Posts Tagged ‘marketing’

Stemming Eerste Kamer over Regulering Online Gokken gepland voor 19 februari

Posted 18 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Meer dan 2 miljoen Nederlandse online gokkers zullen nog een week moeten wachten om te weten te komen of hun politici van plan zijn het wetsvoorstel voor het opengooien van de online gok markt te passeren. Waar zitten de heikele punten?

Dinsdag stelde de Nederlandse Senaat de geplande stemming over de Remote Gaming Bill met één week uit tot volgende week dinsdag (19 februari). De beslissing volgde na het hervatte debat over hoe een nieuw gereguleerd online gokregime aanbieders zal behandelen die Nederlandse klanten hebben aangetrokken, voorafgaand aan de liberalisering van de markt.

Afgelopen vrijdag had minister Sander Dekker reeds schriftelijk antwoord gegeven op drie vragen die hem tijdens de senaatsdiscussie van afgelopen dinsdag zijn gesteld. Gaming In Holland meldde dat een meerderheid van de senatoren de reacties van Dekker grotendeels ondersteunde, maar voldoende tegenstand bleef waarop Dekker verdere details over zijn voorstellen moest geven. Dat het wetsvoorstel een doorn in het oog is van de Minister is duidelijk: vaak draaide hij om de hete brij heen en kon hij soms moeilijk uit zijn woorden komen. Niemand in Nederland zit eigenlijk te wachten op meer reclame voor gokken; er werd zelfs een motie ingediend om reclame in zijn geheel te verbieden. Een motie die het naar verwachting niet gaat redden.    

Een van de onthullingen die tijdens het debat van deze week werden gedaan, is de voorkeur van de regering voor een in te lassen periode van twee jaar ‘afkoelen’ voor exploitanten die ‘Nederlandse klanten’ onder het oude regime ‘actief’ hebben geworven. ‘Actief werven’ werd eerder gedefinieerd als, onder andere, het aanbieden van een Nederlandse taaloptie en het verwerken van betalingen via de Nederlandse betaalprovider iDEAL van het land.

Dekker noemde deze tweejarige time-out, teneinde in aanmerking te komen voor een vergunning, een “redelijke” periode en waarschuwde dat een blackout van vijf jaar zoals door sommige senatoren werd aangespoord als buitensporig kan worden beschouwd, wat weer kan leiden dat de overheid in juridische problemen kan komen. De tweejarige toepassing van de motie bouwmeester komt er waarschijnlijk doorheen.

Minister Dekker probeerde ook de eisen van sommige senatoren voor een volledig verbod op online gokken te temperen, en voerde aan dat een dergelijke beperking een negatief effect zou hebben op het vermogen van de overheid om klanten naar het legale aanbod te kanaliseren. Zonder reclame komen Nederlanders niets te weten over de legale opties, zo gaf Dekker te kennen. Uiteraard beloofde de minister in deze context dat de overheid het marketingmateriaal van toekomstige, vergunde exploitanten nauwlettend in de gaten zou houden om ervoor te zorgen dat het niet buiten de lijnen gebeurt. De toezichthoudende instantie van de Kansspelautoriteit (KSA) krijgt ook de bevoegdheid om nationale mediabedrijven te beletten reclame te maken voor niet-geautoriseerde online-exploitanten.

Hoewel de vooruitzichten hoopvol blijven voor een positieve stemming over de te passeren wet KOA (Kansspelen op Afstand) komende dinsdag, kan evenwel niet hetzelfde worden gezegd van een afzonderlijke wet om het op land gebaseerde gokmonopolie van Holland Casino te privatiseren. Dekker verzocht om de stemming voor deze Holland Casino Reform Bill uit te stellen, zodat de wetgeving kan worden herzien. In de tussentijd komt ook Holland Casino in aanmerking voor het aanvragen van een nieuwe Nederlandse online kansspellicentie.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De technische SEO-trend van 2019: Wat is Edge SEO? 

Posted 18 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Edge SEO is een nieuwe trend binnen technische SEO, wat gebruik maakt van edge computing-technologieën om totale HTTP(s)-verzoeken (incl. URLs, status, headers en body content) aan te passen, zonder toegang tot de broncode of server van de website. Denk aan Google Tag Manager, maar dan voor SEO.

Deze oplossing biedt website-eigenaren, digital marketing-teams en SEO-specialisten de mogelijkheid om relatief snel en eenvoudig: URL’s door te verwijzen (301-redirects), alle inhoud van een pagina aan te passen en technische SEO-features te testen, zonder enige tussenkomst van DevOps. De mogelijkheden zijn eindeloos. Om te begrijpen wat dit mogelijk maakt, moeten we eerst de onderliggende technologieën bekijken; edge computing en service workers.

Wat is edge computing?

Edge computing is een methode voor het optimaliseren van cloud computing-systemen door het verwerken van gegevens uit te voeren aan de rand (“edge”) van het netwerk, dicht bij de bron van de gegevens, los van de (gecentraliseerde) webserver. Er cirkelen meerdere definities rond omdat edge computing, net als edge SEO, nog een relatief nieuw begrip is. De bovenstaande is geschreven voor website-eigenaren, maar edge computing is nu voornamelijk trending in de IoT-wereld.

Service workers en Cloudflare

Voor wie zich bezig houdt met de laadsnelheid van websites moet Cloudflare een oude bekende zijn. Deze partij staat vooral bekend om zijn (gratis) CDN en DDoS-bescherming. Met uitrol van van Cloudflare Workers begin 2018, biedt Cloudflare alle gebruikers de mogelijkheid code uit te voeren in het CDN netwerk van meer dan 165 edge-locaties over de hele wereld. Cloudflare Workers zijn als service workers (bekend van PWA’s), maar draaien volledig op het netwerk van Cloudflare, niet in de browser. Service workers maken gebruik van serverloze technologieën om JavaScript uit te voeren en HTTP(s)-verzoeken te onderscheppen en te bewerken.

Met de workers van Cloudflare heb je volledig toegang tot de Cloudflare Cache en bepaal jij wat eindgebruikers (en (Google)bots) uiteindelijk krijgen voorgeschoteld. Iets aanpassen gaat snel (via de V8 JavaScript engine in minder dan dertig seconden vanaf het moment dat je het script opslaat) en is relatief eenvoudig, probeer het zelf maar eens in de Cloudflare Workers Playground.


bron https://docs.sloth.cloud

Edge SEO had waarschijnlijk nooit zo’n vlucht genomen zonder de lancering van Cloudflare Workers. Wil je aan de gang met edge SEO, dan betekent dit dat Cloudflare, of een andere CDN met soortgelijke functionaliteit, geïmplementeerd moet zijn. Hier zijn extra kosten aan verbonden. In het geval van van Cloudflare Workers: 5 dollar per maan voor de eerste tien miljoen requests, 0,50 dollar per miljoen daarna.

Edge SEO: WIIFM?

Het Britse StrategiQ introduceerde vorige maand al een tool genaamd Spark, een meta-CMS voor SEO teams, op basis van Cloudflare Workers.

Ze zijn druk bezig met de ontwikkeling van een eenvoudige web-omgeving, te vergelijken met Google Tag Manager, om SEO’s te helpen bij het testen en implementeren van SEO-gerelateerde wijzigingen, zonder gedoe met ontwikkelaars. Dit is een van de grootste obstakels waarmee SEO’s te maken hebben en de reden voor het bestaan van edge SEO (net als GTM trouwens): Volledige controle over webpagina’s (in het geval van GTM: trackingcodes) zonder tussenkomst van webbouwers.

Mogelijkheden (en risico’s) van edge SEO zijn eindeloos

Het eerste wat in mij opkwam qua mogelijkheden van edge SEO:

  1. Direct controle over de robots.txt.
  2. Eigendomsverificatie van Search Console via de HTML-file.
  3. Goede en snelle redirect manager “on the edge”.
  4. De ultieme (SEO) A/B test omgeving, die ook werkt zonder JavaScript.

Allemaal no-brainers, de mogelijkheden (voor SEO, CXO en WA) zijn echt eindeloos. De risico’s daarentegen ook:

  • Nog een schakel in het systeem waartoe de toegang moet worden gecontroleerd en bewaakt.
  • Wie controleert en test de code op deze omgeving?
  • Hoe en wie maakt dit onderdeel van je DevOps?
  • Wie heeft uiteindelijk volledig inzicht in wat de eindgebruiker te zien krijgt en is eindverantwoordelijk?

Het gebruik van GTM is ondertussen ook volledig ingeburgerd, dus ik ben positief. Zo maar enkele mogelijkheden van edge SEO:

  • Wijzig HTTP(s)-requests, URL’s, -status, -headers en de volledige HTML-content.
  • Binnen enkele seconden simpele (SEO) bug-fixes doorvoeren.
  • Parallelle requests naar verschillende diensten en het combineren van deze data.
  • Prerender dynamische content (Dynamic Rendering?).
  • Log files genereren (ook voor SaaS systemen zoals Lightspeed en Shopify?).
  • Beveiligingsregels en filters om ongewenste bezoekers en bots te blokkeren.
  • Controle over het caching-gedrag van Cloudflare.
  • Voer A/B-tests uit tussen verschillende back-ends.
  • Analytics zonder zonder code in de browser van de gebruiker uit te voeren.
  • Unieke application security.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De vier succesingrediënten van B2B-e-commerce

Posted 18 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Succesvolle B2B-e-commerce bestaat uit vier pijlers: effectieve klantsegmentatie, differentiatie, heldere doelstellingen en de juiste mensen, processen & technologie. Wie dit op orde heeft, behoort tot de top van de online verkopers, aldus Forrester. Veel van mijn B2B-relaties zien dit als het fundament van hun online groei.

Negenentachtig procent van de B2B-inkopers doet online onderzoek alvorens tot een aanschaf over te gaan. En 57 procent van de koopbeslissingen is al genomen voordat er contact is met sales. De B2B-bedrijven signaleren zelf ook dat ontwikkelingen in het koopgedrag op de consumentenmarkt hun weerslag hebben op hoe inkopers en geautoriseerde bestellers in de B2B-markt zaken willen doen.

Voor herhaalaankopen hoeft er natuurlijk geen vertegenwoordiger langs te komen, die zou je online moeten kunnen afhandelen. Maar de B2B-prijsstructuur en het assortiment maken de herhaalaankoop wel aanzienlijk ingewikkelder en uitgebreider dan bij consumentenproducten het geval is. Ook het risico dat verbonden is met de aankoop is totaal anders. Een verkeerde bestelling kan misschien wel tot stilstand van het productieproces en dus tot hoge kosten en ontevreden klanten leiden. Een een-op-een kopie van een B2C-e-commercemodel implementeren is dus zinloos. Hoe ziet een goede blauwdruk er dan wel uit? Volgens Forrester zijn er vier kwesties waar je goed over na moet denken wil je als B2B-partij succesvol zijn in e-commerce:

 1. Effectieve klantsegmentatie

Veel B2B-bedrijven gaan ervanuit dat het profiel van hun online klanten hetzelfde is als dat van offline klanten. Maar het koopgedrag en de kenmerken van die twee groepen verschillen sterk. Het is dus zaak om erachter te komen wie je beste online klanten zijn en welke offline klanten online worden beïnvloed in hun inkoopproces. Dat doe je door allereerst de interactie tussen de B2B-koper en je bedrijf nauwkeurig in kaart te brengen. Als je de customer journey over alle contactmomenten heen goed in beeld hebt, ontdekt je of er frictie in het proces zit die conversie in de weg staat. Die drempels wil je natuurlijk wegnemen.

De tweede stap is om vast te stellen welke klantsegmenten het belangrijkst (lees: winstgevendst) voor je zijn. Het RFM-model, een model voor de analyse van de customer value, is hiervoor een goed beginpunt. Focus je op de top 25 procent van je klanten en ga daarna kijken hoe je vraag kunt omzetten in conversie vanuit andere belangrijke segmenten. Hierbij is het belangrijk dat van alle klanten en leads de customer lifetime value wordt bepaald. Dit is al heel gebruikelijk in B2C maar in B2B gebeurt het nog niet zo vaak, terwijl het informatie is die je helpt om je marketingbudget en salestijd effectief in te zetten.

 2. Differentiatie is van levensbelang

Online is het vechten om aandacht, dus het is van levensbelang hoe je je merk positioneert. Een objectieve SWOT-analyse die je regelmatig opnieuw uitvoert, geeft je inzicht in waar je staat op de markt, ook ten opzichte van je concurrenten. Doe de analyse vanuit het perspectief van de klant, dan zie je echt waar je kansen liggen.

Als je uitblinkt op een bepaald gebied, houd daar dan aan vast. ERIKS, de webshop voor technische producten, is bijvoorbeeld groot geworden met een hoog serviceniveau. Toen besloten werd om ook de low-touch segmenten te gaan bedienen, werd ervoor gekozen om daar een apart bedrijf voor op te richten, met een passend businessmodel: ZAMRO. Zo ontstond er geen frictie bij de bestaande klantengroep van ERIKS en konden er toch nieuwe markten worden aangeboord.

 3. Heldere doelstellingen (en meten of je die bereikt)

Wat je wilt bereiken met je e-commercestrategie geef je weer in doelstellingen die medewerkers motiveren en de voortgang en waarde aantonen. Wees reëel maar durf ook ambitieus te zijn. Tijdens de roundtable die we samen met Evident hielden op B2B Digital liet een van de deelnemers, een leverancier van agrarische producten, weten dat het gros van de bestellingen nog via sales binnenkomt. Online is goed voor 20 procent en 10 procent van de orders wordt zelfs via de fax geplaatst. “De webshop is nu vooral ondersteunend aan sales. Wij willen echter naar 75 procent online verkoop groeien door onze digital capabilities te ontwikkelen, zowel op het gebied van data als van e-commerce.”

De KPI’s die je kiest om te meten of je op weg bent om je doelstellingen te behalen, moeten de verschillende kanten van je business belichten. Dit is ook een van de populairste onderwerpen geweest van de B2B Digital Commerce Group. De klanttevredenheid meet je bijvoorbeeld met de NPS-score of door het social sentiment in relatie tot je merk te laten meten. De verkoopkant wordt belicht met behulp van de gemiddelde orderwaarde, totale jaarlijkse uitgaven en het aandeel herhaalaankopen. Aan de kostenkant zijn de KPI’s gericht op bijvoorbeeld de kosten per order en de kosten van klantenservice.

 4. De juiste mensen, processen & technologie

Een plan is zo goed als de medewerkers die het uitvoeren en de processen en technologie die ervoor zijn ingericht. Op het B2B Digital-event van 2018 kwam dit uitgebreid aan de orde. Neem mensen aan met een digitaal DNA die tegelijkertijd geobsedeerd zijn door de klant, is het advies van Forrester. Natuurlijk moeten de bestaande medewerkers ook mee worden genomen in de digitalisering. “Het feit dat we nu een webshop hebben betekent dat onze medewerkers zich moeten transformeren van dozenschuiver naar sales consultant. Dat doen we met een top-bottom aanpak. De beste medewerkers zijn lighthouses die een voorbeeld zijn voor de rest. Als je een top-3 hebt, dan wil nummer vier daarbij horen. Door binnen alle divisies en afdelingen die uitblinkers te identificeren, trek je de rest mee.”

Je hoeft niet alle expertise in dienst te nemen – andere samenwerkingsvormen zijn ook prima, zolang de medewerkers maar de vrijheid hebben om best practices in e-commerce toe te passen. Waar het om gaat, is dat iedereen dezelfde mindset heeft en erop is gericht om te excelleren.

Snelheid is ook heel belangrijk en dat betekent dat je je budget voor twee jaar plant met de flexibiliteit om op veranderingen in te spelen. Als er ineens expertise nodig is voor iemand die alles weet van mobile e-commerce, dan moet het budget mee kunnen bewegen.

Verder moet je natuurlijk de juiste IT-infrastructuur hebben om e-commerce te doen en eenvoudig kunnen integreren met alle relevante systemen, zoals met een ERP-, CRM-, Order Management en Product Informatie Management-systemen. Welke oplossing geschikt is, wordt niet alleen door de gewenste mate van integratie gestuurd, maar wordt vooral bepaald door de rol die je wilt spelen op de markt.

Heb je de ambitie om een leidende positie te pakken dan zijn bijvoorbeeld ook uitgebreide standaard B2B-commercefunctionaliteiten, een hoge mate van schaalbaarheid en mobile-ready onmisbaar. Je wilt immers niet telkens van platform wisselen omdat je snel groeit, een touchpoint toevoegt of internationaal uitbreidt. Is je organisatie minder ambitieus en/of vind je het niet zo’n probleem om al na een paar jaar van platform te wisselen, dan kan je mogelijk volstaan met een eenvoudigere e-commerceoplossing.

En een vijfde bonus-succesingrediënt: flexibiliteit

Tot zover de vier succesingrediënten van B2B-e-commerce. Wat je verder nodig hebt, is een lange adem, aldus Forrester. Verandering kost tijd – houd rekening met een periode van drie tot vijf jaar voordat de volle potentie is bereikt. Dat betekent dus ook dat je commerceplatform de flexibiliteit moet hebben om snel on-par te geraken en eenvoudig met je mee te groeien, in te spelen op veranderingen in koopgedrag en nieuwe technologieën te adopteren. Die wendbaarheid heb je eveneens nodig als er dingen verkeerd gaan. Digitale transformatie vergt de lef om te experimenteren en daar hoort falen bij. Zolang je dat met een ervaren partner doet en een back-up plan hebt voor als het misgaat, is dat geen enkel probleem en word je er alleen maar sterker van.

Ter inspiratie deel ik tot slot het verhaal van Würth met je, een technische groothandel die een indrukwekkende digitale transformatie heeft ondergaan, waarbij de kern van het businessmodel is behouden maar aangepast aan de eisen van nu.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Yoastcon: Google komt met eigen WordPress plugin voor implementatie van Analytics, Adsense en Pagespeed Insights

Posted 18 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Hoewel Yoastcon vooral een SEO-conferentie is, was er zeker ook aandacht voor aanverwante online marketing disciplines. Yoast, bekend van de wordpress-plugin, toonde haar bezoekers de laatste inzichten in CRO, websitemigraties en laadsnelheden. 

CRO – Conversion Rate Optimization

Zo vertelt CRO-expert Els Aerts over gebruikersonderzoek. Zij maakte de brug naar SEO door een uitspraak van Wolfgang Blau (Condé Nast) aan te halen: “An SEO’s job is to make it easy for people who want to find you, to find you”. Met andere woorden: het gaat om de gebruikers die ook echt tot je doelgroep behoren. Hoe kom je te weten wat zij belangrijk vinden, wat hen motiveert?

Els geeft aan dat er te vaak wordt teruggegrepen naar kwantitatief onderzoek, dat vooral de vraag beantwoordt wat er gebeurt op je site, en hoe vaak het gebeurt. Je zou moeten beginnen met kwalitatief gebruikersonderzoek dat zich richt op hoe en waarom bezoekers zich gedragen.

Een van de kwalitatieve onderzoeksmethoden waar veel fouten bij worden gemaakt, zijn ‘targeted surveys’; die vragenlijstjes die je ergens in het klantproces krijgt voorgeschoteld. Belangrijk hierbij zijn timing (waar in het proces bied je het aan) en ‘open vragen’. Geef bezoekers de gelegenheid om echt hun mening te geven in plaats van dat ze alleen voorgekauwde antwoorden kunnen aanvinken.

Mooiste uitspraak komt op een vraag van een congresbezoeker (“Waarom zijn producten soms niet ontwikkeld volgens de echte wensen van gebruikers?”). Antwoord: “Because people sit in rooms, drink lattes and assume shit!”

Websitemigraties

Aleyda Solís is al jaren een expert op het gebied van websitemigraties. Zij weet alles wat je moet regelen om te voorkomen dat je bij websitemigraties “uit Google dondert”. Gesneden koek voor een ervaren SEO’er maar het gebeurt helaas nog te vaak dat een bedrijf zijn organisch verkeer met meer dan vijftig procent ziet dalen. Want er is niet gedacht aan het juist redirecten van de oude pagina’s.

Ze ziet zes hoofdoorzaken waardoor websitemigraties verkeerd gaan:

  1. Ontbreken van een helder doel. Is het een redesign, of een rebrand? Gaat het om een overgang naar https of om het consolideren van diensten/producten? Er zijn vele soorten migraties en hoe meer je tegelijk wilt aanpakken, hoe lastiger het te managen is.
  2. Gebrek aan flexibiliteit om gaandeweg veranderingen door te voeren
  3. Gebrek aan ondersteuning om veranderingen door te voeren
  4. Belangrijke pagina’s zijn niet meegenomen in de verhuizing
  5. Belangrijke pagina’s zijn onvolledig of verkeerd verhuisd
  6. Belangrijke pagina’s worden naar voor SEO slecht geoptimaliseerde pagina’s geredirect.

Een groot deel van het verhaal ging over de stappen en checks die je tijdens het migratieproces moet doen, kijk deze vooral eens na in haar presentatie.

Google en WordPress

Yoast is natuurlijk vooral bekend van de Yoast SEO WordPress plugin. Het onderwerp WordPress speelt daarom altijd een rol tijdens de conferentie. Google besteedt de laatste tijd meer aandacht aan ondersteuning van het open web, en ze zien WordPress als een speerpunt, blijkt uit een Q&A van Joost de Valk (Yoast) met Alberto Medina van het Google Content Ecosystems team. Dit leidde tot de vraag of Google WordPress gaat overnemen, waarop Medina meteen teruggaf dat dit niet in Google’s belang zou zijn. Google heeft juist belang bij een open web, en wil daarbij best practices voor web standards promoten.

Zo komt er binnenkort een door Google zelf ontwikkelde WordPress plugin waarmee je gemakkelijk de implementatie van Google Analytics, Adsense, Search Console en Pagespeed Insights kunt regelen. Dit is de eerste ‘native’ Google plugin, tot nu moest je hiervoor gebruik maken van plugins van derden – waaronder die van Yoast.

Ook zijn er veranderingen bij AMP (Accelerated Mobile Pages) op komst waardoor je er binnenkort voor kunt kiezen om onderdelen van AMP in te zetten, in plaats van ‘alles of niets’.

Laadsnelheid

De conferentie plande twee presentaties over het verbeteren van laadsnelheid achter elkaar. De eerste van developer Maura Teal (Pagely), de tweede was van ex-Googler Fili Wiese (SearchBrothers). Wiese stortte zoals meestal een vloed aan optimalisatietips over het publiek uit. De titel van Teal’s presentatie, “Optimize all the things!” paste daarom eigenlijk beter bij die van Wiese. Daarmee vergeleken was de presentatie van Maura Teal best wel basic.

Een paar take aways:

  • De belangrijkste redenen om laadsnelheid te verbeteren:
    • De gebruiker vertrekt als het te lang duurt, met als gevolg: minder conversies.
    • Door de slechte indruk van je merk is de kans groot dat de gebruiker ook niet meer terugkomt.
    • Google kan meer pagina’s crawlen bij elk bezoek
    • Laadsnelheid is een (kleine) SEO ranking factor
  • Goede tools om performance te checken zijn: Google’s Pagespeed Insights, GTMetrix, WebPageTest, Pingdom en Google Lighthouse. Deze laatste zit nu ook ingebakken in Chrome Developer tools.
  • Probeer zoveel mogelijk te cachen. Zorg ervoor dat bij elk paginabezoek alleen nieuwe onderdelen met een request naar de server worden opgehaald.
  • Tools als PageSpeed Insights laten vooral frontend optimalisatiemogelijkheden zien. Dat is niet het hele verhaal, je moet ook kijken naar backend optimalisaties als servercapaciteit en configuratie, welke versie van PHP je gebruikt etc.
  • Sterke kant van Google Pagespeed Insights is dat er ‘real life’ data wordt gedeeld, afkomstig van de vele Chrome gebruikers. Dit heeft duidelijk meerwaarde ten opzichte van ‘lab data’.
  • Pas zo veel mogelijk het principe van ‘progressive web enhancement’ toe: waarbij je voor browsers met weinig mogelijkheden een basisversie van je pagina kunt tonen, en indien mogelijk in andere omgevingen meer functionaliteit laat zien.
Paneldiscussie

De traditionele paneldiscussie aan het eind van de conferentie ging deze keer vooral over ‘content’; het advies is altijd dat content uniek moet zijn, maar wat maakt nu het verschil? Rand Fishkin (voorheen MOZ, nu Sparktoro), copywriter Kate Toon, en de mensen van Yoast (Marieke van de Rakt, Jono Alderson en Joost de Valk) gingen vooral in op het verband tussen content en ‘merk’. Rand Fishkin is met zijn Whiteboard Fridays natuurlijk één van de beste voorbeelden van het over een lange periode opbouwen van je merk. Samengevat:

  • Zie content niet als een kostenpost, en publiceer niet voor Google. Publiceer voor je gebruikers.
  • Werk aan de relatie met je publiek. Betrek het publiek al voor publicatie bij het ontwikkelen van je content.
  • Er zijn vele klantreizen mogelijk en al die touch points kunnen bepalend zijn voor hoe jouw merk bij gebruikers overkomt. Schenk dus aandacht aan details, zorg dat onzekerheden weggehaald worden en vertrouwen kan ontstaan.
  • Werk aan je autoriteit in jouw niche. Oftewel: blijf dicht bij waar jouw merk voor staat.
  • Let op consistentie in output, blijf met regelmaat publiceren.
  • Ook goede content heeft ‘amplification’ nodig, een promotiestrategie.

Dit alles zorgt er voor dat er na verloop van tijd vertrouwen ontstaat bij je publiek of klant, waardoor ze bij het zien van een resultaat eerder zullen doorklikken en ook vaker zullen terugkomen.

Dit artikel is samen geschreven met Arne van Elk, Senior SEO Consultant bij Traffic4u.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Marktplaats freelancers Malt naar Nederland

Posted 15 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Het freelancersplatform Malt uit Frankrijk haalt 25 miljoen euro groeikapitaal op en wil uitbreiden naar Duitsland en Nederland.

Op de marktplaats bieden met name zelfstandigen met affiniteit voor de online industrie hun diensten aan. Malt.com toont rubrieken als front- en backendontwikkelaars, marketing & analytics en projectmanagers en agile coaches.

De nieuwe investeringsronde wordt geleid door Idinvest. De zittende investeerders ISAI en Serena doen ook mee.

Malt heeft naar eigen zeggen 100.000 geregistreerde freelancers in Frankrijk en tienduizend in Spanje. Rond de 15.000 grotere klanten gebruiken de marktplaats om freelancers te vinden en in te huren, veel beursgenoteerde bedrijven.

Voor de Duitse markt is al wel een apart domein live, voor Nederland nog niet.

Foto: oatsy40 (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Voice in de kinderschoenen: wat gaat Generatie Voice doen?

Posted 14 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Er wordt zoveel over voice gesproken, dat er soms vergeten wordt dat het nog slechts in de kinderschoenen staat. Daarbij, de toekomst zal zeker niet screenless zijn. Wat voice wel gaat worden, daarover vetellen pionier Maarten Lens-Fitzgerald (Cova), Koen Vanderhoydonck (Google) en Daan Gönning (Rabobank).

Voice zal een klein aandeel van de markt domineren, met functionaliteiten zoals bijvoorbeeld het licht aan en uitzetten, maar aan de technologie zullen eveneens grenzen gesteld zijn. Het afsluiten van een werkcontract zou niet zomaar via voice gebeuren. Maar aan de hand van de Rabobank case is te zien dat men vooral op service vlak deze nieuwe technologie goed kan inzetten en testen.

Praat je met je partner, of…?

Op 12 februari 2019 kwamen circa 200 voice-geïnteresseerden samen in Amsterdam om meer te ervaren over voice applicaties. Drie sprekers brachten in een notendop het publiek op de hoogte van feiten en ontwikkelingen en presenteerden toepassingen van Voice in de praktijk.

Maarten Lens-Fitzgerald is oprichter van Cova Voice Services. Voice is een nieuw technologisch medium wat hedendaags al zijn toepassing vindt, bijvoorbeeld om licht uit te zetten in zijn appartement. Een reden waarom de technologie zich zo snel vervlecht in onze maatschappij hangt onder andere samen dat er veel sneller gepraat wordt, dan men kan typen. Maarten gaat zelfs daarvan uit dat men binnen vijf jaar meer met een apparaat praat dan met de eigen partner.

Hoe zal men in toekomst omgaan met voice technologie?

Een paar jaar geleden was er de ipad-generatie. Deze wordt binnenkort opgevolgd door de voicegeneratie. Zoals huidige kinderen nu omgaan met Ipads, zo zullen toekomstige kinderen vooral voicegebaseerde technologieën aansturen. Nu kan men zeggen, dat voice vanwege verschillende redenen nooit in de maatschappij geaccepteerd zou worden. Onderstaande video geeft daarop een iets genuanceerdere kijk en laat eveneens eraan herinneren hoe men in Nederland dacht over de acceptatie van het mobiel in de maatschappij. Maarten benadrukt dat zich voice in de testfase bevindt. In de Verenigde Staten worden voice speakers vooral gebruikt voor het oproepen van muziek, weervoorspellingen of om grappige vragen te stellen.

4 nuttige invalshoeken om aan de slag te gaan met Voice:
  1. Doelgroeponderzoek: breng de belangrijkste vragen in kaart die de doelgroep aan je merk stelt
  2. Klantenservice: begin met vijf belangrijke vragen voor deze afdeling en bouw een business case daaromheen
  3. Brand creative: Pas voice toe op al lopende campagne of gebruik het zelf als een campagneplatform
  4. Design fiction: creëer je eigen voice brand/ kanaal met voldoende budget en wilskracht

Met het laatste punt zijn aldus Maarten Albert Heijn, Talpa en KLM vooral bezig om volop in te zetten op voice. Waarom? Een voor de hand liggende verklaring zou zijn dat het zich bij alle drie merken om zeer servicegerichte spelers handelt. Men vergist zich vaak en denkt dat het bij voice allemaal om technisch werk draait. Dat is niet het geval. Circa 10% van het werk is technisch en de rest bestaat vooral uit onderzoek.

3 manieren om zelf aan de slag te gaan met voice:

  1. Creëer een web service op Amazon of de Google development platform
  2. Gebruik publicatie tools zoals Invocable, Botsociety of Dialogflow
  3. Huur een bureau in met vakkennis op voicevlak
Voice als technologie, waarin hoge verwachtingen van de mens verankerd zijn

Koen Vanderhoydonck is werkzaam als Marketing Automation Specialist bij Google. Als men over voice spreekt draait het vooral om de technologie daarachter, namelijk machine learning. Koen benadrukt dat vooral een shift heeft plaatsgevonden wat men hedendaags van technologie verwacht. Eerst had men de desktop PC waar men in Google in search query heeft ingetypt. Hedendaags, vooral met mobiele technologie, is men intens aan de smartphone gehecht. Zo wordt vaak gedacht: pakt men mijn smartphone af, pakt men mijn leven af. Voice als technologie is dan de volgende stap in de verwachtingsopstapeling: als ik nu iets tegen mijn voice speaker vraag, wil ik ook het beste antwoord hebben waar ik in mijn buurt de beste pizza kan eten. Zodoende draait het allemaal om verwachtingen.

Met de opkomst van Voice zullen bij Google de advertentieformaten vereenvoudigd worden. Voor de toekomstige (online) marketeer wordt het vooral belangrijk om algoritmes te managen, globaal te sturen op KPIs zoals CPA / CTR en conclusies te trekken op basis van grootschalige datasets.

Hoe maak je het verschil met Voice?
  • Blijft de snelheid van je website verbeteren: voor mobiel is het nu al essentieel, om goed op voice te willen inspelen wordt het nog belangrijker
  • Goed gerangschikte content op de site en het toepassen van structured data zijn een must (gebruik onder meer schema.org en featured snippets)
  • Antwoorden op vragen moeten aan meerdere criteria voldoen, o.a. nut/relevantie van de informatie, lengte, formulering en dictie
Praktijkcase: de Rabo Assistent

Daan Gönning is werkzaam als freelancer bij de Rabobank en heeft een belangrijke rol gehad voor de implementatie binnen de Rabobank in samenwerking met de Google. In juli 2018 heeft Rabobank mobiel bankieren met voice geïntroduceerd. Vanaf dat moment was het mogelijk voor Rabobank klanten om met hun stem hun banksaldo op te vragen en een budget in te stellen met de Rabo Assistent.

Als je voice wil inzetten is het volgens Daan van groot belang om te bepalen waarom je dat graag wil doen. Rabobank is vooral geïnteresseerd om uitmuntende service te verlenen. Daarop volgende heeft Rabobank Get to By doelstellingen geformuleerd, namelijk:

  • GET – Digital savvy users
  • TO – Perceive Rabobank as an innovative bank
  • BY – Proactive serving them useful signals about their finances that feel seamless and magical
Hoe zorg je binnen een organisatie dat de technologie geïntegreerd wordt?

Het is essentieel van belang om mensen vrij te zetten, een eigen team op voice zetten en budget beschikbaar stellen. Vervolgens test men met voice verschillende applicatie mogelijkheden en integreert diegene, die goed te lijken werken in de bedrijfsstructuur. Het is goed te vergelijken met een tanker en speedboats daaromheen. De tanker symboliseert de Rabobank organisatie en de speed boats de verschillende voice applicatie welke men test.

Innovatie is mogelijk in korte tijd, een week met veel post it sessies, waarbij men o.a. persona’s schetst, kan voldoende zijn. In de uitvoering zal men dan toch zien, dat men meer mensen als eigenlijk gedacht nodig heeft. In het geval van het voice team van de Rabobank zeven verschillende rollen, waaronder een product owner, data scientist, development, marketing, chief pushing officer, conversation design en compliance / legal risk. In het geval van de Rabo Assistent leek de samenwerking tussen compliance /legal en de andere divisies uitdagend te zijn omdat men van mening verschilde. Uiteindelijk had de chief pushing officer ervoor gezorgd dat het project vanuit de concept- en prototype fase ook daadwerkelijk live werd gezet.

Voor dit project heeft men bij de Rabobank geen harde KPIs vastgelegd en is vooral benieuwd in de leerelementen. Momenteel liggen betalen via stem en het beschikbaar stellen van een uitgavenoverzicht via Voice in review bij Google en zullen dit nieuwe speedboats kunnen zijn welke de Rabobank gaat testen.

Alle drie sprekers benadrukten die avond dat voice nog in de kinderschoenen staat. De toekomst zal zeker niet uit een screenless world bestaan. Voice zal een klein aandeel van de markt domineren, met functionaliteiten zoals bijvoorbeeld het licht aan en uitzetten, maar aan de technologie zullen eveneens grenzen gesteld zijn. Het afsluiten van een werkcontract zou niet zomaar via voice gebeuren. Maar aan de hand van de Rabobank case is te zien dat men vooral op service vlak deze nieuwe technologie goed kan inzetten en testen.

Meer leren over Voice? Kom dan op 5 maart naar Emerce Update #2 over alle toepassingen van Voice. Het programma en info over de tickets vind je hier



Lees het volledige bericht op Emerce »

Kia Nederland stelt Tim den Besten aan als brand manager elektrische voertuigen

Posted 14 feb 2019 — by Adformatie
Category nieuws

De functie van EV Brand Manager is een nieuwe functie binnen Kia en valt onder de afdeling Business Strategy & Product Marketing.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Super Digital en Traffic4u worden Reprise Nederland

Posted 14 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

De digitale marketingbureaus Super Digital en Traffic4u gaan op in een nieuw, reeds bestaand internationaal label van moederbedrijf IPG: Reprise Nederland.

Vandaag maakt IPG Mediabrands de nieuwe merkstrategie bekend aan de markt. Super Digital brengt zo’n vijftien man in, Traffic4u met zijn vestigingen in Groningen en Amsterdam rond de 135.

De merkenfusie vloeit voort uit een beleid dat IPG vorig jaar inzette om in 42 landen zijn digitale marketingbureaus onder één merk onder te brengen: Reprise Digital.

Stijn Fien, momenteel managing director van Traffic4u, wordt managing director van Reprise Nederland. Zijn werk valt onder de verantwoordelijkheid van de Chief Digital Officer van IPG Mediabrands Richard Smoorenburg.

De activiteiten van Bgenius, een technologiebedrijf dat ontstond uit Traffic4u, gaan ongewijzigd door onder eigen naam.

Foto: Rob Oo (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Search: Automation is belangrijk, maar menselijke maat blijft onmisbaar

Posted 14 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

De mogelijkheden van Voice, Artificial Intelligence, Machine Learning en Automation zijn eindeloos, maar de menselijke maat in marketing zal altijd blijven bestaan. Dat is wat duidelijk werd tijdens het event Friends of Search. 

Wat waren de key take aways van Friends of Search?
  1. Denk na over hoe de afgegeven intent van gebruikers/ klanten goed en efficiënt gebruikt kan worden om je dienstverlening te verbeteren. Blijf niet wachten tot gebruikers zelf iets zoeken en op een resultaat klikken, een app downloaden of je product afnemen.
  2. Machine Learning is uitermate geschikt voor accurate keuzes wanneer veel data beschikbaar is. Algoritmes kunnen snel zien wat wel en niet presteert, mensen kunnen vaker zien waarom zaken wel of niet presteren. Gebruik machine learning voor het aandragen van opties en aanbevelingen, laat de experts definitieve keuzes maken. Hiernaast moeten experts ervoor zorgen dat de juiste data voorhanden is voor het algoritme voor optimaal resultaat en competitief voordeel.
  3. Zorg dat je in gesprek blijft met je doelgroep. Hierbij zijn verschillende technologieën en mogelijkheden beschikbaar (IQ) maar het is essentieel dat je een goede relatie opbouwt met de klant, dit kan niet zonder de menselijke connectie (EQ).
Wat zijn de inzichten met betrekking tot paid search?

Waar automatiseren voorgaande jaren vooral een rule based inslag had ging het dit jaar meer over machine learning. We hebben het niet enkel meer over geautomatiseerde reporting of een “if this – then that” uitwerking binnen tools, maar over computergestuurde beslissingen op basis van 200+ signalen. Hierbij rijst al snel de vraag of machines ons werk overnemen.

Het antwoord hierop volgde in koor: nee. Computers kunnen mede door machine learning heel snel de juiste data interpreteren en hier statistische adviezen over geven, maar de menselijke inzichten zullen vooralsnog nodig zijn om deze adviezen te interpreteren, te kunnen overrulen of bijschaven indien wenselijk. De PPC-expert zal verantwoordelijk zijn én blijven voor de performance welke de algoritmes leveren. Hiernaast zal de PPC-expert zich moeten richten op het verrijken van het algoritme met relevante business data om zo de concurrentie voor te blijven. Zie dit niet als bedreiging, maar als een kans.

Eén van de onderdelen waarbij machine learning wordt toegepast is het bid algoritme van Google. Hierbij kan het algoritme één ding erg goed: zijn doel behalen. Target CPA en target ROAS zijn goede voorbeelden van machine learning toepassingen binnen het PPC werkveld. Voor goede smart bidding middels machine learning zijn enkele onderdelen van cruciaal belang om het tot een succes te maken:

  1. Selecteer een duidelijk een doel per campagne/campagne groep;
  2. Geef het systeem de juiste data om beslissingen op te nemen;
  3. Geef de juiste conversiewaarde mee in het systeem;
  4. Reken de campagne alleen af op het doel wat bij stap 1 is gedefinieerd en hou er geen tweede agenda op na.

Hier worden vaak fouten in gemaakt. Wat moet dan de juiste waarde zijn? De waarde waar het bedrijf op aanstuurt. Rapporteer op je omzet vanuit een analytics pakket, zorg er dan voor dat dezelfde waarde binnen het PPC platform beschikbaar is voor optimalisatie. Wanneer je een target ROAS als doelstelling hebt, blijf dan ook niet kijken naar de hoeveelheid traffic die je realiseert maar focus je op je ROAS. Wanneer je minder traffic realiseert met minder conversie maar je ROAS toeneemt, is het dan een succes?

De rol van de mens bij smartbidding is om te zorgen dat het platform algoritme de juiste data tot zijn beschikking heeft. Na het configureren van de algoritmes moet de specialist deze wel blijven monitoren en blijven tweaken om de machines het maximale te laten bereiken. Zo kan je een Target CPA of Target ROAS nog altijd aanpassen om agressiever of behoudender de veiling te benaderen wanneer je bijvoorbeeld black friday, cyber monday of een sale periode voor de deur hebt.

Aanscherpen van de query reports

Ook Scripts, API koppelingen en programmeer taal kreeg aandacht vanuit automation perspectief. Frederick Vallaeys van Optmyzr en Christopher Gutknecht van Norisk gaven goed aan wat hun visie op automation is en hoe ze dit willen toepassen binnen PPC. Frederick gaf aan dat scripts een goede mogelijkheid bieden om repeterende taken eenvoudig te kunnen vervangen of om eventuele wijzigingen binnen het searchlandschap tijdelijk ongedaan te maken. Om scripts te gebruiken heb je geen programmeerkennis nodig, wel de juiste manier van denken.

De visie van Frederick op PPC, automation en scripts krijgt in dit interview ook ruim aandacht. Ook andere programmeertaal kan gebruikt worden, onder andere Python, in combinatie met Ads scripts om het leven van de marketeer te vergemakkelijken, of dit nou gaat om campagnestructuren aanscherpen of het aanscherpen van de query reports en targeting. Frederick en Christopher gaven mooie bruikbare tips over het gebruik van scripts of het gebruik van een programmeertaal in combinatie met bestaande API’s of cloud functies voor het optimaliseren van PPC campagnes. Het playbook van Christopher kan hier nageslagen worden. Hierin geeft Christopher aandacht aan zoekterm-analyses, ngram analyses via bigquery en een oplossing voor toepassing van machine learning bij het opstellen van meta descriptions.

There will be no search, there will only be found

Binnen PPC zijn we gewend om vanuit keywords en queries te werken. Door het toevoegen van diverse doelgroepen en segmenten kan hier al meer context omheen ontstaan. De trend om van keywords naar intent te gaan is niet nieuw maar geeft wel aan dat ons vakgebied aan het veranderen is. De manier van zoeken veranderd en de technologieën om vraag en aanbod bij elkaar te brengen veranderen ook. Denk dus nu alvast na hoe je dit voor jouw organisatie kan gebruiken.

Binnen voice is één antwoord mogelijk, de 0-positie, als deze trend doorzet is er straks maar één antwoord op een vraag. Hoe kan je ervoor zorgen dat je als bedrijf dit ene antwoord geeft? Bing ging in op het hete hangijzer “Hoe zit het met advertising en voice?” Bing liet weten dat het niet de intentie heeft advertentiemogelijkheden te bieden binnen voice toepassingen. Dit omdat er eerst vertrouwen opgebouwd moet worden bij de gebruikers van voice toepassingen zodat het kan groeien. Hierna zal eventueel advertising ter sprake komen..

Inzichten met betrekking tot owned en organic search

Ook dit jaar was er veel aandacht voor Conversational Search, met  presentaties van Microsoft en Google over het gebruik van de voice assistants en tips van Aleyda Solís voor het optimaliseren voor spraakgestuurde zoekopdrachten. Met de praktische (technische) SEO presentaties van Barry Adams, Wouter Kiel en Martin Splitt kon je bovendien direct aan de slag met het oplossen van veelvoorkomende issues op je site. De praktische tips van Wouter Kiel staan hieronder weergegeven:

Een overzicht van de beste tips:

  • Voeg structured data toe aan je content, omdat rich snippets voor een uplift in je CTR kunnen zorgen. Bij Travix resulteerde de toevoeging van prijs in de snippet in een 9% uplift.
  • Gebruik speakable structured data (momenteel in bèta) om voice search te optimaliseren
  • Zorg er wel voor dat je de json-LD mark-up in je header plaatst en hier geen javascript boven zet. Alleen dan kan Google de structured data goed verwerken in een rich snippet.
  • “(Bad) JavaScript is Evil” (Adams en Splitt)
    • Javascript kan voor problemen zorgen bij het crawlen en renderen van webpagina’s en links.
    • Zorg ervoor dat crawler links al tijdens het ophalen van de HTML (voor het renderen) alle links op een pagina goed kunnen uitlezen; verstop de ( a href) links daarom niet in Javascript. Een veel voorkomend issue bij single page app designs en Progressive Web Apps.
    • Minimaliseer het aantal JavaScripts op je pagina om de laadtijd te verbeteren. Hoe sneller een crawler een pagina kan downloaden; hoe meer pagina’s ze zullen crawlen per uur, dag, week..
    • Zorg er ook voor dat een pagina de juiste HTTP status (bijv. 404, 301 of 200) teruggeeft om crawl budget te besparen. Voorkom het renderen van geredirecte of verwijderde pagina’s door het (onjuiste) gebruik van Javascript.
  • Implementeer hreflang tags om het juiste domein te laten indexeren in het gewenste land.
  • Gebruik hierbij geen automatische geo redirects op basis van het IP adres van de gebruiker. Crawlers zijn namelijk ook gebruikers, welke websites vaak bezoeken vanuit de VS. Door de geo redirect kunnen ze overige lokale pagina’s niet bereiken. Het gevolg is een grote drop in zichtbaarheid in alle landen buiten de VS.
  • Elke link geeft ongeveer 85% waarde door aan de volgende pagina. Dit is het geval bij redirects, externe én interne links (hoewel bij laatstgenoemde deze damping factor wat lager is). Voorkom daarom waar mogelijk zoveel mogelijk het gebruik van interne redirects.
  • Wil je je autoriteit vergroten? Gebruik dan kwalitatieve tactieken om op natuurlijke wijze backlinks te verkrijgen. Voorbeelden zijn Ego Baiting (bekende influencers benoemen in je content) of je kennis over een onderwerp gebruiken om waardevolle (en makkelijk deelbare) content te publiceren.
  • Identificeer spraakgestuurde zoekopdrachten die (deels) een visueel antwoord nodig hebben. Pas je voice optimalisatie hierop aan door ook visuele content, zoals tekst en afbeeldingen, te bieden. Door de opkomst van voice assistants met scherm is dit mogelijk.
  • En tenslotte: test álles! SEO tips zijn niet generaliseerbaar. Wat werkt op de ene site, werkt averechts op een andere site.
Aandacht voor kanaalintegratie

Kanaalintegratie stond centraal in de presentatie van Will Critchlow. Hij kaart een bekend issue aan: CRO-adviezen die een negatieve impact hebben op de SEO-prestaties en vice versa.

De oplossing die hij aandraagt is het testen van alle CRO- en SEO-aanpassingen via de A/B testmethode en hierbij KPI’s voor de hele funnel in kaart te brengen. Dus zowel de impact op verkeer als op conversiepercentage (Full Funnel Testing). Een waardevol advies, omdat we dit IQ-component nodig hebben om onze performance te kunnen verbeteren.

Een grote kanttekening bij de testvoorbeelden die Critchlow gebruikt zijn echter de aannames die hij op basis van de inzichten doet. Zo neemt hij aan dat een daling in sessies op een testpagina veroorzaakt moet zijn door een verminderde organische positie. De drop in sessies kan echter ook veroorzaakt zijn door door seasonality, een daling in branded searches of een verminderde CTR. Geen van deze factoren worden meegenomen in de test. Ons advies? Test alles, maar waak voor ongegronde aannames op basis van de uitkomsten.

Waarom moeten we de consument weer centraal stellen en ons niet blindstaren op IQ?

Het begrijpen van je doelgroep en de conversatie aangaan is nog nooit zo belangrijk geweest. Om hier succesvol in te zijn is het van belang dat definitief alle silo’s worden doorbroken. Als merk wil je de conversatie aangaan door te luisteren naar je doelgroep en de content over alle kanalen naadloos aan laten sluiten bij de vragen van je doelgroep. Silo’s tussen marketingkanalen, afdelingen of online & offline weerhouden je hiervan.

HEMA en Schiphol lieten met twee verschillende cases zien dat zij dit umfeld begrijpen en de doelgroep centraal stellen door technologie, kanaal integratie en een portie lef te combineren.

Met het credo: ‘there are no online or offline buyers, there are only HEMA buyers’ zet HEMA een goede stap naar het integreren van afdelingen. HEMA liet zien hoe je ze getest hebben welke impact online advertising heeft op offline conversies. HEMA lijkt sterk afhankelijk van de traditionele brochure maar wist tegelijk dat 58% van de offline sales digitaal beïnvloed wordt. Is de brochure dan nog nodig of moeten we beide combineren? HEMA liet zien hoe ze getest hebben met een control en een test groep binnen winkels met dezelfde omgevingskenmerken. Hier is de online inzet vergroot in de testgroep en de folder niet gedistribueerd. De control bleef een folder ontvangen en online advertising niet opgeschaald. Bij de test is gekeken naar store visits vanuit Google en offline omzet in de filialen. Het resultaat? 2% betere resultaten in de testgroep dan de controlegroep en een hogere ROI.

Door slim gebruik te maken van individuele doelgroepsegmenten en additionele signalen als device, locatie, tijd en winkel kenmerken in combinatie met dynamische content binnen Facebook en display streeft HEMA naar een waardevolle online conversatie met haar klanten in plaats van irrelevante advertenties. De moeilijkheid ligt volgens HEMA momenteel vooral in het attribueren van de juiste waarde per onderdeel. De vraag is echter of dit relevant is, de gedachte van HEMA is om offline en online los te laten en te spreken over HEMA-resultaten en echt HEMA-klanten.

Schiphol liet zien hoe zij met hun team van specialisten en DMP tool haar klanten meenemen in de reis vanaf het boeken van een vlucht tot aan het daadwerkelijk vertrek vanaf Schiphol naar de vakantiebestemming. Met als doel hun eigen producten (Schiphol parking, de winkels en de app) aandacht te geven voor vertrek. Schiphol begon met een analyse op haar doelgroepen met vragen als “Hoeveel dagen van te voren boekt men een parkeerplaats?” “Wanneer download men de app?” Vanuit deze analyses kregen ze duidelijke antwoorden welke ze gebruikte om meerdere cookie pools te maken met als uitgangspunt het aantal dagen voor vertrek. Op deze wijze kan Schiphol op het juiste moment de juiste boodschap communiceren aan haar reizigers. Hiernaast wordt het retargeten van reeds vertrokken vakantiegangers vermeden en waste binnen het campagnebudget gereduceerd. De belangrijkste punten vanuit Schiphol voor een goede implementatie van een DMP en use case waren:

  • Neem de tijd om het project goed uit te schrijven;
  • Maak een goede prognose van je doelgroep, zowel voor haalbaarheid als interne verwachtingsmanagement;
  • Zorg ervoor dat deze doelgroepen groot genoeg zijn in verband met minimale aantal cookies per lijst;
  • Onderschat het werk niet, een DMP kan helpen in het aanleveren van de doelgroepen, niet bij het uitwerken van de use case en implementatie binnen de kanalen.

Besteed genoeg tijd aan het creëren van een blueprint waarbij je antwoord geeft op de who, what, when en where vragen. Hierbij moet je niet vergeten dat techniek geïmplementeerd moet worden of zijn en content & campagnes gerealiseerd moeten worden.

Dit blog werd samen geschreven met Frank Benschop, Productmanager Search Advertising bij Traffic4u, Youri Wanders, Senior Online Marketing Consultant en Marloes Zweers, SEO Product Manager bij Traffic4u.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nieuwe bureau van oprichters Social Embassy

Posted 14 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Niels van der Velden en Steven Jongeneel zijn een nieuw bedrijf begonnen, digitaal marketing- en communicatiebureau Outsmart. Dat wil grote merken laten groeien als een start-up en werkt daarom per project met wisselende teams ingehuurde specialisten.

Outsmart is al een aantal maanden bezig onder de radar maar maakt vandaag zijn bestaan bekend aan de markt. Het werkt momenteel voor gevestigde merken uit fmcg, finance, retail, b2b, fashion en automotive. Namen noemt Jongeneel niet aan deze uitgave tijdens de telefonisch toelichting.

Jongeneel was afgelopen jaren, na zijn vertrek bij Social Embassy, vooral actief als adviseur van en investeerder in start-ups. Daaronder Ride, Adcombi, Symbaloo en New Rivets. Die ervaring brengt hij nu samen met de bureaukennis van partner Niels van der Velden, eerder ook mede-oprichter van Social Embassy.

Het nieuwe bureau sluit aan bij strategische vraagstukken van opdrachtgevers. Dat kan het ontwikkelen van nieuwe producten omvatten of het verkennen van nieuwe business. De werkwijze klinkt lean en agile: snel ontwikkelen, testen en kiezen voor implementeren of doorbouwen.

“Groei is een proces van experimenteren en leren. En creativiteit. We kijken daarbij per sprint naar de ideale teamsamenstelling van ons team. Zo werken wij niet alleen met topcreatieven, maar ook met andere forward thinkers zoals bijvoorbeeld jonge founders van start-ups. Die geven we ook een verantwoordelijkheid in het proces. En dit resulteert in unieke uitkomsten die verder gaan dan een campagne”, aldus Steven Jongeneel.



Lees het volledige bericht op Emerce »

D-Rail: informatie is voor de spoorwegen het nieuwe goud

Posted 13 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Christoffer Hamin stond aan de wieg van D-Rail, het Zweedse bedrijf dat op een verbluffend eenvoudige manier de infrastructuur van het spoor in de gaten houdt. Hun meetgegevens ontsluiten een schat aan informatie die vertragingen, hoge herstelkosten en gevaarlijke situaties met treinen helpen voorkomen. Eigenaren en beheerders van de infrastructuur willen consistente data. Mijn doel is om fouten in de infrastructuur te detecteren met elk denkbare trein.”

De voorbereidingen voor de volgende editie van de Accenture Innovation Awards van zijn in volle gang, dit interview belicht de laatste winnaar van 2018. En wat voor één: de jury noemt wat D-Rail doet ‘een doorbraak van een vernieuwende technologie in de conservatieve spoorwegindustrie’. Deze maand gaat D-Rail live.

Wat is D-Rail?
“Het grappige is dat de dienst van D-Rail eigenlijk geen technologie is, maar informatie. Net zoals voor marketeers informatie het nieuwe goud is, geldt dat ook voor op het oog minder flitsende sectoren zoals spoorwegen. In essentie zorgt D-Rail dat elektrificatie- en signaalsystemen van het spoor optimaal werken door ze dagelijks te meten met slimme sensoren.”

Waarom doe je dit?
“Net als in Nederland vinden ook in Zweden ongelukken plaats met treinen, treden er vertragingen op en verouderen het spoor en bijbehorende systemen sneller dan je als beheerder zou willen. Dat heeft impact op de beleving van reizigers en de reputatie van vervoerders.”

Op wie ga je je marketing richten?
“In de meeste Europese landen is er een verschil tussen de eigenaar van de trein en het spoor. Zo is bij jullie in Nederland ProRail beheerder van het spoor, en de NS de exploitant. Voor beide is D-Rail interessant.”

Wat maakt de sensoren slim?
“De hoeveelheid, actualiteit en snelheid waarmee we data verzamelen. Als we één trein uitrusten met drie D-Rail-sensoren vergaren we per dag 90 miljoen regels aan data. Doorgaans moeten er nu 30.000 treinen over hetzelfde traject rijden om een vergelijkbaar inzicht te verkrijgen in de conditie van het spoor.”

Waarin onderscheidt D-Rail zich van concurrenten?
“Neem het Britse New Measurement Trains. Met hun meettrein sporen zij net als wij onvolkomenheden in de railinfra op. Zij doen dat vooral met lasers en camera’s aan de buitenkant van de trein. Maar als ingenieur met jarenlange ervaring met treinreparaties in Zweden, Duitsland, India en Thailand weet ik wat stenen, ijs en modder kunnen aanrichten. Daarom vind je ons systeem ín de trein, waar het jarenlang ongestoord continu de conditie van het spoor kan meten.”

Waarom besloot je je in te schrijven voor de AIA18?
“Omdat een scout van de Accenture Innovation Awards mij benaderde. Dat bood kansen op publiciteit voor D-Rail én de mogelijkheid om meer te leren over het spoor in Nederland. Wij kunnen ProRail, NS en andere vervoerders helpen een verschil te maken in de toekomst. D-Rail kan ze nog beter voorbereiden op onverwachte situaties.”

Wat heeft de AIA je tot nu toe opgeleverd?
“Rode draad op de vele AIA-evenementen was de duidelijke hang naar verandering. Treinen moeten voor iedereen een betrouwbaar vervoermiddel zijn en op tijd rijden. Het verlangen om het anders te doen gaat dieper en verder dan ik dacht, en leeft niet alleen in Zweden.”

Wat gaf voor de jury de doorslag om D-Rail tot winnaar uit te roepen?
“Dat we het in ons hebben om innovatieve informatietechnologie groot te maken in een conservatieve industrie. De spoorwegsector is langzaam op weg naar een Industry 4.0, waarin meer gebruikgemaakt wordt van automatie en informatie-uitwisseling. De award geeft ons en daarmee de hele sector een extra zetje in de goede richting.”

Wat voor trends zie je in de markt van D-Rail de komende jaren?
“Toenemende concurrentie. In Zweden loopt met de overheid en universiteiten al een flink aantal dure projecten om de infrastructuur van spoorwegen door te meten. Wij willen de trend doorbreken met onze schaalbare oplossing. Eén D-Railbox per trein is voldoende. En we zijn compatibel met alle treintypen.”

Wat is jouw gouden tip voor innovators?
“Zet je strijd voort. De innovatie die recht overeind blijft staan, is hoogstwaarschijnlijk de beste oplossing voor een probleem. Het vergt vaak vallen en opstaan en niet opgeven. Dat is de enige manier om te winnen.”

*) D-Rail is de winnaar van de Accenture Innovation Awards 2018 in het thema Mobility.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Consumentenbond: Verbied telemarketing en verplicht registratie incassobureaus

Posted 13 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

De Consumentenbond pleit voor een verbod op telemarketing en een snelle invoering van een register voor incassobureaus. Die oproep volgt op een waarschuwing van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) voor malafide incassobureaus.

De Consumentenbond is blij met de waarschuwing van de ACM, maar vindt ook dat er meer moet gebeuren om dit soort praktijken tegen te gaan. De aanpak van de incassobedrijven is vaak lastig omdat ze meestal vanuit het buitenland opereren.

Het door staatssecretaris Keijzer aangekondigde verbod op telemarketing en het kabinetsplan voor een verplichte registratie voor incassobureaus helpen bij het effectief bestrijden misleidende telefonische verkoop en de bijbehorende agressieve incasso.

Een verbod op telemarketing voorkomt volgens de bond dat de bedrijven voor wie de incassobureaus werken consumenten telefonisch kunnen benaderen. Daarnaast kan iedereen nu een incassobureau beginnen. Een verplicht incassoregister helpt om eisen te kunnen stellen aan de kwaliteit van de incassobureaus. En het maakt de aanpak van bureaus die zich niet aan de regels houden eenvoudiger.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Jongere kinderen herkennen minder vaak reclame bij YouTube influencers

Posted 13 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Uit onderzoek dat het Commissariaat voor de Media heeft laten uitvoeren door de Universiteit van Amsterdam en de Radboud Universiteit blijkt dat vooral jongere kinderen het lastig vinden om te herkennen of een video reclame bevat. Oudere kinderen vinden ze het belangrijk dat influencers open en eerlijk zijn over reclame in hun video’s. Een gesproken vermelding aan het begin van de video heeft voor de meeste kinderen de voorkeur.

In november 2017 lanceerde een groep YouTubers de Social Code: YouTube. Daarin hebben influencers afspraken vastgelegd die moeten zorgen voor meer transparantie over eventuele reclame in hun video’s. In de code staat bijvoorbeeld dat YouTubers in hun video’s zullen aangeven wanneer zij worden betaald om een bepaald product aan te prijzen.

Vooral voor minderjarigen is dat erg belangrijk, omdat zij vaak nog moeite hebben het commerciële karakter van een video te doorzien (pdf). Deze richtlijnen zijn geen officiële regels, het zijn handvatten om YouTubers te helpen om transparant te zijn over reclame in hun video’s. De code is tot stand gekomen in samenwerking met het Commissariaat voor de Media.

Kinderen vinden het doorgaans niet erg als YouTubers reclame maken in hun video’s, mits YouTubers niet te veel video’s maken waarin reclame wordt gemaakt, de video leuk is, de YouTuber het merk oprecht leuk vindt, het merk bij de YouTuber past, goed geïntegreerd is in de video en niet te nadrukkelijk en te vaak in beeld komt.

Oudere of hoger opgeleide kinderen zijn vrij goed in staat om te herkennen of een influenvers reclame maakt in zijn of haar video. Ze begrijpen dat YouTubers geld moeten verdienen om van te leven én om leuke niet-gesponsorde video’s te kunnen maken. Ook begrijpen sommige van deze kinderen de techniek achter influencer marketing: als een YouTuber iets zegt over een product of merk dan gaan kinderen die merken leuker vinden, omdat ze de YouTuber leuk vinden.

Jongere of lager opgeleide kinderen vinden het lastig om te herkennen of een YouTube video gesponsord is. Zij zijn duidelijk minder reclamewijs en daardoor niet goed op de hoogte van de overtuigingstechniek achter influencer marketing en het verdienmodel van YouTubers. Ze staan onverschillig ten opzichte van reclame in YouTube video’s en denken er zelf niet door beïnvloed te worden. Deze kinderen lijken volgens de onderzoekers onbewust onbekwaam.

Voor alle kinderen kunnen vermeldingen een belangrijk hulpmiddel zijn om reclame in YouTube video’s te herkennen. Voorwaarde is wel dat de vermeldingen duidelijk geformuleerd zijn en opvallen. Kinderen geven de voorkeur aan een vermelding die aan het begin van de video wordt uitgesproken door de YouTuber, omdat de kans dan het grootst is dat de vermelding hen opvalt. Een vermelding in de beschrijving onder de video heeft volgens hen weinig nut, omdat ze zelden in de beschrijving kijken. Verder associëren kinderen de term ‘samenwerking’ niet met reclame. Jongere en lager opgeleide kinderen leggen meestal ook geen verband tussen de term ‘betaalde samenwerking’ en reclame.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Case: CVtotaal groeit 40 procent per jaar door slimmer offerteproces

Posted 12 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Hoewel er al meerdere alternatieven op de markt zijn, heeft ruim 90 procent van de Nederlandse huishoudens een op gas gestookte ketel. Genoeg potentiële afnemers dus voor de aanbieders, maar de concurrentie is ook moordend. Toch groeit CVtotaal al jaren op rij met zo’n 40 procent dankzij extra metingen in de online campagnes.

CVtotaal werd eind jaren ’70 opgericht als plaatselijk installatiebedrijf. Maar waar het vroeger lokale installatiewerkzaamheden verrichte, levert het nu losse installatiematerialen via haar webshop door heel het land. “Van offline speler met, op den duur, een kleine webshop zijn we getransformeerd tot pure online aanbieder. Door de groei en prestaties van CVtotaal zijn wij op de radar verschenen van Essent, wat heeft geresulteerd in een overname in januari 2018”, zegt marketing manager Erik Post.

Het oorspronkelijke idee was om zelfstandige monteurs meer gemak te bieden via de webshop, maar in de praktijk bleek al snel dat consumenten ook bij CVtotaal wilden bestellen. “Toen kwam weer de vraag om de verwarmingsproducten te installeren om de hoek kijken. We zijn daarom gaan samenwerken met lokale installateurs, zodat we consumenten door heel Nederland kunnen bedienen.”

Unieke positie in de markt

Door de producten zowel aan zelfstandigen als particulieren te verkopen en deze ook nog eens met of zonder montage aan te bieden, veroverde CVtotaal een unieke positie in de markt. Erik vertelt dat concullega’s doorgaans maar 2 smaken hebben: alleen het product óf uitsluitend in combinatie met montage. “Bedrijven waarbij je als klant zelf die keuze kunt maken, zijn er bijna niet.”

Naast CVtotaal heeft het bedrijf vijf andere doe-het-zelf-webwinkels. De shops vertegenwoordigen samen een kleine 30.000 artikelen, waarvan CVtotaal goed is voor het merendeel. Om de producten aan de man te brengen, is een gerichte inzet van SEO- en SEA-campagnes onmisbaar. “Mensen worden ’s ochtends niet wakker met het idee om een cv-ketel te bestellen. Bovendien gaat een gemiddelde ketel twintig jaar mee, waardoor je op korte termijn weinig terugkerende klanten hebt.”

Nog voldoende rek in de shop

Om het optimale uit de marketingkanalen te halen, werkt het bedrijf samen met AdResults. Het bedrijf wees eerst op een aantal simpele verbeterpunten. We wisten wel dat er nog genoeg rek in de shop zat, maar dat er zo veel verbeterslagen waren kwam voor ons als een verrassing.”

Eén van de eerste innovaties die de bedrijven realiseerden, was het stroomlijnen van het offerteproces. “We verkopen redelijk veel cv-ketels inclusief montage. Omdat dit maatwerk is, gaat hier altijd een offerte aan vooraf.” In het systeem werd een aanvraag voor een montage per definitie gezien als een conversie, maar er is natuurlijk ook percentage dat afziet van de koop.

Om te voorkomen dat de online campagnes een vertekend beeld geven, ontwikkelde het bureau een extra meting. Hierdoor is het nu inzichtelijk hoeveel offerte-aanvragen er openstaan, hoeveel er zijn afgewezen en hoeveel er uiteindelijk converteren. Daarnaast laat de tool zien of de aanvraag uit Google Ads komt of via een ander kanaal.

Om de daadwerkelijke Google Ads omzet uit offerte-aanvragen inzichtelijk te krijgen was het noodzakelijk om de click-id’s (GCLID) te koppelen aan de offerte-aanvragen. Het toevoegen van een script op elke website-pagina maakt het mogelijk om deze click-id op te slaan wanneer een consument de website bezoekt na het klikken op een advertentie. Wanneer een bezoeker vervolgens besluit om een ​​offerteformulier in te vullen voor bijvoorbeeld een cv-ketel met montage, haalt een aangepast script de click-id weer op die eerder werd opgeslagen en voegt deze toe aan de offerte-aanvraag.

Op basis hiervan is het eenvoudig om offerte-aanvragen te identificeren waar Google Ads aan heeft bijgedragen. Na verloop van tijd krijgt elke offerte-aanvraag een definitieve status (voltooid of niet voltooid) en een uiteindelijke totale waarde (omzet). Met behulp van automatisch gegenereerde rapportages kunnen de Google Ads campagnes achteraf worden aangestuurd op basis van de omzet uit offerte-aanvragen die daadwerkelijk is gegenereerd in plaats van de conversiewaarde die in eerste instantie is gemeten voor álle offerte-aanvragen. Dit maakt het mogelijk om de Google Ads-campagnes effectiever te beheren op middellange en lange termijn, omdat we precies weten wat het rendement op de investering is.

‘We zijn de afgelopen jaren hard gegroeid’

De verkoop van verwarmingsproducten is niet het eenvoudigste bedrijfsmodel, maar CVtotaal slaagt er jaar na jaar in om met zo’n veertig procent te groeien. Gemiddeld verwerkt het bedrijf honderd orders per dag, maar tijdens het hoogseizoen kan dit zomaar het dubbele zijn. “Uiteraard hebben we ook mindere maanden, daarom zijn we continu bezig met uitbreiding van ons assortiment. Zo liften we in de zomermaanden mee op de vraag naar airconditioning.”

Daarnaast speelt CVtotaal in op de alternatieven in de verwarmingsmarkt, waaronder warmtepompen en elektrische ketels. Met tools als de Ketelkiezer probeert het haar (potentiële) klant vervolgens zo goed mogelijk te begeleiden. Al kan dit wat Erik betreft nog geavanceerder. “We willen afnemers niet alleen helpen door de voor- en nadelen tegen elkaar af te wegen, we willen ook een tool integreren in onze webshop die per situatie berekent of de investering wordt terugverdiend en wanneer dit zal zijn”, verduidelijkt hij.

Als voorbeeld noemt hij de warmtepomp, die veel voordelen met zich meebrengt, maar die niet in elke situatie het meest rendabel is. Verder staat er een koppeling met de agenda’s van de monteurs op de planning, zodat de klant meteen een indicatie krijgt van de installatiemogelijkheden. “Innovaties als deze staan bij ons hoog op de agenda. We willen immers ook de komende jaren groeien én onze klanten optimaal blijven bedienen. Er wordt hard gewerkt aan de migratie naar Magento 2, omdat we op gebied van UX en CRO nog de nodige stappen willen maken.”

Naast zijn werkzaamheden voor CVtotaal is Erik Post ook betrokken, met zijn eigen bedrijf Powaco, bij de optimalisatie en het begeleiden van andere webshops.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Otolift: één platform, één kans op verkoop

Posted 12 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Een product van duizenden euro’s dat vanaf een plaatje eenmalig wordt gekocht – dat is de unieke marketingfunnel waar Otolift mee te maken heeft. “Zodra iemand in de markt is voor een traplift, moeten wij er zijn, anders is onze kans voorgoed verkeken,” zeggen Boy Stoops en Jeroen Wolf van Otolift.

Koninklijke Otolift Trapliften werd in 1891 opgericht en begon in de jaren zestig van de vorige eeuw met het ontwikkelen van trapliften. Boy Stoops is marketingmanager bij het familiebedrijf, Jeroen Wolf commercieel directeur. Zij hebben drieënhalf jaar geleden samen de marketing van Otolift opgezet. “Dat was nodig door veranderingen in de markt,” zegt Jeroen. “Voorheen was 80 procent van onze omzet afkomstig van aanbestedingen en 20 procent van consumenten. Dit betekende dat bijvoorbeeld de gemeente Den Haag een aanbesteding uitschreef voor het installeren van alle trapliften bij mensen die onder de WMO-regeling vielen.”

Hierin staat dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor de ondersteuning van mensen die niet op eigen kracht zelfredzaam zijn. Door aanscherping van die wet in 2015 worden er nog nauwelijks vergoedingen voor trapliften gegeven. “De consument moet zo’n aanschaf dus zelf bekostigen. Dat betekent dat wij op een andere manier de markt moeten bewerken en in-house met B2C-marketing zijn gestart, in plaats van het uit te besteden aan externe partijen.”

Doel daarvan is om zoveel mogelijk leads en naamsbekendheid te genereren. Otolift was heel bekend bij gemeenten maar een kleine speler op de particuliere markt. “Onze grootste concurrent was al eerder gestopt met de aanbestedingen. Toch zijn we erin geslaagd om marktleider te worden in het consumentensegment,” zegt Jeroen.

“Dat hebben we bereikt door zichtbaar te zijn en de kanalen efficiënt in te zetten,” vult Boy aan. “Vroeger deden we vooral print, maar online wordt steeds belangrijker, zowel organisch als betaald. Mensen komen tegenwoordig met een tablet in de hand de showroom inlopen. Met name Google Ads en Facebook zijn voor ons interessant.”

Snelle besluitvorming

Wat marketing uitdagend maakt, is het feit dat mensen zich pas gaan oriënteren op een traplift als ze er echt eentje nodig hebben. Het is daardoor lastig om naamsbekendheid op te bouwen. Jeroen: “De advertenties worden niet gelezen zolang iemand de trap nog op kan komen. Daar komt bij dat het een eenmalige aanschaf is. Als er morgen een nieuwe trapliftfabrikant op de markt komt, dan concurreert die meteen mee. Er is geen merkbeleving, we moeten het hebben van leads en er zijn op het moment dat mensen een traplift nodig hebben. De besluitvorming gaat snel – je hebt het eerder over uren dan dagen.”

Doordat een traplift wordt gezien als medisch product, omdat het iets zegt over je fysieke gesteldheid, is de mogelijkheid tot retargeting beperkt. “We mogen bijvoorbeeld geen custom audiences creëren. Er zijn wel platformen die het toestaan, maar Google bijvoorbeeld niet. Facebook is milder maar daar halen we veel lagere volumes dan op Google. We moeten onze leads dus echt uit search halen en uit targeting op basis van demografische kenmerken. Dat is voor ons een grote uitdaging.”

Nederlandse trappen zijn steil

Otolift moet het dus vooral van de verkoopargumenten hebben. Zo is de traplift 100 procent herbruikbaar, waardoor er ook tweedehands trapliften aangeboden kunnen worden. Verder is het design toegespitst op de Nederlandse markt. “Nederlandse trappen zijn vaak krap of steil en Nederlanders zijn lang,” legt Jeroen uit. “Onze producten zijn daarop ingesteld. En we kunnen als het product op voorraad is binnen 48 uur of sneller een traplift plaatsen. Nog een pluspunt is dat de rail die we gebruiken een doorsnede heeft van 6 centimeter, zo’n 25 procent minder dan de concurrenten. Dat lijkt een detail maar mensen willen zo min mogelijk zien van de traplift, dus hoe dunner de rail, des te beter. We besteden ook veel aandacht aan het design – je koopt zo’n traplift niet voor je plezier, dan is het fijn als je niet een lelijk ding in je huis krijgt. Tot slot is de prijs natuurlijk een belangrijk verkoopargument.”

Internationale expansie

Otolift is zoals gezegd een familiebedrijf. Drie jaar geleden heeft de nieuwe generatie het overgenomen. Met een ambitieus doel: wereldmarktleider worden. “De deuren naar de export zijn geopend en we zetten er gas op. Wat prettig is, is dat er naar de lange termijn wordt gekeken. Hoe staan we er over vijf jaar voor en wat is er nu nodig om dat te bereiken? Waarin moeten we investeren om de concurrent voor te blijven?”

Om die groeiambities waar te maken, moest het IT-landschap worden vernieuwd. “We hadden geen CRM – er was een aantal platformen aan elkaar gekoppeld en daar haalden we onze informatie uit. Dat werkte niet goed. De cost per lead konden we er nog wel uithalen, maar we hadden niet inzichtelijk wat zo’n lead echt doet,” zegt Boy. “Nu maken we gebruik van één platform inclusief Salesforce Sales en Service Cloud, Salesforce Field Service, Pardot en Einstein Analytics. Met dit totaalpakket zetten we een behoorlijke stap in de goede richting. We gebruiken op dit moment misschien 20 procent van wat er mogelijk is maar we gaan steeds meer automatiseren.”

“We willen snel en gemakkelijk rapportages draaien over de Nederlandse markt en van onze dochterondernemingen in Frankrijk, België, Italië, Spanje en Engeland. Bij gebrek aan een CRM-pakket werd in Frankrijk zelfs gebruikgemaakt van Excel-bestandjes en mappen met orders. Nu is Salesforce Field Service live gegaan en verloopt de planning veel beter. Bovendien is live inzichtelijk wat er qua verkopen gebeurt en kunnen we bijsturen als dat nodig is. We hebben veel meer controle over de opvolging van leads. Dat is heel belangrijk voor onze groeiplannen.”

Instrumenteel voor de beoogde internationale expansie zijn, naast de eigen verkoopkanalen, de dealers waar Otolift in veertig landen mee samenwerkt. Zij moesten vroeger handmatig hun orders plaatsen en belden op als ze de voortgang wilden checken. “Nu komt er een portal voor dealers, waar ze orders in kunnen zetten en inzicht hebben in de voortgang daarvan. Dit is allemaal mogelijk doordat we voor één platform hebben gekozen.”



Lees het volledige bericht op Emerce »