Posts Tagged ‘rbi’

Talpa onderzoekt datagedreven creatie met wetenschappers

Posted 22 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat en media-ondernemer John de Mol bekrachtigen vandaag een samenwerking voor onderzoek naar datagedreven creatie.

Ze roepen wetenschappers op zich te melden om te werken aan een onderzoeksvoorstel. Dat gaat over de analyse, interpretatie en visuele representatie van de data van Talpa Network.

“Het doel daarvan is de data zo toegankelijk te maken dat verschillende soorten gebruikers evidence based strategieën kunnen ontwerpen voor de ontwikkeling van nieuwe content en distributiemodellen.”

Content wordt in deze context breed gedefinieerd en bestaat uit zowel redactionele als commerciële kopij.

De deelname van Talpa Network aan het onderzoek werd eind vorige maand al bevestigd. Keijzer en De Mol bevestigen vandaag enkel de samenwerking.

Het project wordt ondersteund door het NWO en de ministeries EZK en OCW. Het beschikbare budget van 460.000 euro is bedoeld voor de financiering van één onderzoeksvoorstel dat volgens de sandpitmethode [?] wordt ontwikkeld. Hierbij werken partners met een verschillende achtergrond in iteratieve workshops nauw en doelgericht samen.

Belangstellende onderzoekers kunnen hun c.v. inzenden tot 23 augustus. De deadline voor de projectaanvraag ligt op 30 oktober van dit jaar.



Lees het volledige bericht op Emerce »

David Kat (Wasteless): ‘Met dynamische prijzen voedselverspilling tegen gaan’

Posted 22 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Het is een onderwerp waar mensen het snel over eens zijn: voedselverspilling is zonde. Sterker nog, voedselverspilling is een groot probleem. Zeker met het oog op de toekomst waarbij de wereldbevolking groeit en steeds meer mensen gevoed moeten worden. Op dit moment wordt 20% van de beschikbare landbouwgrond gebruikt om zaken te produceren die weggegooid zullen gaan worden. 20% van al het geproduceerde voedsel belandt op de vuilstort. Wasteless wil daar een einde aan maken.

We geven dynamische prijzen om te voorkomen dat supermarkten die 35 of 50 procentstickers moeten plakken. Dat is handmatig werk wat ze zonder enige intelligentie op gevoel doen. Dat kost heel veel geld. Wij denken zeker een half miljard. Bovendien doen ze het niet goed genoeg, waardoor ze zeker 2,5 miljard euro aan eten weggooien. Dat is niet zomaar eten, maar eten wat nog bruikbaar is”, aldus David Kat, verantwoordelijk voor de business development in Europa, bij Top Names.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Ledger H4ck3rs winnen Hackatrain 2018

Posted 22 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Met een goed uitgedacht idee om bezoekers van een concert op een prettige manier naar huis te laten reizen wonnen de Ledger H4ck3rs de derde editie van Hackatrain. De verrassende presentatie waarin met rollenspellen de werking en het gebruik van de applicatie duidelijk werd, onderscheidde de winnaars van de andere teams. De Ledger H4ck3rs, een team van Deutsche Bahn, ontvangen een geldbedrag van 5.000 euro.

Hoe maken we het voor inwoners uit het hele land makkelijker om heen- en terug te reizen naar bijvoorbeeld een concert in de Johan Cruyff Arena in Amsterdam? Met dit vraagstuk van ING en Arriva – hoofdpartners van Hackatrain 2018 – gingen de deelnemers tijdens deze hackathon aan de slag. Ze kregen daarbij het nadrukkelijke verzoek om bij hun oplossing gebruik te maken van de combinatie van Mobility as a Service (MaaS) en blockchain.

Mobility as a Service (MaaS) omvat de integratie van het plannen, het boeken en het betalen van multimodale mobiliteitsdiensten via een digitaal platform. MaaS en blockchain samen hebben de potentie om reizigers zelf hun vervoersopties te laten opzoeken, selecteren en boeken. Tijdens de pre-gathering deden de deelnemers, ervaring op met de blockchain-techniek.

Na veertien spannende pitches kwam de jury tot de conclusie dat er een gedeelde eerste plaats was. Een final battle leverde uiteindelijk een duidelijke winnaar op. Het winnende Ledger H4ck3rs-team dacht goed na over een concept waarbij zij met de blockchain-techniek het betalingsproces goed wisten in te richten.

De jury bestond uit: Johan Westerbeek (Arriva Nederland), Joost Bosman (ING Nederland), Tobias Friedrich (Deutsche Bahn), Hendrik Rieß (UID Labs).

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

The Travel Impact Lab moet reis-startups laten innoveren

Posted 22 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

De reiswereld kent een nieuw initiatief: The Travel Impact Lab, om startups succesvol op gang te helpen en bestaande organisaties binnen de reiswereld opnieuw in beweging brengen. De Social Impact Factory in Utrecht, een sociale werk- en ontmoetingsplek voor startups, scale ups en zelfstandigen, was het decor voor een goed bezochte lancering waarbij de boodschap was: “werken aan het nieuwe normaal.”

The Travel Impact Lab is in feite een community waarin reizen wordt gecombineerd met een positieve impact op de wereld om zo goed voorbereid te zijn op de toekomst.

Het platform is een initiatief van onder meer Marius Appelman, directeur van Riksja Travel en binnen Travel Impact Lab omgedoopt tot Chief Navigator. Samen met Michel Groenenstijn (bekend van Be More en Worldmapping), Gijs van den Boom (mede-eigenaar van Acato) en Loes van Kooten die de coördinatie in handen heeft, willen zij de reiswereld een stukje mooier maken.

Dit lab moet de plek worden voor innovatie en duurzame impact in de reisbranche. Het verbindt startups met gevestigde touroperators en helpt bedrijven met het bouwen aan een ondernemende, toekomstbestendige cultuur. Keynotesprekers Ramon Vullings – over cross industry innovations – en Raymond Klompsma, oprichter van srprs.me, zorgden voor de inspiratie.

Belangrijke veranderingen in de reiswereld

Volgens Appelman heeft de reisbranche kansen laten liggen. Veranderingen komen naar zijn mening te vaak van buiten de industrie als je kijkt naar bedrijven als Uber en AirBnB. Hij ziet een aantal trends waar hij met het Travel Impact Lab op in speelt:

  1. Platformisering

Er komen steeds meer platformen die op een meta schaal opereren. Hierdoor is het voor de overige spelers in de markt, zelfs de grotere toeristische spelers, steeds moeilijker om te blijven bestaan.

2. Duurzaamheid is normaal

Met de opkomst van generatie Y en straks ook Z die ten tonele komt, is duurzaamheid in het midden van de toeristische agenda komen te staan. Zij maken hun keuzes veel meer dan vorige generaties op basis van duurzaam reizen (zoals Co2-neutraal reizen). In de onlangs uitgezonden aflevering van Tegenlicht met als titel: ‘reizen is het nieuwe roken’ werd al een flink statement gemaakt over over toerisme. “We moeten weer meer bewust reizen, door bijvoorbeeld niet het vliegtuig, maar de trein te pakken.”

3. Experience als norm

De klant wil niet alleen meer van A naar B worden gebracht, maar een unieke belevenis ervaren. Volgens Appelman moeten bedrijven in de reiswereld dan ook afstappen van het oude idee dat ze een ‘logistieke dienstverlener’ zijn. Bedrijven moeten zijn inziens weer impact durven maken en zelf voor disruptie zorgen in de reisbranche, want anders zijn de dagen geteld.

Uiteraard heeft het lab al een aantal spelers rond zich kunnen verzamelen. Onder andere de NHTV (binnenkort Breda University), de ANVR, de Triodos bank, de Social Impact Factory en Acato zijn verbonden als partners. Op drie locaties in Nederland komt een zogenaamde hub, waarbij er een soort ecosysteem wordt gemaakt waar startups, gevestigde reisbedrijven, experts en coaches elkaar kunnen ontmoeten.

Hoe werkt het?

Het Travel Impact Lab helpt “startups succesvol op gang en zet bestaande organisaties opnieuw in beweging. We bouwen een community waarin we reizen combineren met een positieve impact op de wereld.” Volgens Appelman is innoveren een apart vak en is het dus belangrijk om hiervoor een aparte locatie in te richten. “Van de drieduizend ideeën, blijven er vaak maar twee over, waarvan er slechts ééntje slaagt. Deze ideeën worden al vanaf een vroeg moment in de juiste richting geholpen, zodat ze ook sneller naar de markt kunnen worden gebracht.

Het Lab bestaat uit drie delen die apart of gecombineerd ingezet kunnen worden:

  1. Accelerator

In een team ga je een aantal weken hard systematisch werken met de lean coaches van het Travel Impact Lab. Het doel is om te kunnen bewijzen dat er voor je innovatie ook een echte vraag is in de markt en dat je in die fase al snel kunt testen of de eerste conversies (boekingen, reservering) mogelijk zijn.

2. Sprints & masterclasses

Via een korte intensieve begeleiding van één of twee weken is het de bedoeling om je reeds bestaande idee te versnellen. Dit wordt gedaan door middel van onder meer growth hacking.

3. Movement

Het Travel Impact Lab is een beweging of beter gezegd een netwerk. Door je aan te sluiten kan je jouw kennis inzetten, maar ook de kennis van anderen gebruiken om tot betere inzichten te komen. Met een vaste regelmaat komt iedereen samen voor het delen van kennis en ervaring onder begeleiding van interessante sprekers.

Aan het programma zijn kosten verbonden. Startups betalen 15.000 euro om deel te nemen aan het acceleratorprogramma. Partners van het programma betalen 35.000 euro en overige bedrijven 45.000 euro. De 15.000 euro is vooral bedoeld om te zorgen dat de ondernemer daadwerkelijk zelf gecommitteerd is aan het idee. Het bedrag is lager dan voor bestaande bedrijven, maar is nog substantieel, om te zorgen dat het programma ook echt te maken hebben met mensen die er voor willen gaan.

Michel Groenenstijn verwacht dat er zeker veel startups of mensen met een ‘goed idee’ mee zullen doen. “Het is in ieder geval wel duidelijk dat voor mensen die aan durven te schuiven, er een groot netwerk wordt aangeboord waardoor je idee inderdaad snel opgeschaald kan worden. Het Travel Impact Lab heeft in ieder geval wel goede papieren om een echte vuist te kunnen maken en voor impact te zorgen.”

De eerste editie is in oktober of november zijn op het kantoor van Riksja in Leiden. De andere locaties die meedoen zijn Utrecht (Social Impact Factory) en de vernieuwde campus van de NHTV in Breda.



Lees het volledige bericht op Emerce »

OPPO lanceert vlaggenschip in Nederland

Posted 22 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Het Chinese OPPO zal in september het vlaggenschip Find X op de Nederlandse markt lanceren. Bovendien gaat het bedrijf een kantoor in Rotterdam openen.

De Find X, die 999 euro gaat kosten, heeft een voorkant dat voor 93,8 procent uit het scherm bestaat.

Verder bevat de telefoon face ID, waarbij de smartphone met een 25 megapixel frontcamera na gezichtsherkenning ontgrendelt.

De camera schuift – tijdens het nemen van een foto – binnen een halve seconde in en uit de telefoon. Wanneer de camera niet gebruikt wordt, is er een volledig scherm te benutten.

Een ander pluspunt is het snelle opladen. De batterij is al na een half uur al voor 75 procent opgeladen.

De vraag is natuurlijk wel of zo’n onbekend merk het gaat redden op de overvolle markt.

Al in juli komen er trouwens twee beter geprijsde modellen op de smartphonemarkt.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Mobiele reclamecampagne AB InBev in blockchain

Posted 22 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

AB InBev denkt dat het de eerste is die een mobiele reclamecampagne heeft gedraaid met blockchain. De bierbrouwer wil transparant werken en realiseert ook nog eens kostenbesparing tussen de tien en dertig procent.

Het idee achter de campagneopzet is dat de metadata een keer per uur naar een blockchain wordt weggeschreven. Die data-invoer is onomkeerbaar en niet te wijzigen.

Door de keten tussen zender en ontvanger, en alle schakels daartussen, inzichtelijk te maken kan AB InBev zijn campagnes beter beteren. Reclamefraude moet omlaag gaan en de betrokken bureaus kunnen elkaar afrekenen op een en dezelfde databron.

AB InBev heeft de technologie, ontwikkeld door Kiip, onder meer gebruikt voor campagnes van Bud Light, Budweiser, Michelob Ultra, Estrella Jalisco en Stella Artois.

Het bedrijf Kiip gebruikt naast zijn blockchainproduct verscheidene reclameproducten. Daarbij gebruikt het stimulans- en responsetechnieken die bekend zijn uit de mobiele gamewereld.

Directeur en oprichter Brian Wong was eerder deze week in Cannes op het reclamefestival om over zijn werk te vertellen.

Fun conversation tonight with @brian_wong and the #CannesLions School. pic.twitter.com/s0W5W0Dt5g

— Diana O’Brien (@DianaMOBrien) 19 juni 2018

Foto: raek23 (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

YouTube lanceert abonnementen

Posted 22 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

YouTube gaat betaalde abonnementen voor kanalen introduceren naast het abonnement dat al bestond voor YouTube Gaming. Dat maakte het bedrijf donderdag bekend op het VidCon congres. Testen zijn al geruime tijd gaande.

Iedereen met een kanaal kan voortaan zelf abonnementen introduceren, al geldt dat wel alleen voor kanalen die onderdeel zijn van het YouTube Partner Program met meer dan 100.000 volgers. YouTube gaat abonnementen geleidelijk uitrollen, en stelt daarbij hoge eisen aan de content.

Tarieven beginnen bij 4,99 dollar per maand. Voor dat geld kan een kanaal bijvoorbeeld exclusieve content tonen of toegang bieden tot livestreams.

De belangrijkste overweging is dat contentaanbieders op deze manier niet langer zijn aangewezen op alleen inkomsten uit reclame. Acteur Mike Falzone heeft op deze wijze bij experimenten zijn inkomsten weten te verdubbelen. Wel gaat 30 procent van de omzet naar YouTube.

Nieuw is ook de mogelijkheid om rechtstreeks aan volgers t-shirts en andere merchandising te verkopen. Kanalen moeten dan minimaal 10.000 betaalde abonnees hebben. Het platform is opgezet met merchandise expert Teespring, die ook een deel van de opbrengst krijgt.

Tot slot kondigde YouTube Premieres aan. Dat is een landingpagina voor livestreams, inclusief chat, waar alvast teasers voor de aanstaande stream kunnen worden getoond. Premieres kunnen worden getoond op de YouTube thuispagina.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De trends van Money 20/20: voice, IoT, identiteit, open banking en AI

Posted 21 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Begin juni vond de Europese editie van Money 20/20 in Amsterdam plaats. Meer dan 1200 betalingsproviders, financiële instellingen en fintech bedrijven kwamen bij elkaar om de toekomst van finance te bespreken en vorm te geven. Dit zijn de vijf belangrijkste trends.

Conversational commerce

Recent onderzoek dat we in de VS hebben gedaan samen met Mercator wijst uit dat 21 procent van de Amerikaanse consumenten al spraaktechnologie of chatbots gebruikt om te winkelen, betalingen te verrichten of online te bankieren. Daarbij zijn chatbots zoals op Facebook Messenger meer ingeburgerd dan winkelen via een spraakassistent zoals Amazon Alexa. Logisch, want chatbots bestaan langer. De betaalmogelijkheden zijn dan ook verder ontwikkeld in chat: werd je twee jaar geleden nog standaard naar een betaalpagina geleid buiten de chatomgeving, nu is het mogelijk de gehele transactie op Messenger af te handelen.

De ondervraagde consumenten geven hierbij aan het liefst te werken met een card-on-file oplossing (37 procent). Dit houdt in dat de betaalinformatie wordt opgeslagen in de database van de merchant of op een veilige server waar de merchant toegang toe heeft. De klant hoeft deze gegevens dan niet bij elke aanschaf opnieuw in te voeren. Verder wil 21 procent de betaalinformatie doorgeven bij de check-out. Dit is een opvallende ommezwaai vergeleken met ‘gewone’ online transacties, waarbij de consument juist een duidelijke voorkeur heeft om de betaalgegevens bij de check-out in te vullen.

Voor ons was dit inzicht mede de reden om een API te ontwikkelen voor betaalplatformen die werken met card-on-file betalingen. Die koppeling actualiseert de kaartgegevens automatisch, zodat een betaling bijvoorbeeld niet langer afketst omdat de consument een nieuwe creditcard heeft. Met de API hoeven kaarthouders niet meer stuk voor stuk accounts te updaten waar gebruik gemaakt wordt van card-on-file, en lopen verkopers geen betalingen mis.

Internet of Payment Things

Wearables en smart homes worden meer en meer ingezet als verkoopkanalen. Als gevolg daarvan komen er steeds meer oplossingen voor wat wij het Internet of Payment Things (IoPT) noemen. Het doel is dat elk met internet verbonden item kan worden gebruikt als betaalmiddel, of het nu gaat om een ring, fitnesstracker, koelkast of autosleutels. Tokenization zorgt ervoor dat deze manier van onzichtbaar betalen veilig plaats kan vinden. De businesscase is simpel: hoe meer gemak, hoe meer je verkoopt.

Hetzelfde geldt voor data: hoe beter je de klant kent, des te meer je verkoopt. De slimme gadgets zijn tegelijkertijd meetpunten waaruit een schat aan informatie over de consument te halen valt, zodat deze – mits hij hiervoor toestemming heeft gegeven – relevanter en persoonlijker kan worden benaderd. Stel je voor, je rijdt met je slimme auto naar een tankstation. De auto laat de pomp weten hoeveel benzine er nodig is, verricht de betaling en schrijft de spaarpunten bij op de rekening van de eigenaar. Dat is wat er mogelijk is met Internet of Things.

Identiteit

De digitalisering zorgt voor uitdagingen als het gaat om het vaststellen van de identiteit van de klant. Dit is een vraagstuk waar banken, payment providers, et cetera continu naar kijken, omdat de technologische mogelijkheden nieuwe authenticatiemethoden mogelijk maken. Bijvoorbeeld met een selfie of een gezichtsscan, en omdat fraudeurs niet stil zitten.

PSD2 heeft dit onderwerp extra actueel gemaakt. Banken moeten de financiële gegevens van klanten aan derden verstrekken, als de klant hierom vraagt. Er komen dus extra schakels in de waardeketen. Om ervoor te zorgen dat het veilig blijft voor de consument, zijn er strenge verificatie-eisen opgesteld door de nieuwe Europese wetgeving.

Elke bank moet de identiteit van de klant verifiëren alvorens er interactie plaats vindt met een derde partij. Die partij moet zelf ook een verificatie doen van de identiteit van de klant en dan moeten de twee controlemechanismen ook nog eens met elkaar communiceren. Een flinke klus die wel kansen biedt voor bedrijven die hiervoor de infrastructuur kunnen leveren.

Open banking

PSD2 is nog maar het begin van de transformatie die de financiële sector door gaat maken. Niet alleen de transacties, maar alle diensten zullen worden opgeschud doordat banken en andere spelers samenwerkingsverbanden aangaan. Denk hierbij aan fintechs en nichebedrijven die sterk zijn in bijvoorbeeld identity management of mobile payment.

Met één app kan de consument straks alle transacties, verzekeringen, beleggingen, leningen, maar ook spaarpunten en kortingsbonnen controleren, ongeacht bij welke partij deze zijn ondergebracht. Zo’n digitale hub komt er ook voor bedrijven. Bijna 90 procent van de banken is bezig met de open API’s die nodig zijn om dit werkelijkheid te maken, blijkt uit onderzoek van ACI Worldwide. Meer dan 70 procent is bereid hun API’s open te stellen voor ontwikkelaars. In Europa is dat zelfs 79 procent.

Artificial intelligence

De universele app zoals hierboven beschreven is ‘dom’, in de zin dat het informatie verzamelt en inzichtelijk maakt, maar daar geen conclusies aan verbindt. Dat moet de mens zelf doen ,tenzij er een AI-laag aan wordt toegevoegd. Digitale assistenten worden dan via de API-koppelingen met de verschillende financiële instellingen ‘gevoed’ met informatie, die vervolgens met dank aan artificial intelligence wordt geanalyseerd en omgezet in actiematige inzichten en adviezen. Als je autoverzekering afloopt, ontvang je niet alleen een seintje, maar ook de tip dat dezelfde dekking bij een andere verzekeraar goedkoper is.

En als de virtuele assistent niet alleen toegang heeft tot je financiële producten, maar bijvoorbeeld ook je social media, dan wordt er een lifestyle-element aan toegevoegd met suggesties die worden gebaseerd op die data. Zoals het versturen van een cadeau aan een bijna-jarige of het betalen van een factuur die aan je is gemaild. Finance draait niet meer om transacties, maar om je klanten persoonlijk van dienst te zijn. Oftewel, de toekomst van de betaalsector wordt volledig bepaald door de consument. Bied je gemak en los je zijn problemen op, dan blijf je in het spel.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Match Group koopt datingapp Hinge

Posted 21 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

De internationale exploitant van datingsites en -apps Match Group koopt de app Hinge.

In eerste instantie kopen de Amerikanen 51 procent van de aandelen en krijgen daarbij ook het recht om de resterende aandelen uiteindelijk te kopen.

Match Group en Hinge zijn geen onbekenden van elkaar. In het najaar van 2017 nam de uitgeefgroep al een belang in de appmaker uit New York. Dat volgde op een ingrijpende vernieuwing van het design.

In het nieuwe design moeten gebruikers niet stippen, zoals ze van Tinder kennen, maar zoeken op profielkenmerken. Dat leverde een vervijfvoudiging op in het aantal gebruikers. Een onbekend deel van hen betaalt maandelijks abonnementsgeld om de extra features van de app te gebruiken.

Match omschrijft Hinge als de app waar millennials naartoe gaan als ze Tinder kennen en beu zijn. Het is een app die vooral in de VS populair is.

In Europa is Happn een nog steeds groeiende, onafhankelijke datingapp. Match Group is eigenaar van onder meer Tinder, Meetic, Twoo en Lovescout24.

De uitgeefgroep rapporteerde begin mei 2018 een omzetgroei van 36 procent tot 407 miljoen dollar. Netto werd een winst gerealiseerd van honderd miljoen dollar (PDF).

Foto: calleephoto (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

AI meets AR in ‘The Next Shopping Experience’ voor e-commerce

Posted 21 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Digitalisering en technologische ontwikkelingen hebben de verwachtingen en het gedrag van de consument sterk beïnvloed en veranderd. Het is dan ook tijd voor een compleet nieuwe winkelervaring: ‘the next shopping experience’, die innovatieve visualisatietechnieken combineert met kunstmatige intelligentie. Wat houdt dit precies in?

Consumenten willen individueel gezien, gehoord en geadviseerd worden. Een persoonlijke benadering vanuit menselijk perspectief wordt de norm. Digitale omgevingen, zoals een webshop, lenen zich uitstekend voor een volledig gepersonaliseerde ervaring. Marketinguitingen, het productaanbod en de manier waarop producten worden gepresenteerd, zijn echter vaak voor alle klanten hetzelfde, of licht afgestemd op klantgroepen. Slechts een klein (maar groeiend) aantal bedrijven, voornamelijk (tech)nieuwkomers, is in staat om een volledig gepersonaliseerde benadering te laten ervaren. Hiervoor zijn twee bouwblokken nodig.

Bouwblok 1: hyperpersonalisatie en kunstmatige intelligentie

Met de inzet van kunstmatige intelligentie, specifiek machine-learning algoritmes, wordt het mogelijk om de persoonlijke voorkeuren van een consument, op individueel niveau, te doorgronden. Door data uit meerdere bronnen samen te voegen en daar machine-learning algoritmes op toe te passen, ontstaan zelflerende systemen die in staat zijn om voorkeuren en stijlen van individuen te analyseren. En dat is wat hyperpersonalisatie betekent: alle beschikbare informatie gebruiken om een individu het best passende product, service of oplossing aan te bieden.

Onder alle beschikbare informatie verstaan we ook visuele informatie. Bijvoorbeeld de digitale footprint van foto’s die consumenten achterlaten op platformen als Instagram en Pinterest. De uitstraling van de foto’s in die digitale footprint schetst een goed beeld van wat hem of haar aanspreekt. Kunstmatige intelligentie kan deze visuele, digitale informatie doorgronden en een goed beeld vormen van de persoonlijke stijl van een individu. De identificatie van persoonlijke stijl en voorkeur alleen is echter niet voldoende. De consument moet het gematchte aanbod, de service of oplossing ook kunnen ervaren.

Bouwblok 2: innovatieve productbeleving

Er zijn veel verschillende attributen die bepalen of een consument iets aanschaft. Het merendeel van deze attributen, zoals prijs of merk, kunnen eenvoudig in een digitale omgeving (webshop) worden weergegeven. Deze omgevingen lenen zich echter minder goed voor belevingsaspecten, zoals hoe een product aanvoelt of er in detail uitziet.

Dankzij de ontwikkelingen van nieuwe 3D-visualisatietechnieken kunnen producteigenschappen online steeds beter worden gepresenteerd. Augmented reality maakt het daarbij mogelijk dat consumenten producten kunnen zien én ervaren in de omgeving waarin zij het daadwerkelijk gaan gebruiken.

Waar in bouwblok 1 visuele, digitale informatie wordt gebruikt om stijlvoorkeuren van een individu echt te begrijpen, biedt augmented reality in bouwblok 2 juist de mogelijkheid om resultaten digitaal en gepersonaliseerd te presenteren. De interactie tussen deze twee bouwblokken vormt de basis van ‘the next shopping experience’ voor e-commerce.

Combinatie van de bouwblokken: ‘The Next Shopping Experience’

Een aankoopbeslissingen is een samenspel van twee interacties: (1) de match tussen de (visuele) eigenschappen van een product en de stijl en persoonlijke voorkeur van de consument en (2) de match tussen de (visuele) eigenschappen van een product en de setting waarin deze wordt gebruikt. Hoe ziet dit er nu uit in de praktijk?

Figuur 1. Concept voor een compleet nieuwe winkelervaring: ‘The Next Shopping Experience’

Het startpunt kan een foto of een Instagram- of Pinterest-feed zijn die een indicatie geeft van wat de consument écht mooi vindt. Bijvoorbeeld een kledingstuk of type woninginrichting.

In de volgende stap, individualized smart matching, gaat een zelflerend algoritme deze stijl matchen met een productaanbod. Met de inzet van machine- en deep learning technieken in combinatie met e-commercespecifieke kenmerken, is het mogelijk om de getoonde resultaten continu gepersonaliseerd en relevant te verbeteren.

In de derde stap worden augmented en/of mixed reality ingezet om het voorgestelde product realtime weer te geven in de setting waarin de consument zich bevindt. Door direct de resultaten te visualiseren, wordt de consument geprikkeld om feedback te geven: wat niet mooi wordt gevonden, wordt weer aangepast of zelfs uit de selectie verwijderd. Door de resultaten te beleven en te ervaren, wordt deze interactie in de hand gewerkt. Het systeem leert van de continue feedback en begrijpt het individu steeds beter.

De businesswaarde

Het concept van ‘the next shopping experience’ is feitelijk de gecombineerde toepassing van hyperpersonalisatie op basis van kunstmatige intelligentie en innovatieve visualisatie met augmented en mixed reality. Dat is geen gimmick – wij zien op meerdere vlakken businesswaarde:

  1. Door betere en persoonlijke resultaten stijgt de conversie en kan het aantal retouren verminderen. De kans dat bijvoorbeeld kleding niet past of een product niet bevalt, wordt ingeperkt. Het product kon met augmented reality immers tot in detail worden bekeken en realtime worden gevisualiseerd in de omgeving waar het gedragen of gebruikt zal worden.
  2. De online marketinguitgaven kunnen effectiever worden ingezet. Het model weet nauwkeurig wat consumenten willen, waardoor advertenties gepersonaliseerd worden aangeboden. Dus geen generieke persona’s meer, laat staan algemene advertenties.
  3. Je vermindert de afhankelijkheid van grote platformen om omzet te realiseren. Met de inzet van ‘the next shopping experience’ kun je een hoog niveau van online dienstverlening bieden. De ‘tastbaarheid’, ‘beleving’ en ‘verrassing’ kunnen specifiek worden toegepast op het relevante segment en aanbod van artikelen. Iets wat voor een breder en algemener platform minder eenvoudig haalbaar is.
Aan de slag met kunstmatige intelligentie en augmented reality

Gaan we morgen massaal kunstmatige intelligentie en augmented reality gecombineerd inzetten om de winkelbeleving naar de volgende generatie te brengen? Waarschijnlijk niet. Wij geloven dat de manier waarop we winkelen (beleven) op veel niveaus gaat veranderen. Om te begrijpen wat de impact is in de markt waarin je actief bent, raden we je aan om te experimenteren. Ontwikkel bijvoorbeeld een aantal proof-of-concepts, zodat je de technologie eigen kunt maken, het liefst in samenwerking met andere marktpartijen. Door krachten te bundelen gaat innovatie namelijk veel sneller.

Meer weten over ‘The Next Shopping Experience’ voor e-commerce? Download de whitepaper hier.



Lees het volledige bericht op Emerce »

GCOX wil groot worden met cryptomunten van beroemdheden

Posted 21 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Money20/20 is het grootste financiële innovatie-event van Europa en de focus van dit event is voornamelijk op startups en ontwikkelingen binnen de FinTech. Tipje van de sluier? Blockchain is dit jaar goed vertegenwoordigd. En cryptomunten voor celebrities worden groot. 

De beurshallen staan vol met stands van bedrijven uit de financiële sector. Het is leuk om te zien dat er, in een poging om op te vallen, niet verlegen wordt omgegaan met termen uit de crypto- en blockchainwereld. Naast grote stands van gevestigde namen zoals ING, Mastercard, Visa en de Rabobank zien we minstens even grote booths staan van Ripple en Dash. Ook de lijst aan bedrijven die betalingsdiensten leveren was lang.

Op het podium stond Steve ‘The Woz’ Wozniak samen met Feedzai CEO Nuno Sabastião. De twee namen plaats op een bank en bespraken de huidige staat van technologie en hoe de toekomst er uit zou kunnen zien. Wozniak had vermakelijke anekdotes en antwoordde met een glimlach dat híj in het verleden geen foutjes heeft gemaakt toen hij werd gevraagd of hij dingen anders zou doen als Apple opnieuw opgericht werd. Verder sprak The Woz zijn hoop uit dat Bitcoin ooit de enige currency zal zijn in de wereld, maar gaf ook aan dat het louter hoop is en geen voorspelling. Wat technologische vooruitgang betreft ziet Wozniak heil in het platform van Ethereum.

Ook aanwezig: GCOX. Het bedrijf werkt aan een cryptocurrency exchange voor celebrity tokens. Het bedrijf heeft sterren zoals oud-voetbalinternational Michael Owen en bokskampioen Manny Pacquiao al weten te strikken.

GCOX ontwikkelt een platform waarop deze beroemdheden hun eigen token kunnen verhandelen. Fans kunnen deze tokens bijvoorbeeld inruilen voor exclusieve merchandise, meet & greets of event tickets. De exchange zal door zijn marktwerking tegelijk fungeren als een populariteits-index. Sir Dr Jeffrey Lin, CEO en oprichter van GCOX, vertelt meer over het project.

Hoe kwam GCOX tot stand en hoe werkt het?

“We zochten naar een vrij ongebruikelijke bedrijfssector die we naar de blockchain konden brengen; een bedrijfssector die niet zo zeer gelieerd is aan de fintech. We wierpen onze blik toen op de entertainmentindustrie. Deze industrie is jaar in jaar uit goed voor een miljardenmarkt en heeft, als je bijvoorbeeld kijkt naar Facebook en Youtube, een enorm grote afzetmarkt. De eerste vraag was: hoe slaan we hier munt uit? Als antwoord op deze vraag ontwierpen we vier kernprocessen: Celeb-Listing, Celeb-Connect, Celebreneur en Celeb-Charity. Binnen Celeb-Listing geven bekende personen hun eigen token uit, die ze zelf in beheer hebben. We ontwierpen vervolgens een platform dat dit kan faciliteren met een volwaardige ‘utility token’. Hiermee wordt bedoeld dat het publiek de token kan kopen voor een toekomstige dienst die bekende personen kunnen leveren. Denk hierbij aan exclusieve verkoopwaar, meet & greets, concerttickets en wedstrijdtickets.”

Waarom heeft GCOX gekozen voor een op blockchain gebaseerde fondsenverwerving?

“Ik kom zelf uit de financiële sector en run een bedrijf in vermogensbeheer. We beseften binnen het bedrijf dat er minder wordt geïnvesteerd binnen de traditionele VC markt. De blockchain startups hebben een sterkere fondsenverwerving dan de traditionele markt. Dit is de reden dat we ons verdiepten in de blockchain wereld. We kwamen er gauw achter dat blockchain hier is om te blijven door gedegen technologie, transparantie en een platform voor een breed scala aan toepassingen.”

Kun je iets vertellen over het team achter GCOX?

“GCOX focust met name op ondernemingsbestuur en het samenbrengen van het bedrijfsleven en blockchain. In ons team zit Steve Askew als uitvoerend voorzitter. Hij zit al 30 jaar in de entertainmentindustrie en was grondlegger van ‘Star TV’ en ‘Who wants to be a millionaire’. Voor onze financiële tak hebben we Lim How Teck. Hij is tevens de voorzitter van Heliconia Capital Management. Dan hebben we Sjeik Bin Zayed. Hij is ook één van de investeerders van GCOX. We hebben verder mensen van de Singapore Stock Exchange en adviseurs van de Singapore Bank.”

Hoe gaat de token-distributie via exchanges eruit zien?

“Voor onze eigen token, ‘Acclaim Token’ (ACM), zijn we in gesprek met verschillende bestaande exchanges. Echter zullen de celebrity tokens, die door beroemdheden in eigen beheer worden uitgegeven, hoogstwaarschijnlijk alleen op onze eigen exchange worden verhandeld. De reden is dat derde exchanges, ondanks vaak hoge liquiditeit, heel veel tokens listen. Dit strookt niet met de exclusiviteit die we, met betrekking tot de celebrity tokens, willen behouden. We hebben ook grote exchanges zoals Binance en Kraken onder de loep genomen. De grote getalen aan gebruikers maken deze exchanges zo groot. Wij hebben die gebruikers niet nodig aangezien de bekende personen die we aantrekken met een eigen fanbase komen. Als je kijkt naar Manny Pacquiao, die we al hebben aangetrokken, zijn er 100 miljoen Filipijnse inwoners. Als ook maar één procent van de bevolking naar ons platform komt, dan zijn dat al heel veel klanten. Bedenk je ook dat we het hier dan hebben over één enkele beroemdheid, laat staan als we tien beroemdheden aantrekken. De cryptocurrency investeerders zullen, naar verwachting, daarna gauw komen.”

Hoe worden beroemdheden aangemoedigd om zich bij GCOX aan te sluiten?

“De beroemdheden worden niet door GCOX betaald. De celebrity token is van hen en ook het grootste deel van de opbrengsten van deze tokens gaat naar hen. Derde partijen, en in deze zin specifieke zin de ‘middle man’, worden geëlimineerd door gebruik te maken van de blockchain. We voorzien dat, door het elimineren van derde partijen, tickets goedkoper kunnen worden en er tegelijkertijd meer wordt verdiend door de beroemdheden. Ook kunnen we als GCOX door de blockchain en het internet een groot bereik garanderen dat heel snel zal groeien. Zo brengen we beroemdheden en fans dichter bij elkaar.”

Als u uitzoomt en naar blockchain kijkt in het algemeen, ziet u dan een welkome innovatie?

“Als ik nu naar blockchain kijk, vanuit mijn eigen perspectief, dan zie ik nog een vrij gesloten community. Je bent als het ware pro-blockchain of ziet er geen heil in. Dit maakt dat de mate van conversie laag is. Daarom proberen we met dit project toegankelijk te zijn. Het is een simpel concept en je hebt als klant geen kennis nodig van blockchain. Op ons platform zullen diensten en producten worden verkocht zoals men dat gewend is. De technologie erachter is anders, maar daar kom je als klant niet mee in aanraking. Educatie is wat dat betreft belangrijk, voor een omarming van blockchain, maar dat kan wellicht later.”

De huidige cryptocurrency exchanges vergen wat basiskennis over blockchain en hoe transacties verlopen. Hoe zit dat bij GCOX?

“GCOX zal voornamelijk werken met apparaten met een Point-of-Sale (POS) systeem, dat zal worden geleverd door Pundi X; een internationaal bedrijf dat zich bezighoudt met het toegankelijk maken van cryptocurrency en blockchain-technologie. In veel delen van Azië hebben mensen geen computer thuis. Platformen als Binance vergen klanten die aardig met een computer overweg kunnen. Wij willen ook Filipijnen kunnen helpen die geen computer tot hun beschikking hebben. Om dergelijke mensen de mogelijkheid te geven een beroemdheid als Manny Pacquiao te steunen (of verkoopwaar te kopen), hebben we POS systemen waarop mensen dit soort activiteiten kunnen verrichten. Daarnaast zullen we een exchange oprichten en die zal in het begin een heel simpel koop- en verkoopplatform zijn. Het moet meer een marktplaats zijn dan een professioneel handelsplatform.”

Zijn er nog meer beroemdheden die GCOX van plan is om aan te trekken?

“Hier kan ik helaas nog weinig over loslaten. We kijken wel naar de top-5 van bekendste Bollywood-acteurs, Hollywood-acteurs en een aantal enorm populaire Koreaanse K-popsterren. Ook zijn we, met name in Europa, aan het kijken naar bekende voetballers. We maken in principe geen onderscheid in sectoren. Of een bekend persoon nu uit de filmwereld of de sportwereld komt, dat maakt voor ons niet uit.”

Heeft GCOX momenteel een geografische focus?

“We gaan op de lange termijn voor wereldwijde adoptie, ook omdat de technologie zich ervoor leent. We zijn op het moment bezig met licenties voor zeven verschillende jurisdicties om daar zaken te kunnen doen; van Azië tot aan Europa. De Filipijnen en Dubai zullen tot de eerste landen behoren. Ondanks Amerika een grote afzetmarkt is willen we, door de onduidelijke regelgeving, ons daar nog niet wagen. Wat we wel kunnen doen in dat soort landen is samenwerken met een partner. Zo zouden we bijvoorbeeld kunnen samenwerken met Kraken die al een licentie heeft in Amerika. Op die manier kunnen we in ieder geval onze eigen ACM coin daar aan de man brengen. Wij kunnen Kraken een grote userbase bieden.”

Het GCOX project klinkt interessant, zeker omdat het blockchain-technologie samenbrengt met een lifestyle-sector. Ondanks dat eindgebruikers amper tot niet in aanraking zullen komen met de complexiteit van de blockchain-technologie zelf, is deze ontwikkeling een duw in de rug van ‘mass adoption’. 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Geen verbod reclame in Grip app ABN

Posted 21 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Minister Hoekstra van Financiën gaat het tonen van advertenties in het digitale huishoudboekje (Grip-app) van ABN Amro niet verbieden. Dat zegt hij in antwoord op Kamervragen.

ABN wil in zijn digitale huishoudboekje reclame maken voor relevante ABN Amro producten en diensten. De bedoeling is dat dit straks gebeurt op basis van individuele klantdata. De bank gaat ook kijken naar mogelijkheden om Grip-gebruikers door andere bedrijven te laten benaderen.

PvdA-Kamerlid Nijboer vindt het ‘volstrekt onwenselijk’ dat persoonlijke bankgegevens, die zijn verkregen uit de nutsfunctie van banken, worden gebruikt voor gepersonaliseerde advertenties.

De minister schrijft echter dat alles volgens de regels geschiedt (pdf). Volgens ABN Amro worden gebruikers tijdens het aanmeldproces voor de Grip-app geïnformeerd over de privacyverklaring en kan de gebruiker op elk
moment aangeven dat hij geen persoonlijke suggesties van ABN Amro wil ontvangen.

Gebruik van persoonlijke bankgegevens voor commerciële doelen kan ook voordelen bieden voor de klant, zegt de minister.



Lees het volledige bericht op Emerce »

79 procent orders Thuisbezorgd nu mobiel, volgende stap is voice

Posted 21 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Al 79 procent van de bestellingen bij thuisbezorgd.nl wordt mobiel geplaatst. Maar hoe lang het mobiele kanaal zo belangrijk blijft is nog maar de vraag. Moederbedrijf Takeaway.com ziet namelijk toekomst in het stemgestuurd eten bestellen. Na een eerste proef in Duitsland met Amazon Alexa, kijkt het bedrijf nu of en hoe een dergelijke voice-oplossing in andere landen is te introduceren.

Als het tempo waarmee thuisbezorgd.nl’s gebruikers gewend zijn geraakt aan mobiel bestellen iets zegt over hun behoefte aan gemak, zal er nog heel wat veranderen. Is het eenmaal mogelijk met een stemcommando het op dit moment best beoordeelde restaurant van de stad iets te laten bezorgen dat bij iemands smaak past, dan zal een deel van de klanten dit zeker doen. Maar – zo maakte ‘Lead Product’ Brenno Misuraca onlangs duidelijk op Emerce Tech Live! – voordat het stemgestuurde bestellen landt zijn er nog enkele belangrijke vragen te beantwoorden.

Doel is bredere toepassing

Zit de klant nu al te wachten op een ‘voice assistant’, bijvoorbeeld? Of wanneer wordt een slimme speaker relevant als verkoopkanaal? Om een antwoord te vinden op die vragen nam Takeaway.com de proef op de som. Het lanceerde vorig jaar in Duitsland als eerste eten-bestelsite een ‘voice skill’ voor Amazon Alexa. Sindsdien kunnen klanten van lieferando.de via hun thuisapparaat een order doorgeven. Hoeveel orders er sindsdien zijn verwerkt of welke inzichten het bedrijf er door heeft opgedaan, geeft Misuraca niet prijs. Wel blijkt de proef aanleiding te zijn om te kijken naar uitbreiding. Hij onderzoekt de mogelijkheden om de skill ook in andere landen is uit te brengen. Via Amazon of een een alternatief.

Takeaway.com heeft in eerste opzet gekozen voor een puur transactionele skill. Zogezegd een MVP of minimaal werkbaar product. In praktijk betekent het dat die skill voornamelijk interessant is voor mensen die vaak hetzelfde bestellen. Het doel is echter om met behulp van analytics en gebruikersfeedback toe te werken naar een bredere toepassing. “We hebben het simpel gehouden, maar het doel is te komen tot een slimme assistent.” Daarvoor wil het bedrijf suggesties doen op basis van relevante data. “Een scherm zou dan niet meer nodig hoeven zijn.”

Om hiertoe te komen wil Misuraca uit twee databronnen putten. Data zoals iemands locatie, restaurantvoorkeur, smaak en weekpatroon zeggen iets over de voorkeuren. “Maar het doel is om die te koppelen aan externe gegevens. Bijvoorbeeld het weer of diegene zijn agenda. Zo kunnen we op termijn voorspellingen doen. Vindt de klant reviews erg belangrijk dan houden we hier bijvoorbeeld rekening mee. Dat leidt op langere termijn tot de situatie dat iemand in de auto stapt en er al wordt voorgesteld om eten te bestellen voor een afspraak met een vriend. Daarbij rekening houdend met het verkeer.”

‘Kies voor eenvoud’

Met inmiddels enige ervaring weet Misuraca ook enkele opgedane lessen te delen. Zo noemt hij het een misverstand dat je als bedrijf iets te maken hebt met de stemtechniek zelf. “De vertaling van de stem is voor rekening van de techbedrijven. Die zijn hierin expert.”

De interpretatie komt uiteindelijk uit bij een ‘voice user interface’. Daarvoor is het erg raadzaam die zo vorm te geven dat de interface overweg kan met verschillende ‘use cases’. De ene gebruiker weet immers exact wat hij zoekt, de ander heeft geen idee. “Richt het zo in dat een gebruiker de mogelijkheid heeft halverwege in te breken in, bijvoorbeeld, de pizza-flow.” Kies als bedrijf daarnaast voor de eenvoud. “Houd de flow rond en gesloten: vraag bijvoorbeeld niet hoe iemand wil betalen, maar of diegene online wil afrekenen. Dat maakt het gemakkelijker. En zorg daarnaast voor een menselijk gesprek. Vergeet niet dat de tekst wordt uitgesproken.”

Welke landen zich lenen voor een voice-oplossing, kan Misuraca desgevraagd niet zeggen. De tools waarmee hij experimenteert en toonde op Tech Live! lijken te hinten op een voice-app voor Google Assistant. Googles uitrol van ‘Transactions’ is echter nog beperkt. De koopfunctie is alleen beschikbaar in Duitsland en Frankrijk. Over de rol van stemgestuurde apparaten is hij wel helder: “Nu is het moment om ermee te experimenteren. De stap naar echt slimme assistenten wordt snel gezet. Voice wordt dan één van de vormen van interactie tussen bedrijven en hun klanten.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Travix: ‘We willen onze klanten dezelfde tarieven en voorwaarden bieden als airlines’

Posted 21 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

New Distribution Capability, GDS-toeslagen, direct connect, rich content – het wordt er niet overzichtelijker op in de wereld van de vliegticketdistributie. Laila Ben Salah, director Industry Relations bij Travix, legt uit hoe het zit. “De manier waarop vliegtickets worden verkocht en gekocht gaat drastisch veranderen.” 

De distributie van vliegtickets heeft decennialang op dezelfde manier plaats gevonden. De tarieven en voorwaarden van alle bij IATA aangesloten luchtvaartmaatschappijen werden geladen in de global distribution systems (GDS’en), waarvan Amadeus, Travelport en Sabre de bekendste zijn. Reisagenten konden die vluchten boeken door codes in te kloppen op het zogenoemde green screen, met als leidende selectiecriteria: prijs en beschikbaarheid.

Met de komst van online boeken en de groeiende populariteit van de low-cost airlines wred dit model op de kop gezet. De gevestigde namen moesten concurreren met prijsvechters en gingen op zoek naar besparingsmogelijkheden. De luchtvaartmaatschappijen vonden de GDS’en te duur en de mogelijkheden tot differentiatie te beperkt. Daarom gingen zij op zoek naar alternatieven. Dat leidde in 2012 tot de aankondiging van de New Distribution Capability (NDC) – een XML-standaard opgesteld door branchevereniging IATA die een rijkere ‘shoppingbeleving’ mogelijk moet maken.

Moderne en klantgerichte distributie

Voor Travix zit het belang van NDC in het moderniseren en klantgerichter maken van het distributielandschap, zegt Laila Ben Salah. “Wij willen onze klanten dezelfde producten en tarieven aan kunnen bieden als de luchtvaartmaatschappijen. Daarnaast willen we goed samenwerken met de airlines en GDS’en, onze technologische partners. Dat is de reden dat we een aantal NDC-samenwerkingsverbanden zijn aangegaan die we recent hebben aangekondigd.”

Met de Lufthansa Group en Air France-KLM is dat een content-overeenkomst, legt Ben Salah uit. “Door middel van API-koppelingen worden wij verbonden met hun NDC-aanbod en orderbeheersysteem. Hierdoor kunnen wij onze klanten dezelfde tarieven en voorwaarden aanbieden als de airlines op hun eigen website doen. Airlines hebben namelijk een gedifferentieerd NDC-aanbod, dat sowieso geen GDS-toeslag kent en speciale gereduceerde tarieven en extra’s bevat, zoals het inchecken van ruimbagage en het selecteren van een stoel.”

Deze zogenoemde direct connect met de inventaris van de airline zorgt ervoor dat alle Travix-websites, waaronder CheapTickets.nl en Vliegwinkel.nl  een zo compleet mogelijk overzicht kan bieden aan klanten tegen de gunstigste prijzen en voorwaarden. “Voor onze airlinepartners is het voordeel dat zij hun product beter voor het voetlicht kunnen brengen. Voor de klant betekent het dat ze op één website een vergelijking kunnen blijven maken van alle airlines en prijzen, zoals zij van ons gewend zijn.”

Samenwerking met Amadeus

Laila Ben Salah, Travix
Naast de API-koppelingen met de luchtvaartmaatschappijen is Travix ook een NDC-samenwerkingsverband aangegaan met Amadeus. Precies, zo’n GDS die de airlines met NDC juist proberen te omzeilen. Hoe zit dat? “Wij nemen deel aan het NDC X-programma van Amadeus dat is gericht op modernisering. We werken samen aan een oplossing waarmee online reisagenten toegang krijgen tot de NDC-content van airlines, zonder dat er API-koppelingen nodig zijn.

Ik kan me bijvoorbeeld voorstellen dat een kleinere agent niet de resources heeft om API’s te onderhouden. Of ze kiezen voor een directe verbinding met de grote spelers en halen de overige informatie van het NDC X-platform. Op dit moment zijn we ook bezig met analyseren hoe we dit gaan inrichten, naast onze API-koppelingen met Air France-KLM en Lufthansa Group. Maar we vinden het wel belangrijk dat we mee kunnen denken over hoe deze oplossing eruit moet komen te zien. We zitten nu in de eerste fase van het project – het bedenken en bouwen van het platform. In fase twee komen de post-boekingservices erbij, zoals het annuleren, omboeken en wijzigen van een vliegticket.”

Routehappy maakt faciliteiten inzichtelijk

Om de situatie voor de leek nog wat complexer te maken, werkt Travix ook samen met Routehappy, een oplossing waarmee airlines beter kunnen laten zien wat hun product inhoudt. Deze rijke content moet een betere shoppingbeleving bieden aan consumenten. Precies, de grondgedachte van NDC. “Routehappy is erop gericht om de faciliteiten en diensten van airlines inzichtelijk te maken voor de reiziger. Denk aan het comfort aan boord, entertainment en eten en drinken. Deze informatie hebben we geïntegreerd in de vluchtresultaten zodat de klant meer factoren in zijn keuze kan meenemen dan alleen prijs. Dat is succesvol: we zien een conversiestijging bij de airlines die rijke content bieden via Routehappy.”

Ben Salah is er dan ook van overtuigd dat NDC de toekomst van vliegticketdistributie is, benadrukt zij tot slot. “Wij vinden innovatie heel belangrijk en zijn altijd aan het kijken hoe het boekingproces beter kan. NDC sluit aan bij ons streven om klanten een optimale end-to-end booking experience te geven én om een goede partner te zijn in de reisbranche. En voor onszelf betekent het dat onze rol als schakel tussen de klant en de airlines nog meer waarde kan toevoegen voor beide partijen.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Reclame in VR en AR krijgt met programmatic platform vorm

Posted 20 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Een Zweedse start-up is een programmatic platform gestart voor reclames in augmented en virtual reality. Bijzonder aan de advertenties die het bedrijf uitserveert is dat ze ‘native’ zijn. Ze gaan dus  op in de omgeving. Daarmee zeggen de Zweden een primeur in handen te hebben. De manier waarop de virtuele wereld en advertentiemarkt samenkomen, krijgt beetje bij beetje vorm.

Of het nu VR is dat doorbreekt of dat de opkomende technologie definitief plaatsmaakt voor AR of een hybride ‘mixed reality’, het lijkt reclamebedrijven niet zo te deren. Ongeacht de uiteindelijke vorm, bereiden zij zich alvast voor op de definitieve komst van commerciële uitingen naar deze kunstmatige omgevingen.

‘Zichtbaarheid van 100 procent’

Om een antwoord te vormen op de vraag hoe virtuele reclame eruit gaat zien, namen technici van Google een klein jaar geleden al de proef op de som. Het concept dat eruit voortkwam liet de dragers van een VR-bril staren naar een interactief blokje. Zo werd vervolgens een reclamevideo opengeklapt.

Het probeersel was met name bedoeld als voer voor discussie. Voor het Zweedse Adverty ongetwijfeld reden om haast te maken met een oplossing waarin hun kijk al is uitgewerkt: de reclames moeten wat dit bedrijf betreft vooral ‘native’ zijn en opgaan in de virtuele wereld. Zoals onderstaande pilot met Coca-Cola laat zien, komt de reclame in een billboard voorbij alsof het een ‘natuurlijk’ onderdeel is van het spel.

Adverty heeft naar eigen zeggen het eerste programmatic platform ontwikkeld voor AR en VR. Spellenbedrijf Rovio Entertainment, bekend van Angry Birds, gaat nu met de technologie werken. Adverty levert een supply-side platform (SSP) dat reclames accepteert van adverteerders of van een demand-side platform (DSP). Ook kan het integreren met andere SSP’s. Hoewel er sprake is van een CPM, wordt er alleen geturfd wanneer de reclame daadwerkelijk door iemand is waargenomen. De oprichter van het bedrijf spreekt over een zichtbaarheidspercentage dat de honderd procent zéér dicht nadert.

De advertenties worden vooralsnog in 2D gevraagd en daarna door het platform ‘gemapped’ naar AR en VR. De reclames kunnen daarna op allerlei plekken opduiken. Op een billboard dus, maar net zo goed op een koffiebeker. Omdat de IAB nog niet over standaardformaten beschikt voor AR en VR, heeft Adverty ervoor gekozen enkele populaire IAB advertentietypes aan te houden.

‘Virtuele advertentie heel natuurlijk’

Dat bedrijven naar mogelijkheden zoeken om reclame onderdeel te maken van deze nieuwe technieken is volgens Joost Rueck van Purple volstrekt logisch. “Die combinatie is zo natuurlijk als in het echte leven.” Juist omdat we dagelijks al worden omringd door reclame-uitingen sluit het goed op elkaar aan. “Sterker nog, het draagt zelf bij aan het realisme van de virtuele omgevingen.” In creatief opzicht ziet hij nieuwe mogelijkheden ontstaan, met name op het vlak van interactieve reclame. Een advertentie in een VR-omgeving kan bijvoorbeeld de toegangspoort zijn tot de ‘wereld’ van de adverteerder. “Een tijdelijk uitstapje met mogelijk extra gamecredits of andere beloningen.”

Zeker omdat het om nog grotendeels onontgonnen terrein gaat, is de vraag welke vorm reclame in AR en VR gaat aannemen. Rob Nolten van DPDK – een bureau dat al een aantal jaar toepassingen maakt met deze technieken – denkt dat er in feite oneindig veel opties en dus antwoordmogelijkheden zijn. De vorm wordt echter wel sterk beïnvloed door de gebruikte techniek.

Zo wordt iemand met een VR-bril op volledig ondergedompeld in een andere wereld, maar staat diegene wel stil. AR mengt de realiteit met een virtuele omgeving en is dus overal toe te passen. Daar staat weer tegenover dat het in mindere mate de zintuigen prikkelt en dus niet voor die overweldigende ervaring zorgt.

‘Mag nog wat spannender’

Nolten verwacht dat bedrijven nieuwe soorten ervaringen bouwen rondom hun producten. Ze zullen gebruikers inderdaad verleiden een bezoek te brengen aan een ‘experience room’. Hij stelt zich voor dat als uit de data waarover een bedrijf beschikt blijkt dat iemands relatie over is, een gebouw uit een VR-wereld wordt gevuld met leuke meubels of IKEA-spulletjes. “Hartstikke gaaf ook als je door Red Bull wordt uitgenodigd om met hun nieuwste Formule 1-wagen te scheuren of met Tesla naar Mars kan. De emotionele component is immens.”

AR is op een heel andere manier ontzettend activerend. Supermarkten of navigatieapps die consumenten met pijlen en triggers door winkels leiden kunnen dit traject bijvoorbeeld voorzien van spelelementen. Bedrijven kunnen hun klanten laten sparen voor producten of een aanbieding onder de aandacht brengen. Ook een Appie-app van Albert Heijn zou een lucratief AR-advertentieplatform kunnen zijn.

Wel hoopt Nolten dat zodra VR en AR enigszins uit de kinderschoenen stappen, voorbeelden zoals hij die schetst alweer achterhaald zijn. “Hopelijk zijn er dan nog spannendere toepassingen bedacht. Misschien zijn er blockchainoplossingen gekoppeld aan ‘content assets’. En worden gebruikers door bedrijven beloond voor hun hoeveelheid virtuele aandacht.”

Nieuw kanaal voor adverteerders

Beiden zijn het er over eens dat de ontwikkeling voor nog een extra kanaal zorgt waarin adverteerders hun doelgroepen kunnen vinden. Het betekent dat er nieuwe content moet komen, budgetten verder verdeeld worden en relevantie nog belangrijker wordt. Niets nieuws onder de zon dus. “Gaming in VR levert adverteerders mogelijk een scherp afgetekende doelgroep op”, zegt Rueck. “Tegelijkertijd is het een versnippering van de mogelijkheden. Meer dan ooit moeten bedrijven nadenken hoe ze hun doelgroep op de meest treffende manier kunnen bereiken.”

Dat een bedrijf als Adverty met programmatic adverteren komt, was dus te verwachten. Maar voor een grote doorbraak zorgt het waarschijnlijk nog niet. Daarvoor is de toepassingsschaal nog te klein, denkt Rueck. En bovendien levert het bedrijf in de basis niets anders dan product placement. Iets wat al jaren gebeurt in bijvoorbeeld de film- en gamewereld.

‘Hoge wow-factor’

Vooral de grote merken zullen op korte termijn aandacht geven aan deze nieuwe reclamevariant, denken beide kenners. Een platform zoals het Zweedse bedrijf nu biedt draagt daar iets aan bij. Dit vraagt om tijd en experiment denken ze. “Technisch kunnen we alles uit een VR of AR-beleving persen”, zegt DPDK’s Nolten.

De meeste bedrijven hebben nog wat last van koudwatervrees, merkt Rueck van Purple. “En dat terwijl de eerste resultaten aantonen dat de ‘immersive experiences’ een hoge wow-factor en dus attentiewaarde hebben.” Zijn advies aan bedrijven is daarom om zelf te onderzoeken welke effecten zulke virtuele ervaringen hebben. “Het is net als met internet in 1998. We weten dat het groot wordt, maar staan nog aan het begin van de ontwikkeling ervan. Het is een kwestie van experimenten om de waarde ervan te ontdekken.”



Lees het volledige bericht op Emerce »