Posts Tagged ‘rbi’

Wunderman richt e-commercetak op

Posted 23 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Digitaal bureau Wunderman gaat, ook in Nederland, e-commercediensten bieden en vult dat praktisch in door de expertise van zusterbedrijf Salmon in te zetten.

Sinds deze week biedt het label uit de WPP-groep onder de naam Wunderman Commerce zijn diensten op de e-commercemarkt aan. Het gaat daarbij vooral om integraties voor grote merken met systemen als Hybris, IBM Commerce, Intershop en Hybris. Feitelijk wordt het nieuwe label ingevuld door Salmon, waar sinds eind vorig jaar ook Eperium toe behoort.

Salmon licht in een persbericht toe: “Door samen te gaan kan Wunderman haar klanten nog meer technology strategies en delivery capaciteiten van wereldklasse bieden voor onder andere campagne-, webshop- en content doeleinden. Onderbouwd met data kan Wunderman hiermee de ultieme customer experience creëren voor elke klant. Daarnaast geeft deze stap Salmon toegang tot de wereldwijde klantendatabase van Wunderman en biedt het Salmon de mogelijkheid om gebruik te maken van de beste CRM-capaciteiten en offshore marketing automation centra.”

Het licht voor de hand dat het label Salmon uiteindelijk opgaat in Wunderman, maar daar is nog geen sprake van.

Foto: Giuseppe Milo (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Google Cloud Platform nu ook in Sydney

Posted 23 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Google heeft zijn cloudplatform verder uitgebreid met een ankerpunt in Sydney. Het bedrijf heeft nog altijd een aanzienlijke achterstand op AWS en Microsoft Azure.

De Aziatische regio wordt door hoog tempo verder ingevuld. Na Tokio in november van vorig jaar en Singapore deze maand komt binnenkort ook Mumbai aan de beurt. Ook investeert Google flink in zeekabels die onder meer Azië met Australie verbinden.

De regionale vestigingen moeten vertragingen in het dataverkeer beperken.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Helft Europeanen shopt over de grens

Posted 23 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Ruim de helft van de Europeanen kocht het afgelopen jaar in een ander land. Dat blijkt uit de eerste E-Shopper Barometer van logistiek dienstverlener DPD.

Retaildetail schrijft erover.

In 59 procent van de gevallen kopen shoppers over de grens omdat ze er goedkopere prijzen vinden, maar ook als producten in eigen land niet beschikbaar zijn.

Britten zijn en blijven de ferventste online shoppers van Europa: 63 procent van hen kocht in het voorbije jaar minstens één keer per maand via het internet. In Nederland ligt dat heel anders: ondanks de hoge internetpenetratie van 94 procent, koopt slechts 44 procent van de respondenten koopt minstens één keer per maand iets online.

Het grootste groeipotentieel zit volgens DPD in de categorie van kleine meubelen en huisaccessoires: 20 procent van de Europese respondenten is van plan deze artikelen online te gaan kopen. Nu koopt bijna de helft al kleding online.

De eerste E-Shopper Barometer van DPD is gelanceerd in samenwerking met Kantar TNS.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Afterpay wil de grens over, en achteraf betalen klantvriendelijker maken

Posted 23 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Afterpay, ooit ontstaan als spinoff van Wehkamp, wil de grens over en zijn dienstverlening nog aantrekkelijker maken. Dat vertelde Pascal Vincken, sinds enkele maanden directeur van AfterPay Benelux, gisteren op Emerce eFashion in Amsterdam.

Afterpay maakt voor webwinkels achteraf betalen mogelijk. De winkels lopen daarbij geen risico omdat betalingen altijd zijn gegarandeerd.

Uit de eCommerce Payment Monitor over het eerste halfjaar van 2016 bleek al dat achteraf betalen in Nederland in de lift zit. Het aantal online aankopen dat is betaald via AfterPay steeg in die periode met zestig procent. Vooral in specifieke branches zoals kleding, schoenen en lifestyle. Daarom stond Vincken gisteren met het bedrijf My Jewellery op het podium.

Het bedrijf is enkele jaren terug voor een onbekend bedrag in handen gekomen van arvato Financial Services Group van Bertelsmann. Deze overname biedt Afterpay kansen om haar Europese ambities te verwezenlijken. Vincken wil dat proces nu versneld in gang zetten. “We doen al wel wat in België, maar dat gaat de komende periode echt prioriteit krijgen.”

In Scandinavië is Afterpay ook al aanwezig, maar als white label voor webwinkels. De bedoeling is dat Afterpay daar onder eigen naam gaat opereren. Daarna is Duitsland aan de beurt. Vincken tegen Emerce: “Heel veel Nederlandse webwinkels richten zich al op Duitsland. We willen vanuit Nederlandse aanbieders Duitsland verder binnentrekken.”

Vincken zal dat proces niet operationeel begeleiden, maar is naar eigen zeggen ‘wel nadrukkelijk op de achtergrond aanwezig’.

In Nederland wil Afterpay de dienstverlening nog vriendelijker maken. Bijvoorbeeld door klanten de gelegenheid te geven om in termijnen te betalen of om de betaling nog wat langer uit te stellen. Daarvoor zullen wel extra kosten worden gerekend.

Zo’n zestien procent van de klanten hebben volgens Vincken begeleiding met betalingen nodig, het grootste deel daarvan betaalt uiteindelijk alsnog. Minder dan 1,6 procent komt in een incassoprocedure terecht. Vincken wil zo’n traject zoveel mogelijk vermijden. “Voor sommige klanten is het geen kwestie van niet willen betalen, maar niet kunnen betalen. Daar kun je best goede afspraken mee maken.”

Foto: Peter Boer



Lees het volledige bericht op Emerce »

Raj de Datta (BloomReach): ‘DXP combineert CMS en AI in open platform’

Posted 23 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

De overname van CMS-bedrijf Hippo door het personalisatieplatform BloomReach heeft tot een nieuw product geleid: BloomReach DXP. “Het eerste open platform dat ieder digitaal kanaal personaliseert”, aldus Raj de Datta, oprichter van BloomReach.

BloomReach houdt zich al sinds 2009 bezig met artificiële intelligentie (AI) en de personalisatie van e-commerce. Het haalde honderd miljoen dollar op aan investeringsgeld, twintig procent van het wereldwijde e-commerceverkeer zou al via het platform van Raj de Datta en mede-oprichter Ashutosh Garg lopen. Met de overname van Hippo in oktober van vorig jaar kan het bedrijf nu een belangrijke volgende stap zetten, denkt De Datta. De kunstmatige intelligentie van de Amerikanen is in BloomReach DXP gecombineerd met de contentmanagementtechniek van de Nederlanders. Behalve webwinkels kan het platform ook andere digitale contactmomenten personaliseren.

De AI-elementen zijn verwerkt in het DXP voor enterprise klanten. Daarin heeft BloomReach Hippo opgenomen, daarnaast blijft dit CMS (het vroegere Hippo CMS community edition) als open source software op de markt. Hoeveel omzet het bedrijf al draait wordt niet bekendgemaakt, maar het aantal klanten ligt op dit moment rond de driehonderd.

‘Ontwikkelaars ware innovators’

De reden dat het DXP ‘open’ is en door middel van API’s aan andere platformen gekoppeld kan worden is volgens De Datta heel simpel: daarmee bereikt het bedrijf ontwikkelaars. En juist zij zijn “de ware innovators voor digitale bedrijven”. Digital Experience Platforms (DXP) spelen wat hem betreft een sleutelrol in de digitale transformatie van die organisaties. Door met een DXP data, systemen en services te integreren ontstaat de gepersonaliseerde klantervaring waar praktisch ieder bedrijf naar zou moeten streven.

“Dat vraagt echter om een heel andere kijk op het ontwerpen, ontwikkelen en distribueren van services”, zegt hij. “Ontwikkelaars zijn de stuwende krachten achter die radicale verandering. Doordat we de eerste zijn die een open DXP op te markt brengt hopen we die ontwikkelaars te bereiken en te betrekken in onze community. Samen kunnen we vervolgens proberen silo’s te doorbreken en bedrijven zover te krijgen dat ze de behoeften van iedere individuele klant centraal stellen.”

‘Einde van software suites’

De Datta legt uit te geloven in ‘best-of-stack’. Het tijdperk van de software suites is voorbij.” Dat betekent dat een DXP flexibel genoeg moet zijn om samen te werken met de beste Demand-side Platforms (DSP’s), Data Management Platforms (DMP’s) en software voor (E-mail) Marketing Automation. Met die visie wil hij de strijd aangaan met wat hij grote, gesloten en monolithische platformen noemt. “Onze belangrijkste concurrent? We kiezen ervoor samen te werken met bedrijven die de beste zijn in hun soort. Daarnaast integreert de software met grote systemen als SalesForce, SAP en IBM. Ik denk dat je kunt zeggen dat de concurrenten van onze partners ook onze belangrijkste concurrenten zijn. Ik denk dat je ook kunt zeggen dat het Adobe is.”

Met de overname van Hippo beschikte BloomReach zowel over een ‘AI-motor’ als CMS dat met segmentatie en instelbare regels tot personalisatie kwam. De afgelopen zes maanden zijn daarom gebruikt om de twee platformen volledig te integreren. Hierdoor moet iedere online bezoeker automatisch een site of webwinkel zien die is afgestemd op zijn dataprofiel. En dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Het gaat er namelijk om niet alleen telkens andere producten te tonen. Er een centrale opslagplaats nodig voor alle content en de inhoud moet op – individuele basis – naar alle digitale kanalen zijn te brengen. De AI-motor moet vervolgens op basis van vertoond gedrag en iemands intentie (de koopbereidheid bijvoorbeeld) marketingcampagnes samenstellen.

‘Ontwikkelaar eerste uitgangspunt: dat blijft leren’

“Van huis uit zijn we ervaren in de toepassing van natural language processing, semantische analyses en machine learning op grote productcatalogi, transacties en bezoekersdata. Dit leidt dan tot gepersonaliseerde zoekresultaten, aanbevelingen en productweergaven die de acquisitie vergemakkelijken of de omzet en marge verbeteren van een e-commercebedrijf”, vertelt De Datta over de integratie. “Het fijne was dan ook om te zien hoe vergelijkbaar een productcatalogus en merchandising en opslagplek voor content en contentmarketing eigenlijk zijn. In een tijdperk van API’s is content gelukkig gestructureerd opgeslagen.”

De uitdaging was dat het er in Hippo – en nu BloomReach DXP – niet meer alleen om gaat om tools en widgets te bieden voor de e-commercemanager. “De ontwikkelaar is nu ons eerste uitgangspunt: die moet bijvoorbeeld leren hoe hij iets bouwt dat marketeers vervolgens in staat stelt om tot betere campagnes te komen of aan community management te doen.” Die koers heeft ervoor gezorgd dat iedereen binnen de organisatie moest bijleren, vertelt De Datta. “En eerlijk gezegd blijft dat werk in uitvoering. We leren bijvoorbeeld hoe ons kernplatform van AI het beste kunnen openstellen zodat ontwikkelaars ervan leren en er daadwerkelijk mee experimenteren.”

‘Personalisatie ook mogelijk bij weinig data’

Voor veel toepassingen blijft natuurlijk het grote probleem dat er (nog) te weinig data voor handen zijn om de content binnen een digitaal kanaal te kúnnen personaliseren. Met name rondom de eerste contactmomenten weet ook een AI-platform nog te weinig om zich op te baseren. Hoewel De Datta erkent dat die uitdaging een serieuze is, is hij ook van mening dat er zelfs in zo’n situatie heel wat mogelijk is om iemand het gevoel van een gepersonaliseerde omgeving te geven.

“Zeker als retailer wil je de aandacht van consumenten die even snel mobiel googelen. Maar hoe zorg je ervoor dat die converteren en niet direct hun Amazon-app openen? Dat begint al bij het aanbieden van een gepersonaliseerde landingspagina die in SEO is afgestemd op de zoekintentie.” BloomReach DXP kijkt hiervoor naar heel veel bezoekersdata en zoekt dan de correlaties tussen zoekopdrachten, surfgedrag en aankopen. “We analyseren bijvoorbeeld wat de verschillende manieren zijn om behoeften te beschrijven en koppelen dit aan de producten en content die men leest. Op basis daarvan geven we adviezen over de ‘long tail’ SEO om meer verkeer te genereren. Door vervolgens productgrids en content real-time te blijven optimaliseren wordt een site steeds slimmer.”

Het doel ervan laat zich natuurlijk raden. Gaat die anonieme klant over tot een aankoop en ontstaat er vervolgens loyaliteit dan zorgen die extra data en inzichten voor een hogere mate van personalisatie. Een CMS – in de moderne jas van DXP – speelt daar wat betreft De Datta een centrale rol in. “Door analytics, machine learning en AI in contact te brengen met de contentweergave wordt de belofte van één-op-éénpersonalisatie schaalbaar.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Zalando: Kosten same day delivery naderen regulier tarief

Posted 23 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het maakt bij Zalando, qua kosten, binnenkort niet meer uit of een klant zijn bestelling pas morgen of vandaag al wil ontvangen. De verzendkosten van same day delivery naderen die van standaard pakketpost.

Dat betekent niet dat Zalando binnenkort alle verzendkosten op de schop neemt, maar enkel dat bezorgingen op dezelfde dag niet meer enorm duur hoeven te zijn. De ervaringen in Berlijn leren dat.

Eerder deze week presenteerde de leiding van Zalando zijn visie aan de financiële markt. Daar werd deze ontwikkeling duidelijk.

Naarmate meer consumenten de lokale bezorgdiensten inzetten, hoe lager de vervoerskosten. De webwinkel is hierbij de bemiddelaar die koeriers van derde partijen, zoals Tiramizoo in Berlijn, naar zijn magazijn stuurt om pakketjes te halen en bezorgen.

Op de zogeheten Capital Markets Day vertelde de e-commercespecialist ook dat bezorgingen op dezelfde dag populairder is bij millennials en dat het de NPS-score significant positief beïnvloedt. Daarnaast, ook niet ongunstig, doet deze groep klanten vaker herhaalaankopen.

Lang niet alle klanten van de Europese modewinkel kunnen gebruik maken van samedaydelivery. Op dit moment wordt deze logistieke in een handjevol Duitse steden aangeboden. In Nederland loopt er een test in Amsterdam.

Technisch gezien kan dit jaar negentien procent van de twintig miljoen klanten van Zalando zijn pakketjes al op de dag van bestelling ontvangen. Het magazijn voor de Nederlandse markt mag dan wel in Duitsland staan, maar een auto rijdt er minder dan twee uur over om van Mönchengladbach naar Utrecht te rijden.

Zalando’s logistieke bereik:

In Nederland biedt PostNL sinds eind 2015 reeds bezorging op dezelfde dag als optie bij webwinkels. Meerdere logistieke partijen volgden sindsdien.

Op de financiële dag eerder deze week was het handelsplatform uit Duitsland niet dubbelzinnig over zijn doel. De omzet moet binnen twee jaar verdubbelen en uiteindelijk moet vijf procent van de totale modemarkt over zijn platform lopen. Daarbij wil Zalando niet per se de verkopende partij zijn, maar in ieder geval wel de leverancier van de digitale infrastructuur voor de transactie.

Sinds kort richt Zalando zich actiever op het aantrekken van mannelijke klanten. Daar zit nog veel groeipotentie in, omdat ‘slechts’ twintig procent van de klanten geen vrouw is. Dat kan meer en daar wordt nu ook actief campagne op gevoerd. Meer potentie zit echter in de bestaande klanten en dan met name de millenials die mobiel shoppen. Dat doen ze overigens bijna allemaal al.

Deze jonge doelgroep doet twee keer mee aankopen in de app dan andere klanten. Daarnaast blijken ze, eenmaal ingeschreven als klant, jarenlang te blijven hangen als actieve shopper.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Adyen verwerft bankvergunning

Posted 23 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Adyen heeft, naar nu blijkt, eind april een bankvergunning verworven. Hierdoor kan het zich, nog meer, profileren als een betaalspecialist. Het kan sneller gaan werken en meer financiële diensten aanbieden.

Dat signaleert Simon Lelieveldt op zijn weblog en werd gisteren door CEO Pieter van der Does (foto) in een interview met Het Financieele Dagblad nog eens bevestigd.

Volgens Lelieveldt is deze stap illustratief voor een trend waarbij ICT-bedrijven in de financiële sector zich steeds dichter naar de daadwerkelijk betaaltransactie toe bewegen. Een recent voorbeeld is ook Klarna dat, zoals enkele weken geleden bekend werd, in Zweden een bankvergunning wil.

De consultant: “Adyen heeft een vergunning voor rekeningen, bankleningen, betaaldiensten, het uitgeven en beheren van andere betaaldiensten, buitenlandse valuta en het uitgeven van elektronisch geld. Ik zou het een ‘betaalbank’ willen noemen”, al zal het ook in zekere mate leningen moeten gaan verstrekken.

Webwinkels die met Adyen werken, krijgen het voordeel dat ze sneller hun geld overgemaakt krijgen van eindklanten. Immers, Adyen hoeft de transacties niet maar te laten afhandelen bij een bank. Met de banklicentie wordt die schakel uit de keten weggesneden.

Foto: Web Summit (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Amerikanen boeken meer reizen via smartphone’

Posted 22 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Mobile zal in de VS dit jaar goed zijn voor 40 procent van de online geboekte reizen, oftewel 76 miljard dollar. Dit is een toename van 16,7 procent vergeleken met vorig jaar, heeft eMarketer becijferd.

De totale uitgaven aan ‘digital travel’ zullen dit jaar 190 miljard dollar bedragen. Het gaat hierbij om vliegtickets, autoverhuur, hotels en andere accommodaties (inclusief Airbnb), cruises en overig transport.

Het aandeel desktop en laptop daalt met 1,6 procent en die afname zet door, is de verwachting van eMarketer. In 2021 zal mobile goed zijn voor bijna de helft van alle online boekingen.

US travel sales eMarketer

Overigens gebruiken Amerikaanse reizigers vooral hun smartphone om reizen te boeken: 81,2 procent geeft daar de voorkeur aan, wat neerkomt op 57,5 miljoen mensen, een toename van 14,1 procent vergeleken met vorig jaar.

US Mobile Travel

In Nederland is de smartphone bij lange na niet zo’n populair boekingsmiddel, bleek in januari uit cijfers van NBTC NIPO. Eenentachtig procent van de reizen wordt hier online geregeld, waarvan slechts 2 procent via de smartphone. De tablet staat op 12 procent.



Lees het volledige bericht op Emerce »

PostNL in meubelbezorging

Posted 22 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

PostNL neemt JP Haarlem Delivery over, een full service dienstverlener op het gebied van bezorging en montage van meubels. Daarmee stapt de pakketvervoerder in de hoogwaardige dienstverlening in het bezorgen en monteren van meubels bij consumenten thuis.

PostNL biedt naast het bezorgen van post en pakketten ook bezorg- en installatieservice voor grote en zware consumenten artikelen. De gespecialiseerde bezorgers van PostNL Extra@Home verzorgen ‘over de drempel’ service met het plaatsen en aansluiten van wasmachines, het in elkaar zetten van tuinsets en het inbouwen van keukenapparatuur. JP Haarlem Delivery bedient veel meubelwinkels in het midden- en hoog segment.

JP blijft als ‘standalone’ bedrijf opereren onder de vlag van PostNL. Daarbij behoudt men zijn eigen netwerk, huidige management en personeel met de specifieke kennis en ervaring in de branche.



Lees het volledige bericht op Emerce »

In dit tijdperk van data & techniek blijft creativiteit key

Posted 22 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Een veelbesproken onderwerp in Cannes is of de techniek vele malen belangrijker wordt dan creatie. Ik kan dan ook geen betere plek bedenken om het nieuwste speerpunt van IAB Nederland aan de sector te presenteren: ‘creativiteit in het tijdperk van data & technology’. Let’s give it a name: new creativity.

Waarom new creativity? Creativiteit is en blijft de onderscheidende kracht om nieuwe mogelijkheden van data en techniek echt efficiënt te laten zijn. Data en techniek leveren vanwege de effectieve insights nieuwe kansen, maar het concept brengt het naar het onderscheidende niveau en laat de kracht van deze techniek- en datakennis pas echt ‘shinen’. En aangezien nieuwe digitale mogelijkheden het mogelijk maken dat creativiteit wordt gemeten, zorgen technische innovaties voor meer flexibiliteit. Hierdoor zijn we in staat om continu verschillende boodschappen voor verschillende klanten te optimaliseren. Content op maat. We roepen het al jaren, maar het gaat er nu echt van komen. Kijk bijvoorbeeld maar naar deze cases: QQ Alert (goud), Hungerithm van Snickers (goud) Nosferatu van Getty Images (brons) en A world with no heroes van Ubisoft (goud en brons).

Vloeken in de kerk

Dat zie je bijvoorbeeld terug op de Lion Creative Effectiveness, waarvan het aantal inzendingen met 59 procent is gestegen ten opzichte van 2016. Bij Creative Effectiveness draait het puur om de meetbare impact van creativiteit. Tot voor kort was dat vloeken in de kerk, omdat de meetbaarheid juist de creativiteit zou inperken. Erwin Boogaart van Emerce omschreef het al heel mooi: “Een moderne opvatting is echter dat het niet inperkend is maar faciliterend. Helemaal in de context van dynamische creatie, waarbij profielinformatie van de ontvanger wordt verbonden aan de inhoud van de boodschap.” Ook in Nederland zie ik dat we steeds grotere stappen zetten en focussen we ons op edgy technology, waaruit nieuwe (digitale) producten ontstaan. Prachtige voorbeeldcases op Cannes vind je hier: Max Motor Dreams van Ford (goud), Hostile Takeover van Activision (goud), Snacker Hacker van Kerry Foods (brons). Digitale producten waarin artdirection en design steeds belangrijker zijn geworden, en dat belang zal alleen maar toenemen.

IAB Nederland Taskforce: New Creativity

Gelukkig zien we in Nederland sinds jaar en dag de kracht van creativiteit. As we speak verbindt de Embassy of Dutch Creativity in Cannes Nederlandse bedrijven met de wereldwijde creatieve industrie. Laten we samenwerken en als IAB ook onze rol pakken. Als eerste stap presenteert IAB Nederland de speciale Taskforce New Creativity, die de sector gaat helpen om de synergie van creatie, big data, AI en slimme algoritmen tastbaar te maken.

Vanzelfsprekend zal deze taskforce niet in totale afzondering kunnen opereren. Creativity is aanwezig in alle vezels van onze industrie. Tijdens en voorafgaand aan de speciale kick-off sprak ik daarom met onze huidige IAB Taskforce-voorzitters over hoe belangrijk creativiteit is binnen hun discipline. Hieronder hun visie. Binnenkort komt IAB Nederland naar buiten met de plannen en invulling van deze nieuwe taskforce.

Creativiteit en programmatic

Creativiteit en programmatic zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Tim Geenen, voorzitter IAB Taskforce Programmatic, wist dit natuurlijk al, maar toch viel hem tijdens het reviewen van de cases voor de Programmatic Awards op dat de sterkste inzendingen in de categorie ‘Data Driven Creative’ zaten. Volgens Tim is programmatic bij uitstek het middel om data, strategie, planning en creatie om te zetten in de meest relevante boodschap voor de consument. Toch kan de programmatic-sector op het gebied van creatie nog flinke stappen maken. De eerste stap voor de Taskforce Programmatic is dan ook om creatieve bureaus te betrekken bij de verdere ontwikkeling van de markt en natuurlijk nauw samen te werken met de nieuwe Taskforce Creatie.

Creativiteit in online video en search

Volgens Michele Appello, voorzitter IAB Taskforce Online Video, is creativiteit de drijvende kracht achter innovatie. Zonder creativiteit zou het onmogelijk zijn om nieuwe tools, praktijken en inzichten in de online video-industrie te creëren. Het laat onze industrie bloeien en zorgt ervoor dat gebruikers betrokken blijven. Justin Wevers, voorzitter IAB Taskforce Search, deelt de mening van Michele, al werkt het op het gebied van search net even anders. Volgens Justin is search tot een commodity voor veel bedrijven en marketeers uitgegroeid. Dit maakt het gemakkelijk om niet te investeren in innovatieve onderwerpen als bijvoorbeeld automatisering. Als taskforce willen ze daarom vooral marketeers met elkaar verbinden, uitdagen en hen helpen om groter te denken en beter te doen. Als vanzelfsprekend speelt creativiteit daarin een heel belangrijke rol.

Creativiteit in mobile

Ook Diederick Ubels, voorzitter IAB Taskforce Mobile, wist tijdens ons gesprek precies te vertellen wat bedrijven moeten doen en hoe belangrijk creativiteit in dit proces is. Volgens Diederick zullen bedrijven om de consument te bereiken en te betrekken bij het merk steeds meer leunen op het vermogen relevant te zijn. Creativiteit speelt daar misschien wel de allerbelangrijkste rol in. Voor de Taskforce Mobile geldt daarom dat zij de drempels willen wegnemen om creativiteit op mobile de vrije hand te geven. Sterker nog, creatief omgaan met de mogelijkheden die platformen, apparaten en technologie te bieden hebben, kan zorgen voor nog grotere relevantie.

De laatste die ik over de lancering van ons nieuwe speerpunt sprak was Jeroen van de Ven, voorzitter IAB Taskforce Content Marketing, en hij gaf mij een oneliner die alles fantastisch samenvat:

“Creativiteit is de sleutel voor het leveren van de juiste inhoud in de juiste context, zonder creativiteit zou je niet één dag overleven in de jungle van de aandacht.”

Creativiteit in de praktijk

Voldaan door de lange dagen jureren, de mooie feestjes en het initiëren van deze nieuwe initiatieven duizelt het mij soms. Wat is het toch een prachtig vak. Gisteren sloot ik mijn magische Jury in Cannes af en vloog ik terug naar Nederland. Komende week, zoals beloofd, zal ik hier op Emerce eindelijk de crème de la crème van de 1.000 cases met je delen. Pareltjes die inhaken op de nieuwe marketingcommunicatiewerkelijkheid. Prachtige, consistente, langlopende programma’s met heel veel data-intelligentie, die absoluut een belangrijke inspiratiebron voor mij, jou en de Taskforce Creatie zullen zijn. En later meer over de aanpak en invulling van onze nieuwe taskforce.

With love from Cannes!

Headerfoto: Nattapat Jitrungruengnij / Shutterstock.com



Lees het volledige bericht op Emerce »

Online content: welke bezoekers willen betalen en waarvoor?

Posted 22 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Steeds meer digitale contentpublishers kijken naar hun bezoekers als mogelijke inkomstenbron, vooral als gevolg van de teruglopende advertentie-inkomsten. Zoals eerder op Emerce beschreven: Consumenten betalen wel voor online content. Niet alle bezoekers, maar sommigen zijn – zo blijkt uit dat onderzoek – zeker betalingsbereid. Alleen: hoe weet je welke van jouw bezoekers gaan betalen?

Blijvende zoektocht

De opties om geld verdienen met online content is een veelgehoorde topic op seminars en congressen. Betalen consumenten voor nice-to-know content, zoals shownieuws, kookrecepten, opvoedtips, en zo ja, hoeveel, wanneer, op welke manier?

Tijdens het jaarlijkse grote internationale publisherscongres van FIPP bijvoorbeeld was één van de zeven besproken kernthema’s: monetisation. Verschillende merken, zoals de nieuwssite Quartz, gaven aan dat zij willen verschuiven van advertentiegedreven content naar consumenteninkomsten. Maar hoe dat zou moeten, bleef nog hangen in algemeenheden.

Een van de vaak genoemde opties is het freemiummodel: hierbij is een deel van de content voor een groot publiek gratis, en zijn extra’s (al dan niet in de vorm van content of services) beschikbaar voor de groep die daarvoor wil betalen. Laat bijvoorbeeld je bezoekers betalen voor het downloaden van een collage (Picsart) of voor het maken van een langere video (Animato). Al in 2009 beschreef Chris Anderson van Wired in zijn boek ‘Free’ (mooi toepasselijk qua freemium-constructie: gratis te lezen voor iedereen!) de vele mogelijkheden op dit gebied.

Subscription commerce of freemium

In Emerce Magazine (5/2017) beschrijft Jeroen Mirck de mogelijkheden van subscription commerce als verdienmodel: de consument ‘moet’ abonnee worden. Geen probleem als je Netflix, FTM.nl of HelloFresh bent, maar als een ander (soms groot) deel van je inkomsten bestaat uit advertisinginkomsten, dan loop je liever geen traffic mis. Een deel van je bezoekers zal nooit voor je content gaan betalen, maar zorgt wel voor indirecte inkomsten.

Kortom: voor een contentpublisher die primair stuurt op veel traffic, lijkt het freemiummodel de meest interessante optie als je (ook) geld aan consumenten wilt verdienen. De gratis toegang bied je als contentmaker adverteerdersinkomsten, en de premiumvariant additionele inkomsten aan consumentenzijde. Bij de ontwikkeling van zo’n freemiumaanbod is het dan wel belangrijk te weten wie van jouw totale doelgroep wil gaan betalen voor de content.

Internationaal onderzoek naar betalers

In 2013 onderzocht marketingprofessor Girish Punj van de Universiteit van Connecticut (VS) de relatie tussen betalingsbereidheid en consumenteneigenschappen: welke bezoekers zullen eerder betalen voor content? Hij stelde – in lijn met de meeste Nederlandse digital publishers – dat alle content ook gratis op het web te vinden is. Toch zullen mensen de afweging maken of zij willen betalen voor het gemak de content ‘direct’ te krijgen, of te accepteren dat zij een zoektocht naar een gratis variant moeten maken. De conclusies uit dit grootschalige onderzoek waren opvallend: geslacht en leeftijd bepalen sterker of mensen bereid zijn te betalen voor content dan opleiding en inkomen. Vrouwen betalen eerder (maar minder!) dan mannen. Rijk en hoogopgeleiden betalen minder vaak, maar als zij betalen, vaak wel weer meer dan de lager geschoolden. Lezers die in principe prima in staat zijn om te betalen voor content, zijn daar dus niet erg toe bereid.

Een betalende doelgroep overhalen

Uit dit onderzoek van Punj blijkt dus dat vooral laagopgeleide vrouwen bereid zijn om te betalen voor de content op je site. Misschien richt je je al op deze groep? Mooi! En anders: zorg dat je ook interessant wordt voor deze groep. Niet dat je een andere redactionele koers moet gaan varen, maar een freemium-constructie en paar meer marketinggerichte ingrepen kunnen al aanzienlijke resultaten opleveren.

Wat kun je daarvoor doen?

  • Start met testen: welke koppen, welke foto’s en welke kleuren spreken de lager opgeleide vrouwen uit jouw doelgroep het meeste aan? Neem deze uitkomsten mee in de daaropvolgende publicaties.
  • Vrouwen betalen wel eerder, maar ook minder dan mannen. Zorg dus voor een gedifferentieerd prijsaanbod in je premiumomgeving. Grote freemiumsites doen dat al: Spotify, New York Times, Mailchimp.
  • Onderzoek wijst uit dat een koper online bijna altijd kiest voor het ‘middelste’ aanbod. Zorg dus voor een drietal premiumvarianten, waarbij de middelste voor jouw business het meest rendabel is.

De keuze om te betalen komt voort uit twee factoren: de tijdwinst (in plaats van zelf over het net te moeten surfen en zoeken) en het gemak (alles op de juiste plek, met bronnen, etc.). Benadruk beide elementen dus expliciet in je premium aanbod.Met een grote groep lager opgeleide vrouwen in je bezoekersgroep werk je vanzelf aan bestendig verdienmodel op basis van consumenteninkomsten!



Lees het volledige bericht op Emerce »

Futureproof belonen: aandacht voor de interactie

Posted 22 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Anders dan weleens wordt aangenomen zijn millennials net zo trouw aan bedrijven als de generaties daarvoor. Wel willen ze op een heel nieuwe manier worden beloond. In plaats van alleen de transactie (de uiteindelijke koop) zou ook de interactie centraal moeten staan.

De millennials zijn veelbesproken en vaak onbegrepen. Afgelopen maanden nog trokken er weer meerdere columnisten van leer. Die ‘jongeren’ – geboren tussen 1980 en 2000 – zouden lui en vooral heel erg verwend zijn. Eigenschappen die al vaker hebben geleid tot de doodverklaring van loyaliteitsmarketing. Als het klanten in deze leeftijdscategorie maar even niet bevalt zouden ze overlopen naar de concurrent. Opvallend genoeg geloven zelfs de millennials inmiddels in dat idee: zeven op de tien denken bijvoorbeeld dat leeftijdsgenoten minder trouw zijn dan ouderen.

Maar is dat wel zo?

Toch klopt dat beeld niet. Want bijna iedere millennial neemt bijvoorbeeld wel deel aan een loyaliteitsprogramma of schreef zich er recent nog voor in. Ze staan ook wel degelijk open voor een langdurige relatie. Sterker nog: driekwart van ruim vijftienduizend jonge Amerikanen die onlangs door Facebook zijn ondervraagd keert telkens weer terug naar dezelfde bedrijven.

Dat klanten vertrekken is dus niet altijd omdat ze ergens anders een net iets betere deal kunnen scoren. Ze hebben vooral andere behoeften. Loyaliteitsprogramma’s draaiden van oudsher slechts om één moment: de transactie. Trekt iemand zijn portemonnee dan wordt diegene daarvoor beloond. Vaak met spaarpunten die te besteden zijn aan een uitgestelde beloning: een korting of een gratis product. Alleen lijken millennials daar niet echt warm voor te lopen. Loyaliteit is voor deze groep vooral een bewust of onbewust gevoel bij een bedrijf. Een emotie die veel vaker wordt beïnvloed dan bij de kassa alleen.

Herkenning, geven en nemen leiden tot een relatie

In de klantinteractie draait het om het creëren van ‘golden moments’ en loyaliteitsprogramma’s zullen klanten op meer momenten moeten ‘zien’. Weten bedrijven de klanten niet te betrekken vanuit waardevolle interacties dan haken die simpelweg af. Twee jaar geleden toonde een onderzoek dat al aan. De analyse van 160 loyaliteitsprogramma’s uit zeven verschillende branches liet zien dat het aantal actieve deelnemers tegenvalt. De meningen over de programma’s zijn bovendien meestal neutraal of negatief. De oorzaak: de traditionele vorm. Slechts drie procent beloonde klanten op andere manieren dan met spaarpunten na de koop.

Voor millennials staat loyaliteit vooral voor een gevoel van wederkerigheid. In zo’n relatie gaat het om geven en nemen. Iedere interactie vraagt bijvoorbeeld om een heel kleine beloning. Het mooie is natuurlijk dat bedrijven nu al druk zijn met het koppelen van digitale kanalen. Ze kunnen daardoor klanten herkennen, gedrag goed in kaart brengen en vervolgens de interactie leidend maken.

Blijk van waardering geven

Zeker in een tijd dat op steeds meer apparaten adblockers draaien, zijn consumenten makkelijker te overtuigen en bereiken met online content dan met een advertentie. Er zijn al bedrijven die hun waardering uiten als klanten de moeite nemen blogs of video’s te bekijken. Lancôme beloont klanten bijvoorbeeld voor het kijken van tutorials. Hoewel dat niet direct tot een verkoop leidt, helpt het cosmeticamerk de klanten wel verder in de verkooptrechter richting een volgende aankoop. Iedere kleine stap in de funnel is voor het bedrijf een waardevolle stap.

Anderen zouden hiervoor met succes hun online community kunnen inzetten. De trouwste ambassadeurs en fans zijn heel goed in staat vragen van andere klanten te beantwoorden. Dat doen ze zoals hier bij T-Mobile graag en vrijwillig – het helpen van anderen levert immers voldoening op. Vaak zijn het diezelfde loyale klanten die geregeld productreviews en feedback achterlaten. Natuurlijk profiteren ze ervan als de dienstverlening verbetert, maar dat is doorgaans niet hun belangrijkste motivatie. Klanten zijn enthousiast en hopen anderen te helpen. Een blijk van waardering zorgt er niet alleen voor dat deze klanten uiteindelijk zelf meer binding ervaren met een bedrijf, met hun gedrag vergroten ze de zichtbaarheid van het merk.

En is het al gelukt met een app een plek te verwerven op iedereens zesde zintuig – de smartphone – dan zijn de offline en online wereld makkelijk te verbinden. De Amerikaanse retailer Walgreens is daarvan een goed voorbeeld. Zo keert het bedrijf extra spaarpunten uit als klanten de mobiele barcodescanner gebruiken om een herhaalaankoop te plaatsen. Het maakt de verwerking van de order immers makkelijker. Als doorontwikkeling van het programma heeft het bedrijf de app gekoppeld aan slimme gezondheidsmeters van Fitbit en Withings. Vertonen klanten gedrag dat goed is voor hun gezondheid dan worden ze daar in het loyaliteitsprogramma voor beloond.

Exclusief en persoonlijk

Belangrijk aan het nieuwe belonen is dat er ook samenhang ontstaat tussen al die interacties. De klantervaring staat dan echt centraal. Zo heeft Hilton het ‘Hilton Honors’-programma gekoppeld aan tientallen trein- en vliegmaatschappijen en is onlangs ook de app van Uber geïntegreerd. Gasten sparen niet alleen bij Hilton zelf, maar ook bij de aangesloten partners. Omdat de bijbehorende app extra privileges biedt – zelf een kamer selecteren, digitaal in- en uitchecken en onderweg al een restaurantmaaltijd bestellen – krijgen gasten op allerlei momenten tijdens hun reis iets terug. Niet alleen de overnachting, de gehele trip en alle interacties die daarbij horen dragen zo bij aan de emotionele binding met Hilton. Zestig miljoen gasten nemen al deel aan het programma.

Millennials zijn loyaal, maar die loyaliteit wordt op een nieuwe manier verdiend. Klanten zijn op zoek naar verrassingsmomenten en zijn gek op een vorm van exclusiviteit of goede content. Ze verwachten als ze zich kenbaar hebben gemaakt op hun mobiele telefoon herkend te worden en bovenal moet ieder contactmoment gepersonaliseerd en relevant zijn. Waar marketeers met traditionele loyaliteitsprogramma’s uitdragen alleen geïnteresseerd te zijn in de transactie, is de interactie wat relaties mooier en sterker maakt. Een goede CRM-database zorgt ervoor dat iedereen wordt gezien als individu: dan neemt niet alleen de loyaliteit toe, er is 85 procent meer kans op een volgende aankoop.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Sanoma reorganiseert ondersteunende afdelingen’

Posted 22 Jun 2017 — by Villamedia
Category nieuws

Sanoma Nederland reorganiseert in de ondersteunende diensten, meldt Adformatie. Daarbij gaan zo’n dertig banen verloren, stelt Paul Smink van FNV Media. Redacties en specifieke merken worden in deze reorganisatie ontzien.

Lees het volledige bericht op Villamedia »

De rol van AI in media-inkoop: wat als de mens overbodig raakt?

Posted 22 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Dat algoritmes een steeds grotere rol spelen bij de media-inkoop moge duidelijk zijn. Maar draait het erop uit dat kunstmatige intelligentie straks bepaalt waar bedrijven hun marketingeuro’s besteden? En wat betekent dit voor de mens en het creatieve proces?

Eerder dit jaar vertelde Coca-Cola’s digitale baas op serieus grote schaal te gaan experimenteren met artificiële intelligentie (AI). Algoritmes zijn natuurlijk al belangrijk in de geautomatiseerde inkoop van advertenties, maar hij voorziet een nog grotere rol voor AI binnen het bedrijf. Een zelflerend systeem kan wat hem betreft zorgen voor goed getimede social media-berichten, reclames en zelfs voor de creatie van commerciële uitingen. Met een jaarlijkse investering van bijna vier miljard euro in reclame leidt een net iets betere verdeling van de uitgaven al gauw tot een serieuze verbetering van de ROI.

En Coca-Cola is niet de enige dat kansen ziet in AI. IBM gebruikt sinds kort de ‘supercomputer’ Watson voor de media-inkoop. Online zou het daardoor de cost per click gemiddeld met 31 procent kunnen drukken. Adgorithms zette al een aantal jaar terug Albert in de markt. Naar eigen zeggen het eerste AI marketingplatform dat volautomatisch campagnes inricht. Bedrijven hebben hier helemaal geen mediabureau voor nodig, meent het bedrijf. Slimme software vervangt met gemak de marketeer die nu nog naar Excelsheets zit te turen voor opbrengsten en vervolgstappen. De mens kan zijn biezen wel pakken.

‘AI voor strategie en mediaplanning’

Ook in Nederland is AI geland, zegt Menno van der Steen die bij IPG Mediabrands werkt als Chief Data & Tech Officer. “Al is AI tegenwoordig een breed begrip”. Veel van de kunstmatige intelligentie waarmee bedrijven werken is onderdeel van de adservers die partijen als Google, Facebook en Turn aanbieden, vertelt hij. “Vooral programmatic buying is daardoor al in hoge mate geautomatiseerd. Algoritmes voorspellen wat voor profiel mensen hebben of wat ze gaan doen.”

Behalve AI-technologie van de techpartijen zegt Van der Steen gebruik te maken van intern ontwikkelde algoritmes. Met name voor de optimalisatie van de crossmediale campagnes. “Denk daarbij aan modellen voor de conversie-attributie en de toepassing van econometrische marketingmixmodellen. De AI wordt gebruikt in de strategie en mediaplanning.” De ervaring die IPG Mediabrands heeft opgedaan met het gebruik van AI heeft daarnaast geleid tot het platform Unity. “Op den duur zal Unity zelf beslissingen maken en dus automatisch budget verschuiven wanneer dat tot betere resultaten leidt.” Zo zijn er recent met behulp van machine learning duizenden reclame-uitingen getest, vertelt hij. Daardoor kan het bedrijf nu voorspellen hoe specifieke creatieve kenmerken zoals de positie van een logo en het soort beeld de doorklikratio van een online advertentie beïnvloeden. Het onderzoek is genomineerd voor een Hans du Chatinier AMMA voor het beste mediaonderzoek van afgelopen jaar.

‘Dit wordt echt een mooi spelletje’

Maar hoewel er dus voldoende reuring is, valt de impact van AI in praktijk eigenlijk nogal tegen zegt Walter Flaat, Managing Director van DAN DNA. “Op dit moment is het vooral een buzzword. Iedereen belooft de meest sexy case: volautomatische media-inkoop met ‘NASA-achtige’ technologie en feilloos voorspellende modellen.” Leuk, maar hij ziet dat er vooral een wereld is te winnen met eenvoudigere toepassingen. Zo heeft DAN DNA een aantal traditionele regressiemodellen die bijvoorbeeld berekenden wat het effect is van een mediumtype op een resultaat vervangen door machine learning. “Het voordeel is dat je een klassieke model voor ieder onderzoek moest afstellen. Met machine learning laat je dit over aan een zelflerende algoritme. Niet heel aansprekend misschien, maar je kunt ineens dagelijks analyses leveren die je vroeger op kwartaalbasis maakte. Dat levert veel optimalisatiekansen.”

Echt leuk wordt het wat Flaat betreft als AI wordt gecombineerd met de real-time veilingen van reclameplekken. “Stel je voor dat een AI gevoerd wordt met driehonderdduizend nieuwe regels gegevens per seconde en het systeem dit gebruikt voor slimmere biedingen. Dat wordt echt een mooi spelletje. Maar eerlijk: dat duurt nog wel een paar jaar.”

Over de toepassing van AI op langere termijn zijn de twee eensgezind. Zowel Van der Steen als Flaat geloven in de kracht ervan. “Ieder commercieel bedrijf streeft naar efficiency”, legt Van der Steen uit. Vooral op het gebied van dataverzameling en de verwerking is automatisering nuttig en noodzakelijk. Het helpt bij de analyse en voorspelling van consumentengedrag. “Het is allemaal vrij simpel”, zegt Flaat. “Computers zijn bizar goed in rekenen. In combinatie met de wiskundige vaardigheden levert een zelflerend systeem een enorm nuttig profiel op. In de media heeft dit met name impact op de campagneanalyse, de voorspelling van media-impact en automatische optimalisatie.”

‘Mens wordt grotendeels overbodig’

De vraag is dan wat de komst van zelflerende en ondernemende software betekent voor media-bureaus en de mens in de talloze processen. “Met het risico dat ik ruzie krijg met mijn collega’s aan de bureauzijde: ik denk dat de mens grotendeels overbodig wordt”, kijkt Flaat vooruit. Voor ieder doel van een adverteerder – of dat nu awareness of verkoop is – bestaat er theoretisch een beste mediaplan. “Er is op elk moment een wiskundig optimum dat te bereiken is. Door met AI miljoenen scenario’s te evalueren kom je tot dat punt.” Of hij daarmee zit? “Persoonlijk niet nee. Veel te veel mediaplanning gebeurt op basis van onderbuik en ‘zo doen we dat altijd’. De data spelen dan wel een rol, maar geregeld alleen om het plan te dichten. Ik geloof in een data-first aanpak.”

Hoewel Van der Steen onderschrijft dat de mens niet meer nodig zal zijn voor zaken als de dataverwerking, denkt hij ook dat een machine één ding zeker niet kan: namelijk het bedenken van de hypotheses. “Een deel van ons werk zal inderdaad worden overgenomen door computers. Toch blijft de mens voor een groot deel nodig. Iemand moet bedenken wát we gaan vertellen aan verschillende doelgroepen en controleren of dat wat de machine doet ook klopt.” Het zal er voor de mens om draaien doelgroepen echt te begrijpen. Iemand moet de creatieve analyse maken van het gemeten gedrag en vervolgens de intelligente doelen stellen. “Het draait dus om de combinatie van data en creativiteit. De creativiteit is nog lang niet te vervangen”, denkt Flaat.

Hij verwacht dat bureaus hierdoor meer hun best gaan doen aansluiting te vinden bij de wens van consumenten. Dat zou met relevantie en extra services tot fantastische resultaten kunnen leiden, maar even goed een drama kunnen worden. “Ik ben hoopvol omdat ik denk dat marketing alleen duurzaam is als je in het belang van de consument handelt. Maar ik moet toegeven dat er zorgelijke signalen zijn. Zo zien we al dat AI wordt ingezet voor het slim vullen van tijdlijnen op social media om de advertentie-inkomsten maar te maximaliseren. Dat leidt ook tot zaken als de filterbubbel en populariteit van nepnieuws. We hebben helaas gezien waar dat toe leidt.”

‘Doe ervaring op met data-analyses en econometrie’

Van der Steen adviseert adverteerders vooral ervaring op te doen met data-analyses en econometrische modellen. De grote uitdaging en kans ligt wat hem betreft in het samenbrengen, analyseren en het automatisch herkennen van patronen in de eigen data. Een Data Management Platform zou daarom een goede eerste stap zijn. “Leg hier een laag van AI overheen en laat dit bepalen welk gedrag het beste rendeert. De AI kan vervolgens geautomatiseerd media inzetten en content tonen die past bij de consument.”

De technologie zorgt ervoor dat processen rondom mediamanagement snel veranderen. Afdelingen die elkaar nauwelijks zagen moeten hierdoor heel nauw samenwerken. “Het wordt steeds meer een vak van analyse en technologie”, vat Van der Steen samen. De komst van AI zal dit alleen maar versterken. Want wat als de op AI-gabaseerde oplossingen ook onderdeel worden van het ‘gewone’ leven en een koelkast automatisch de boodschappen doet, vraagt Flaat zich af. “Met een beetje fantasie zie ik een programmatische veiling ontstaan waarop leveranciers dan mogen bieden om een pak melk te mogen leveren. Hoe zorg je er dan met de media-inkoop voor dat mensen die zich laten leiden door AI jouw producten kopen?” Dat zijn wat hem betreft de toekomstscenario’s waar bedrijven mee te maken krijgen. “Evolve or die zal altijd blijven gelden.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Malvertising geen groot probleem in Nederland, ransomware wel

Posted 22 Jun 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het besmetten van systemen door het verspreiden van malware via advertenties op websites, ook wel malvertising genoemd, lijkt in Nederland minder vaak voor te komen dan elders. Er zijn slechts enkele gevallen gemeld waarin organisaties ermee te maken hebben gehad. Dat staat in het deze week verschenen rapport Cybersecuritybeeld Nederland CSBN 2017.

RiskIQ meldt een groei van het totale aantal gevallen van malvertising van ruim 132 procent wereldwijd. Zowel aan de kant van de gebruiker als aan de kant van de website-eigenaren zijn het afgelopen jaar maatregelen getroffen om besmettingen door malvertising te voorkomen. Het gebruik van adblockers in Nederland is het afgelopen jaar gestegen tot 17 procent, tegen 13,9 procent in het tweede kwartaal van 2015, volgens cijfers van PageFair.

Cybercriminelen wisten eind 2016 wel met het Methbot-botnet grote hoeveelheden geld te stelen van de advertentie-industrie. Zij registreerden daarvoor domeinnamen op een dusdanige manier dat het leek alsof deze toebehoorden aan grote, bekende organisaties. Deze domeinnamen werden vervolgens aangemeld bij een advertentienetwerk om daar advertenties op te plaatsen.

Het algoritme vanuit het advertentienetwerk werd door de wijze van domeinnaamregistratie misleid, waardoor deze ten onrechte bepaalde dat het om een grote, interessante website zou gaan, om daar vervolgens een advertentie op te plaatsen. Met behulp van het botnet werd daarna geautomatiseerd op de advertenties geklikt, waarbij de adverteerder per klik een bedrag aan de eigenaar van de domeinnaam betaalde. Door geautomatiseerd in te loggen op
socialemedia accounts en het nabootsen van muisbewegingen en muisklikken vanuit een speciaal daarvoor ontwikkelde browser, werden echte gebruikers nagebootst.

Middelen als ransomware, zogenoemde CxO-fraude (facturen) en phishing blijven zeer effectief en lucratief, aldus de samenstellers van het rapport. Naast de bekende wijze van inzet, zoeken criminelen ook naar manieren om deze middelen op een efficiëntere en meer winstgevende manier in te zetten. Aanvallers blijven inspelen op kwetsbaarheden in software die vaak niet tijdig opgelost worden, gecombineerd met het bespelen van gebruikers, bijvoorbeeld via phishing e-mails.

De kwetsbaarheid van het Internet of Things heeft zich ongekend sterk gemanifesteerd. De productverantwoordelijkheid en -aansprakelijkheid is op dat gebied nog niet helder en de slachtoffers van misbruik zijn vooralsnog niet de producteigenaren zelf. Er lijkt vooralsnog weinig verandering te komen in deze situatie, terwijl de hoeveelheid apparaten die met het internet wordt verbonden gestaag toeneemt.

Ransomware is in 2016 zelfs explosief gegroeid. Vooral Wildfire trof relatief veel Nederlanders. Wildfire richtte zich daarbij op het MKB en werd verspreid in phishing-e-mails met een malafide Worddocument met macro’s. De criminele infrastructuur kon met een gerechtelijk bevel definitief worden neergehaald. Meer dan 20 procent van alle Wildfire-slachtoffers heeft bestanden teruggekregen.

Managed service providers geven aan dat het reageren op ransomware vrijwel dagelijkse kost is geworden. Enerzijds resulteert dit in aandacht voor het maken en terugzetten van back-ups. Anderzijds laten deze manifestaties zien dat de weerbaarheid tegen ransomwarebesmettingen nog sterk te wensen over laat.

In zijn deze week verschenen rapport McAfee Labs Threats Report juni 2017 constateert het gelijknamige bedrijf dat mobiele malware de afgelopen vier kwartalen wereldwijd met 79 procent gegroeid tot 16,7 miljoen varianten, ransomware groeide in het afgelopen jaar met 59 procent tot 9,6 miljoen varianten en meer dan de helft van alle gemelde beveiligingsincidenten vond plaats in de gezondheidszorg, de publieke sector en bij onderwijsinstellingen. McAfee waarschuwt dat honderden, tools veelal kant-en-klaar op het Darkweb te koop zijn.



Lees het volledige bericht op Emerce »