Posts Tagged ‘marketing’

MediaMonks investeert in global marketing communicatie team

Posted 15 jun 2018 — by Adformatie
Category nieuws

Marta Tomczak en Marieke van Zanten geven leiding aan marcom en PR-team van het productiebedrijf.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Interactieve e-mails in opkomst, maar gepaard met uitdagingen

Posted 15 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

We staan aan de vooravond van de interactieve e-mail. Vroeg of niet, een klein clubje riep het afgelopen jaar zelfs al uit tot het jaar van. Maar behalve enthousiasme worden er twaalf maanden later ook uitdagingen gezien.

Een van de veelbelovende vernieuwingen binnen de e-mailmarketing is het ontstaan van de interactieve e-mailberichten. Nieuwe technieken hebben ervoor gezorgd dat e-mails niet langer statisch hoeven te zijn. Zo’n twee jaar geleden doken de eerste voorzichtige berichten over het onderwerp op, sindsdien worden her en der experimenten waargenomen.

Nu is er vaak maar één interactiemogelijkheid in de content of het design van een mailbericht: iemand kan doorklikken naar de website. Relatief nieuwe mogelijkheden van HTML en CSS brengen de interactiviteit van het web over naar de e-mailmarketing. Technisch wordt het bijvoorbeeld gemakkelijker inhoud op te delen in tabbladen, afbeeldingen samen te voegen in een galerij of een navigatie op te nemen.

Eerste experimenten: menu’s en meer afbeeldingen

De techniek wordt door een kleine club met open armen ontvangen. Enkele duizenden klanten van e-maildienst Litmus verwachten bijvoorbeeld veel meer klikmogelijkheden en engagement. De interactieve e-mail vraagt wel om een heel andere manier van denken, zo stellen kenners. Een e-mail is niet slechts meer een snelle toegangspoort tot de webwinkel of site, het houdt de gebruiker zijn aandacht langer vast. De inbox bevat straks in zekere zin tal van ‘microsites’ met hun eigen succesmetrics.

Misschien nog wel het meest functioneel is de mogelijkheid om gebruikers voorkeuren te laten doorgeven of iets te laten toevoegen. In het bericht is de maat of kleur van een product al te selecteren. Met een extra klik belandt het dus ook op een verlanglijst of in de winkelwagen. De start-up Rebel, hier recent nog beschreven, gaat zelf een stapje verder en introduceerde een koop nu-knop. Met de in het account opgeslagen creditcardgegevens wordt de selectie direct betaald.

Mark Robbins van e-maildienst Rebel sprak recent op Emerce over het veelbelovende karakter. Het jonge bedrijf waarvoor hij werkt introduceerde een koop nu-knop en belooft nog meer e-commercefunctionaliteiten naar het postvak-in te brengen. Steeds meer webfunctionaliteiten zullen zo hun weg vinden naar de e-mailsoftware verwacht hij. Robbins: ‘Het wordt vaak gezien als een leuk extraatje of een hype, maar als het goed wordt ingezet, biedt het een set tools die de gebruikerservaring echt kan verbeteren.’

In de praktijk blijken bedrijven de techniek als eerste te gebruiken voor het menu. Het ‘hamburgermenu’ dat gebruikers kennen van mobiele websites en apps is hierdoor bruikbaar in het postvak-in. Het biedt ruimte voor extra koppelingen met de site of is juist een mogelijkheid om links niet standaard in beeld te brengen. Ook overgewaaid vanuit de browser is de carrousel van afbeeldingen. Daardoor zijn er per product meer beelden te tonen dan voorheen.

Naast het optimisme constateert Litmus ook dat er nog heel wat uitdagingen kleven aan de techniek. Zo is het maken van de interactieve e-mails technisch lastig. Het toevoegen van een navigatie zoals die bekend is vanuit de webbrowser is goed te doen. Een (goede) technische koppeling maken om gebruikers een product vanuit de e-mail te laten toevoegen aan een winkelwagen is al een stuk lastiger.

De technische complexiteit zorgt ervoor dat nog niet alle e-mailprogramma’s er even goed mee overweg kunnen. Uit Litmus’ data blijkt ongeveer de helft van de berichten die via hun platform wordt verzonden, te worden gelezen in geschikte software. Het betekent dat bedrijven een hoop alternatieven moeten inbouwen voor die andere helft. Een bijkomende uitdaging is dat de ‘engagement’ nog niet goed is te meten. Voor marketeers die exact willen weten welke klik wel bijdraagt aan een conversie en welke niet, is dat volgens het bedrijf iets om rekening mee te houden.

Een onderzoek onder een paar duizend marketeers laat zien dat driekwart hier nog nooit mee heeft geëxperimenteerd. Iets meer dan 36 procent is dat echter wel van plan. Het duurt zeker nog wel een aantal jaar voor alle e-mails er daadwerkelijk uitzien als micro-sites, stelt het bedrijf. Maar het onderwerp staat wel op de agenda.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Over shoppen op Instagram en doelgroepgericht adverteren

Posted 14 jun 2018 — by Adformatie
Category nieuws

Contentmarketing bureau Blauw Gras praat je bij in de #lekkersociaal!

Lees het volledige bericht op Adformatie »

E-mailmarketing: Usability en eyetracking moeten klant helpen

Posted 14 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

E-mail als marketingkanaal heeft zich de laatste jaren in een hoog tempo ontwikkeld. Er lijkt geen stop te komen op de vele veranderingen en mogelijkheden. Vaak wordt er stilgestaan bij de “quick-wins” en de “algemene resultaten”, maar hoe wil een ontvanger nou écht een e-mail lezen?

Jeroen Brink is Manager Online Sales bij Sanoma en zal tijdens de DDMA Email Summit op 21 juni uitgebreid spreken over usability onderzoek in e-mail. Een methodiek die nog weinig wordt toegepast, maar steeds belangrijker wordt.

Kun je allereerst kort jezelf en Sanoma introduceren?

Als Manager Online Sales ben ik bij Sanoma verantwoordelijk voor online abonneewerving en losse verkoop voor meer dan dertig van onze magazines, waaronder Libelle, vtwonen, Margriet en Veronica Magazine. Met mijn team zijn we verantwoordelijk voor de abonnementenwebshops en het maken van online campagnes.

Sanoma bereikt een groot aantal consumenten met A-merken. De doelgroepen worden bereikt met tijdschriften en via online
platformen, maar we bouwen deze merken ook crossmediaal uit. Veel consumenten kennen ons merk vtwonen bijvoorbeeld van
het magazine, maar inmiddels is er ook een vtwonen-webwinkel, een eigen vtwonen-collectie en een vt-wonen&design beurs. Het woord “magazine” krijgt daarmee een bredere lading: het is niet alleen meer het papieren tijdschrift, maar je kunt onze merken tegenwoordig beleven op een manier die het beste bij jou én het moment past.

Welke rol speelt e-mailmarketing hierin?

E-mailmarketing speelt een essentiële rol in onze crossmediale campagnes, zowel in directe conversie als engagement en indirecte sales. Binnen mijn team maken we e-mailcampagnes voor diverse merken van Sanoma. We kijken dagelijks welke rol e-mail kan spelen om onze resultaten te verbeteren in de huidige tijdschriftenmarkt.  We zetten e-mailmarketing in om abonnementen te werven, klanten te behouden en terug te winnen, maar ook voor bijvoorbeeld product verkoop en marketing van events.

Hoe kijk jij aan tegen de staat van e-mailmarketing anno 2018?

De kracht van e-mailmarketing is nog steeds onverminderd sterk. Betaald online mediabereik staat onder druk; de concurrentie neemt toe en daarmee ook de “cost per acquisition”, zelfs als dit bijvoorbeeld je eigen social media kanalen betreft.

Met e-mail houd je zelf de regie over je klantendatabase en de opbouw daarvan en wordt je minder afhankelijk van externe partijen. Daarnaast biedt e-mailmarketing de uitgelezen kans om structureel met je doelgroep in gesprek te gaan en te blijven én hen te verrassen met relevante content.

Wat is je visie op e-mailmarketing?

Ik denk dat het vooral belangrijk is om kritisch te zijn op wat e-mail daadwerkelijk bijdraagt aan je resultaten: is dat bereik, engagement, conversie of resultaat op meerdere vlakken? Succesvolle inzet van e-mailmarketing gaat verder dan een goede open-rate of click-through rate; uiteindelijk draait het om conversie. Dit hoeft natuurlijk niet altijd verkoop te zijn. Pas wanneer je e-mailmarketing écht doelgericht en met duidelijke KPI’s inzet, kun je de campagnes goed inzichtelijk maken. Door goed evalueren kun je bijvoorbeeld bepalen welke segmentaties het meest zinvol zijn. Ook wordt de rol van e-mailmarketing binnen de totale marketingmix nog wel eens onderschat.

Welke kansen worden nog te veel onbenut gelaten?

Er wordt te weinig gekeken naar daadwerkelijke conversies, dat wil zeggen een indirecte of directe sales uit e-mail of een ander conversiedoel. Daarom is het ook nodig om te werken vanuit concrete doelstellingen, resultaten goed te evalueren en bij te sturen. Het is interessant om de conversie attributie van e-mail verder in kaart te brengen en je marketingstrategie hierop aan te scherpen. Ook de inzet van data is essentieel; denk bijvoorbeeld aan retargeting via e-mail wanneer je doelgroep eerder al in aanraking is gekomen met andere online marketinguitingen, maar nog niet is geconverteerd.

Waar liggen de komende jaren de grote uitdagingen op het gebied van e-mailmarketing?

De grote uitdagingen de komende jaren liggen in technologie en synchronisatie tussen verschillende systemen, zoals ESP, klantendatabase en Webanalytics systemen. Door sneller eenduidige cijfers inzichtelijk te hebben, wordt het mogelijk om realtime in te spelen op het gedrag en gewijzigde voorkeuren van de doelgroep die je wil bereiken. De mogelijkheden zijn dan eindeloos, mits je assortiment of merk groot genoeg is om in aanbod te variëren.

Hoe is de ontwikkeling van e-mailmarketing de laatste jaren binnen Sanoma gegaan?

Ook binnen Sanoma heeft dit een sterke ontwikkeling doorgemaakt. Waar voorheen veel handmatige e-mailnieuwsbrieven werden gemaakt, staat er nu een compleet overzicht van “always-on” e-mailstromen klaar, waar we op basis van data kijken welk aanbod op welk moment het meest relevant kan zijn voor doelgroepen.

Ook is e-mailmarketing tegenwoordig een integraal onderdeel van campagnes, niet meer een stand-alone middel om bestaande prospects of klanten te bereiken, onafhankelijk van of die doelgroep via andere kanalen bereikt of geconverteerd is.

Tijdens de DDMA Email Summit ga je onder andere vertellen over usability -en eyetracking onderzoeken. Een methode die nog niet vaak wordt toegepast wordt..

We proberen bezoekers mee te nemen in niet eerder gedeelte interne resultaten uit onder andere e-mail usability en eyetracking onderzoek. Binnen Sanoma wilden we graag meer leren over welke invloed e-mailtemplates kunnen hebben op de commerciële beleving bij onze doelgroepen. We stoppen veel tijd in het verbeteren van onze e-mailtemplates. Maar worden mensen daar ook gelukkig van? Waarom klikken consumenten wel of niet op een e-mail uiting? En welke factoren spelen daarbij een rol?

Deze onderzoeken gaven ons de mogelijkheid om daar gericht op door te vragen en zo onze e-mailresultaten verder te verbeteren.

Eén van de onderdelen in usability-onderzoek is “eye-tracking”. Hoe kan dit toegepast worden in e-mail?

Het is heel interessant om usability onderzoek te combineren met eyetracking, onder andere om sociaal wenselijke antwoorden van panelleden te voorkomen en antwoorden te kunnen toetsen. Op die manier vergroot je de betrouwbaarheid van resultaten en maak je antwoorden objectief meetbaar. Eye-tracking is relatief eenvoudig op te zetten, maar je moet natuurlijk wel de beschikking hebben over deze apparatuur. Het begint met het uitnodigen van je doelgroep! Vraag hen hoe zij e-mailmarketing ervaren en wat zij van je uitingen vinden. Dit kan met online tools, maar ook “face-to-face” haal je hier veel meer informatie uit die je niet uit traditionele meetinstrumenten kunt genereren.

Hoe pakken jullie de onderzoeken aan?

Wij doen dit in ons eigen “lab”.  We werken daar met eigen CRO-specialisten met veel kennis en ervaring op dit vlak. Daar gaan we in gesprek met onze doelgroep met live-voorbeelden; we laten hen dan e-mail uitingen en websites zien en kijken naar de verschillen tussen devices.

Moet eye-tracking en usability-onderzoek een “standaard” meetmethode worden in e-mailmarketing?

Usability onderzoek in brede zin kan een waardevolle toevoeging zijn – je kunt deze data zowel kwalitatief als kwantitatief benutten. Dit is tijdrovend en kan niet altijd gemakkelijk voor iedere e-mail uiting, maar door dit periodiek te doen, maak je je e-mailuitingen steeds weer een stuk beter.

Waarom zorgen deze methodes écht voor een toegevoegde waarde?

Door deze methodes meet je de beleving en de verwachting van consumenten. Vallen de belangrijkste elementen in een e-mail eigenlijk wel op? Sluiten e-mailuitingen en landingspagina’s goed op elkaar aan? En hoe worden uitingen op verschillende devices gebruikt door je doelgroep? Voor bijvoorbeeld conversieoptimalisaties van websites wordt al veel usability onderzoek toegepast, maar specifiek voor e-mailmarketing gebeurt dit nog te weinig.

Met usability onderzoek op e-mailuitingen krijg je onder andere meer inzicht in wat ontvangers belangrijk vinden.  Bijvoorbeeld waar je doelgroep naar kijkt in een e-mail en hoe dit verschilt per device. Daarnaast geeft het inzicht in waar consumenten eventueel tegenaan lopen in de conversiefunnel vanuit e-mail. Je kunt dan gerichter aan de slag met het optimaliseren van content en templates om zo je resultaten te verbeteren. Deels kan dit ook met traditionele meetmethodes, maar je mist dan informatie over waarom e-mail goed werkt of juist niet.

Op 21 juni spreek je hierover op de DDMA Email Summit, wat kunnen we verwachten?

We hopen tijdens de DDMA Email Summit collega e-mailmarketeers te inspireren met een “andere” benadering voor e-mailmarketing. Soms is het goed om je niet blind te staren op statistieken uit je ESP of Webanalytics.  Je kunt beter aan je eigen doelgroep vragen wat zij van je e-mailuitingen vinden.

We laten zien welke inzichten wij met ons onderzoek hebben verkregen.  Voor onder andere Libelle en Margriet hebben we onze doelgroep verschillende templates laten ervaren. Hierbij lag ook focus op wat zij belangrijk vinden bij het bekijken van e-mails op verschillende devices. Hopelijk kunnen de bezoekers deze inzichten gebruiken om e-mailmarketing ook voor hun merken effectiever in te zetten. Als we beter inspelen op de vragen en behoeften van de klant, hebben we daar binnen het gehele vakgebied profijt van.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Knab groeit tot financiële marktplaats: ‘Zo ontwrichtend als in retail’

Posted 14 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Knab ziet de rol van het ‘market place’-model in de financiële sector groeien. Komende maanden wil het nog meer diensten introduceren die niet door de bank zelf geleverd worden, maar door partners en zelfs concurrenten. Knab brengt dan vraag en aanbod bij elkaar, vertelt Directeur Retail Jens Waaijers. “Met een zo breed mogelijk aanbod kunnen we klanten beter helpen.”

Iets meer dan een jaar geleden maakte Jens Waaijers de overstap van bol.com naar Knab. Enkele belangrijke principes die hij in de e-commercewereld leerde, brengt hij nu over naar het bankwezen. Zo breidt hij gestaag het marktplaatsmodel uit dat bij Knab zijn intrede heeft gedaan.

Disruptief voor sector

Het sinds kort vijf jaar oude bedrijf is in een scale-up fase beland, vertelt hij tijdens een gesprek met Emerce. Om door te groeien breidt het de dienstverlening uit van bancaire naar andere financiële producten. Het liefst door het marktplaatsprincipe te volgen: het bijeenbrengen van vraag en aanbod. Voor Knab Hypotheken neemt de bank een bemiddelende rol in en adviseert 28 verschillende hypotheekbedrijven. Met Knab Crowdfunding betrekt het klanten bij de financiering van mkb’ers.

Het zijn slechts een aantal voorbeelden, zegt Waaijers. Maar het principe is veel breder inzetbaar. “Een van de dingen die ik bij bol.com heb geleerd is dat als je klanten wil helpen en het assortiment laat groeien, je als bedrijf onmogelijk alle marktkennis in huis kunt hebben. Laat staan dat je dit snel kunt ontwikkelen tot producten.” Als je klanten echt wil helpen, zul je dus partners moeten betrekken. Zijn verwachting is dat dit net als in de retail-, taxi en hotelbranche ‘disruptief’ gaat uitpakken voor de financiële sector.

Hoeveel breder hij daarin wil gaan noemt Waaijers een moeilijke discussie. Een van de al vaker gehoorde voorbeelden is het vergelijken, adviseren en afsluiten van contracten op basis van banktransacties. Bijvoorbeeld voor energie. “Theoretisch is zoiets inderdaad mogelijk, maar ik vind dat te ver van ons afliggen. In essentie willen we klanten helpen alles uit hun geldzaken te halen. Dat is de scope en voor ons dus ook de grens. We beschikken nu over een kern van financiële basisproducten, de verbreding loopt tot producten en services die hier iets aan toevoegen.”

Een boekhoudpakket voor zzp’ers sluit daar in zijn ogen goed op aan. Net als een softwarepakket voor de financiële planning, waarvan het aantal in de markt groeit. Zulke tools bieden inzicht en helpen zogezegd bij het maken van financiële keuzes.

Data, dialoog & UX

Om vraag en aanbod goed bij elkaar te brengen, is het in de basis belangrijk de context van klanten te begrijpen, legt hij uit. Een van de speerpunten is daarom geweest de data science binnen Knab naar een volgend level te tillen. Natuurlijk om de UX – de gebruikerservaring – te verbeteren. Niets is immers zo vluchtig als een klant. “Eén slechte ervaring en diegene is weg, zo heeft de e-commerce meer geleerd” Maar bovenal helpen de data om de context van de klant te leren kennen.

Om de klant te kunnen helpen wil Knab in continue dialoog blijven. Als voorbeeld geeft hij een lopend onderzoek naar zzp’ers en hun pensioen. De zelfstandigen maken zich wel degelijk zorgen over hun oudedagvoorziening, zo blijkt uit de data en gesprekken. Er zijn er echter maar weinig die vervolgens volledig rationeel handelen. Met een online tool probeert het bedrijf nu inzicht te geven in iemands leven over twintig tot dertig jaar. Het is een eerste stap richting iets dat waarschijnlijk een ‘market place’-product wordt. Een complex proces, zegt de Directeur Retail. Maar om het productaanbod te verbreden, moeten we de klant doorgronden. Datawetenschap is daarvoor de basis.

‘PSD2 is spannend’

Het feit dat deze zomer PSD2 in werking treedt, biedt voor die productverbreding ongetwijfeld een hoop nieuwe mogelijkheden. Voor het koppelen van bankrekeningen aan andere ‘tools’ komt bijvoorbeeld een technische standaard. Dat maakt het opzetten of aanbieden van nieuwe producten volgens Waaijers makkelijker. Knab bereidt zich daar “natuurlijk” op voor.

“Het stelt ons in staat klanten nog beter te helpen met inzicht en het maken van keuzes.” Het binnen Knab toevoegen van een totaaloverzicht van bankrekeningen noemt hij een no-brainer. “Maar dan? De vraag die erop volgt is waar klanten hun geld aan uitgeven. Met de expliciete toestemming van de klant zullen we kijken hoe we daar diensten en producten aan kunnen toevoegen. Ik vind het een hele spannende ontwikkeling. Als ik het vergelijk met vijf jaar terug is de aandacht voor privacy enorm toegenomen. Het draait dus om het creëren van vertrouwen en maken van producten waar klanten daadwerkelijk iets aan hebben.”

‘Beperkt ruimte voor marktplaatsen’

Dat Knab niet de enige bank is die toekomst ziet in een marktplaatsmodel beseft Waaijers  natuurlijk ook. Frank Jan Risseeuw, CEO van ING-onderdeel Yolt, deelde in een interview eerder dit jaar bijvoorbeeld vergelijkbare aspiraties. Biedt een marktplaatsmodel een bank voldoende onderscheidend vermogen? “Nee, zoiets zit in meer dingen. De combinatie van een focus op digitalisering en klantgerichtheid, maakt ons anders. We hebben bijvoorbeeld by far de hoogste NPS-score.”

Voor hoeveel marktplaatsen er uiteindelijk plek is durft Waaijers nog niet te voorspellen. Kijkend naar het retaillandschap is die ruimte waarschijnlijk beperkt. Er blijven niche-spelers over en financiële partijen met volume. Zoals de grote retailplatformen anderen de logistiek en marketing uit handen nemen, zullen de marktplaatsen in de financiële sector delen van het werk overnemen. “Het is nog wachten op de eerste voorbeelden, maar dit levert weer hele nieuwe verdienmodellen op. De parallel met retail is volstrekt logisch.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Onderzoek: verschuiving Nederlandse investeringen marketingtechnologie

Posted 14 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Nederlandse bedrijven verleggen de focus als het gaat om investeringen in marketingtechnologie. Vooral de aanschaf van datagedreven marketingoplossingen staat hoog op de agenda. Oplossingen voor Content en Experience zijn minder in trek. Dit blijkt uit het eerste onderzoek van Emerce Research en VODW Consultancy naar de ‘martech stacks’ in ons land, ongeveer 250 leveranciers en de geplande veranderingen. Het bijbehorende rapport is zojuist gepubliceerd.

De komende jaren wordt er 10 tot 25 procent meer uitgegeven aan marketingtechnologie. Zo verwacht de overgrote meerderheid van de ruim zevenhonderd bedrijven die hebben meegedaan aan dit onderzoek.

De belangrijke trend die zich in de marketingtechnologie heeft voorgedaan zet door en zal dus zijn effecten hebben op de budgetverdeling. Waar de afgelopen twee jaar al duidelijk is geworden dat aparte oplossingen voor CRM, e-mail en analytics plaatsmaakten voor marketing automation suites, zeggen bedrijven dit jaar te kijken naar oplossingen om de benodigde data beter te ontsluiten.

Met name grotere bedrijven hebben bijvoorbeeld een Customer Data Management-platformen in het vizier, zo blijkt uit het rapport. Zelfs in situaties waar een marketingteam verantwoordelijk is voor de gekozen technologie, blijkt dat de systemen niet zo zijn opgezet dat ze met elkaar kunnen communiceren. Een volledig klantbeeld ontbreekt daardoor nogal eens. De respondenten verwachten dit euvel met een platform voor data management in ieder geval deels te verhelpen.

In de categorie Customer Data Solutions behoren Blueconic en Tealium tot de populaire leveranciers, bedrijven die geïnteresseerd zijn in een data managementplatform hebben nog geen uitgesproken favoriet.

Terwijl de grotere bedrijven druk zijn met hun datavraagstukken, hebben kleinere ondernemingen zo hun eigen uitdagingen. Afgelopen jaar investeerden ze nog in e-mail, content management en de middelgrote bedrijven in marketing automation. Dit jaar verwachten mkb’ers hun budgetten in te zetten voor zoekmachine marketing en dashboarding. De middelgrote bedrijven zullen opnieuw aandacht hebben voor marketing automation en in toenemende mate de conversie-optimalisatie. Hubspot en Optimizely zijn daarbij veel gekozen aanbieders.

Gemiddeld genomen werken Nederlandse bedrijven met zes verschillende tools. Uitgesplitst naar bedrijfsgrootte blijken de bedrijven van formaat vooral de grootverbruikers. Binnen die groep geeft 19 procent aan zelfs 25 of meer tools af te nemen. Opvallend is wel dat de ‘martech stack’ doorgaans bestaat uit losse, onafhankelijk van elkaar gekozen, technieken. Van een volledige integratie is vaak nog geen sprake. Dit draagt ongetwijfeld bij aan de eigen beoordeling: de helft van de bedrijven zegt in redelijke mate effectief te zijn in het gebruiken van functionaliteiten. Ze denken daarin met betere integraties en een bredere strategie over de rol en het doel van marketingtechnieken nog een slag te kunnen maken.

Behalve de genoemde categorieën bevat het rapport analyses over Advertising en Promotion, E-commerce en Sales, Content en Experience, Data en Analytics, Management en Relationship en Social – inclusief bijbehorende subcategorieën.

Het rapport van Emerce Research en VODW is verkrijgbaar in de Emerce Knowledgebase.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De Jong Intra: slimmer concurreren in travel met een DMP

Posted 14 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

De reisbranche is zeer concurrerend en de strijd om de aandacht van de online consument is fel. De Jong Intra Vakanties kiest er daarom voor om met behulp van een datamanagementplatform (DMP) veel gerichter te targeten dan voorheen. Hierdoor wordt het marketingbudget effectiever besteed en zijn de acquisitiekosten per boeking lager.

De Jong Intra Vakanties werd in 1974 opgericht. Het is een middelgrote touroperator met een breed aanbod aan bestemmingen en soorten reizen, van Andorra tot de Seychellen en van groepsreizen per bus tot wintersport. De reizen worden zowel verkocht via reisbureaus en zelfstandige reisadviseurs als online. Dat laatste vergt een digitale transformatie. Zo wilde de Jong Intra de customer journey personaliseren door de beschikbare data beter te benutten, vertelt Marvin Soekra, Teamlead Online Marketing bij de Jong Intra.

“Wij hebben ervoor gekozen om een datamanagementplatform te implementeren zodat we alle interne én interessante externe data met elkaar kunnen koppelen en op een centrale plek opslaan, ongeacht het systeem waar die gegevens uit voortkomen,” zegt Marvin. “Door websitegedrag bij te houden kunnen we klantprofielen opstellen en veel specifieker targeten, of de bezoeker nu anoniem is of bekend. De algoritmen van het Datatrics-platform kijken veel verder dan wat je zelf kunt en kunnen zelfs klantgedrag voorspellen. Dat is mede de reden dat we voor dit systeem hebben gekozen. Het feit dat er koppelingen mogelijk zijn met meer dan honderd tools, een-op-een communicatie mogelijk is en het gemakkelijk te is te implementeren speelden daarbij ook een rol.”

Waar steek je budget in?

Het uiteindelijke doel van de Jong intra is om zeer gerichte klantcommunicatie toe te passen met behulp van het DMP. Zover zijn ze nog niet, maar de segmentatie is al behoorlijk fijnmazig. “Het systeem analyseert aan de hand van de beschikbare data wat voor klanttype de websitebezoeker is, de fase van de customer journey waarin hij of zij zich bevindt, voor welke overtuigingsmechanismen hij gevoelig is, et cetera. Op basis daarvan wordt bepaald welke content we tonen maar ook hoever onze marketinginspanningen moeten gaan. Het klantgedrag verloopt over heel veel verschillende schijven – hoe bepaal je waar je je budget in steekt? E-mail, Google, social media? Het DMP kan daar een objectieve analyse van maken en actiematige inzichten geven.”

Zo heeft de Jong Intra persuasion content gecreëerd die is gebaseerd op de principes van Cialdinin. “Het is vergelijkbaar met wat je bij Booking.com ziet,” zegt Melvin. “Ik vind die popups en dergelijke heel irritant, maar de realiteit is dat het werkt. De conversie is daardoor met 21 procent gestegen. Dat is behoorlijk indrukwekkend gezien het feit dat je een paar simpele basistechnieken gebruikt die worden getriggerd door het gedrag van de bezoeker.”

Het overtuigen van de bezoeker dat hij een vakantie moet boeken, betekent ook dat je de juiste content moet bieden. “Een bezoeker die nog geen klant is en in de inspiratiefase zit, laat je niet meteen een overzicht van al je producten zien,” zegt Marvin. “Die persoon is nog helemaal niet toe aan conversie maar wil geïnspireerd worden. In de vergelijkingsfase gaan we met de communicatie wel meer richting het aanbod. Zoek je een stedentrip, riviercruise, busreis? In de vergelijkingsfase tonen we bijvoorbeeld social proof als uit de analyse van het DMP blijkt dat de bezoeker daar gevoelig voor is. En in de beslissingsfase proberen we de bezoeker met een call-to-action, zoals 50 euro korting, dat laatste zetje te geven. Bij 80 tot 90 procent werkt dat en gaan ze over tot conversie.”

Spelen met weerdata

Het realiseren van conversie zit hem niet alleen in de inhoud: door de content beter leesbaar te maken heeft de Jong Intra een uplift van 10 procent weten te realiseren. “De tekst was nogal een brei. We hebben bulletpoints gebruikt zodat de structuur helderder was. Het kostte wat tijd en moeite om alle productpagina’s aan te passen maar het resultaat was ernaar.”

Een ander interessant effect bereikte de Jong Intra door te spelen met weerdata, vertelt Marvin. “Het is een nobrainer dat als het regent, mensen meer in de stemming zijn om een vakantie te boeken. Maar hoe pas je die kennis toe? Wij verkopen Winterberg als bestemming, dat op drie uur rijden van Utrecht ligt. Het algoritme is zo ingericht dat als er sneeuw ligt in Winterberg, wij 20 procent meer bieden op de bijbehorende zoekwoorden in Google Adwords. Door business rules toe te passen op externe data en dat te automatiseren hebben we een effectief proces dat eigenlijk vanzelf gaat.”

Opgeteld hebben alle verbeteringen en het gebruik van het DMP geleid tot een verhoging van de online conversie van 19 procent met hetzelfde marketingbudget, aldus Marvin. “Bijkomend voordeel is dat onze strategie AVG-proof is. Elke bezoeker geeft op individueel niveau aan met welke onderdelen hij akkoord gaat. Wel websitegedrag tracken, geen e-mails ontvangen bijvoorbeeld. Die mogelijkheid zit al in het systeem zodat we gemakkelijk compliant zijn.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Greenhouse Group start label Conversational

Posted 14 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Bedrijvengroep Greenhouse Group uit Eindhoven lanceert vandaag een nieuw label dat zich specialiseert in conversational marketing, de wereld van chatbots en spraakassistenten.

Op het event NextM, georganiseerd door moederbedrijf GroupM, presenteert Menno Zevenbergen het nieuwe bedrijf Greenhouse Group Conversational. Opvallend is dat de groepsnaam zit verwerkt in het sublabel. “Om het nieuwe merk sterker te laden.”

Over de reden voor de nieuwe dochter zegt de innovation accelerator: “De nieuwe interface komt eraan en bedrijven zullen moeten overstappen van een grafische webinterface naar conversational. Of dat nu chat of voice is, het stelt andere eisen.”

“Eigenlijk keren we hiermee terug naar de wijze waarop heel vroeger marketing werd bederven: persoonlijk via gesprekken tussen klant en leverancier. Als Greenhouse Group willen wij dat vanuit technologisch perspectief in een groter kader doen. Niet enkel door chatbots te ontwikkelen, een spraakassistent of voice search maar door de hele strategie en migratieroadmap neer te zetten voor een klant. Dat bestrijkt een periode van twee jaar. We kunnen ook de uitvoering doen, van concepting tot het ontwerp van de ecosysteemarchitectuur.”

Een van de eerste klanten voor wie het team aan de slag gaat, is ING.

Bij aanvang van het nieuwe label werkt er zes man. Zevenbergen denkt dat er tegen eind 2018 tien à vijftien man werkt.

“Waarom nu? Er zijn partijen die moéten meebewegen van een webinterface naar conversational. Technologie dwingt hen ertoe. Bedenk je dat in de VS meer dan vijftien procent van de huishoudens een smart speaker à la Amazon Echo heeft. Daarnaast heb je ook de groep adverteerders die innovatief is en voorop willen lopen met de volgende noviteit.”

Chatbots en spraakassistenten zijn in opkomst in Europa. De eerste grote partijen die serieuze stappen zetten zijn Amazon en Google.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Magneds breidt uit naar buitenland

Posted 13 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Onlinepromotiebedrijf Magneds uit Tilburg heeft samenwerkingen getekend waardoor het actief wordt in Duitsland, Zwitserland, Spanje en Portugal. Een deal voor Polen is in de maak.

De specialist op het gebied van online activaties en loyaltyprogramma’s vindt in Duitsland en Spanje partners met een achtergrond in de offline wereld. Het Nederlandse technisch platform S7 stelt hen in staat om gestructureerd op grote schaal digitale programma’s te draaien. In ruil helpen ze Magneds de lokale markt te betreden.

Hiertoe tuigen de Brabanders joint-ventures op met deze partijen, die beiden Viva Marketing heten. In juridische zin hebben ze niets met elkaar te maken, maar de eigenaars kennen elkaar van hun vroegere gezamenlijke werkgever TLC.

Wilco de Bie, client strategy director, licht toe: “Zelfstandig bewerken we Engeland, Ierland, de Nordics en Zwitserland. Tot nu toe met succes. De eerste Deense supermarkt is sinds vorig jaar actief en in Zwitserland hebben we sinds kort een samenwerking Migros/TMI. Uitbereiding vanuit Nederland is arbeidsintensief en met partners die kennis en een groot netwerk hebben van een markt kunnen we sneller uitbreiden. We hebben gezocht naar partijen met een sterk netwerk in FMCG en Retail.”

De Poolse markt bedient Magneds vooralsnog zelf, maar er zijn gesprekken in vergevorderd stadium met een lokale vertegenwoordiger.

Foto: Matthew G (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Case: Spierziekten Nederland creëert snelle, hyperpersoonlijke voorlichting door segmentatie

Posted 13 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Contact leggen met de achterban kan voor een goed doel een kostbare zaak worden. De vereniging Spierziekten Nederland zet met segmentatie interactie met de website, waarop men met lotgenoten in contact kan treden, persoonlijke communicatie en ledenwerving centraal. En dat loont.

De vereniging Spierziekten Nederland is een organisatie van en voor patiënten met een spierziekte. (Vooral) oudere leden, die daar prijs op stellen, ontvangen nog informatie per post. Dat is onrendabel, maar het past wél in een systeem van solidariteit. De vereniging heeft daarentegen een hoog ambitieniveau en een hoge graad van professionaliteit. Zo neemt DM in de communicatiestrategie een centrale rol in.

In aansluiting op het offline Ledenmagazine van Spierziekten (vier keer per jaar) wil de vereniging vaker en meer persoonlijke, actuele voorlichting geven. Dat gebeurt door inzet van de Contact Digitaal nieuwsbrief. Deze nieuwsbrief, die twaalf keer per jaar verzonden wordt, is een campagne die op zichzelf staat en een hele belangrijke plek inneemt in de communicatie van Spierziekten. Interactie met de website, waarop men met lotgenoten in contact kan treden, persoonlijke communicatie en ledenwerving staan centraal.

Met slecht 0,2 fte mankracht voor e-mailmarketing en een beperkt budget, is een groot succes behaald. Dat komt door de toepassing van verregaande segmentatie en personalisatie.

“Er worden automatisch een miljoen varianten per nieuwsbrief gegenereerd voor een lid, abonnee of volger” – Erik van Uden, Hoofd communicatie

De hoofddoelstelling voor de Contact Digitaal-campagne luidt:
  1. Persoonlijker communiceren: het geven van snelle, actuele en persoonlijke, relevante voorlichting op het terrein van Spierziekten
De subdoelstellingen voor de Contact Digitaal nieuwsbrief luiden:
  1. Het stimuleren van interactie: door meer bezoek aan de website komen mensen sneller en vaker in aanraking met interactiemogelijkheden tussen leden/lotgenoten. Daarnaast stijgt de deelname aan bijeenkomsten, waar leden ook de interactie met elkaar aan kunnen gaan
  2. Het minimaal compenseren van de uitstroom van bestaande leden – meestal door overlijden – door het werven van nieuwe leden (van volger, naar abonnee, naar lid)
  3. Het bereik onder relevante doelgroepen/stakeholders (volgers) vergroten, bijvoorbeeld onder hulpverleners en mantelzorgers
Verschillende vormen van binding: volgers, abonnees en leden

Spierziekten Nederland wil zich graag verbinden met haar natuurlijke achterban: mensen die te maken hebben met een spierziekte. Een belangrijke vorm van binding is het lidmaatschap, maar niet iedereen wil lid worden van een vereniging en zeker niet van een patiëntenvereniging. Daarbij speelt onzekerheid een rol. Daarom heeft Spierziekten Nederland verschillende vormen van binding geïntroduceerd: behalve lid kunnen mensen ook abonnee of volger worden. Als je je wilt binden, maak je een account aan op de website van Spierziekten. Je kiest daar of je volger, abonnee of lid wilt worden:

  •     Een volger. Hij of zij ontvangt “alleen maar” maandelijks Contact Digitaal. Potentiële volgers (prospects) komen via social media, de website en via de wachtkamer van gespecialiseerde ziekenhuizen in contact met Spierziekten Nederland
  •     Een abonnee heeft naast bovenstaande óók nog toegang tot alle betrouwbare digitale informatie (een bibliotheek vol) en krijgt viermaal per jaar het magazine Contact op de deurmat. Dit zijn vaak familie, vrienden en aanverwanten en hulpverleners
  •     Een lid krijgt naast bovenstaande óók nog toegang tot bijeenkomsten, toegang tot het jaarlijkse congres, contacten met andere patiënten en persoonlijke ondersteuning. Dit zijn over het algemeen mensen met een spierziekte

Het doel is om zoveel mogelijk volgers te werven om hen vervolgens via Contact Digitaal te verleiden abonnee of lid te worden, door te verwijzen naar voordelen als bijvoorbeeld gratis toegang tot een bijeenkomst.

De communicatiemix van Spierziekten Nederland

Verder verzendt Spierziekten nog de volgende nieuwsbrieven, die een soort kruisbestuiving zijn met Contact Digitaal:

–       Diagnosenieuwsbrief (gesegmenteerd op diagnose). Deze nieuwsbrief is ook offline beschikbaar voor leden zonder e-mailadres

–       E-mailnieuwsbrief over bijeenkomsten (gesegmenteerd op diagnose en regio). Deze nieuwsbrief is ook offline beschikbaar voor leden zonder e-mailadres

De andere middelen in de communicatiemix van Spierziekten zijn: de website, de persoonlijke omgeving van leden in de website, social media, brieven, het offline ledenmagazine (4 x per jaar), brochures, folders, de Webcast, het Webforum, de Spieracademie (e-learnings), persoonlijke contacten, telefonische contacten en de bijeenkomsten (zo’n 90 per jaar), waaronder het jaarlijkse Spierziektecongres.

Hyperpersonalisatie voor Contact Digitaal, door nauwgezette segmentatie

Hoe werkt de segmentatie en personalisatie? Dat gaat als volgt: als je een account aanmaakt op de website, kun je je profiel compleet maken door diagnose- en interesses te melden zoals voeding, geldzaken, opvoeding of hartproblemen. Zo zijn er in totaal 53 onderwerpen, waar je er, naarmate je volger, abonnee, of lid bent, steeds weer andere keuzes in kunt maken, bijvoorbeeld door het voortschrijden van de ziekte. Spierziekten beschikt over een volle bibliotheek aan digitale documentatie, die onder andere bestaat uit artikelen die eerder zijn verschenen in papieren nieuwsbrieven.

Het best scorende artikel wordt in de onderwerpregel getoond

Aan ieder artikel hangen interesse-tags als bijvoorbeeld de tag “hartklachten”, “regio”, “diagnose”, spierziekte “G en B” of bijvoorbeeld “mensen in een rolstoel”. Het CMS hangt vervolgens een gewicht aan elke tag. Op basis van het algoritme (waar het oordeel van een documentalist in is verwerkt) wordt er vervolgens gefilterd en gesorteerd. Ook het op maat gemaakte CRM van Spierziekten speelt hierin een belangrijke rol. Iedereen (volger, lid of abonnee), ontvangt vervolgens een persoonlijke nieuwsbrief, waarin automatisch de 10 meest relevante artikelen voor hem of haar staan. Het artikel wordt op bepaalde waardes gescored (vanuit het CMS) en het best scorende artikel wordt als eerste getoond. De titel van dát artikel ziet diegene ook in de onderwerpregel van de nieuwsbrief staan.

“De titel van het best scorende artikel wordt automatisch in de onderwerpregel getoond”

Interactie met de website, waar je in contact treedt met lotgenoten

Via de aantrekkelijke tekst in de Contact Digitaal linkt men door naar de (persoonlijke omgeving op de) website, waar het hele artikel te lezen is. Op de persoonlijke pagina staan gerelateerde artikelen (middels een préselectie) en er wordt geattendeerd op nieuwe, relevante info als komende evenementen en forumartikelen over ervaring uitwisselen etcetera. Ook kun je op je persoonlijke pagina contact aangaan met lotgenoten. Vanuit de website kun je weer terug naar je gepersonaliseerde nieuwsbrief om de rest te lezen.

De behoefte zit bij diagnosespecifieke informatie

De resultaten liegen er niet om. Allereerst de openrates: door persoonlijke communicatie wordt communicatie relevanter en interessanter. Te zien is dat de openrates hoog liggen (altijd boven de 60%), maar ook steeds meer stijgen tot zelfs 66% (van oktober links, t/m maart rechts).

 

Daarnaast wordt de website veel beter bezocht, doordat men doorlinkt vanuit de nieuwsbrief. De scherpe pieken, door de verzending van Contact Digitaal, zijn te zien op op 10 oktober (11.052 weergaven), 7 november (11.548 weergaven), 7 december (11.572 weergaven), 16 januari (11.928 weergaven), 19 februari (11.077 weergaven) 15 maart (12.038 weergaven) en 11 april (10.063 weergaven). Het gemiddeld aantal bezoekers ligt normaliter op 8.000 per dag.

Conclusie: uit de open cijfers (de titel van het best scorende artikel wordt in de onderwerpregel getoond), blijkt inderdaad dat men graag relevante, persoonlijke informatie ontvangt. Spierziekten weet steeds beter wat mensen waarderen en waar de behoefte zit. Die zit heel sterk bij de diagnose. De algemene informatie wordt veel minder gelezen. Ook onderzoeksberichten en berichten over medicijnen (berichten die hoop geven), scoren hoog. Daarnaast worden ook zaken omtrent financiën goed gelezen.

“We weten steeds beter waar de behoefte ligt. Aan de openrates is te zien dat die ligt bij diagnosespecifieke informatie”

Kanalen integreren en nóg meer interactie genereren

Spierziekten wil graag het Webforum – met als doel interactie – koppelen aan Contact Digitaal. Ook de Webcast – een voorlichtingsinstrument waar specifieke uitzendingen worden vertoond over bijvoorbeeld een diagnose – kan versterkt worden door koppeling met het Webforum en de Contact Digitaal-nieuwsbrief. Daardoor kan er nog meer interactie ontstaan tussen alle kanalen. Een verdere integratie van deze kanalen is dan ook gewenst. Het finetunen van de nieuwsbrief zelf ligt op het gebied van content en de verdeling daarvan.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Waarom Amerika een sterker merk is dan Europa

Posted 13 jun 2018 — by Adformatie
Category nieuws

Als Europa kunnen we daadwerkelijk iets leren van de ‘marketinglessen’ van Donald Trump, vindt Julian Stevense.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Nederlandse delegatie naar Estland over ‘digital’

Posted 12 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Een delegatie van ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de koning en staatssecretaris Raymond Knops zijn vandaag en morgen op een tweedaags werkbezoek in Estland. Ze willen leren van de geavanceerde digitale overheid en digitale dienstverlening.

Daarmee adresseren ze twee zaken waarmee Nederland er maar niet in slaagt om die op een hoger plan te tillen. IT- en digitaliseringsprojecten van de overheid zijn vaak langcyclisch en werken volgens het watervalmodel. In Estland hoopt de overheid van academici en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven te horen wat anders kan en hoe.

Estland, of eigenlijk e-Estonia, staat internationaal bekend als een voorloper op het gebied van digitale overheidszaken en burgerrelaties. Centraal daarin staat een systeem met de naam X-Road. De Nederlandse delegatie zal de term geregeld horen vallen. Dat is een modulaire database met informatie over ingezetenen.

Sinds een paar jaar profileert Estland zich internationaal ook sterker als land met een sterke digitale oriëntatie. De nation branding van de Baltische staat komt uit de koker van Peter Kentie, managing director van Eindhoven365 en voormalig manager marketing & media van PSV.

Na Estland reist de koning door naar Litouwen. Vrijdag bezoekt hij Kaunas, de tweede stad van Litouwen, met in zijn kielzog minister Sigrid Kaag van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. Zij ontmoet daar een aantal Nederlandse IT-bedrijven, onder wie GeoPhy, Meridia, Centric, Macaw, Hyarchis en Booking.com, die een deel van hun werk naar de Baltische staat hebben overgeheveld.

Foto: Rob Oo (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Dit zijn de 16 trends in B2B Marketing volgens PIM en Spotler

Posted 12 jun 2018 — by Adformatie
Category nieuws

‘Meer aandacht voor de persoon minder voor de techniek’, dat is de belangrijkste conclusie uit het PIM B2B Marketing Trendrapport 2018.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Machine learning en SEO verstrengelen: ’Aard van werk verandert’

Posted 12 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

SEO en machine learning raken steeds meer verstrengeld. Het werk van een SEO-specialist komt hierdoor steeds meer in het teken te staan van samenwerken met zelflerende systemen. Dit vertelt Thomas Rabbie, SEO-consultant bij Dept. Machine learning belooft, net als in veel andere marketingdisciplines, de zoekmachine-optimalisatie snel te veranderen. Hoe profiteren Nederlandse SEO-specialisten daar nu al van?

Hoe ziet het werk van de SEO-expert er door de komst van machine learning uit?

“Het werk van een specialist wordt nu al in hoge mate beïnvloed door de machine learning van grote zoekmachines. Kijk bijvoorbeeld naar de zelflerende algoritmes van van Google, RankBrain, en Bing, RankNet. Bij de machine learning-systemen worden zoekmachines ingezet om zoekopdrachten beter te leren ‘begrijpen’. Iemand die zoekt op ‘Hoe hoog is de Mount Everest’ is eigenlijk op zoek naar het antwoord ‘8848 meter’. En niet noodzakelijk naar een website waarop exact diezelfde zin voorkomt. Zoekmachines veranderen dus langzaam in antwoordmachines.

“De aandacht van een SEO-expert gaat steeds meer uit naar de samenwerking met die zelflerende systemen in plaats van de algoritmes te slim af te zijn. Een duurzame SEO-strategie is tegenwoordig veel meer gericht op het voorzien in het beste antwoord dan voorzien in de beste match tussen keywords en zoekopdrachten.”

Hoe pakt dit praktisch uit?

“Een toepassing die hierop inspeelt is het verschaffen van context aan zoekmachines met behulp van  Structured Data of Schema Markup. Een mens is bijvoorbeeld in staat om in een oogopslag te zien wat een website bedoelt met een bepaald getal. Een machine kan meer moeite hebben met die interpretatie: gaat het om minuten, kilometers, data of prijzen? Door gebruik te maken van Schema Markup geef je zoekmachines de nodige context. Je helpt ze om de informatie op je webpagina in meer detail te tonen aan de gebruiker, bijvoorbeeld in een featured snippet. In de praktijk zien we dat bij klanten waarbij we Schema Markup hebben geïmplementeerd meer informatie wordt getoond op de zoekresultatenpagina’s. Zo worden bijvoorbeeld productprijzen, reviews en evenementdata zichtbaar.”

Hoe groot is de rol van machine learning in het werk van de SEO-expert zelf? Welk deel is er bijvoorbeeld te automatiseren?

“Soms kunnen machines veel sneller en veel nauwkeuriger diagnoses stellen dan dat een mens dat kan. Zo bestaan er tegenwoordig apps die – met behulp van zelflerende algoritmes – zeer nauwkeurig het risico op huidkanker detecteren aan de hand van een foto van een moedervlek. Wat ik ermee wil aangeven is dat de kracht van machine learning algoritmes voornamelijk zit in het constateren van problemen. Het is vervolgens de taak van de specialist om een diagnose te interpreteren en om actiepunten op te stellen.

“Dit is ook het geval binnen de zoekmachine-optimalisatie. Waar een SEO-specialist voorheen voornamelijk bezig was met het zoeken naar mogelijke problemen, zal zo’n specialist in de toekomst veel meer gefocust zijn op de interpretatie van problemen. Deze ontwikkeling betekent echter niet dat een groot deel van de SEO-werkzaamheden uit handen wordt genomen door machines. Wel zal er een verschuiving plaatsvinden in de aard van de SEO-werkzaamheden. Mogelijke bedreigingen voor websites met betrekking tot de vindbaarheid in zoekmachines kunnen worden geconstateerd door robots en machines. Het is vervolgens aan de SEO-expert om de problemen te vertalen naar oplossingen.”

Kun je je bij het constateren van problemen laten leiden door data en statistieken? Er is immers nog veel onbekend over de ranking en wat daarin meespeelt. Dit artikel benadrukte recent nog hoeveel schade dit aanricht.

“Er is geen reden om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van statistieken an sich. Het grootste gevaar zit hem echter in de (mis)interpretatie van de uitkomsten van deze onderzoeken. In het artikel dat je noemt, wordt vooral gewezen op valkuilen voor het doen van een goed onderzoek. Men is geneigd om correlatie en causaliteit te verwarren, men is bevooroordeeld door eerdere ervaringen en/of men is onvoldoende zorgvuldig in het controleren databronnen.

“Voordat je conclusies trekt uit onderzoek naar rankingfactoren, stel jezelf dan eerst enkele vragen. Gaat het hier om correlatie of causaliteit? Worden alle mogelijke verklaringen gelijk gewogen? Is er gebruik gemaakt van voldoende databronnen? Is er gebruik gemaakt van voldoende datapunten? En wordt de hypothese bevestigd in meerdere, losstaande onderzoeken?

“Daarnaast is het goed om je ervan bewust te zijn dat er geen harde waarheid bestaat in het onderzoeken van rankingfactoren. Zelflerende zoekalgoritmes maken gebruik van honderden factoren die met elkaar interacteren. Het is hierdoor onmogelijk om alle voorspellers mee te nemen in één onderzoek. Verder zijn uitkomsten vaak non-lineair en discontinu. Meer betekent dus niet altijd beter en je zult nu en zo nu en dan tegen plotselinge verschillen aanlopen. Experimenteren is de enige echte mogelijkheid om causaliteit te bewijzen, maar helaas is het praktisch onmogelijk om een puur random experiment te doen met betrekking tot de zo genoemde ranking factors.

“Dus om je vraag te beantwoorden: Ja, je kunt je laten leiden door statistieken, mits je je conclusies baseert op betrouwbaar onderzoek en je de resultaten juist interpreteert. Wees je er daarnaast van bewust dat het in de meeste gevallen gaat om indicaties en trends. Een bepaalde ranking factor kan helpen de positie in de zoekresultaten te verbeteren, maar staar jezelf er niet blind op. Houd altijd de focus op het grotere plaatje. Onthoud dat een duurzame SEO-strategie is gericht op het voorzien in het beste antwoord. Niet op het uitspelen van één enkele rankingfactor.”

Ook wordt verwacht dat bedrijven uiteindelijk met algoritmes kunnen komen die Googles algoritme ‘kraken’. In hoeverre denk je dat Googles werkwijze publiek bezit wordt?

“Of het algoritme ooit gekraakt wordt, is lastig te zeggen. Het algoritme is zelflerend en verandert daardoor continu. Zelfs wanneer je alle factoren en de weging ervan precies in kaart weet te brengen, kan het zo zijn dat dit binnen de kortste keren weer achterhaald is.

“Een belangrijkere vraag is of het kraken van het algoritme negatieve gevolgen zou hebben voor de kwaliteit van de zoekmachine. Uiteindelijk is het zoekalgoritme van Google zo afgesteld om het meest relevante resultaat te tonen aan de gebruiker. Dit betekent dat een website geoptimaliseerd moet zijn op gebied van techniek, content en verwijzingen op het web. Wanneer je hoger wilt ranken zal je hoe dan ook hieraan moeten werken. Uiteindelijk zal – ongeacht of je het algoritme weet te kraken – de SERP er hetzelfde uitzien: het meest relevante resultaat rankt bovenaan.”

Als de impact van zelflerende systemen op allerlei vlakken groeit, wordt SEO dan ook een spel van bedrijven met de meest geavanceerde algoritmes of software? Wordt SEO daarmee dus een spel dat alleen de grotere spelers kunnen beheersen?

“Net als in de meeste andere industrieën is het helaas in SEO ook zo dat de rijken rijker worden. De grote spelers die het zich kunnen veroorloven om geavanceerde tools en grote datasets in te zetten voor hun klanten, zullen ook meer klanten krijgen. Meer klanten betekent meer budget voor de inzet en ontwikkeling van nog betere tooling. Deze ontwikkeling is ook merkbaar de wereld van de zoekmachines zelf. Enkele grote spelers – die toegang hebben tot geavanceerde zelflerende systemen – domineren de zoekmachinemarkt.

“Aan de andere kant is de SEO-community een zeer open gemeenschap. Nieuwe bevindingen worden uitgebreid behandeld in blogs en tijdens conferenties. Dit leidt ertoe dat nieuwe informatie meestal snel beschikbaar komt voor het grote publiek. In de basis zal iedereen de magie van SEO kunnen beheersen. Echter, de verfijning van SEO zal waarschijnlijk wel een spel worden van de grote spelers.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Segmentatie en targeting: zo zet je smart recruitment op

Posted 12 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Smart recruitment gaat over de trend “data gedreven en relevant”. Maar wat betekent dat? En wat is de invloed van data op de candidate journey? 

Een tijdje terug schreef ik dit artikel over de trends en ontwikkelingen op het gebied van data toepassingen in recruitment. Dit artikel is het vervolg.

Doelgroepsegmentatie met een vleugje recruitment

Data gedreven en relevant voor potentiële werknemers word je door goede doelgroepsegmentatie op basis van data. In digitalmarketing-modellen wordt data gebruikt om doelgroepen te segmenteren zodat je relevant kunt zijn met als doel conversie. Deze aanpak werkt in feite hetzelfde wanneer we dit in recruitment toepassen.

Stel, je bent een recruiter voor een willekeurig uitzendbureau gespecialiseerd in HBO/WO IT-personeel. Je bent op zoek naar een technisch projectmanager voor een bureau dat gespecialiseerd is in het bouwen van webapplicaties voor bovengemiddeld grote klanten. De kenmerken van deze vacature zijn dus gericht op een senior iemand met minimaal vijf jaar ervaring in een soortgelijke functie. Deze persoon moet een HBO/WO-opleiding afgerond hebben en binnen een straal van twintig kilometer van de hoofdlocatie van het bedrijf wonen. In de gauwigheid hebben we nu al vijf kenmerken benoemd die makkelijk in een datamodel zijn te gieten.

Je beschikt over een database – dat zou zelfs een Excel-lijstje kunnen zijn – met potentiële kandidaten die zich recent maar ook in het verleden eens ingeschreven hebben. Je weet niet zeker of de database up to date is omdat in de tussentijd mensen best al een baan kunnen hebben gevonden. Op zich niet erg, we nemen hen gewoon mee. Wellicht zijn ze in de markt voor een nieuwe job. Er wordt een nieuwe centrale database opgezet waaraan ook andere bronnen worden gekoppeld; wellicht heb je al personeel geplaatst en staat bijvoorbeeld de salarisadministratie in een ander systeem. Waar mogelijk match je de gegevens op persoonsniveau – geanonimiseerd uiteraard. Er ontstaat een database met een heleboel informatie, kolommen en velden waarop een analyse gedraaid wordt die statistisch inzicht gaat geven in de beschikbare informatie op basis van de kenmerken die we hierboven al genoemd hebben. Vervolgens kun je gaan scoren in groepen. Groep 1 is bijvoorbeeld een zeer goede match op basis van deze kenmerken, groep 2 is net iets minder goed, enzovoort. Op deze manier heb je al een goede voorselectie gedaan op basis van je eigen database.  

Candidate Journey 2.0

De resultaten of profielen die uit de segmentatie naar voren zijn gekomen kunnen ook gebruikt worden voor “digital marketing”. Oftewel de Candidate Journey 2.0. Je kunt op basis van de selectie gericht gaan targeten. Zoals we eigenlijk ook binnen digital marketing de doelgroep targeten. Je kunt advertising gaan inzetten door onderzoek te doen naar waar deze groep zich bevindt en daar relevant gaan targeten en zelfs de “werken-bij-website” relevant en persoonlijk maken. Maar denk ook aan de e-mailmarketing. Met handige e-mailtools die je koppelt met je database kun je al veel relevanter en persoonlijker in contact treden met de potentiële kandidaat.

Is het dan allemaal ineens hosanna?

Nee, natuurlijk niet. In dergelijke trajecten kunnen best hick-ups zitten. Het proces kost tijd, geld en de nodige frustratie in het verkrijgen van de juiste draagvlakken. Technologie blijft technologie, het is belangrijk intern de juiste mensen aan te haken, of indien die er niet zijn, extern de juiste partner te vinden. Immers, de technologie is niet het doel an sich maar het middel om de juiste optimalisatieslagen en strategische keuzes te maken. Wanneer de basis staat, kun je pas echt aan de slag. En die basis kost tijd. Geen jaren, maar je bent er zeker enkele maanden druk mee. Zorg dat je met kleine en behapbare stappen resultaat aantoonbaar maakt waarmee je verder kunt zodat draagvlak en geld geen issue meer is.

Immers, we willen allemaal employer of choice worden. Millennials en Generatie Z zijn kritischer dan al de voorgaande generaties die we gewend waren. De wereld moet mooier worden en het steentje dat zij bijdragen moet van waarde zijn. Als werkgever wil je dat uitstralen zodat je de juiste talenten weet te binden. Niet alleen in bedrijfsbeleid maar ook op basis van data.

Digital Recruitment door robots?

Data staat in dienst van Digital Recruitment. In een wereld waar de ervaring en expertise van de recruiter nog altijd de doorslag geven is het belangrijke om data science te combineren en niet leidend te laten zijn. Sentiment, gevoel en intuïtie zijn (nog) niet te vervangen door technologie. Technologie en met name data kan je werk wel een stuk makkelijker maken. Ethische kwesties zullen ook minder voorkomen wanneer er gescoord wordt op basis van datasets dan op bewuste of onbewuste selecties door de recruiter. Hoe dan ook, voor recruitment wordt er hard op de deur gebonst door innovatie en ontwikkeling!



Lees het volledige bericht op Emerce »