Posts Tagged ‘online’

Wat is de beste lengte voor een online video?

Posted 20 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

De juiste lengte voor een online video? Verschillende factoren wegen daarin mee. Denk aan de doelgroep, boodschap en het doel van een video. Maar lengte is ook afhankelijk van trends, restricties of juist beloningen van bijvoorbeeld sociale platformen. De belangrijke ontwikkelingen en handvatten op een rij.

Kortere video’s betekenen een groter publiek. De dalende aandachtsspanne van de hedendaagse online videokijker heeft invloed op de lengte en kijktijd van online video’s. Het gebruik van korte video’s groeit dan ook in 2017. Uit onderzoek van Vidyard – onder bedrijven die al gebruik maken van video in hun marketing, sales en support – blijkt dat 56% van de video’s die in het afgelopen jaar gepubliceerd werden, korter zijn dan twee minuten.

De gemiddelde video behoudt maar 37% van zijn kijkers helemaal tot het einde. Bij video’s onder de 90 seconden is dit 53%, maar bij video’s boven de dertig minuten is het maar 10%. Ook Internetbedrijf AOL deed recentelijk onderzoek naar de lengte en kijktijd van online video in 2017 tot nu toe. Zij kwamen ook tot de conclusie dat korte video’s over het algemeen meer kijkers trekken dan lange video’s. Volgens AOL is 59% van de video’s die consumenten per dag kijken onder de 1 minuut van lengte. Dit percentage wordt kleiner naarmate een video langer duurt:

  • 45% kijkt video’s tussen de een en vijf minuten
  • 42% kijkt video’s tussen de zes en negen minuten
  • 40% kijkt video’s tussen de tien en twintig minuten
  • 31% kijkt video’s van twintig minuten of langer
Dus kort is altijd beter?

Het lijkt er dus op dat een korte video een betere optie is dan een lange video. Maar, dit gaat niet altijd op. Uit recentelijk onderzoek naar het algoritme van YouTube blijkt dat lange video’s significant beter presteren in de zoekresultaten dan korte video’s. De gemiddelde lengte van een first page YouTube video is veertien minuten en vijftig seconden. YouTube beloont video’s dus aan de hand van hun totale kijktijd. Ook hebben sociale platformen Instagram en Snapchat beiden de maximaal toegestane lengte van een video vergroot en gaf Facebook aan zich meer te gaan richten op langere video’s.

In sommige gevallen kan het juist ook wenselijk zijn wat meer tijd te nemen om een boodschap over te brengen. Denk aan trainingsvideo’s, demonstratievideo’s of vlogs van tevreden klanten. Langere video’s worden vaak bekeken door consumenten die al wat verder in de customer journey van een product of dienst zitten. Zodra een consument verder in een journey komt zal zijn aandachtspanne groter worden en daarmee ook de effectiviteit van een langere video.

Langere video’s kunnen dus wel degelijk effectief zijn, wanneer ze correct worden getest en gebruikt in het juiste stadium van de customer journey. Buiten de marketingfunctie zijn zakelijke onderzoeksvideo’s ook een geweldig hulpmiddel om grote bedrijven hun klanten, prospects en markten te leren kennen. Deze video’s zijn vaak in documentaire stijl en kunnen zo lang zijn als nodig. Een goed voorbeeld hiervan is de Tony Chocolonely documentaire, TONY. Van april t/m juni 2016 draaide deze in 42 bioscopen door het hele land en momenteel is de documentaire nog steeds online, on demand, te bekijken.

Een aantal praktische tips

Tot slot een aantal praktische tips die kunnen helpen bij het bepalen van de lengte van een specifieke online video:

  • Houd het kort, maar durf tegelijkertijd ook langere content te maken wanneer dit nodig is.
    Het beste advies voor het bepalen van de lengte van een online video ligt dus in eerste instantie in zijn context. Doel, doelgroep en boodschap. Maak video’s zo kort mogelijk, maar durf ook de tijd te nemen om relevante informatie over te dragen. Houdt hierbij vooral de doelgroep en het videoplatform goed in de gaten.
  • Maak meerdere video’s en werk cross-mediaal. Een goede oplossing voor het verspreiden van een boodschap onder verschillende doelgroepen is werken met verschillende versies van één video. Maak vanuit de lange video kortere versies. Wanneer je meerdere boodschappen te vertellen hebt kun je dit ook beter onderbrengen in verschillende korte video’s dan in een lange video. In onderstaand voorbeeld zie je een video die we onlangs produceerden in opdracht van Weight Watchers Nederland. De langste versie is 90 seconden en is geplaatst op de website van Weight Watchers. De tweede is een Instagram video van 15 seconden en op Facebook is een 30 seconden versie geplaatst. De korte video’s zijn gemaakt vanuit de langere versie. De korte versies kunnen tevens als teasers dienen. Wanneer een kijker na het zien van de korte versie op Instagram meer wil zien, kan deze altijd naar de website om de gehele video te bekijken. Op deze manier benut je één video opname optimaal.

• Vermijd onnodige intro’s en maak in plaats daarvan gebruik van outro’s en call to action’s. Onderzoek wijst uit dat online kijkers gemiddeld na 3 seconden hun aandacht verliezen. Los van laadtijd en pre-roll advertenties is het dus van belang dat je gelijk de aandacht van de kijker grijpt. Een intro van twintig seconden met het logo van een bedrijf draagt hier niets aan bij. Bewaar deze liever tot het einde van een video en voeg hier idealiter ook nog een call-to-action aan toe.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Start-up Claxe lanceert concurrentiescanner

Posted 20 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Ondernemer Henk Jan Bijmolt lanceert een nieuw bedrijf, Claxe. Gebruikers van deze online dienst kunnen tot op de letter nauwkeurig monitoren wat hun concurrenten online doen.

“Je definieert vijf concurrenten en Claxe laat zien wat zij online doen. Of juist helemaal niet. Dat is ook marktinformatie”, aldus Bijmolt vanuit Groningen.

Zijn nieuwe bedrijf, dat hij naast Gadero runt met de oud-programmeur van affiliatenetwerk Cleafs, spidert iedere dag de sites van die concurrenten en geeft in een overzichtelijk een managementsamenvatting. Die laat zien welke nieuwe digitale activiteiten zich afspelen op andermans site. Dat kan prijsinformatie zijn, maar de concurrentiescanner is breder dan dat.

“We hebben afgelopen maanden getest en de gebruikers zijn blij dat ze concreet inzicht hebben in wat hun concurrenten doen. In drie tot vier minuten ben je helemaal bij over de jou omringende markt. Ik gebruik het zelf ook voor Gadero en heb er echt nieuwe dingen van geleerd.

Belangstellenden betalen vijftig euro per maand voor de continu draaiende marktmonitor.

Bijmolt wil de dienst in een later stadium uitrollen naar het buitenland.



Lees het volledige bericht op Emerce »

IJsvogel koopt Poopy Pets

Posted 20 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

De IJsvogel Groep, actief in de Nederlandse huisdierensector, heeft voor een onbekend bedrag startup Poopy Pets gekocht vanwege de online marketing en productontwikkeling.

Poopy Pets werd in 2013 opgericht door Thomas Vles en Rick Passenier. Tijdens het schoonmaken van de kattenbak bedacht Vles het concept van een wegwerpwerk kattenbak, wat resulteerde in ’s werelds eerste abonnement voor kattenbakken onder de noemer Poopy Cat.

Poopy Pets ontwikkelt daarnaast ook verschillende speelhuizen.

De startup had veel moeite met de logistieke processen van grotere klanten, iets waarin IJsvogel wel kan voorzien.

IJsvogel heeft twee winkelketens: Pets Place en Boerenbond met ongeveer 200 winkels in Nederland.



Lees het volledige bericht op Emerce »

B2B marketing: denk ook aan Pinterest en Instagram

Posted 20 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

In de B2B komen bedrijven vaak niet verder dan een halve Facebookpagina of her en der wat posts op LinkedIn. Pinterest of Instagram komen daarbij zelden in beeld. Waarom eigenlijk? En inderdaad: waarom zou je Pinterest of Instagram wel als B2B Marketing kanaal inzetten?

De grootste valkuil en aanname in de B2B is dat zowel Pinterest als Instagram als consumentenkanaal worden gezien. Dat is natuurlijk gedeeltelijk waar; het grootste gedeelte van de gebruikers zijn consumenten die de kanalen aanwenden in een persoonlijke setting. Maar vergeet niet dat jouw zakelijke relaties óók mensen zijn. Mensen die jouw bedrijf in hun vrije tijd mogelijk op een heel andere manier bekijken.

Maar is dat niet gek, om zakelijk en privé door elkaar te halen? I guess not. Als personen zijn we de hele dag bezig om meningen te vormen over alles. Over ons eigen bedrijf, collega’s, partners waar we mee samenwerken, nieuwe projecten waar je mee gaat starten. En die mening of dat beeld wordt vaak gevoed door social media, waar uiteraard alles zeer visueel wordt uitgebeeld. Door gebruik te maken van die beeldvorming via je social media kun je jouw bedrijf als zodanig gaan positioneren.

Daarnaast wordt user generated content (ugc) steeds belangrijker bij de positionering in B2B markten. Volgens onderzoek naar ugc blijkt dat bedrijven die zich hiermee bezighouden gemiddeld 29% hogere conversies behalen en dat de ‘likeability’ maar liefst 93% hoger ligt. In het kort wordt deze content sterk gewaardeerd vanwege het persoonlijke karakter, maar ook de oorspronkelijkheid ervan. Denk bijvoorbeeld aan een klantreferentie op een extern kanaal.

Daarmee komen we dichterbij de kern: wanneer zet je Instagram of Pinterest dan in? Hiervoor gaan we even terug naar het begin: de bedrijfsdoelstellingen.

Wanneer en in welke fase van B2B marketing zet je Pinterest of Instagram in?

Zoals ik al eerder noemde, houden we bij ons online marketing bureau een intake en inventarisatie van je bedrijfsdoelen en doelstellingen. Belangrijk hierbij is het verschil tussen je hoofddoel en hoe je dat gaat bereiken. Als typerend voorbeeld: “Ons hoofddoel is omzetgroei, en daarom heb we meer leads nodig.”

Maar wat ontbreekt er dan in je B2B marketingaanpak voor leads? Hoe ziet je markt eruit? Wat zeggen je klanten? (of zeggen ze niet?) Samen met het see-think-do-care model kunnen we al snel de pijnpunten vaststellen, inclusief een mogelijke aanpak.

Het bleek dat het om een markt ging waar letterlijk iedereen hetzelfde doet. En een relatief saai product aanbiedt. En hier totaal geen menselijke aspecten in verwerkt.

Naast vindbaarheid via SEO en SEA, speelde vooral de ‘think fase’ een belangrijke rol. Daarin spelen vergelijking en overtuiging de hoofdrol. En precies dit gat kan social media in de vorm van Pinterest en Instagram vullen. Maar ook de ‘care fase’ was belangrijk, want hoe gebruik je social media om retentie uit bestaande leads te halen en te gebruiken als referentie. Dus wat zijn nu concreet de toepassingen?

Toepassingen van Pinterest en Instagram in B2B marketing

Zoals ik al aangaf, speelt overtuiging een grote rol in de B2B marketing. Dit opent gelijk een scala aan toepassingen. Het overkoepelende woord komt sterk overheen met de Branding van je bedrijf: hoe word mijn bedrijf ervaren in de markt.

Dat betekent dat je Pinterest en Instagram kunt inzetten als middel om bijvoorbeeld je branding bij te sturen. De voordelen hiervan lopen zeer uiteen, maar een reeks voorbeelden zijn:

  • Persoonlijkheid en Cultuur: laat zien wie de mensen achter jouw bedrijf zijn. Give it a face! Niemand wil zaken doen met een machine.
  • Klantenbinding: maak duidelijk dat jij net als je klanten om dezelfde zaken geeft. Share a common goal.
  • Showcase je referenties: laat op een sterke manier je goede relatie met je klanten zien.
  • HR: toon jezelf als aantrekkelijke werkgever!
  • Fanbase uitbouwen: bijna ieder niet-sexy product kent hobbyisten die er helemaal weg van zijn. Ken jij de groep #trainspotters of de groep Oil Rig Fans op Pinterest al?
  • Zichtbaarheid vergroten: jouw bedrijf is gewoonweg ook meer online aanwezig.
Maar hoe bereik je de gebruikers nu?

Volgens databox kun je deze social media dus goed inzetten voor jouw doel. Voorbeelden van content die goed kan werken op Pinterest heb ik al eerder opgesteld in een blog over Pinterest voor bedrijven. Maar: wat is de user-base van Pinterest en Instagram? Dit is lastig te bepalen, want officiële gegevens schommelen al jaren naar gelang de meetmethode. Daarnaast is het belangrijk om te weten dat beide platformen een ander doel hebben en daarmee een andere gebruiksfrequentie.

Pinterest is een verzamel- en oriëntatie platform. Personen zoeken naar inspiratie omtrent een bepaald onderwerp en doen dit wanneer men getriggerd wordt door een onderwerp (tegenwoordig stuurt Pinterest hier pushnotificaties voor). Instagram is een visuele #newsfeed. Net als Facebook is het bedoeld om continue een stroom aan visuele updates te ontvangen over jouw interesses.

Volgens de laatste statistieken van Newcom zijn de gebruikersaantallen van de platformen het laatste jaar flink gegroeid. De teller gebruikers voor Instagram staat op 3.2 miljoen Nederlanders en Pinterest zit aan een stevige 2,4 miljoen. De teller gebruikers voor Instagram staat op 3,2 miljoen Nederlanders en Pinterest zit aan een stevige 2,4 miljoen.

Het grote verschil is het dagelijks gebruik. Instagram kent ongeveer 1,3 miljoen dagelijkse gebruikers, waar Pinterest er 380.000 registreert. Beide platformen zijn daarnaast sterk gericht op mobiel. Instagram helemaal en naar schatting gebruikt 80% Pinterest op een smartphone.

Organisch vs Adverteren

Bij het opzetten van Pinterest en Instagram als B2B kanaal kun je het beste zorgen voor een organische basis. Zorg voor een integratie met je website en de overige social media platformen. Nodig je collega’s en klanten uit om deel van je platform te worden. Regel dat iemand, bijvoorbeeld je content marketeer, het kanaal gaat beheren en interactie voor zijn of haar rekening neemt.

Zodra de basis staat is het zaak om het aantal volgers te laten groeien. Tenzij je een Instagram influencer bent of Pinterest met de paplepel is ingegoten, zul je waarschijnlijk moeten adverteren voor een groot bereik. Gelukkig hebben de platformen niet voor niets bedrijfsaccounts.

Pinterest beweert al jaren dat ze Pinterest adverteren in Nederland gaan uitrollen. Ondanks mijn enthousiasme hiervoor, is dit helaas nog niet het geval. In de VS zijn er echter wel al coole features die Pinterest aantrekkelijk maken voor adverteren: Promoted Pins en Search Ads. Hiermee kun je je (organische) vindbaarheid extra boosten onder jouw doelgroep.

Instagram is via moederbedrijf Facebook echter al een gevestigde naam onder de advertentiekanalen. Via je Facebook Business Manager zet je eenvoudig foto, video, carrousel of story advertenties op. Promoot eenvoudig je content d.m.v. de excellente doelgroepcriteria van Facebook.

Organisch succes met Pinterest en Instagram

Mocht je content bij de doelgroep aanslaan, dan is het zaak om te zorgen voor het juiste community-management. Reageer op berichten en zorg dat je regelmatig nieuwe zaken plaatst. Ook de connectie met andere gebruikers is belangrijk. Bekijk wel of het nog aansluit bij je eerder gestelde doelstellingen.

Succesvolle voorbeelden in de B2B

In mijn uiteenzetting ben ik niet specifiek of inhoudelijk ingegaan op welke content je nu precies deelt op Pinterest of Instagram. Of hoe vaak je post en wat wel of niet werkt. En eerlijk gezegd weet ik dit ook niet precies. Ieder bedrijf, iedere branche en iedere B2B markt is toch weer anders. Daarom kun je beter op zoek gaan naar succesvolle voorbeelden in de markt.

BP: Het Britse petroleum bedrijf heeft een heuse fanbase opgebouwd met hun Instagram account over boorplatformen. Van panorama’s over zee via machines tot het leven op een boorplatform, alles is aanwezig voor de doelgroep. Naast de cultuur tonen, HR promotie en zichtbaarheid heeft het account ook geholpen aan het herstellen van het sentiment na de BP Oliecrisis in de golf van Mexico.

Een ander voorbeeld zijn de online en creatieve sectoren, zoals bijvoorbeeld de e-mailmarketing community. Als voorbeeld zijn er marketeers bezig met e-mailmarketing, die toffe e-mail templates bouwen en hier heel trots op zijn. Deze worden dan vaak gedeeld op Pinterest/Instagram en zijn hiermee ook direct een uithangbord voor je creatieve werk.

Als laatste ben ik altijd fan van de contentmachine van Hubspot. Zowel op Pinterest als Instagram laten zij zowel de menselijke kant van een B2B oplossing zien en delen daarnaast veel tips en tricks voor hun klanten.

Geloof je niet dat Pinterest of Instagram iets voor jouw B2B bedrijf is? You might be right. Or not. Veel van de genoemde voordelen en toepassingen zijn bruikbaar voor B2B bedrijven van een bepaalde omvang die een groot gedeelte van hun bedrijfsvoering op orde hebben. Maar maak het ook niet groter dan het is; met een paar klikken op de knop kun jij ook jouw online aanwezigheid en branding versterken. En jouw verhaal (laten) vertellen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Hof: ‘Domein parfumswebwinkel niet verwarrend’

Posted 20 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Parfumswinkel.nl heeft het hoger beroep tegen ANS Trading over de handels- en domeinnaam verloren.

PW drijft een onderneming die zich onder meer bezighoudt met de online verkoop van parfums, verzorgingsproducten en cosmetica in Nederland. Het bedrijf is al enige tijd eigenaar van de domeinnaam parfumswinkel.nl.

Ook ANS houdt zich bezig met de online verkoop van parfums en aanverwante producten. Sinds 16 maart 2015 exploiteerde dit bedrijf de domeinnaam parfumswebwinkel.nl, al is de gelijknamige webwinkel intussen in andere handen overgegaan.

PW vond dat dat de naam parfumswebwinkel voor verwarring zorgde, maar het Gerechtshof ziet dat anders. Onder meer vanwege het grote verschil in vormgeving van de handelsnamen, gevoegd bij het weliswaar niet grote maar ook niet te verwaarlozen verschil tussen de handelsnamen zelf. Het Hof ziet geen gevaar voor verwarring tussen de betrokken ondernemingen, ondanks dat beide ondernemingen (vrijwel) identiek zijn en op dezelfde markt opereren.



Lees het volledige bericht op Emerce »

FD lanceert nieuwe digitale titel FD Focus

Posted 20 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het Financieele Dagblad lanceert vandaag FD Focus, een abonnee-app met nieuws en achtergrond voor young professionals.

De opzet van FD Focus is zo herkenbaar en simpel mogelijk. “In zeven artikelen het beste van het FD met focus op tech & innovatie. Als je alles leest ben je twintig minuten kwijt, maar gemiddeld zal dat tien minuten zijn”, licht Sanne Walvisch, adjunct-hoofdredacteur digitaal van Het Financieele Dagblad, toe. “En dat willen we eigenlijk verder terugbrengen zonder dat het afdoet aan de kwaliteitsperceptie.”

Lezers van de app, die zwaar leunt op beeld, vinden iedere ochtend een nieuwe editie onder de knop. Daarin zitten drie secties: nieuws uit de sector Tech & Innovatie, ‘Vandaag in het nieuws’, wat verwijst naar eigen werk van de FD-redactie, en ’Tot slot’. Dat laatste omvat verwijzingen naar interessant leesmateriaal op andere online publicaties. Alle stukken worden handmatig door de redactie geselecteerd en herschreven voor mobiel.

Er is bewust gekozen voor een app en niet voor, bijvoorbeeld, een e-mailnieuwsbrief. “E-mail is een distributiemiddel, geen product. Jongeren willen een product met een eigen gebruikervaring. Dat kunnen we met een app wel bieden.”

FD Focus kost tot eind 2017 tien euro per maand. Google en Apple verzorgen de incasso en delen in de inkomsten. In 2018 gaat de maandprijs omhoog. “Dit is need to know-informatie waar je als young professional niet omheen kan”, duidt Walvisch.

De lancering van deze nieuwe digitale titel weerspiegelt ook de transformatie die de krant als bedrijf heeft doorgemaakt. De krantenredactie werkt tegenwoordig compleet ‘digital first’. Er wordt eerst online gepubliceerd. Daarna wordt gekeken of en wat daarvan de dag erna meegaat in de gedrukte versie. Walvisch: “Focus is het eerste resultaat van de verandering aan de productkant.”

Komende kwartalen staan vooral in het teken van het verbeteren van de kwaliteit van de bestaande digitale producten. Focus wordt uitgebreid met meer domeinen, waaronder Ondernemen en Financiën. De abonnee moet dus een hoofdthema gaan kiezen, want hij zal nooit meer dan zeven artikelen per dag krijgen. De adjunct Digitaal wil zich daarnaast bezighouden met het verbeteren van de bestaande digitale producten. “Doorpakken op wat we al hebben.”

Morgen begint de eerste reclamecampagne voor FD Focus. Een tweede staat al op de planning. Beiden zijn always on en spelen zich behalve online ook af op BNR-radio en abri’s.

Foto: Matthew G (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Meer e-books uitgeleend via bibliotheek

Posted 20 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Nederlandse openbare bibliotheken hebben in 2016 in totaal 2,8 miljoen e-books uitgeleend via de online bibliotheek. Dit is een toename van 74 procent ten opzichte van 2015.

E-books beslaan nog maar een klein, maar groeiend deel van het totaal aantal uitleningen. De uitleen van fysieke boeken is sinds het einde van de jaren tachtig met meer dan de helft afgenomen.

De uitleen van jeugdtitels via de online bibliotheek steeg in 2016 naar 274 duizend, ruim 90 procent meer dan het jaar ervoor. Die van e-books voor volwassenen nam met 73 procent toe tot ruim 2,5 miljoen.

Naast e-books biedt de online Bibliotheek ook andere digitale producten. In 2016 werden 12 duizend online cursussen gevolgd en 338 duizend luisterboeken gedownload via de LuisterBieb.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De heruitvinding van CRO: zoveel meer dan A/B-testen

Posted 20 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Draait de Conversie Ratio Optimalisatie-aanpak (CRO) enkel om A/B-testen? Dan is het hoog tijd voor een heruitvinding van processen. Dit kijkje in de keuken laat zien hoe we die CRO-processen hebben ingericht. Het laat zien dat CRO veel meer is dan alleen A/B-testen.

CRO draait om het optimaliseren van de user experience en het maximaliseren van het conversieratio. Daarom wordt het vaak in één adem genoemd met A/B-testen. En hoewel de onderwerpen gerelateerd zijn aan elkaar, zijn ze absoluut niet hetzelfde. CRO is een gereedschapskist en A/B-testen is een tool in deze kist. Hoewel A/B-testen een belangrijk (en leuk) onderdeel is, zitten er nog vele andere tools in die kist. Een goede CRO-aanpak komt in een notendop neer op de volgende punten:

  • Monitoring van de belangrijkste KPI’s in een maandrapportage
  • Continue proces van optimaliseren van een online kanaal
  • Verbeteringen doorvoeren op basis van inzichten vanuit data en onderzoek
  • Profielen van potentiele klanten in kaart brengen met behulp van digital analytics, user feedback en heatmaps
  • Samen met design en development via experimenten en A/B-testen alleen bewezen verbeteringen doorvoeren
  • Het online kanaal met kleine stapjes beter maken, zodat er meer succes behaald kan worden uit hetzelfde aantal bezoekers 

A/B testen is dus zeker een onderdeel van het CRO-proces, en is het één van de middelen die tot je beschikking staan. Nu horen we je denken ‘Leuk zo’n high-over bulletlijstje, maar hoe werkt dat nou concreet in de praktijk?’ Zo passen wij CRO anno 2017 in de praktijk toe.

Stap 1. Stel doelen (en maak ze meetbaar)

De eerste stap in dit proces is het bepalen van concrete en meetbare doelstellingen. Dit helpt bij het realiseren van een succesvol CRO-traject. Het proces van CRO voor een e-commercewebsite zal er nu eenmaal anders uitzien dan voor een online uitzendbureau of een campagnepagina. Vergeet naast de belangrijkste doelen van het kanaal – zoals verkoop, registratie of leadgeneratie – ook niet de secundaire doelen te benoemen. Hierbij kun je denken aan social shares, inschrijving op de nieuwsbrief of het gebruik van een calculator. Gezamenlijk duidelijke doelen bepalen gaat enorm helpen zodra er verderop in het proces prioriteiten moeten worden aangegeven.

Het lijkt misschien zo simpel, maar toch zien we vaak dat er bij de start van een traject geen of alleen abstracte doelen worden gesteld. Een B2B bedrijf kan bijvoorbeeld leads willen genereren die zowel kunnen mailen als bellen. ‘Meer leads’ is dan te vaag. Met hoeveel leads ben je tevreden? Hoeveel wil je er per mail of per telefoon? Hoe converteren ze naar een klant? Hoe ga je dit doormeten? Stel je nog kwaliteitseisen aan de leads die binnenkomen? Dit zijn allemaal vragen die je moet beantwoorden om de scope duidelijk af te bakenen.

Stap 2. Doe onderzoek

De wereld van digital analytics, user feedback en conversiereview gaat je helpen bij een datagedreven onderzoek. Dat kan gaan om een eenvoudig analyticsonderzoek of een volledige webanalyse, voorzien van onderbouwing vanuit kwalitatief onderzoek.

Digital Analytics
Bij CRO is Google Analytics je grootste vriend. Deze kwantitatieve onderzoeksmethode helpt bij het vinden van de grootste bottlenecks en kansen op een website. Het risico van tools als Google Analytics is dat er zoveel te analyseren valt dat het lastig is om je te focussen op de belangrijkste punten. Van tevoren is niet altijd te zeggen waar je de heilige graal gaat vinden, maar de volgende vragen helpen je in de goede richting:

  1. Zijn er devices of browsers waar het conversieratio significant achterblijft? Bugs zijn vaak de grootste conversie killers. Het fixen van deze bugs is een quick win die direct resultaat oplevert en waarbij testen niet nodig is.
  2. Welke pagina’s, flows en interacties op de website dragen veel bij aan de conversie? Het antwoord op deze vraag helpt je bij het opstellen van testen of het prioriteren van de backlog.
  3. Welke landingspagina’s krijgen veel bezoek maar hebben een relatief hoge bounce- en/of laag conversieratio? Deze set aan landingspagina’s is een startpunt voor optimalisatie.
  4. Wat zijn de belangrijkste user flows door de website heen? Deze informatie helpt je bij het bepalen van je backlog en bij het uitvoeren van testen.
  5. Welke stappen doorloopt een gebruiker voordat hij converteert? Inzicht in de conversiefunnel brengt focus in het optimalisatieproces. Een verbetering van de Click Through Rate in de funnel levert direct meer conversie op.

User feedback
“Measuring your conversion rate is like taking your temperature. It cannot tell you what is wrong”. Met behulp van kwantitatieve data kun je inzien waar of wat er niet goed loopt op de website, maar je ziet niet waarom. De waarom-vraag kan worden beantwoord via online user feedback. Het verzamelen van online feedback kan via tools als Hotjar of via een offline gebruikersonderzoek met opdrachten en eye-tracking.

Je gaat aan de slag met click– en scrollmaps, user recordings en feedbackpolls op specifieke pagina’s. Op deze manier kun je de waarom-vraag beantwoorden. Met de maps krijg je een visuele weergave van het gebruik van elementen op een pagina. Bij het terugkijken van user recordings en offline gebruikersonderzoek kan je meekijken over de schouder van de bezoeker en zien hoe ze bepaalde elementen interpreteren of gebruiken.

Dit soort onderzoek geeft inzichten die je niet uit enkel data kunt halen. Zien je bezoekers bijvoorbeeld structureel een menu-item over het hoofd? Of hebben ze allemaal moeite om een bepaald veld in een formulier in te vullen? Nu je deze kennis hebt, kun je er ook daadwerkelijk naar handelen.

Conversie review
Niet alle kansen en knelpunten kun je uit data of uit de feedback halen. Daarom is het goed om ook vanuit de eigen expertise en psychologische theorieën naar een website te kijken. Je doorloopt de website dan door de ogen van je doelgroep. Bijvoorbeeld het LIFT-model (van Widerfunnel) helpt je bij het identificeren van mogelijke optimalisaties.

  • Waarom zou ik dit als bezoeker doen? (Value proposition)
  • Ben ik op de juiste plek? (Relevance)
  • Is alle informatie helder en duidelijk? (Clarity)
  • Waarom moet ik nu actie ondernemen? (Urgency)
  • Vertrouw ik deze website? (Anxiety)
  • Wordt het duidelijk welke actie moet ik ondernemen? (Distraction)

Wanneer je jouw website checkt op alle bovenstaande punten, is de kans groot dat je al zo een aantal verbeteringen kunt identificeren.

Stap 3. Test en experimenteer

Na stap één en twee heb je als het goed is en hele lijst met mogelijke verbeterpunten. Het idee is dat je deze op de testbacklog zet. Sommige punten zijn no-brainers en voer je direct door, andere zul je eerst moeten testen. Je kunt natuurlijk niet alle tests tegelijkertijd draaien, en er is een beperkte hoeveelheid verkeer op je website. Hoe prioriteer je dan? Gelukkig bestaan daarvoor veel modellen, zoals het PXL Framework van Conversion XL.

Zodra je alle tests hebt geprioriteerd, kan het echte A/B testen beginnen. Bij een A/B-test wordt het verkeer op je website door een A/B-testtool opgedeeld in twee (of meer) groepen, zonder dat de bezoekers dit zelf door hebben. Je kunt het zien als een online psychologisch experiment onder de volledige doelgroep. De ene groep krijgt de huidige variant te zien en de andere groep krijgt een aangepaste variant te zien. Door de resultaten van de twee groepen te vergelijken wordt er een winnaar uitgeroepen. Op deze manier ben je er zeker van dat er alleen bewezen verbeteringen worden doorgevoerd.

Het is duidelijk: CRO omvat dus veel meer dan simpelweg het uitvoeren van A/B testen. Om echt resultaten te gaan halen moet je eerst doelen stellen en onderzoek doen. Door de bezoeker beter te leren kennen en de customer journey te optimaliseren behaal je uiteindelijk meer doelen met een website. Maar wat je ook doet, doe het op basis van data. De quote van Simone Elkeles vat het prettig samen: “Opinions are like assholes. Everybody’s got one and everyone thinks everyone else’s stinks.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Adfactor: Meer video, meer first party data

Posted 20 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Met zijn investering in Adfactor krijgt RTL Nederland eigendom over de drie grootste groeigebieden in online reclame: video, social en native. Adfactor bouwt aan een vierde groeipoot: een bestand met consumentendata.

“Meer dan driekwart van de reclamegelden vloeien naar Facebook en Google en als ondernemer vind ik dat niet goed”, zegt Phileas Fox van Adfactor. “RTL investeert in ons om zijn digitale aanwezigheid te verstevigen richting dominante spelers”.

Gisteren maakte RTL bekend te investeren in bureau Adfactor uit Den Haag, een specialist in social en native advertising. Hoeveel voor die zestig procent is betaald, houden de partijen voor zich.

Gezien de interesse van adverteerders in social, native en video verwacht Fox komende jaar grote groeicijfers te boeken. “In campagnevoorstellen kunnen we de influencers uit het RTL MCN gaan meenemen en omgekeerd krijgt RTL toegang tot ons portfolio met publishers.” De partijen gaan met gecombineerde proposities naar de markt. Voor Adfactor zit de grootste noviteit vooral in de veel grotere video-inventory waarover het kan beschikken.

Waar veel online campagnes, in het algemeen, draaien op cookies – third party data – werkt het team van Fox aan een product op basis van first party data. “Blog insider heet het, een consumentendatabase met heel veel informatie over de mensen in data bestand.” In ruil voor persoonlijke gegevens krijgen consumenten de gelegenheid om content te maken voor adverteerders. Zij kunnen dat vervolgens gebruiken voor campagnes. En passant verzamelt Adfactor via de inschrijvingen bergen aan consumentgegevens. Het bestand is met vijftig- à zesduizend inschrijvingen nog klein.

De investering van RTL Nederland is het logische vervolg op de nauwe samenwerking die de partijen al hadden, legt Fox uit. Hij richtte zijn bedrijf dertien jaar geleden op met compagnon Friso Hessing. “Ze investeren in ons om het bedrijf te helpen groeien. Daarom hebben ze ook zestig procent en geen honderd. Wij houden de overige veertig. Er verandert niets. We blijven ondernemend koersen zoals we altijd al deden.”

Adfactor werkte al langer samen met Bright, een titel die in april 2015 door RTL Z werd gekocht. Die connectie legde de basis voor de gesprekken over een investering. Dat onderwerp kwam een half jaar geleden voor het eerst aan bod.

RTL is ook eigenaar van videoreclameplatform SpotX.

Foto: Norbert Niehusen (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Design agency Grrr: ‘We volgen niet zomaar iedere trend of innovatie’

Posted 19 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Een likje verf doet soms wonderen, kun je nagaan wat de juiste visuele identiteit voor een merk kan doen. Oprichter van design agency Grrr Rolf Coppens neemt je mee in hun manier van werken en wat specialisatie voor Grrr betekent.

Na een flinke dip bruist de creatieve industrie weer van de energie. Nieuwe bureaus schieten als paddenstoelen uit de grond en internationaal staat Nederland steeds beter op de kaart. Dit optimisme, in combinatie met een steeds breder palet aan marketingoplossingen, leidt tot een opvallende groei aan specialisten. Voor een marketeer wordt het daarmee een steeds grotere uitdaging om de juiste partijen te kiezen voor de business-problemen waar ze tegenaan lopen. Een markt die zo snel verandert en innoveert is namelijk bijna niet bij te houden. Daarom in deze serie een aantal gespecialiseerde topbureaus.

Hoe omschrijf je Grrr in een zin?

“We werken User Centered en combineren techniek en design – dat kunnen we allebei even goed – wat resulteert in producten en diensten die gebruikers echt waarderen.”

Wat was de reden om jullie te specialiseren?

“We vinden onze ‘specialisatie’ zelf eigenlijk best breed, namelijk: digital. Toen we in 2003 begonnen met Grrr waren we een van de eerste bureaus die design en tech gelijkwaardig in een team samenbrachten. Voor ons als digital natives was dat destijds eigenlijk logisch. We zagen een verschuiving naar digital en dachten dat klanten ook digital first zouden gaan denken als ze aan een nieuwe identiteit zouden beginnen. Digital stelt specifieke eisen aan een goede identiteit, ons werk voor de De Melkweg is daar een goed voorbeeld van. We helpen nog steeds regelmatig klanten die met hun oude identiteit niet goed uit de voeten kunnen op de digitale kanalen. Als je nu om je heen kijkt, dan lijkt onze voorspelling van destijds best goed uit te komen.”

Is het lastig ‘bij je leest’ te blijven en niet langzaam toch meer full-service te gaan?

“Interessante vraag, eigenlijk biedt geen enkel bureau echt het volledige pallet dat er nu aan digitale mogelijkheden bestaat. Ook binnen de ‘niche’ van digital bestaan er specialisaties en komen er steeds weer nieuwe technieken bij. We hebben er niet veel moeite mee om bij onze leest te blijven. Bij de meeste bureaus zie je toch dat er bepaalde vaardigheden in huis zijn en dat voor andere zaken wordt samengewerkt met gespecialiseerde partners. Dat is bij ons niet anders. Wat we het beste kunnen, en het liefste doen, is een volledig traject van communicatiestrategie naar visuele identiteit en het creëren van de online en offline toepassingen daarvoor.

“Specialisatie betekent voor ons dat we niet zomaar met iedere trend of vernieuwing meegaan. Met de opkomst van apps werden we daar bijvoorbeeld veel voor gevraagd en hebben we dat afgehouden. Want in de basis geloven wij in de openheid van het web op de lange termijn, en dat apps slechts een tussenstap zijn. Dat geldt ons inziens ook voor nieuwe (hardware) toepassingen als Virtual / Augmented Reality en interactieve hardware. Super tof om in mee te gaan, maar je verliest snel je focus.”

Waarin verschilt GRRR ten opzichte van de markt?

“We zijn een team van strategen, designers en developers. Die laatste twee zijn bij ons goed in evenwicht en dat zie je maar weinig. Veel bureaus hebben toch meer de focus op het een of het ander. Dat maakt ons dus wel uniek. Verder gaan we uit van een User Centered aanpak. Dat is iets dat meer bureaus doen, maar we noemen het wel altijd omdat we het serieus nemen in alles wat we doen. Ten slotte richten we ons op een bepaald type klanten en opdrachten. We noemen het zelf een focus op zinnige zaken. Zo werken we bijvoorbeeld voor The Ocean Cleanup, Yoni en nu voor Gemeente Haarlem. Dat helpt ons om gemotiveerd te blijven en voor elke opdracht het onderste uit de kan te halen.”

Welke innovatie vind je op dit moment belangrijk?

“Service Design is een nieuwe manier van werken waarin we veel vertrouwen hebben. We merken dat het werkt. We zijn niet zo gefocust op innovaties an sich, hebben meer een focus op de lange termijn met onze klanten en daarom kiezen we vaak voor dingen die gewoon werken in plaats van dat ze heel innovatief zijn. Neem bijvoorbeeld Augmented Reality: nu heel tof, maar weinig mensen doen er echt iets mee. Innovatie zit bij ons ook heel erg aan de binnenkant: hoe je werkt, hoe je betrouwbaarder wordt en hoe je klanten onderdeel maakt van je proces.”

Bang dat full service bureaus met jullie discipline aan de haal gaan?

“Er zal altijd een markt zijn met specialisten en bredere bureau’s. En er zullen altijd klanten zijn die zelf de combinatie willen maken waarbij ze meerdere specialisten aan elkaar koppelen.”

Hoe ziet GRRR er over vijf jaar uit?

“We zien een iets groter team voor ons. We denken dat de gemiddelde opdracht ook wat omvangrijker zal zijn zodat er meer ruimte is voor experiment en onderzoek. Wat we daarmee bedoelen is dat we graag de vraag achter de vraag willen uitdiepen. Daar is bij de iets grotere projecten simpelweg meer ruimte voor. Nu komt het nog wel voor dat klanten aankomen met een mediumgestuurde vraag. Dan is het interessant om daar voorbij te kijken om echt te begrijpen wat er speelt. Met dit soort Service Design gedreven ideeën kun je een vraag voor een website bijvoorbeeld ook oplossen met een balie en een medewerker erachter.”

Benieuwd naar het kantoor waar o.a. de branding en design voor Het Nationale Theater, De Melkweg en het Rokin tot stand zijn gekomen? Ga langs bij Grrr tijdens ADNIGHT, de Amsterdamse open avond van de creatieve industrie, waar marketeers en mensen werkend in de creatieve industrie bij 50 creatieve shops een kijkje kunnen nemen. ADNIGHT, onderdeel van Amsterdam eWeek, vindt plaats op 6 oktober aanstaande. Kaarten zijn nog verkrijgbaar.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Geplaagd Bruna neemt e-commerce weer in huis

Posted 19 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Winkelketen Bruna heeft grote delen van e-commerce en online marketing weer in huis gehaald om greep te krijgen op deze primaire bedrijfsprocessen. De digitale activiteiten komen maar niet goed van de grond en financieel gaat het niet voor de wind.

Uitbesteding, zo staat in de net verschenen jaarrekening van de keten, bleek de kwaliteit van de organisatie niet vooruit te helpen. Zo maakte Het Financieele Dagblad op na het lezen van het document.

De krant ziet dat vrijwel geen van de nieuwe digitale activiteiten van Bruna succesvol zijn. Experimenten en onrendabele nieuwe initiatieven zijn grotendeels al weer gestaakt. Dat geldt ook voor de dienst Bliyoo. Daarbij konden consumenten op Spotify-achtige wijze een abonnement nemen op onbeperkt digitaal boeken en tijdschriften lezen. De stekker is er nog niet uit, maar het staat wel op een lager pitje.

De keten leed vorig jaar een verlies van zeven miljoen euro, evenveel als in 2015. Aandeelhouders PostNL en ING springen financieel bij om de winkel draaiende te houden.

Foto: Patrick Feller (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

BMW en Microsoft: de auto als digitaal kanaal

Posted 19 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Een voertuig alleen is de auto al lang niet meer. De auto belooft je inmiddels een ‘digitale ervaring’. Het is een platform. Maar wat betekent dat concreet? In ieder geval dat het een nieuw digitaal ‘touchpoint’ is waarop bedrijven hun klanten kunnen bereiken. Dat vertelt Dieter May, SVP Digital Services & Business Models bij BMW Group.

Behalve als bekende adverteerder had een automaker tot een aantal jaar geleden weinig te zoeken op het grote marketingcongres Dmexco. Maar inmiddels wordt de auto als digitaal ‘touchpoint’ geïntegreerd in het leven, zo vertelt BMW Groups digitale baas er. ‘De cloud is in de auto geplugd. Iemands persoonlijke profiel voedt de auto en daarmee de ervaring.’

Data voor rijpersonalisatie

Concreet betekent dit dat iedere auto zichzelf straks personaliseert op basis van de profieldata. De temperatuur, afstelling van de stoel, het welkomtscherm en de Spotifyplaylist zijn dan afgestemd op iemands voorkeuren. Dieter May wist te vertellen dat nu ongeveer 1,3 miljoen BMW-rijders zo’n persoonlijk profiel opbouwen. Nieuw is ook dat het bedrijf die ervaring wil doortrekken naar andere situaties waarin BMW-klanten in contact komen met het merk. ‘Vlieg je naar een andere stad en huur je daar ook een BMW dan moet je die direct kunnen meenemen. Door het opgebouwde profiel te gebruiken kunnen we al voordat iemand instapt de auto afstellen en laten zien welke nieuwe kenmerken dat model heeft.’ Hij denkt dat deze service vanaf volgend jaar actief is.

Volgens May is het bedrijf hard op weg net zo agile te worden als een doorsnee onlinebedrijf. ‘Autobedrijven waren altijd gericht op het voertuig. Nu gaat het veel meer om de klant’, merkt hij op. In tegenstelling tot de huidige situatie waarin om de paar jaar een nieuw product uitkomt, gaat BMW geregeld updates uitbrengen. ‘Als een internetbedrijf moeten we iedere twee tot drie maanden een nieuwe ervaring bieden.’

Om dit allemaal mogelijk te maken werkt BMW samen met Microsoft – op het Dmexcopodium vertegenwoordigd door ‘Corporate VP’ Rik van der Kooi. De achterliggende cloudtechnologie moet wat hem betreft een platform worden waarop ook tal van Microsoft-diensten worden aangesloten. Zoals eerder dit jaar op de CES-techbeurs is aangekondigd worden de auto’s uitgerust met Microsofts persoonlijke assistent Cortana – te vergelijken met Siri van Apple – voor stembesturing. De eerste modellen zijn daarnaast voorzien van een integratie met ‘Skype for Business’ en Office 365-functies als Exchange. De twee maken duidelijk dat dit de standaard wordt voor veel nieuwe auto’s.

De auto als communicatiekanaal

Van der Kooi verwacht nog veel meer nieuwe services te kunnen brengen als er andere databronnen worden gekoppeld. Die kunnen dan rekening houden met de historie, huidige locatie of omstandigheden. ‘Cortana moet een hoop leren om pro-actief te worden. Het zou dan routes kunnen optimaliseren als er onderweg obstakels zijn.’ En blijkt iemand via zoekmachine Bing bepaalde producten te vergelijken dan kan de auto direct de dichtstbijzijnde winkels tonen. ‘De auto krijgt een hele nieuwe set data uit andere digitale apparaten. Zo zal de auto leren begrijpen dat een bestuurder van duiken houdt en hem dan op goede locaties in de buurt wijzen.’

BMW’s May vergelijkt de nieuwe rol met die van Apple, er wordt een combinatie van hardware en services geleverd. ‘We bouwen een klantendatabase op waarmee we vervolgens aan engagement en loyaliteit kunnen werken.’

Er ontstaat zogezegd een nieuw digitaal ‘touchpoints’. Voor BMW zelf, dat in het verleden alleen rondom de aankoop en een dealerbezoek contact had met de klant. En ook voor andere bedrijven. Met het digitaliseren van de auto is een nieuw marketingkanaal ontstaan dat een onderdeel wordt van menig klantreis, zo verwachten de twee. Al benadrukt May dat BMW de data niet wil verkopen. Het gaat erom samenwerking te zoeken met de juiste merken. ‘Een voucher voor een kop koffie zul je niet snel ontvangen. Dat past niet bij onze merkervaring. Maar de auto wordt als IT-apparaat een vast onderdeel.’



Lees het volledige bericht op Emerce »

Kansspelautoriteit zet handhaving tegen kansspelen online onverminderd voort

Posted 18 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

De Nederlandse Kansspelautoriteit zet haar handhavingsbeleid tegen kansspelen op afstand (online) onverminderd voort. Dat laat de toezichthouder weten nadat de voorzieningenrechter vorige week aanbieder Betsson niet ontvankelijk verklaarde in hun vorderingen.

Op 1 juni dit jaar zette de Kansspelautoriteit naar eigen zeggen een ‘nieuwe stap’ in het bestrijden van kansspelen online die zich richten op de Nederlandse markt. Gokbedrijf Betsson liet daarop weten gewoon actief te blijven in Nederland, ondanks de onlangs aangescherpte normen van de Kansspelautoriteit.

Een groot aantal online casino’s besloot geen nieuwe Nederlandse spelers meer te accepteren, Polder Casino en Fortuin Casino gingen zelfs op zwart. Betsson heeft geen enkele aanpassing gedaan naar aanleiding van de nieuwe richtlijnen en spandde zelfs een kort geding aan. Het beleid van de Kansspelautoriteit dat sinds 1 juni geldt heeft geen nieuwe of andere verplichtingen voor Betsson in het leven geroepen, oordeelde de rechter. Indien de Kansspelautoriteit een besluit neemt over Betsson, kan Betsson desgewenst rechtsbescherming zoeken bij de bestuursrechter.

Spelers lopen bij illegale kansspelen online ‘grote risico’s’, vooral wat betreft gokverslaving en gokschulden, zegt de toezichthouder. Online is er nog steeds kansspelaanbod dat zich specifiek en onmiskenbaar richt op de Nederlandse markt. Met de nieuwe stap treedt de Kansspelautoriteit ook tegen dit kansspelaanbod op.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Toevoeging beeldanalytics verbetert voorspelling consumentengedrag’

Posted 18 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Retailers die met algoritmes de smaak en productvoorkeur van hun klanten voorspellen laten vaak een heel belangrijke informatiebron links liggen. Door beeldherkenning en de analytics die hieruit voortkomen in te zetten, is consumentengedrag veel nauwkeuriger te voorspellen. Dat zegt Dennie van den Biggelaar, Data Scientist bij Building Blocks.

Om het productaanbod te personaliseren en het gedrag van hun klanten te sturen, maken retailers in toenemende mate gebruik van voorspellende analytics. Eigen algoritmes of die van ‘recommendation engines’ doen op basis van iemands klikgedrag een voorspelling over de smaak, een specifieke zoektocht en productvoorkeuren. Het algoritme komt tot een nauwkeurig profiel door onder meer het gemeten gedrag te koppelen aan productkenmerken.

Maar, zo valt Van den Biggelaar op, daarmee laten bedrijven een belangrijke databron links liggen. Met name bij nieuwe producten en smaak- of trendgevoelige artikelen zou men ‘predictive analytics’ moeten combineren met beeldanalyses. Data Science-bedrijf Building Blocks, onlangs genomineerd voor de Deloitte Technology Fast50, zet deze techniek sinds kort in bij retailers. Swarovski is er één van, zo blijkt uit het programma van de Big Data Expo van later deze week.

Kunstmatige variabele op basis van pixels

In de overweging een product aan te schaffen, kijken klanten natuurlijk naar vaststaande kenmerken als de kleur, prijs en natuurlijk het merk, zegt de Data Scientist. Maar minstens zo invloedrijk is hoe een product eruit ziet.

“Als retailer wil je voorspellen of klanten geïnteresseerd zijn in je producten of niet. Bij een hoop producten kan dat door surfgedrag en vaststaande variabelen te combineren. Maar bij nieuwe en smaakgevoelige artikelen zijn die data niet voor handen of speelt iemands persoonlijke voorkeur een grote rol. Door beeldherkenningstechnieken in te zetten creëren we in feite artificiële variabelen op basis van de pixels. Het knappe van de mens is dat hij het vermogen heeft een beeld te vormen van een product. Op basis van veel meer dan alleen de vorm of kleur. Dit bootsen we hiermee na en voegen vervolgens de kracht van een algoritme toe. Die kracht is dat het een heel grote dataset aankan: zo zijn er tienduizenden afbeeldingen te analyseren.”

Een afbeelding is in essentie niet meer dan een rechthoek met gekleurde pixels, legt Van den Biggelaar uit. Een vrij gestructureerde databron dus. Met een beeldherkenningstechniek zoekt het vervolgens naar patronen die worden vertaald naar nieuwe variabelen. Omdat vooraf niet duidelijk is welke variabelen worden gevonden, bestaat het gevaar bedolven te worden onder nieuwe kenmerken en dus overeenkomsten. “De volgende stap is dus om te bepalen welke variabelen echt iets toevoegen. Welke informatie bezitten we nog niet maar heeft wel extra voorspellende businesswaarde?” De KPI’s van een organisatie zijn daarin meestal leidend. Dus: de omzet, marge of klanttevredenheid bijvoorbeeld.

De eerste ervaringen leren dat door het toevoegen van de beeldinformatie ertoe leidt dat een algoritme 25 procent beter kan voorspellen of een product succesvol zal zijn.

‘Zoals een verkoper tot zijn aanbevelingen komt’

Voor veel retailers is de meest voor de hand liggende toepassing de recommendation engine die voor personalisatie van de webwinkel zorgt, denkt ook Van den Biggelaar. “Die hebben het vaak heel moeilijk als iemand voor het eerst een winkel bezoekt of anoniem surft. Als je op een broek klikt en vervolgens op een trui dan heeft zo’n algoritme nog geen beeld van iemands voorkeuren. Door de beeldanalyse toe te voegen, ontdek je smaak. Zoals een verkoper in een winkel ook tot zijn aanbevelingen komt.”

Behalve voor nauwkeurigere productaanbevelingen zijn de data ook bruikbaar om te bepalen welk beeld bij een product moet worden getoond. Zo kijkt iedere klant bij het boeken van een reis of verblijf naar andere aspecten. En laat zich dus ook door andere zaken overtuigen. Daarnaast ziet hij mogelijkheden voor de productontwikkeling. Blijken tieners aangetrokken te worden door bepaalde beeldkenmerken dan kan het slim zijn daar de ontwikkeling of inkoop op aan te passen. Met de beelddata die retailbedrijven in huis hebben, kunnen ze theoretisch sneller inspelen op trends.

Hoe snel retailers de beelddata toevoegen aan hun algoritmen durft Van den Biggelaar niet te voorspellen. Veel daarvan implementeren nu pas de personalisatie op basis van tekst en surfgedrag. “Maar wat ik me heel goed kan voorstellen is dat ik binnen een paar jaar een winkel binnenloop, voor een groot touchscreen ga staan en dan wat dingen aanklik die ik leuk vind. Vervolgens hoef ik niet de hele winkel door, maar krijg ik van alles geadviseerd. Een kledingassistent als vervanger van de verkoper dus.”

Online wordt het wat hem betreft een onderdeel van de customer journey. Door deze data met andere gegevens te combineren is het niet alleen mogelijk het ‘juiste’ product aan te bieden, maar ook tegen een juiste prijs. “Als je data laat samenwerken is het goed mogelijk de elasticiteit in kaart te brengen en dit een rol te laten spelen in het aanbod en prijsstelling per kanaal.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Net Affinity: vrouwen bezoeken vaker hotelwebsites

Posted 18 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

De meeste bezoekers van hotelwebsites zijn vrouwen, maar mannen zijn eerder geneigd om daadwerkelijk te boeken. Dit blijkt uit onderzoek van technologiebedrijf Net Affinity dat de data van 13 miljoen websitesessies die in de eerste helft van dit jaar plaatsvonden heeft geanalyseerd.

De opvallendste constatering is dat 69 procent van de bezoekers vrouw zijn. Net Affinity denkt dat dit ofwel komt doordat zij de oriëntatiefase voor hun rekening nemen of gewoon graag meerdere websites bezoeken voor ze tot een beslissing komen. Mannen converteren namelijk 1,5 keer vaker.

De belangrijkste doelgroep qua leeftijd zijn reizigers van 25 tot 44 jaar oud – zij bezoeken het vaakst hotelsites. Daar staat tegenover dat de groep 45-54-jarigen en 65-plussers vaker een boeking maken.

Wat de timing betreft, die laat een gelijkmatig beeld zien. Negenentwintig procent van de reizigers boekt minstens zestig dagen voor de aankomstdatum hun hotel, terwijl 22 procent dit korter dan een week voor aankomst doet. Daarbij tekent Net Affinity aan dat hoe verder de bestemming weg is, des te langer van tevoren het hotel wordt geregeld.

Wanneer wordt een boeking geannuleerd?

Reizigers die hun hotel annuleren, doen dit door de bank genomen binnen een maand voor aankomst (67 procent). Hotels die lang van tevoren zijn geboekt, worden vaker geannuleerd. Vijftien procent van de annuleringen betrof een accommodatie die korter dan een week voor aankomst werd gereserveerd, terwijl 57 procent van de boekingen met aankomst over een maand of langer werd afgezegd.

De pagina op de website met speciale aanbiedingen is een conversiebooster: daar wordt 3 keer zo vaak geconverteerd als op andere websitepagina’s. Van de mensen die een boeking hebben gemaakt op hun mobiel, heeft 52 procent de aanbiedingenpagina bekeken maakt 52 procent een boeking. Bij desktop is dat 43 procent.

Effectiefste teksten

Net Affinity heeft ook geanalyseerd welke aanbiedingen het beste werken. Houd het simpel, is het advies. Deze vier leveren het meeste op:

  • Boek direct op onze website voor het best beschikbare tarief
    Dit betreft een overnachting zonder extra’s. Het handigst is het om dit room-only tarief alleen in je directe kanalen aan te bieden, zodat online reisagenten het tarief niet gaan matchen en je daardoor directe boekingen kwijtraakt.
  • Bespaar 5 euro als je online boekt (inclusief ontbijt)
    Deze aanbieding geldt voor een overnachting plus ontbijt. Zorg voor een incentive door online minder te rekenen voor het ontbijt dan in het hotel. Het is belangrijk om het ontbijt in de tekst te noemen, omdat dit met name aantrekkelijk is voor gezinnen met kinderen en zakenreizigers.
  • Diner, overnachting, ontbijt – mogen wij u een welkomstdrankje aanbieden?
    Dit pakketje brengt mensen in de bar, waar ze hopelijk na het eerste gratis drankje nog wat geld uitgeven. Voor het diner geldt hetzelfde als het ontbijt: bied online een lagere prijs aan dan in het hotel.
  • Vroegboekvoordeel: Betaal nu en bespaar 10 procent – exclusief op onze website
    Bepaal hoelang van tevoren je gasten nu boeken en bied de korting aan voor een langere lead time. Als je in verschillende kanalen room-only tarieven biedt, geeft het vroegboekvoordeel dan alleen op je website om directe boekingen te stimuleren.

Net Affinity heeft tot slot ook nog gekeken naar de invloed van devices op hotelboekingen. Hieruit blijkt dat 56 procent van de websitebezoekjes afkomstig zijn van een smartphone. De tablet is goed voor 11 procent en de desktop doet 33 procent. Als je naar de omzet kijkt, dan is desktop nog altijd het nummer één kanaal, gevolgd door respectievelijk mobiel en tablet.



Lees het volledige bericht op Emerce »