nieuwe bedrijf lijkt meer op een Amerikaans dan op een Europees bedrijf, twee derde van de omzet komt ervandaan. Ligt jullie focus dan ook minder op Europa?
“Nee. We willen zowel in Europa als in de VS op een gezonde manier groeien. In Amerika kan dat door inbreng van onze kennis en ervaring aangaande discounters, die daar nagenoeg onbekend zijn. Maar waar ze binnenkort wel mee te maken krijgen, door de komst van Lidl. Tevens onze grootste concurrent in Europa, omdat ze in bijna alle landen zitten. Groei door overnames, zoals Walmart heeft gedaan met de aankoop van Jet.com, is voor ons nu niet direct aan de orde. We hebben voldoende digitale kennis in eigen huis. Daarnaast hebben we onze handen vol aan de huidige fusie. Onderschat overigens ook onze Zuidoost-Europese markt niet, met landen als Roemenië en Griekenland. Daar staat wat mij betreft ook een van de mooiste supermarkten van Ahold Delhaize. Ze hebben daar simpelweg goed naar de bestaande Delhaize-formule gekeken en er hun eigen creativiteit overheen gegooid. Dat werkt inspirerend.”

Is er eigenlijk een kans dat Delhaize in Nederland als supermarktformule wordt ingebracht? Als tegenwicht voor Jumbo’s Foodmarkt en als verrijking van jullie eigen winkelformules…
“Voorlopig zullen we ons hier op het gebied van grocery focussen op Albert Heijn. Waar we momenteel ook de nodige beleving in winkels aanbrengen. (Lachend) Maar het is een interessante suggestie.”

Met de huidige 21 merken lijkt het me in elk geval tijd de bezem er eens doorheen te halen. Eens?
“We geloven erg in goede lokale merken, dus nee. Dat is ook precies waar retail over gaat. Die lokale historie, bekendheid en klantenkring moet je juist koesteren. Neemt niet weg dat ze aan de achterkant natuurlijk wel gaan samenwerken. Van online tot inkoop.”

Jullie hebben zo’n 1,7 miljard euro in kas. Hoeveel gaat daarvan naar innovatie?
“We blijven substantieel investeren in e-commerce. Uiteindelijk worden we online wel winstgevend, maar voorlopig zal het onder de streep tot een negatief resultaat leiden. Dat is een keuze, omwille van onze groeiambities. Een ander deel van de investeringen van Ahold Delhaize zal naar het uitbouwen van ons eigen merk gaan, maar ook naar een nog verser en gezonder assortiment, en om lokaal nog persoonlijker te kunnen zijn. En natuurlijk gaat er geld zitten in de prijsacties die we doen.”

Ik hoor je geheel niet over innovaties, zoals de Dash-button van Amazon. Waarom niet?
“De Dash is leuk, we hebben er ook een paar liggen, maar een product toevoegen in onze mobiele app gaat net zo snel. Waar ik wel heel veel van verwacht, is voice commerce via apparaten als Amazon Alexa en de Home van Google. Wij hebben niet de intentie zelf dergelijke hardware te ontwikkelen. Wel werken we al samen met een aantal aanbieders op dat gebied. En nee, dat is niet Amazon. Als je kijkt naar de huidige adoptiecurve, denk ik dat shoppen via voice-assistants over drie à vier jaar wel eens de normaalste zaak van de wereld zou kunnen zijn. Een trend die we dus zeker niet willen missen.”

 En ontwikkelingen in store als narrowcasting en beacons, is dat een hype gebleken?
“In het kader van omnichannel sales zijn we zeker nog met dat soort technologieën bezig, maar inderdaad summier. In onze Gall&Galls zie je al wel schermen bij de kassa hangen. In andere winkels heeft dat inderdaad niet zo’n vlucht genomen als destijds wel eens werd verondersteld. Net als met iBeacons. We hebben er testen mee gedaan, maar uiteindelijk moeten onze klanten het ook van toegevoegde waarde vinden. En dat is vaak nog niet zo. Daarnaast zie je dat fysieke promotie, zoals demo’s, op de winkelvloer nog steeds erg in trek is. Van sampling, posters tot vloerstickers. De kracht ervan moet je niet onderschatten. Uiteindelijk zal de technologische innovatie er – ook in de winkels van Delhaize – zeker komen. Vraag is even wanneer en hoe.”

Een van jullie nieuwste verdienmodellen is de online verkoop van reclameruimte op eigen sites. Bij bol.com al goed voor zo’n tien miljoen euro. Hoe doet AH.nl het op dat gebied?
“In totaal doet Ahold Delhaize momenteel 2,3 miljard euro online omzet. Waarbij ongeveer één procent op conto komt van online reclameverkoop. Opgeteld dus zo’n twintig miljoen. Als je bol.com wegstreept, hou je nog zeg tien miljoen euro over. En nee, die ga ik hier niet specificeren. (AH.nl doet naar verwachting dit jaar zo’n vierhonderd miljoen euro omzet, dus zou het hier gaan om een kleine vier miljoen euro aan inkomsten, red.) De vraag naar dit soort reclameruimte is momenteel overigens vele malen groter dan we nu kunnen aanbieden. Mede doordat oude marketingmodellen en mediakanalen niet meer zo goed werken. Neem de tv-kijkcijfers die ontzettend hard dalen. En het feit dat search ook vaak niet meer het begin van winkelen is. En dus moeten marketeers iets anders. In de Verenigde Staten is het startpunt van winkelen voor velen al Amazon.com en niet Google of Facebook. In ons land is dat bol.com en voor levensmiddelen AH.nl. Daardoor tref je er behalve eyeballs ook direct consumenten met koopintentie aan. Dat is natuurlijk koren op de molen van adverteerders, zeker als je bedenkt dat we in 2020 online 4,6 miljard euro verwachten te doen.”

Kan je niet simpelweg meer inventory creëren?
“Klopt, en dat gaan we ook doen. Maar we moeten voorzichtig zijn. Het is een winkelomgeving waarin je je begeeft, geen reclamezuil. En we willen dat de klant er echt iets aan heeft. Display is daarbij overigens erg populair, gevolgd door sponsored search, native advertising en native content. De komende jaren zullen daar nog allerlei nieuwe varianten bij komen. Ook bij Delhaize, zodra de site en de markt er klaar voor zijn. Steeds vaker ook ingestoken op personalisatie, waarbij het profiel van de shopper de inhoud van de uiting bepaalt. Dankzij de overname van bol.com kunnen we hierin snel stappen zetten. Bol.com is nu en de komende jaren ook goed voor iets meer dan de helft van onze totale online omzet. Mede dankzij hun kennis kunnen wij online jaarlijks met 20 tot 25 procent groeien. Het is ook dankzij hen dat we als supermarktbedrijf aan het scrummen zijn geslagen. Iets wat we daarvoor nog niet op zulke grote schaal deden.”

 Zo frictieloos mogelijk shoppen is online het ideaalbeeld. Anderzijds heb je offline nog te maken met allerlei obstakels, als een pinpas en een Bonuskaart. Waarom innoveer je daar niet meer?
“Je hebt helemaal gelijk, maar vooralsnog blijft je mobiel eerder een scanapparaat dan dat je ermee betaalt. De komende jaren zullen we daar wel stappen maken. Uiteindelijk moeten we het betalen – maar ook de klantkaart – als frictiepunt wegnemen. En meer persoonlijk worden. Bij bol.com komt twintig procent van de omzet al op conto van personalisatie. Bij AH.nl is dat percentage verhoudingsgewijs wat kleiner. Neemt niet weg dat daar enorme kansen liggen voor ons. Ook met het koppelen van sociale gedragingen, zoals het Amerikaanse StitchFix.com doet. Waarbij input van Facebook en Twitter en dergelijke leidt tot een aanscherping van iemands profiel.”

Een van de dingen waar jullie ook testen mee doen, zijn fietskoeriers. Met jullie filialen als lokaal distributiecentrum. Verwacht je daar veel van?
“Ja, gezien ons netwerk, het gemak, de snelheid en de huidige vraag kan dit wel eens groot worden. Zeker nu we naast het aanbieden van tal van kant-en-klaarmaaltijden ook on the spot eten klaarmaken. Je betaalt er vooralsnog wel extra voor, vijf euro, maar daar krijg je dan wel een 1-uursservice voor terug. Dat is ook interessant voor metropolen als New York City en andere grote steden waar we mondiaal actief zijn.”

Iets anders: jullie hebben inmiddels 56 Pick Up Points. Ik zie echter weinig activiteiten. Is de behoefte ernaar toch overschat?
“Nee, er is een harde kern van klanten die er graag gebruik van maakt. Volgens sommigen is er sprake van een hapering, maar wij zien desondanks nog steeds double digit groei. Thuisbezorging is wel populairder. Met name in dichtbevolkte gebieden zien we daarvan de vraag toenemen. In een grote stad als Amsterdam verdienen we er ook geld mee. Aan ons om vervolgens ervoor te zorgen dat we dit zo efficiënt en duurzaam mogelijk inrichten. Ook zo investeren we in de toekomst.”

 Tot slot, jullie hebben nu ruim een jaar een digitaal filiaal op Tmall van Alibaba. Blijft het daarbij?
“Ja, want we hebben besloten ermee te stoppen. Het betrof een kleine online winkel waarmee we ervaring konden opdoen met een van de grootste marktplaatsen ter wereld. Ze lopen daar toch echt voorop als het om shoppen gaat. Niet dat morgen alle winkels zijn vervangen door interactieve schermen, maar het gebruik van QR-codes zou ook weleens elders een uitkomst kunnen zijn. We hebben er wel veel learnings uit gehaald die we elders zullen inzetten. Of onze eigen sites op termijn ook als marktplaats gaan fungeren? Bol.com is natuurlijk al het grootste online winkelplatform van de Benelux, en dat is een belangrijke strategische rol. Ook bij AH.nl hebben we al producten van Etos en Gall&Gall geïntegreerd, dus waarom niet?”

* Dit artikel verscheen eerder in het februarinummer van Emerce magazine (#155).



Lees het volledige bericht op Emerce »

Heineken blijft Champions League sponsoren

Posted 01 Feb 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Lees het volledige bericht op Adformatie »

NY Times begint podcast met dagelijks nieuws

Posted 31 Jan 2017 — by Emerce
Category nieuws

De New York Times begint een dagelijks podcast met nieuws, waarin de luisteraar in maximaal vijftien minuten per werkdag wordt bijgepraat over actuele zaken.

Eigenlijk draait deze podcast al een aantal weken, want hij begon tijdens de verkiezingsrace in de VS. Toen heette hij ‘The Run-Up’, nu gaat hij per morgen door onder de titel ‘The Daily’.

Presentator Michael Barbaro verklapt nog niet al te veel over de inhoud. “Het is eigenlijk geen podcast, maar je luistert ernaar als ware het een podcast. Het is geen radio, maar de mechanismen zijn in grote lijnen hetzelfde. Het is geen krant, maar we putten uit de journalistiek van de New York Times.”

BMW sponsort de show.

Nieuw is het concept van de nieuwspodcast niet. NPR, BBC Global News, PBS en Politico hebben vergelijkbare concepten waarbij minstens eenmaal per dag een hele korte audioproductie wordt gepubliceerd.

In Nederland is BNR bezig een podcastnetwerk op te tuigen. Morgen sluit de inschrijving voor belangstellende experts die een eigen MP3-radioshow willen uitzenden.

Foto: Matthew Rutledge (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘We gaan de investeringswereld veranderen. Dat is nodig’

Posted 31 Jan 2017 — by Emerce
Category nieuws

Een nieuw soort media-, entertainment- en tech-investeerder presenteert zich in Nederland: Zero. Oprichter Lars Kappen: “We gaan de investeringswereld veranderen en leveren éérst onze diensten en worden daarna pas beloond in de vorm van aandelen.”

Gisterenavond presenteerde Kappen nieuwe naam en logo van Zero. Dat gebeurde in de Heineken Experience te Amsterdam. De locatie is niet helemaal toevallig, want een van de partners is ‎Hans Erik Tuijt, director Global Sponsorships bij Heineken. Zero werkt met vijftien partners. Zij brachten gisterenavond elk vijf mannen en vijf vrouwen als gast mee. Elk van hen kan in de komende jaren bijdragen gaan leveren aan de ventures die Zero aan zich binden.

“We gaan voor scale-ups werken. De relatie met hen is niet die van een investeerder met een participatie. Wij werken anders, op een manier die wij van 2017 vinden. Bij bedrijven die zich bij ons melden, bekijken we hoe we daar inhoudelijk iets kunnen toevoegen. Dat kan betekenen dat we daar een hele goede CMO neerzetten. Die huren wij dan in. Als wij de opdracht die de venture ons gaf, goed hebben uitgevoerd pas dan verwerven we een belang. Minstens 11 procent, maximaal 33 procent. Nooit meer.”

“We zijn een coöperatie en willen vooral anderen succesvol maken.“

Waar venture capital-bedrijven doorgaans een managementfee van pakweg twee procent rekenen, werkt het bedrijf anders. Het huurt zelf vakspecialisten in die bijvoorbeeld op interim-basis bij een venture een klus doen. Omdat Zero deze kosten op zich neemt, wordt ook een kleiner deel uit zijn eigen investeringsfonds in participaties geïnvesteerd. Iets meer dan de helft.

Kappen benadrukt dat Zero niet als venture capitalist te boek wil staan. Het is eerder een netwerk van specialisten, die op projectbasis in een bedrijf kunnen worden aangesteld. Daarnaast is ook groeigeld een middel. De ondernemer omschrijft het verwerven van het aandelenbelang als een beloning voor het geleverde werk. Ook de specialisten die vanuit Zero’s netwerk voor maximaal 24 maanden op een project worden aangesteld delen na afronding van hun opdracht mee in het resultaat. “Bijvoorbeeld in de winst als de aandelen worden verkocht.”

Zero bestaat uit een team van vijftien partners c.q. adviseurs. dat zijn niet de investeerders. Dat is een andere groep. Zij brengen het kapitaal bijeen waarmee bij de ventures, typisch zijn dat scale-ups, de aandelen worden verworven. Deze investeerders brengen elk tussen de 250.000 en een miljoen euro mee. “Plus een actieve houding om ons met advies te helpen.”

Zero is de nieuwe naam van de organisatie die tot nu toe door het leven ging als True Connection Ventures. “De nieuwe naam Zero staat voor onze grootste unique selling proposition: als we niet leveren wat we met de venture hebben afgesproken dan ontvangen we de aandelen niet. Niets. Dit model is nieuw in de investeringswereld en kan, als het navolging krijgt, wereldwijd de verandering teweeg brengen die nodig is. Want aandelen ‘weggeven’ voor geld, wat venture capital nu doet, gaat om hun rendement en niet per se om de venture zelf. Met de naam Zero zetten we ons daartegen af.”

Tot Kappens compagnons behoren onder meer Maykel Piron (Armada Music), Bas Beerens (WeTransfer), Jeanluc Zeguers (ex-Dasym), Arthur Clement (Fremantle Media) en Slaven Mandic (Wayne Parker Kent).

Foto: Erik van Lent (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Facebook test reclame in Messenger

Posted 26 Jan 2017 — by Emerce
Category nieuws

Facebook houdt een kleinschalige test met reclame in zijn mobiele chat-app Messenger. De reclameberichten zijn groot, niet te missen en – eenmaal geïmplementeerd – niet meer te verwijderen.

Nu zijn het enkel gebruikers van Messenger in Thailand en Australië die de reclameberichten te zien krijgen in hun chat-app. Ze zien een carousel, ook bekend van Nieuws, waar ze doorheen kunnen swipen. De commerciële berichten net onder de meeste recente conversaties, net ‘onder de vouw’.

Facebook biedt adverteerders al de mogelijkheid om zogeheten Sponsored Messages te versturen naar Messenger. Dat kan enkel wanneer merk en gebruiker in een eerder stadium al ‘organisch contact’ hadden. De reclamevorm die Facebook nu uitprobeert gaat een stap verder. Het gaat om ongevraagde commerciële berichten in de als privé beschouwde omgeving van de Inbox.

De proef wordt, zo klinkt het nu, kleinschalig gevoerd en zal niet op korte termijn naar andere landen worden uitgerold.

Foto: Jason Tong (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Alibaba sluit megacontract met Olympische Spelen

Posted 20 Jan 2017 — by Emerce
Category nieuws

Alibaba heeft een contract gesloten met het IOC om tot 2028 cloud- en e-commerceleverancier te worden voor de Olympische Spelen. In China wordt het bedrijf de lokale mediapartner, naar de rest van de wereld toe moet de samenwerking het merk Alibaba sterker laden.

Dat maakten IOC-topman Thomas Bach en Alibaba Group-oprichter Jack Ma gisteren bekend op het World Economic Forum op een persconferentie (video onderaan tekst).

“We willen niet zomaar een sponsor van de Olympische Spelen zijn, maar het IOC helpen zijn transformatie-agenda te realiseren”, aldus Jack Ma tijdens de toelichting. “Het bedrijf Alibaba wordt hierdoor een wereldspeler. We hebben nu 500 miljoen kopers als klant, waarvan 200 dagelijks via de mobiel, en 12 miljoen MKB’ers die in 1,2 miljard producten handelen. Uiteindelijk moeten dat twee miljard klanten worden.”

“Alibaba is ontstaan in China maar we bedienen de wereld. Om te groeien sluit ik samenwerkingen, geen overnames.”

Het is niet bekend hoeveel geld is gemoeid met de twaalfjarige overeenkomst.

De eerste resultaten van de samenwerking moeten zichtbaar worden tijdens de Winterspelen volgend jaar in Zuid-Korea. Op welk front die als eerste tot uiting komen, is nog niet bekend. IOC-baas Bach: “Het IOC biedt Alibaba’s diensten aan, maar legt ze niet op.”

De clouddeal met Alibaba lijkt een element waar vooral de organiserende landen van profiteren. Nu tuigt een land iedere twee jaar een compleet nieuwe IT-infrastructuur op om alle benodigde digitale diensten te faciliteren. Door een deel van die infrastructuur naar de Chinese cloud te migreren wordt het, in de woorden van Bach, “makkelijker en goedkoper om de activiteiten over te dragen tussen de organiserende comité’s.”

Op e-commercegebied zet Alibaba zijn bereik en winkeltechnologie in om de handel te faciliteren in officiële merchandise van het IOC en alle nationale Olympische sportorganisaties.

Jack Ma over de dreiging van globale handel in namaakartikelen: “Dat is een oorlog die je niet alleen kunt winnen en niet binnen een dag. Wel is het zo dat wij tweeduizend mensen op deze materie hebben zitten met de beste technologie die in de wereld beschikbaar is. Samen met het IOC zien we precies wat echt en nep en wie legitiem waarin mag handelen en wie niet. Namaak is niet alleen een probleem van Alibaa maar van de hele wereld. Wat wij bouwen om dit te bestrijden is een waar meesterwerk, kunst.”

De presentatie van Bach en Ma gisterenmiddag in Zwitserland:



Lees het volledige bericht op Emerce »

TNW Conference zoekt snelste techgroeiers

Posted 16 Jan 2017 — by Emerce
Category nieuws

The Next Web Conference is voor zijn Tech5-competitie op zoek naar Europa’s snelst groeiende techbedrijven, niet afgemeten naar de gebruikers die ze hebben maar de omzet die ze genereren.

Bedrijven uit Nederland, Duitsland, Engeland, Frankrijk, Spanje en Zweden kunnen zich tot 1 maart aanmelden voor Tech5. De winnaars van ieder land worden bekendgemaakt tijdens TNW Conference in mei 2017.

Deze verkiezing bejubelt niet de cultuur rondom startups, maar richt zich met name op de groep bedrijven die zich in essentie al hebben bewezen en door een intense groeifase gaan. De Europese techindustrie begint nu volwassen genoeg te worden om per deelnemend land meerdere van dat soort bedrijven aan te merken. Adyen, sponsor van de competitie, is daar in Nederland een aansprekend voorbeeld van.

Foto: The Next Web Conference (c)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Lokaal en digitaal: de ambities van de Persgroep voor indebuurt.nl

Posted 12 Jan 2017 — by Emerce
Category nieuws

Kat Willem is vermist en op de foto met Elsa en Olaf van Frozen – zomaar twee artikelen die de bezoekers van indebuurt.nl bezighouden. Het hyperlokale platform van de Persgroep wordt het komende jaar uitgerold naar tientallen Nederlandse steden.

Consumenten zijn geïnteresseerd in wat er in hun directe omgeving gebeurt. Of dit nu de opening van een nieuwe winkel, de aankondiging van een nieuwbouwproject of een speciale uitverkoop betreft. Wij zagen dat deze specifieke lokale informatie niet of versnipperd te vinden was. Dat kon beter, vandaar het idee van de Persgroep om het lokale online platform indebuurt.nl.nl op te richten. De Persgroep had al lokaal gerichte sites als Autotrack.nl en NationaleVacaturebank.nl en natuurlijk de huis-aan-huisbladen. Maar er viel online op lokaal vlak nog veel markt te winnen en die uitdaging gaan we aan met indebuurt.nl.

Delft had op 15 februari 2016 de primeur en inmiddels zijn Utrecht en Dordrecht toegevoegd aan het portfolio. In elke stad waar indebuurt.nl start wordt een Community Manager en een Commercieel Redacteur aangesteld. Dat zegt meteen iets over het verdienmodel: lokale ondernemers die aansluiten op de formule kunnen branded content plaatsen, zoals een berichtje over een nieuwe menukaart, speciale aanbieding of vacature. Er is bewust voor gekozen om geen banners te plaatsen op indebuurt.nl.nl. Ondernemers hebben een prima verhaal te vertellen dat ook nog eens goed wordt gelezen, dus waarom zou je dan focussen op banners die de bezoeker veelal als irritant ervaart? De gesponsorde content is uiteraard duidelijk herkenbaar voor de bezoeker.

Daarnaast heeft indebuurt.nl een bedrijvengids waarin lokale ondernemers gratis kunnen worden opgenomen. Denk aan restaurants, speeltuinen, bioscopen, enzovoorts. Een van de doelen van indebuurt.nl is om inwoners en voorzieningen te verbinden, de gids helpt hierbij door bijvoorbeeld openingstijden en contactgegevens te bieden.

Concurrentie: Facebook, Google, Iens, Foodora, Treatwell

De concurrentie op de advertentiemarkt is ook op hyperlokaal niveau groot. Facebook is sterk in geotargeting en kan op basis van profielinformatieen interesses zeer gericht targeten. Dat geldt ook voor Instagram en de mogelijkheden van Google zijn uiteraard bekend. Gezien het grote bereik is Facebook tegelijkertijd ook een belangrijk kanaal voor indebuurt.nl zelf. Het stelt ons in staat om op slimme wijze met de doelgroep te communiceren en berichten waar nodig extra aan te jagen. Een groot deel van ons bezoek komt dan ook binnen via Facebook. Andere concurrenten zijn ook zeker services als Foodora, Treatwell, Iens, et cetera. Zij leveren misschien geen content zoals wij dat doen, maar brengen lokale ondernemers en de consument wel op zeer effectieve wijze samen.

Bereik opbouwen

De focus van indebuurt.nl.nl ligt in eerste instantie op het opbouwen van bereik. Dordrecht is net begonnen, daar kunnen we nog niets over zeggen. Delft heeft nu vijftig- tot zestigduizend bezoekers per maand. Utrecht zit daar ruim boven, maar is dan ook een grotere stad. Je merkt dat het bereik daar eveneens sneller groeit, mede vanwege het vliegwieleffect via social media. Een grote stad betekent echter ook meer concurrentie van blogs, vlogs, bladen die online tips geven en grotere lokale partijen als De Utrechtse Internet Courant (DUIC). Deze concurrentie helpt om scherp te blijven op wat we wel en niet doen en waarop we ons willen onderscheiden.

Op basis van data-analyses houden we in de gaten welke content goed scoort en wat voor soort content we meer of minder vaak moeten brengen. Zo doet de opening van een nieuwe speeltuin of restaurant het meestal erg goed bij onze doelgroep. Daarvan is twee derde vrouw. Meer dan 30 procent is tussen de 25 en 34 jaar oud. En mobiel is een belangrijk kanaal voor ons: meer dan 65 procent bezoekt indebuurt.nl via hun smartphone.

Wat de partners betreft: we werken nu al samen met Reclamefolder.nl, zodat bezoekers de folders en aanbiedingen van lokale winkels terug kunnen vinden bij indebuurt.nl. Daarnaast verzorgt Amivedi een overzicht van vermiste huisdieren. Intern hebben we een concrete samenwerking met de huis-aan-huisbladen. Zo kun je bij indebuurt.nl Delft de DelftsePost online lezen en in de wekelijkse uitgave van de DelftsePost vind je geregeld artikelen van indebuurt.nl. Verder is nieuws van indebuurt.nl.nl binnen de regiosectie van AD.nl te vinden. En we kijken het komende jaar naar andere samenwerkingen, waarbij interne partijen als Autotrack en NationaleVacaturebank een logische match kunnen zijn.

Geen kannibalisatie huis-aan-huisbladen

De ambitie is om veel steden op indebuurt.nl aan te sluiten. De keuze voor zo’n stad hangt onder andere af van het inwonersaantal, de bedrijvigheid en of het een logische match is met de Persgroep en de indebuurt.nl-formule. Van kannibalisatie is niet echt sprake – de huis-aan-huisbladen trekken een wat oudere doelgroep aan en de indebuurt.nl-formule is duidelijk complementair aan wat er al wordt gedaan bij de overige nieuwsmerken binnen de Persgroep.

De eerste resultaten zijn bemoedigend, maar tevreden zijn we pas echt als we aanzienlijk bereik weten te realiseren onder consumenten en tegelijkertijd impact kunnen realiseren voor ondernemers. Dat willen we onder andere doen door de content steeds beter af te stemmen op de concrete interesses van bezoekers. Denk hierbij aan alerts als er over favoriete voorzieningen wordt geschreven of speciale acties afgestemd op de individuele interesses van de bezoeker. Verder kijken we naar samenwerkingen met relevante lokale spelers. Bij voldoende bereik ontstaan allerlei aanvullende kansen, zoals eigen lokale events en bijvoorbeeld estaurantdeals. Andere focusgebieden die we interessant vinden zijn user-generated content en video. Kortom, er zijn genoeg mogelijkheden om van indebuurt.nl een succes te maken.

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Hollands Glorie op de CES in Las Vegas

Posted 10 Jan 2017 — by Emerce
Category nieuws

Als een mooi uitvloeisel van ‘Startup Delta’ en ‘Holland in the Valley’ waren ruim 50 Nederlandse startups neergestreken in de desert van Las Vegas. Waar het ene bedrijf er eigenlijk allang rijp voor was, is de andere zoekend naar validering van de grote stap naar de VS.

Voor mij is het reeds acht jaar geleden dat ik met Symbaloo de Amerikaanse markt betrad. Met een beloftevolle groep Nederlandse gebruikers zouden wij het gaan maken in de VS. Niet makkelijk blijkt achteraf, want het verschil is net zo groot als voetbal en Football. Het lijkt veel op elkaar maar niets is te vergelijken. Door aanpassingsvermogen, doorzettingsvermogen en de juiste timing hebben we nu tien miljoen gebruikers en wordt het speelveld steeds interessanter.

Het ‘déjà vu-gehalte’ van deze ‘fresh arrivals’ is groot en de onderbuik kriebelt als je het ongelimiteerde enthousiasme van deze prille ondernemers ziet. Deze zijn soms al best op leeftijd, maar gaan voor hun droom. Jeetje, wat is het starten van een nieuwe onderneming toch leuk en wat zijn de eerste maanden toch romantisch.

Beam

Don Molenaar en Thomas de Wolf, lekker Nederlandse namen in Las Vegas, hebben een Smart Projector gemaakt die je in iedere lampfitting kan schroeven. Vervolgens kan je deze al voorwaardige projector gebruiken met een hoge lichtintensiteit. Als je Netflix via de app toevoegt, kan de televisie de deur uit. Natuurlijk kan je de ‘Beam’, zoals de projector heet, voor een presentatie of als product display in etalages of winkels gebruiken. De in een lamp weggestopte ‘beamer-projector’ verrijkt met kleurenbeeld de productervaring in de winkel. Dit is een mooi product, goed uitgevoerd en heeft een hoge potentie om door te breken.

Twintig Nederlandse ondernemingen, die mogelijkheden in Amerika zoeken, hebben een klein standje op de CES geboekt via hulp van onze Nederlandse overheid. Super opgezet en zelfs een mooi oranje tapijt. Het is jammer van de rommelige achterkanten, maar dan kunnen we volgend jaar in ieder geval iets verbeteren.

Ik kan het toch niet laten te speculeren over wie het gaat maken. Wie heeft nou net het ene dingetje meer dat het verschil zal zijn tussen succes en mislukking? Wat maakt nou precies het verschil? Ik geloof heilig in drie succes factoren: adaptievermogen, nooit opgeven en gelukvinders.

“Zij die zich aanpassen aan veranderende omstandigheden zijn de overlevers’’, zei Darwin. Het is niet hoe je neer gaat, maar hoe je telkens weer opstaat! Er zijn van die mensen die gewoon getraind zijn in tegenslagen verwerken. Zij merken niet eens dat er wind tegen is en bij 5-0 achterstand denken zij nog steeds aan winnen. Mensen die nooit opgeven, die zo’n ‘Johan Neeskens-mentaliteit’ hebben en maar blijven schoffelen.

Cally

Cally.com is zo’n bedrijf dat voort is gekomen uit afspraakmaken.nl. Met miljoenen Nederlandse gebruikers gaan ze nu, in een nieuw jasje, met een geloofwaardig businessmodel de internationale markt op. Sociaal afspraken maken en die momenten koppelen aan commercie. Dus laten we een biertje pakken met suggesties van alleen maar Heinekencafés en zo dus per afspraak een bijdrage van Heineken krijgen. In de VS wordt dit minder makkelijk en zal je per regio een andere sponsor moeten zoeken, maar een geweldig doorzettingsvermogen om van een afspraaksysteem een sociaal concept te maken dat te sponsoren is. Chapeau!

De mooiste ondernemers hebben altijd de wind in de zeilen, vinden zonnestralen heel normaal en parkeren altijd voor de deur. Deze ondernemers kennen het verschil tussen geluk en mazzel. Het is geluk als je onbedoeld iets in je schoot geworpen krijgt en het is mazzel als je geluk uitdaagt en bewust probeert te krijgen. Oftewel: als je altijd voor de deur kijkt om te kunnen parkeren, dan is dat geen geluk. Als het je lukt om voor de deur te parkeren, heb je mazzel. Je kunt dus zeggen dat je geluk op deze manier afdwingt.

Persoonlijk kijk ik toch echt eerst voor de deur om te kunnen parkeren en sta ik toch heel vaak voor de deur, omdat andere mensen ook genoegen nemen met een plaatsje verder. Niet settelen voor ‘second best’ is een eigenschap die een echte ondernemer niet vreemd is.

Troffee

Op de CES kom ik Paul Schrijver tegen, een Nederlandse ondernemer die met een paar maatjes ‘het printen van koffie’ heeft uitgevonden. Natuurlijk niet letterlijk, maar wel hetzelfde businessmodel. Als gebruiker kan je precies jouw koffie met jouw smaak en toevoegingen invoeren als je in de buurt bent van zo’n apparaat. Geweldig voor grootgrutters die meer winkeltraffic willen krijgen zonder ruimte en personeel beschikbaar te hoeven stellen.

In Amerika hebben heel veen kruideniersketens een shop-in-shop van Starbucks. Dit is grotendeels voor de winkeltraffic, maar moet wel door eigen mensen bemand worden. Daarnaast nemen deze shop-in-shops aanzienlijk veel ruimte in en met personeel is dat een aanzienlijke kostenpost.

Paul is een man die voor de deur parkeert. Ik denk dat hij om alle problemen, van intellectueel eigendom tot juridisch tegenwind, van grote ondernemingen heen kan zeilen.

Starbucks zal hier niet blij mee zijn. De consument wel! Door even de app aan te klikken en aan te geven welke koffie je wil, hoef je niet meer te wachten. Je krijgt namelijk een berichtje wanneer de koffie klaar is. Niemand wil tenslotte wachten! Ook leuk om te vermelden dat het apparaat direct herkent als je niet de voorgeschreven koffie gebruikt. Tenminste, dat is leuk voor de fabrikant.

Je kent vast de mensen die altijd te laat komen als het gunstig is en te vroeg zijn als dat nou juist gewenst is. Mensen die het gevoel voor timing als een art hebben ontwikkeld en altijd net op tijd het juiste doen. Dit wordt meestal als toeval betiteld, terwijl het gewoon een gave is die ontwikkeld is in de jaren van bewust leven. Het gevoel voor timing is misschien wel de meest onderscheidende succesfactor van een serie-ondernemer en van toeval is dan absoluut geen sprake. Timing is namelijk alles in het leven!

Keezel.co

Op de CES hebben ze een op een muis lijkende device ontwikkeld die verbinding maakt het een ‘openbaar’ Wifi-systeem. Vervolgens is er een hotspot gecreëerd dat veilig is door de ingebouwde inscriptie. Dit is een mooie timing nu steeds meer mensen over de hele wereld connectie maken met allerlei openbare netwerken, die allesbehalve veilig zijn. Waarschijnlijk is dit nu nog een los device, maar straks natuurlijk ingebouwd in je computer en een firewall voor een connectie met openbare netwerken.

Ik hoop dat ze snel de technologie verkopen op een licentiemodel aan de computerfabrikanten, want dat is de toekomst! Dit is vergelijkbaar met de TomTom. Ondanks dat echte beveiligingsgoeroes als Steve Gibs geloven in losse units gaat het gemak het winnen, in mijn ogen.

E-senses

Met de Helios Smart Ring geeft E-senses aan of je voldoende zon of buitenlicht hebt gekregen, maar vooral ook wanneer je te veel zon op je Ring krijgt en je dus vooral uit de zon moet gaan. Deze mannen hebben een ring ontwikkeld die pas enkele maanden oud is en nog mooier moet worden. De app geeft aan of je voldoende in de buitenlucht/-licht bent geweest en is een mooi voorbeeld hoe wearables steeds belangrijker worden en ons van waardevolle informatie gaan voorzien.

Ik denk dat het inbouwen in een Fitbit ook hier op lange termijn een oplossing is, maar op korte termijn is het zeker kansrijk voor de wat meer passievere aardbewoners. Zij die bijvoorbeeld meer informatie over de kwaliteit van relaxen willen hebben. E-senses.com is iets wat mij wel aanspreekt, ik ben benieuwd of ik genoeg geluierd heb in de zon of buitenlucht.

Hero Story

Graag noem ik nog Hero Story, een recruitmentgame die helpt bij het selecteren van de juiste mensen. Dit gebeurt aan de hand van Gamified Assessment die naast skills ook meer op cultuur en waarden test, zodat je naast een geschikt persoon ook een leuke collega vindt.

Wellicht heb ik wat gemist en zien jullie het potentieel in andere Nederlandse ondernemingen die er waren om hun internationale ambities vorm te geven. Bijvoorbeeld Leadboxer.com, Utomik.com, Iamprogrez.com en tenslotte de boxen set die alle andere boxen vervangt en waarbij de muziek die je op je app speelt je volgt door het huis. Geweldig voor muziekliefhebbers! Helaas kan ik me dat persoonlijk iets minder toerekenen.

Goed gedaan door onze overheid en zeker onze consulaat in San Francisco verdient een pluim, bij dezen. We gaan later praten over wat er allemaal nog beter kan.



Lees het volledige bericht op Emerce »