Posts Tagged ‘mobiel’

Mobieltje als OV-chipkaart bij KPN en Vodafone

Posted 22 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Klanten van Vodafone en KPN kunnen vanaf vandaag hun Android-toestel gebruiken als OV chipkaart. Ook klanten van Simyo, Yes Telecom en Telfort hebben die mogelijkheid als zij zich aanmelden op ov-chipmobiel.nl.

De mobiele telefoon werkt dan net als de OV-chipkaart, al worden afwijkende abonnementen en trajectkaarten nog niet ondersteund.

Vodafone-klanten moeten de app installeren via de Vodafone Wallet-app, KPN-klanten moeten de OV-chipmobiel-app gebruiken. Daarmee kunnen klanten hun actuele saldo bekijken en de laatste tien ritten.

Voor zover bekend heeft OV-chipkaartmaker Translink nog geen contracten met andere mobiele aanbieders. iPhone gebruikers hebben pech. Apple geeft de aanbieders namelijk geen toegang tot de NFC chip.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Infographic: 104 onbekende feiten over mobiele marketing

Posted 20 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Mobiele marketing is een verzamelbegrip voor een groot aantal promotionele activiteiten: van het gebruik van QR codes tot locatiegebaseerde campagnes. Al in 2011, ruim tien jaar nadat de eerste mobiele advertentie via SMS was verzonden, was het een industrie van 14 miljard dollar. Website Builder zette een groot aantal feiten met betrekking tot mobiele marketing onder elkaar. 

Meer weten over mobiele marketing? Emerce Tech Live! bundelt diverse sprekers in een track over mobiele toepassingen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Brondata in opmars: Nederland voorop

Posted 19 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Met de invoer van Payment Service Directive 2 (PSD2) kunnen consumenten derde partijen Access to Account (XS2A) verlenen. Zij kunnen dan met toestemming van de rekeninghouder toegang krijgen tot hun rekeninginformatie en/of transacties. Doel van deze wetgeving is om meer innovatie en concurrentie in de financiële dienstverlening te creëren. Hoewel PSD2 veel uitdaging biedt voor banken, is het voor de consument vooral spannend wat voor nieuwe diensten zullen worden ontworpen. Maar in hoeverre biedt Nederland een vruchtbare bodem voor zulke dienstverleners? En welke valkuilen staan ze nog in de weg?

Brondata is op dit moment een veelbesproken onderwerp in de financiële dienstverlening, voornamelijk vanwege de disruptieve potentie. Brondata is data die direct ontsloten wordt vanuit de plek waar het origineel opgeslagen ligt, zonder tussenkomst van een derde partij. Voordeel hiervan is dat er te allen tijde wordt gewerkt met betrouwbare en up-to-date informatie.

Financiële dienstverleners kunnen met behulp van brondata een grote inhaalslag maken op het gebied van efficiëntie. Door het ontsluiten van bijvoorbeeld inkomensgegevens van het UWV of belastingaangiftegegevens bij de Belastingdienst kunnen die gegevens direct naar de financieel adviseur, hypotheekverstrekker of levensverzekeraar worden verstuurd. Zo wordt papieren documentatie vermeden, is data betrouwbaarder en kan er 25 tot 50 procent efficiënter worden gewerkt.

Initiatieven die overheidsdata trachten te gebruiken zijn er al: Ockto,  Financieel paspoort en Lckr. Echter, alleen Ockto wordt op dit moment al toegepast, o.a. door hypotheekverstrekker MoneYou (dochter ABN AMRO Bank) en DHA. De opkomst van deze applicaties is wellicht een voorbode voor het succes van applicaties die zullen voortvloeien uit de invoer van de PSD2. Een recent onderzoek van de Europese Unie getuigt namelijk van een uitstekend klimaat voor brondata-applicaties.

DESI en digitalisering overheidsdiensten

De Europese Unie publiceert jaarlijks een rapport met daarin de Digital Economy and Society Index (DESI). Deze index is een graadmeter voor hoe Europese lidstaten zichzelf ontwikkelen op het gebied van digitaal concurrentievermogen. Het rapport wijst Nederland aan als een van de voorlopers op het gebied van digitalisering, tezamen met Estland en Noord-Europese landen als Zweden, Denemarken en Finland. De DESI meet 5 dimensies: connectiviteit, menselijk kapitaal, internetgebruik, integratie van digitale technologie en digitale overheidsdiensten.

  • Onder connectiviteit wordt verstaan: de beschikking tot vaste en mobiele internetaansluitingen, de snelheid daarvan en de betaalbaarheid van zulke netwerken.
  • Menselijk kapitaal verwijst naar de capaciteiten en vaardigheden van de nationale bevolking om gebruik te maken van de beschikbare digitale infrastructuur.
  • Het daadwerkelijke internetgebruik meet waar het internet voor wordt gebruikt, zoals het bekijken van online content of het verzorgen van communicatie en transacties.
  • De dimensie integratie van digitale technologie legt uit in hoeverre digitale technologie integraal onderdeel is geworden van algemene bedrijfsvoering en de relevantie van eCommerce.
  • De beschikbaarheid van digitale overheidsdiensten geeft niet alleen aan in hoeverre de overheid gedigitaliseerd is, maar ook in hoeverre de data van de burger waarover de overheid beschikt online beschikbaar wordt gemaakt aan de burger.

Naast de hoogste score op het gebied van connectiviteit (83%) scoort Nederland ook hoog op beschikbaarheid van digitale overheidsdiensten (76%). Redenen dat Nederland hoog scoort, zijn het aanbod van vast en mobiel internet, de prijs van die netwerken en de uitgebreide 4G-dekking. Qua menselijk kapitaal scoort Nederland hoog op het aantal mensen dat internet gebruikt en de mate waarin de bevolking over basisvaardigheden beschikt die nodig zijn om gebruikt te maken van wat het web haar biedt.

Nederland scoort eveneens erg hoog op het aanbod van digitale overheidsdiensten en het aantal vooraf ingevulde formulieren die beschikbaar zijn bij de overheid. Deze combinatie van factoren vormen een stabiele basis waarop brondata-applicaties gebouwd kunnen worden.

De beschikbaarheid van een nationale online identificatiemethode als DigiD en de toegang die het verschaft tot het digitale overheidslandschap, simplificeert het ontsluiten van de data die dat landschap beheert. Als doorslaggevende factor brengen deze applicaties veel gemak en tijdswinst met zich mee voor de gebruiker.

De goede digitale infrastructuur, de kennis en vaardigheden om onlinediensten te gebruiken en de gevestigde landelijke identificatiemethode bieden ook een goede basis voor XS2A-applicaties. Maar wat misschien nog wel meer bijdraagt, is het relatief hoge gebruik van online banking binnen Nederland. Onderstaande grafiek toont dat Nederlanders in de top drie staan als het gaat om online bankzaken regelen. Zeer relevant, want met PSD2 krijgt de consument de regie over zijn of haar bankdata en kan ervoor kiezen om dit te delen met derde partijen. Deze derde partijen kunnen met deze informatie, diensten aanbieden die een beeld schetsen van de financiële situatie van een persoon of huishouden.

Een hoge adoptie van online bankieren lijkt erop te wijzen dat consumenten in Nederland gewend zijn aan het online werken met financiële gegevens en applicaties. Daarnaast betekent dit dat de infrastructuur er al ligt om financiële data vanuit de bron digitaal beschikbaar te maken. Kortom: een goede basis voor XS2A-applicaties.

Struikelblokken

Helaas biedt een hoge DESI-score geen garantie voor een succesvolle invoer van PSD2; er zijn namelijk ook valkuilen. Ten eerste blijft de consument uiteindelijk de eindverantwoordelijke over zijn of haar data. Zij dient altijd akkoord te geven voor bijvoorbeeld het gebruik van betaalinformatie. Vertrouwen is hierin een cruciale factor.

Als consumenten immers hun transactiegegevens niet willen delen, komt het proces stil te staan. Het creëren van een vertrouwelijke sfeer rondom je services is wellicht wel de belangrijkste sleutel tot succes voor dienstverleners. Banken hebben hierin misschien wel een inherent voordeel omdat zij zich vanaf hun ontstaan al profileren als een vertrouwenspartij voor consumenten. Nieuwe spelers moeten dit vertrouwen nog zien te winnen.

Ten tweede is er de vraag hoe banken om zullen gaan met de PSD2. Banken dreigen namelijk hun monopoliepositie te verliezen op het gebied van financiële consumentendata. Voor banken wordt het de vraag of zij in de nieuwe situatie hun relevantie kunnen bewaken. Voor derden die de markt proberen open te breken, is het interessant of banken ze hierin tegen kunnen zitten.

De sleutel tot succes kan weleens zitten in samenwerking. De consument krijgt namelijk steeds meer de regie over zijn persoonlijke data en wil het gebruiken om relevante inzichten te verkrijgen of concrete acties uit te voeren. De vraag is welke partij, of combinatie van partijen, de functionaliteit kan bieden waar de consument naar op zoek is.

Ten slotte valt te bezien hoe deze applicaties worden geportretteerd in de media. Het zal niet de eerste keer zijn dat kritische vragen worden gesteld omtrent diensten die met vertrouwelijke data uit de voeten willen. Een goed voorbeeld hiervan is ING’s poging in 2014 om transactiegegevens met adverteerders te delen om zo de klant betere aanbiedingen te kunnen doen. Hoewel volgens ING klanttevredenheid het doel was, werd dit door verscheidene kranten slecht ontvangen. Een soortgelijke dreiging bestaat voor brondata-applicaties die zeer destructief kan uitvallen.

Samenvattend lijkt het erop dat dezelfde factoren die het ontsluiten van data uit overheidsbronnen mogelijk maken, ook veelbelovend zijn voor het succes van XS2A-applicaties. Niet alleen is een groot gedeelte van de Nederlanders verbonden met het internet en vaardig genoeg om onlinediensten te gebruiken, de digitale infrastructuur bij overheid en banken is ook nog eens op peil.

Echter, het blijft de vraag hoe graag consumenten hun bankdata willen delen met partijen buiten de bank en wat de bank hier zelf nog in kan betekenen. De exacte gevolgen voor de financiële sector zijn daarom allesbehalve vanzelfsprekend.

*) Dit artikel is geschreven in samenwerking met Wouter Werkman.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Marketingmails in platte tekst: effectief dus waarom niet?

Posted 19 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Een marketingmail herken je uit duizenden. Een zeer korte blik is vaak al voldoende om te bepalen dat de e-mail (doorgaans) in de prullenbak thuishoort. Hoe anders is dat als een bedrijf een e-mail in platte tekst stuurt. Plots krijgt het bericht veel meer aandacht. Een optie voor meer marketeers?

Zo gek is het idee niet: geef de ontvanger het gevoel een persoonlijk bericht te krijgen en hij of zij zal de e-mail met bijpassende aandacht lezen. Zo is onderstaande tekst ongetwijfeld beter gelezen dan menig andere mailing van verzender TNW. En dat terwijl de e-mail van TNW natuurlijk ook gewoon een manier is om de ticketverkoop onder de aandacht te brengen.

Afbeelding: voorbeeld van e-mail in ‘platte tekst’

Platte tekst past bij persoonlijke relatie

Er zijn er die het opgemaakte html-bericht vaarwel zeggen. Karthik Suroju is e-mailmarketeer voor Newton, de ontwikkelaar van de gelijknamige e-mailsoftware. In zijn visie is e-mail namelijk een conversatiemiddel tussen een bedrijf en de klant. Alleen een bericht met platte tekst past bij zo’n relatie. Een onopgemaakt bericht voelt namelijk als een één-op-ééngesprek. Eind vorig jaar zette hij dan ook de HTML-opmaak overboord.

Hij is zeker niet alleen in zijn vraag of HTML wel automatisch de beste keuze is. Een marketeer van Hubspot merkte twee jaar geleden al op dat een onopgemaakt bericht goed is voor de effectiviteit ervan. De berichten worden vaker geopend en er wordt meer op de links geklikt. En de marketeer hoeft niet bang te zijn dat er geen hyperlinks of tracking pixels zijn mee te sturen. Je kunt een HTML-bericht er ook gewoon uit laten zien alsof deze onopgemaakt is – zie bijvoorbeeld het bericht van TNW.

De betreffende Hubspot-marketeer verwijst naar een eerder uitgevoerd onderzoek. Op de vraag of mensen de voorkeur geven aan een opgemaakt of tekstueel bericht zegt bijna tweederde graag e-mails te ontvangen met afbeeldingen en vormgeving. Maar zegt de marketeer, hoe meer je als marketingafdeling hiermee test hoe duidelijker wordt dat mensen in praktijk iets heel anders willen. Men houdt van eenvoud. Uit A/B-tests blijkt dat hoe rijker het bericht hoe lager de open-ratio. Uit de data van miljarden e-mails die door Hubspot-klanten zijn gestuurd blijkt bovendien dat er in html-berichten minder wordt geklikt.

De e-mailmarketeer van Newton heeft een vergelijkbare ervaring, vertelt hij in een interview. Rondom de promotie van een nieuw product wilde hij het template van de e-mails net zo minimalistisch maken als de software zelf. De lezer moet in zijn ogen namelijk niet onnodig afgeleid worden. Maar waarom dan geen bericht met uitsluitend platte tekst? Dat bleek een onconventioneel plan met goede uitwerking: de respons nam er met 156 procent door toe.

Behalve betere cijfers levert het volgens Suroju ook een betere relatie met klanten op. ‘Ze weten dat ze met mensen praten. Het moedigt ze aan om te antwoorden en feedback te delen. En wat is waardevoller voor een bedrijf dan feedback van gebruikers?’. Natuurlijk is een onopgemaakt bericht niet altijd een uitkomst. Een aanbiedingsmail tijdens Thanksgiving en een bericht over nieuwe productkenmerken vroegen eigenlijk wel om visuele communicatie. Toen heeft het bedrijf wel gekozen voor een bericht met afbeeldingen. Maar nooit meer dan één.

‘Doel is wezenlijk anders’

De vraag hoeveel marketeers de onopgemaakte mails inzetten als alternatief voor de nieuwsbrief of mailing met laatste aanbiedingen blijkt lastig te beantwoorden. Yvonne Rosheuvel, die klanten van Blinker helpt bij de e-mailmarketing, krijgt er in ieder geval nauwelijks tot geen vragen over. “In de meeste gevallen wordt e-mailmarketing gebruikt voor de profilering. En daar hoort een professionele uitstraling bij. De lezer moet zien dat er met zorg aan is gewerkt.”

Bedrijven die op tekst gebaseerde e-mails versturen doen dat in haar ervaring niet bij alle berichten, maar kiezen er een select aantal voor. Het zijn de e-mails die een servicegericht doel hebben en klanten moeten informeren. “Meetresultaten vergelijken is dan ook moeilijk. Het doel is wezenlijk anders.”

Ook Joris de Bruijne van e-mailbureau Add to Favorites zegt niet te beschikken over recente testdata, maar wel te geloven in de kracht van dergelijke berichten. Het past in zijn ogen goed in de trend van ‘less is more’ die in e-mail en digitaal design steeds meer aandacht krijgt. “Door de toename van het aantal mobiele gebruikers moeten boodschappen steeds korter en duidelijker zijn.”

E-mails die tekstueel zijn en minder op marketingberichten lijken doen het in zijn ervaring vrij goed. Hij geeft als voorbeeld de berichten met procesupdates die bedrijven geregeld sturen. “Dat zijn toch de e-mails die op ‘clicks’ en ‘opens’ verreweg het beste scoren. Het heeft er natuurlijk mee te maken dat de berichten vaak direct na een eigen handeling worden afgeleverd, maar de opmaak helpt zeker om nets iets meer op te vallen.”

‘Rol weggelegd voor beide varianten’

De Bruijne moedigt marketeers aan te experimenteren en het effect ervan te meten. Maar hij waarschuwt tegelijkertijd om het principe niet klakkeloos overal op toe te passen. “Laat zo’n mail andere boodschappen en communicatie-elementen ondersteunen. En zorg ervoor dat de berichten niet net zo commercieel worden als alle andere. Daar prikken klanten doorheen. Dat leidt alleen maar tot irritatie en is vervolgens slecht voor het resultaat.”

Uit eigen ervaring weet Rosheuvel dat de lezer na verloop van tijd ook bij een op tekst gebaseerd bericht de aandacht verliest. De gewenning treedt op. “En dan komen de voordelen van een HTML-bericht naar voren. Door de afwisseling van beeld, tekst en knoppen zijn de e-mails makkelijk scanbaar.” Juist door af te wisselen blijven bedrijven wat haar betreft verrassen. Bovendien valt een knop als call-to-action veel meer op dan een onderstreepte link. Net als De Bruijne denkt ze daarom dat er een rol is weggelegd voor beide varianten. Met ieder zijn eigen doel.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Programmatic videoreclame door het dak’

Posted 19 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

De beschikbare inventaris voor programmatic videoreclame is afgelopen jaar verdubbeld. Op mobiel is de beschikbare reclameruimte zelfs met 200 procent gestegen, aldus Elwin Gastelaars van technologiebedrijf SpotX.

Gisteren organiseerde SpotX, als bemiddelaar in online reclame, een middag waar het adverteerders, uitgevers en mediabureaus bijspijkerde over de stand van zaken bij videoreclame.

“Vijfendertig procent van het aanbod wordt programmatic verhandeld. Op televisie is dat nul, hoewel de decoders van kabelaars en telco’s overal staan. Er wordt wel heel veel gestreamd. Denk aan de huldiging van Feyenoord, de start van Viceland, de uitzendingen van Telegraaf VNDG en de Europa League bij RTL XL. Daar kunnen we op doorpakken”, aldus Gastelaars tegen Emerce.

“Er is een omslag gaande. Dat zie je aan hoeveel er programmatic worden verhandeld bij BrandDeli, RTL XL en de STER. Vooral bumpers en tag alongs, formats die we ook al kennen van radio en televisie.” Naarmate de digitale formats meer gaan lijken op wat de markt al kent, zal de vraag ernaar ook toenemen. De echte specialist zal ook met 1st en 3rd party data willen werken en veel statistieken willen ontvangen.

Om in dit soort vragen te voorzien, introduceert SpotX drie nieuwe producten. Bij log level reporting krijgt de uitgever statistieken tot op het niveau van de individuele veiling. Audience lock, het tweede product, stelt partijen – bijvoorbeeld uitgevers en retailers – in staat om hun eigen data in te laden voor targeting zonder dat partijen elkaars data kunnen zien. “Double blind en juridisch ook helemaal dichtgetimmerd”. Partijen kunnen zo klik-, in app- en kijkgedrag combineren met zaken als intentie- en transactiegegevens van shoppers.

Een reclameformat dat bekend is in de tv-wereld komt binnenkort ook naar het netwerk van SpotX. Podding, zoals het heet, is het bundelen van reclameuitingen in een heel reclameblok. Er zitten meerdere commercials in een blok dat bij een online video wordt meegestreamd. Te targeten met cookies. “Iets minder gedreven door de publishers, wat meer door de uitgever. Spannend voor iedereen omdat de ene partij wat controle weggeeft en de ander bijna realtime moet beslissen welke reclame wanneer waar wordt ingezet.”

De managing director van SpotX in Nederland, een dochter van RTL Group, denkt dat de programmaticvideomarkt in 2020 zes procent van het totaal is, ruim vijftig miljoen euro.

Foto: Joi Ito (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Apple start serie workshops in zijn winkels

Posted 18 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Apple rolt ook in Nederland en België het zogenoemde Today at Apple-programma uit, een serie workshops over onder meer fotografie, video, programmeren, kunst en design.

De sessies in de Apple Stores zullen worden gegeven door Apple-medewerkers en in sommige steden worden bekende kunstenaars, fotografen en muzikanten uitgenodigd.

Apple had het Today at Apple-programma al eerder aangekondigd, maar deze week is het ook daadwerkelijk van start gegaan. Veel Apple Stores zijn hiervoor aangepast. Zo krijgt elke Store een mobiel scherm en nieuwe zithoeken.

Bij Apple Amsterdam wordt een ‘fotowandeling’ met VSCO gehouden en bij Apple Haarlem is er een sessie over fotografie. Ook in België zijn er evenementen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Adobe en Microsoft werken samen om marketeer te helpen met AI

Posted 18 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Adobe en Microsoft zijn een nauwe samenwerking aangegaan om tot betere marketing automation te komen, ondersteund door kunstmatige intelligentie. Daarmee hopen de bedrijven een antwoord te hebben op Salesforce. Wat betekent de integratie van de twee voor de marketeer?

Afgelopen najaar werd al bekend dat Adobe gaat werken met Microsofts cloudproduct Azure voor de overkoepelende Experience Cloud. Adobe is de voorkeurspartner om marketingservices te koppelen aan het CRM-product Dynamics 365. De eerste vruchten van deze aangekondigde samenwerking zijn nu door gebruikers te plukken. Op het jaarlijkse event liet het bedrijf zien dat marketingtools als Adobe Campaign – voor het managen van campagnes op web, mobiel en e-mail – zijn geïntegreerd met Dynamics 365.

Antwoord op Salesforce

Voor marketeers betekent dit ook dat die Adobes kunstmatige intelligentie (Sensei) kunnen koppelen aan de data die al zijn opgeslagen. Adobe plukt als het ware de gegevens uit de CRM-oplossing of maakt gebruik van Microsoft Power BI – de dienst voor business intelligence. Daarmee moeten de campagnes uiteindelijk geautomatiseerder en slimmer van worden. Het is de bedoeling dat Sensei op den duur ook is te gebruiken in Microsofts software. Onbekend is nog wanneer die integratie is afgerond.

Concreet zou een bedrijf dat nu al met Adobe Analytics werkt de data kunnen combineren met de gegevens uit Microsofts ecosysteem om Sensei daarmee te voeden. Een algoritme kijkt vervolgens naar alle beschikbare informatie om tot de juiste attributie en advertentiebestedingen te komen. Vervolgens visualiseert Microsoft Power BI de toekomstscenario’s. De integratie van Adobe en Dynamics 365 zorgt er vooral voor dat bedrijven in staat zijn complete klantprofielen op te bouwen. De marketing- en salesafdeling zijn verzekerd van de juiste gegevens en zullen zo hun marketing automation beter inrichten.

De samenwerking is te zien als antwoord op het uitdijende Salesforce. Microsoft is een gevestigde naam op de CRM-markt, maar heeft op het vlak van marketing weinig te bieden. Adobe zou juist weer gebaat zijn bij deze component en Azure. Salesforce kondigde bovendien op zijn beurt al eerder Einstein aan – een assistent die voorspellende analyses afgeeft aan gebruikers van alle deeloplossingen van het bedrijf. IBM heeft natuurlijk met Watson zelf al een supercomputer in huis en vorige maand introduceerde Zoho ook nog een slimme tool. Het moge duidelijk zijn: kunstmatige intelligentie kan niet ontbreken in het beheer van campagnes en klantrelaties.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Toekomst van hoteldistributie: voice search, loyaliteit en meta’s

Posted 17 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Zijn loyaliteitsprogramma’s en metazoekmachines het antwoord op de gebeden van hoteliers die niet meer zo afhankelijk willen zijn van online reisagenten? De meningen waren verdeeld tijdens het distributiedebat op de Phocuswrightconferentie die op 17 en 18 mei in Amsterdam wordt gehouden.

Wat loyaliteitsprogramma’s betreft was het standpunt van CitizenM lange tijd een duidelijke nee. “Moeten we mensen een incentive bieden om in onze hotels te verblijven?” zegt Chief Commercial Officer Lennert de Jong. “Nee, we moeten ervoor zorgen dat ze de beleving zo goed vinden dat ze terug blijven komen.”

Toch is citizenM een loyaliteitsprogramma gestart, in navolging van het Genius-programma van Booking.com, die leden een korting van 10 procent biedt op hotelprijzen. “We hebben vrijwel dezelfde dag een gesloten gebruikersgroep opgezet. Deelnemers krijgen een drankje bij aankomst en dezelfde prijs als Genius-leden. Dat loopt goed.”

Terri Scriven, hoofd Hospitality & Travel van Google, vindt deze focus op prijs en kortingen niet handig. “Directe boekingen realiseer je met technologie die net zo geavanceerd is als die van de OTA’s. Maak gebruik van wat je weet van de verschillende segmenten die je bedient. Dat levert rendement op, zonder dat je de prijs van een hotelkamer moet verlagen.”

Guillaume de Marcillac ontwikkelt bij Fastbooking technologie die hotels helpt om meer directe boekingen te genereren. Maar, zo zegt hij, het uitbannen van OTA’s is niet mogelijk. “Waar het om gaat is dat je de boekingskanalen in balans brengt, zodat je niet van één partij afhankelijk bent.”

De Jong werpt tegen dat het juist niet om de kanalen gaat, maar om betrokkenheid bij je merk. “Dat vergt investeringen in zowel het hotel zelf als in technologie. Ik maak me geen zorgen over de acquisitiekosten van een gast die via een OTA binnenkomt. Wij hebben het bedrijf Ireckon opgericht om ervoor te zorgen dat we uit alle gefragmenteerde systemen die de hotellerie telt, klantdata kunnen halen. Zo verkrijgen we een volledig klantbeeld waarmee we de betrokkenheid bij onze keten kunnen vergroten. Die aanpak betaalt zich uit.”

En de rol van metazoekmachines? De Marcillac meent dat dit een geweldig alternatief is voor OTA’s. “Het is een goede manier om in contact te komen met consumenten die prijzen willen vergelijken en daarom waarschijnlijk aarzelend tegenover een directe boeking staan. En als je als hotel er niet op gaat staan, wordt je plek ingenomen door een OTA, waar je vervolgens een flinke commissie aan betaalt.”

De Jong van CitizenM geeft zijn geld daarentegen liever aan iets anders uit. “Ik ben niet bereid om de CPC van metazoekmachines te betalen om als een van de vele resultaten weergegeven te worden. Dan focus ik me liever op klanten die echt voor ons kiezen.”

Wat de toekomst betreft, die ligt volgens Scriven in voice search. “Twintig procent van de mobiele zoekopdrachten gebeurt met de stem. Expedia is hier nu ook mee aan het experimenteren. Iets om over na te denken.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nieuwe retailinnovaties in Commerce Cloud Salesforce

Posted 17 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Salesforce breidt zijn Commerce Cloud Einstein uit met nieuwe diensten voor retailers. Die kunnen gepersonaliseerde, AI-gestuurde ervaringen aan klanten aanbieden, zowel via de winkel als mobiel.

De technische complexiteit en de middelen die nodig zijn om kunstmatige intelligentie toe te passen, vallen doorgaans buiten het bereik van de meeste detailhandelaren. Bovendien ondersteunen veel winkelsystemen niet de gehele customer journey en ontbreekt vaak de flexibiliteit die nodig is om de verschillende winkelkanalen hierop af te stemmen.

Einstein Predictive Sort gebruikt bijvoorbeeld machine learning om de volgorde waarin producten verschijnen op de zoek- en categoriepagina’s ote personaliseren. Daarbij worden de bestelgeschiedenis en het surfgedrag van consumenten geanalyseerd.

Nieuw is ook de Android Pay Integratie voor online betalingen.

Meer dan 2.000 online winkels in 53 landen werken al met Commerce Cloud Einstein en verkochten met behulp van dit platform in 2016 voor meer dan 16 miljard dollar aan producten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Inspelen op Voice Search? Begin vandaag

Posted 16 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

“Moet ik al gaan inspelen op spraakgestuurde zoekopdrachten en zo ja, hoe kan ik dat doen?”. We geven je in dit artikel graag een update rondom de Voice Search ontwikkelingen. Hoewel er steeds vaker wordt geschreven over deze nieuwe manier van zoeken, ondernemen nog maar weinig bedrijven actie. Doorloop het stappenplan en kom erachter of je websitebezoekers gebruik maken van gesproken zoekopdrachten. Hoe sneller je inspeelt op de verkregen inzichten, hoe grotere stappen je maakt.  

Voice search is het opvragen van informatie via een smartphone, waarbij de zoekopdracht wordt ingesproken in plaats van getypt. Door de continue ontwikkeling van Artificial Intelligence, zijn zoekmachines beter in staat om zoekopdrachten in de juiste context te plaatsen en worden antwoorden relevanter voor de gebruiker. Met een toekomst waarin digitale assistenten (zoals Google assistent die het Google Home device aandrijft) steeds belangrijker worden, moeten we rekening houden met PASO. Met wat? Met Personal Assistant Search Optimization.

Voice Search ontwikkelingen binnen Nederland

Ligt er met Voice Search een tweede mobiele revolutie op de loer? Het is al langer bekend dat 20 procent van alle zoekopdrachten binnen de VS spraakgestuurd is. Je zal begrijpen dat Voice Search met name gebruikt wordt wanneer mensen onderweg zijn en de handen in gebruik hebben (het besturen van een auto) of wanneer het typen lastig is (op een mobiele telefoon). Hoewel oudere generaties de gewoonte hebben om te typen, hoeven jongere generaties niet eens meer hun best te doen om Voice Search te adopteren. Zij zijn beland in een tijdperk waarin mobiele applicaties Voice promoten en dit als normaal wordt beschouwd in het straatbeeld.

Daarom wordt verwacht dat in 2020 zelfs de helft van alle zoekopdrachten gesproken of op afbeelding gebaseerd zal zijn. Door content te creëren die digitale assistenten kunnen gebruiken om vragen van de Voice gebruikers te beantwoorden, speel je in op de Voice Search revolutie. Hoe sneller je handelt, hoe meer je uitloopt op de concurrentie.

Hoewel het nog niet is onderbouwd met data, schat Google dat reeds zes procent van de Nederlandse zoekopdrachten spraakgestuurd is. Dus ga maar na: hoeveel van jouw bezoekers maken al gebruik van Voice Search?

Hoe herken ik een spraakgestuurde zoekopdracht?

Je herkent een spraakgestuurde zoekopdracht aan verschillende kenmerken. Volgens onderzoek van Moz zijn er in de basis vijf verschillen tussen tekst en spraakgestuurde opdrachten. Voice Search bevat langere zoekopdrachten (1) en natuurlijker taalgebruik (2). Dit zorgt voor meer vragende zoekopdrachten (3), wat de intentie van de zoekopdracht duidelijker maakt (4). Tenslotte zijn Voice resultaten vaker lokaal gebaseerd (5), waardoor er meer ‘quick answers’ en ‘quick actions’ worden getriggerd.

Maar wat betekent dit voor je? Om in te spelen op Voice Search, moet je eerst de spraakgestuurde zoekopdrachten van je bezoekers inzichtelijk hebben.

Hoe maak ik spraakgestuurde zoekopdrachten inzichtelijk?

Spraakgestuurde zoekopdrachten maak je inzichtelijk door gebruik te maken van de bovenstaande kenmerken. Tot op heden maakt Google namelijk nog geen onderscheid tussen tekst en spraakgestuurde zoekopdrachten binnen een zoektermenrapport. Om erachter te komen of je bezoekers al gebruik maken van Voice Search, kan je een inschatting maken van de spraakgestuurde zoekopdrachten op basis van de eerder genoemde kenmerken. Hoe je dit doet? Wij hebben het stappenplan Voice Search Insights voor je gemaakt.

Stappenplan: Voice Search Insights

  1. Download een Search Query Report (SQR) vanuit een Webmaster Tool, zoals Search Console. Via Super Metrics kan je op een snelle manier de top-5000 organische zoektermen voor je website exporteren naar Google Sheets.
  2. Wanneer je de voorkeur hebt om in Excel te werken, kan je de resultaten plakken in Excel en vanuit daar verder werken. In dit stappenplan gebruiken wij Google Sheets.
  3. Zorg dat je de zoektermen en impressies in Google Sheets hebt staan, aangevuld met kolommen naar eigen wens.
  4. Voeg een extra kolom toe en plaats hierin het aantal woorden waaruit de zoekterm bestaat. Je kan hiervoor de volgende formule gebruiken:Afbeelding 1. Formule voor ‘aantal woorden’
  5. Filter op lengte van de zoekterm, waardoor je de zoekopdrachten met (bijvoorbeeld) minimaal vijf zoekwoorden overhoudt.
  6. Nadat je hebt gefilterd op een minimaal aantal woorden, selecteer je enkel de zoekopdrachten die er natuurlijk geformuleerd uitzien. Een voorbeeld van één van onze partners, ziet er als volgt uit:

    Afbeelding 2. Voorbeelden van spraakgestuurde zoekopdrachten

Natuurlijk moeten we met deze aanpak een slag om de arm houden. Maar totdat Google daadwerkelijke spraakgestuurde zoektermen inzichtelijk maakt, is het een goed begin. Hoe nu verder?

SEO ontmoet PASO

Nu je een inschatting hebt van relevante spraakgestuurde zoekopdrachten, kan je aan de slag. Verwerk concrete actiepunten in je SEO strategie. Hierbij is het belangrijk dat je begrijpt wat PASO inhoudt.

Wanneer je bezoeker gebruikmaakt van een digitale assistent, zullen vraag en antwoord elkaar direct en logisch opvolgen. Je moet je voorstellen dat je bezoeker een interactief gesprek voert door middel van haar smartphone. Dit wordt ook wel conversational search genoemd.

Het is daarom belangrijk dat de websitecontent zo natuurlijk mogelijk is geschreven. Verwerk de Voice Search Insights (die je hebt gevonden dankzij het doorlopen van het stappenplan) in je content en geef zo natuurlijk mogelijk antwoord op deze zoekvragen. De digitale assistenten herkennen deze vraag-antwoord constructie, waardoor je de kans vergroot dat je content als antwoord wordt gebruikt.

Daarnaast blijken digitale assistenten vaak featured snippets te gebruiken als informatiebron. Deze snippets zijn uitgelichte antwoorden op zoekvragen binnen Google, die vaak met ‘wat’ of ‘hoe’ beginnen. Ze verschijnen in een box boven de eerste organische positie en worden daarom ook wel de ‘nul-positie’ genoemd.

Afbeelding 3. Voorbeeld van een featured snippet

Hoe kan je content optimaliseren om als featured snippet weergegeven te worden in de SERP? Maak zoveel mogelijk gebruik van de eerder genoemde vraag-antwoord constructie. Verwerk de exacte zoekvraag bij voorkeur in een header (h1 of h2) en geef hieronder direct antwoord op de vraag. Een andere manier is om een kennisbank te starten binnen hetzelfde domein, waardoor je aan Google laat zien dat je een autoriteit bent binnen deze niche. Maak ook hier gebruik van de vraag-antwoord constructie, en profiteer tegelijkertijd van unieke en relevante content.

Tenslotte zijn de Voice Search resultaten vaker lokaal gebaseerd, waardoor we je adviseren om de microdata op orde te hebben. Voorbeelden van microdata zijn je adres, telefoonnummer en openingstijden. Zorg dat de broncode van je webpagina is voorzien van voldoende microdata, zodat Google (en de digitale assistent) je weet te vinden wanneer er in de omgeving naar je product of dienstverlening wordt gezocht.

Let the Voice battle begin

Maak de spraakgestuurde zoektermen van je bezoekers inzichtelijk door bovenstaand stappenplan te doorlopen. Gebruik deze resultaten om vandaag nog Voice-proof content te creëren. Pas je SEO strategie hierop aan en sla je slag door vroeg te beginnen met PASO. ‘OK Google, let the Voice battle begin!’

*) Dit blog is mede tot stand gekomen met Diantha van Surksum.



Lees het volledige bericht op Emerce »

BPD herontwikkelt de digitale bouwwereld

Posted 16 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Toen ik BPD in 2014 leerde kennen was ik net gestart als strateeg bij TamTam (part of Dept), en klaar voor een nieuw avontuur met nieuwe mensen. BPD, toen nog Bouwfonds geheten, had destijds een kleine vraag. Ze wilden graag een ‘mijn-omgeving’. Op het eerste gezicht niet echt een spectaculaire opdracht, maar als je wat langer nadenkt toch best spannend. Want wat moest die ‘mijn omgeving’ dan wel niet doen? En voor wie? Het maakt dingen mogelijk. Maar welke?

Ik besloot onder te duiken in de wondere wereld van de gebiedsontwikkeling.

BPD – vormgevers van Nederland

BPD ontwikkelt nieuwbouwwijken en woningen in 144 plaatsen in Nederland. En is daardoor de grootste gebiedsontwikkelaar van Nederland. Sinds het bestaan hebben ze ruim 330.000 huizen gebouwd, dus de kans is vrij groot dat je één van hun woningen wel eens van dichtbij hebt gezien.

Toen ik BPD in 2014 leerde kennen had het bedrijf flink last van de recessie. Want waar voor de crash de huizen niet aangesleept konden worden, was dat nu heel anders. Dit had grote impact op de organisatie die vanouds gericht was op het bouwproces en niet per sé op de klantreis. Want die klanten kwamen in het verleden immers vanzelf.

Om onderscheid te maken in een concurrerende markt moest BPD zich gaan richten op de wensen van de klant. Een transformatie waar elk bedrijf vroeg of laat mee te maken krijgt. Maar ook een pijnlijk proces, dat grote gevolgen hee voor eigenlijk alles binnen je organisatie: visie, strategie, propositie, personeel, merk, marketing en technologie.

De eerste stap had BPD in 2014 zelf al genomen met de ontwikkeling van een klantcontactstrategie. Wat vraagt de klant in de verschillende fasen van zijn customer journey? Hoe verhoudt dat zich tot ons bouwproces? Het was destijds heel sterk van BPD om hier zelf het voortouw in te nemen. Je moet er als bedrijf namelijk wel echt voor gaan. Processen op de schop durven te nemen. Anders wordt een ‘klant centraal visie’ al snel een lege belofte.

Een nieuwe stip aan de horizon

Terug naar de originele vraag. Bij nader onderzoek onder gebruikers, customer journeys en bedrijfsdoelen bleek al snel dat de ‘mijn-omgeving’ niet per sé de hoogste prioriteit op de digitale roadmap zou moeten hebben. Het is namelijk een service tool die voornamelijk voor bestaande kopers en klanten is bedoeld. De grote vraag was echter hoe we die grote groep nieuwe klanten aan konden trekken.

We zijn gestart door de focus te leggen op de oriëntatie-, toe-eigenen en beslisfase. Daarbij stond centraal: hoe bereiken we meer prospects en verleiden we ze om een BPD-huis te kopen?

Terug naar de tekentafel dus. Aan de hand van alle beschikbare insights over de business, de klant, de organisatie en de techniek hebben we samen met BPD een nieuwe digitale ambitie ontwikkeld.

Deze ambitie stond aan de basis van een digitale roadmap en bestond uit de volgende thema’s:

  1. Een nieuw framework
  2. Aanbod ontsluiten
  3. Woonconfigurator
  4. Services voor eigenaren
  5. Online kopen

Een roadmap vol ambitie dus. Een grote stap voor BPD én voor mij. Ineens werkte ik niet meer aan een mijn-omgeving, maar aan een spannend digitaal innovatieprogramma met een klant die bereid was zichzelf opnieuw uit te vinden.Stap 1 – Een nieuw framework

Een nieuw framework

Een huis is de duurste aankoop van je leven en dus best wel spannend. Een nieuwbouwhuis kopen is eigenlijk nog nét iets spannender dan een bestaand huis. Het bestaat namelijk nog niet. Je koopt een belofte. Een virtueel product. Je kunt er niet doorheen lopen, het niet aanraken of er een nachtje in slapen voordat je beslist een paar ton uit te geven. Ook staat het niet in een mooie lommerrijke omgeving, maar meestal op een winderig weiland dat nog bouwrijp gemaakt moet worden.

Om mensen te verleiden zo’n ongrijpbaar en ‘gevaarlijk’ product te kopen hebben we alle zeilen bijgezet om ze helpen te laten voelen hoe het leven in hun toekomstige droomhuis zal zijn. Het kopen van een nieuw huis is en blij immers een gevoelskwestie.

Wat opviel bij de bestaande websites van BPD was dat er veel ruimte was voor het logo en de interface: het ‘merk’ van de wijk. Foto’s en video waren vaak klein en ingekaderd. Voelden daardoor ook niet ruimtelijk en groots. Eén van de redenen hiervoor was dat mooie content pas laat in het bouwproces beschikbaar kwam. Lekkere 3D-renders die emotie opwerken waren van oudsher pas bij de start van de verkoop beschikbaar.

Toch weet iedereen dat beelden verkopen. Daarom hebben we de beslissing genomen om als eerste stap in de roadmap alle projectwebsites te vernieuwen en vol in te zetten op productie van krachtige visuele content. De websites hebben we omgebouwd om die content zo goed mogelijk te etaleren. De bovenkant van de website is één en al beleving. Hierdoor nemen we mogelijke kopers mee in een zo vroeg mogelijk stadium van de voorbereiding van verkoop. Want in de oriëntatiefase kijken geïnteresseerden naar de grote lijnen. Wil ik wel een nieuwbouwhuis? Wat is het karakter van het huis? Voelt het goed?

Mensen die snel beslissen nemen niet de tijd om uitgebreid rond te neuzen en verwachten ‘instant- gratification’. Voor hen hebben we een VR-experience ontwikkeld waarmee je thuis op de bank met een cardboard 3D-bril in je toekomstige huis en buurt rond kunt wandelen. Voor de kopers die langer de tijd willen nemen zijn er uitgebreide omschrijvingen, specs, maps en planningen.

Aanbod ontsluiten

Inmiddels heeft BPD met haar eigen contentteam meer dan 200 nieuwe projectwebsites (!) online gezet. Het Content Management Systeem (Umbraco) maakt het mogelijk om zelf websites uit te rollen. Elke website heeft dezelfde functionaliteiten. De look-and-feel is echter elke keer compleet anders door het gebruik van andere beelden, video’s, VR-experiences en teksten. Het is een content- first platform geworden.

De resultaten van deze nieuwe aanpak zijn behoorlijk indrukwekkend:

  • –  94% meer leads
  • –  195% meer conversie
  • –  35% langere sessieduur
  • –  44% meer mobiel gebruik

En het aandeel vrouwen wat de website bezoekt is ook een stuk groter. En dat is belangrijk, aangezien vrouwen toch vaak de lead nemen in de online zoektocht naar een nieuwe huis.

De woonconfigurator.. of doe toch maar een webshop

De volgende halte in de roadmap zou de ontwikkeling van een VR-woonconfigurator zijn. Echter, mijn partner in crime, Erik van der Wal van BPD, vertelde een paar weken voor de start van de conceptontwikkeling van de configurator schoorvoetend dat de plannen enigszins veranderd waren.

Walter de Boer, CEO van BPD en voorvechter van de nieuwe digitale ambitie, wilde dat we binnen één jaar online een huis hadden verkocht. Een Big, Hairy, Audacious Goal van heb ik jou daar. Versnelling in denken en doen. Bij ons stond online een huis kopen achteraan op de roadmap. Vooral omdat het nog nooit was gedaan. En we eigenlijk niet wisten of het überhaupt wel kon. Veiligheid, wetgeving, technologie, user experience. Allemaal big unknowns.

Door de gesprekken met klanten wisten we wel dat een bepaalde groep kopers de aankoop van hun huis het liefst volledig online wil regelen. Geen gedoe met tussenpersonen. Gewoon alles zelf doen.

Ook lieten voorlopers als Tesla zien dat er genoeg mensen zijn die een auto van 100.000 euro gewoon via de website bestellen. Vrienden van mij, Tesla fanboys, waren niet stil te krijgen over de fantastische track-and-trace functionaliteit waarmee je op de website kunt zien waar je nieuwe auto op de lopende band in de fabriek staat.

Maar goed, terug maar ons Big, Hairy, Audacious Goal. Zoals we altijd bij dit soort projecten doen, zijn we gestart met het schetsen van de ideale user experience. Design thinking is een krachtige methode om complexe zaken te simplificeren en visueel te maken. Zodat je het eerst kunt zien voordat je het voelt en gelooft.

Al tekenend kregen we het gevoel dat het online koopproces nog wel eens mee zou kunnen vallen. Want op dat moment moest bijvoorbeeld voor het aanvragen van een brochure, tien keer zoveel velden worden ingevuld dan voor een voorlopig koopcontract. Ook bleek dat digitaal ondertekenen geheel rechtsgeldig én secure is.

Eerste wireframes van koopproces

Mijn Salesforce Omgeving

Ineens was de mijn omgeving dus weer prominent in beeld. Tijdens de strategiefase was reeds onderzocht wat mogelijke kopers allemaal in een account gedeelte zouden willen doen. Daar kwam de volgende wishlist uit:

  • Huizen liken en opslaan
  • Een huis configureren
  • Een optie op een huis nemen
  • Een huis digitaal kopen
  • Documentbeheer
  • Nieuwsupdates ontvangen
  • Voortgang van het koop/bouwproces volgen
  • Buren leren kennen
  • Samen dingen kopen/lenen/beslissen

Met die kennis kwam ook het besef dat de ‘mijn omgeving’ geen los onderdeel mocht zijn, maar een integraal onderdeel van de website moest worden. Met dezelfde uitstraling en gebruikservaring als het publieke gedeelte. Het gedeelte waar gebruikers moeiteloos tussen het publieke en gesloten gedeelte heen en weer kunnen navigeren.

Naarmate prospects verder in het koopproces komen zullen ze namelijk steeds meer gebruik maken van de ‘mijn omgeving’ en steeds minder van het publieke gedeelte. Kortom, de ‘mijn omgeving’ is je website voor een groot gedeelte van je hot leads en je klanten. Je komt er niet mee weg om een generiek product van de plank te gebruiken. Het servicegedeelte hee net zoveel liefde nodig als het verkoopgedeelte.

BPD gebruikte reeds Salesforce voor al haar relatie- en documentbeheer. Het lag dus voor de hand om Salesforce ook voor de ‘mijn omgeving’ te gebruiken. Salesforce is een fantastisch en zeer uitgebreid pakket. Maar van de out-of-the-box ‘mijn omgeving’ van Salesforce waren we niet onder de indruk.

Na wat testen is er besloten om zelf een custom front-end (html, css, javascript) te ontwikkelen en die te koppelen aan het Salesforce framework. Dit gaf ons de ruimte om een ‘mijn omgeving’ te ontwikkelen die dezelfde user experience hee als de website. Gebruikers hebben niet in de gaten dat ze switchen tussen twee systemen. Een seamless-integratie.

Online kopen

Ruim binnen het jaar was de eerste webshop voor huizen klaar. We lanceerden de webshop in vier pilotprojecten en binnen een paar weken werden tien woningen online verkocht. Een wereldwijde primeur. Gevraagd naar hun ervaringen zeiden de digitale kopers dat ze het eigenlijk allemaal vrij simpel en logisch vonden. Na een enquête bij een grotere groep prospects bleek 25 procent geïnteresseerd te zijn in deze vorm van kopen. En zo was ineens het laatste taboe in e-commerce doorbroken. Ook een huis kun je prima online kopen.

Al snel kreeg de media lucht van deze primeur en stonden we met mooie artikelen in de kranten en vakbladen. En met een Lovie Award, SpinAward en een Webby nominatie begint de prijzenkast zich ook goed te vullen. Niet heel belangrijk, maar wel leuk voor alle mensen bij BPD en TamTam die keihard hebben gewerkt aan dit mooie project.

What’s next?

Op dit moment zijn we druk bezig met de ontwikkeling van een inspirerende woonconfigurator en uitbreiding van de services voor eigenaren. Samen met de marketing afdeling van BPD zijn we daarnaast aan het onderzoeken wat de wensen van de B2B partners van BPD zijn. Ook daar zal een stip aan de horizon en bijbehorende roadmap komen die we volgens de inmiddels beproefde methodes gaan omzetten naar digitale services en producten.

Als ik kijk naar de afgelopen 2,5 jaar dan ben ik trots op wat we samen hebben neergezet. Mijn belangrijkste learnings?

  1. Re-invention lukt niet zonder groot denken. Denk aan je industrie over drie jaar, denk in mogelijkheden.
  2. Zet de klant voorop, altijd en overal. Dat is waar je het verschil maakt. Test je ideeën continue. Bij klanten, bij potentiële klanten, bij stakeholders.
  3. Zoek een externe partner, dit gee je de blik naar buiten. Probeer vervolgens te vertrouwen, samen te werken en samen te doen. Zoek een partij waar je een goed gevoel over hebt, wees bereid om samen op onderzoek uit te gaan.
  4. Leg nooit het project volledig buitenshuis neer – daar leert de organisatie niet van en de kans dat het gene wat je agency oplevert gedragen zal worden is klein.
  5. Ga voor grote doelen maar ga snel, verdeel het in kleine stapjes, die je volgende week al live kunt hebben.
  6. Dit houdt de energie erin en versnelt.

Uiteindelijk is innoveren een proces waar je beter in wordt als je het vaker doet.

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Dutch Technology Week in het teken van verbinden

Posted 16 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Maandag is de 6e editie van de Dutch Technology Week officieel geopend in het Klokgebouw in Eindhoven. Ruim 250 gasten werden meegenomen langs een aantal bijzondere en innovatieve ontwikkelingen. Zo was er een expositie van projecten van TU/e- en Fontys-studententeams en de opening van een mobiele escaperoom.

Technology Connects is dit jaar het thema van de DTW, oftewel geen groei zonder samenwerking en verbinding. De DTW maakt de kracht en het bijzondere karakter van de hightech sector zichtbaar. Volgens Harry van Dorenmalen (vice chairman IBM Europe en portefeuillehouder Health Economic Board Amsterdam) is van het grootste belang ‘dat wij elkaar opzoeken en samenwerken om onze positie in de wereld te behouden en te versterken.’

De 6e editie van de DTW wordt zaterdag (van 11.00 uur tot 17.00 uur) afgesloten met een grote ‘publieksdag’. Op vijf aansprekende locaties in Brainport Eindhoven en op vier locaties in Noord-Nederland geven toptechnologie bedrijven een kijkje in de keuken van hun organisatie. Iedereen kan zien, voelen en ervaren hoe kansrijk en uitdagend het is om mee te werken aan innovaties die de wereld veranderen.

Technologie is geen doel op zich, zeggen de organisatoren, maar het middel om deze uitdagingen aan te pakken. Hier wordt één week lang door de high tech sector bij stilgestaan: samenwerkende partners organiseren met elkaar meer dan 50 activiteiten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Tele2 gaat ‘schandalig snel 4G-internet’ aanbieden voor 25 euro

Posted 15 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Tele2 introduceert een onbeperkt en ongeremd ‘schandalig snel 4G-internet’ voor niet meer dan 25 per maand. Dat is 10 euro goedkoper dan het onbeperkte aanbod van T-Mobile.

Klanten mogen 5 GB per dag gebruiken; wie daar overheen gaat kan een sms sturen en krijgt dan 1 GB extra. Elders in Europa geldt een limiet van 6 GB, 4 GB minder dan wat T-Mobile aanbiedt.

Consumenten met een bestaand 24 GB-abonnement worden automatisch verhoogd naar Tele2 Unlimited.

Tele2 kan mobiel internet zo goedkoop aanbieden vanwege het gebruik van het eigen 4G netwerk.

De verwachting is dat andere aanbieders Tele2 gaan volgen. KPN en Vodafone/Ziggo laten aan de NOS weten dat ze vooralsnog geen plannen hebben voor een onbepekt abonnement.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Orange start mobiele bank

Posted 15 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Telecombedrijf Orange begint deze zomer een mobiele bank in Frankrijk. Naast contactloos betalen kunnen klanten met een app onderling geld overmaken en krijgen ze de beschikking over een virtuele assistent.

Orange werknemers kunnen al vanaf volgende maand gebruik maken van de bank. Het grote publiek is vanaf 6 juli aan de beurt. Aanmelden kan via de mobiele app van het bedrijf of via de 140 winkels.

Orange Bank rekent op 2 miljoen klanten. Of Orange de bank ook buiten Frankrijk wil introduceren is niet bekend. Orange Belgium zou de bank eventueel ook in Belgie kunnen introduceren.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Programmatic TV staat nog in de kinderschoenen

Posted 15 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Stel: je bent je wereldreis aan het plannen en je hebt je gisteren uitgebreid op internet georiënteerd op vliegtickets en backpackgear. Nu zit je lekker op de bank te genieten van RTL Late Night. Het reclameblok begint en je ziet Bever Sport met een promotie van allerlei backpackessentials. Vervolgens komt Zalando voorbij met een aanbieding voor wandelschoenen en ook KLM komt nog langs met de ‘Werelddeal Weken’. Zou dit de toekomst worden van Programmatic TV?

Een andere belangrijke vraag, wat gebeurt er met de verhouding tussen mediabureaus en online bureaus? Mediabureaus hebben veel kennis van ATL en TV, maar online bureaus bezitten de kennis – en andere kanalen – van programmatic. Worden mediabureaus online bureaus, of worden online bureaus mediabureaus?

Afgelopen woensdag waren we aanwezig bij hét programmatic TV event van het IAB. Dat steeds meer media digitaal wordt verhandeld wisten we al. Het is enkel wachten op televisie voordat álle media digitaal wordt verhandeld. Verschillende sprekers uit het speelveld hebben hun visie op Programmatic TV gegeven. Wat voor impact heeft dit op de consument, maar ook op de hele mediawereld?

Nou, op de korte termijn nog niks! Uit de verhalen van de verschillende sprekers, waaronder Kyra Steegs van Improve Digital en Anna-Maria Vuijnovic van RTL, blijkt dat programmatic vooral nog in de kinderschoenen staat! Wanneer we het over programmatic TV hebben, dan hebben we het over veel meer dan alleen wat video wegdraaien op uitzendinggemist.

Hindernissen

Her en der wordt er wereldwijd wat geëxperimenteerd, maar om echt programmatic tv in te zetten is het van essentieel belang dat alle grote TV-zenders mee doen. Zoals het er nu uitziet steven we af op een complex ecosysteem zoals we dat kennen van programmatic display. Tal van partijen en (tussen)partijen met allemaal hun eigen systemen en belangen.

Nieuwe standaard

Daarnaast is er op techniek nog een hele slag te slaan.  Om wat voorbeelden te noemen; Reclames op televisie hebben allemaal verschillende duur, maar om dit op een automatische wijze te kunnen verhandelen/RTB te kunnen veilen moet er een vaste lengte komen per reclame. Tijdvakken van 20 à 30 seconden zullen de nieuwe standaard moeten worden. Dit wijkt af van hoe men het altijd al heeft gedaan in de mediawereld en zal dus voor enige weerstand zorgen.

Een ander voorbeeld: RTL speelt met de mogelijkheid om op korte termijn livestream aan te bieden op mobiel. Dat betekent dat je op je mobieltje vanuit je bed de finale van The Voice kan kijken. Op analoge tv zijn de reclameblokken zes minuten lang, kort genoeg om achter de tv te blijven zitten. Echter op je mobieltje zit je in één swipe op je Facebook de zwangerschapsecho’s van je schoonzus te bekijken, om zo het reclameblok aan je voorbij te laten gaan. Wat doe je als televisiezender hiermee? Reclameblokken van drie minuten zouden beter aansluiten bij dit device, maar je kunt moeilijk de andere drie minuten zwart beeld vertonen terwijl op tv de reclames rustig verder gaan. Een definitief antwoord hierop is nog niet gevonden. Dit is slechts een greep aan technische obstakels in het Programmatic TV-verhaal.

Juridische hindernissen

Ook is er een heel scala aan legal issues. In hoeverre mag je data inzetten om commerciële doeleinden na te jagen? Wat voor image laat je als bedrijf achter als je zelfs op de televisie gaat retargeten, en in hoeverre is de consument eigenaar over de data die bedrijven over hem/haar in handen hebben. En wat wordt de standaard met betrekking tot het inwinnen van data over de consument, opt-in of opt-out?

Relevantie

Ook dit heeft grote consequenties voor de hoeveelheid aan data die adverteerders kunnen inzetten om reclame relevanter te maken. Hoe relevanter de data, hoe meer gepersonaliseerd de reclames kunnen worden. Maar komt audience wel overeen met de gebruiker? Op je telefoon zit je meestal alleen, maar achter de televisie zit je soms wel met het hele gezin. Hoe relevant zijn de gepersonaliseerde reclameblokken dan nog?

Impact op de mediawereld

Veel ATL inkoop (lees: TV) wordt op dit moment nog door ‘traditionele’ mediabureaus gedaan. Ofschoon zij steeds meer de shift naar online maken, ligt in Nederland een groot gedeelte van de online inzet nog bij gespecialiseerde online bureaus. Wanneer TV zo meteen programmatic kan worden ingekocht hebben online bureaus toegang tot een nieuw medium waarbij ze qua kennis en knowhow verder zijn dan mediabureaus.

Één ecosysteem

Maar waar reken je een TV-campagne nou eigenlijk op af? Vorige week woensdag werd erg duidelijk dat online minded mensen toch het liefst in performance KPI”s denken en TV zelfs willen afrekenen op een CPA en dat video (zelfs op een TV scherm) clickable moet zijn. In de mediawereld waren er voorstanders voor het behouden van GRP’s. Dit geeft maar weer aan dat we bij programmatic tv te maken hebben met twee werelden die nog samen moeten komen. We moeten eerst toe naar één ecosysteem met nieuwe spelregels, dan pas kunnen we verder kijken.

Als je als online bureau straks wil meedoen met de grote jongens, dan is het eerst zaak om goed te gaan snappen wat ATL is en hoe je dit afrekent! Gelukkig heeft iedereen nog genoeg tijd, want het gaat nog wel even duren voordat we TV programmatic kunnen inkopen!



Lees het volledige bericht op Emerce »