Posts Tagged ‘mobiel’

Dagelijks bereikt YouTube 31 procent van alle Nederlanders

Posted 28 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

In de maand oktober 2017 hebben meer dan 11,8 miljoen Nederlanders de website of YouTube bezocht. Dat blijkt uit gegevens van GfK. Het dagbereik van YouTube ligt op 31 procent in oktober.

In vergelijking met voorgaande jaren is het bereik in alle leeftijdsgroepen gestegen. Meer dan de helft van 13-24 jarigen bezoekt YouTube zelfs dagelijks, voornamelijk via mobiele apparaten.

Van het totale dagbereik in oktober 2017 is 7 procent afkomstig van de pc of laptop, 3 procent overlap tussen alle apparaten en komt 21 propcent van het toegevoegde bereik van mobiele apparaten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Met eigen satellieten versnelt LPGAN het Internet of Things

Posted 28 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Coen Janssen is CFO en één van de vier oprichters van Hiber (voorheen bekend als Magnitude Space), het bedrijf dat de wereld in positieve zin wil veroveren met hun project Low Power Global Area Network (LPGAN). In 2018 gaat de startup van Nederlandse bodem de ruimte in met eigen satellieten. “Wat wij bieden is inzicht: in theorie in alle ‘dingen’ die je aan het IoT kunt hangen.”

Coen, hoe omschrijf je LPGAN in één tweet?
“Connect unpowered devices everywhere, from ocean to desert, quick and easy.”

Zijn er al niet genoeg netwerken?
“Naar verwachting zijn er in 2020 wereldwijd 30 miljard slimme Internet of Things-apparaatjes die gegevens verzamelen en doorsturen aan het web. Denk aan locatie, volume, temperatuur, neerslag en bodemgesteldheid. Het IoT is afhankelijk van wifi- of gsm-netwerken, maar het is zo dat slechts 10% van de wereld daarmee bedekt is. Wij bieden wereldwijde dekking, ook op de meest afgelegen plekken zoals woestijnen en oceanen.”

Waarom ben je dit gaan doen?
“Om de wereld op z’n kop te zetten. Mijn persoonlijke drijfveer: de mogelijkheden die LPGAN schept om goed te doen voor de wereld. Met LPGAN kun je de grote thema’s van onze planeet monitoren, zoals milieu, klimaat, veiligheid, voedselproductie. Je zou onze apparaatjes kunnen zien als oren en ogen van de aarde, die bovendien vertellen wat organisaties moeten doen om een veel hoger niveau van operational excellence te bereiken.”

Wat is een concreet voorbeeld?
“Neem het vervoer van gevaarlijke stoffen op het spoor. Momenteel kun je met LoRaWAN-technologie tot één of twee kilometer nauwkeurig bepalen waar een lading zich bevindt. Dat vereist dat je het hele traject waar de trein rijdt, uitrust met modems die ruim duizend euro per stuk kosten. Met onze oplossing kun je tegen een fractie van die kosten precies zien waar de trein is en wat de status van de lading is.”

Heb je nog meer cases?
“Indonesië telt ruim een miljoen kleine vissersboten, met een zes- à achtkoppige bemanning. Met een LPGAN-apparaatje aan boord kunnen de vissers de exacte herkomst van hun vangst aantonen. Zonder die informatie mag de vis de EU of VS niet in. Het toont de legaliteit aan. Dichterbij huis kun je denken aan de lokalisatie van bijvoorbeeld mobiele toiletten. Eigenaren hebben vaak geen flauw idee waar die allemaal staan. Voor een paar euro per unit per jaar hebben ze dat inzicht wel.”

Welke kansen biedt LPGAN voor marketeers?
“Met LPGAN beschikken organisaties over een schat aan nieuwe gegevens, die voorheen niet beschikbaar waren. We maken ondernemingen intelligenter. Dat legt de basis voor een tien keer betere operational excellence. Het behoeft geen betoog dat er in het verlengde daarvan allerlei nieuwe marketingrichtingen ontstaan.”

Hoe geeft de hardware gegevens door?
“De hardware is een apparaatje van vijf bij twee centimeter. Het heeft een modem, een antenne en wordt gevoed door een reguliere batterij die wel vijf jaar mee kan gaan. De berichtjes die ze uitzenden zijn qua lengte vergelijkbaar met tweets. De hardware geeft ze door aan onze satellieten.”

Waarom maak je geen gebruik van bestaande satellieten?
“Die zijn peperduur, tussen de 200 en 300 miljoen euro, en zijn zo groot als een vrachtwagen. Die van ons hebben het formaat van een schoenendoos en kosten inclusief lancering minder dan een miljoen. We lanceren in 2018 twee satellieten. De constellatie van ons satellietnetwerk is zo dat het minimaal een keer per dag het complete aardoppervlak meepakt.”

Hoe ontwikkel en lanceer je een eigen satelliet?
“De tijdsinvestering zit ‘m vooral in toestemming krijgen. De VN moet instemmen, daar heeft de Nederlandse overheid ons met audits en licenties mee geholpen. De Europese ruimtevaartorganisatie ESA valideert de satelliet. Vervolgens heb je een heel duur reisbureau nodig in de vorm van een broker die je letterlijk de lancering de ruimte in verkoopt.”

Wat was de grootste uitdaging?
“Zwaar onderschat is het globale aspect. We willen overal ter wereld op dezelfde frequentie zitten en dat is een hels karwei. Tegen de benodigde VN-licentie hebben nog geen landen ‘nee’ gezegd, maar het kan nog jaren duren voordat we daadwerkelijk in alle landen aanwezig zijn.”

Wanneer wist je dat je idee het levensvatbaar was?
“Toen we er eind vorig jaar met ESA achter kwamen dat de lancering van een eigen satelliet technisch haalbaar was.”

Duurde de bouw en ontwikkeling niet heel lang?
“Het is heel snel gegaan. LPGAN is baanbrekend: wij kijken vanuit de commercie in plaats vanuit de techniek. Met mijn achtergrond in de lucht- en ruimtevaartsector (TU Delft) weet ik dat de dynamiek in de sector traditioneel kan zijn. Maar het is wel in dezelfde sector waar in mijn afstudeerproject bleek dat het mogelijk is in negen maanden een satelliet naar de maan te sturen. De oprichting van Hiber was een logische vervolgstap. Met het project LPGAN zijn we in juni 2016 begonnen.”

Met wie werk je samen?
“Het kernteam van Hiber telt vijftien mensen. Partners zijn Netherlands Space Office, Agentschap Telecom, ISIS, Hyperion, RPC Telecommunications en ESA. En onze investeerders natuurlijk, onder wie ook de founders, family and friends die tot dusver 3,5 miljoen bij elkaar hebben gebracht.”

Waarin zit voor jou hét onderscheidende karakter van LPGAN? En wat is het verdienmodel?
“In de potentie en combinatie van globaal opereren, met extreem goedkope ‘low power’ hardware. De Indonesische vissers uit het voorbeeld betalen bij elkaar tien dollar per maand. Daarvan is één dollar voor ons abonnementje.”

Heb je concurrenten?
“Ik denk liever in termen van complementair. Zo hebben we met Iridium – ’s werelds leidende mobiele satellietcommunicatie-operator – een overeenkomst getekend waarin we afspreken gezamenlijk vernieuwende projecten te doen. Het is beter elkaar aan te vullen dan elkaar in de weg te zitten.”

Je hebt de AIA in de categorie Intelligent Enterprise gewonnen. Wat doet dat met je? Wat heeft het tot nu toe opgeleverd?
“We ontvangen vaak uitnodigingen voor vergelijkbare evenementen. Zo stonden we onlangs in de top 50 van PwC, de top 50 van het Europees Parlement en in de top 10 van de Computable Awards.  Deelname aan de Accenture Innovation Awards heeft ons vooral publiciteit en erkenning voor ons bedrijf opgeleverd, en ons met medepitchers in contact gebracht”

*) Dit is een artikel in de serie van de Accenture Innovation Awards dat ik schreef in samenwerking met Eline van Vliet. LPGAN ontving op de Innovation Summit eind oktober de Blauwe Tulp in de categorie Intelligent Enterprise.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Online supermarkt Picnic van start in Rotterdam

Posted 28 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Online supermarkt Picnic gaat per 1 januari van start in Capelle aan den IJssel en Nieuwerkerk aan den IJssel.

Meer dan tweehonderd huishoudens kunnen gebruik gaan maken van de websuper. De uitrol in de Maasstad omvat alle wijken ten noorden van de rivier, met uitzondering van het centrum. Inwoners van de wijken Delfshaven, Overschie, Noord, Hillegersberg-Schiebroek, Kralingen-Crooswijk en Prins Alexander kunnen zich in de app op hun mobiele telefoon registreren en zich daarmee verzekeren van een plek op de wachtlijst.

Picnic gaat van start met veertig elektrische bezorgwagentjes en 120 runners, de bezorgers. Eind volgend jaar zijn deze aantallen gegroeid naar zestig wagentjes en bijna tweehonderd runners.

Het bedrijf is inmiddels begonnen met het werven van bezorgers in de nieuwe gebieden. Er wordt ook gekeken naar bezorging in Rotterdam-Zuid.

Het aantal klanten van de online supermarkt verdubbelde in het eerste half jaar van 2017 tot 65.000.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Waarom NDC de oligopolie van GDS’en (nog) niet gaat doorbreken

Posted 28 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het klinkt zo gemakkelijk om NDC te gebruiken voor de distributie van vliegtickets, maar de realiteit is dat er niet zoveel boekingen worden gemaakt. Hoe komt dat?

Luchtvaartmaatschappijen zoals Lufthansa, British Airways, Iberia en American Airlines hebben initiatieven aangekondigd waarbij vliegtickets via een directe link conform de NDC-standaard worden geboekt. Ze hebben ofwel toeslagen geïntroduceerd voor boekingen die via een GDS lopen of geven meer mogelijkheden als er direct via hun NDC-interface wordt geboekt. Als het op kosten aankomt (of bepaalde tarieven die niet beschikbaar zijn in voorkeurskanalen) dan heeft dit gevolgen voor iedereen in de reisbranche.

Het klinkt zo gemakkelijk om NDC te gebruiken maar de realiteit is dat er niet zoveel boekingen mee worden gemaakt, vooral niet voor zakenreizen. Hoe komt dat? GDS’en gaan de strijd om de simpele boekingen niet opgeven (noem het gemakkelijk verdiend geld) en zich alleen bezighouden met de ingewikkelde PNR’s. Hoewel ik kritisch ben over de oligopolie van de reisdistributiesystemen, moet de houdbaarheid van de herinrichting van het commerciële en technologische landschap die NDC zou kunnen veroorzaken in twijfel worden getrokken. De propositie van NDC betekent dat een voorheen relatief slanke distributieketen een complex commercieel landschap dreigt te worden met allerlei airlines en reisagenten (of bedrijven) en tal van technologie-providers die met elkaar moeten worden verbonden op een technologisch en commercieel niveau.

Wat geschiedenis

Laten we eerst kijken naar de geschiedenis van travel. De inventaris van luchtvaartmaatschappijen wordt van oudsher opgeslagen in het Central Reservation System – CRS (dat vandaag de dag onderdeel is van het Passenger Service System – PSS) en werd vroeger beschikbaar gemaakt voor agenten door de Global Distribution Systems (GDS’en) via cryptische schermen, de bekende ‘green screens’. De reiziger belde meestal naar een reisagent om een vliegticket te reserveren.

Met het succes van het internet aan het einde van de vorige eeuw werden Online Booking Tools (OBT) geïntroduceerd. Elke OBT-provider wilde met elke GDS apart integreren. Dat resulteerde in het ontstaan van GDS-aggregators, waartoe wij ook behoren. GDS’en spraken (en spreken) een specifieke taal en GDS-aggregators vertalen dat in een consistente XML die constant blijft over alle GDS’en.

Bron: PASS Consulting Group

Wat is NDC?

Welnu, wat is NDC? NDC is de afkorting van New Distribution Capability. Ik heb altijd geleerd dat je geen ‘nieuw’ moet gebruiken in een productnaam omdat het over een jaar of tien waarschijnlijk niet meer zo wordt gezien. Maar dit is de naam die IATA heeft gekozen.  Aan NDC kleven twee belangrijke aspecten. Ten eerste is het een communicatieprotocol dat het protocol dat al sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw bestaat, vervangt (EDIFACT – Electronic Data Interchange for Administration, Commerce and Transport) door een nieuwe standaard (XML – Extended Markup Language).

Bron: PASS Consulting Group

De eerste versie van IATA’s NDC-standaard was ons XML-schema dat we rond de eeuwwisseling hebben gecreëerd. Ontwikkelaars geven vandaag de dag de voorkeur aan JSON (JavaScript Object Notation) en API (Application Programming Interface) en rennen hard weg wanneer zij XML horen. Je zou dus kunnen zeggen dat NDC helemaal niet zo nieuw is.

Het andere aspect van NDC is dat airlines de controle willen hebben over de distributie, zoals aanbiedingen op basis van de individuele klant, betaalde extra’s, et cetera – zodat ze zich van elkaar kunnen onderscheiden. Bijvoorbeeld: Michael Strauss wil met ons vliegen, dat is geen trouwe klant, laten we hem geen directe vluchten aanbieden en alleen de middenstoel beschikbaar stellen. Of, wat Lufthansa echt wil doen, laten we een excursie naar een bierbrouwerij aanbieden bij een lange overstap in München. Om dit voor elkaar te krijgen hebben airlines contracten afgesloten met technologieproviders of zijn ze begonnen met eigen initiatieven waarmee ze aanhaken bij CRS’en en hun eigen API verstrekken. Dit heet nu NDC XML en op het moment van schrijven zijn er zo’n achttien versies. Zoals ik al zei, de eerste versie was ons XML-schema maar het is erg veranderd sinds die tijd. Er komt elke zes maanden een nieuwe versie uit.

Bron: PASS Consulting Group

Wanneer je de cijfers bekijkt, dan zijn er zo’n vijfhonderd luchtvaartmaatschappijen vertegenwoordigd in de verschillende GDS’en (er bestaan vijfduizend airlines wereldwijd en daarvan overwegen er dertig op dit moment NDC als een optie) en je zou dus een grote hoeveelheid NDC-versies met meerdere airlines moeten ontwikkelen en onderhouden (tot vijfhonderd maatschappijen). IATA belooft NDC-connecties te gaan certificeren maar het staat nog te bezien hoe dit in zijn werk zal gaan. Airlines willen dit vehikel gebruiken om zichzelf te differentiëren en hebben er geen belang bij om gemakkelijk te kunnen worden vergeleken met een concurrerende maatschappij. Ik denk dan ook dat elke luchtvaartmaatschappij met een eigen ‘interpretatie’ van NDC zal komen. (Zelfs British Airways/Iberia hebben voor een andere aanpak gekozen dan oneworld-partner American. Lufthansa gebruikt niet eens een van de gepubliceerde IATA NDC-versies maar heeft een eigen smaakje bedacht.)

Cybersecurity wordt een steeds belangrijker onderwerp en bedrijven proberen hun systemen daartegen te beschermen in plaats van ze open te stellen. Maar in de luchtvaart gaan we van wat vroeger een gesloten omgeving was van een handjevol CRS-providers die linkten met een handjevol GDS’en, die op hun beurt alleen openstonden voor een aantal geautoriseerde developers, naar de situatie waarin het lijkt alsof iedereen toegang heeft tot API’s. Dit kan weleens het ultieme risico zijn dat moet worden gemanaged.

GDS’en waarschuwen ook dat je voorzichtig moet zijn met wat je wenst: kunnen airlines het verkeer aan dat direct connect met zich meebrengt? In de zakenreisbranche is de look-to-book ratio 5:1. Dat is misschien nog wel te doen maar zijn airlines klaar voor het verwerken van traffic van allerlei partijen wereldwijd, met tal van shoppingverzoeken? Een lang verhaal kort: het is onmogelijk dat elke reisagent of bedrijf kan integreren met alle airlines, wat betekent dat we een direct connect aggregator nodig hebben.

Worden GDS’en de NDC-aggregator?

Laten we een stap terugzetten: idealiter zou het het gemakkelijkst zijn als de GDS’en EDIFACT laten voor wat het is en doorgaan met NDC. Echter, niet alle luchtvaartmaatschappijen zullen op hetzelfde moment overstappen op NDC dus er komt een overgangsperiode. Een van de uitdagingen is wie verantwoordelijk wordt voor de ticketing. ATPCo-airlines ticketen in het GDS, terwijl NDC API-boekingen worden geticket door de airline. En dat is nog los van de commerciële aspecten. Dit gaat dus niet van de ene op de andere dag gebeuren. Ondanks het feit dat reisagenten van GDS’en verwachten dat ze zich ontwikkelen, is de infrastructuur van die wederverkopers gebouwd bovenop de GDS’en en dat maakt een overstap op NDC complex.

Bron: PASS Consulting Group

Sommige airlines zijn bereid om te wachten tot de GDS’en snelheid maken, maar als er vandaag een oplossing nodig is, dan zijn direct connect aggregators de enige mogelijkheid. Helaas houdt het hiermee niet op. We hebben ook low-cost carriers (LCC) – daar zijn er zo’n 150 van en er bestaan al aggregators speciaal voor LCC’s – die het nog lastiger maken omdat ze soms alleen kunnen worden geïntegreerd via screenscraping.

Aggregator der aggregators

Nu hebben we de GDS-aggregators, direct connect aggregators en LCC-aggregators. We hebben dus de aggregator der aggregators nodig.

Bron: PASS Consulting Group

Dit betekent ook dat er een multi-source Agent Desktop nodig is, omdat niet alle boekingen kunnen worden gemaakt via de green screens van GDS’en. Bovendien kunnen we onze ogen niet sluiten voor het internettijdperk, dus hebben we te maken met mobile interfaceschatbots, artificial intelligence die leiden tot virtuele agenten en dingen die we ons vandaag de dag niet eens kunnen voorstellen. En we hebben de Midoffice, Backoffice, Expense Management en Travel Risk Management / Duty of Care provider, die hun informatie voorheen uit de PNR-database van de GDS haalden maar nu, omdat niet alle PNR’s in de GDS zijn opgeslagen en GDS’en (sommige althans) luid en duidelijk hebben gezegd dat passieve segmenten geen optie zijn voor direct connect-boekingen (of hier geld voor rekenen) is er misschien ook een Super-PNR (SPNR-) Database nodig.

Bron: PASS Consulting Group

Het lijkt een slagveld

Mensen zeggen vaak tegen me dat ik blij zou moeten zijn omdat wij de aangewezen partij lijken te zijn om de Mega-Aggregator te worden, maar dat ben ik niet. Ten eerste, er wordt veel tijd en geld verspild aan iets wat tot op zekere hoogte al bestaat. Ten tweede, het levert niets op. De distributiekosten dalen. Zelfs als airlines meer geld willen uitgeven aan distributie (wat niet zo is) dan zijn er meer spelers in het veld die allemaal een stuk van de taart willen hebben. Het is ook een grote gok want zodra airlines en GDS’en full content deals sluiten en op NDC aansluiten dan is alles opgelost.

Het lijkt een slagveld. Wij zijn twee decennia lang Zwitserland in een oorlogsgebied geweest. Het is nooit makkelijk geweest om neutraal te blijven in een wereld met drie tot vijf GDS’en. Nu gaat het om veel meer spelers die allemaal met elkaar concurreren. Farelogix wilde de grote aggregator worden maar heeft alle invloed verloren toen ze geen overeenkomsten meer hadden met GDS’en. Vanuit de waardeketen zijn ze nu een kleine partij als API-provider voor airlines. Dit betekent niet dat ze irrelevant zijn. Het is een enorme onderneming om een van de NDC-providers te zijn en het mogelijk te maken om betaalde extra’s te boeken, interline-boekingen te faciliteren, et cetera.

En laten we niet vergeten dat GDS’en een eigen plek hebben veroverd in de nieuwe wereld. Amadeus heeft bijvoorbeeld de CRS/PSS Altea, zijn eigenaar van LCC CRS Navitaire en zijn LCC-aggregator via Pyton. Ze hebben ook hun eigen GDS, Agent Desktop en twee online booking tools (E-Travel en Cytric), alsmede GDS-aggregatiemogelijkheden vanuit PASS. Op de overige kanalen (mobiel bijvoorbeeld) zoeken ze partners of kopen ze spelers op. Amadeus heeft zichzelf succesvol ‘gekannibaliseerd’ door de GDS te omzeilen en Ctric direct aan Altea te verbinden (het PSS van Lufthansa) voor de corporate klanten Siemens en Volkswagen.

Dit is alleen nog maar het technische landschap. In deel twee van deze analyse kijk ik naar de commerciële aspecten van direct connect en wordt het plaatje nog zorgwekkender.

Dit artikel is eerder verschenen op Travel Industry Blog.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Tussenstand Cyber Monday: 840 miljoen dollar

Posted 27 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Cyber Monday was om 16.00 uur Nederlandse tijd al goed voor een omzet van 840 miljoen dollar in de VS, 16,9 procent meer dan vorig jaar. Naar alle waarschijnlijkheid gaat vandaag de 6,6 miljard dollar gehaald worden.

De cijfers komen zoals gewoonlijk van Adobe, die zich baseert op omzetcijfers van de honderd grootste Amerikaanse webwinkels.

Thanksgiving leverde online retailers 2,87 miljard dollar op en Black Friday ruim 5 miljard. Mobiele apparaten waren verantwoordelijk voor de helft van de bezoeken aan de sites.

Aparte cijfers komen van Shopify. Het e-commerce platform meet 280.000 dollar aan verkopen per minuut.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Dit zijn de 12 mobiele Trends in 2018

Posted 27 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het Nederlandse online leven verschuift steeds nadrukkelijker van desktop naar mobiel. Jongeren besteden 3 uur per dag (!) op hun telefoon en de meerderheid van de millennials doet er al aankopen mee.

Ook wie nog niet direct op zijn smartphone of tablet koopt, doet er al wel vaak research mee. Een mobiele trend voor 2018 is dat marketeers de klantreis van eerste contact naar aankoop steeds beter over meerdere devices kunnen volgen en soms zelfs tot de fysieke winkel. Daarbij krijgen ze overigens te maken met strengere privacywetgeving.

Bron: What’s Happening Online? – 2017

Ook is 2018 het jaar waarin Google de langverwachte ‘mobile-first index’ uitrolt. Wie dan nog steeds een langzame mobielonvriendelijke site runt, verdwijnt snel naar een anonieme notering in de zoekresultaten.

Bron: Global Video Index – online video wordt vooral mobiel bekeken

Succes ga je komend jaar hebben met relevante voor mobiel geoptimaliseerde videocontent en visuals. Ook augmented reality en progressive web apps spelen een interessante rol. Spraakgestuurd zoeken blijft vanwege taalproblemen nog even achter bij Amerika.

Tot zover een korte introductie van de belangrijkste mobiele trends in 2018. Benieuwd geworden naar hoe je ze zelf kunt inzetten?

Ik ga de trends in dit artikel uitgebreid voor je bespreken. Dat doe ik niet alleen, maar met de hulp van de volgende experts: Steven van Vessum (ContentKing), Melchior van Velzen (Hogeschool Arnhem/Nijmegen), Patrick Petersen (Atmost.nl), Maarten van Ham (VB Groep), Marc Thierrij (MaxLead), Frans Jan Boon (Add to Friends), Danny Oosterveer (Burgers’ Zoo) en Nils van der Knaap (Sky Internet marketing).

#1 Mobile-first index

Bron: Pexels

Te beginnen met de mobile-first index van Google. We hebben het er al vaak over gehad, maar nu komt-ie er toch echt eindelijk aan.

Steven van Vessum: “Mobiele trends in 2018 zullen met name draaien om het feit dat de Google “mobile index” leidend gaat worden voor het bepalen van de posities van websites. Op dit moment is dat nog de “desktop index”, maar dat gaat dus veranderen.”

Heb je een mobielonvriendelijke website? Dan ben je het bokkie.

“Men speculeert al druk over experimenten van Google op dit vlak. Dus, heb je een mobielonvriendelijke website? Dan ben je het bokkie en zullen je posities naar verwachting inzakken. Daar komt het in de basis op neer. Dit zal denk ik voor behoorlijk wat consternatie zorgen. Partijen met een goede mobiele website die er eerst amper toe deden, kunnen nu wel eens een flinke sprong maken op SEO-vlak. ”

“2018 zal in die zin een interessant jaar worden. Ik verwacht overigens niet dat grote merken enorme klappen zullen krijgen. Uiteindelijk verdient Google aan hen haar geld, ik denk niet dat zij zullen worden weggevaagd.”

#2 Pagespeed & AMP

Browsen anno 2017 met een modem

Ooit ging je een kopje koffie zetten wanneer je een website met plaatjes wilde laden, tegenwoordig verwachten zelfs mobiele gebruikers dat elke pagina binnen de kortste keren op hun scherm verschijnt.

Mobiele bezoekers hebben geen tijd voor een langzame site – Soasta

Anders houden ze het al snel voor gezien. De laadtijd van mobiele pagina’s is voor Google een belangrijke rankingfactor.

Marc Thierrij: “Pagespeed blijft voor zoekmachines een belangrijk aandachtspunt. Dit is natuurlijk niet vanwege het feit dat de zoekmachine-spider graag een snelle website ziet, maar omdat een groot deel van de gebruikers via een mobiel netwerk een zoekopdracht doet. Zij verwachten een snelle website met daarbij een optimale gebruikerservaring.”

De laadtijd van mobiele pagina’s is voor Google een belangrijke rankingfactor.

“Zorgen dat je een snelle website hebt doe je dan ook niet om beter te ranken in zoekmachines, maar om de gebruikerservaring zo goed mogelijk te laten zijn.”

“Wist je trouwens dat pagespeed ook een onderdeel van de quality score is en dus kan zorgen voor een lagere CPC (kosten per klik). Dit wordt vaak vergeten omdat het als een SEO optimalisatie wordt gezien, terwijl het een overall optimalisatie is. Niet voor niets probeert Google ook adverteerders over te halen om AMP landing pages in te zetten voor AdWords. Als je dit doet kun je gelijk een mooie case maken door een A/B test te doen met een ‘normale’ responsive page en een AMP variant. Dan weet je gelijk hoe belangrijk pagespeed is voor je conversies. Over AMP gesproken, Bing heeft ook aangegeven net als Google AMP te gaan cachen.”

#3 Integrale aanpak

Bron: What’s Happening Online? – 2017

Ondanks de opmars van smartphones moeten organisaties ervoor waken te veel op één device te focussen. Uiteindelijk bepaalt de consument welke mix hij prettig vindt, volgens Patrick Petersen: “De belangrijkste mobiele trend is dat we “mobiel” los gaan laten. We moeten stoppen met het device-denken en vooral de gedachte loslaten dat we kunnen bepalen welk device leidend is in de black box van de consument. Mobiel is een verzameling van kanalen en gebruiksgemakken die weer onderdeel is van het geheel van kanalen in de multichannel mix. Het element, device, tijd en plaats gaat op termijn met de mixed reality technieken voor een mobiele herbeleving zorgen. Maar dat is voor latere zorg.”

#4 Minder conversie op mobiel

De goedkoopste vlucht zoek je snel even op in een app, maar boek je vervolgens ook op je smartphone? – Bron: Android Authority

Hoewel het totale aantal mobiele aankopen sterk toeneemt, blijft het aantal naar klant converterende bezoekers wel achter bij de desktop.

Frans Jan Boon: “Een trend die je dit jaar al zag en die in 2018 door zal zetten is het negatieve effect van mobiel op conversie, en dus op omzet. Mobiele bezoekers converteren minder vaak naar een geslaagde aanvraag, inschrijving of bestelling dan bezoekers die gebruikmaken van een desktop of tablet.”

Verdiep je in de customer journey van je klanten en de plaats en rol van mobiel daarin.

“Dat ligt niet alleen aan de mobiele gebruiks(on)vriendelijkheid van veel websites, maar ook aan de plaats en het moment waarop bezoekers mobiel de website bezoeken, en de intentie waarmee ze dat doen (informeren en oriënteren in plaats van converteren). Dit is wel afhankelijk van de branche waarin het bedrijf achter de website actief is; daar waar hier en nu conversie nodig is (denk aan zaken die door consumenten snel moeten kunnen worden geregeld) converteert mobiel juist beter. Bedrijven zullen zich dus nog beter moeten verdiepen in de customer journey van hun klanten en de plaats en rol van mobiel daarin, en daar nog beter op in moeten spelen.”

#5 Betere mobiele analytics

Meer inzicht in je mobiele bezoekers. Bron: Google Analytics

Frans Jan Boon: “Een andere trend die daarop inhaakt is de vraag naar meer inzicht in mobiele data en mobiele app/site performance. Bedrijven erkennen de rol van mobiel in de marketingmix en in de customer journey en zoeken manieren om die beter te kunnen meten en analyseren om die vervolgens te kunnen optimaliseren. Google haakt daar handig op in met de nieuwe Google Analytics for Firebase.”

“Ook conversie optimalisatie en personalisatieplatformen zoals Visual Website Optimizer en Optimizely staan niet stil, daartoe aangezet door nieuwe toetreders, zoals AB Tasty, die uitgebreidere app testing bieden.”

#6 Offline conversies meten

Vaak staat het koppelen van klantcontacten nog in de kinderschoenen

Danny Oosterveer: “Een belangrijke uitdaging van complexe customer journeys is het aan elkaar koppelen van verschillende klantcontacten. Behalve dat het een uitdaging is om online iemand over verschillende apparaten heen te herkennen, zijn offline klantcontacten veelal nog een blinde vlek.”

“Offline klantcontacten zijn veelal nog een blinde vlek.”

“Wanneer iemand je online advertentie ziet en vervolgens offline een aankoop doet, dan kun je dit moeilijk meten. Om cross-channel effecten zichtbaar te maken gebruiken bedrijven o.a. ‘vanity’ URL’s, tracking domains, qr-codes en kortingscodes.”

“Mobiel is de sleutel tot de oplossing omdat je jouw smartphone altijd bij je hebt: zowel voor, tijdens als na een aankoop. Ik voorzie dat marketeers steeds creatiever gaan worden om de smartphone hiervoor in te zetten. Een app op de smartphone is goud waard omdat je er alle klantcontacten mee kunt verbinden. Je kunt de smartphone als veredelde kortingskaart gebruiken, maar het is ook steeds beter mogelijk om locatie te gebruiken om offline conversie te meten.”

“Partijen als Facebook en Google zijn druk met manieren om dat inzichtelijk te maken. Zo lanceerde Google in april 2015 ‘store visits’ om offline conversies vanuit AdWords te meten door de locatie van smartphonegebruikers te meten. Was iemand na het zien van een actie in de buurt van de winkel? Dan wordt dat gezien als conversie.

“Facebook lanceerde al eerder een oplossing om offline conversies te meten gebaseerd op custom audiences, waarbij een telefoonnummer of e-mailadres wordt achtergelaten, welke vervolgens wordt gematched met Facebook. De nieuwe privacywetgeving gooit mogelijk wel roet in het eten voor deze oplossing, want het is in feite data delen met derden.”

Leestip: Google Store Visits: wat levert online inzet op aan offline omzet?

#7 Nieuwe privacywet

Nieuwe wet voor gegevensbescherming uitgelegd in 2 minuten

Frans Jan Boon: “Verder zal de nieuwe wetgeving Algemene Vordering Gegevensbescherming, die in mei 2018 van toepassing wordt, ook effect hebben op mobiel. Niet alleen op het gebied van mobile (re)targeting binnen onder andere Facebook, maar ook op mobiele apps. Niet alleen op het gebied van data security, die eerder volgens Gartner bij 75% van de apps ondermaats was, maar vooral betreffende de data die gebruikers ongemerkt delen met ontwikkelaars van apps. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de sport apps en andere locatiegebaseerde apps.”

#8 Video wordt (nog) belangrijker

Met deze uitlegvideo scoorde Coolblue meer dan 120.000 views

Maarten van Ham: “Binnen mobiel wordt video/visual nog belangrijker. De video-uitleg van Coolblue-achtige partijen zal zich verder gaan verspreiden naar andersoortige bedrijven. De komst van de nieuwe wetgeving met betrekking tot privacy gaat eraan bijdragen dat content vanuit waarde nog belangrijker gaat worden doordat het “spammen” van mensen verboden zal worden (gelukkig!).”

Bron: Statista

Nils van der Knaap: “De advertentie-uitgaven voor mobiele video stijgen in 2018 naar verwachting met bijna 50%. Dit komt omdat er wereldwijd meer video op mobiel wordt geconsumeerd dan op desktops en laptops. In 2018 spendeert men gemiddeld 36 minuten per dag aan het kijken van online video op smartphones en tablets, tegen 18,5 minuten op niet-mobiele apparaten. Het totaal aantal uitgaven aan advertenties in mobiele video zal daarmee ook toenemen.”

#9 Google Shopping

Google Shopping & gesponsorde resultaten krijgen flink voorrang

Het wordt komend jaar niet bepaald makkelijker om bovenaan de mobiele zoekresultaten te komen. Tenzij je ervoor betaalt natuurlijk.

Steven van Vessum: “SERP features zoals o.a. lokale resultaten, knowledge panels en featured snippets zullen een nog grotere rol gaan spelen. In het artikel E-commerce Trends 2018 zagen we al dat Google behoorlijk aan het experimenteren is geslagen wanneer men zoekt op een vergelijking tussen twee producten. Google presenteert een eigen zoekresultaat van Google Shopping dat praktisch schermvullend is. Dat is balen als je voorheen op positie #1 stond en duizenden bezoekers per maand naar je site kreeg. Ik verwacht dat we in 2018 veel meer van dit soort experimenten gaan zien.”

Leestip: Volgens deze mededingingsadvocaat uit Silicon Valley gaat het de EU niet lukken om de macht van Google in te perken.

#10 Voice Search

De Amazon Echo is voorlopig nog niet in het Nederlands beschikbaar

In het artikel SEO trends in 2018 schreven we al uitgebreid over slimme speakers en spraakgestuurd zoeken. Een veelbelovende technologie, maar de vraag is hoeveel haast grote spelers als Apple, Amazon, Google en Microsoft hebben met het implementeren van spraakgestuurd zoeken in het Nederlandse taalgebied.

Steven van Vessum: “Hoewel voice search in de Verenigde Staten al bijzonder populair is, zie ik in Nederland maar beperkte adoptie. Ik verwacht niet dat dat in 2018 echt gaat veranderen.”

#11 Augmented reality

Welke stoel past het beste in je interieur? Je ziet het met deze AR-app.

Sinds de Pokémon Go-hype is augmented reality bekend bij het grote publiek. Langzaamaan komen er steeds meer toepassingen buiten de gamewereld, met de app van IKEA als een van de voorlopers.

Melchior van Velzen: “Ik voorzie een doorbraak met augmented reality, met name voor visueel gehandicapten. Technieken zoals we die al zien bij Taptapsee en BeMyEyes zullen ermee gaan worden aangevuld. Zie bijvoorbeeld BlippBuilder.”

#12 Hogere kwaliteit apps

Nils van der Knaap: “De appstore van Apple viert op 10 juli 2018 zijn tiende verjaardag. Drie maanden later mag de appstore van Android, nu bekend als Google Play, tien kaarsjes uitblazen. Het aantal apps dat wereldwijd wordt gedownload stijgt nog steeds. Ook het aanbod van apps groeit. Op Google Play komen er maar liefst 1300 apps per dag bij.

Zelf een app maken? Niet altijd een succes. Bron: databox

Recente studie toont echter dat mensen maar een handjevol apps regelmatig gebruiken. Ook het deïnstalleren van apps, omdat ze maar een keer zijn gebruikt, komt veelvuldig voor. Net als bij content-marketing geldt dat kwaliteit de sleutel tot succes is. Het aanbieden van een app is niet bijzonder meer. Je moet echt toegevoegde waarde bieden wil je in het gewoontepatroon van de mobiele gebruiker terechtkomen.”

Mijn interview met Louise Verschuren van Wuzzon over App marketing anno 2018:

#13 Progressive Web Apps

In plaats van een app die je moet downloaden via de appstore kun je ook een website maken die net zo makkelijk te gebruiken is. Dit noem je ook wel Progressive Web App. Een mooi voorbeeld zie je bij Famous.co:

Marc Thierrij: “De verwachting dat Progressive Web Apps (PWAs) de native apps zouden gaan vervangen in 2017 is niet zo snel gegaan als ik had verwacht. Althans voor Nederland, als we bijvoorbeeld kijken naar andere landen dan zie je dat er goede resultaten mee worden behaald. Daarom ben ik nog steeds overtuigd van de voordelen van PWAs en verwacht ik dat steeds meer websites/apps overstag zullen gaan. Daarnaast zorgt de integratie van AMP en PWA voor een nog snellere gebruikerservaring en blijken de conversieratio’s uit verschillende tests vele malen hoger te liggen.”

#14 Smartphone met tabletscherm

Hoe gaan smartphones er in de toekomst uitzien?

Met alle softwarematige mobiele trends vergeten we bijna dat smartphones ook nog gewoon fysieke apparaten zijn. En daar zijn ook een aantal interessante ontwikkelingen te ontdekken.

Nils van der Knaap: “Met de iPhone X van Apple is de hardware van de telefoon zo sterk dat deze gelijkwaardig is aan een gloednieuwe personal computer. Dit geeft niet alleen de mogelijkheid tot allerlei nieuwe features, maar toont tevens dat we nu echt in een mobile-first wereld leven. Ook Samsung innoveert en komt naar verwachting met een inklapbaar scherm. Hierdoor heb je de draagbaarheid van een mobiele telefoon, maar het scherm van een tablet. Hoewel dit nieuwe type smartphone nog niet officieel is aangekondigd, bestaan de geruchten hierover al sinds 2011.”

Het concept waar Samsung in 2011 al mee kwam

#15 Veiligheid

Kun je de gezichtsscanner van je telefoon voor de gek houden?

Nils van der Knaap: “Online veiligheid en privacy zijn anno 2018 nog steeds hot topics. Dankzij de toenemende kwaliteit van de hardware, zijn er ook ontwikkelingen op het gebied van mobiele veiligheid.”

“Biometrische authenticatie lijkt de sleutel te zijn tot een veiligere smartphone.”

“Biometrische authenticatie lijkt de sleutel te zijn tot een veiligere smartphone. Vingerafdrukken worden al een tijdje gebruikt. De nieuwe Samsung Galaxy S8 biedt daarnaast een geavanceerde irisscan aan om je smartphone te openen door er alleen maar naar te kijken. De iPhone X komt met Face ID, waarbij door middel van camera’s en sensoren je gezicht je wachtwoord is geworden. Het systeem projecteert en analyseert ruim 30.000 onzichtbare punten, en brengt zo het reliëf van je gezicht heel nauwkeurig in kaart. Dankzij een zelflerend systeem kan Face ID veranderingen in je gezicht herkennen.”

Conclusie

De nieuwste smartphones zijn net zo krachtig als veel laptopcomputers. Het is onvoorstelbaar hoeveel we vandaag de dag met onze mobieltjes kunnen. We gebruiken ze dan ook de hele dag en voor steeds meer toepassingen. Op bijna alle fronten is mobiel internetgebruik nu groter dan desktop internetgebruik. Zelfs voor online aankopen.

Voor de gebruiker maakt het niet meer uit, mobiel of desktop. Ze willen altijd een optimale ervaring. De grote online succesverhalen Facebook, Google, Amazon, ze volgen allemaal een mobile-first strategie.

Wat betekenen deze ontwikkelingen voor jouw organisatie? Welke mobiele trends hebben straks de grootste impact? Waar liggen de kansen? En waar liggen de bedreigingen? Deel je gedachten met ons in de reacties hieronder.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Studiekeuzetest in VR

Posted 27 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Onderwijsinstelling ROC in Amsterdam en Flevoland hebben een studiekeuzetest ontwikkeld in een VR-jasje. Met behulp van 360 graden video kunnen toekomstige studenten verschillende werkplekken ervaren.

De zogenoemde VR Sectorchecker is te bekijken in 360 graden op de mobiele of desktop website en in VR met een Google cardboard die door het ROC van Amsterdam en het ROC van Flevoland worden uitgedeeld op open dagen en voorlichtingen.

In elk filmpje is een aantal tekstvlakken geplaatst met de werkzaamheden die passen bij de betreffende beroepssector. Voor de sector Luchthaven staat de leerling bijvoorbeeld midden in een hangar en maakt zo kennis met het werken op de luchthaven, het werk van een stewardessen, luchthavenbeveiliging, vliegtuigtechniek en facilitaire dienstverlening.

Met smileys geeft de leerling aan of hij of zij een sector wel of niet leuk vindt; op de webversie door te slepen, bij gebruik van een cardboard door even een blik vast te houden op de smiley. Op basis van de gemaakte keuzes krijgt de leerling een advies over welke sector het beste matcht. De uitslag wordt ook verzonden via de mail.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De malwaredreiging voor Android neemt toe

Posted 27 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

De malwaredreiging voor Android neemt toe. Dat zegt beveiliger G Data. Beveiligingsexperts van G DATA hebben in het derde kwartaal van 2017 810. Dit is ongeveer 17 procent meer dan in het tweede kwartaal.

 

In heel 2017 hebben de analisten van G DATA tot nu toe 2,2 miljoen nieuwe malware-varianten voor Android ontdekt, waarvan dus ruim 810.000 in het derde kwartaal. Sinds juni zijn dagelijks gemiddeld 8815 nieuwe vormen van malware gezien voor dit zeer populaire mobiele besturingssysteem.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Staatssecretaris Keijzer op werkbezoek bij postbedrijven

Posted 27 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Staatssecretaris Keijzer van Economische Zaken en Klimaat gaat vandaag op werkbezoek bij de twee grootste spelers op de Nederlandse postmarkt. De staatssecretaris bezoekt ‘s middags de thuisbasis van Sandd in Apeldoorn. ‘s Avonds is de bewindspersoon in Nieuwegein te gast bij één van de grootste sorteercentra van PostNL.

Eerder deze week had Keijzer al kennismakingsgesprekken met de directievoorzitters van beide bedrijven: Herna Verhagen (PostNL) en Rob Brakenhoff (Sandd).

De brievenbus en de tas van de postbezorger raken leger door verregaande digitalisering. Tegelijkertijd zijn de huidige eisen aan de bezorging hoog. Dat betekent, dat ik heldere keuzes moet maken over de toekomst van de post in Nederland.

Uit de onderzoeken is duidelijk geworden dat digitalisering een steeds grotere invloed heeft. Zo staat qua communicatiemiddel WhatsApp inmiddels op de eerste plaats, gevolgd door mobiel bellen en e-mail. Post is gedaald naar de zesde plaats. 62 procent van de ondervraagden vindt communiceren via post ‘gedoe’, terwijl in 2011 in hetzelfde onderzoek nog 52 procent post juist als ‘makkelijk’ typeerde.

Nederlandse bedrijven en consumenten versturen echter jaarlijks nog altijd 2,8 miljard poststukken zoals brieven. Het overgrote deel daarvan is zakelijke post: 2,6 miljard. Nederlanders versturen en ontvangen inmiddels op jaarbasis 350 miljoen pakketten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

DNB: digitalisering en cyberaanvallen grootste risico’s

Posted 27 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

DNB heeft toenemende digitalisering en cyberaanvallen als een van de grote risico’s geïdentificeerd voor 2018. Dat staat in een van twee nieuwe beleidsstukken, ‘Visie op Toezicht 2018-2022’ en de jaarlijkse toezichtagenda ‘Vooruitblik 2018’ waarin DNB prioriteiten toelicht die in de komende jaren boven op het reguliere toezicht ter hand worden genomen.

De impact van een mogelijke aanval op de vertrouwelijkheid, integriteit of beschikbaarheid van data is volgens de toezichthouder groot. Data kan openbaar worden of vertrouwelijke gegevens kunnen in verkeerde handen vallen. Ook worden aanvallen steeds complexer. In het verleden richtten aanvallers zich vooral direct tot fraude via klanten. Maar steeds vaker wordt de aandacht verlegd naar financiële instellingen.

DNB wil naar eigen zeggen bereiken dat financiële instellingen hun niveau van beheersing van cyberrisico’s verhogen (pdf). Naast onderzoeken brengt DNB het belang van het beheersen van cyberrisico bij financiële instellingen onder de aandacht, bijvoorbeeld door seminars en ronde tafels te organiseren met betrokkenen en door voorlichting en nadere guidance. Een seminar voor verzekeraars en pensioenfondsen zal bijvoorbeeld plaatsvinden op 18 januari 2018.

DNB wil dat verzekeraars op een ‘verantwoorde wijze’ omgaan met de risico’s en kansen die voortvloeien uit insurtech. De impact van technologische innovatie op de verzekeringsbranche is groot.

In 2017 is DNB gestart met een analyse om een helder beeld te krijgen van de invloed van technologieën op de strategie en toekomstbestendigheid van verdienmodellen in de verzekeringssector. Voorlopige bevindingen duiden erop dat op korte termijn insurtech-ontwikkelingen vooral complementair zijn aan het huidige verdienmodel, maar dat de impact op middellange termijn meer disruptief kan zijn.

DNB constateert (pdf) ook dat klanten innovatieve digitale diensten steeds sneller omarmen. Zo is het aantal mobiele betalingen de afgelopen vijf jaar vertienvoudigd, vinden hypotheekgesprekken bij sommige banken al voor meer dan de helft via de webcam plaats, en raakt robo-advies steeds meer geaccepteerd. Digitale transformatie lijkt daarom eerder een noodzaak dan een keuze.

De nieuwste ontwikkelingen op het gebied van fintech komen volgende week donderdag ter sprake op Emerce eFinancials. Kaarten hier.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Niks doen met Accelerated Mobile Pages is geen optie’

Posted 27 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Accelerated Mobile Pages (AMP) worden de trend van 2018. Ze werden in februari 2016 door Google geïntroduceerd met als doel uitgevers te helpen met het verbeteren van de browse ervaring op mobiele apparaten. AMP zorgt namelijk voor een snellere laadtijd van rijke content zoals video’s, animaties en advertenties. Tevens zorgt AMP voor een betere plek in Google’s “top stories” box.

Er is een hoop discussie en scepsis over AMP, maar niks doen met AMP in 2018 is vrijwel geen optie. Recentelijk heeft Google zelfs aangekondigd AMP internationaal flink te promoten.

AdWord-adverteerders kunnen tevens binnenkort wereldwijd AMP pagina’s als hun landingspagina gebruiken en kunnen Accelerated Mobile Pages ook gerankt worden in Google’s position zero (featured snippet).

Deze zichtbare trend is de reden dat SEMrush een nieuwe feature heeft gelanceerd. Naast de gebruikelijke technische SEO issues, controleert de Site Audit van SEMrush vanaf nu ook op AMP validatiefouten. SEMrush heeft tevens een uitgebreide gids gemaakt hoe je AMP in je voordeel kunt gebruiken.

Om meer inzicht te creëren in het implementeren van AMP en als webmaster prioriteiten te kunnen stellen, zijn de 10 meest voorkomende AMP issues op een rijtje gezet. Hiervoor is de Site Audit van SEMrush gebruikt om de websites van de top 300 uitgevers in acht landen, waaronder Nederland, te controleren. Dit zijn de resultaten:

Zoals je kunt zien, blijft het aantal grote uitgeverijen dat met AMP werkt momenteel steken op 24% tot 34%, afhankelijk van het land. In Nederland is dit 30.8%. Het percentage websites dat problemen heeft met het gebruik van AMP is vrij groot. In Nederland heeft 72.9% van de AMP’s een of meerdere problemen.

Dit getal is echter pas interessant als we kijken naar het soort fouten die gemaakt worden. Dit is tevens het meest interessante aspect voor webmasters. HTML fouten komen het meeste voor en ze zijn vrij serieus. Ze kunnen er namelijk voor zorgen dat alle AMP voordelen teniet worden gedaan. Voldoen aan de AMP HTML specificaties is echter niet zo makkelijk. Als men bijvoorbeeld kijkt naar tags en attributes, dan moet je een enorme lijst doorwerken waarin staat welke al dan niet zijn verboden. Er is dus een hoop ruimte voor het maken van fouten.

HTML-fouten oplossen betekent meestal dat je verboden tags moet verwijderen en invalide protocollen moet omzetten in valide protocollen. Er zijn ook HTML-beperkingen voor stijl en layout. Men moet bijvoorbeeld de hoogte en breedte voor elke getoonde tag bepalen om ervoor te zorgen dat men eenvoudig door een webpagina heen kan scrollen.

Ondanks dat stijl en layout problemen niet zo vaak voorkomen als HTML-issues, loop je wel de kans dat als je ze negeert, je pagina helemaal niet meer voorkomt in de SERP’s. Gelukkig zijn deze fouten makkelijk op te lossen.

De AMP project website is erg handig voor webmasters en heeft een flink aantal gidsen en tutorials. Op de pagina over AMP validatiefouten staan meer dan 30 fouten en hoe je die kunt vermijden.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Wat bedoelt John de Mol met zijn kritiek?

Posted 24 nov 2017 — by Villamedia
Category nieuws

John de Mol ergert zich groen en geel aan het (ontbreken van) mediabeleid bij Rutte III. De premier, waarvan hij het mobiele nummer heeft, luistert wel naar zijn vragen, maar geeft nietszeggende antwoorden zoals alleen Rutte dat kan, vertrouwde hij…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Virtual reality: succes komt niet snel

Posted 24 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Waar in 2016 ongeveer 10 miljoen VR-brillen aan de man zijn gebracht, gaan er in 2021 mogelijk 100 miljoen over de toonbank, voorspelt onderzoeker IDC. Ook zullen de uitgaven aan toepassingen naar verwachting groeien naar 215 miljard dollar. Een reality check is wel op zijn plaats: Staar je niet blind op deze mooie cijfers, de eerste stap is gezet, maar VR heeft nog een lange weg te gaan. 

Tien miljoen verkochte VR-brillen is een stap in de juiste richting. De praktijk laat zien dat veel van die brillen bij de consument in de kast belanden. Hierdoor blijft het massale gebruik van VR-toepassingen achterwege. Dat zien we met name terug in de tegenvallende hoeveelheid downloads van goede VR-content uitgaande van 10 miljoen verkocht VR-brillen. Zelfs als de verkoopcijfers volgens prognose toenemen: de dag dat mensen massaal en structureel gebruik maken van VR-toepassingen is nog niet in zicht. VR heeft tijd nodig. Hoewel VR als technologie nieuw is voor veel mensen, het adopteren van nieuwe technologieën is dat zeker niet. Dit hebben we natuurlijk al vaker gedaan, vaak onbewust. De filosoof Confucius leerde ons: “Study the past if you would define the future”. 

Internet in 1995

De huidige VR-markt is qua volwassenheid vergelijkbaar met internetmarkt in halverwege jaren 90. Op internet surfen gebeurde via de telefoonverbinding. Websites bestonden uit tekst en lage resolutiefoto’s of bewegende gifjes, en waren nog aak gebaseerd op papieren brochures. Voor de early adaptors van e-mail was een paar keer per week e-mail checken in die tijd genoeg. Er waren immers weinig mensen om mee te mailen. Dat is vandaag wel anders. Internet in 1995 is verschillende opzichten vergelijkbaar met VR nu. De huidige hardware werkt, maar ontwikkelaars moeten de technologie nog beter leren kennen om VR werkelijk aan de gang te krijgen. Het aanbod van aantrekkelijke content is erg beperkt en de meeste mensen hebben hooguit even kennis gemaakt met VR met bijvoorbeeld de Samsung Gear. Structureel gebruik komt echter nog weinig voor. Wie van je vrienden gebruikt al Facebook Spaces? Wie het een keer gebruikt heeft, concludeert: het is er nog erg leeg, net zoals op het internet halverwege jaren 90. 

De waardeketen

Van de opkomst van het internet hebben we geleerd dat er drie segmenten te onderscheiden zijn in de waardeketen: infrastructuur, tools en platformen en content. Pas als deze alle drie zijn ingevuld ontstaat er toegevoegde waarde voor de eindgebruiker. De huidige generatie hardware (HTC Vive, Oculus, Samsung Gear) zijn de modems van VR. Ze werken en geven een idee van de mogelijkheden. Voor een bredere beschikbaar is het wachten op de volgende generatie aan VR-oplossingen. Die eenvoudiger in gebruik zijn en goedkoper in prijs. Tools en platformen om het creëren van content en het gebruik van VR nuttig te maken staan nog in de kinderschoenen. Tools als een Unity zijn complex en niet gebruiksvriendelijk. Kennis van code is noodzakelijk om content te maken. Vergelijkbaar met het maken van website in 1995. Het is wachten op tools als WordPress, waarmee bijna iedereen een website kan maken. Een platform als Facebook Spaces heeft nog weinig toevoegde waarde omdat nog weinig mensen het echt gebruiken. Waarom zou je e-mailen als het alternatief – een brief versturen via de post – effectiever is? Dan weet je immers zeker dat iemand je bericht de dag erop leest. Bij e-mail was dat in 1995 nog maar de vraag.

VR voor bedrijven

De ontwikkelingen van HTC en Oculus richten zich met name op de consumentenmarkt. Waar interessante mogelijkheden zitten voor ontwikkelaars is in toepassingen voor bedrijven. Uit marktonderzoek blijkt dat bedrijven met name business cases zien in het gebruik van VR tijdens trainingen. Om de business case interessant te maken en om van pilot op te schalen naar productie zijn goede tools noodzakelijk. Deze tools maakt het eenvoudiger voor bedrijven om trainingen te maken en aan te passen. Net zoals tools als WordPress en Drupal het eenvoudig maken om een website te ontwikkelen en te onderhouden. 

Een andere zeer interessante beweging is de vervaging tussen VR en AR. Traditioneel zit hier een strikte scheiding tussen qua hardware en ook qua toepassingen. Met de komst van de Hololens, door Microsoft Mixed Reality genoemd, is deze scheiding al wat vervaagd. Deze vervaging lijkt zich door te zetten door de komst van de zogenaamde ‘portals’. Met deze portals kun je via een deur in de ‘echte wereld’ eenvoudig de virtuele wereld instappen.  Deze ‘portals’ worden vooral gevoed door de komst van twee grote platformen ARkit van Apple en ARCore van Google. Waardoor er plots honderden miljoenen apparaten geschikt zijn voor AR maar dus ook voor VR-content. Een zeer interessante ontwikkeling met name omdat er nu geëxperimenteerd kan worden met de mogelijkheden en toepassingen. Wellicht ligt hier de sleutel tot de doorbraak van VR en AR. Het gebruik van internet is immers ook pas exponentieel gestegen toen de mobiele telefoon geschikt werd voor internet. 

De bomen groeien nog niet in de hemel

Investeerders en startups doen er goed aan kritisch te blijven kijken naar cijfers zoals de prognoses van IDC. De infrastructuur groeit snel en nu is het moment om te experimenteren met wat werkt in VR en wat niet. Dit is de tijd om je businessmodel te verifiëren. Wie slim is kijkt hierbij goed naar de ontwikkelingen van het internet.  Het verleden leert ook dat startups rekening moeten houden met genoeg ‘run-way’ voordat er echt geld verdiend wordt. Het bos is nog jong en de bomen groeien nog zeker niet tot in de hemel. Ze moeten eerst nog goed bemest worden.



Lees het volledige bericht op Emerce »

ING Mobiel Bankieren App wordt zakelijk platform

Posted 24 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

ING zet naar eigen zeggen de koers naar een digitaal platform voor ondernemers, met de ING Mobiel Bankieren App als basis. Zeker 80.000 zakelijke klanten van ING kunnen sinds deze week al gebruik maken van de nieuwe Bonnen & Facturen functionaliteit in de ING Mobiel Bankieren App.

Klanten kunnen met de camera van hun smartphone een foto van hun bonnen maken, die daarmee direct in de ING Mobiel Bankieren App worden opgeslagen. Na het fotograferen van de bon wordt deze direct aan een bij- of afschrijving gekoppeld, met de mogelijkheid voor de ondernemer om extra informatie toe te voegen.

Na een pilot biedt ING de oplossing nu aan de eerste 80.000 zakelijke klanten van ING aan. Uiteindelijk rolt ING de functionaliteit uit naar alle gebruikers.

De vervolgstap is dat ING de Bonnen & Facturen-functionaliteit gaat koppelen aan boekhoudpakketten, waarbij ook oplossingen van externe partners worden aangeboden.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Randsteden en Brainport Eindhoven bundelen krachten

Posted 24 nov 2017 — by Emerce
Category nieuws

Om internationaal de concurrentie met grote steden als Parijs en Londen aan te kunnen maken gaan de Noordelijke en Zuidelijke Randstad en de Brainport Eindhoven zich als één stedelijk netwerk positioneren. Om dit te bereiken gaan verschillende bestuurlijke aanjagers plannen uitwerken op gebieden als bereikbaarheid van toplocaties, digitalisering en aantrekken van toptalent.

De Noordelijke en Zuidelijke Randstad en de Brainport Eindhoven vormen het economisch kerngebied van Nederland. Hier woont 37 procent van de Nederlandse bevolking, wordt 42 procent van het nationaal inkomen verdiend, worden 63 procent van de diploma’s in het Nederlands wetenschappelijk onderwijs behaald en vindt 50 procent van alle private R&D plaats. Ook vinden hier internationale toonaangevende activiteiten plaats op gebieden als life science en nano-elektronica. Tegelijkertijd kan al deze bedrijvigheid, kennis en energie beter met elkaar verbonden worden.

De uitdaging begint met het ‘uitstekend verbinden’ van de toplocaties. Zonder adequate digitale infrastructuur kunnen toplocaties niet floreren. Belangrijk is dat de ontwikkeling van de digitalisering in de grote stedelijke agglomeraties doorzet. Door middel van een routekaart kan geïnventariseerd worden welke stappen hiervoor nodig zijn en onder welke condities. Gelet op de huidige situatie in Nederland en de stand van de techniek is een dekkend netwerk van meer dan 100Mbit in combinatie met een snel, duurzaam en energiezuinig mobiel netwerk (5G) het meest waarschijnlijk. Gezamenlijk optreden van de REOS-partners geeft meer kans op het binnenhalen van datacentra.

Het Uitvoeringsprogramma REOS wordt aangestuurd door de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Noord-Brabant, Flevoland en Utrecht, de steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Eindhoven en Utrecht, de Economic Board Zuid-Holland, Economic Board Utrecht, Brainport Eindhoven en Amsterdam Economic Board, en de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat, Economische Zaken en Klimaat en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.



Lees het volledige bericht op Emerce »