Posts Tagged ‘omzet’

The Guardian weg uit Facebook Instant Articles

Posted 24 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

The Guardian zet geen nieuwsverhalen meer door naar Facebook Instant Articles en Apple News. De Engelse krant wil de lezers op zijn eigen platformen bedienen, niet op die derde partijen.

Twee jaar geleden was The Guardian een van de eerste nieuwsuitgevers die al zijn berichten real time doorzette naar Facebook Instant Articles. Dat was destijds een nieuw format van de profielensite om nieuws sneller op mobiele telefoons te presenteren. Saillant detail: de hosting vindt plaats op Facebook, niet op de site van de nieuwsuitgever.

Vorige week werd bekend dat de Engelse kwaliteitskrant zijn nieuwsstroom naar Facebook heeft stopgezet. Als reden geeft de krant, dat het zijn lezers op zijn eigen platform wil bedienen en niet op die van Apple en Facebook. Onderliggend, maar dat wordt niet expliciet genoemd, kan ook meespelen dat Facebook simpelweg onvoldoende extra omzet oplevert.

Digiday, dat het nieuws meldt, weet ook dat BBC News, National Geographic en The Wall Street Journal Instant Articles amper meer gebruiken. The New York Times is er helemaal mee gestopt.

Het jaarverslag van RTL Group liet onlangs zien hoeveel, of eigenlijk hoe weinig, extra pageviews Facebook Instant Articles extra oplevert voor RTL Nieuws. De site en apps van RTL Nieuws genereerden samen 419 miljoen bezoeken en 1,9 miljard pageviews, een toename van drie procent ten opzichte van 2015. Volgens Google Analytics genereerde Facebook Instant Articles 13 miljoen extra pageviews in 2016. Dat is nog geen 0,7 procent extra pageviews in een jaar.

Emerce Topics meldde vorige maand ook al, dat de inkomsten uit Facebook Instant Articles en Google AMP tegenvallen voor uitgevers. Gemiddeld genomen was YouTube de belangrijkste inkomstenbron voor de besproken buitenlandse uitgevers.

Foto: Martin Hearn (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Kwartaalomzet Zooplus naar kwart miljard

Posted 24 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

De omzet van online dierenwinkel Zooplus steeg in het eerste kwartaal met 24 procent tot 257 miljoen euro.

Het beursgenoteerde Zooplus publiceerde vanochtend de resultaten over de drie maanden tot april en bevestigt de omzetverwachting op 1,1 miljard euro voor heel 2017 (Pdf). Beleggers reageren enthousiast op de cijfers en belonen het aandeel met een stijging van bijna acht procent.

Het succes van Zooplus lijkt eenvoudig te verklaren: consumenten in dertig landen hebben in de webwinkel een hofleverancier gevonden voor hun diervoer. Ze hoeven niet meer de deur uit om voeding- en verzorgingsartikelen voor huisdieren te kopen. Herhaalaankopen van met name het voer is de constante drijver voor de omzetgroei, aldus de leiding. In de afgelopen jaren hebben de Duitsers veel moeten investeren in acquisitie. Ze profiteren nu van de retentie.

In mei publiceert de onderneming het complete kwartaalverslag. Daarin worden ook de kosten en nettoresultaten gedetailleerd.

Afgelopen maart publiceerde de dierenwinkel zijn jaarverslag over 2016. Daaruit kwam naar voren dat het in Nederland een omzet van 62 miljoen realiseerde. Nederland is het nummer vijf land qua omzettotaal. Het aantal internationale klanten steeg in 2016 van 4 miljoen naar 4,8 miljoen, waarvan 92 procent te boek staat als terugkerende koper. De winst (ebitda) kwam uit op 19,7 miljoen euro.

Foto: Buzzfarmers (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Same day delivery uit de gratie

Posted 24 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Pick-up points in winkels zijn dé manier om bestellingen bij klanten te krijgen, aldus retailers. Meer dan de helft van hen (51 procent) zegt dit komend jaar aan te bieden. De interesse in same day delivery is daarentegen tanende (-10 procent). Evenals de optie om specifieke time slots te kunnen kiezen.

Slechts 27 procent doet dit nog, tegen 48 procent vorig jaar. Zo blijkt uit jaarlijks onderzoek van PwC onder retail CEO’s wereldwijd.

Online zorgt slechts voor aanvullende sales

Retailers denken dat online sales slechts aanvullend zijn en niet kannibaliseren op de winkelomzetten. Ze hebben er dan ook geen enkele moeite mee de prijzen voor online bestellingen te verhogen. Maar liefst 35 procent zegt dit gedaan te hebben.

Nog eens 33 procent is bovendien van plan de minimum aankoopwaarde voor online bestellingen te verhogen om in aanmerking te komen voor gratis verzending.

Digitale transformatie heeft de aandacht

Toch heeft een digitale transformatie wel de aandacht van retailers wereldwijd. Maar liefst 69 procent zegt het komende jaar de investeringen erin te verhogen. Opvallend genoeg blijkt meer dan helft (52 procent) nog niet zover te zijn dat er al daadwerkelijk een digitale transformatie-strategie geïmplementeerd wordt.

Retailers die een dergelijke strategie al wel duidelijk geformuleerd hebben en bezig zijn met de implementatie ervan, zien vanzelfsprekend hogere online omzetten volgens PwC. Maar ook de omzetgroei in hun winkels blijkt hoger.

Retouren bijten deel omzet af

Wel geven retailers aan dat zij worstelen met de kosten voor online verkoop. 75 procent zegt het afgelopen jaar hogere kosten te hebben gehad. Voor door omni-channel fulfillment en retouren. 74 procent is dan ook van mening dat retouren een belangrijk deel van de omzet afbijten.

*) Een deel van dit artikel werd eerder gepubliceerd in het aprilnummer van Emerce magazine (#157).

Het volledige onderzoek The transformation of retail van PwC is hier te downloaden.



Lees het volledige bericht op Emerce »

ATPCO en Routehappy bundelen kennis

Posted 24 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

ATPCO en Routehappy gaan samenwerken om de prijzen van betaalde opties bij vluchten te tonen. Hierdoor wordt het voor airlines gemakkelijker om te laten zien hoe hun product in elkaar steekt en wat dat moet kosten.

ATPCO is het bedrijf dat ervoor zorgt dat data over de tarieven van vluchten worden geladen in reserveringssystemen. Met het verdwijnen van de all-in ticketprijs is ATPCO overgegaan op het standaardiseren van de betaalde opties, zodat deze eenduidig kunnen worden weergegeven in reserveringssystemen. Deze zogeheten sub codes betreffen gangbare extra’s zoals premium economy of een koffer inchecken maar ook ongebruikelijke toeslagen, zoals die voor het meebrengen van een gewei of het van tevoren bestellen van champagne.

Routehappy is gespecialiseerd in het visualiseren van de verschillende services die airlines bieden bovenop de ticketprijs.

Het komende jaar zal Routehappy de sub codes van ATPCO integreren in de Routehappy Hub, een verkoopplatform voor vluchten.

Zogeheten ancillary services, alle producten en diensten die niet bij de ticketprijs zijn inbegrepen, leverden de luchtvaart vorig jaar 67,4 miljard dollar op. Dat is bijna 10 procent van de omzet, blijkt uit cijfers van respectievelijk IdeaWorks en IATA.

atpco routehappy



Lees het volledige bericht op Emerce »

Tele2 boekt meer winst in Nederland

Posted 24 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Tele2 heeft de winstgevendheid in Nederland fors verbeterd, zo blijkt uit de vandaag gepubliceerde kwartaalcijfers. Ook het aantal klanten groeide.

Tele2 sloot het eerste kwartaal in Nederland af met een omzet van bijna 1,6 miljard Zweedse kroon (pdf). Het bedrijfsresultaat kwam uit op 151 miljoen kroon (15,7 miljoen euro), tegen een negatief resultaat van 31 miljoen kroon een jaar eerder.

In totaal heeft Tele2 1,4 miljoen Nederlandse klanten. Daaronder nog altijd 40.000 klassieke bellers via het vaste net. In het aantal breedbandklanten (345.000) zit geen ontwikkeling.

Sinds maart heeft Tele2 Nederland een nieuwe CEO, Jon James.

Op de foto: Tele2 CEO Allison Kirkby



Lees het volledige bericht op Emerce »

Vakantie boeken bij Nederlanders: nieuwe site en verdienmodel

Posted 24 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Vakantie boeken bij Nederlanders – de naam legt het concept al uit. Oprichter Maurits Schriemer startte een website waarop de tienduizenden Nederlanders die in het buitenland een accommodatie runnen of verhuren hun aanbod kunnen tentoonspreiden. Het begon als hobby, maar wordt met de lancering van een nieuwe website serieus.

Hoe ben je op het idee gekomen?

“Ik werk al heel lang in de IT en e-commerce. Ooit zat ik bij een werkgever die een vergelijkbaar project ontwikkelde, maar in een andere niche. Ik realiseerde me dat veel mensen het fijn vinden om op vakantie in hun eigen taal te kunnen vragen wat er in de omgeving te doen is. Dat was de start van www.vakantieboekenbijnederlanders.nl. Ik heb er tweeënhalf jaar aan gewerkt zonder iets te verdienen. De accommodaties zoeken, aanschrijven en online zetten deed ik in het weekend en de avonduren. Van de tien die ik benaderde vonden één of twee het goed. We hadden nog geen naamsbekendheid natuurlijk. De groei kwam dan ook langzaam op gang maar inmiddels komen er één of twee accommodaties per dag bij. We zitten nu in totaal op 6700 vakantiewoningen en B&B’s, allemaal gerund door Nederlandstalige eigenaars.”

Wat is er anders aan de nieuwe website?

“Ik bouwde de eerste site zelf met een WordPress-template. Dat zag je er na een tijdje wel aan af; we kregen steeds vaker commentaar van bezoekers. Anderhalf jaar geleden besloten we daarom te investeren in een nieuwe website. Die is net live gegaan. De filters zijn verbeterd, we hebben een landkaart toegevoegd en de look & feel is veel beter. Het gebruiksgemak trouwens ook. En we hebben uiteraard rekening gehouden met het feit dat 65 procent van ons verkeer mobiel is.”

Wat is je verdienmodel?

“We hadden in het begin geen verdienmodel – accommodaties kregen gratis een vermelding op de site. Later begonnen we advertenties van Google te tonen om uit de kosten te komen. Daaraan hebben we de mogelijkheid toegevoegd om voor 50 euro per jaar ex BTW uitgelicht te worden als accommodatie. Ook werken we samen met derde partijen, van wie we de accommodaties op onze site tonen. Daarbij blijft de eis dat die van Nederlanders zijn overeind. Op de nieuwe website zetten we een stap verder en vragen we aan alle accommodaties een jaarlijkse bijdrage.”

Gaan die daar allemaal mee akkoord?

“Ik ga er niet vanuit dat alle 6800 accommodaties blijven meedoen. Er komt een overgangsperiode. We hebben de eigenaren een mail gestuurd met daarin de pluspunten van de nieuwe site. We werken ook samen met het recensieplatform Seeviews en maken reclame voor de website op Facebook. Dat moet hen triggeren om met ons door te gaan. Een eigenaar die zich aansluit bij een online boekingsorganisatie is al snel een commissie van 20 tot 40 procent kwijt. Bij een weekend weg is dat al meer dan de jaarbijdrage die wij vragen.”

Een kleiner portfolio kan flinke gevolgen hebben voor de vindbaarheid.

“Er zal inderdaad een terugval zijn in SEO. Ik reken op 30 tot 40 procent. Daar staat tegenover dat de aandacht beter zal worden verdeeld over de betaalde vermeldingen als er accommodaties wegvallen. We hebben gemiddeld 1400 bezoekers per dag. Dat aantal groeit niet zo snel als het aantal accommodaties. Vanuit de eigenaar geredeneerd is een kleiner aanbod dus alleen maar gunstig.”

Wat dragen jullie bij aan de conversie van de deelnemende eigenaars?

“Wij hebben alleen zicht op het aantal kliks. En de websites van de accommodaties zijn vaak zo basaal dat ik betwijfel of de eigenaren weten welk aandeel wij hebben in de conversie. Dat is een nieuw product waar we aan werken: samen met een derde partij websites bouwen en aansluiten op een goed eigen boekingssysteem voor de accommodaties die dat willen.”

Giganten in de vakantieverhuur als HomeAway werken aan instant boeking. Is dat niets voor jullie?

“Nee, want wij willen absoluut geen reisbureau zijn. Dan krijg je ook vragen of er handdoeken en een airco zijn. Daar ben ik niet goed in, ik ben IT’er. Wij moeten zorgen dat Vakantie boeken bij Nederlanders goed wordt gevonden, dan doen de eigenaren de rest.”

Wat is je doel?

“Ik werk er inmiddels fulltime aan en draai een jaaromzet van 40.000 euro. Het doel is genoeg te verdienen om ervan te kunnen leven, zeg een ton per jaar. Dan willen we met het gezin zelf verkassen naar het buitenland om een minicamping te beginnen. Die groei realiseren we op eigen kracht. Ik heb gesproken met investeerders maar die vragen te veel of willen een groot aandeel. Ik ben daar huiverig voor.”

Op de vorige website was er een overzicht van de deelnemers aan het tv-programma Ik Vertrek. De nieuwe heeft dat niet meer. Waarom?

“Alle eigenaren verdienen evenveel aandacht, want ze betalen dezelfde bijdrage. De meeste deelnemers aan Ik Vertrek staan wel bij ons op de site. Dat programma heeft 1 tot 1,5 miljoen kijkers, dus natuurlijk schrijf ik een stukje als een van onze accommodaties erin voorkomt, dat is goed voor de traffic. Maar een apart overzicht vind ik niet meer nodig.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Next: People analytics hervormt arbeidsmarkt

Posted 22 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

People analytics worden steeds belangrijker voor bedrijven. HR-afdelingen kunnen zo niet alleen scherper sturen op selectie en output, maar straks ook hun aandeel in het bedrijfsresultaat beter kwantificeren. Een gloednieuw vakgebied waarbij ‘datastofzuigers’ nieuwe inzichten bieden.

Bedrijven sturen steeds meer op data, en dus doen HR-afdelingen dat ook. Toch kan de gebruikelijke data lang niet alles verklaren. Neem nou een vliegtuigmaatschappij waar bovengemiddeld veel stewardessen zich ziek melden. Zware werkomstandigheden? Nee, er blijkt een verband te zijn tussen ziekmelding en afgewezen voorkeuren voor de gewenste reisbestemmingen van het vliegtuigpersoneel. Wie een afwijzing ontvangt, meldt zich sneller ziek. De HR-afdeling had dit niet voorzien, maar data-analyse legde een haarfijn verband.

“Veel mensen vergeten dat data gaat over menselijk gedrag”, vertelt Sandjai Bhulai, hoogleraar Business Analytics aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. “Het zijn niet zomaar cijfertjes. Met people analytics kan een HR-manager beter anticiperen op wat er leeft bij werknemers.”

Tweedeling
In het gouden berglandschap van big data lijkt people analytics het nieuwe toverwoord. Wat is het precies? “Eigenlijk creëer je nieuwe inzichten door het passief of actief verzamelen van data, over een individuele persoon of een geselecteerde groep, en deze in een bredere context te plaatsen”, zegt Florian Chilla, investment analyst bij het Randstad Innovation Fund. “Grof gezegd zien we daarin een tweedeling: enerzijds initiatieven die zich specialiseren in talentacquisitie en anderzijds initiatieven die zich bezighouden met het verkrijgen van inzichten in een bestaande workforce. Uiteraard kan dat laatste wel indirect invloed hebben op het aannamebeleid van een bedrijf. Door op deze empirische manier naar HR te kijken, kunnen trends worden blootgelegd en onderliggende correlaties worden geïdentificeerd. Een belangrijke voorwaarde is wel dat de data betrouwbaar en groot genoeg is. Dit is nu nog lang niet altijd het geval.”

Randstad Innovation Fund is als venturetak van Randstad actief op het gebied van HR-Tech-startups. Chilla en zijn collega’s tracken meer dan tweeduizend startups, wat onder meer inzicht verschaft in het menselijk kapitaal. Binnen recruitment speelt data uiteraard ook een grote rol. “Bepaalde hard-skills kunnen steeds beter worden gemeten, zoals vaardigheden die nodig zijn bij softwareontwikkeling. Ook het objectief meten van soft-skills kan iets zeggen over de kwaliteit ven een match, zeker wanneer dit gelinkt is aan de cultuur binnen een afdeling of bedrijf. Er zijn genoeg startups die daarbij de klassieke vragenlijsten omzeilen. Gedrag op sociale netwerken, analyse van geschreven content of psychologische spellen worden daarbij steeds vaker ingezet.” Binnen talentmanagement denkt Chilla aan het inzichtelijk maken van employee retention, diversiteit en opvolgingsplanning. Het real time meten van engagement geeft volgens hem tevens inzichten in hoe de stemming is binnen een bedrijf.

“Eigenlijk is de HR-branche nog heel erg traditioneel”, zegt VU-hoogleraar Bhulai. “Nu zoeken bedrijven vaak nog heel erg ad hoc data bij hun doelen. Meten en monitoren zou eigenlijk in het DNA van elk bedrijf moeten zitten. Constant zoeken naar data is een transitie die echt nog moet worden gemaakt.”

Rekenkracht
Zowel Randstad als de VU participeren in het People Analytics Consortium (PAC), dat sinds vorig jaar technieken ontwikkelt om het vakgebied verder te ontwikkelen. TU Delft en ASML doen ook mee, evenals de Amsterdamse startup Focus Orange. Niet toevallig, want oprichter Dirk Jonker heeft een softwareprogramma ontwikkeld, Crunchr genaamd, dat als een van de weinige wereldwijd in staat is tot diepgravende people analytics.

“Menselijk kapitaal is het duurste kapitaal dat een bedrijf níet bezit”, stelt hij. “Wiskundige analyse is enorm doorontwikkeld in andere sectoren, dus liggen er ook enorme kansen in HRM. De potentie is gigantisch, want zestig tot tachtig procent van de bedrijfskosten gaat op aan personeel, variërend van salaris tot pensioen en opleidingen. Daarbij past geen ‘one size fits all’-aanpak.”

In veel raden van bestuur staat de HR-topman vaak met zijn mond vol tanden, schetst Jonker. “Terwijl de CEO en de CFO de bedrijfsresultaten cijfermatig haarfijn kunnen onderbouwen, komt HR veelal niet veel verder dan: 57 procent heeft zich opgegeven voor een leiderschapscursus.”

People analytics kan HR-afdelingen veel beter de eigen bedrijfsprocessen laten sturen. Jonker schetst deze dataverdieping aan de hand van het eigen Crunchr Maturity Model, waarbij datagebruik door multinationals zich op twee assen kan ontwikkelen: van opportunistisch naar systematisch en van reporting naar échte analytics. Veel data bevindt zich op het niveau van opportunistische rapportage. Die data is ongestructureerd en laat zich beperkt analyseren. De eerste stap die je als bedrijf moet zetten, is naar systematische datavergaring, in principe met een mondiale HR-infrastructuur. Pas daarna kun je de stap naar diepgravende analyse van een veelvoud aan data maken.

Om stappen te kunnen zetten, zijn volgens Jonker twee zaken nodig: visie en architectuur. “Wat dat betreft ben ik blij met de oproep van ING-topman Ralph Hamers: weg met het onderbuikgevoel! Data en innovatie maken het verschil.” Zelf bouwde Jonker de benodigde technologie. Crunchr is in feite een ‘datastofzuiger’ die alle mensgerelateerde data bijeenbrengt, verbetert en ontsluit. Het programma ontwikkelt zich ook razendsnel. “Vergeleken met januari vorig jaar zit er al zeker vijf keer zoveel data in. We realiseren een enorme rekenkracht, die het mogelijk maakt om heel complexe materie te analyseren. Omgang met dit soort data zou de corebusiness van elke HR-afdeling moeten worden, waarbij het belangrijk is dat ze het zelf kunnen doen.”

Waarschuwing
Volgens Bhulai is people analytics in HRM de laatste jaren sterk geavanceerd door technieken als text mining en machine learning. “Door deze technieken kunnen grote hoeveelheden data veel sneller worden uitgelezen en beter worden gebruikt. Denk aan de vaak nogal ongestructureerde data uit voorgangs- of exitgesprekken.” Als wetenschapper geeft hij tegelijkertijd ook een duidelijke waarschuwing: “Techniek is nooit voor honderd procent nauwkeurig, dus moet je altijd goed valideren. Daarom is het zaak dat een besluit altijd door een mens, in dit geval de HR-manager, wordt genomen. En nooit door een algoritme.”

“Je kunt heel goed de parallel met marketing trekken”, stelt Mariëlle Sonnenberg, Director HR Strategy & Analytics bij Wolters Kluwer. “Vroeger werd ook daar vooral besloten op basis van gevoel, terwijl men tegenwoordig continu werkt met data over hoe klanten zich gedragen. Diezelfde ontwikkeling is nu gaande in HR, al zijn veel datasets nog niet goed genoeg om real time op te sturen.”

Het manco is volgens haar niet de beschikbaarheid van de data, maar of bedrijven ermee kunnen of willen werken. Sommige multinationals, zoals Unilever en Shell, zijn al een paar stappen verder. “Net als klanten zijn ook medewerkers behoorlijk voorspelbare wezens. Op basis van people analytics kun je goed op hun behoeftes inspelen. Stel je voor dat er relatief veel goed presterende mensen in kritische functies vertrekken. Dan is het belangrijk om in te spelen op wat zij missen. Is dat een ontwikkelingsvraagstuk, investeer dan in bepaalde trainingen. Als je ze daarmee langer aan je bindt en de uitstroom verlaagt, dan ben je als HR-afdeling voor het bedrijf veel geld waard. Daarmee heb je ook een duidelijk verhaal richting de CEO, die wil weten wat jouw beleid oplevert.”

Retentie
Volgens Sonnenberg moet je HR-mensen echter niet zelf met datasets laten knutselen. “Dan is de uitkomst heel erg afhankelijk van de kennis van zo’n individuele medewerker.” En dus pleit ze voor het aannemen van specialisten, bij voorkeur met een wetenschappelijke achtergrond. “Analytics is niet makkelijk, het is echt een apart vakgebied. Naast fouten uit data halen, is ook een goede visuele weergave van die data belangrijk. Daarmee maak je het tevens interactief en beter bruikbaar.”

De Googles, Unilevers, Shells en Facebooks van deze wereld hebben al datawetenschappers in huis, vervolgt ze. “HR mag dan een saai imago hebben, met deze data kun je als strateeg heel gave dingen doen. Hoe meer je kunt kwantificeren, hoe meer omzet het oplevert.”

Als het goed is, draagt people analytics natuurlijk bij aan de performance van bedrijven. Volgens Chilla hangt dat sterk af van de specifieke toepassing. “In het algemeen kan er scherper op HR-doelen worden gestuurd door het toevoegen van meer datapunten. People analytics moet daarom direct worden gelinkt met de bedrijfsdoelstellingen, die op hun beurt weer worden uitgevoerd door mensen. En dus is het relevant om de performance van teams te combineren met engagementscores of retentiegegevens. Die inzichten maken het mogelijk om actie te ondernemen en zo de resultaten te verbeteren.”

De algoritmes kunnen zelfs worden ingezet bij reorganisaties, fusies en overnames. “Bij transacties liggen aannames ten grondslag omtrent HR”, zegt Chilla. “Denk aan synergieopbrengsten of potentiële uitloop van talenten door het samengaan van organisaties. Nieuwe manieren om deze aannames te valideren of de onzekerheid te verkleinen, kunnen nieuwe inzichten creëren die input kunnen zijn in de besluitvorming.”

In de toekomst zou people analytics volgens hem een nog nadrukkelijkere rol kunnen spelen in het voorspellen van het succes van een kandidaat. “Factoren en omstandigheden die bepalen dat een persoon het in Sales erg goed doet, zijn interessant om terug te brengen in objectieve data rondom de persoon bij een persoonlijk ontwikkelplan. Dit kan op een individueel niveau, maar ook in het meten van de samenstelling van succesvolle teams.”

Opt-out
Volgens Bhulai hebben bedrijven vandaag de dag sowieso behoefte aan andere databronnen. Zoals social media, maar ook Internet of Things. “Dat kan zelfs interessant zijn voor je businessmodel. Neem nou een postbedrijf: dat weet wat er bij consumenten op de mat valt, dus zou het in principe ook een marketingbedrijf kunnen worden. HR-afdelingen kunnen door data ook andere bedrijven gaan adviseren. Via assessments kun je eveneens profielen opbouwen en talenten elders aanbieden. In dat geval ga je niet vraaggedreven, maar aanbodgedreven werken.”

Een belangrijke uitdaging voor de toekomst ligt voor Sonnenberg op het vlak van privacywetgeving. Hoewel de handen van veel recruiters al jeuken om met socialmediadata aan de gang te gaan, staat Europese regelgeving dat nog niet toe. Zelfs werktevredenheidsstudies mogen niet op individueel niveau worden gebruikt. “De jongere generatie vindt het best normaal om data vrij te geven voor specifieke doelen, als daar voor hen ook iets tegenover staat. Als informatie wordt gebruikt om personeel beter te maken en optimale besluiten te nemen, denk ik dat medewerkers het op termijn steeds vanzelfsprekender gaan vinden. Het gaat erom dat het bijdraagt aan goed werkgeverschap. Daarvan is trouwens niet bepaald sprake als je er via social media achter moet komen dat iemand de organisatie wil gaan verlaten.”

Ook Jonker voorspelt een verandering op dit vlak. “De privacydiscussie wordt nog onvoldoende gevoerd. De mogelijkheden zijn enorm, maar niet voordat werkgevers deze discussie opstarten. Dat gesprek begint met: we willen je helpen, maar dan hebben we wel een deel van je persoonlijke data nodig.”

Transparantie is hier volgens Bhulai heel belangrijk. “Als je data verzamelt, moet je heel duidelijk uitleggen waarom je het nodig hebt. Ook is het belangrijk dat je een opt-out aanbiedt. Je doet dit niet om mensen te bestraffen, maar om waarde te creëren. Mensen moeten zich fijn voelen waar ze werken.”

Sensoren
Niet alleen de privacy gaat veranderen, maar ook de beschikbare techniek. In de toekomst verwacht VU-professor Bhulai veel van sensortechnologie. “Al die kleine sensoren die van alles kunnen meten, laten zich ook prima inzetten om werkomstandigheden in kaart te brengen. Denk aan iemand op de werkvloer met structurele hoofdpijn. Voorspellen wie ziek gaat worden is straks misschien wel een nieuwe verdienmodel voor HR-afdelingen.”

Dit alles gaat volgens Jonker alleen werken als ook de bedrijven zelf meeveranderen. “Voor een brede toegang tot data is het noodzakelijk om de verschillende silo’s binnen organisaties af te breken. Afdelingen als HR en Sales moeten toegang hebben tot elkaars data. Alleen zo kun je een relatie leggen tussen het bedrijf, de medewerkers en de zakelijke prestaties. Ook wij delen kennis. Het vakgebied van people analytics is namelijk te pril om kennis voor jezelf te houden.”

Hoe het vakgebied zich verder gaat ontwikkelen, is volgens Bhulai sterk afhankelijk van gedeelde successen. “Dan gaan de wat voorzichtigere bedrijven de waarde ervan inzien en zullen meer bedrijven het goede voorbeeld volgen. Ik vind dat we binnen vijf jaar serieuze stappen moeten hebben gezet. In de Verenigde Staten zijn ze al veel verder. Daar hebben ze ook enorm veel sollicitanten, dus ontkom je niet aan geavanceerde cv-scanners. Softwarepartijen zullen ook in HR stappen, waardoor people analytics nog enorm gaat groeien.”

Speurtocht
Werkgevers ontdekken langzaamaan de voordelen van analytics als instrument voor recruitment. Dit blijkt uit onderzoek van Neomax in samenwerking met trendwatcher Adjiedj Bakas, dat is gebundeld in het boek ‘De digitale transformatie’. “Sollicitanten en werkgevers kunnen beiden profiteren van de technologische verbeteringen in het sollicitatie- en recruitmentproces”, zegt Claudette Martens, oprichter van Neomax. “Voor werkgevers speelt analytics een belangrijke rol in de speurtocht naar nieuw talent. Momenteel wordt nog vaak gekeken naar schoolresultaten en cv’s. Een mooie opleiding met goede cijfers en ervaring kan leiden tot hoge verwachtingen. Maar organisaties die met analytics werken, komen erachter dat deze selectiecriteria geen volledig inzicht geven in de toekomstige prestaties. Er zijn allerlei onderliggende factoren die een rol spelen bij het succes van een werknemer. Data-analyse kan die factoren aan het licht brengen, waarna er in het recruitmentproces rekening mee kan worden gehouden en er zelfs speciaal op kan worden geselecteerd.”

Flexibel
Hoewel sturen op data al volop gebeurt, lopen nog steeds veel bedrijven achter als het gaat om people analytics, aldus Yuri van Geest, trendwatcher, oprichter van de Singularity Universiteit en auteur van het boek ‘Exponentiële Organisaties’. “Dat geldt zeker voor de meest conservatieve afdelingen, te weten Legal, Finance en HR. Die worden nu pas wakker. Daar staat tegenover dat er steeds meer mogelijkheden komen, mede dankzij machine learning, kunstmatige intelligentie en deep learning. Bedrijven moeten ook op zoek naar andere medewerkers, met andere eigenschappen: nieuwsgierigheid, weerbaarheid, flexibiliteit. Men gaat zichzelf opleiden, de manager valt weg. Teams gaan zelf beslissingen nemen, op basis van steeds meer geavanceerde data.”

* Dit artikel verscheen eerder in het aprilnummer van Emerce magazine (#157).

 Illustratie Monique Wijbrands (in opdracht van Emerce)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Zalando blijft fysieke winkels (outlets) openen

Posted 21 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Zalando lijkt van plan zijn vierde fysieke winkel te openen in thuismarkt Duitsland. Die outlet zou in Düsseldorf op een B-locatie verschijnen.

Volgens de Rheinischen Post heeft Zalando met zijn makelaar al verscheidene panden buiten het centrum van Düsseldorf bekeken. Er zou worden gezocht naar een locatie die veel verkeer aan kan en zeker duizend tot twaalfhonderd vierkante meter vloeroppervlakte heeft.

De ervaringen uit Berlijn, Frankfurt en Keulen leren dat deze winkels publiek aantrekken uit de wijde omgeving van de stad. Een Zalando Outlet is een bestemming, een reisdoel, dus hoeft niet per se op een dure A-locatie in een stad te zitten.

In de Outlets worden retouren van de webwinkel verkocht, maar ook restpartijen kleding en items waarvoor het seizoen bijna is afgelopen. Dat zouden nu bijvoorbeeld dikke winterjassen en snowboots kunnen zijn.

Wanneer het filiaal in Düsseldorf open zou gaan, weet de krant niet.

Düsseldorf is de hoofdstad van de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen en ligt nog geen uur met de auto ten oosten van Roermond. Vanuit Eindhoven en Maastricht is dat vijf à zes kwartier.

Het is aannemelijk dat er uiteindelijk ook in andere landen fysieke Zalando Outlets zullen worden geopend. Online bestaan ze reeds enige tijd. De eerste offline winkel ging in het voorjaar van 2012 open in Berlijn.

Eerder deze week maakte Zalando de financiële cijfers over 2016 bekend. Daaruit bleek dat de omzet met ruim twintig procent was gestegen naar een kleine miljard euro. Voor 2017 verwacht het een vergelijkbare groei.

Foto: Dan Deluca (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Omzet Orange naar 307 miljoen euro in eerste kwartaal

Posted 21 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

De Orange Belgium-groep, de tweede mobiele aanbieder van het land, heeft in het eerste kwartaal van 2017 een totale omzet van 307,2 miljoen euro gerealiseerd.

De totale omzet uit diensten bedroeg 274 miljoen euro, een lichte stijging ten opzichte van een jaar eerder.

De aangepaste EBITDA van de Orange Belgium-groep bedroeg 72,2 miljoen euro in het eerste kwartaal van 2017, een stijging van 3,6 procent ten opzichte van 2016.

De groep heeft in het eerste kwartaal 32,2 miljoen euro geïnvesteerd, waarvan 11,4 miljoen in kabel ging zitten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Succesvollere A/B-tests met emotion analytics

Posted 20 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Wanneer je regelmatig A/B-test zal je merken dat het moeilijk is om succesvolle A/B-tests op te zetten op basis van data- en expertise-gebaseerde hypotheses. Daarom is het belangrijk om niet alleen te focussen op méér A/B-testen uit te voeren, maar op het verhogen van het percentage succesvolle hypotheses. 

Negen van de tien tests mislukken

Booking.com heeft met hun hoofdkantoor in Amsterdam meer dan 13.000 werknemers die 1,2 miljoen kamers per dag verhuren. Ze zijn uitgegroeid tot een van de grootste online hotelboekingssites van de wereld. Ze zijn namelijk niet alleen heel erg goed in het verhuren van hotelkamers, maar ook in A/B-testen. Evercore Equity Research stelt zelfs dat “het gebruik van A/B-testen door Booking.com leidt tot hogere conversies over het gehele platform dat resulteert in twee tot drie keer het gemiddelde van de gehele industrie”. Hun motto is dan ook “Als het getest kan worden, test het”.

Hun teams zijn daarom ingesteld op het onderzoeken van data, creëren van hypotheses, designen en het uitvoeren van A/B-testen. Dit proces is herkenbaar voor veel bedrijven die hun eigen CRO flow opgezet hebben. Er wordt gebruik gemaakt van tools als Google Analytics of Snowplow om inzichtelijk te krijgen waar de meeste bezoekers zich bevinden in de website en hoe zij zich begeven naar de check-out. Dit geeft meestal een indicatie van waar men uitvalt in een salesfunnel en waar de problemen kunnen zitten.

Daarna worden tools als Hotjar ingezet om op pagina-niveau inzichtelijk te maken waar men kijkt, klikt of feedback op geeft. Op basis van de tools worden hypotheses opgezet voor optimalisatie van die pagina’s, met het doel om een hogere CTR of conversie te realiseren.

Het resultaat: x van de tien testen mislukt, waarbij Booking.com dit op negen van tien testen zit. En de grootste frustratie is dat ze niet weten waaróm dit komt. Ligt het aan het slechte design, is het idee slecht of is de implementatie slecht? De tools geven inzicht in het ‘hoe’ en ‘wat’ over het gedrag van bezoeker, maar het is hun grootste frustratie en uitdaging om te pinpointen waarom de ene hypothese niet slaagt en de andere wél. Klinkt herkenbaar?

User research

“Om die reden is het belangrijk dat je je research budget niet alleen maar besteedt aan het opzetten van een A/B-testing framework, maar ook aan user research” roept Booking. User research wordt meer een input voor het genereren van hypotheses dan de output van een product development proces. Neem een hypothese of groep van hypothese in een user test en je bouwt data en inzichten op die je iets vertellen over waarom sommige hypotheses het wél redden en sommige niet. En dáárna wordt pas de hypothese getest met een A/B-test. Uiteindelijk worden hierdoor de eindklanten de drivers van het product en gaat het product zich vormen door kleine stappen te nemen en regelmatige user tests uit te voeren.

Element-niveau emotion analytics

Het blijft echter moeilijk om met traditionele methoden de ‘waarom’ te achterhalen van onbewust gedrag. Bezoekers landen op je website, bekijken producten, bereiken soms de check-out en verlaten de website. En dat binnen een á twee minuten. In traditionele usability tests is het moeilijk na te bootsen en geven participanten bewust feedback over dingen die ze thuis onbewust zouden uitvoeren. Iets waar mensen simpelweg niet goed in zijn.

Transavia heeft als einddoel van een CRO process om meer omzet te realiseren, betere resultaten en meer tevreden klanten door relevant te zijn. Ze hebben hierdoor de focus gelegd op neuro usability research om op element-niveau de ‘waarom’-vraag te beantwoord te krijgen.

Exponentiële groei

Door op elementniveau inzicht te krijgen vanuit kwalitatief onderzoek is het mogelijk om een hogere ratio succesvolle hypotheses op te stellen omdat hier ten eerste op een element niveau wordt gekeken naar gedrag van de participanten, en dit ten tweede op onbewust niveau gebeurt met behulp van EEG en eye tracking.

Deze emotion analytics gecombineerd met data analytics geeft een veel solidere basis voor hypothese-generatie en zorgt daardoor voor een verhoging van het aantal succesvolle A/B-tests. Daarnaast is het mogelijk om de emotionele beleving van de bezoekers als KPI te benoemen voor het online platform.

Zoals Transavia uitlegt vragen ze gebruikers om een specifieke taak uit te voeren op een website terwijl ze een EEG headset ophebben. “We kunnen dan hun hersenactiviteiten meten terwijl ze onze site doorlopen of bepaalde functies uitproberen. Dit vertelt ons niet alleen of de bezoeker zal converteren, maar ook op welke manier. We kunnen dus heel agressief zijn en ze laten converteren maar ze achterlaten met een slecht gevoel. En dat is iets wat we niet willen.”

Een voorbeeld voor mobile:

Uiteindelijk lijkt het standaard toevoegen van deze stap in de CRO-processen te leiden tot succesvollere hypotheses, en dus een sterkere groei in conversie door middel van A/B-testen. Wanneer je tooling goed zit qua A/B-testen en data analytics is het toevoegen van emotion analytics dus een goede volgende stap.

Meer en meer focus op user research bij bedrijven zorgt ervoor dat naast KPI’s als conversie, ook de online beleving getracked en geoptimaliseerd wordt. Zoals Transavia in de video ook uitlegt willen ze de klant niet met een slecht gevoel achterlaten terwijl ze wel converteren. Bij sites als Booking.com zal de nadruk veel meer op conversie liggen, maar kan dit wel effect hebben op de beleving en dus bijvoorbeeld retentie.

Nieuwe methoden als emotion analytics op gebied van online maken het mogelijk om een belangrijke deur te openen in het optimaliseren van het CRO-proces. Deze tools zijn snel met resultaten en bieden wetenschappelijke inzichten op onbewuste beleving, iets wat tot nu toe niet mogelijk was.

Deze nieuwe technieken zullen zich door blijven ontwikkelen naarmate er betere EEG-headsets, eye trackers, emotie-algoritmes, gezichtsherkenningssoftware en meer op de markt zullen komen. Hiermee lijkt het mogelijk om de ontwikkelingen op gebied van online naar een hoger niveau te tillen door emoties mee te nemen in bedrijfsdoelstellingen en ben ik benieuwd wat de toekomst ons zal brengen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Na FRENDZ nieuwe online labels rond merknaam V&D

Posted 20 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

V&D keert als zodanig niet meer terug, maar het bedrijf V&D Concepthouse, dat woensdag de sociale mode-app FRENDZ lanceerde, gaat nog wel wat doen met de erfenis van het beroemde warenhuis. Dat zegt mede-initiatiefnemer Ronald van Zetten tegen Emerce.

“We zullen wel flink veel kritiek over ons heen krijgen vanwege het feit dat we V&D niet laten terugkeren”, vertelde Van Zetten woensdag bij de lancering in het Amsterdamse etablissement The Avocado Show. Met FRENDZ, het ‘eerste social commerce platform waar fashionlovers en –kopers het helemaal voor het zeggen hebben’, richt V&D Concepthouse zich ook nog eens op een veel jonger publiek.

Vorig jaar namen Roland Kahn, Jaco Scheffers en Ronald van Zetten de merknaam en het internetplatform over van V&D, dat na tientallen jaren de deuren moest sluiten. Van Zetten: “Aanvankelijk hadden we een webwinkel willen optuigen met de bestaande software. We kwamen er al gauw achter dat dat platform, dat binnen V&D net was opgeleverd, nog niet compleet was. De investeringen om het weer op orde te krijgen, waren zodanig dat we beter iets heel nieuws konden beginnen.”

Dat is FRENDZ geworden. Niet de inkopers of grote stylisten zullen in de toekomst bepalen wat gemaakt en verkocht gaat worden, maar de consument. Die kan met de FRENDZ app zijn stem laten horen en zijn smaak delen. Een mooi jurkje of een pantalon kan direct worden gekocht. Wel vaak nog bij de webwinkel van de leverancier.

Met vaste partners zijn afspraken gemaakt over een commissie van 10 procent over de omzet, in totaal linkt FRENZ naar zo’n 800 retailers en daar zit bijvoorbeeld ook een Bijenkorf bij. Van Zetten: “Stel dat iemand iets leuks heeft aangetroffen bij een boetiek waar we nog niets mee hebben gedaan, pas als heel veel mensen daar gaan bestellen, gaan we eens met die partij praten. Over incidentele verkopen rekenen we niets.”

Eigen collecties gaat FRENDZ niet meer maken. Van Zetten: “Waarom zouden we? Er is voldoende aanbod.”

Merken kunnen geen posities binnen FRENZ kopen. “Daarmee doe je afbreuk aan het concept. De consument krijgt de regie, die mag niets opgedrongen krijgen.” Wel krijgen partners inzicht in de combinaties waarin merken voorkomen in gebruikerscollecties. Zo worden trends snel zichtbaar.

Social commerce gaat een revolutie ontketenen in de fashionindustrie, vertelde buitengewoon hoogleraar eMarketing Cor Molenaar gisteren in Amsterdam. “Mijn hart gaat harder kloppen bij dit soort initiatieven. In het verleden ging je naar de winkel om je te laten voorlichten, nu zijn het je vrienden die je adviseren.”

Van Zetten is tevreden als hij binnen enkele maanden ‘duizend gedreven gebruikers’ heeft. “Dat liever dan 100.000 passanten die zelf niet actief delen’.

FRENDZ wil al redelijk snel de internationale markt op. Daarnaast gaat V&D Concepthouse nieuwe concepten in de markt zetten. Daaronder de School Campus. Van brugpieper tot bovenbouwer, één keer per jaar konden die bij V&D losgaan op multomappen, etuis en agenda’s. Dat V&D concept wordt binnenkort nieuw leven ingeblazen. Online weliswaar.

Van Zetten: “De rol van V&D Concepthouse is dezelfde als die van Rocket Internet, het bedrijf achter Zalando. We gaan heel veel nieuwe dingen ondernemen.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

App-economie gegroeid: downloads, gebruik en omzet in de plus

Posted 20 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

App-ontwikkelaars zouden het moeilijk hebben, is geregeld te horen. Consumenten zijn zo verknocht aan de apps die ze op dit moment gebruiken dat geen nieuw programmaatje nog wordt opgenomen in het dagelijks ritme. Maar wat zeggen de cijfers over afgelopen jaar?

De app-economie wordt nog altijd gekenmerkt door een ongekend harde groei, zegt App Annie. In een rapport waarmee het terugblikt op het vorige jaar zegt het bureau dat zowel het gebruik, het aantal downloads en de omzet uit apps is toegenomen.

De belangrijkste meeteenheid om het succes van de app-economie te meten is het appgebruik en – specifieker – de totale tijd die door gebruikers is besteed. De data over de Android-gebruikers, met uitzondering de Chinese, zijn het meest gedetailleerd: App Annie weet te melden dat er meer dan 900 miljard uur is besteed aan mobiele applicaties. Zo’n 150 miljard uur meer dan in 2015. In praktisch alle landen is de groei tussen de 20 en 25 procent geweest.

Aantal downloads uit appwinkels (2016)

De ontwikkeling van het aantal downloads is in 2016 hetzelfde geweest als in 2015. Meer dan 90 miljard apps – Android en iOS – zijn geïnstalleerd op een apparaat. Dat zijn er 13 miljard meer dan in het jaar daarvoor. Opvallend is dat de groei van iOS-apps sterker is. Die groei schrijft App Annie grotendeels toe aan China, 80 procent van de extra groei is veroorzaakt door de Chinezen.

Gezien het onverwachte succes van Pokemon Go ligt het voor de hand te denken dat mensen vooral spelletjes hebben toegevoegd aan hun telefoons. Toch valt het effect daarvan mee. Van die waargenomen groei is het grootste deel het resultaat van gewone downloads: in Apples App Store waren met name de categorieën Financiën, Reizen en Foto & Video populair. In de Google Play-winkel blijken apps in de secties Productiviteit, Tools en Social gewild. Volgens de onderzoekers is er zo’n verschil in interesse omdat Android veelgebruikt is in opkomende markten. Consumenten downloaden daar, meer dan hier, nog de basisapps.

Omzet uit apps (2016)

Ook wat betreft omzet mogen app-ontwikkelaars niet klagen. Die is afgelopen jaar met 40 procent toegenomen tot 35 miljard dollar. In de iOS App Store lag het groeipercentage zelfs nog iets hoger op 50 procent. Net als in andere jaren zijn het vooral de spelontwikkelaars die goed geld verdienden. Driekwart (App Store) tot 90 procent (Apple Play) van alle omzet is met gaming apps verdiend. Toch staan deze cijfers nog maar voor de helft van het verhaal. Want wanneer App Annie de omzet toevoegt die bij derden is gegenereerd, bijvoorbeeld uit reclames, dan komt het op een totaalbedrag van 89 miljard dollar uit.

‘Bricks-and-clicksretailers krijgen het moeilijk’

Een interessante categorie om uit te lichten is die van de retailbedrijven. Zowel het verkeer als de verkoop verplaatsen zich gestaag naar het mobiele kanaal. Hoe goed slagen de bedrijven erin om hiervoor apps in te zetten? App Annie maakt onderscheid tussen apps van traditionelere bedrijven (bricks-and-clicks) en hun digital-first concurrenten. Met name die laatste groep weet gebruikers beter aan zich te binden. De groei in het aantal maandelijkse app-sessies is sterker. Deze achterblijvende betrokkenheid gaat hoogstwaarschijnlijk bij de bricks-and-clicksbedrijven voor problemen zorgen, wordt er voorspeld. Traditionele retailers die beschikken over een appstrategie moeten blijven investeren om de app relevant te houden, zo luidt het advies.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Marges eBay steeds meer onder druk

Posted 20 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

De kwartaalcijfers van eBay, moederbedrijf van Marktplaats, vielen beleggers gisteren ietwat tegen. Het handelsvolume steeg weliswaar 2,4 procent naar ruim 20 miljard dollar, maar analisten hadden gehoopt op 21 miljard.

De omzet was met 2,2 miljard wel hoger dan verwacht. De winst kwam uit op ruim 1 miljard dollar tegen 482 miljoen een jaar terug.

De marges worden kleiner als gevolg van grotere marketinginspanningen. Van veilinghuis is eBay steeds meer marktplaats geworden, maar Amazon is een geduchte concurrent.

Wel komt er steeds meer geld binnen via niche-activiteiten. Ticketverkoper StubHub zat het afgelopen kwartaal op een omzet van 210 miljoen dollar.

Eerder deze maand kondigde eBay de verkoop aan van zijn activiteiten aan Flipkart, het Amazon van India.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Reclamereus Omnicom presteert matig op thuismarkt

Posted 19 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Reclamegroep Omnicom zag zijn omzet in het eerste kwartaal met 2,5 procent stijgen naar 3,6 miljard dollar. De nettowinst klom naar 241,8 miljoen, 10,7 procent meer dan een jaar geleden.

De organische groei van de groep, met onder meer DDB en BBDO Worldwide, bedroeg gemiddeld 4,4 procent, maar dat werd niet gehaald in Noord Amerika. Opvallend zijn de matige resultaten van Accuen, gespecialiseerd in geautomatiseerde advertentieverkoop.

Omnicom heeft de laatste maanden diverse activiteiten afgestoten, waaronder Novus.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Zalando haalt 1 miljard euro omzet net niet

Posted 19 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Zalando kwam het afgelopen kwartaal net niet boven de 1 miljard euro omzet uit. De omzetgroei was met 22 tot 24 echter stabiel.

Zoals gebruikelijk loopt de retailer vooruit op de definitieve kwartaalcijfers die 9 mei bekend worden gemaakt.

Het Duitse bedrijf verwacht een omzet van tussen de 971 en 987 miljoen euro. De winstmarge van 1 tot 3 procent blijft gelijk aan het voorgaande jaar. Het aangepaste EBIT moet uitkomen tussen de 10 en 30 miljoen euro.

Zalando moet het nog steeds hebben van de Duitstalige markt. Daar wordt winst gemaakt, elders in Europa nog niet.



Lees het volledige bericht op Emerce »