Posts Tagged ‘reclame’

Justin Tindall (M&C Saatchi) zegt sorry voor zijn controversiële mening over diversiteit

Posted 20 okt 2017 — by Adformatie
Category nieuws

In een blog schreef Tindall dat hij moe werd van de discussie over ongelijkheid in de reclamewereld.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Arne van den Berg en Taco Vinkeles beginnen MediaActivationCo

Posted 20 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Arne van den Berg en Taco Vinkeles zijn het merkactivatiebureau MediaActivationCo gestart. Het bureau biedt niet alleen oplossingen voor merken, maar ook voor media (reclame) bureaus.

Na jaren samengewerkt te hebben in commerciële en creatieve functies bij de Radio 538 Groep, zijn Van den Berg (tot voor kort Head of Commerce Voetbal International) en Vinkeles (Creative Director Marketing Solutions Sanoma|SBS) een eigen bureau gestart.

Het duo speelt in op de tweedeling die momenteel in het medialandschap gesignaleerd kan worden, waarbij aan de ene kant advertentie in- en verkoop geautomatiseerd wordt en aan de andere kant de zoektocht naar relevante momenten om de doelgroep op verrassende en impactvolle wijze te bereiken steeds complexer lijkt te worden. Het bureau wil dat laatste bereiken met behulp van live events, influencers video en de eigen kanalen van een merk.

MediaActivationCo. gaat geen specifieke media inkoop verzorgen voor merken, de kracht ligt in het bij elkaar brengen van partijen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Markt programmatic moet professionaliseren’

Posted 20 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Willen grote en internationale adverteerders programmatic structureel omarmen, dan moet de markt professionaliseren. Dat vindt CEO Sebastiaan Moesman van Improve Digital.

“De technologie is inmiddels tien jaar oud en de tijd van het start-up-achtig pionieren is nu echt voorbij. Als de markt zichzelf niet serieus neemt, en daarnaar gaat handelen, krijg je nooit meer dan die rest- of deelbudgetten van de grote adverteerders.”

Moesman is sinds een half jaar CEO van Improve Digital, een Swisscom-dochter die reclametechnologie voor uitgevers exploiteert op de internationale markt. Hij stond aan de wieg van Advalue/Reddion en verkocht dat in 2007 aan WPP. Daar schopte hij het tot COO Worldwide van GroupM Connect.

Vanuit die achtergrond in de bureauwereld is de ondernemer bekend met wat corporate adverteerders bezighoudt. “Het is tijd om te professionaliseren. Zaken als compliancy en ISO-certificering zijn al normaal. Willen adverteerders budgetten van tv naar online overzetten dan moet het umfeld totaal betrouwbaar en ook makkelijk zijn. Als je op grote schaal dit soort campagnes wil draaien moet de executie moeiteloos zijn. ”

Vanuit de online wereld wordt geregeld laatdunkend gedaan over mediabureaus en hun klanten. Ze zouden niet de digitale wereld niet snappen en niet overweg kunnen met het jargon. “Ze snappen het donders goed, maar ze zien ook een omgeving die geen goede balans heeft tussen risico en prijs en veel te veel schakels heeft. Iedere tussenpartij doet weer iets anders en pakt daar een commissie over.”

Dat partijen als Facebook en Google, in Nederland, zeker zestig procent van de onlinebudgetten pakken noemt Moesman gevaarlijk. Reclamegeld vloeit de grens over en kan niet lokaal worden geïnvesteerd. Maar hij noemt het ook begrijpelijk. Van de kleinste eenpitter tot het internationale concern, ze kunnen allemaal bij de Amerikaanse concerns terecht bij één poort. Eén ingang om alles te regelen. Gemak.

Kan een lokale markt hier tegenwicht aan bieden? “Het is onvermijdelijk dat uitgevers bereik gaan clusteren. Ze moeten een onvermijdelijk blok op een markt vormen. Dat is een noodzakelijk onderdeel geworden van die professionaliseringslag. In 2018 zul je een storm van overnames en consolidaties en daarna procesoptimalisaties zien.”

“Als je het abstract bekijkt, is vertrouwen het enige dat bureaus van de markt verlangen. Dan heb je het inderdaad over transparantie”, waar al jaren en nog steeds vooral veel over wordt gesproken “over verificatie en duidelijke businessmodels en datademocratie”, schone data en helder, toetsbaar gebruik daarvan.

“Dat is nodig willen kopers massaal instappen. Dan heb je het niet alleen over de P&G’s en Unilevers, maar ook over telecombedrijven, de travel- en automotive industrie.”

Foto: Tomas Armanavicius (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

19 miljoen groeigeld voor moeder Kortingscode.nl

Posted 19 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

De Global Savings Group, het moederbedrijf van onder meer Kortingscode.nl en Actiecode.nl, heeft een nieuwe financieringsronde afgesloten. Daarmee haalde het negentien miljoen euro op.

Dat maakte de Global Savings Group zojuist bekend. Investeerders in deze ronde zijn Holtzbrinck Ventures, Rocket Internet, Deutsche Telekom Venture Fund en ru-Net. Nieuw toetreder in deze derde ronde is en Deutsche bank.

De investering bestaat uit venture capital ter waarde van 10,2 miljoen euro en een lening van negen miljoen euro.

Dit is de grootste ronde het bedrijf uit de stal van Rocket Internet afsloot. Hiervoor haalde het in totaal zestien miljoen euro op.

Een van de doelen van de investering is het werkterrein te verbreden in de lifestyle- en traveldealsmarkt. In Nederland werden hierom de labels Savly en VakantieDetective gelanceerd. Er wordt ook actief gezocht naar overnames.

De Global Savings Group vergrootte in 2017 zijn bereik door verscheidene uitgeefpartners van naam op zijn netwerk aan te sluiten. Onder hen: SPIEGEL Online, Metronews, the Daily Mail, L’Express, Le Monde, El Pais en Corriere Della Sera. Zij helpen GSG de advertenties van diens reclamepartners tonen. Een vakantiedeal van Elmar Reizen gaat, bijvoorbeeld, via Vakantiedetective naar de site van een landelijk dagblad. Elmar betaalt enkel voor geleverd resultaat, wat kan worden gedefinieerd als het leveren van belangstellende of kopende klanten (leads of sales). De krant en GSG verdelen de vergoeding.

De bruto omzet, voor derden gerealiseerde handel, komt dit jaar uit op ongeveer 675 miljoen euro. Dat is 45 procent meer dan in 2016. Ook dit jaar wordt naar verwachting met winst afgesloten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Uitgevers slaan aan op adtech met blockchain

Posted 19 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Nederlandse uitgevers tonen interesse in een nieuwe systeem voor het managen van persoonsgegevens en reclamevoorkeuren. Start-up Faktor denkt dit jaar de eerste testen te kunnen gaan draaien.

Dat zegt Anke Kuik, een van de vier oprichters van Faktor.io. “Op dit moment wordt de software gebouwd en de eerste bruikbare versie zal half november af zijn.”

Uitgevers die het zogeheten consentmanagementsysteem invoeren bieden hun publiek daarmee een omgeving waarin zij zelf bepalen, na een log-in, welke data over hen met wie ze delen. Dat gebeurt met gebruikmaking van blockchaintechnologie. Lokaal opgeslagen en versleuteld.

Kuik is op 2 november een van de sprekers op TeDxAmsterdamWomen. “Daar leg ik in niet-technische termen uit dat content niet gratis is en dat er andere, nieuwe systemen zijn om consumenten met hun data te laten betalen.”

Faktor is naar eigen zeggen GDPR-compliant, wat een verkoopargument is richting uitgevers. “Partijen als Facebook en Google doen drie dingen goed: ze hebben grote schaal, veel data achter een log-in en hebben toegang tot media-inkoop heel laagdrempelig gemaakt. Wij faciliteren uitgevers op het stuk databeheer en denken ook dat zij in de nabije toekomst bereik met elkaar zullen moeten bundelen.”

Foto: Robert Couse-Baker (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Michael Maaskamp nieuwe creative director a friend of mine

Posted 19 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Michael Maaskamp is aangesteld als creative director bij onlinereclamebureau a friend of mine, onderdeel van Dept.

Hij brengt tien jaar ervaring mee aan bureauzijde, van boutique design agencies en startups tot netwerkbureaus, en werkte afgelopen twee jaar freelance.

Maaskamp over zijn nieuwe functie: “Het is eigenlijk gewoon old school merken bouwen, maar dan op de meest relevante en passende manier met alle mogelijkheden van het digitale nu.”

A friend of mine werkt met een team van 45 man voor A-merken als Chocomel, bol.com, Tui, JBL en de Koninklijke Bibliotheek.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Branchepartijen komen met campagne over het nut van reclame

Posted 18 okt 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Met de campagne wil de industrie ‘een positief geluid aan de politiek laten horen’ over de bijdrage van reclame aan de samenleving.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

‘Menstruatiebloed is rood’, Libresse stopt met blauwe vloeistof in maandverbandreclame

Posted 17 okt 2017 — by Adformatie
Category nieuws

‘Weg met de blauwe inkt’, zegt Libresse, ‘menstruatie is bloednormaal’.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Zo werkt telemetrie in Windows 10

Posted 17 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft onderzoek gedaan naar Windows 10 Home en Pro. Microsoft maakt gebruik van telemetrie bij dit besturingssysteem. Maar wat is dit precies en hoe werkt het? Waarom doet Microsoft dit? En is er eigenlijk iets tegen te doen? Floor Terra, technoloog van de AP, geeft uitleg.

‘Telemetrie’ betekent letterlijk: meten op afstand. Bij Windows 10-telemetrie verzamelt Microsoft via internet gegevens van Windows 10-gebruikers. Dit zijn gegevens over de aangesloten hardware (zoals printers of modems), de software op het apparaat (inclusief apps en de browser Edge) en het gebruik van die software.

Microsoft kan deze gegevens verzamelen omdat het bedrijf in de software van Windows 10 een telemetriemodule heeft ingebouwd. Die module slaat voortdurend telemetriegegevens op en zorgt ervoor dat die regelmatig naar de servers van Microsoft worden verzonden. Gebruikers merken daar niets van. Ook kunnen zij niet zien wat de inhoud van die berichten is.

Uit het onderzoek door de AP blijkt dat deze telemetrieberichten informatie bevatten over het gebruik van apparaten, applicaties en het besturingssysteem. Het gaat hierbij niet alleen om de hardware die aangesloten is en hoe vaak en hoe lang iemand alle applicaties gebruikt, maar óók om het surfgedrag van deze persoon via de browser Edge en zelfs om de inhoud van handgeschreven teksten (met elektronische pen).

Microsoft gebruikt al deze gegevens voor verschillende doelen: (1) fouten oplossen, (2) apparaten up-to-date en veilig houden, (3) producten en diensten van Microsoft verbeteren, (4) gepersonaliseerde advertenties tonen voor Microsoftproducten (inclusief alle apps die Microsoft aanbiedt via de Windows Store) en (5) met het Reclame ID gepersonaliseerde advertenties laten tonen in apps van derden.

Het is logisch dat Microsoft bepaalde gegevens wil verzamelen over computers met Windows 10 om snel problemen te ontdekken en vervolgens updates uit te brengen die deze problemen en kwetsbaarheden verhelpen. Windows 10 is een complex besturingssysteem, waar veel applicaties op kunnen draaien. Het systeem moet kunnen samenwerken met heel veel soorten (nieuwe) hard- en software. Ook is Windows 10 een doelwit voor aanvallen van hackers en malware.

Maar Microsoft verzamelt de telemetriegegevens ook voor andere doeleinden. Microsoft beschouwt Windows 10  meer als een dienst dan als een product. Het gevolg hiervan is dat Microsoft veel meer gegevens kan verzamelen over het gebruik van en het gedrag op de computer dan vroeger, toen computers geen directe verbinding hadden met de aanbieder van het besturingssysteem.

De telemetriegegevens die Microsoft verzamelt, vormen een continue stroom van informatie over het gedrag van elke individuele Windows 10-gebruiker. Op basis van die informatie kan Microsoft meer controle uitoefenen dan vroeger, bijvoorbeeld door mensen gepersonaliseerde aanbiedingen te tonen.

Een besturingssysteem is niet vergelijkbaar met een losse app of website die inzicht wil krijgen in de bezoekers- of gebruiksgegevens. Als programmeur/eigenaar van het besturingssysteem krijgt Microsoft via de telemetrieberichten inzage in grote delen van het internetgedrag en computergebruik van elke gebruiker. Windows 10 is in feite het fundament waarop verschillende applicaties draaien en waarmee mensen websites bezoeken. Hierdoor kan Microsoft een veel breder (totaal)beeld krijgen van het internetgedrag en computergebruik van elke gebruiker dan een losse app of website.

Windows 10 past daarmee in een bredere technologische ontwikkeling waarbij bedrijven steeds meer producten als dienst aanbieden, bijvoorbeeld via de cloud. De gegevensverwerking komt op die manier centraal bij de aanbiedende bedrijven te liggen. Daardoor krijgen zij ruimere toegang tot veel meer gegevens over het gedrag van de gebruikers.

Deze verschuiving opent nieuwe technische mogelijkheden om persoonsgegevens te verzamelen en verder te verwerken. Maar dat betekent nog niet dat dergelijke verwerkingen ook zonder meer toelaatbaar zijn. Sommige gegevens over gebruik en gedrag kunnen noodzakelijk zijn om de dienst te leveren, maar dat betekent niet dat bedrijven deze gegevens ook mogen gebruiken om bijvoorbeeld producten en aanbiedingen te personaliseren. Dat de inzet van nieuwe technologie meer soorten verwerkingen en analyses mogelijk maakt, betekent niet dat het beginsel van doelbinding los mag worden gelaten.

Het is belangrijk dat organisaties hun gebruikers inzicht in en controle over hun gegevens geven. En dat zij vanaf het ontwerp van hun systemen – al aan de tekentafel dus – nadenken over dataminimalisatie, doelbinding en privacy by design.

Telemetrie over systeem en applicaties
Elke component van een besturingssysteem en elke applicatie kan telemetrieberichten voor dit systeem genereren. Een softwareontwikkelaar kan dus instructies in de software bouwen om informatie te verzamelen en in een telemetriebericht te stoppen. Dat kan in het besturingssysteem zelf, maar ook in afzonderlijke applicaties.

Microsoft verzamelt in het besturingssysteem zelf bijvoorbeeld telemetriegegevens via de module die tekstinvoer door handschriftherkenning mogelijk maakt. Met die module verzamelt Microsoft informatie om handschriftherkenning te verbeteren. Een ander voorbeeld is dat Microsoft met ‘volledige telemetrie’ bijhoudt welke applicaties vensters op het scherm tonen en hoeveel interactie de gebruiker met het scherm heeft (hoe vaak, hoe lang actief, hoe lang totaal gebruikt).

Informatie over internetgebruik
Een voorbeeld van een applicatie die telemetrieberichten genereert, is de webbrowser Edge. Dit is de nieuwe standaardbrowser in Windows 10. Wanneer een gebruiker de standaardinstellingen van Edge niet wijzigt, genereert Edge verschillende soorten telemetrieberichten. Bij het aanklikken van een link op een webpagina maakt Edge bijvoorbeeld een telemetriebericht aan met onder andere de URL van de pagina, de locatie van de aangeklikte link op deze pagina, de inhoud van de link (bijvoorbeeld de tekst van de link) en de URL waarnaar de link verwijst.

Microsoft verzamelt niet alleen via Edge informatie over internetgebruik, maar doet dat ook via een component die Secure Channel of Schannel heet. Applicaties van Microsoft, maar ook applicaties van derden, kunnen Schannel gebruiken om beveiligde (TLS) verbindingen te maken via het internet. Op het standaardtelemetrieniveau verzamelt Microsoft via deze component onder andere de naam van de applicatie, de domeinnaam waarnaar de beveiligde verbinding wordt gemaakt en informatie over de gebruikte cryptografische algoritmen. Microsoft verzamelt hierdoor ook informatie over het internetgebruik van applicaties die niet van Microsoft zelf zijn.

Onzichtbare telemetrie
De telemetriemodule – de Connected User Experience and Telemetry component geheten – is een Windows-service die op de achtergrond draait. Vanuit deze centrale service op de computer van de gebruiker worden verschillende telemetrieberichten verzameld en periodiek via internet verzonden naar Microsoftservers. Wanneer er geen of een betaalde (mobiele) internetverbinding aanwezig, is worden de telemetrieberichten opgespaard en later verzonden.

De telemetrieberichten op de computer zelf zijn (lokaal) versleuteld en opgeslagen in een verborgen folder. Ook de verzending van de berichten is beveiligd. Hierdoor kunnen onbevoegde derden niet meekijken. Maar ook de gebruikers zelf kunnen hierdoor niet bekijken welke telemetrieberichten over hun gebruik worden verzameld en verzonden. Microsoft had er ook voor kunnen kiezen om de telemetrieberichten wél zichtbaar te maken voor gebruikers. Uit de praktijk blijkt dat dit mogelijk is.

Ook webbrowsers laten gebruikers zien welke analytische gegevens websites verzamelen via cookies. Daarnaast kunnen technisch onderlegde gebruikers bijvoorbeeld de ingebouwde debug tools inzetten uit Firefox, Edge en Chrome om het verkeer te bekijken tussen hun computer en de website die zij bezoeken.

Praktische tips

Gebruikers die meer willen weten over de gegevens die Microsoft via telemetrie verzamelt, kunnen de technische overzichten bekijken van gegevens die op de telemetrieniveaus basis en volledig worden verzameld.

Let op: het overzicht van gegevens bij volledige telemetrie is minder gedetailleerd en niet volledig. Verder kan Microsoft met software-updates voortdurend nieuwe gegevens verzamelen via telemetrie. Bijvoorbeeld om de oorzaak te achterhalen van een nieuw probleem met bepaalde software. De gegevens die Microsoft verzamelt, blijven dus niet steeds hetzelfde.

Het is ook mogelijk om een inzageverzoek te doen bij Microsoft. Hiervoor kan het zogeheten Device local ID van het apparaat worden gebruikt. Dit staat in de client registry in de folder HKEY_LOCAL_MACHINE \Software\Microsoft\ SQMClient \MachineId.

De standaardinstelling bij installatie van of upgrade naar Windows 10 is ‘volledige telemetrie’ en gebruik van de gegevens voor de twee advertentiedoeleinden. De instellingen van Windows 10 zijn aan te passen naar een lager telemetrieniveau, waarbij minder gegevens worden verzameld. De AP heeft hiervoor een handleiding  gepubliceerd.

(Dit artikel verscheen ook op de site van de Autoriteit Persoonsgegevens)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Programmatic: een jaar na de ANA Papers

Posted 14 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

De reclamewereld was een jaar geleden in de ban van de ANA Papers. De discussie over fraude en torenhoge marges vlakte af, maar Procter & Gamble zwengelde haar onlangs weer aan. Veel vingers wijzen naar programmatic advertising. Hoe gaat de branche het imago herstellen?

“Als al je vrienden van een klif springen, doe jij dat dan ook?” Met die woorden hekelde Marc Pritchard, Procter & Gambles Chief Brand Officer, begin dit jaar op een IAB-meeting in Florida het ontbreken van een marktbrede standaard van digitale platforms voor het meten van de zichtbaarheid van advertenties. De speech maakte veel los en het bleef niet alleen bij woorden: P&G maakte vlak voor de zomer bekend honderd miljoen dollar te snoeien in het eigen budget voor online marketing. De reden: een overdaad aan bot clicks met aantoonbaar ineffectieve campagnes tot gevolg.

Deze rigoureuze bezuiniging kwam precies een jaar na het spraakmakende onderzoek van K2 Intelligence voor de Association of National Advertisers (ANA) naar de transparantie van de Amerikaanse reclame-industrie, dat al gauw te boek stond als de ANA Papers. De conclusies: bij mediabureaus blijft te veel geld aan de strijkstok hangen voor totaal niet transparante diensten. Met veel te hoge marges en obscure geldstromen waarvan publishers extreem weinig terugzien. En waarbij met name de transparantie van programmatic buying en trading desks ter discussie staan.

Is de discussie uit de ANA Papers ruim een jaar na dato terug van weggeweest? “De overheid heeft het nog steeds in het vizier”, zegt internetondernemer Maarten Roelofs, die in 2016 stevig de noodklok luidde over de uitwassen in de VS die ook in Nederland zichtbaar waren. “In de industrie van programmatic buying is sindsdien in essentie weinig veranderd. Wel is het zo dat er veel aandacht is voor partijen die meer transparantie beloven.”

Marges
Het grote probleem is natuurlijk de almacht van de dominante techreuzen. “De hele displaymarkt verliest razendsnel terrein. Het geld loopt niet meer via de mediabureaus, maar direct naar Google en Facebook. Ook influencer- en contentmarketing betekent vaak direct zakendoen. Bureaus verdienen alleen maar aan gefactureerde uren advieswerk, aan contracten. Ze kunnen hun inkomen niet meer uit marges halen. Bureaupitches gaan dan ook niet meer over mediabestedingen, maar louter over advisering. De hele free ride is voorbij.”

En dat werd hoog tijd, vindt Roelofs. “Qua overheidscontracten is er in tien jaar tijd zo’n half miljard euro aan verborgen marges verdampt. Inkoopprijzen gingen drie of vier keer over de kop. Dat gebeurt trouwens nog steeds.”

In de hoop meer transparantie op de Nederlandse markt af te dwingen, presenteerde de Bond van Adverteerders (BVA) afgelopen zomer een modelcontract voor mediabureaus. Het contract is ontwikkeld door adviesbureau Ebiquity, waar voormalig BVA-mediaspecialist Bart van der Gaag tegenwoordig werkt.

“Het sluit aan bij de veranderende werkelijkheid en de digitale ecosystemen zoals die er nu zijn”, zegt Van der Gaag. “Ook is rekening gehouden met de General Data Protection Regulation (GDPR) die volgend jaar in de hele EU in werking treedt. Het doel is om wederzijds volledig transparante afspraken te kunnen maken.” Ook de BVA zelf benadrukt het belang van transparantie, evenals het opkrikken van het digitale kennisniveau van adverteerders.

Ook IAB onderneemt actie. Internationaal kwam de digitale branchevereniging met Ads.txt, dat adverteerders middels tekstcodes duidelijkheid biedt over het eigenaarschap van reclame-inventory. Daarmee wordt doorverkoop en ander gerommel met reclameposities tegengegaan. In Nederland maakt de branchevereniging zich intussen hard voor nieuwe online advertisingrichtlijnen, waarbij wordt gewerkt met het mondiale principe van L.E.A.N. (Light, Encrypted, Ad Choice Supported, Non-invasive Ads).

Duopolie
De vraag is in hoeverre dit soort initiatieven het speelveld echt structureel veranderen. “Dit brengt echt wel wat teweeg in het ecosysteem”, reageert Harmen Tjaarda, COO bij JustPremium, een geautomatiseerd platform voor rich media. “Het zijn stuk voor stuk goede initiatieven, al zijn ze niet allemaal even helder. Hoe dan ook moet er iets gebeuren. Er is tegenwicht nodig voor de duopolie van Google en Facebook. Dan is het goed om de krachten te bundelen, zoals met de Coalition for Better Ads.”

Transparantie bereik je natuurlijk niet zonder de duopolisten, erkent de COO. “Kleine initiatieven zijn niet de scheidsrechters, want dat is Google. Het signaal van Procter & Gamble betekent dat er nu echt ergens een lijn moet worden getrokken. En Google gaat die lijn trekken, niemand anders.”

Met zijn zoekmachine en de dominante browser Chrome heeft het advertentiebedrijf natuurlijk alle macht in handen. “Het spelletje wordt omgedraaid”, zegt Tjaarda. “Als een publisher zich niet aan de spelregels houdt, worden zijn pagina’s nog wel getoond, maar zonder advertenties. Want dan activeert Google een adblocker voor die bewuste websites. Van die nieuwe Chrome-toepassing bestaat nu al een mobiele bètaversie, maar in het eerste kwartaal van 2018 gaat hij echt live. Dan gaat er veel veranderen. Voor de consument betekent dit wel aanzienlijk minder intrusive advertenties.”

Tjaarda heeft ook goede hoop over de IAB-initiatieven. “Ads.txt is een goed begin om het doorlussen van advertenties aan te pakken. Daisy chaining, ofwel het inkopen en meteen doorverkopen van advertentieruimte, wordt bemoeilijkt, omdat je voortaan moet aangeven dat jij de erkende verkoper bent van een bepaalde positie. Op zijn beurt gaat L.E.A.N. bijdragen aan zaken als hogere laadsnelheden.”

Wake-upcall
‘ANA-cadabra’ noemt zelfstandig media-adviseur Peter Wiegman de huidige retoriek over transparantie in het reclamevak. “Het is maar de vraag of er veel is veranderd na de publicatie van de ANA-Papers. Het modelcontract van BVA is een stap in de goede richting, maar misschien ook een druppel op de gloeiende plaat.”

Het valt hem op dat header bidding ineens als panacee wordt aangedragen. “Het lijkt een manier om de omzet aan de kant van publishers op te krikken.” Improve Digital slaat ermee op de trom, getuige een recente blog van Michele Appello en Jan-Willem Borsboom. “Header bidding is hoofdzakelijk een hack”, schrijven zij. “Een manier voor contentproviders om de adserver-waterval te omzeilen. Een poging om concurrentie binnen de veiling te verhogen en uiteindelijk ook meer inkomsten te genereren. Maar zoals voor de meeste hacks geldt, is dit niet de meest duurzame oplossing.”

Header bidding heeft wel een relatie met transparantie, maar het is geen instrument dat zich daar specifiek op richt. “Deze hele discussie draait sowieso niet om tools, maar om mensen die hun verantwoordelijkheid moeten nemen”, zegt Sebastiaan Moesman, CEO van Improve Digital. “De discussie over transparantie gaat volgens hem over twee verschillende thema’s: enerzijds fraude bestrijden en viewability maximeren, anderzijds eerlijke businessmodellen. “Adverteerders als Procter & Gamble en Unilever praten hier al jaren over, dus is de recente ophef niet echt een verrassing. De markt heeft het zichzelf een beetje aangedaan. Programmatic is oorspronkelijk ontstaan in de Long Tail, voor advertentieruimte die publishers niet verkocht kregen. Na bijna tien jaar mogen adverteerders inmiddels wel een behoorlijke kwaliteit en betrouwbaarheid verwachten.” Dat spreekt volgens de CEO ook uit de reactie van P&G, dat honderdveertig miljoen dollar online advertentiebudget heeft ingetrokken omdat het probleem niet snel genoeg wordt opgelost. “Het klopt natuurlijk ook niet dat adverteerders zelf zouden moeten gaan checken of Chinese serverfarms massaal op hun advertenties klikken. De markt zit in een moeilijke fase, waarbij dit echt een wake-upcall is.”

Smart contracts
Op zoek naar transparantie in programmatic advertising ligt het voor de hand om ook naar blockchain te kijken. “Die techniek leent zich uiteindelijk perfect voor programmatic”, zegt Tim Geenen, oprichter van Faktor, een op blockchain gebaseerd platform dat identiteiten beheert voor uitgevers, merken en consumenten. “Bijkomend voordeel: van elke persoon die zich via blockchain aanmeldt en een transactie doet, weet je zeker dat het een echt mens is, dus geen bot. Zo ben je er zeker van dat je geen advertenties uitserveert aan botnetwerken.”

Een belangrijke meerwaarde voor een succesvolle toepassing in programmatic is volgens Geenen het eigenaarschap: geen enkele partij is exclusief eigenaar van de data. “Het is heel democratisch: het netwerk als geheel bepaalt of iets de waarheid wordt. Het draait allemaal om vertrouwen. Ik zie daarbij een grote uitdaging voor de tussenlaag van bureaus, netwerken en technologieleveranciers die geen directe relatie hebben met de consument. Die partijen zullen hun eigen toegevoegde waarde opnieuw moeten ontwikkelen.”

Ook wat de strijkstokdiscussie van de ANA Papers betreft, biedt blockchain serieuze kansen om het roer rigoureus om te gooien. Geenen: “In smart contracts komen alle afspraken digitaal vast te liggen in een chain. En door de toepassing van boolean logic worden de slimme contracten alleen uitgevoerd als er aan de juiste voorwaarden voldaan wordt. Er komt geen menselijke interventie meer aan te pas. Dan weten alle partijen precies waar ze aan toe zijn. Als je dat op grote schaal toepast voor advertising, zetten we echt een grote stap vooruit.”

Zekerheid
De tijd van de ‘cowboymarges’ is inmiddels voorbij, maar volgens Moesman (Improve Digital) is daarmee het lek nog niet boven. “Schoon schip maken betekent voor veel partijen ook zelf veel inkomstenverlies, terwijl investeerders hoge resultaten verwachten. Op hun beurt hebben adverteerders jarenlang geprofiteerd van heel lage tarieven. Nu ze roepen om een optimale inventory, zouden ze daar ook weer meer voor moeten willen betalen.”

Volgens Roelofs lost het probleem zich vanzelf op. “Het wordt kleiner door directe geldstromen van adverteerders richting partijen als Google. Bureaus moeten zichzelf nu hervormen. Je ziet WPP-topman Sorrell zich beklagen over marginale groei. De tijden van enorme marges zijn voorbij. Mediabureaus tuigen hun eigen inkoopplatforms op (zoals Xaxis van GroupM), waar kennis en data worden geclusterd. Tegelijk klinkt een dwingende roep vanuit adverteerders om gegarandeerde zichtbaarheid, bijvoorbeeld via opvallende take-overs of wallpaper-ads. Zo’n oproep van P&G is natuurlijk een schreeuw om aandacht of simpelweg een onderhandelingsstrategie. Adverteerders willen gewoon meer zekerheid.”

Gelukkig zijn er steeds meer initiatieven van zowel bureaus, adverteerders als uitgevers die de hele keten onder druk zetten, constateert Geenen. Bureaus valideren steeds meer het verkeer dat ze inkopen op kwaliteit en op het gebied van blockchain blijkt MadHive een goed voorbeeld, dat met adverteerders- en uitgeversconsortium Adledger nieuwe standaarden ontwikkelt. Plus dat uitgevers via header bidding de ‘adserver-waterval’ proberen te corrigeren. “Liefst wil je alles in één model proppen. Of dat nu via business rules of via een veiling gaat; je wil het speelveld homogeniseren en zelf bepalen waar de meeste waarde zit. In principe doet header bidding nu wat uitgevers altijd al wilden, namelijk dat alle vraag op een centrale plek kan worden verwerkt. Het is de ultieme manier om een positie te verwerven in een markt die totaal wordt gedomineerd door Amazon, Criteo, Google en Facebook.”

Schokgolven
Zoals het statement van P&G maatgevend is voor de veranderende opstelling van adverteerders, geldt dat evenzeer voor de bureauwereld als WPP-topman Martin Sorrell zich uitspreekt. Eind augustus liet de geridderde Brit nadrukkelijk van zich horen tijdens de presentatie van de halfjaarcijfers van zijn mediaconcern. Daar noemde hij 2017 het slechtste boekjaar van het laatste decennium, onder druk van ‘schokgolven’ die de reclame-industrie teisteren. Het resultaat: een omzetkrimp van een halve procent, waar een kleine groei was verwacht. Bovendien verwacht ’s werelds grootste reclameconcern voor dit jaar nauwelijks nog groei. Sorrell voerde de meest uiteenlopende oorzaken aan, van politieke onzekerheid tot de invloed van fake news. Vakblad AdAge ziet het simpeler: de roep om transparantie lijkt de belangrijkste oorzaak, waarbij de ANA Papers eindelijk echt hun tol beginnen te eisen.

Groei
Programmatic advertising is in 2016 met twintig procent sterk gegroeid, naar een omzet van 225 miljoen euro in Nederland. Dit blijkt uit de ‘Programmatic Advertising Study’ die Deloitte vlak voor de zomer publiceerde in opdracht van IAB Nederland. Programmatic video laat een omzetstijging zien van 95 procent en heeft daardoor nu een vijftien procent omzetaandeel binnen programmatic advertising. Ook mobile inventory blijft groeien: 35 procent van de exchange-omzet komt van mobieltjes of tablets.

De respondenten verwachten meer experimenteerdrift met header bidding (bieden op impressies die bij meerdere exchanges tegelijk worden aangeboden), dat dit jaar vijf procent van de programmatic-omzet zou moeten kunnen halen. Ook transparantie is een trending topic. Steeds meer URL-informatie van de aangeboden impressie wordt vrijgegeven binnen de exchange. Waarbij in 2012 van alle ingekochte impressies vijftien procent werd ingekocht zonder te weten waar deze zou worden geuit, is ‘blind’ inkopen nu vrijwel volledig verdwenen.

* Dit artikel verscheen eerder in het oktobernummer van Emerce magazine (#161).

Beeld: Isengardt (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Modewinkel About You naar 250 miljoen omzet

Posted 13 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Deze week lanceert OTTO zijn online modewinkel About You in Nederland. Samen met de andere landen ligt de formule op koers om dit jaar een omzet van 250 miljoen euro te boeken.

“Onze modestart-up verslaat zijn eigen ambitieuze groeiambities en realiseert dit jaar een omzet van tussen de 250 en 280 miljoen euro”, laat OTTO weten bij de presentatie van de halfjaarcijfers.

About You was tot deze week een onbekende naam in Nederland. Het is na Zalando de nummer twee modewinkel op thuismarkt Duitsland. Deze week ging AboutYou.nl live met een online en offline reclamecampagne om het merk te laden.

De winkelformule is ook actief in Oostenrijk en Zwitserland. Nederland is de eerste niet-Duitstalige markt waar het actief wordt.

OTTO Group is in Duitsland de nummer twee e-commercepartij na Amazon. OTTO boekte in 2016 een omzet van 2,6 miljard euro, Amazon drie keer meer: 8,1 miljard.

AboutYou.nl wordt vanuit Duitsland bestierd. Daarom duurt het tussen de drie à vier dagen dat orders in Nederland wordt geleverd. De winkel heeft vijftigduizend items in de schappen liggen. Tot de merken daar behoren Scotch & Soda, Zoe Karssen, Nike, Diesel, Pepe, Levi’s, Kings of Indigo, Selected Femme en Dr. Martens. Gregory van der Wiel en Claartje Rose worden op de site opgevoerd als inspirators.

Foto: University of Salford (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Boris Nihom & Birgit Boing: ‘Data en creatie hebben elkaar erg hard nodig’

Posted 13 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

De werelden van creatieven en data-experts liggen ver uit elkaar, maar de twee specialismen hebben elkaar nodig. Dat vinden collega’s Boris Nihom (Partner en Strategy Director bij Achtung! Mcgarrybowen & Studio Kraftwerk) en Birgit Boing (Data Strategy DNA) – beiden onderdeel van Dentsu Aegis Network.

Bij elkaar aan tafel komen de twee tot de conclusie dat data en creatie elkaar op een strategische manier versterken. Mits er de ruimte is om ook buiten de eigen kaders te blijven denken.

Neem nu de reclame als voorbeeld. Een creatieve discipline die zich van oudsher met name heeft laten leiden door enquêtes en gedragsobservaties. Reclames zijn dus vooral gemaakt met kennis van wat mensen vertellen over hun emoties, intenties en daadwerkelijk handelen, legt Boing uit. En vertellen is niet automatisch hetzelfde als doen.

“Mensen denken, voelen, onderzoeken en kopen een heleboel verschillende dingen. Het is moeilijk om alles écht in kaart te brengen. Nu zijn er ook daadwerkelijke gedragsdata beschikbaar. Hoe digitaler de campagne, hoe makkelijker dit meetbaar is. De betekenis kunnen we toepassen in die reclames.”

Kraakheldere inzichten

Op een vergelijkbare wijze gaan ‘digital creatives’ te werk. Nihom geeft een project voor Greenwheels als voorbeeld. Deze eerste autodeeldienst heeft er inmiddels heel wat concurrentie bijgekregen van bedrijven die zich onderscheiden met een betere gebruikerservaring. Een blik op de data leerde dat die ervaring eigenlijk vrij eenvoudig was te verbeteren. “Tachtig procent van de gebruikers boekt namelijk vaak dezelfde auto. Zonder dat ze zich daar eigenlijk bewust van zijn. Daarmee hebben we de user flow drastisch kunnen versimpelen. Log je nu in dan krijg je geen kaart van de omgeving te zien, maar juist de eerder geboekte auto opnieuw aangeboden. Het effect van zo’n eenvoudigere ervaring zie je direct terug in de resultaten.”

Nog een voorbeeld: Volkswagen werkte aan een ‘connected car platform’. Maar onder welke voorwaarden zijn bestuurders eigenlijk bereid hun data uit de auto te delen met een dealer? Daarop is er gekeken naar de kwantitatieve data uit de customer journey en zijn er kwalitatieve onderzoeksgegevens verzameld onder bestuurders en wagenparkbeheerders, leggen ze uit. De eerste designs zijn voorgelegd en er is een pilot gehouden onder honderd eerste gebruikers. “Uit al het onderzoek kwam een kraakhelder inzicht naar voren. Mensen willen hun data best delen. Als ze er zelf maar wijzer van worden en meer grip krijgen op hun auto”, zegt Nihom. “Voor de meesten is de auto een ‘black box’. Dat leidt geregeld tot onzekerheid en vervelende verrassingen.” Een plotseling defect of een lampje dat opeens brandt zorgt voor onverwachtse onderhoudskosten. “Terwijl andere bedrijven de nadruk leggen op comfort, rijplezier of korting, hebben de data ervoor gezorgd dat het geven van inzicht centraal stond in al onze creatieve keuzes.”

‘Te weinig geïnvesteerd in denkkader’

Het valt datastrateeg Boing op dat er overal jarenlang is geïnvesteerd in het overtuigen van consumenten om maar een bepaald product te kopen. Onderzoek heeft dan de meest effectieve techniek opgeleverd om dit voor elkaar te krijgen. “Maar er is veel te weinig geïnvesteerd in een denkkader over het gedrag dat mensen vertonen. Terwijl juist dat gedrag de basis is van een goede marketingstrategie. Iedereen praat over over UX tests en attributiemodellen. Of ze springen de machine learning-trein op. Dat is absoluut geweldig, maar dat levert geen unique selling point op.”

Wat bedrijven wel nodig hebben? Sociale wetenschappers die datagedreven zijn en de slag maken van ruwe gegevens naar interpretatie. “Je hebt mensen nodig die analytisch creatief zijn. Die kunnen de verschillende stukjes data combineren om tot slimme oplossingen te komen. Het opzetten van de juiste hypothese is al creatief.” Zulke analytisch creatieve mensen zijn continu bezig met het duiden van gedrag, zegt ze. “Er is niet één objectieve of één subjectieve werkelijkheid. De waarde zit in het inzicht van de vele perspectieven.”

‘Alleen naast elkaar zetten helpt niet’

De vraag is dan hoe je dit organisatorisch voor elkaar krijgt. Met het samenvoegen van wat teams alleen ben je er ongetwijfeld nog niet. Nee, zegt Boing. “Als je een data-expert en creatief simpelweg naast elkaar zet gebeurt er inderdaad niks. Er zijn bruggenbouwers nodig die creatief over data kunnen denken en strategisch over creativiteit. Wij gebruiken data om conceptueel anders te denken.” Data op zich is niets anders dan een verrijking om tot de goede inzichten te komen, voegt Nihom daaraan toe. “Iedere vorm van marketing of communicatie is gestoeld op een inzicht. Weten hoe je een inzicht commercieel waarde kan geven vergt meer. Een data-expert moet de creatieve interpretatie niet vergeten, een creatief moet zich er bewust van zijn dat het zijn rol is om de interpretatie te vertalen.”

Helemaal vrij van risico’s is het gebruik van al die data natuurlijk niet. Dat ziet Boing ook. “Er zijn twee gevaren: het over- en onderschatten ervan. Er is nog steeds iemand nodig die moet bedenken welke opties ge-a/b-test moeten worden of welke inschatting of hypothese het toetsen waard is.” Tegelijkertijd kan data geen vervanging zijn voor creativiteit, vult Nihom aan. “De grens is bereikt zodra data dé oplossing is. Er is altijd een emotionele verbinding vereist. In marketing is analytisch inzicht bijvoorbeeld nuttig, maar een emotioneel inzicht net zo goed. Het is belangrijk dat je niet alleen begrijpt maar ook voelt dat de dingen soms anders zijn dan je dacht.”

‘Dit is niet iets exclusiefs’

Boing adviseert altijd te kijken en zoeken naar dat wat er niet is. De menselijke geest kent namelijk vele blinde vlekken. “In veel gevallen kun je vooraf niet weten welke conceptuele categorieën je nodig hebt. De kunst is om alle mogelijke oplossingen te elimineren en niet altijd te vinden wat er al in de data is. Een alternatieve causaliteit signaleer je, daar bouw je vervolgens een theorie op en die toets je aan de data.” De geloofwaardigheid en betrouwbaarheid daarvan is namelijk groot. Zowel bedrijven als bureaus maken daar wat haar betreft te weinig gebruik van. “Durf vertrouwen te geven aan de mensen die in de materie zitten. Durf data-experts aan tafel te zetten en ze het advies te laten geven.”

Nihom signaleert tegelijkertijd dat data-experts wat voorzichtig zijn. “Durf zelf creatieve conclusies te trekken. Bureaus mogen ze ook meer creatief laten praten. Dit is niet iets exclusiefs of geheims. Inzichten uit data zijn onderdeel van een groter geheel. Het is een creatief verhaal.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Wat zoeken millennials in een live evenement?

Posted 11 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Jaarlijks vinden er tienduizenden publieke en besloten evenementen plaats in Nederland. Millennials zijn de drijvende kracht achter de stijgende bezoekersaantallen. Hoe overtuig je als marketeer deze doelgroep om naar je live evenement te komen?

Omdat we bij Eventbrite benieuwd zijn naar wat Nederlandse millennials drijft, hebben we onderzoek gedaan naar de wensen en behoeften ten aanzien van live evenementen. Hieruit blijkt het beeld dat het sociale leven van millennials zich vooral online afspeelt, niet klopt. Zij voelen zich juist zeer verbonden met de ‘echte’ wereld. De groep 18- tot 34-jarigen vindt beleving belangrijker dan bezit en is de drijvende kracht achter het bezoeken van evenementen, zowel voor fun als vanuit maatschappelijke betrokkenheid.

Sterke wisselwerking met online

Negen op de tien Nederlandse millennials hebben in de afgelopen twaalf maanden een live evenement bijgewoond. De wisselwerking met online is sterk. De ondervraagde millennials gebruiken social media om hun belevenissen tijdens live evenementen te ‘maximaliseren’. Ze hebben een sterke behoefte aan verbindingen met anderen en om zichzelf te uiten. Andersom betekent dit dat ze het ook erg leuk vinden om andermans live ervaringen te zien op social media (68 procent). Meer dan de helft (54 procent) van de millennials zegt dat ze live evenementen bijwonen zodat ze iets te delen hebben op social media, wat voortkomt uit de inmiddels bekende drang naar zelfexpressie en het opdoen van nieuwe ervaringen.

Ondanks dat hiervoor technologie nodig is, geloven millennials sterk in face-to-face interactie, met name om positieve veranderingen te bewerkstelligen. Deze jonge doelgroep woont dan ook meer politieke evenementen bij dan generatie X. Dat wil niet zeggen dat online gedrag hier geen invloed op heeft: 46 procent is offline politiek actief geworden door een online trigger.

Opvallend weetje: millennials met kinderen plaatsen het vaakst social media posts over evenementen. Tweeënzestig procent zegt dat ze een event bijwonen om iets te melden te hebben op Facebook, Twitter of Instagram. Bij de millennials zonder kinderen is dit 48 procent.

Er springen dus drie belangrijke kenmerken uit: millennials zoeken verbinding, social media zijn heel belangrijk om de beleving van een evenement te versterken en jonge gezinnen met kinderen hebben meer behoefte aan live evenementen. Hoe kun je al deze kennis optimaal benutten bij je event?

Verbinding

Millennials willen ‘connected’ zijn en dat slaat niet alleen op de kwaliteit van de wifi. Ze zoeken een echte aansluiting bij mensen met dezelfde interesses. Dit gegeven kun je benadrukken in de marketing rond je evenement. Wordt er bijvoorbeeld een bepaald goed doel ondersteund of zijn er mogelijkheden om te netwerken? Benoem dat dan vooral in je marketing-uitingen. Er zijn vast veel mensen die het leuk vinden om mee te doen met een zwemtocht in de Amsterdamse grachten, maar doordat er bij City Swim voor een goed doel wordt gezwommen (ALS) is het evenement een doorslaand succes. Maar het kan ook een ander soort verbinding zijn. Zo organiseert HelloFresh, bekend van de maaltijdboxen, regelmatig ‘aanschuifdiners’ voor klanten, waarbij de herkomst van de producten centraal staat. Dit zijn dus mensen die gezond eten belangrijk vinden en zo aansluiting bij elkaar vinden.

Belang van social media

Maak gebruik van het feit dat millennials het belangrijk vinden dat het evenement ‘Instragram-waardig’ is. Creëer bijzondere fotomomenten die mensen willen delen. Dit kan de locatie zelf zijn – denk aan de concerten die elke zomer door Royal Park Live worden georganiseerd in de tuin van Paleis Soestdijk –, een photobooth of een andere aandachtstrekker. Zorg ervoor dat de hashtag van het event overal te zien is en wijs de bezoeker op de mogelijkheden van live streaming, bijvoorbeeld door een prijs uit te reiken voor het leukste live filmpje.

Familiegevoel

Ongeveer de helft van de millennials heeft kinderen. Deze groep is zoals gezegd het meest geneigd om een live evenement bij te wonen en hun ervaringen te delen met de rest van de wereld. Zorg dus voor een kindvriendelijke sfeer, als het evenement zich daarvoor leent. Into The Great Wide Open staat hier bijvoorbeeld bekend om – naast de acts voor volwassenen is er een kinderprogramma. En ook bij steeds meer zakelijke events zie je dat er kinderopvang wordt aangeboden of zelfs vergoed, zoals Google dat doet bij het jaarlijkse I/O event voor developers.

Ervaringsdeskundige: Arne Koefoed van WINK

Met klanten als Lowlands, MTV, Eastpak en Scotch & Soda (om maar een kleine selectie te noemen) is evenementenproductiebedrijf WINK dagelijks bezig met de millennial doelgroep. Oprichter Arne Koefoed herkent veel in de onderzoeksresultaten en denkt dat experience marketing een belangrijke manier is om als bedrijf of merk millennials te bereiken. “In algemene zin kun je zeggen dat er een shift is in hoe millennials worden gezien. Vroeger werden ze weggezet als een groep die niet kan kiezen, gericht op het direct vervullen van hun behoeften en met een grote ‘sense of entitlement’. De laatste vier tot vijf jaar dringt het besef door dat millennials juist bereid zijn dingen te delen, minder waarde hechten aan spullen, authentieke belevingen en een te gekke tijd hebben belangrijk vinden, enzovoorts. Dat is belangrijke informatie voor merken die millennials willen raken. Alleen maar verhalen zenden over jezelf heeft geen zin, dan word je als merk niet meer gezien. De jongere doelgroep bind je aan je als je een unieke beleving biedt die in het verlengde ligt van je merkverhaal. Het liefst een evenement met inhoud, zoals kunst of een goed doel. Je moet ergens voor staan. En dat hoeft niet altijd diepgang te hebben, millennials willen het leven vieren. Zolang wat je organiseert en zegt maar echt en gemeend is.”

De tijd waarin je in een reclamespotje je product kon aanprijzen en daarmee de consument overtuigde het te kopen is echt voorbij, benadrukt Arne. “Je kunt nog steeds hetzelfde bereik realiseren maar dan in samenwerking met je publiek. Als je een festival houdt, dan versterk je dat natuurlijk zelf voor, tijdens en na het evenement via je online kanalen, maar je community draagt het verhaal ook uit.”

Daarbij plaatst hij twee kanttekeningen: social shares kunnen nooit de primaire drijfveer van een evenement zijn en wees voorzichtig met influencers. “Natuurlijk is het belangrijk om social buzz te creëren en voor veel marketeers rechtvaardigt dat de investering in een evenement. Maar millennials prikken erdoorheen als een event puur gericht is op social shares. De hoofdgedachte moet zijn om mooie dingen te maken en je betrokkenheid te tonen als merk. Wat de influencers betreft, ik vind dit een heel sterk en legitiem kanaal. Echte mensen die over je merk vertellen, dat is te gek en veel puurder dan wanneer je het zelf zegt. Maar we zitten op dit moment in een influencer bubble – iedereen noemt zichzelf influencer. Veel posts zijn gewoon clickbait. Ik verwacht hier nog wel een kwaliteitsslag, waarbij de mensen die invloedrijk zijn en uitstralen dat ze niet te koop zijn, zullen overblijven. Ook hier draait het erom of de boodschap echt en gemeend aanvoelt.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Europese wet voor databescherming centraal op Emerce Engage

Posted 11 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

De aankomende GDPR-wet vraagt van bedrijven een omslag in techniek én cultuur. Van cookiemanagement naar echt toestemmingmanagement is een reuzensprong. Op Emerce Engage, op 7 december in Amsterdam, komt de legal counsel van DDMA, Matthias de Bruyne, spreken over deze ingrijpende wet.

Ook komen tijdens Engage drie aanstormende ondernemers hun innovatieve data-oplossingen pitchen voor een heuse Dragons jury. Tijdens deze sessie krijgen de pitchers de kans om hun onderneming in het spotlicht te zetten voor onder andere Johan Mil, co-founder van investeringsmaatschappij Peak Capital.

Reclame maken is pas nuttig als aan de achterkant de data op de goede plek vallen. Hoe belangrijk data voor een merk zijn kan strateeg Igor Beuker niet genoeg benadrukken. In zijn keynote geeft hij een verrassende inkijk in de wereld van grote merken.

Scoupy heeft met ruim 1,9 miljoen unieke gebruikers, 1,2 miljoen app-installaties, bijna 5 miljoen verzamelde kassabonnen en 175 miljoen merkvoorkeuren, een zeer grote consumentendatabase. Met deze database helpt het bedrijf fabrikanten en retailers shoppers te bereiken, te begrijpen en te bewegen richting een aankoop op de winkelvloer. Valentijn Bras vertelt er meer over.

Europees kampioen worden met data. Joost Kok (Universiteit Leiden) laat zien hoe groot de invloed van datawetenschap op ons leven is. De tijd dat een goed paar schoenen en een bal genoeg waren om goed te kunnen voetballen, ligt achter ons. Kok stond met zijn team het Nederlandse voetbal vrouwenelftal bij tijdens het gewonnen EK. Door voetbal wiskundig te benaderen, ontstonden er nieuwe inzichten in het spel. Joost Kok trekt het graag breder; iedere organisatie kan winnen met de juiste data-analyse.

Schrijf je nu in. Emerce leden krijgen €100,- korting en betalen €295,-.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Digitale reclame boven de waterkoeler

Posted 11 okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

TENQ Media is een advertentienetwerk van 252 digitale schermen op 193 middelbare scholen in Nederland gestart. De schermen zijn aangebracht op waterkoelers die scholieren van vers drinkwater voorzien.

Initiatiefnemer Jan Wichers uit Oegstgeest claimt met de schermen een hoge contactfrequentie per week van meer dan 18 keer. ‘We wisselen redactioneel content op de schermen af met loops waarin commercials getoond worden. En dat doen we zowel landelijk als selectief. TENQ tref je aan op 193 middelbare scholen in alle provincies.’

Scholieren bereik je niet meer met traditionele communicatie. Een statische poster werkt volgens Wichers niet meer. ‘Met onze schermen kun je pakkende en originele campagnes met impact creëren.’

De waterkoelers die het bedrijf levert zijn geschikt voor zowel petflessen, doppers als bidons.



Lees het volledige bericht op Emerce »