Posts Tagged ‘rbi’

‘Chinese Airbnb’ Tangguo opent kantoor in Den Haag

Posted 29 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het Chinese vakantieverhuurplatform Tangguo heeft een kantoor in Den Haag geopend. Van daaruit wil het bedrijf de Europese markt bestrijken, waarbij het zich richt op Chinese reizigers die hiernaartoe komen en een vakantiehuis of -appartement willen huren.

Net als bij Airbnb maakt Tangguo het mogelijk om online een vakantieverblijf te boeken en betalen. Het bedrijf ging in 2016 in Beijing van start en er is inmiddels zo’n 266 miljoen euro in geïnvesteerd. De doelgroep zijn jonge reizigers van tussen de 25 en 35 jaar oud. Het platform telt inmiddels zo’n 3 miljoen gebruikers en heeft 130.000 accommodaties in het portfolio. Ter vergelijking: Airbnb heeft 100 miljoen gebruikers en 2,3 miljoen accommodaties.

 

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Laat Silicon Valley niet bepalen wat gezegd mag worden

Posted 29 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Vorige week werden door de Britse krant The Guardian de Facebook Files openbaar gemaakt: gelekte interne richtlijnen van Facebook over de vraag welke berichten en beelden wel en niet moeten worden gecensureerd op het grootste sociale medium ter wereld. Facebook bepaalt namelijk zelf wat u wel en niet mag zeggen of laten zien op dit sociale medium. Dat is verontrustend, omdat Facebook voor steeds meer mensen het belangrijkste internetplatform is om nieuws te vergaren en meningen te delen.

D66 wil niet dat de grote techbedrijven bepalen wat je wel of niet mag zeggen op internet. Over de grenzen aan onze vrijheid van meningsuiting moet niet in de geheime achterkamertjes van Silicon Valley beslist worden, maar via een democratisch proces.

Een aantal opvallende voorbeelden gaf al aanleiding tot debat de voorbije jaren. Facebook haalde de wereldberoemde foto van de site van een Vietnamees meisje dat wegvlucht van de walm van napalm. Een naakt standbeeld van de Romeinse God Neptunus overleefde de censuurmachine van Facebook ook niet. YouTube haalde ook een politieke speech in het Europees Parlement van Marietje Schaake offline over martelen en de doodstraf. Foto’s van vrouwen die borstvoeding gaven waren ook lange tijd not done. In de Amerikaanse moraal past dat immers niet, maar in Nederland is zoiets regelrechte censuur.

De digitale Europese markt is belangrijk voor alle internetgebruikers, ook in Nederland. Vorige week praatten Europese ministers over hoe we om moeten gaan met zaken als racisme en geweld op internetplatforms. In deze nieuwe Europese richtlijn worden regels voor radio en televisie doorgetrokken naar online evenknieën, zoals Netflix en YouTube.

Denkfout

Maar deze nieuwe richtlijn bevat een fundamentele denkfout. Een televisiezender kan voor elk uur uitzending uitgebreid controleren of het allemaal wel fatsoenlijk is wat uitgezonden wordt. Internetbedrijven werken in een totaal andere context. YouTube-gebruikers uploaden elke minuut voor 300 uur aan content. Op Facebook worden per dag meer dan 350 miljoen foto’s geplaatst.

Als je preventief wil voorkomen dat racisme en discriminatie op Facebook-Live videos te zien zijn, dan zou Facebook een gigantische censuurfilter moeten installeren die automatisch alle content scant die op de site geüpload wordt.

Als algoritmes gaan beslissen wat er online mag komen, dan is het einde zoek. Een algoritme kan immers nooit de nuances, context of bedoeling inschatten van een filmpje. Een filmpje uit Zondag met Lubach kan een compleet ander verhaal vertellen dan dezelfde beelden zonder voice-over. Het bedrijfsbelang van die Amerikaanse technologiebedrijven moet niet gaan bepalen wat je wel en niet mag zeggen of laten zien op het internet.

Over de opvallendste voorbeelden kwam een mediastorm op gang, maar nu al worden dagelijks ongemerkt ontelbare foto’s, video’s en teksten aan het oog onttrokken. Dat kan onhandig zijn voor wie een toeristische kiek uit Bologna wil delen, maar is een ramp voor wie in een video een heel legitieme mening verkondigt via social media.

Heldere regels

Als er geen heldere regels zijn kunnen bedrijven uit voorzorg voor hun reputatie nog feller informatie filteren en dus tegenhouden. Tenslotte wil geen enkel bedrijf beschuldigd worden van het niet zorgvuldig monitoren op kinderporno of het niet weghalen van een oproep tot geweld.

Wat wel moet gebeuren: een simpele route voor de gebruiker om bezwaar te maken als jouw foto, video of tekst verwijderd is, zodat een écht mens snel de fout van een algoritme kan corrigeren, en de mening van een dissident niet als die van een terrorist wordt aangemerkt. Een duidelijke Europese richtlijn moet ervoor zorgen dat we geen lappendeken van regels in de EU krijgen, die dan ook weer minder makkelijk te handhaven zijn, of omzeild worden.

Nederland moet actief meedoen met Europees beleid maken. Zodat we het internet open houden, en gebruikers niet automatisch door Silicon Valley wordt verteld wat wel en niet gezegd mag worden.

*) Dit artikel heb ik geschreven in samenwerking met Marietje Schaake en is tevens gepubliceerd op de website van D66.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Gratis stockvideo’s gebruiken zonder naamsvermelding

Posted 29 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Nike doet het. Walibi Holland doet het. En wij doen het ook: gebruikmaken van videoheaders op de website. Maar het huren van een filmmaker of betalen voor stockvideo’s kan al snel in de papieren lopen. Zeker voor particulieren of kleinere ondernemers. Daarom delen we graag een lijst van websites met gratis stockvideo’s die je kunt gebruiken zonder credits te hoeven geven aan de filmmaker en zelfs voor commerciële doeleinden mag inzetten.

Een video als achtergrond op je website is hot

Het wordt steeds populairder om een video als header of achtergrond op de homepage van je website te zetten. Daar is een goede reden voor! In ons drukke volgeplande leven hebben we weinig geduld. Zeker wanneer we online gaan. Uit het onderzoek State of Video in the Enterprise van softwarebedrijf Kaltura blijkt dat we geen zin of tijd meer hebben om alle informatie die we online vinden van A tot Z door te nemen.

We scannen een website of artikel dan ook het meest op de titel, de dikgedrukte woorden en het design. Daarbij valt een aantrekkelijke video nog meer op dan een afbeelding. Een video geeft sneller de boodschap van de website weer en roept bij veel mensen meer emoties op. Video’s zijn dus belangrijk om je bezoekers op je website te houden en kunnen zelfs verkoopbevorderend werken. Maar hoe kom je aan een video die past bij jouw website?

Gratis stockvideo’s: de addertjes onder het gras

Net als bij foto’s zijn er steeds meer websites die gratis stockvideo’s aanbieden. Gratis klinkt vaak te mooi om waar te zijn en helaas geldt dit ook voor ‘gratis stockvideo’s. In deze gevallen hoef je niet te betalen voor een video, maar vaak zijn er restricties verbonden aan het gebruiken, aanpassen en verspreiden van het materiaal. Waar moet je op letten?

Licenties

Aan een gratis stockvideo hangt vaak een licentie. Populair zijn de Creative Commons-licenties. Met zo’n licentie bepaalt de videomaker of rechthebbende van de video onder welke voorwaarden hij zijn werk beschikbaar stelt voor het publiek. Op deze manier heb je toestemming om een video kosteloos te gebruiken voor je website, maar moet je in ruil daarvoor bijvoorbeeld wel de naam van de maker noemen of de website waar je de video vandaan hebt gehaald. Zonde, want het vermelden van een externe bron onder de mooie video die je hebt uitgekozen, doet afbreuk aan het design en de professionaliteit van je website. Het liefst wil je video’s zonder naamsvermelding kunnen gebruiken voor je website.

Niet voor commercieel gebruik

Behalve dat je rekening dient te houden met het noemen van de maker, bepalen veel licenties ook dat video’s niet voor commerciële doeleinden gebruikt mogen worden. In deze gevallen mag je een video niet gebruiken wanneer het een dienst of product steunt waar je winst mee probeert te behalen. Veel mensen negeren deze licentieregel en zetten gratis video’s die hieronder vallen alsnog voor commercieel gebruik in. Kijk daarmee uit! Het doet je reputatie geen goed om de regels aan je laars te lappen en iemands werk onterecht te gebruiken.

Hoera voor het publiek domein!

Veel video’s mag je dus zonder naamsvermelding niet gebruiken of niet inzetten voor commerciële doeleinden. Gelukkig vallen er ook nog video’s onder het ‘publiek domein’. Dit zijn rechtenvrije video’s die tot niemands eigendom behoren. Tegenwoordig staan er steeds meer videomakers op die hun creatieve en moderne werk graag openbaar stellen voor het grote publiek. Een populaire licentie voor dit doeleinde is Creative Commons CCO. Met deze licentie heb je als gebruiker praktisch geen restricties. Je mag de video’s zonder credits te geven aan de maker gratis downloaden, aanpassen, verspreiden en zelfs gebruiken voor commerciële doeleinden en socialmediaplatformen als Facebook.

Lijst met rechtenvrije video’s voor commercieel gebruik

Bij welke websites is gratis dan ook echt gratis? We maken je wegwijs in het land der video’s met de onderstaande lijst van zeven websites en hun belangrijkste kenmerken zoals gratis video’s zonder credits te hoeven geven aan de maker, met CCO-licentie en vrij voor commercieel gebruik. Een leuke extra: bij geen van deze websites hoef je in te loggen met een account. Happy downloading.

1. Coverr

Ben je op zoek naar een headervideo voor je website, dan zal de website van Coverr je absoluut aanspreken. Scroll voorbij de header en ontdek de negen categorieën als ‘Artsy’ of ‘Urban’ waarin de gratis video’s zijn onderverdeeld. Het kan even scrollen zijn voordat je op de video stuit waar je naar op zoek bent, want een zoekfunctie of extra informatie over de desbetreffende video ontbreken op de website. Maar dat maakt de mooiste feature van de website meer dan goed: de door jou gekozen video kun je direct in de header van de Coverr-website bekijken. Is het resultaat naar wens? Download de video en voeg het via de korte instructie van Coverr toe aan je website.

2. Distill

De website van Distill is ingericht als community. Wat namelijk direct opvalt, zijn de namen van de betreffende videomakers die op de website groot in beeld worden gebracht. Smaakt een bepaalde videostijl naar meer? Klik in de video op het icoontje van het portfolio. Je krijgt dan in een oogopslag alle video’s van deze persoon op Distill te zien en een link naar zijn persoonlijke website, blog of socialpagina. Scroll door de diverse videoclips op de homepagina voor een snelle indruk. Je kunt ook gebruikmaken van de zoekfunctie op de website of verschillende clips bekijken in een van de 9 categorieën zoals ‘Abstract’ of ‘People’.

3. Videvo

Videvo richt zich volledig op gratis stockvideo’s en profileert zich daarnaast met een grote collectie motion graphics. Met maar liefst 28 categorieën waaronder ‘Religion’, ‘World flags’, ‘Holidays en ‘Sport’ haal je hier je videohart op. Filter in je zoektocht op de ‘Videvo Standard License’. Deze is vergelijkbaar met de CCO-licentie en geeft alleen de video’s weer die je zonder naamsvermelding voor elk project kunt gebruiken. Onder de zoekfunctie in de header vind je de populairste en recentste video’s overzichtelijk weergegeven. Bekijk een video en ontdek vergelijkbare clips, interessante zoekwoorden en belangrijke achtergrondinformatie over de betreffende clip.

4. Vidlery

Ben je op zoek naar animatiefilmpjes? Op Vidlery vind je gratis geanimeerde video-achtergronden voor je website. Net als bij Coverr kun je je gewenste animatiefilm in de header van deze website plakken, zodat je direct het resultaat ziet. Tevreden? Download het zipbestand naar je computer en upload de animatie op je eigen website.

5. Pixabay

Pixabay staat bekend om de hoogwaardige en rechtenvrije foto’s die ze gratis aanbieden. Met meer dan 3100 clips is hun video-assortiment ook flink uitgebreid. Op de website is de zoekbalk in de header je beste vriend. Vul in waarnaar je op zoek bent en filter rechts in de zoekbalk op het mediatype ‘Video’ om direct een lijst met mooie filmpjes te zien. Gebruik ‘AND’, ‘OR’ of ‘NOT’ (bijvoorbeeld ‘flower NOT yellow’) om je zoekopdracht te verfijnen, of klik op een van de 20 categorieën die je eenvoudig kunt combineren met effecten als ‘Slow motion’ of ‘Time lapse’. Beweeg met je muis over de lijst met resultaten en de filmpjes spelen zich automatisch af. Fijn, dan hoef je ze niet individueel steeds aan te klikken om ze te bekijken. Waar het blog zich vooral richt op fotografie, kun je op het forum terecht met al je videovragen.

6. Life of Vids

Life of Vids is het jongere broertje van de fotografievariant Life of Pix. De website heeft geen categorieën waarin je kunt bladeren, maar via de zoekfunctie navigeer je eenvoudig door de verzameling met meer dan 2500 video’s. De video’s zijn op de website van Life of Vids zelf te bekijken, maar kunnen alleen via het platform van Vimeo gedownload worden of via de ingebedde code aan je website worden toegevoegd. Ondanks dat alle video’s vallen onder de CCO-licentie, vraagt Life of Vids om je waardering voor de video’s te uitten door ergens op je website een backlink te plaatsen. Dit is niet verplicht, zodat je de video’s ook zonder naamsvermelding kunt gebruiken.

7. Pexels

Misschien ken je Pexels wel van de hoeveelheid gratis stockfoto’s, maar ze hebben ook een ruim assortiment rechtenvrije video’s op een apart webadres staan. De website verzamelt gratis videomateriaal van andere websites als Pixabay en Coverr op één plek. De populaire zoekopdrachten dienen als categorieën met onderwerpen uiteenlopend van ‘Nature’ en ‘Tech’ tot zelfs ‘Blur’ en ‘Mock-up’. Navigeer met je cursor over een video en een paar fragmenten uit de video worden automatisch afgespeeld. Klik op de gewenste video voor details, vergelijkbare clips en veelgebruikte tags.


Tip: maak je voor je website gebruik van ons product Jouw Site of ben je van plan dit te gaan doen, dan hoef je voor videoheaders niet ver te zoeken. Onze krachtige sitebuilder bevat maar liefst 23 videoheaders waar je uit kunt kiezen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Consument betaalt liever achteraf

Posted 29 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Hoewel direct afrekenen via iDEAL de voorkeur blijft genieten, wil meer dan de helft van de consumenten liever een product eerst in huis hebben. 53 procent van de shoppers betaalt namelijk graag achteraf.

Slechts 32 procent van de online retailers biedt die mogelijkheid echter. Dat blijkt uit onderzoek naar omnichannel fulfilment door Deloitte.

Betalen voor same day-delivery

De consument gaat voor gemak. En als er extra eisen zijn, is men best bereid daarvoor te betalen. Voor same day-delivery bijvoorbeeld. 60 procent wil daar wel voor betalen, mocht het nodig zijn. Hoeveel? 4,30 euro gemiddeld.

Ook het veranderen van de bezorglocatie als de chauffeur al onderweg is, kan handig zijn. 30 procent zegt daar wel 4,10 euro extra voor te willen betalen. Het verkleinen van de tijdsinterval waarbinnen de koerier denkt aan te bellen is ten slotte goed voor gemiddeld 3,70 euro.

Goedkope verzending nog steeds belangrijk

Maar bedenk wel dat de kosten voor de meeste consumenten het allerbelangrijkst zijn in online aankopen. Zo moeten retailers naast extra, eventueel betaalde services als same day-delivery ook altijd de standaard goedkope verzendoptie bieden.

Goedkope verzending wordt door consumenten voor een standaard bestelling maar liefst drie keer belangrijker gevonden dan snelheid. De bezorglocatie is vier keer minder belangrijk en het aantal dagen retourrecht is zelfs twaalf keer minder belangrijk dan goedkope verzending.

Retourkanaal uitbuiten

Retailers die meer verkoop willen genereren – en wie wil dat nu niet – zouden ook eens kunnen kijken naar het retourkanaal. In sommige situaties is al duidelijk dat de consument sowieso zal retourneren. Bijvoorbeeld als van een artikel meerdere maten besteld zijn.

Je kunt er dan aan denken producten mee te sturen die, gebaseerd op consumentenanalyse, misschien wel passen bij deze klant. De ontvanger kan er dan voor kiezen het item te houden en te betalen, of het mee terug te sturen.

51 procent van de consumenten staat hier niet negatief tegenover. Maar dat betekent ook dat 49 procent er wel iets op tegen heeft om op deze manier producten te ontvangen. Deloitte stelt daarom de volgende optie voor: geef klanten de keuze om deze service wel of niet te ontvangen.

*) Een deel van dit artikel werd eerder gepubliceerd in het meinummer van Emerce magazine (#158).

Het volledige Deloitte-rapport Think big, start small, connect now: Omnichannel fulfilment is hier gratis aan te vragen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Content Gap analyse: waar laat je steken vallen?

Posted 29 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Je bent serieus aan de slag met contentmarketing om je business te laten groeien, maar op een gegeven moment stagneert je groei en ben je inspiratieloos. Je ziet even door de bomen het bos niet meer. Voer een content gap analyse uit, en raak opnieuw geïnspireerd! 

In dit artikel beschrijf ik hoe je een content gap analyse uitvoert om erachter te komen hoe je content op dit moment presteert, hoe je deze content kunt verbeteren en welke belangrijke content jij nog mist ten opzichte van je concurrenten.

Het is belangrijk ieder kwartaal een content gap analyse uit te voeren. Dit houd je scherp en stimuleert je om continu te blijven verbeteren en uitbreiden, in lijn met de filosofie van het ‘continue SEO proces‘.

Stap 1: Breng prestaties van je content in kaart

Breng al jouw content in kaart met een tool zoals ContentKing, en vul voor iedere pagina in hoe deze op dit moment presteert. In mijn vorige artikel over content optimalisatie heb ik hier uitgebreid bij stilgestaan.

Let op: Gebruik voor het uitvoeren van een Content Gap analyse (beschreven in de volgende stap) direct het Content Gap analyse spreadsheet.

Stap 2: Inzichtelijk maken van Content Gap

In stap 1 heb je de prestaties van je content in kaart gebracht. Nu is het zaak om te kijken in hoeverre deze prestaties in lijn zijn met je doelstellingen. Om dit te kunnen doen moet je definiëren wat de door jou gewenste prestaties per pagina zijn. Alleen dan kunnen we bepalen welke content op dit moment minder goed presteert dan gewenst, en welke acties nodig zijn om dit verschil te overbruggen. Dit doen we aan de hand van het Content Gap analyse spreadsheet.

Migreren data naar Content Gap analyse spreadsheet

Als je naar aanleiding van het vorige artikel over content optimalisatie het Content Inventarisatie spreadsheet reeds hebt ingevuld, kopieer en plak de inhoud dan in het Content Gap analyse spreadsheet. Omdat deze flink is uitgebreid moet je er voor zorgen dat alle informatie op de juiste plek staat: plaats de informatie uit kolom ‘Organisch verkeer’ in de nieuwe kolom ‘Huidig’, onder ’Organisch verkeer’. Doe hetzelfde voor ‘Social Verkeer’ en ‘Gebruiksvriendelijk’.

Invullen van Content Gap analyse spreadsheet

Als je in stap 1 direct aan de slag bent gegaan met het Content Gap analyse spreadsheet, vul dan voor iedere pagina de door jou gewenste score voor organisch verkeer, social verkeer en gebruiksvriendelijkheid in. Hanteer een schaal van 1 tot 5, waarbij 1 “zeer slecht” en 5 “zeer goed” betekent. In de kolommen ‘Gap’ zit een eenvoudige formule die het verschil tussen de huidige prestaties en de gewenste prestaties berekent.

De cellen krijgen ook allemaal een kleur:

  • Groen betekent dat de huidige prestaties en de gewenste prestaties gelijk zijn, daar hoeft dus niets aan te gebeuren.
  • Oranje betekent dat de huidige prestaties iets onder de gewenste prestaties liggen, dus daar moet je mee aan de slag.
  • Rood betekent dat de huidige prestaties significant lager zijn dan de gewenste prestaties. Daar is veel werk aan de winkel!
Actiepunten definiëren

Het is duidelijk naar welke content jouw aandacht uit moet gaan. Nu is het zaak om aan de hand van het spreadsheet actiepunten te definiëren. Kijk goed naar stap 2 uit het Content Optimalisatie artikel voor richtlijnen en inspiratie omtrent deze actiepunten.

Externe invloeden zijn niet ter sprake gekomen in het Content Optimalisatie artikel, maar ze spelen wel een grote rol in het succes van jouw content op SEO en Social vlak. In geval van SEO zijn dat verwijzingen vanaf andere websites naar jouw website (“externe verwijzigingen”). In geval van Social zijn dit shares door anderen.

Het verkrijgen van externe verwijzingen naar jouw website is aan bod gekomen in mijn artikel over het terugwinnen van linkwaarde. Zowel voor het verkrijgen van backlinks en shares is het van belang om je te realiseren dat dit vaak mensenwerk is: zo kun je anderen proactief wijzen op het bestaan van je content, met de vraag om te linken vanaf hun website of te delen op social media.

Prioriteiten

In de kolom ‘Prioriteit’ zijn de punten uit de ‘Gap’ kolommen bij elkaar opgeteld. Hoe hoger de score, des te meer prioriteit die pagina’s hebben.

Stap 3: In kaart brengen van content van jouw concurrenten

Stap 1 en 2 gaan over jouw content. In stap 3 analyseren we de content van jouw concurrenten, ten opzichte van jouw eigen content.

We zoomen specifiek in op de vragen:

  • Voor welke onderwerpen hebben jouw concurrenten en jij beide content, maar zijn zij succesvoller?
  • Welke goed scorende content hebben zij wel, maar jij niet?
Voorbeelden

Het kan zijn dat je concurrenten en jij allemaal een pagina op jullie website hebben over salarisadministratie voor sportscholen. Je concurrenten staan allemaal op pagina 1, maar jij op pagina 4.

Het kan ook zijn dat je concurrenten enorm goed hebben nagedacht over interessanten markten voor hen. Als we bij het salarisadministratie voorbeeld blijven, dan kan het zijn dat ze pagina’s hebben voor hun salarisadministratie dienstverlening, specifiek gericht op kappers, fietsenmakers, bakkers en pretparken. Als jij die pagina’s niet hebt, dan zul je er ook niet voor scoren in Google.

Hoewel het mogelijk is bovenstaande analyses handmatig te maken, raad ik het je niet aan. Het is enorm veel werk en daarnaast zullen je bevindingen ook niet altijd even nauwkeurig zijn.

Analyse vanuit zoekmachine optimalisatie oogpunt

Maak daarom gebruik van een tool zoals SEMrush of Ahrefs. Beide tools houden bij voor welke zoekwoorden websites hoog scoren in Google. Erg handig wanneer je bezig bent met een zoekwoordenonderzoek, of in dit geval een content gap analyse!

SEMrush biedt standaard een gratis proefperiode van 7 dagen en Ahrefs biedt een gratis proefperiode van twee weken. Tijdens de gratis proefperiode kun je content gap analyse makkelijk uitvoeren. Kies een van beide tools, en maak een gratis proefaccount aan.

SEMrush

Doorloop onderstaande stappen in SEMrush om de content gap analyse uit te voeren:

  1. Log in bij SEMrush
  2. Kies ‘Domain vs. Domain’ onder ‘Domain Analytics
  3. Kies het juiste land door middel van de vlaggetjes
  4. Vul jouw eerste concurrent in, en daarna jouw eigen domeinnaam.
  5. Selecteer ‘Unique to the first domain’s keywords’ als analysemethode en druk op de groene ‘Go‘ knop.

Klik op ‘Export’ aan de rechterzijde, net boven de tabel met zoekwoorden.

Herhaal bovenstaande stappen voor al jouw belangrijke concurrenten.

Ahrefs

Doorloop onderstaande stappen in Ahrefs om de content gap analyse uit te voeren:

  1. Log in bij Ahrefs
  2. Kies ‘Content gap’ onder ‘Organic search
  3. Vul jouw belangrijkste concurrenten in onder ‘Show keywords that any of the below targets  rank for’ en behoud het vinkje ‘At least one of the targets should rank in top 10’.
  4. Vul jouw eigen domeinnaam in onder ‘But the following target doesn’t rank for’ en druk op de oranje ‘Show keywords’ knop.
  5. Kies het juiste land door middel van het vlaggetje.

Klik op ‘Export’ aan de rechterzijde, net boven de tabel met zoekwoorden.

Analyse data

Ga door de exports heen en bepaal, net zoals bij het uitvoeren van een zoekwoordenonderzoek, de relevantie en aantrekkelijkheid van de zoekwoorden. Niet ieder zoekwoord van je concurrenten doet er voor jou toe. Denk bijvoorbeeld aan dienstverlening die je concurrent wel aanbiedt, maar jij bewust niet. En niet ieder zoekwoord is echt interessant om je (op dit moment) op te richten gezien het maandelijkse zoekvolume, de moeilijkheidsgraad, bedrijfswaarde en hoe de zoekresultaten eruit zien.

Maak een lijst met de meest interessante zoekwoorden, en voeg deze toe aan je contentstrategie als je hier reeds over beschikt. Als dat nog niet het geval is, begin hier dan nu mee!

Analyse vanuit social media oogpunt

Aan de hand van een tool zoals BuzzSumo kun je analyseren welke content van je concurrenten succesvol is op social media. Omdat je natuurlijk geen toegang hebt tot de webstatistieken van jouw concurrent kun je enkel afgaan op het aantal shares en de engagement op social media. BuzzSumo biedt een gratis proefperiode van 14 dagen. Maak hier een gratis proefaccount aan om ook jouw concurrenten vanuit social media oogpunt te kunnen analyseren.

BuzzSumo

Doorloop onderstaande stappen om te analyseren welke content van jouw concurrenten succesvol is. Het is helaas niet mogelijk om een geautomatiseerde gap analyse uit te voeren op social media vlak, het is daarom belangrijk dat je goed in je hoofd hebt zitten welke onderwerpen jij met je eigen content dekt wanneer je door de resultaten in BuzzSumo heen scrollt.

Voorbeeld

We gebruiken het salarisadministratie voorbeeld nogmaals. Enkele van je concurrenten genereren veel leads via hun website, maar je weet niet zo goed hoe. Je vult de domeinnaam van je concurrenten in en ziet dat zij een tool hebben ontwikkeld waarmee je eenvoudig en snel een bruto-netto berekening kunt maken.

Doorloop onderstaande stappen voor een analyse van het succes van je concurrenten op social media:

  1. Log in bij BuzzSumo. Standaard land je op het overzicht ‘Most Shared’, onderdeel van ‘Content Research’.
  2. Vul de domeinnaam in van jouw concurrent en druk op de blauwe ‘Search!’ knop.

BuzzSumo toont nu de meest succesvolle content van jouw concurrent. Druk op de ‘Export’ knop rechts van de blauwe ‘Search!’ knop om het overzicht te exporteren.

Herhaal dit proces voor je belangrijkste concurrenten.

Analyse data

Ga door de exports heen en bepaal welke onderwerpen voor jou interessant zijn. Net zoals bij de analyse vanuit zoekmachine optimalisatie oogpunt zal niet alle op social media succesvolle content van je concurrenten er voor jou toe doen.

Markeer onderwerpen waarvan content van je concurrenten succesvol is op social media in de contentstrategie. Dit kan namelijk een indicator zijn dat die content het goed doet op social media. Het is nu eenmaal zo dat het ene onderwerp beter aanslaat dan het andere onderwerp.

Conclusie

Blijf kritisch ten aanzien van de prestaties van je eigen content, want stilstand is achteruitgang. Analyseer periodiek aan de hand van een Content Gap analyse of jouw content naar wens presteert, en op welke fronten jouw concurrenten jou voorbij gaan. Zit je vast met je content marketing strategie? Ook in dat geval is een Content Gap analyse erg nuttig om weer geïnspireerd te raken.

Onthoud: je content is nooit af.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Social Clone Wars: kopiëren om te overleven

Posted 27 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Ongeveer alles waarmee Snapchat zich tot voor kort onderscheidde, is inmiddels door rivaal Facebook onder een carbonnetje gelegd. En ook andere media kopiëren er lustig op los. Wat betekent dit voor het socialmedialandschap? En what’s next?

Toen de Facebook-dochter in 2016 Stories van Snap kopieerde – zelfs de naam werd overgenomen – vond Instagram-topman Kevin Systrom het helemaal geen punt om dat ruiterlijk toe te geven. Zij het wel met een belangrijke nuance: “Dit gaat niet over wie wat heeft uitgevonden. Dit gaat over een format waar je je eigen draai aan geeft. Facebook ontwikkelde de tijdlijn, en LinkedIn deed dat ook.”

Instagram heeft nog net de moeite genomen de volgorde van wat icoontjes te wisselen, maar dat is het dan ook wel, schamperde techblog Mashable. Snapchat-fans spraken zelfs over ‘Snapstagram’. Maar Systrom zat er niet mee. Kopiëren is alomtegenwoordig in de techsector, meent hij. De filters van Instagram zijn immers ook schaamteloos gekopieerd.

Wat velen als een daad van oorlog zagen, is achteraf een geniale zet gebleken. Binnen vijf maanden steeg namelijk het aantal dagelijkse gebruikers van Stories naar honderdvijftig miljoen. Het zou ook de reden zijn dat de groei van Snapchat het afgelopen half jaar is vertraagd. Volgens TechCrunch wordt Snapchat Stories zelfs vijftien tot veertig procent minder bekeken dan voor de introductie door Instagram. Want waarom zou je Snapchat nog willen gebruiken als je met Instagram precies hetzelfde kunt?

Wraak
Leentjebuur spelen viert momenteel hoogtij in de sociale media, al is het verschijnsel niet nieuw. Toen Twitter de hashtag introduceerde, deden Facebook, Instagram en andere platforms dat ook. LinkedIn nam elementen van Facebook over en daar is het dan ook sterk op gaan lijken. Nog verder terug: twintig jaar geleden kopieerde Microsoft met Windows 95 al de gebruikersomgeving van Apples MacOS.

Op dit moment wordt de kopieerdrift vooral bepaald door de angst om gebruikers kwijt te raken. Nu sociale platforms zich steeds meer ontwikkelen tot multifunctionele omgevingen waarin je nagenoeg alles kunt doen – van shoppen tot bankieren – is het zaak om gebruikers binnen de muren te houden.

Toch valt het kopieergedrag van Facebook nog het meest op, omdat het Snapchat aan de lopende band kopieert. Niet alleen met Instagram, maar ook met Facebook Messenger en WhatsApp. Het is alsof topman Mark Zuckerberg alsnog wraak wil nemen op Snap-CEO Evan Spiegel, die enkele jaren terug een bod van Facebook hooghartig afsloeg.

Eind 2012 kreeg Spiegel, destijds amper 23 jaar oud, een uitnodiging van Zuckerberg om eens kennis te komen maken op het hoofdkwartier in Silicon Valley. Spiegel antwoordde dat Zuckerberg maar naar Los Angeles moest komen, waar Snapchat kantoor houdt. Daar schudden Spiegel, Snapchat-medeoprichter Bobby Murphy en Zuckerberg elkaar uiteindelijk de hand.

Facebook stond op het punt een eigen variant van Snapchat te lanceren onder de naam Poke, onthulde Zuckerberg, toch vooral bedoeld om met Snapchat in gesprek te komen. Maar Spiegel zag het als een regelrechte aanval. Terug in zijn kantoor bestelde hij direct een boek voor zijn werknemers, Sun Tzu’s: The Art of War. Spiegel was zelfs zo boos over de komst van de kloon dat hij zich direct uitschreef bij Facebook.

Poke werd echter een regelrechte flop. En dus kwam Zuckerberg met een opmerkelijk vredesvoorstel: hij bood drie miljard dollar voor Snapchat, een bod dat een normaal mens moeilijk zou kunnen weigeren. Maar wederom werd de Facebook-topman de deur gewezen. Zomer 2014 was duidelijk dat ook de nieuwe Snap-kloon Slingshot van Facebook het niet zou gaan redden. Zowel Poke als Slingshot werden geruisloos uit de appwinkels verwijderd.

Vorig jaar werd bekend dat Facebook ook nog heeft geprobeerd het Zuid-Koreaanse Snow te kopen. Op het eerste gezicht lijkt de gebruikersomgeving van deze app een regelrechte kopie van Snapchat. Buiten Azië heeft Snow echter nog nergens voet aan de grond weten te krijgen.

Camerabril
Achteraf blijken al deze pogingen om Snapchat af te troeven voor niets te zijn geweest. Alle kenmerken die Snapchat voorheen uniek maakten, zijn in Instagram terechtgekomen. “Dat hebben ze best knap gedaan”, vertelde voormalig Twitter-directeur Marc de Vries onlangs op The Social Conference in Amsterdam. Al moest hij toegeven dat het onderscheidende vermogen van de platforms hierdoor wel verdwijnt.

Sterker nog: de trend om elkaar te kopiëren, lijkt de ontwikkeling van nieuwe sociale platforms tegen te houden. Na Snapchat is er geen nieuwe sociale app van betekenis meer opgekomen.

Snap kan vooralsnog weinig ondernemen tegen copycats. Fast Company haalde vorig jaar jurist Arti Rai (Duke University) aan die zegt dat zolang de uitvoering van een idee verschillend is, daar weinig tegen is te doen. Een concept als Stories kun je niet patenteren, tenzij de onderliggende broncode zou zijn overgenomen.

Dat is bijzonder slecht nieuws voor Snap, dat onlangs met veel bombarie naar de beurs ging. Want Snap is niet zeker van zijn toekomst, zo geeft ook Spiegel toe. De nadruk die het platform op hardware is gaan leggen – via de verkoop van camerabrillen – is niet zonder risico. Om accessoires te verkopen, moet je toch een stevig basisproduct hebben. En aan de poten van dat product wordt aan alle kanten flink gezaagd.

Dat is zelfs meetbaar. De groei van Snapchat neemt de laatste maanden in Nederland en ook daarbuiten in rap tempo af. Niet alleen zakt het aantal nieuwe installaties op mobiele telefoons weg, ook het gebruik onder jongeren neemt af, zo blijkt uit het meest recente Dutch Apps Market-rapport van Telecompaper.

Het aantal installaties van Snapchat groeide in november 2016 nog met 67 procent ten opzichte van een jaar eerder. In december was dit veertig procent en afgelopen januari liet nog een stijging van twintig procent zien ten opzichte van een jaar ervoor.

Segmentatieslag
Behalve Snapchat heeft ook Instagram te maken met een sterk leeftijdsgerelateerde populariteit. Al lijkt de Facebook-dochter beter in staat om dertigers en veertigers aan zich te binden. WhatsApp is onder alle leeftijdsgroepen ongeveer even populair.

Leeftijd en niet functies lijken dus de keuze van de sociale apps te gaan bepalen. Luuk de Haardt, die crossmediale marketingcampagnes voor RTL heeft bedacht, haalt Amerikaanse onderzoeken aan waaruit blijkt dat jongeren Snapchat drie keer eerder dan Facebook openen en twee keer eerder dan Instagram.

Instagram groeide van 2,1 in 2016 naar 3,2 miljoen Nederlanders in 2017. Er is qua leeftijd flink wat overlap met Snapchat: 66 procent van de gebruikers in de leeftijd van 15 tot 19 jaar gebruikt Instagram. Maar Instagram bereikt meer een iets oudere doelgroep (20 tot 39 jaar) dan Snapchat.
Demografie is ook wat Instagram onderscheidt van bijvoorbeeld Pinterest. Instagram volgt met Instagram Shopping de koopbare pins van Pinterest. Gebruikers kunnen producten die zij op foto’s zien meteen bestellen. De leeftijd van de gemiddelde Pinterest-gebruiker ligt echter flink hoger.

De toenemende vergrijzing hoeft overigens voor Facebook zelf nog niet eens zo negatief uit te pakken. Nu zijn in Nederland nog alle leeftijden bij Facebook goed vertegenwoordigd, maar de doelgroep lijkt steeds ouder te worden. Voor adverteerders liggen hier juist kansen. En dus ook voor Facebook zelf.

Het geringe onderscheid tussen de platforms zou daarmee best eens tijdelijk kunnen zijn. In plaats van elkaar schaamteloos te kopiëren, zouden de platforms moeten kijken aan welke functies doelgroepen de voorkeur geven. Oudere Facebook-gebruikers zitten wellicht niet te wachten op schreeuwerige filters, terwijl jongeren dat juist wel willen.

De Social Clone Wars eindigen dus wellicht in een segmentatieslag, waarbij veel meer de wetmatigheden gelden die we van traditionele media kennen: Snapchat, Facebook en Instagram zullen zich steeds meer profileren als ‘doelgroepzenders’.

Een overzicht van gekloonde features:

Live Masks
Najaar 2016 kondigde Facebook selfiefilters voor livevideo aan. De filters, die het platform Live Masks noemt, maken gebruik van augmented reality om je gezicht te veranderen in bijvoorbeeld een schedel of pompoen. Het is een kopie van Lenses van Snapchat. De technologie komt overigens van de app MSQRD die Facebook eerder overnam.

Mark Zuckerbergs bedrijf heeft Facebook Stories inmiddels uitgerold voor zijn mobiele apps. Door op een camera-icoon te drukken, kunnen gebruikers foto’s en video’s in een tijdlijn zetten. En versieren met tekst, tekeningen, stickers en filters. Ze verdwijnen na 24 uur.

Messenger Day
Is een Snapchat-alternatief waarmee je gemakkelijk foto’s en video’s deelt. De foto’s zijn 24 uur zichtbaar voor al je vrienden en andere contacten. Je kunt ook filters, stickers of andere versieringen toevoegen. Dat Facebook Messenger Day als eerste in Polen is getest, is waarschijnlijk geen toeval. Daar kennen ze Snapchat nauwelijks.

Clips
Apple zat een beetje met de handen in het haar. Vergeleken met hippe chatapps als Line, WeChat en Facebook Messenger had iMessage lange tijd maar weinig spannends te bieden. En dus lanceerde Apple naast stickers en effecten ook iMessage-apps. Ontwikkelaars kunnen mini-apps maken die de chatervaring moeten verrijken. Er zijn inmiddels bijna vijfduizend varianten beschikbaar. De populariteit daarvan loopt echter sterk terug. Dat is niet verwonderlijk: iMessage is alleen te gebruiken op Apple-hardware.

Ook Apple heeft zich recentelijk laten inspireren door Snapchat. Zo verscheen begin april de gratis videoapp Clips. Waarin je naast filters spraakballonnen en geanimeerde posters kunt maken. Evenals emoji’s toevoegen. Het wachten is op integratie met FaceTime of iMessage. Vooralsnog is het echter een losse applicatie.

Instagram
In augustus 2016 lanceerde Instagram lanceerde zijn verhalenfunctie Stories. Je kunt er een serie foto’s mee samenvoegen tot een album, of liever gezegd tot een verhaal. Tekenen op de afbeeldingen kan ook, net zoals dat in Snapchat het geval is. En evenals bij Snapchat verdwijnen de verhalen na 24 uur.

De volgende stap volgde in februari van dit jaar, met geostickers. Ook regelrecht afgekeken van Snapchat. Het zijn stickers (grappige plaatjes) die je in Instagram Stories kunt gebruiken op basis van je locatie.

Ook zijn in berichten dienst Direct verdwijnende berichten geïntegreerd. Inderdaad net als bij Snapchat.

Met het van Pinterest afgekeken Instagram Shopping kunnen retailers op hun beurt berichten plaatsen met een tap to view-knop in de linkerbenedenhoek van een foto. Wanneer de gebruiker daarop drukt, ziet hij wat het product kost en hoe hij het kan bestellen.

Medium
Het jaar begon niet best voor het bedrijf achter verhalenapp Medium. Kort na de jaarwisseling maakte CEO Ev Williams, medeoprichter van Twitter, bekend dat hij vijftig werknemers op straat zou zetten, tegelijk met sluiting van de kantoren in New York en Washington D.C. Medium houdt het midden tussen Twitter en een blog als WordPress: deelnemers kunnen er korte of langere verhalen delen. Begin maart lanceerde Medium al Series, dat sprekend lijkt op Stories van Snap. Gebruikers kunnen snippets met tekst en foto’s publiceren en die al swipend consumeren. Het grote verschil met Snapchat: de verhalen verdwijnen niet na 24 uur.

Teams
Ook in de zakelijke sfeer wordt er flink gekopieerd. Slack had het rijk voor teamsoftware grotendeels voor zich alleen, maar zelden is een concept zo goed gekopieerd als door Microsoft. Die rolde onlangs in 181 landen Teams uit, waaronder in de Benelux. Ook deze dienst stelt medewerkers van bedrijven in staat om via meerdere kanalen met elkaar te communiceren, waaronder via videochat.

Gebruikers met een Office 365-abonnement hebben toegang tot Teams. Dat zijn er gelijk al zo’n 85 miljoen. Ter vergelijking: Slack heeft er 6,8 miljoen. Het grote voordeel is de integratie met Office en andere Microsoft-diensten. Meer dan honderdvijftig integraties zijn al beschikbaar, onder andere voor SAP, Trello en ModuleQ.

Reddit
Wil meer op Facebook gaan lijken. Bij het nog altijd zeer lelijk ogende sociale nieuwsforum kunnen gebruikers binnenkort profielen maken, waardoor niet alleen onderwerpen, maar ook auteurs met bepaalde interesses zijn te volgen. Waarbij leden interessante berichten ook op hun eigen pagina kunnen plaatsen.

Op het congres SXSW in Texas gaf medeoprichter Alexis Ohanian toe dat Reddit tot nu toe te weinig heeft gedaan om nieuwe gebruikers te faciliteren. Ook hebben gebruikers moeite om berichten in de verschillende categorieën te plaatsen, daarvan zijn er te veel, elk met eigen regeltjes. Of Reddit een echte Facebook-kloon wordt, blijft afwachten.

WhatsApp
Ook in WhatsApp kunnen gebruikers sinds begin dit jaar foto’s en filmpjes delen die na vierentwintig uur verdwijnen. Net als bij Instagram Stories en Snapchat dus. Niet alle gebruikers zaten daarop te wachten. Het vervangt de oude WhatsApp Status, ooit een zinnetje onder de gebruikersnaam waarin je kon laten weten dat je niet beschikbaar bent. WhatsApp voert de oude Status-versie daarom opnieuw in. En behoudt ook de nieuwe variant.

Secret Chats
Belapps kijken ook naar Snapchat. Neem Viber, onderdeel van het Japanse internetbedrijf Rakuten, dat met zo’n achthonderd miljoen gebruikers vooral populair is in Oost-Europa, Noord-Afrika en Azië. Ook deze app krijgt berichten die na verloop van tijd automatisch verdwijnen, Secret Chats genaamd. Net als bij Snapchat zijn er tientallen stickers om over beelden heen te plakken. En kunnen gebruikers tekeningen toevoegen, waarbij de kwastdikte dunner of dikker te maken is. Een detail waar ook Snap zich onlangs op richtte.

* Dit artikel verscheen eerder in het meinummer van Emerce magazine (#158).

Foto: mellamokat (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

De impact van de nieuwe Ad Rank algoritme-update van Google

Posted 26 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Google heeft onlangs een wijziging aangekondigd voor het Ad Rank algoritme. Sinds begin mei 2017 is op een beperkt aantal zoekopdrachten deze wijziging reeds van toepassing. De verwachting is dat het percentage waarop het nieuwe algoritme toegepast wordt in rap tempo zal toenemen.

De Ad Rank (advertentierangschikking) van een adverteerder bepaalt de positie van zijn advertentie in de zoekresultaten. En de Ad Rank van de adverteerder onder jou bepaalt grotendeels jouw CPC.

Ad Rank was altijd de combinatie van bod en kwaliteitsscore (eind 2013 kwam hier nog de verwachte impact van extensies en andere advertentie-indelingen bij), waarbij beide factoren (kwaliteit en bod) even zwaar wegen om de positie te bepalen.

Met deze update gaat Google het bod in specifieke gevallen zwaarder laten wegen en dit heeft gevolgen voor de CPC en het vertoningsaandeel van adverteerders. We zien met name grote gevolgen bij zoekopdrachten waarvoor een adverteerder op dit moment de topposities inneemt.

De officiële verklaring vanuit Google

“Google verbetert continu de kwaliteit van de getoonde advertenties bij zoekopdrachten als onderdeel van onze missie om de ervaring van gebruikers en adverteerders met onze advertentieproducten te verbeteren. We hebben een wijziging aangebracht aan de toelatingseisen voor Ad Rank voor zoekadvertenties op Google.com, die uw prestaties kunnen beïnvloeden.

“De waarden voor Ad Rank worden aangepast op een aantal dimensies, zoals land, apparaat en positie, om ervoor te zorgen dat we een passend algoritme op de kwaliteit en het bod en de waarde van de adverteerder plaatsen. De toelatingscriteria voor advertenties boven de organische zoekresultaten zijn bijvoorbeeld hoger dan de toelatingscriteria voor advertenties onder de organische zoekresultaten. Op deze manier onderstrepen wij het belang van een hoge kwaliteit van de gebruikerservaring en zo de waarde van deze advertentie ruimte te weerspiegelen.

“De kwaliteit van de advertenties speelt nog steeds een zeer belangrijke rol bij de berekening van de advertentierangschikking. Deze update en verbetering van toelatingscriteria is erop gericht om sommige biedingen zwaarder te laten wegen in de veiling dan in het verleden. Het kan je zijn opgevallen, dat hoewel je nog steeds hoge kwaliteitsscores hebt, er toch een wijziging opgetreden is in de prestaties van je campagnes.

“Onveranderd blijft dat je nog steeds je kans op een vertoning kunt vergroten en de positie op de pagina te verbeteren door de kwaliteit van je advertentie te verbeteren of de maximum CPC-biedingen te verhogen. Houd er rekening mee dat de gemiddelde CPC’s kunnen fluctueren. Het is daarom belangrijk om de juiste maximum CPC-biedingen in te stellen om ervoor te zorgen dat je nooit meer betaalt dan je bereid bent te betalen voor een klik.”

Wat betekent dit voor mij?

De nieuwe Ad Rank update hecht een groter belang aan het bod voor specifieke zoekwoorden bij het bepalen van de advertentiepositie. Het belang van de andere ranking factoren wordt hiermee verminderd. Als gevolg hiervan hebben de aanpassingen op een bod een groter effect op de positie van een advertentie en de bijbehorende CPC.

We verwachten twee veranderingen in de prestaties van adverteerders:

  • CPC’s kunnen stijgen. Bij veilingen waar een adverteerder in eerste instantie inzet op de topposities, speelt de hoogte van hun bod straks een grotere factor in de uiteindelijke CPC die ze betalen. iProspect verwacht dat dit effect met name te zien zal zijn bij merknaam zoekwoorden.
  • Daling van het vertoningsaandeel (door lagere Ad Rank). Adverteerders zullen waarschijnlijk zien dat sommige zoekwoorden minder vertoningen zullen genereren als de biedingen niet hoog genoeg zijn, als gevolg van de nieuwe Ad Rank formule.
Wat kunnen adverteerders doen om voorbereid te zijn

Net als bij elke algoritme-update is nauwkeurige monitoring en snelle reactie op waargenomen veranderingen van cruciaal belang. Om deze wijziging succesvol te laten verlopen, bevelen we volgende stappen aan:

  • Het monitoren van merknaam cpc’s, posities en vertoningsaandeel. Dit kan handmatig, maar om tijd de besparen beveelt iProspect verschillende geautomatiseerde oplossingen aan, zoals ons bid shaver script en tools als the Search Monitor.
  • Herzie je biedingsstrategie. Als gevolg van deze wijziging zullen merken opnieuw moeten afstemmen welke prijs zij bereid zijn te betalen voor elke klik en bereid zijn het bod regelmatig aan te passen. Doordat Google nu meer belang toekent aan het bod, is het van belang dat marketeers hun biedingen baseren op geschatte waarde van elke klik. Als de klikprijzen stijgen zullen adverteerders opnieuw moeten evalueren of deze CPC’s nog in lijn zijn met hun CPA of ROAS doelstellingen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

ClickValue breekt lans voor bestaande klanten

Posted 26 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

De waarde van bestaande klanten is heel hoog, maar wordt onderschat door online marketeers. “De focus ligt heel erg op de acquisitie van nieuwe klanten. Het optimaliseren van de waarde van de bestaande klanten is vaak een ondergeschoven kindje,” vindt Daniel Markus van ClickValue.

Volgens Markus, die een presentatie gaf tijdens Conversion 2017, is het veel goedkoper om met bestaande klanten te communiceren. “Je ziet hoeveel mediakosten er zijn gemoeid met het binnenhalen van nieuwe klanten versus de mediakosten van het communiceren met bestaande klanten. Het ene gaat – afhankelijk van je branche – over euro’s en het praten met bestaande klanten gaat altijd over een paar cent per duizend. Qua mediakosten is het dus verwaarloosbaar. Je moet er wat content voor maken daar zitten de kosten ook niet in. Je hebt natuurlijk wel een beetje volume nodig want als de marketeer voor maar een of twee mensen aan de slag gaat dan helpt het niet. Zodra je tien-, vijftien-, twintigduizend mensen in je database hebt, ben je een dief van eigen portemonnee als je daar weinig mee doet. Het maken van aanbiedingen en nieuwsbrieven begint dan te lonen.”

Markus ziet verschillen in de CPO van bestaande en nieuwe klanten van factor vijf maar ook factor twintig. Dat is volgens hem verklaarbaar. “Marketeers hebben enorme focus op die nieuwe business. Iedereen is Google Adwords-certified of weet alles van Facebook marketing en zo. De focus, de ROI waar iedereen op stuurt, de ROAS – het is allemaal op nieuwe business gericht. ROAS gaat nooit over repeat business en ROI eigenlijk ook nooit. De reden is omdat die informatie in andere databronnen zit, het staat niet in Google Analytics of in Adobe. Dus is het moeilijk want je moet even met iemand praten in de organisatie om die data te krijgen en dan is het koppelen weer lastig. Maar als je dat allemaal doet dan krijg je waanzinnige inzichten.”

Daarvoor moeten wel het CRM en andere databronnen worden gekoppeld en geanalyseerd. Dat kost natuurlijk ook geld. “Daarom heb je een beetje schaal nodig om dit te doen. Maar die kosten vallen behoorlijk mee. En zelfs als je klein bent kunnen de learnings die je eruit haalt door het gewoon te gaan doen ook heel indrukwekkend zijn. Je komt ook algauw in een soort experimenteermodus waarbij je gaat kijken naar klanten die net binnen zijn gekomen versus klanten die je al een jaar hebt versus klanten die activatie nodig hebben versus klanten die zichzelf wel activeren, klanten die je gaat inzetten om klanten voor jou te gaan werven, enzovoorts. Daar ga je allemaal op een heel andere manier naar kijken als je de moeite neemt om data-gedreven met die databases om te gaan. De learnings kunnen enorm zijn.  Dus ook daarom is het de moeite waard om het met elkaar te gaan integreren.”

Markus adviseert bedrijven die meer aandacht willen besteden aan hun bestaande klanten om allereerst de data op orde te brengen door alle CRM- en analytics-data aan elkaar te koppelen. “Wat heel interessant is is te onderzoeken hoeveel klanten die je al had binnenkomen via new business marketing. Dat soort analyses kan ontzettend interessant zijn. Daarmee zie je meteen wat het oplevert als je wat slimmer gaat marketen. Geen one-size-fits-all-in je nieuwsbrief maar kijken wie activatie nodig heeft en wie informatie. Het geeft te denken als bijvoorbeeld 50 procent van de new business marketing leidt tot repeat business van mensen die je anders ook had binnengehaald. Waar ga je je volgende uur dan aan besteden? Heeft dit zin of kun je toch maar beter gewoon CRO gaan doen? Dat is altijd de vraag, eentje die vaak niet zo heel kritisch wordt gesteld. Meestal blijven mensen gewoon doen wat ze gewend zijn je met dezelfde skillset kun je ook kunt gaan richten op bestaande klanten. Dat is eigenlijk de moraal van dit verhaal.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Mobiele betaalervaring kan veel beter

Posted 26 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

De conversie op mobiele apparaten kan aanzienlijk worden verbeterd door de betaalervaring onder de loep te nemen. Nieuwe technologieën kunnen de koudwatervrees van consumenten voor mobiel kopen wegnemen maar dan moet de financiële sector wel bereid zijn in de ontwikkeling hiervan te investeren.

Het mooie van mobiele apparaten is dat je de aankoopintentie meteen kunt verzilveren. Iemand die een leuke jas ziet, kan het product ter plekke opzoeken en bestellen. Toch worden mobiele apparaten nog altijd vooral gebruikt om informatie te verzamelen vóór een aankoop. De daadwerkelijke conversie gebeurt vanaf de pc of in de winkel. 58 procent van alle aankopen strandt voor de betaling. De belangrijkste redenen hiervoor zijn:

  • Windowshopping – de klant heeft niet de intentie om iets te kopen, maar wil gewoon rondkijken en stopt producten in het winkelwagentje om ze snel terug te kunnen vinden.
  • Prijszenuwen – een psychisch verschijnsel: het kopen van duurdere producten via een smartphone schrikt af, bijvoorbeeld doordat mensen op het kleine scherm niet goed kunnen zien hoe het artikel eruitziet.
  • Betaling lukt niet – de middelen die nodig zijn om de transactie af te ronden ontbreken. De klant heeft bijvoorbeeld zijn passcanner niet bij zich of weet het wachtwoord van zijn PayPal-account niet meer.
  • Vertrouwen – de klant denkt dat de wifi-verbinding niet veilig is.
  • Algemene ervaring – het is te ingewikkeld om met een smartphone de bestelling af te ronden, bijvoorbeeld doordat de klant te veel gegevens moet invullen.
Biometrische authenticatie

Om de mobiele conversie te verhogen is een zo simpel mogelijke gebruikerservaring nodig. Dat geldt ook voor de betaalfase. Hierin zijn wat stappen gezet in Nederland: wie op zijn smartphone wat bestelt en via iDeal wil betalen, wordt naar de bankapp geleid waar vervolgens alleen een wachtwoord nodig is om de transactie goed te keuren. Dit kan bijvoorbeeld bij Rabobank en ING, maar nog niet bij alle banken.

Er zijn echter geavanceerdere methodes om authenticatie toe te passen bij betalingen: vingerafdrukken, stem-, gezichts- en irisherkenning, die je al dan niet in combinatie met een wachtwoord kunt toepassen. Op dit moment zijn deze mogelijkheden nog een brug te ver. De techniek wordt niet overal ondersteund en de consument is er nog niet aan gewend. Maar ik acht het niet onwaarschijnlijk dat dergelijke biometrische identificatiemethodes binnenkort worden geïntroduceerd voor de aanschaf van producten met een hoge waarde. Dat zou zowel de hierboven genoemde ‘prijszenuwen’ als de aarzeling of het wel veilig is wegnemen en dus de mobiele conversie verhogen. Ik kan me voorstellen dat hoe meer vertrouwen een transactie vergt, des te meer checks er zijn ingebouwd.

De kip-en-het-ei-kwestie is hoe de adoptie omhoog kan worden gebracht als merchants en banken geen nieuwe betaalmethodes aanbieden op basis van biometrische identificatie. Wanneer is het break-even punt bereikt waarop het interessant genoeg is om te gebruiken?

Kop is eraf

Op zich is het begin al gemaakt. Telefoons die vingerafdrukidentificatie mogelijk maken bestaan al jaren. Apple Pay en sommige banken maken gebruik van deze manier van identificeren. De vraag is of de banken hier ver genoeg in gaan. Zo accepteert de Rabobank slechts één duimafdruk. Als je er twee hebt opgeslagen op je telefoon zodat je deze met beide handen kunt ‘unlocken’, werkt de app niet meer. Bij American Express kan dit wel.

Je zou verwachten dat Google en Android er als de kippen bij zijn om in dit gat te springen, maar dat valt vooralsnog tegen. Er is al langer sprake van dat Apple Pay en Android Pay in Nederland zullen worden ingevoerd. Apple Pay lijkt nog niet in zicht. Android Pay is net in België geïmplementeerd dus het ligt voor de hand dat Nederland snel aan de beurt zal zijn. Beide systemen koppelen je creditcard aan je telefoon zodat je met je smartphone online of in winkels kunt betalen. Het werkt op basis van tokenisation, wat betekent dat er geen informatie op je smartphone wordt opgeslagen. Beide methoden nemen twee stappen weg uit het betaalproces – je hoeft niet meer te hannesen met apparaatjes voor het uitvoeren van transacties en het factuuradres is al bekend, want dat is gekoppeld aan je account. De funnel wordt korter en er zijn dus minder afhaakmomenten.

Wat de implementatie van Apple Pay en Android Pay bemoeilijkt, is ten eerste dat ‘onze’ pinpas er niet aan kan worden gekoppeld. Het gebruik van creditcards als betaalmiddel is niet gebruikelijk in Nederland: mensen zijn bang om geskimd te worden en willen niet met geleend geld producten kopen. Ten tweede stelt iedere bank andere voorwaarden aan de samenwerking met Apple of Google. En om de acceptatie te stimuleren is het belangrijk dat alle banken in een land meedoen. Dat is een langdurig traject. Het is natuurlijk mogelijk dat een fintech start-up hier gebruik van maakt en zelf een dergelijke mobiele betaalmethode lanceert. Maar tot nu toe zijn dit soort nieuwe bedrijven vooral goed in het verbeteren of introduceren van een bepaalde functionaliteit en niet van het hele betaalspectrum.

Na vingerafdrukken is stemherkenning het meest ingeburgerd in Nederland maar dat wil niet zeggen dat de acceptatie hoog is. Met name de jongere generaties zijn eraan gewend om commando’s met hun stem te geven in plaats van te typen. ING speelt daarop in en gebruikt Siri van Apple om betaalopdrachten te geven. Het geldt echter niet als identificatie. Die moet per vingerafdruk of de mobiele pincode gebeuren. Wat de adoptie onder oudere generaties volgens mij in de weg staat is dat Siri op complexe vragen geen antwoord kan geven in het Nederlands. En als je geen goede gebruikservaring hebt bij ‘gewoon’ gebruik, dan is de bereidwilligheid om stemherkenning te gebruiken bij financiële transacties natuurlijk niet groot.

Technologie gaat sneller dan de mens

Zoals zo vaak gaan de technologische ontwikkelingen harder dan de behoefte van de consument om ermee aan de slag te gaan. Vorig jaar was er een bedrijf op de Mobile Conference in Barcelona dat identificatietechnologie had ontwikkeld voor vingerafdrukken die ook de bloedvaten registreert en zo kan vaststellen of de eigenaar in leven is. Een andere organisatie neemt bij een irisscan ook de aderen mee om te controleren of er zich een echt oog voor de scanner bevindt. Je kunt je afvragen of dit interessant is als je geen Russische maffiabaas bent. Maar het idee om bestaande technologie extra te beveiligen is natuurlijk altijd goed.

Kortom, de technologie is er, de banken en merchants zijn nu aan zet. Dit is het moment om te handelen voor de tech-reuzen dat doen en de markt veroveren met de gemakkelijkste mobiele customer experience ooit.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Trivago zweert bij het advertentiemodel

Posted 26 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

De grenzen tussen metazoekmachines en online reisagenten vervagen steeds meer. Trivago is de uitzondering op deze regel. “Wij geloven niet in het hybride model,” aldus managing director Johannes Thomas.

Zowel Skyscanner als TripAdvisor zijn zeer actief met het mogelijk maken van directe boekingen. TripAdvisor liet recent weten dat het product nieuw leven ingeblazen zal worden. En Skyscanner is ervan overtuigd dat zij een belangrijke rol kan spelen in de distributie van vliegtickets. Trivago, sinds 2013 eigendom van Expedia, ziet er daarentegen niets in, zegt Thomas tijdens de Phocuswright-conferentie in Amsterdam. “Het is een interessante ontwikkeling. Ons standpunt is helder: wij zijn geen boekingssite en geloven niet in het hybride model. We helpen onze adverteerders om directe boekingen te genereren door een stukje technologie tot hun beschikking te stellen. Wij willen excelleren in search, zodat onze adverteerders goed worden gevonden. De conversie moeten ze vervolgens zelf bewerkstelligen.”

Johannes Thomas, TrivagoOm extra service te kunnen bieden aan adverteerders heeft Trivago dit jaar Base7Booking volledig overgenomen, een property-managementsysteem voor kleine hotels die niet zijn aangesloten bij een keten. Hiermee kunnen zij onder andere de beschikbaarheid bijhouden en de digitale en e-mailmarketing managen. “Met name onafhankelijke hotels zijn nog niet gedigitaliseerd. Bij 30 procent is dat een groot probleem. De tools die nu op de markt zijn, zijn niet geschikt voor deze groep. Ze zijn te duur en te complex. Wij als marketingkanalen zijn te ingewikkeld om te managen. Je kunt niet verwachten dat een hotelier ook een expert is in online marketing. Daarom moet je het simpel maken.”

Van Trivago is bekend dat het advertentiebudget enorm is vergeleken met de andere spelers. In de eerste negen maanden van 2016 gaf het bedrijf bijna 540 miljoen euro uit aan marketing. De omzet was in dezelfde periode 585 miljoen euro. Het gros van het budget gaat op aan televisie, zegt Thomas. “Acht jaar geleden waren we nog voor 90 procent afhankelijk van Google voor traffic. We zijn gaan kijken hoe we de verschillende kanalen efficiënter konden inzetten en zijn begonnen met de bekende tv-spotjes. Vandaag de dag is 30 procent van ons verkeer afkomstig van search. Vijfenzestig procent gaat rechtstreeks naar onze website met dank aan de tv-commercials. De uitdaging daarbij is om de complexiteit te managen. Aanvankelijk synchroniseerden we de spotjes na op de verschillende markten. Daar zijn we vanaf gestapt, elk land waar we actief zijn heeft een eigen Trivago-ambassadeur. We hebben tientallen variaties op de inhoud, waarbij we het product vanuit verschillende invalshoeken uitleggen. We zouden graag nog wat specifieker targeten maar de televisiewereld is nog niet zover. Zo kun je niet op het laatste moment van commercial wisselen om in te spelen op de actualiteit. Wat dat betreft lopen ze mijlenver achter op online marketing.”

Ego of senioriteit

De enorme advertentieuitgaven hebben ertoe geleid dat Trivago sinds de oprichting in 2005 is uitgegroeid tot een beursgenoteerd bedrijf met 1300 medewerkers. In de bedrijfsstructuur is opvallend genoeg weinig veranderd: behalve de drie managing directors en sinds kort de CEO worden er amper titels gehanteerd. “We willen geen statusindicatoren. Beslissingen moeten onbevooroordeeld worden genomen en niet gebaseerd op ego of senioriteit. We proberen muren weg te nemen en banden te smeden. Het bedrijf is georganiseerd in micro units die toegang hebben tot alle middelen die ze nodig kunnen hebben. Er zijn geen team leads meer. Wel hebben we een CEO benoemd toen we naar de beurs gingen. Dat is om duidelijkheid te verschaffen aan investeerders en verandert niets aan de start-up cultuur die we in het bedrijf trachten te cultiveren en behouden.”

Dat neemt natuurlijk niet weg dat Trivago van disruptor een gevestigde naam is geworden, die zelf ook weer onderhevig is aan disruptie. Thomas ziet wat dat betreft Google als belangrijkste concurrent. “We wisselen ervaringen uit met Google en ze zijn een inspiratie voor ons. Qua product liggen wij voor. Onze gebruikerservaring is simpel en we richten ons alleen op hotels. Google heeft heel veel verticals en devices waar ze hun aandacht over moeten verdelen. Maar ze leren snel. Het is interessant om te zien wat ze gaan doen in travel. Wat dat betreft maak ik me meer zorgen over Google dan over TripAdvisor.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Gatwick installeert 2000 bakens voor navigatie

Posted 26 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Vliegveld Gatwick bij Londen heeft 2000 bakens geïnstalleerd voor indoor navigatie. De technologie zal onder meer worden gebruikt voor augmented reality-toepassingen, waarbij passagiers hun weg met een app kunnen vinden.

Het systeem garandeert een nauwkeurigheid van 3 meter. Informatie over passagiers wordt niet vergaard, wel wordt de drukt in bepaalde zones gemeten.

Gatwick werkt aan eigen apps, maar biedt luchtvaartmaatschappijen en retailers de gelegenheid om ook eigen toepassingen te ontwikkelen.

De belangrijkste partner is de Britse startup Pointr. Die levert ook ontwikkelsoftware (SDK) met ondersteuning voor 3D AR.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nieuw leven voor de lokale retailer: ga in buurtdistributie

Posted 26 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Waarom zoeken lokale retailers geen businessmodellen die hun stenen winkels onmisbaar maken, in plaats van een molensteen om hun nek? De winkelier moet opboksen tegen steeds sterker wordende webshops. Die webshops zelf worstelen op hun beurt weer met de logistiek. Ze zijn immers fysiek ver verwijderd van hun klanten maar willen toch een persoonlijke bezorging. Daar ruik ik samenwerkingsmogelijkheden!

Samenwerking in de last mile

Door samen te werken kun je prima de taart verdelen of zelfs groter maken. Samenwerking in de eCommerce-keten komt al veel voor. Als je bijvoorbeeld een specialistisch computerproduct bestelt bij Central Point is er een goede kans dat je een drop shipment ontvangt, direct vanuit het centrale distributiecentrum van de producent, ergens in Europa. Dat is dan efficiënter dan het product eerst via de webwinkel te laten lopen.

Zou een dergelijke samenwerking niet ook haalbaar zijn in de uitvoering van de last mile? In fora zoals ‘slim en schoon door de stad’ wordt al jaren gedebatteerd over hoe je toch meer samenwerking kunt krijgen in transport naar consumenten. Waardoor je meer dichtheid in distributie kunt verkrijgen, een betere beladingsgraad en daardoor netto minder busjes in de woonwijken. Maar daarbij wordt vaak uitgegaan van transportbedrijven die de samenwerking moeten aangaan en juist zij hebben daar geen belang bij. Zij willen hun eigen merk, sterk en herkenbaar op straat, een dominant marktaandeel en zich onderscheiden door hun ‘unieke’ dienstverlening.

Als twee honden vechten om een been

En lokale retailer: hier ligt een kans om de rol te nemen van one-stop aflevershop. Neem zelf transport ter hand en begin met het lokaal leveren van je eigen producten, die van anderen in de buurt en neem en passant wat pakjes van webwinkels mee. Had je al een bezorgdienst? Dan kun je op deze manier meer rendement en een hogere omzet realiseren.

Als winkelier hoef je geen weerstand te hebben om producten van anderen mee te nemen op je route, zolang dat maar geen directe concurrenten zijn. Sterker nog, naast de schaalvoordelen die bundeling van stromen veroorzaakt zorgt het ook voor een sterkere binding met ‘jouw klant’ waardoor die weleens meer zou kunnen gaan bestellen.

En voordat je het weet is die ouderwetse stenen winkel een lokaal mini-distributiecentrum geworden en breng je als moderne ‘srv man’ weer alles bij de mensen thuis. (De SRV man was tot in de jaren negentig van de vorige eeuw de benaming van een mini supermarkt op (elektrische) wielen)

Consumenten hebben nog steeds behoefte aan een lokaal bekend gezicht!

De Primera, om de hoek bij waar ik woon, heeft zijn rol als pakketpunt al ingenomen. Dat leek een slimme zet. Maar nu klaagt hij erover dat zijn winkel vol met pakketten ligt omdat klanten die pas na dágen komen ophalen. Blijkbaar willen die ontvangers toch gewoon thuisbezorging. De supermarkt verderop is een franschiser en moet weerstand bieden aan de opkomende eCommerce in food. Die gaat straks dus vanuit de winkel de wijk in om boodschappen te bezorgen, want blijkbaar wil de consument toch gewoon thuisbezorging.

Kan daar dan niet een pakketje bij dat bij de Primera lag te wachten? Of een retourzending van een kledingstuk? Als we er toch zijn….

Lokale distributie is in zwang

Het zal niet het eerste initiatief zijn dat de ziel weer terug wil brengen in consumentenleveringen en probeert te profiteren van de beperkingen van grote pakketvervoerders. Deze laatste bieden nog vaak een business-to-business service level voor business-to-consumer leveringen. Zomaar drie voorbeelden:

  • Homerr die een sociaal netwerk van pakketontvangers in Amsterdamse buurten oplijnt en voor de consument de slagingskans van een aflevering kan vergroten;
  • Buurtmus die in Haarlem ‘pensionado’s’ mobiliseert om de pakketdistributie in de buurt ter hand te nemen. In de avond, natuurlijk!
  • En ViaTim die iets soortgelijks doet in Bergen op Zoom en Rotterdam.

De buurtgerichte winkel (bakker, slager, supermarkt etc.) kan vast en zeker onderdeel uit  maken van dergelijke vernieuwende last mile logistiek en kansen pakken om samen met dit soort partijen een netwerk te smeden. Op grote schaal vraagt het uiteindelijk een ketenregiesysteem dat dit soort samenwerking mogelijk maakt en dat informatie over thuisleveringen, leverstatus en klantwensen op een uniforme wijze en over de partijen heen vastlegt. Dat gaat er nog wel komen maar je hoeft daar niet op te wachten. Ga nu al gewoon eens praten met je collega winkelier, de winkeliersvereniging of met zo’n logistieke buurt startup. Wie weet wat voor chemie er daar ontstaat.

Ik zeg: laat maar komen die bloemen van Bloomon, het vers gestoomde kostuum van de Palthe en een doos bonbons van de lokale chocolatier ….. samen met de dagelijkse boodschappen van de supermarkt van voorkeur. Zoals de SRV man dat 30 jaar geleden al deed, kan dat uitstekend met een elektrisch voertuig of beter nog, aangedreven door menselijke spierkracht.

En zo help je als retailer de last mile wat duurzamer te maken. En je eigen winkel verder vooruit!



Lees het volledige bericht op Emerce »

Datatrics: relevante e-mailmarketing met data en machine-learning

Posted 25 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het gemiddelde bedrijf heeft minstens vijf losse marketingtools. De grote uitdaging is hoe die data aan elkaar kunnen worden geknoopt tot een 360-graden klantbeeld zodat je in alle kanalen relevant communiceert met de klant, onder andere met e-mailmarketing. Het Nederlandse bedrijf Datatrics speelt handig op dit vraagstuk in.

Bas Nieland is medeoprichter van Datatrics, een partner van Copernica. “Wat we doen is de customer journey relevant maken voor de klant door gebruik te maken van historische en actuele data en machine-learning,” legt Bas uit. “Daar zijn we vier jaar geleden mee begonnen als spin-off van marketing agency Green Orange. Aanleiding was de duidelijke focusverschuiving in de marketing van creatie naar data. In plaats van iets leuks bedenken en zien wat het doet, worden campagnes ontwikkeld op basis van de beschikbare data. Zo wordt het effect gemaximaliseerd. Wij zagen dat veel bedrijven moeite hebben om die switch te maken, omdat ze losse datasets uit veel verschillende marketingtools niet kunnen combineren tot nuttige inzichten. Een doorsnee organisatie werkt algauw met vijf tot zes tools, zoals WordPress, Google Adwords, Magento, Copernica, Google Analytics, enzovoorts. Wanneer je die data niet op elkaar kunt aansluiten krijg je nooit de hele customer journey in beeld en kun je niet effectief communiceren met de klant. Wij verzamelen data over elk contactmoment, vanaf e-mail en advertising tot aan website.”

Datatrics ging van start met een pilot, waarbij de verschillende databronnen van een bedrijf bij elkaar werden gebracht en de randvoorwaarden voor analyse werden opgesteld. “De uitkomst van die pilot was goed: we realiseerden een conversiestijging van 20 procent bij de testklant. We konden dus de markt op met Datatrics. In het begin maakten we maatwerkopstellingen, maar inmiddels hebben we Datatrics als platform neergezet. Dit betekent dat de vijftig grootste marketingtools direct kunnen worden ‘ingeplugd’. Bovendien is het platform dusdanig gemakkelijk in het gebruik, dat marketeers er zelf de inzichten uit kunnen halen. Daarvoor is geen data-analist nodig. Wel is het zo dat wij alleen voorspellingen kunnen doen op basis van zaken die al hebben plaatsgevonden. Het creatie-gedeelte blijft dus de verantwoordelijkheid van marketing.”

Data kern van concurrentiekracht

In vier jaar tijd heeft Datatrics een indrukwekkend portfolio opgebouwd, met klinkende namen als Schiphol, BP, A.S. Watson, TUI en Kruidvat. “We zijn begonnen met de retail en inmiddels ook actief in de reisbranche. Dat komt volgens mij door het succes van Booking.com, waardoor andere partijen zich realiseren dat ze ook data-gedreven moeten worden willen ze de concurrentie aan kunnen gaan. Qua doelgroep zijn we zelf ook verrast door deze namen. We dachten dat grote bedrijven hun data wel op orde zouden hebben en dat vooral het MKB belang zou hebben bij ons platform. In de praktijk blijkt dat het MKB er nog niet echt klaar voor is en dat juist die grote namen te maken hebben met verschillende legacy systemen die ze op een gemakkelijke manier aan elkaar willen knopen.”

Hoe gaat het precies in zijn werk? “We hanteren een vaste structuur voor de customer journey – oriënteren, vergelijken, beslissen, aankopen en evalueren. Bedrijven vullen die verschillende onderdelen met beschikbare en passende content. Het platform toont vervolgens op basis van machine-learning de juiste content aan elk individu,” zegt Bas. “Ons platform bepaalt op basis van interne en externe databronnen in welke fase een klant zich bevindt en welke content je het beste op welk moment kunt laten zien. Dat doen we door middel van machine-learning. Een algoritme analyseert het gedrag van de potentiële klant, of hij of zij al eerder op de website is geweest, welke bestellingen in het verleden zijn gedaan, et cetera. We analyseren ook de statistieken van Copernica over het gedrag op de e-mail, zoals opens en clicks. Daarnaast nemen we bijvoorbeeld de weersvoorspelling mee en gegevens van het CBS over het adres en de soort buurt. Al die data worden vertaald in een voorspelling van waar de klant interesse in heeft en wanneer je het beste met hem of haar daarover kunt communiceren. Hoe die inzichten vervolgens worden gebruikt, is aan de klant. De verrijkte data resulteren met de inzet van Copernica in de verzending van relevantere e-mailcampagnes met een hogere conversie als logisch gevolg.”

Boodschap voorspellen voor Reshift

Een recente klant waarvoor Datatrics dit doet is Reshift, een mediabedrijf met grote merken als Computer!Totaal, MacWorld, Computer Idee en Kieskeurig.nl. “Reshift wil naar een voorspellende waarde toe om de database uit te kunnen bouwen en de klantwaarde te kunnen verhogen. Het bedrijf beschikt over een enorme e-maildatabase. Datatrics voorspelt aan de hand van diverse databronnen en algoritmes welke boodschap Reshift moet verspreiden, aan wie ze deze moeten sturen en op welk tijdstip en via welk kanaal ze dit moeten doen. Die kennis halen we onder andere uit peer-to-peer analyses en wordt in het geval van Reshift toegepast in e-mailmarketing en op de website. Voor alle e-mailmarketingactiviteiten wordt Copernica ingezet. We leggen eigenlijk de data van wat er in Copernica en op de website gebeurt over elkaar heen en laten er algoritmen op los. Dat resulteert in actiematige inzichten, die weer naar Copernica worden gestuurd bij wijze van verzendinstructie. De combinatie van de voorspellende data van Datatrics en de gelaagde databasestructuur van Copernica maken het mogelijk om zeer specifiek te segmenteren. We zijn pas drie maanden hiermee bezig bij Reshift, maar zien een duidelijke uplift in conversie. In algemene zin kun je stellen dat in de eerste drie maanden na implementatie onze klanten gemiddeld een 10 tot 20 procent hogere conversie realiseren.”

Meer weten over Datatrics, Copernica en de Reshift-case? Bas Nieland en Marjolein Sturk geven hierover een presentatie tijdens E-commerce Live dat op 31 mei a.s. wordt gehouden in de Beurs van Berlage te Amsterdam.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Reisbedrijven richten pijlen op tours en excursies

Posted 25 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Excursies waren tot voor kort iets wat de reiziger ter plekke regelde, bij het hotel of de hostess. Inmiddels hebben zowel start-ups als gevestigde namen hun vizier gericht op de activiteitencomponent van de reis. Airbnb, Booking.com en Bookingkit leggen uit waarom.

Volgens onderzoek van Expedia Media Solutions zijn de activiteiten die tijdens een reis worden ondernomen de belangrijkste beslissingsfactor bij de keuze van een vakantie. Afhankelijk van de generatie wordt er tussen de 8 en 11 procent van het totale reisbudget uitgegeven aan tours en activiteiten. De mondiale reismarkt is goed voor 1,3 biljoen US dollar, dus het gaat om minstens 104 miljard dollar. Het commissiemodel is heel gebruikelijk en de beloningen zijn nog niet zo uitgekleed als bij vliegtickets het geval is. Het is dan ook niet verwonderlijk dat steeds meer reispartijen tours en activiteiten aanbieden.

Airbnb Trips: vijftig bestemmingen

Olivier Grémillon, AirbnbZo is Airbnb in november vorig jaar gestart met ‘Trips’ – activiteiten die door het bedrijf zelf zijn geselecteerd. In tegenstelling tot de accommodaties kan dus niet iedereen zich aanmelden als gids. “We zijn begonnen als technologiebedrijf en maken nu de overstap naar een reisorganisatie. We willen een end-to-end platform zijn voor alle reisbehoeften. Trips is een eerste stap in die richting,” zegt Olivier Grémillon, managing director EMEA van Airbnb, tijdens de Phocuswright-conferentie in Amsterdam. “We zijn begonnen met twaalf steden, zitten nu op twintig en willen eind dit jaar uitbreiden naar vijftig bestemmingen. Negentig procent van de belevingen die we aanbieden krijgt een vijfsterrenbeoordeling. Zo hoog ligt de lat. Om de kwaliteit te bewaken kunnen we het aanbod dus niet heel snel laten groeien.”

Daarbij kiest Airbnb voor Trips die een lokale uitstraling hebben en passen bij de stad die wordt bezocht. Dat levert ongebruikelijke excursies op, zoals drie dagen truffels zoeken of een ‘jelly-fish flash mob’. Een hop-on, hop-off bus kom je er dus niet tegen. Maar iemand die Parijs bezoekt wil toch ook gewoon naar de Eiffeltoren? “De wat meer traditionele excursies komen misschien ook wel op het platform te staan, maar dan het liefst op een andere manier. We hebben bijvoorbeeld een komiek die rondleidingen geeft in het Louvre. Het product evolueert, voor ons is het ook een leercurve. We hadden bijvoorbeeld niet verwacht dat privéconcerten zo populair zouden zijn. Daar gaan we er dus meer van aanbieden.”

Booking.com begint met Amsterdam

Peter Verhoeven, Booking.comBooking.com is in juli vorig jaar begonnen met Experiences en pakt het qua aanbod wat meer ‘mainstream’ aan dan Airbnb. De excursies van Booking.com zijn te boeken in de app voor Amsterdam en binnenkort ook Parijs, Barcelona en Rome. Met behulp van Artificial Intelligence en machine-learning wil Booking.com een gepersonaliseerde beleving bieden op de bestemming. Reizigers scannen de QR-code van deelnemende aanbieders, zoals de Nederlandse fietsverhuurder Baja Bikes, waarna ze niet in de rij hoeven te staan bij de kassa en de betaling automatisch via hun creditcard loopt. Peter Verhoeven, managing director EMEA, ziet animo voor het product. “We gaan het uitrollen en de tractie meten. Het staat nog in de kinderschoenen dus we moeten nog afwachten wat consumenten vinden van het product en het aanbod. Voor ons is het een nieuwe manier om onbekend gebied te ontginnen.”

Bookingkit: markt is gefragmenteerd

Christoph Kruse, BookingkitStart-up Bookingkit is een B2B-reserveringssysteem voor aanbieders van excursies, rondleidingen en andere activiteiten dat onder andere door Airbnb en GetYourGuide wordt gebruikt. Oprichter Christoph Kruse stelt dat dit de derde grootste uitgavenpost is voor reizigers, na vluchten en accommodatie. “Het probleem is dat minder dan 21 procent van de tours online boekbaar is. De markt is gefragmenteerd, de aanbieders hebben hun administratie niet geautomatiseerd en de verkoopkanalen zijn niet op elkaar aangesloten. Wij koppelen vraag en aanbod op een standaard API, zodat de aanbieders hun beschikbaarheid real-time kunnen managen en de reisorganisaties die op zoek zijn naar nieuwe inkomstenbronnen de excursies makkelijk kunnen boeken.”

In tweeënhalf jaar tijd heeft Bookingkit drieduizend excursie-aanbieders aangesloten, met name in Duitssprekende landen. “Deze markt is in potentie meer dan 100 miljard US dollar waard en is daarmee drie keer zo groot als de autoverhuur. Het is een lucratief braakliggend terrein dus ik begrijp wel waarom steeds meer partijen geïnteresseerd zijn. Dat werkt alleen maar in ons voordeel.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nog 365 dagen: wie is klaar voor de nieuwe EU-privacyregels?

Posted 24 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Nog een jaar en dan moeten alle organisaties in Nederland voldoen aan de EU-verordening over databescherming. Deze is veel strenger dan de huidige wet bescherming persoonsgegevens. Toch heeft slechts 11 procent van de bedrijven zich helemaal voorbereid op de nieuwe regels. Welke acties kun je nemen om nu nog tijdig te voldoen?

De Global Data Protection Regulation (GPDR) gaat op 25 mei 2018 in en heeft grote gevolgen voor de verwerking en bescherming van persoonsgegevens binnen organisaties. Centraal staan het verkrijgen van inzicht in de verwerkingen van persoonsgegevens en datastromen, alsmede het vooraf borgen van privacy bij nieuwe producten en systemen (privacy by design & privacy by default).

Met boetes die kunnen oplopen tot 20 miljoen euro of 4 procent van de wereldwijde jaaromzet zou je denken dat de sense of urgency wijd verbreid is. Toch is een kwart van de bedrijven nog niet begonnen met de voorbereidingen op de inwerkingtreding van deze Europese verordening.

Kwart is nog niet begonnen

PwC heeft begin dit jaar het Privacy Governance onderzoek gepubliceerd. Hieruit blijkt dat het aantal Nederlandse organisaties dat nog helemaal niet is gestart met voorbereidingen op de GPDR is afgenomen van 35 procent in 2015 naar 25 procent in 2016. Een toenemend aantal organisaties is dus in ieder geval al bezig met het bestuderen van de veranderingen en de impact die de GPDR op de organisatie zal hebben. Daarbij lag de nadruk tot dit jaar veelal nog op inventarisatie. De verwachting is dat de meeste organisaties nu beginnen met de daadwerkelijke implementatie. Dat is aan de krappe kant, want er zijn behoorlijk wat wijzigingen nodig in de procedures en de organisatie. Stap één is een nulmeting, waarbij je bepaalt hoe het bedrijf ervoor staat, wat er moet worden aangepast en hoeveel tijd en geld dat kost. Vervolgens doe je per onderwerp een gap analyse en stel je een roadmap samen met concrete acties die dus voor 25 mei 2018 uitgevoerd moeten zijn. Uit het onderzoek blijkt echter dat een minderheid van 41 procent van de organisaties een privacy assessment heeft uitgevoerd op compliance aan de bepalingen van de GDPR.

Risico’s

Wat zijn de risico’s? Allereerst de genoemde boetes die kunnen worden opgelegd aan bedrijven die niet voldoen aan de regels. Verder kan de meldplicht datalekken – die in Nederland overigens al van kracht is – tot reputatieschade leiden. Bedrijven moeten doorgeven wanneer ze gehackt zijn aan de toezichthoudende instantie en in sommige gevallen ook aan de personen wier gegevens zijn gestolen. Dit betekent dat veiligheidsincidenten in de openbaarheid kunnen worden gebracht met merkschade, verminderd consumenten- en medewerkersvertrouwen en zelfs verlies van klanten als gevolg. Financieel krijgt het bedrijf niet alleen te maken met een boete of minder inkomsten door de reputatieschade, maar ook met juridische kosten. Consumenten krijgen meer rechten en kunnen bedrijven aanklagen als ze van mening zijn dat die rechten worden geschonden. En als de IT-systemen of databeschermingsprocedures ontoereikend of ouderwets zijn krijgt het bedrijf ook nog te maken met de herstelkosten daarvan. Operationeel bezien loopt het bedrijf ook tal van risico’s. Zo kunnen de autoriteiten eisen dat het verwerken van persoonlijke data tijdelijk of voorgoed wordt stopgezet als je niet aan de GDPR voldoet.

Elk bedrijf zal een andere roadmap opstellen. Maar op basis van het privacyonderzoek kun je wel stellen dat er een aantal algemene aandachtspunten zijn waar business requirements voor moeten worden opgesteld:

  • Verwerking persoonsgegevens
    Slechts 9 procent van de ondervraagde organisaties heeft alle verwerkingen van persoonsgegevens inzichtelijk en gedocumenteerd.
  • Right to be forgotten
    Ruim een kwart heeft geen enkele procedure geïmplementeerd voor de afhandeling van inzage- en correctieverzoeken van betrokkenen.
  • Meldplicht datalekken
    Iets meer dan de helft zegt hier (zeer) goed op voorbereid te zijn. Achtenveertig procent is dat nog niet.
  • Data delen met derden
    Slechts 22 procent heeft een goed inzicht in de datastromen tussen de eigen organisatie en externe partijen.
  • Data Protection Officer
    Achtentwintig procent heeft de verantwoordelijkheid voor privacy neergelegd bij een privacy officer. Zeventien procent heeft daarentegen niemand aangewezen die de rol van Data Protection Officer gaat vervullen of heeft geen privacybeleid.

De GDPR is complex en behoeft op sommige punten verduidelijking maar bedrijven kunnen het zich niet veroorloven om daarop te wachten. Voorzitter Aleid Wolfsen van de Autoriteit Persoonsgegevens heeft recent nog gezegd dat er zeker sancties zullen worden getroffen als bedrijven niet aan de regels voldoen. Hoog tijd voor een concreet plan van aanpak dus.



Lees het volledige bericht op Emerce »