Posts Tagged ‘satelliet’

Ophef na besluit van NOS om logo’s te verwijderen

Reacties uitgeschakeld voor Ophef na besluit van NOS om logo’s te verwijderen
Posted 17 okt 2020 — by Adformatie
Category nieuws
UPDATE Het nieuws dat de NOS logo’s verwijdert van de satelliet- en straalwagens omdat journalisten bedreigd worden leidt tot veel ophef. De reacties in de beroepsgroep, maar ook daarbuiten, liegen er niet om. Maar aangifte…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

NOS verwijdert logo’s vanwege bedreigingen van journalisten

Reacties uitgeschakeld voor NOS verwijdert logo’s vanwege bedreigingen van journalisten
Posted 16 okt 2020 — by Adformatie
Category nieuws
Deze week wordt het NOS-logo van de satelliet- en straalwagens voor tv en radio van de NOS verwijderd. Dat meldt 1Vandaag. ‘Het klinkt misschien zwaar, maar dit voelt als zwichten voor terreur en geweld’, zegt verslaggever Kysia Hekster tegen het programma.…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Starlink bouwt basisstations buiten VS

Reacties uitgeschakeld voor Starlink bouwt basisstations buiten VS
Posted 15 sep 2020 — by Adformatie
Category nieuws

Het bedrijf dat breedbandinternet via satellieten gaat aanbieden Starlink bouwt inmiddels buiten de VS zijn eerste grondstations. Uiteindelijk wil het wereldwijd internet uitrollen.

Het dochterbedrijf dan SpaceX, een onderneming van Elon Musk, bouwt voortvarend door aan zijn nieuwe internetprovider. Uit een presentatie aan de Amerikaanse toezichthouder FCC komt naar voren dat Starlink zich qua prestaties nu al kan meten met gevestigde providers in de VS.

Zo laat het downloadsnelheden zien van 100 Mbps en uploadsnelheden van veertig megabit per seconde. De latency ligt in de getoonde screenshots op achttien en negentien milliseconden.

Een andere noviteit in het FCC-rapport is dat de modems bij eindgebruikers behalve ethernet ook wifi zullen ondersteunen.

Waar de basisstations buiten de VS staan, is niet bekend. Het ligt voor de hand dat dat Canada is, aangezien Starlink eerst dekking wil geven in Noord-Amerika en daarna uitbreidt de rest van de wereld. Als de expansiesnelheid op die van Tesla en SpaceX lijkt, zal het geen jaren duren voordat de eerste signalen buiten Noord-Amerika commercieel zullen worden gebruikt.

Het wordt niet uitgesloten dat Starlink op enig moment naar de beurs kan gaan.

Foto: SpaceX (cc)

Lees het volledige bericht op Emerce »

Helft van satellieten Starlink in positie

Reacties uitgeschakeld voor Helft van satellieten Starlink in positie
Posted 08 sep 2020 — by Adformatie
Category nieuws

Met de lancering eind vorige week van zestig satellieten is de helft van de infrastructuur voor breedband uit de ruimte van Starlink in positie. De eerste fase met in totaal 1.440 nodes zal over pakweg anderhalf jaar zijn afgerond.

Eigenlijk had SpaceX opnieuw een record willen vestigen door twee raketten te lanceren op één dag, maar het weer zat uiteindelijk niet mee. De geplande twee lanceringen van 30 augustus werden er een op drie september. De missie bracht opnieuw zetig kleine satellieten in een baan om de aarde. Het doel van Starlink, een dochter van SpaceX, is om breedbandinternet vanuit de ruimte aan te bieden.

De eerste fase van Starlink is op de helft, want er draaien nu 715 internetnodes rond de aarde. Na het afronden van de eerste fase pakt Starlink vermoedelijk door. Het heeft immers toestemming van de FCC voor frequentieruimte voor twaalfduizend satellieten en heeft een aanvraag bij telecomunie ITU lopen voor in totaal 33.000 satellieten.

Het is aannemelijk dat de verdere uitbouw van het internetbedrijf zal worden gefinancierd door Starlink naar de beurs te brengen. SpaceX is tot nu toe privaat gefinancierd geworden door oprichter Elon Musk, die sinds kort de op twee na rijkste mens op aarde is.

Starlink is van plan om elke twee à drie weken een pakket van zestig satellieten te lanceren.

Het bouwtempo van de nodes ligt rond de 1.500 per jaar.

Binnenkort beginnen de eerste betatesten van het commerciële product van de internetprovider. Beoogde klanten zijn juist niet mensen in stedelijke, dichtbevolkte gebieden. Die zijn doorgaans al goed voorzien met koper, coax of glas. De dienste worden eerst in Noord-Amerika aangeboden, maar zullen op termijn wereldwijd beschikbaar zijn.

Om video’s van Youtube te kunnen tonen, dienen analytische cookies en tracking cookies geaccepteerd te worden.

(Bekijk op YouTube)

Foto: SpaceX (cc)

Lees het volledige bericht op Emerce »

Bill Gates leidt financieringsronde Kymeta

Reacties uitgeschakeld voor Bill Gates leidt financieringsronde Kymeta
Posted 27 aug 2020 — by Adformatie
Category nieuws

Bill Gates leidt een financieringsronde van 85 miljoen dollar voor satelliettechnologie van Kymeta, net als Microsoft gevestigd in Redmond, Washington.

De medeoprichter van Microsoft is sinds de lancering in 2012 de belangrijkste investeerder van Kymeta. Het bedrijf is een uitvloeisel van brainstormsessies met voormalig Microsoft chief technology officer Nathan Myhrvold.

De investering zal worden gebruikt voor de productie, lancering en marktontwikkeling van een speciale antenne en de Kymeta Connect satelliet.

Kymeta is een concurrent van onder meer Elon Musks SpaceX, die internetverbindingen via de satelliet wil aanbieden. In eerste instantie aan overheidsorganisaties zoals het ministerie van Defensie en reddingsoperaties, Berger gezegd. Abonnementen beginnen bij 999 dollar per maand voor 1 gigabyte aan gegevens.

Lees het volledige bericht op Emerce »

Amazon krijgt groen licht voor internetsatellieten

Reacties uitgeschakeld voor Amazon krijgt groen licht voor internetsatellieten
Posted 02 aug 2020 — by Adformatie
Category nieuws

Amazon heeft toestemming gekregen van de Federal Communications Commission (FCC) om 3236 internetsatellieten te lanceren. Het breedbandproject van de retailer heet Project Kuiper.

Amazon wil breedbandinternet aanbieden aan Amerikaanse huishoudens die in afgelegen gebieden wonen. Gezien de lange afstanden in de VS is het niet rendabel om daar glasvezel aan te leggen of 4G masten te plaatsen.

Amazon stopt 10 miljard dollar in de constellatie en verwacht veel nieuwe banen te creëren. Een R&D lab is reeds geopend in Redmond, Washington.

Amazon loopt achter bij het vergelijkbare SpaceX van Elon Musk, die al wat verder is met de voorbereidingen.

Project Kuiper wordt in vijf fasen gelanceerd, te beginnen met 578 satellieten. Halverwege 2026 moet ongeveer de helft in een baan om de aarde zijn gebracht. Onduidelijk is wanneer Amazon zijn diensten wil aanbieden.

Foto NASA

Lees het volledige bericht op Emerce »

Surseance voor satellietbedrijf OneWeb

Posted 30 mrt 2020 — by Emerce
Category nieuws

Satellietbedrijf OneWeb is, zoals al werd verwacht, op papier failliet verklaard. Als gevolg van COVID-19 heeft de onderneming geen financiering kunnen regelen.

Onderhandelingen waren gaande sinds begin van dit jaar. Formeel heeft OneWeb een beroep gedaan op een zogeheten Chapter 11 procedure, waardoor er nog ruimte is voor een eventuele verkoop.

Een dezer dagen heeft OneWeb nog een aantal internetsatellieten gelanceerd vanuit Kazakstan. In totaal zijn het er nu 74. Eenmaal compleet zou het netwerk uit 650 satellieten bestaan die internet kunnen aanbieden op plekken waar geen breedbandvoorzieningen zijn.

Foto Pixabay

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

OneWeb lanceert weer nieuwe internetsatellieten

Posted 24 mrt 2020 — by Emerce
Category nieuws

Het Londense OneWeb heeft opnieuw een aantal internetsatellieten gelanceerd vanuit Kazakstan. In totaal komen er 34 bij.

Daarmee komt het totaal op 74. Eenmaal compleet bestaat het netwerk uit 650 satellieten die internet kunnen aanbieden op plekken waar geen breedbandvoorzieningen zijn.

Of die er nog gaan komen is de vraag. Het bedrijf, op de been gehouden door SoftBank, zou volgens Bloomberg op het punt staan om surseance van betaling aan te vragen. Tot dusverre werd 3,3 miljard dollar aan financiering opgehaald.

OneWeb is een concurrent van Starlink van entrepreneur Elon Musk.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Flinke Europese investering voor IoT-startup Hiber

Posted 20 mrt 2020 — by Emerce
Category nieuws

Het Nederlandse IoT satellietnetwerk Hiber krijgt een financiering van vele miljoenen euro’s van de European Innovation Council Accelerator.

De Europese Commissie doneert in totaal 278 miljoen euro aan niet minder dan 75 Europese startups. Daaronder diverse bedrijven uit Nederland, waaronder Hiber.

Hoeveel het bedrijf precies krijgt is niet bekend gemaakt, maar vermoedelijk gaat het om meer dan 17 miljoen euro.

Hiber kreeg ook al eens een Innovatiekrediet van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Hiber ontstond in 2016 dankzij de verkoop van start-up Treatwell (waarmee Hiber-medeoprichters Erik Wienk, Maarten Engelen en Laurens Groenendijk voorheen actief waren), aan het beursgenoteerde Japanse Recruit Holdings.

Hiber werkt al enige tijd aan een netwerk van IoT satellieten. Metingen van sensoren kunnen met behulp van kleine satellieten van de ene locatie naar de andere worden gestuurd. Databundels zijn al verkrijgbaar vanaf een paar euro per maand per sensor.

Kosten kunnen worden bespaard door sensoren gegevens te laten verzamelen en deze eens in de zoveel tijd via een antenne ter grootte van een vuist of stoeptegel naar de satelliet te sturen.

De satellieten worden uitsluitend gebruikt voor communicatie tussen apparaten. Bestaande satellieten werken op frequenties die veel te veel energie zouden vergen van antennes. Zo niet het Low Power Global Area Network (LPGAN), ook wel Hiberband genoemd, van Hiber.

De raad van advies van Hiber wordt uitgebreid met George Coelho van Balderton Capital, Drew Caplan van DCMobility en General Lawrence Farrell, ooit CEO van de National Defense Industrial Association.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Anniek Schouten (20tree): ‘Wij helpen bedrijven beslissingen te maken met de natuur in gedachten’

Posted 24 feb 2020 — by Emerce
Category nieuws

Tijdens de voorbije editie van CES presenteerden diverse Nederlandse bedrijven zich aan de wereldpers om te laten zien waar een klein land groot in kan zijn.

Eén van die bedrijven is 20tree. Emerce sprak met Anniek Schouten, co-founder. Schouten: “We gebruiken satellietbeelden en machine learning om de planeet beter te begrijpen. Om predictive planet intelligence te creëren. We verschaffen voornamelijk nieuwe inzichten in bossen, natuurlijke ecosystemen en groen in steden en helpen daarmee bedrijven betere beslissingen te maken over hun operaties.”

Een gesprek over transparantie en het belang van de natuur voor het bedrijfsleven. Bekijk hier de video (5.08 minuten):

Om video’s van Youtube te kunnen tonen, dienen analytische cookies en tracking cookies geaccepteerd te worden.

Over de auteur: Gijs Vroom is managing director bij Emerce.



Lees het volledige bericht op Emerce »

75 miljoen dollar groeigeld voor Soundcloud

Posted 11 feb 2020 — by Emerce
Category nieuws

De Amerikaanse satellietradiozender SiriusXM investeert 75 miljoen dollar in het audioplatform Soundcloud uit Duitsland.

Het is niet bekend tegen welke waardering SiriusXM participeert, maar het gaat wel om een minderheid.

De twee bedrijven kennen elkaar goed sinds het najaar van 2018. Toen besloten de Duitsers om de reclame-exploitatie in de VS uit te besteden aan Pandora. Dat is een Spotify-achtige muziekdienst in de VS, eigendom van SiriusXM. Adverteerders kunnen bij een loket reclameruimte inkopen bij twee grote streaming muziekdiensten.

Soundcloud is een dienst waar muziekmakers en podcasters hun audiobestanden kunnen opslaan en distribueren. Een soort YouTube voor audio, wordt het ook wel genoemd. De dienst biedt onderdak aan tweehonderd miljoen tracks, gemaakt voor 25 miljoen makers.

Foto: s-t-r-a-n-g-e (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Achtergrond: hoe frontrunners als Bellingcat en ProPublica de media van onderaf veranderen

Posted 01 feb 2020 — by Emerce
Category nieuws

Met onthullende nieuwsverhalen en doorbraken in cold cases wordt de impact van online onderzoek in openbare databronnen steeds duidelijker zichtbaar. En ook buiten de mediawereld groeit de interesse in slimme methoden om de wereld anders te bekijken. Gewoon via een beeldscherm. Hoe ontwikkelt de voorhoede in deze jonge business zich?

Feiten over het neerhalen van MH17 boven de Oekraïne, het gebruik van chemische wapens door het Syrische leger en de ontmaskering van twee officieren van de Russische militaire inlichtingendienst die een mislukte coup in Montenegro leidden. Het is een kleine greep aan onthullingen die Bellingcat sinds zijn start zo’n vijf jaar geleden heeft gedaan op basis van online onderzoek via openbare bronnen. Speurwerk dat zeeën aan tijd en geduld kost, maar samengevat, zoals ex-Bellingcat-lid Henk van Ess deed tijdens eDay dit jaar, wegluistert als een jongensboek. Van Ess sprak over de ‘jacht’ op de Iraanse Shahin Gheiybe, een van meest gezochte criminelen. Zijn relaas voerde de luisteraar langs verschillende plekken op de wereld, maar belangrijker nog, langs platformen als Instagram, Twitter, Google Earth, Yandex en beeldherkenning-apps en kentekendatabases.

Met een cruciale rol voor de community die Bellingcat om zich heen heeft verzameld. Door beelden en andere informatie via Twitter te verspreiden, kwamen de onderzoekers met vereende kracht steeds dichter bij de verblijfplaats van Gheiybe. Opmerkelijk genoeg grotendeels geholpen door informatie die hij zelf verstrekte op bijvoorbeeld Instagram. Zo kwamen de speurders via een filmpje met een huurauto dichter in de buurt. En leverde een video van het huis waar hij destijds verbleef een adres op, doordat leden van de online gemeenschap onder andere de planten in de tuin, de afvalcontainer bij het huis en de pilaren van de woning herkenden. Waarna de Iraniër wonderwel zelf via Twitter bevestigde dat ze het bij het juiste eind hadden. Helaas was er echter geen uitleveringsovereenkomst met Iran.

Het toont in eider geval de kracht van Bellingcats netwerk, waarbij de leden informatie met elkaar delen en elkaar verder helpen in het onderzoek. Ieder vanuit zijn eigen specialisatie of gewoonweg oplettendheid.

Bewijsvoering
Momenteel maakt Bellingcat een professionaliseringsslag door. Na een start-upperiode van samenwerken met freelancers zijn er nu zo’n twintig fulltime medewerkers in dienst en is er onlangs een business director aangesteld. Daarbij nog steeds geholpen door de groeiende community.

Ook is er een kantoor gesticht in Den Haag, de stad van het internationaal recht. “Ik wilde altijd al een centraal kantoor openen. We krijgen veel interesse vanuit Nederland en werken met veel partijen in Den Haag samen”, aldus Eliot Higgins, die Bellingcat in 2014 als blogger oprichtte. Het zorgt er tegelijkertijd voor dat zijn organisatie dichter bij universiteiten zit, die groeiende belangstelling hebben voor de grass roots traingingsprogramma’s die Bellincat ontwikkelt.

Het zijn stappen die verdere groei moeten faciliteren. Mede geholpen door de recent behaalde ANBI-status (een algemeen nut beogende instelling), waardoor de organisatie eenvoudiger schenkingen kan aannemen. Behalve daarvan, worden de bezigheden voor een groot deel bekostigd door inkomsten uit de workshops die verspreid over de wereld worden gegeven. Aangevuld met subsidies. Het fundament is het promoten van open source online onderzoek, vat Higgins samen. “Dat doen we dus op verschillende manieren.”

Ook buiten de organisatie krijgt online onderzoek een steeds formeler karakter. Enige jaren geleden heeft het Internationaal Strafhof voor het eerst een aanhoudingsbevel uitgevaardigd uitsluitend op basis van videobewijs van sociale media. En momenteel bekijkt de Britse regering of onderzoeken in Bellingcat-stijl als officieel bewijs kunnen dienen in rechtszaken. Higgins: “Het is een geheel nieuw werkveld en wij zijn het voorbeeld.” Wat volgens hem ook verklaart dat organen als de Verenigde Naties en rechtbanken de ontwikkelingen met grote interesse volgen.

Laagdrempelig
Ondertussen zetten sociale media – onder maatschappelijke druk – hun platformen steeds verder op slot. En moeten de online speurders constant nieuwe oplossingen vinden om aan informatie te komen. Zoals bij het recent gestopte Graph Search, waarmee veel nauwkeurig en met uitgebreidere resultaten dan via de reguliere zoekfunctie door publieke data van Facebook gezocht kon worden. Denk aan zoeken op keywords in een specifieke periode.

In de open source intelligence-gemeenschap (OSINT) zijn verschillende tools gebouwd om het zoekproces te vergemakkelijken. Van Ess stelde bijvoorbeeld hulpmiddelen beschikbaar om middels een trefwoord berichten van een specifiek moment te vinden. En een tool om alle foto’s waarop iemand gereageerd heeft te vinden, was via een ander communitylid beschikbaar. Workarounds om Graph toch volledig te kunnen gebruiken, werden binnen korte tijd gedwarsboomd. Waardoor een dienst als StalkScan, dat het eenvoudiger maakte om ‘verborgen’ publieke Facebook-data naar boven te krijgen, niet meer werkt – afgezien van het doorzoeken van je eigen profiel. “Zoals gewoonlijk deden ze (Facebook, red.) dit zonder enige communicatie of dialoog met activisten en journalisten die het voor legitieme doeleinden gebruikten”, reageren de initiatiefnemers via hun website.

Bellingcat heeft wel contact met medewerkers van de socialmediabedrijven, zegt Higgins, echter niet over voorgenoemde ontwikkelingen. Maar bijvoorbeeld wel om informatie te delen die kan leiden tot het ontmantelen van radicale netwerken. Het is een bijzondere en paradoxale relatie. Zowel de social mediabedrijven als Bellingcat zien ze de gevaren van open informatie en willen zorgen voor een betere wereld, maar hebben ook hun eigen visie en belangen. Dat er achterdeuren open staan waar mensen zich wellicht niet van bewust zijn, is voor Bellingcat juist waardevol, erkent Higgins. “Als je het maar voor ‘het grotere goed’ gebruikt. Ik hoop dat er steeds meer partnerschap komt.”

In lijn met de missie om open source online onderzoek te promoten, is Bellingcats toolset vrij toegankelijk en zeer uitgebreid. De verzameling middelen die het bevat, maken het bijvoorbeeld mogelijk om satellietbeelden te bestuderen, vluchten te volgen, YouTube-video’s te analyseren en online databases door de ploegen. Higgins wijst onder andere op een set tools die reverse image searching mogelijk maakt. Onder andere via het Russische social platform VK, na Facebook het grootste social medium in Europa. Dat platform werkt met openbeeld-URL’s, waardoor het relatief eenvoudig is om er gezichtsherkenning op toe te passen. En daarmee een extreem belangrijke tool is, aldus Higgins. “Zeker voor onderzoeken in Rusland en de Oekraïne.”

Om het gebruik van de tools laagdrempeliger te maken, zullen ze in artikelen getagd worden, zodat duidelijk is wat voor welke doeleinden wordt gebruikt. “Dat doen we ook voor universiteiten, zodat studenten hun eigen tools kunnen ontwikkelen, die wij weer onder de aandacht brengen bij anderen.”

Documenting hate
De grootste verandering over de afgelopen jaren is dan ook dat er meer met andere partijen wordt samengewerkt. Zoals met media als The New York Times en het Russische The Insider, waarmee de ‘Montenegro two’ werden ontmaskerd. “Daarmee combineren we online research met boots on the ground.”

Tegenwoordig wordt er vooral ook gezocht naar onderwerpen die helpen om de gehele missie verder te brengen. Zoals bij onderzoek in Jemen, dat volgens Higgins niet alleen gaat om de uitdagingen daar, maar ook om tools en technieken te ontwikkelen die helpen de community verder vooruit te brengen. “Het dient altijd meerdere doelen.”

Met de vele en omvangrijke datasets die beschikbaar zijn en de samenwerking die ervoor nodig is om er nuttige inzichten uit te halen, groeit ook de behoefte aan slimme samenwerkingsmiddelen. Om een beeld te geven: het lek dat leidde tot de Panama Papers bevatte ruim 11,5 miljoen bestanden en bracht bij de start al zo’n kleine vierhonderd journalisten samen, met ruim 4.700 artikelen als gevolg. Dit soort omvang is voor de onafhankelijke, non-profit newsroom ProPublica reden om zijn model voor samenwerking tussen journalisten en redacties door te ontwikkelen en sinds kort publiekelijk beschikbaar te stellen. Collaborate, zoals de open-source tool heet die met behulp van een Google News Initiative-toelage is verfijnd, maakt het mogelijk om met meerdere journalisten in datasets te werken, zodat zij elkaar helpen de data te verifiëren en te duiden, terwijl ze er allen hun eigen invalshoeken uit halen. Want grote datasets bevatten vaak aanleidingen voor meer verhalen dan één verslaggever kan verwerken, zo is de gedachte. Nadat gegevens zijn toegevoegd aan Collaborate, kunnen gebruikers datapunten toewijzen aan personen of redacties. Evenals de voortgang bijhouden en notities maken rond elk datapunt. Het moet de impact van de datasets vergroten.

Zelf zette het onderzoekscollectief de toepassing in bij grootschalige datasamenwerkingen als Electionland, een project dat de problemen met het stemmen tijdens de Amerikaanse tussentijdse verkiezingen van 2016 en 2018 realtime volgde. Waarvoor meer dan duizend journalisten en studenten in het hele land werden samengebracht.

Terwijl voor Documenting Hate – een project waarin haatmisdrijven worden gekwantificeerd en gedocumenteerd – meer dan 180 redacties samenwerken, wat al honderden nieuwsverhalen opleverde.

Feesten
De bereidheid binnen onderzoeksjournalistieke organisaties om hun methoden en middelen te delen, lijkt groot. Want ook de Associated Press (AP) heeft een toepassing die tot voor kort alleen intern gebruikt werd gratis beschikbaar gesteld aan derden. De tool is erop gericht dataprojecten te standaardiseren over programmeertalen heen om een bruikbare structuur te vormen voor samenwerking. Zodat journalisten in een gedeelde dataset kunnen werken via verschillende programma’s die hen eigen zijn. AP deelt op deze manier regelmatig datasets met zo’n driehonderd partners via data.world, zodat deze de informatie kunnen gebruiken voor lokale verhalen. Veel van AP’s dataprojecten resulteren namelijk in grote landelijke verhalen en door samenwerking te zoeken met andere partijen wordt de impact vermenigvuldigd, stelt Troy Thibodeaux, AP’s Data Science & News Applications Editor, tegenover het Center for Cooperative Media. Bij het vaststellen van het exacte dodenaantal van Hurricane Maria trokken Puerto Rico’s Center for Investigative Journalism en mediabedrijf Quartz bijvoorbeeld samen op om datavisualisaties te maken. Waarbij AP hielp met het voorbereiden en analyseren van de data. “Vaak is de beste bron voor een verhaal niet een mens, maar een spreadsheet”, aldus Thibodeaux. Plus: de groei in datajournalistiek vindt plaats in een tijd waarin redacties minder (financiële) middelen tot hun beschikking hebben en wel slim moeten samenwerken. Wat data als verbindende factor extra krachtig maakt.

Ook Higgins is erover te spreken dat andere mediaorganisaties opendataonderzoek steeds serieuzer oppakken, mede geholpen door voormalig Bellingcatters. Nederlander Christiaan Triebert sloot zich bijvoorbeeld aan bij het nieuwe Visual Investigations-team van The New York Times. Zo’n team is ook nodig, benadrukt Higgins. “Je kunt het niet elke dag een beetje doen. Het moet fulltime, met meerdere mensen.”

Dat zijn organisatie zelf tussen onder andere media, mensenrechtenorganisaties en overheden in zit, zorgt ervoor dat ze met iedereen samen kunnen werken. En dat maakt de producties die Bellingcat aflevert weer anders. “We volgen cases doorgaans langer dan reguliere media. Als er nieuwe ontwikkelingen zijn, voegen we die toe.”

Door de toenemende bekendheid en de staat van dienst schuift Bellingcat bij steeds meer partijen aan. Eerder dit jaar vond er bijvoorbeeld een cold case hackathon plaats met de Nederlandse politie. Wat onder andere leidde tot de identificatie van een dode vrouw die bij de Belgische grens gevonden is.

En ook in de commerciële wereld groeit de interesse in de methoden. Zo ziet Higgins professionals uit het bankwezen naar zijn trainingssessies komen om opensourceonderzoek beter in de vingers te krijgen. Met name vanwege de veiligheidskant van de sector.

Opvallend is eveneens een samenwerking met Amerikaanse sport-scouts die op zoek zijn naar aanwijzingen over grote talenten. En zaken willen ontdekken die offline lastig zijn te vinden. Bijvoorbeeld onderzoeken of de spelers niet te veel feesten. “Zij willen vooral de concurrentie voorblijven.”

Kanttekening
Opensourceonderzoek is, zoals de term al zegt, toegankelijk voor iedereen. En dus ook voor kwaadwillende personen en organisaties. Waardoor de onderzoeksmethoden ook aangewend kunnen worden voor bijvoorbeeld propaganda. Een fenomeen dat Bellingcat juist poogt te bestrijden. Tekenend is bijvoorbeeld dat de Russische autoriteiten, die zich in het verleden negatief uitspraken over de betrouwbaarheid van online onderzoek, zich nu ook op dit vlak begeven. Bellingcat-oprichter Eliot Higgins gaf al eens aan geen leden van inlichtingendiensten in zijn klassen te willen hebben en trekt verder de lijn bij eerlijk en goed speurwerk. In zijn presentaties komen dan ook voorbeelden voor van collaboratief onderzoek via Reddit en het alt-rightforum 4chan. Zijn streven blijft om “de goede actoren te leren de slechteriken te vinden en niet af te wachten.”

* Dit artikel verscheen eerder in het decembernummer van Emerce magazine (#175).



Lees het volledige bericht op Emerce »

China lanceert dit jaar eigen GPS

Posted 14 jan 2020 — by Emerce
Category nieuws

China lanceert in de eerste helft van dit jaar Beidou, zijn eigen versie van een plaatsbepalingssysteem via de satelliet. Het land wil zich daarmee minder afhankelijk maken van het door de VS beheerde GPS.

Beidou zal bij de start al meteen een groot bereik hebben, want 70 procent van de Chinese smartphones zou ondertussen klaar zijn om het systeem te gebruiken.

Een deel van het systeem is trouwens al twintig jaar lang in gebruik, maar alleen in China. Sindsdien is de constellatie gaandeweg groter geworden. Het nieuwe systeem telt 35 satellieten.

Naast Beidou is er tegenwoordig ruime keuze uit alternatieven, waaronder het Europese Galileo. Daarnaast werken India en Rusland (GLONASS) aan eigen systemen.

Foto Pixabay



Lees het volledige bericht op Emerce »

Astronomen vrezen plaag internetsatellieten

Posted 08 jan 2020 — by Emerce
Category nieuws

De lancering van duizenden internetsatellieten is een ramp in wording. Dat zegt Philippe Mollet van de Belgische Volkssterrenwacht Mira tegen de VRT.

Elon Musk heeft een dezer dagen tientallen zogenoemde internetsatellieten voor zijn Starlink-programma gelanceerd. Die moeten wereldwijd supersnel internet aanbieden op plaatsen waar geen breedband voorhanden is.

Momenteel zweven er naar schatting al 6000 satellieten rond de aarde. Dit jaar is het Amerikaans/Britse bedrijf OneWeb begonnen met het lanceren van in totaal 650 internetsatellieten, met hulp van een Russische Sojoez-draagraket. Dat kunnen er fors meer worden.

SpaceX, het ruimtevaartbedrijf van Tesla-topman Elon Musk, lanceerde in 2018 al twee testsatellieten en wil de constellatie uiteindelijk tot liefst 12.000 satellieten uitbouwen. In de nacht van maandag op dinsdag ging de tweede serie van zestig satellieten de ruimte in (video). Dit jaar doet SpaceX naar verwachting zo’n twintig lanceringen om honderden breedbandsatellieten in een lage baan om de aarde te brengen.

Jeff Bezos, baas van Amazon, wil ook supersnel en goedkoop internet willen aanbieden via een netwerk van zo’n 3000 satellieten.

De satellieten zijn niet veel groter dan een tafel, maar een doorn in het oog van astronomen. Telescopen staan vanwege de lichtvervuiling al in Chili of La Palma, maar de vele satellieten verschijnen als streepjes op hun schermen. Daardoor kunnen astronomen zelfs asteroïden missen. De nieuwe satellieten trekken volgens hen een scherm op tussen de aarde en de rest van het universum.

Ook neemt de kans op botsingen met wetenschappelijke satellieten toe. Er geen overkoepelende regelgeving in de ruimte: elke toestel vliegt onder eigen vlag.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Open source voor een betere wereld

Posted 07 jan 2020 — by Emerce
Category nieuws

Softwarebedrijven zijn dagelijks bezig met innovatie en het bevorderen van technologische ontwikkeling. Meestal komt dit ten goede aan commerciële bedrijven met als doel: meer omzet, meer winst, blije aandeelhouders en het voorbijstreven van concurrenten. Maar technologie kan ook zodanig worden ingezet en gebruikt dat de wereld er een beetje beter van wordt. De kinderrechtenorganisatie van de Verenigde Naties, UNICEF (United Nations International Children’s Emergency Fund), doet dit. Dankzij innovatieve software en door te werken volgens de ‘opensourcemanier’ kunnen zij nu sneller en beter handelen om kinderen in noodsituaties te bereiken.

De meeste software is zo ontwikkeld dat je zelf geen enkele wijziging kunt aanbrengen. De broncode van deze systemen is namelijk in handen van de leverancier en niet vrij toegankelijk voor gebruikers. Met opensourcesoftware is dit wél mogelijk, en kun je eigenhandig aanpassingen doorvoeren. Ontwikkelaars kunnen aan de code werken of samen met andere technici samenwerken en de beste ideeën eruit pikken en vervolgens verbeteren en verder ontwikkelen. Dit komt ten goede van alle gebruikers [en is een van de kenmerken van werken volgens de ‘opensourcemanier’]. Deze manier leent zich dan ook uitstekend voor co-creatie; samenwerken voor een groter goed.

Een probleem dat het waard is op te lossen

Het mag dan ook geen verrassing zijn dat goede doelen – zo ook UNICEF – voor hun technologische ontwikkelingen graag gebruikmaken van deze ‘democratische’ opensourcesystemen. Deze software kan door iedereen worden aangepast en kan snel, eenvoudig en schaalbaar worden ontwikkeld en uitgerold. Dit zijn belangrijke vereisten voor UNICEF en andere goede doelen. Technologie help hen om activiteiten over de hele wereld te kunnen plannen en uit te voeren. UNICEF Innovation legt zich volledig toe op het inzetten van technologie voor het centrale doel; het verbeteren van de levenskwaliteit van kinderen.

Door samen te werken met wetenschappers, data scientists, onderzoekers en private partijen kunnen er wereldwijd sneller, goedkoper en eenvoudiger nieuwe systemen worden ontwikkeld en opgeschaald. Op die manier kan er met een kleine groep mensen iets worden gerealiseerd dat mondiaal een positieve impact heeft.

Red Hat Innovation Lab

Ontwikkelaars van opensourceleverancier Red Hat raakten geïnspireerd en gingen in gesprek met UNICEF Innovation om te kijken hoe ze hun oplossingen Red Hat OpenShift Container Platform en Red Hat Ansible Automation kunnen inzetten om zo een positieve verandering in de wereld teweeg te brengen. Ze bundelden hun krachten en gingen vanuit New York City en Bogota, Colombia, gedurende twee maanden aan de slag met het School Mapping Project.

School Mapping Project

De kracht van open source is dat iedereen zijn eigen expertise inzet om samen het best mogelijke project te creëren. UNICEF weet wat er nodig is om betere leefomstandigheden te realiseren voor kinderen wereldwijd. Op basis van allerlei verschillende databronnen brengen ze de situatie in kaart. Deze gegevens zijn weliswaar beschikbaar, maar ze zijn nog te divers, ongestructureerd en de hoeveelheid is ontzettend groot. Dankzij de technologieën van Red Hat kunnen ze hier nu meer structuur in aanbrengen.

Red Hat en UNICEF Innovation zetten zich samen in voor het verbeteren van het School Mapping Project. Realtime data van publieke en private bronnen wordt gebruikt voor levensreddende humanitaire reacties op noodsituaties. Het idee is om – op basis van hoge resolutie satellietbeelden en het toepassen van data science-tools – elke school in de wereld in kaart te brengen. Deze gegevens worden gevisualiseerd in een online platform dat ook inzichtelijk kan maken welke informatie ontbreekt en waar behoefte aan is. Op die manier weet UNICEF waar verbeteringen nodig zijn en kan het overheden hierop aanspreken. Bovendien helpt het platform UNICEF om sneller beslissingen te nemen, de reactie op noodsituaties te verbeteren en de weerbaarheid tegen natuurrampen en crises te verhogen.

Noodsituaties zijn onvoorspelbaar. De leefomstandigheden van miljoenen kinderen wereldwijd staan onder druk door oorlog en geweld. Klimaatverandering zorgt voor meer en grotere natuurrampen en die treffen arme gebieden ter wereld het hardst. Het School Mapping Project zorgt ervoor dat in deze onvoorspelbare scenario’s er sneller actie kan worden ondernomen om hulpbehoevende kinderen en families te redden, beschermen en helpen. De opensourcetechnologie die aan de basis ligt, zorgt ervoor dat UNICEF Innovation het platform altijd kan aanpassen aan veranderende behoeften en eisen. Op die manier komt een veilige, gezonde leefomgeving voor alle kinderen ter wereld een stapje dichterbij. 

Accepteer analytische cookies en tracking cookies om deze video te bekijken.

Over het School Mapping-project

Sinds de start van het School Mapping-project zijn met behulp van de hoge resolutie satellietbeelden en deep learning-technieken de volgende resultaten behaald: 

  • Meer dan 300.000 scholen in negen landen zijn in kaart gebracht, evenals connectiviteitsgegevens van meer dan 120.000 scholen in vijf landen.
  • De regering van Kirgizië gaat ruim 800 scholen zonder internetconnectiviteit van een verbinding voorzien.
  • In Colombia gaat het om circa 50.000 scholen die in kaart zijn gebracht. Samen met het ministerie van Onderwijs en het bureau voor Education in Emergencies werd een tool gebouwd waarmee men zich beter kan voorbereiden en reageren op noodsituaties. 

Over de auteur: Dick Lans werkt als Regional Manager bij Red Hat Benelux.



Lees het volledige bericht op Emerce »