Posts Tagged ‘marketing’

Infographic: de fenomenale groei van mobiele marketing

Posted 22 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Mobiele marketing is het afgelopen jaar gigantisch gegroeid. Niet dat de oude vertrouwde desktop is afgeschreven, maar zeker oriëntatie op nieuwe producten of diensten doen we op de smartphone of tablet. Met 2,6 miljard smartphonegebruikers is de potentie enorm. In deze infographic een paar (Amerikaanse) statistieken.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Parkmobile adverteert op Snapchat

Posted 21 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Parkmobile is als een van de eerste Nederlandse bedrijven een reclamecampagne begonnen op Snapchat. Ondanks de doorgaans wat jongere gebruikersgroep van Snapchat wil de parkeerapp het experiment aangaan.

Met de campagne die nu loopt steekt Parkmobile de tenen in het water met een nieuwe vorm van in-appadvertising. Die reclamevorm an sich speelt een belangrijke rol in de marketinginspanningen, maar met Snapchat specifiek heeft het nog geen ervaring.

Onderstaande uiting is in deze periode te zien tussen de Discover-verhalen, de sectie waar Snap reclameberichten toestaat.

Parkmobile werkt in het experiment samen met MobPro. De partijen stellen: “Hoewel het merendeel bestaat uit gebruikers tussen de 13 en 25 jaar, wint Snapchat aan populariteit onder twintigers en dertigers.” Die laatste groep is de typische gebruikersgroep van de parkeerapp die sinds de zomer van 2016 in handen van BMW is.

Dominiek van Esse van MobPro: “Snapchat is met de highimpact videoformaten een sterk awarenesskanaal. De uitkijktijd van een Snap Ad vertelt een marketeer dus meer over de impact ervan dan een click.”

Binnenkort zal Snapchat ‘postswipe acties’ toevoegen. Adverteerders kunnen dan langere video’s, ondersteunende artikelen en een appdownload pagina aanbieden zonder dat gebruikers de app moeten verlaten.

Foto: miki yoshihito (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

GDPR: vier data-vraagstukken voor marketeers

Posted 20 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

De General Data Protection Regulation (GDPR) wordt op 25 mei 2018 van kracht. Zoals zo vaak met nieuwe Europese regelgeving zitten er behoorlijk wat haken en ogen aan.

De GDPR moet ervoor zorgen dat bedrijven de data van EU-burgers op een transparante manier verzamelen en opslaan. De wet draait om data governance en gaat daarmee verder dan de bestaande privacy- en databeschermingsregels. De consument heeft het recht:

– te eisen dat persoonlijke informatie wordt verwijderd uit de database van een bedrijf;

– om data over te hevelen van het ene naar het andere bedrijf;

– te weten wanneer data zijn gecompromitteerd, bijvoorbeeld door een hacker (meldplicht datalekken).

Bedrijven moeten verder toestemming van de consument hebben voor ze data verzamelen en opslaan. Een opt-out mogelijkheid of het verbergen van de toestemming in de kleine lettertjes (hallo, Google en Apple!) wordt niet geaccepteerd door de wetgever. En er zijn strenge regels ten aanzien van dataprofileren: persoonlijke gegevens automatisch verwerken om voorspellingen te doen over de economische status, locatie, gezondheid en voorkeuren van de consument zonder diens toestemming. Voor dit alles moet een Data Protection Officer worden aangewezen binnen het bedrijf die het in goede banen leidt.

Zoals dat zo vaak gaat met wetgeving, zijn de nieuwe regels niet klip en klaar. Voor marketeers zijn er drie belangrijke vraagstukken: de bewaartijd en herkomst van de data, hoever je mag gaan met profileren en het recht om vergeten te worden.

Hoelang data mogen worden opgeslagen

Het bedrijf moet aan de consument laten weten hoelang de persoonlijke data worden opgeslagen. Dat klinkt gemakkelijker dan het is, want hoelang gegevens worden bewaard, hangt af van de categorie. Contactinformatie zal langer worden opgeslagen dan voorkeuren; en persoonsgegevens die nodig zijn voor het versturen van facturen langer dan transactiedata. Een oplossing voor dit probleem zou kunnen zijn om de criteria te publiceren voor de verschillende datacategorieën zodat de consument zelf kan bepalen hoelang gegevens worden bewaard.

Wat is de databron?

Wanneer de GDPR-wetgeving van kracht is, moet de consument worden geïnformeerd over de herkomst van de gegevens die het bedrijf over hem of haar heeft opgeslagen. Tot nu toe hoefde dit alleen als deze informatie beschikbaar was. Het gevolg is dus dat persoonsgegevens waarvan de bron niet meer te achterhalen is, niet gebruikt mogen worden. De oplossing: de wetgever zou een uitzondering moeten maken voor data die voor 28 mei 2018 zijn verzameld.

Het recht om vergeten te worden

Als de consument dat wil, moeten zijn gegevens volledig worden gewist uit de database waarin deze zijn opgeslagen. Dat betekent allereerst dat het bedrijf precies moet weten waar die gegevens intern allemaal worden bewaard, wat in de praktijk voor veel organisaties al een uitdaging is. Bovendien moeten ook derde partijen aan wie de data zijn verstrekt overgaan tot het wissen daarvan, wat een behoorlijke administratieve last voor het bedrijf betekent. En verwijdering uit de database geeft geen enkele garantie dat de desbetreffende persoon niet meer wordt benaderd voor marketingacties. Wanneer hij bij een externe partij conform de regels toestemming heeft gegeven voor partnermailings bijvoorbeeld, kan hij tot zijn grote ergernis gewoon weer door het bedrijf worden benaderd. Het is dus beter om de gegevens te bewaren en te signaleren dat deze absoluut niet mogen worden gebruikt voor marketing- of andere doeleinden.

Bijkomend probleem is de lijst met uitzonderingen die voor verschillende interpretaties vatbaar zijn. Wanneer de data nodig zijn voor het uitoefenen van het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie, voor het nakomen van wettelijke verplichtingen, om redenen van algemeen belang op het gebied van volksgezondheid, met het oog op archivering in het algemeen belang, of voor de instelling of uitoefening van een rechtsvordering, hoeven de gegevens niet te worden gewist. De eis van de Belastingdienst dat je je administratie zeven jaar moet bewaren prevaleert dus boven de wens van de consument om vergeten te worden. Maar wat valt er precies onder een reden van algemeen belang? Wanneer dit in de nationale wetgeving waarin de EU-regels worden ingebed niet duidelijk wordt afgebakend, liggen conflicten en rechtszaken op de loer.

Data-profilering

Data gebruiken voor het opstellen van algoritmen die klantgedrag voorspellen – het mag straks alleen met expliciete toestemming van de klant. Die heeft ook het recht om in beroep te gaan tegen beslissingen die zijn genomen door zelflerende systemen waarbij gebruik wordt gemaakt van kunstmatige intelligentie. Denk bijvoorbeeld aan de aanvraag van een lening, die door een automatisch systeem wordt goed- of afgekeurd. De klant heeft het recht om inzicht te verkrijgen in de achterliggende reden. Maar het kenmerk van AI is dat er gebruik wordt gemaakt van een enorme hoeveelheid data. De complexiteit van de analyse maakt het lastig om te motiveren waarom iemand is afgewezen. De vraag is hoever zo’n motivatie volgens GDPR moet gaan. Volstaat het antwoord: ‘de klant is niet kredietwaardig’ of moet het bedrijf precies kunnen vertellen op basis van welke parameters de afwijzing tot stand is gekomen?

Tijd moet het leren

De praktische implicaties van GDPR zijn moeilijk in te schatten. Experts adviseren om in elk geval goed na te denken over de interpretatie en als bedrijf je verhaal klaar te hebben. Als de wetgevende macht dan van mening is dat je in overtreding bent, dan kun je in elk geval aantonen dat je geprobeerd hebt de regels te volgen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Na FRENDZ nieuwe online labels rond merknaam V&D

Posted 20 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

V&D keert als zodanig niet meer terug, maar het bedrijf V&D Concepthouse, dat woensdag de sociale mode-app FRENDZ lanceerde, gaat nog wel wat doen met de erfenis van het beroemde warenhuis. Dat zegt mede-initiatiefnemer Ronald van Zetten tegen Emerce.

“We zullen wel flink veel kritiek over ons heen krijgen vanwege het feit dat we V&D niet laten terugkeren”, vertelde Van Zetten woensdag bij de lancering in het Amsterdamse etablissement The Avocado Show. Met FRENDZ, het ‘eerste social commerce platform waar fashionlovers en –kopers het helemaal voor het zeggen hebben’, richt V&D Concepthouse zich ook nog eens op een veel jonger publiek.

Vorig jaar namen Roland Kahn, Jaco Scheffers en Ronald van Zetten de merknaam en het internetplatform over van V&D, dat na tientallen jaren de deuren moest sluiten. Van Zetten: “Aanvankelijk hadden we een webwinkel willen optuigen met de bestaande software. We kwamen er al gauw achter dat dat platform, dat binnen V&D net was opgeleverd, nog niet compleet was. De investeringen om het weer op orde te krijgen, waren zodanig dat we beter iets heel nieuws konden beginnen.”

Dat is FRENDZ geworden. Niet de inkopers of grote stylisten zullen in de toekomst bepalen wat gemaakt en verkocht gaat worden, maar de consument. Die kan met de FRENDZ app zijn stem laten horen en zijn smaak delen. Een mooi jurkje of een pantalon kan direct worden gekocht. Wel vaak nog bij de webwinkel van de leverancier.

Met vaste partners zijn afspraken gemaakt over een commissie van 10 procent over de omzet, in totaal linkt FRENZ naar zo’n 800 retailers en daar zit bijvoorbeeld ook een Bijenkorf bij. Van Zetten: “Stel dat iemand iets leuks heeft aangetroffen bij een boetiek waar we nog niets mee hebben gedaan, pas als heel veel mensen daar gaan bestellen, gaan we eens met die partij praten. Over incidentele verkopen rekenen we niets.”

Eigen collecties gaat FRENDZ niet meer maken. Van Zetten: “Waarom zouden we? Er is voldoende aanbod.”

Merken kunnen geen posities binnen FRENZ kopen. “Daarmee doe je afbreuk aan het concept. De consument krijgt de regie, die mag niets opgedrongen krijgen.” Wel krijgen partners inzicht in de combinaties waarin merken voorkomen in gebruikerscollecties. Zo worden trends snel zichtbaar.

Social commerce gaat een revolutie ontketenen in de fashionindustrie, vertelde buitengewoon hoogleraar eMarketing Cor Molenaar gisteren in Amsterdam. “Mijn hart gaat harder kloppen bij dit soort initiatieven. In het verleden ging je naar de winkel om je te laten voorlichten, nu zijn het je vrienden die je adviseren.”

Van Zetten is tevreden als hij binnen enkele maanden ‘duizend gedreven gebruikers’ heeft. “Dat liever dan 100.000 passanten die zelf niet actief delen’.

FRENDZ wil al redelijk snel de internationale markt op. Daarnaast gaat V&D Concepthouse nieuwe concepten in de markt zetten. Daaronder de School Campus. Van brugpieper tot bovenbouwer, één keer per jaar konden die bij V&D losgaan op multomappen, etuis en agenda’s. Dat V&D concept wordt binnenkort nieuw leven ingeblazen. Online weliswaar.

Van Zetten: “De rol van V&D Concepthouse is dezelfde als die van Rocket Internet, het bedrijf achter Zalando. We gaan heel veel nieuwe dingen ondernemen.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Digitaal marketingbureau Storm Digital aan de slag voor KNVB

Posted 20 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Digitaal marketingbureau Storm Digital gaat aan de slag voor de gloednieuwe KNVB Campus, het ‘kloppend voetbalhart’ van Nederland.

Vijftig jaar geleden opende het KNVB Sportcentrum zijn deuren in Zeist en inmiddels is dit centrum uitgegroeid tot ontmoetingscentrum.

Om het centrum meer onder de aandacht te brengen gaat Storm Digital SEO, SEA en social media verzorgen.

Storm Digital werkt voor klanten als KLM, Uber, Unive, Audi, WNF, SuitSupply en Picnic.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Marges eBay steeds meer onder druk

Posted 20 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

De kwartaalcijfers van eBay, moederbedrijf van Marktplaats, vielen beleggers gisteren ietwat tegen. Het handelsvolume steeg weliswaar 2,4 procent naar ruim 20 miljard dollar, maar analisten hadden gehoopt op 21 miljard.

De omzet was met 2,2 miljard wel hoger dan verwacht. De winst kwam uit op ruim 1 miljard dollar tegen 482 miljoen een jaar terug.

De marges worden kleiner als gevolg van grotere marketinginspanningen. Van veilinghuis is eBay steeds meer marktplaats geworden, maar Amazon is een geduchte concurrent.

Wel komt er steeds meer geld binnen via niche-activiteiten. Ticketverkoper StubHub zat het afgelopen kwartaal op een omzet van 210 miljoen dollar.

Eerder deze maand kondigde eBay de verkoop aan van zijn activiteiten aan Flipkart, het Amazon van India.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Secret Escapes wil complementair boekingskanaal zijn voor hotels

Posted 20 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Wie een tv heeft, kent de commercial van Secret Escapes. Het bedrijf biedt hotels en vakanties met korting aan aan leden. In de Benelux zijn dat er inmiddels 2 miljoen, vertelt managing director Ognjen Zeric.

Hoeveel van die 2 miljoen mensen boeken daadwerkelijk een reis of hotel?

“Daar geven we geen cijfers over. Er is in elk geval genoeg conversie en betrokkenheid om onze marketinguitgaven te rechtvaardigen. Wat ik wel kan zeggen is dat de conversie afhangt van het kanaal. Zo zien we dat mensen die via tv-commercials bij ons terechtkomen eerder iets boeken dan mensen die via Facebook onze site bezoeken. De ontwikkeling van Secret Escapes in de Benelux is wat dat betreft vergelijkbaar met andere markten. We zijn heel blij met de groei en de samenwerking die we hebben met hotels en touroperators op deze markt.”

Hoe komt het aanbod tot stand? Is het een dumpstore of heeft de klant inbreng?

“Natuurlijk proberen we zoveel mogelijk rekening te houden met wat de klant interessant vindt. We weten waar Nederlanders graag naartoe reizen en welke prijsstructuur het beste werkt. Dat proberen we in te kopen. Met onze hotelpartners gaan we daarover het gesprek aan zodat we tot een aanbod kunnen komen dat voor alle partijen werkt.”

Secret EscapesHet members-only model is ontstaan doordat hoteliers de online reisagenten (OTA’s) een laagsteprijsgarantie moesten geven op openbare tarieven, de zogeheten rate parity clausule. De EU heeft dit verboden. Wat voor gevolgen heeft dit voor jullie businessmodel?

“Geen. Het members-only concept heeft twee voordelen. Hoteliers vinden het prettig dat hun kortingen alleen zichtbaar zijn voor mensen die zijn ingelogd, zodat er weinig kannibalisatie optreedt. Wij bevinden ons niet in het speelveld van mensen die precies weten waar en op welke datum ze ergens naartoe willen, dat is het terrein van de metazoekmachines en OTA’s. Onze content is gericht op het bieden van inspirerende content en goede aanbiedingen. Voor ons is het grote voordeel van het members-only model dat we weten wie onze klanten zijn. Ze moeten zich immers inschrijven en hun e-mailadres geven. Voor ons is het verdwijnen van de rate parity-clausule dan ook geen reden om af te stappen van het lidmaatschapsmodel. Wel verwachten we dat meer hoteliers zich bij ons zullen durven aan te melden, nu ze zich ervan bewust zijn dat ze vrij zijn in hun tariefstelling.”

Missen jullie boekingen doordat jullie prijzen niet te vinden zijn in metazoekmachines?

“Integendeel. We laten bij elk kamertype een link zien naar een OTA, omdat we transparant willen zijn in de prijsstelling. Onze leden hoeven in principe dus niet meerdere sites te bezoeken om het beste tarief te vinden.”

Hoe houdbaar is zo’n aanbiedingensite voor hotels als verkoopkanaal? Ze bouwen geen loyale klantenkring op die bereid is de normale prijs te betalen.

“Wij willen een lange-termijnrelatie met de hoteliers en touroperators op ons platform, geen eenmalige prijsknallers. De beste hotels hebben ook te maken met hoog- en laagseizoenen. Zij willen graag het hele jaar vol zitten en daar kunnen wij bij helpen. Onze leden zijn frequente reizigers, die flexibel zijn qua reistijd en dus niet afhankelijk van schoolvakanties. Het mooie is dat onze leden gemiddeld meer uitgeven dan bij een OTA. Dit komt doordat OTA’s vooral standaard kamers verkopen, terwijl bij ons meestal een hogere categorie kamer met korting kan worden geboekt. Stel, de standaard kamer kost 100 euro op Booking.com en de suite 250 euro. Als wij die suite voor 150 euro verkopen, heeft het hotel 50 euro meer aan inkomsten dan wanneer die prijsbewuste klant op Booking de standaard kamer had genomen. Kortom, we zijn een complementair verkoopkanaal dat zorgt voor een betere bezetting en hogere inkomsten.”

Jullie bieden op de site de mogelijkheid om via Skyscanner een vlucht te boeken. Is dynamic packaging de volgende stap?

“Het zou een logische zet kunnen zijn, maar op dit moment werken we voor pakketreizen tot volle tevredenheid samen met touroperators.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Google maakt cross-device retargeting mogelijk binnen Bid Manager

Posted 19 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Meer dan 60 procent van de consumenten maakt gebruik van meerdere devices tijdens een aankoopproces. Voor een succesvolle retargetingstrategie kunnen marketeers hierdoor niet langer vertrouwen op één device om hun doelgroep te bereiken. Google speelt in op deze ontwikkeling door het mogelijk te maken cross device te retargeten binnen display en search campagnes.

Al in september 2016 kondigde Google al aan dat het cross-device retargeting mogelijk ging maken. Onlangs maakte het bedrijf bekend dat dit vanaf 15 mei ook echt mogelijk zal zijn binnen Google Analytics (bron: Google Analytics). Doelgroeplijsten vanuit Google Analytics worden automatisch verreikt met de verschillende device-id’s van een gebruiker. Hierdoor kunnen gebruikers cross device gevolgd worden. De Google Analytics-doelgroepen kunnen vervolgens worden gebruikt binnen zowel DoubleClick Bid Manager als Google Adwords. Hiermee wordt het mogelijk gebruikers die op het ene apparaat je website hebben bezocht op een ander device te retargeten met relevante content.

Hogere conversies tegen lagere kosten

Het mogelijk maken van cross-device retargeting zorgt ervoor dat het bereik van retargetingcampagnes binnen Bid Manager wordt vergroot met de verschillende apparaten van een consument. Hierdoor kunnen adverteerders een groter deel van hun onlinemarketing-uitgaven investeren in succesvolle retargetingstrategieën. Ook kunnen remarketinglijsten langer gebruikt worden doordat het vervangen van devices kan worden opgevangen. Bovendien krijgen adverteerders betere controle over de cross-device contactfrequentie van een campagne. Dit moet uiteindelijk bijdragen aan een toename in conversies tegen lagere kosten.

Wat gaat er veranderen?

Het was via Google Analytics-doelgroepen alleen mogelijk gebruikers te retargeten op het device waarop zij eerder een website hadden bezocht. Wanneer een gebruiker zowel via een smartphone als via een laptop op een website is geweest, komt deze gebruiker tweemaal terug in de Google Analytics-doelgroep. Er wordt hierbij geen link gemaakt tussen de verschillende apparaten van een consument. Heeft een gebruiker daarentegen alleen via zijn smartphone de website van een adverteerder bezocht dan kan deze niet geretarget worden op zijn tablet of laptop.

In de nieuwe situatie staat de gebruiker centraal en niet langer het apparaat van deze gebruiker. Wanneer een gebruiker een website bezoekt wordt dit bezoek gekoppeld aan zijn gebruikers-id. Deze gebruiker komt eenmaal terug in de doelgroep met alle devices die deze gebruiker eerder heeft gebruikt om op Google in te loggen.

Dit geldt ook wanneer een gebruiker via meerdere apparaten op de website van de adverteerder is geweest. De voordelen hiervan zijn dat het mogelijk wordt gebruikers te retargeten op verschillende apparaten zelfs wanneer een gebruiker slechts op één apparaat op de website van de adverteerder is geweest.

Daarnaast wordt het mogelijk om gebruikers die op het ene device hebben geconverteerd binnen campagnes uit te sluiten. Deze gebruikers worden niet langer geretarget met het product dat zij al gekocht hebben op andere apparaten. Ook wordt het mogelijk één cross-device frequency cap te hanteren in plaats van een frequency cap per device.

Om cross-device retargeting mogelijk te maken gaat Google gebruik maken van de inloggegevens van haar gebruikers, zoals bijvoorbeeld Facebook dat al langer doet. Daardoor blijft cross-device retargeting voorlopig beperkt tot ingelogde gebruikers.

Het is pas de tweede keer dat Google haar adverteerders toestaat gebruik te maken van inloggegevens na de introductie van customer match binnen Adwords in september 2015. Hiervoor stond Google altijd relatief restrictief (afgezet tegen bijvoorbeeld Facebook) tegenover het gebruik van inlog-data voor enig ander doel dan het doormeten van resultaten. Daarentegen zullen adverteerders mogelijk hun privacy beleid moeten updaten omdat aanvullende data (in de vorm van Google-accounts) wordt gedeeld met Google.

Het delen van remarketinglijsten vanuit Google Analytics naar DoubleClick Bid Manager is voorlopig alleen mogelijk voor Google Analytics 360-accounts. Dit zal de eerste groep zijn die ook daadwerkelijk gebruik kan gaan maken van cross-device retargeting in Bid Manager. Het delen van Google Analytics doelgroepen met AdWords accounts is al langer mogelijk voor alle adverteerders.

Hoe werkt het?

Google gaat de aangepaste doelgroepopbouw automatisch verwerken in alle doelgroepen. Adverteerders hoeven dus geen actie te ondernemen wanneer zij hun doelgroepen cross device willen opbouwen. Wanneer het opbouwen van cross-device doelgroepen niet gewenst is dan kan het verzamelen van remarketinggegevens uitgezet worden. Er zullen dan geen doelgroepen meer worden opgebouwd.

Doelgroepen kunnen binnen Google Analytics worden aangemaakt wanneer je het accountrecht hebt om te bewerken.

Bron: Google Analytics

Het aanmaken van een doelgroep binnen Google Analytics is mogelijk door te klikken op ‘doelgroepdefinities’ onder ‘beheerder’.

Bron: Google Analytics

Wanneer een doelgroep wordt aangemaakt moet deze gekoppeld worden aan een Google Adwords of DoubleClick Bid Manager-account. Belangrijk is dat dit bestemmingsaccount reeds gelinkt is aan het Google Analytics profiel waarbinnen de doelgroep wordt aangemaakt.

Wanneer een bestemmingsaccount is gekozen kan een doelgroep worden gedefinieerd aan de hand van de kenmerken van deze gebruiker (bijvoorbeeld demografische gegevens of de bron waaruit deze gebruiker afkomstig is) of het gedrag van deze gebruiker op de website van de adverteerder (bijvoorbeeld de duur van de sessie of bezochte pagina’s). Daarnaast kan de duur van het lidmaatschap worden vastgesteld. Dit bepaald de tijd gedurende welke een gebruiker tot een doelgroep wordt gerekend na het moment waarop deze gebruiker heeft voldaan aan de voorwaarden van de doelgroep. Hiervoor geldt een minimum van één dag en een maximum van 540 dagen.

Wat zijn de mogelijkheden?

Door de introductie van cross-device remarketing maakt Google het mogelijk ook zonder Data Management Platform (of externe tooling) gebruikers te volgen over verschillende apparaten. Hierdoor kan de customer journey van de gebruiker beter worden gevolgd en een cross-device strategie worden bepaald. Ook geeft dit adverteerders de mogelijkheid een cross-device frequentie te bepalen en advertenties op het ene device stop te zetten wanneer een consument op een ander device heeft geconverteerd. Dit zal uiteindelijk bijdragen aan de effectiviteit van retargeting en hiermee de verhoging van de ROI.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Roland van Kralingen versterkt Raad van Commissarissen Blokker Holding

Posted 19 Apr 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Van Kralingen zal gaan adviseren op gebied van business development en marketing.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Trendwords Challenge 2017: de stemmen zijn geteld

Posted 19 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

2017 is het jaar van Augmented Reality, blockchain en Artificial Intelligence. Dat is de voorspelling van de meer dan duizend marketeers die mee hebben gedaan aan de Achmea Trendwords Challenge.

Achmea riep innovatieve marketingprofessionals op om te laten weten van welke trends zij dit jaar de hoogste verwachtingen hebben. Bianca Borgelink is een van de professionals die de top-drie juist voorspelde en wint daarmee een drone. Gefeliciteerd!

De meeste stemmen gingen naar Augmented Reality. Sinds de Pokemon Go-hype kan niemand meer om deze technologie heen, die natuurlijk niet alleen toepasbaar is op spelletjes. AR wordt bijvoorbeeld al gebruikt om consumenten te laten zien hoe dat nieuwe bankstel in hun woonkamer zou staan. Wie goede AR-content biedt, kan klanten gemakkelijker over de streep trekken en de conversie verhogen.

Achmea is zelf ook bezig met de mogelijkheden van Augmented Reality. Vorig jaar werd het bijvoorbeeld ingezet bij een groot tech-evenement voor jongeren en studenten, die via headsets het verhaal van Achmea konden beleven.

Het tweede trendword, blockchain, staat nog in de kinderschoenen maar er liggen allerlei interessante toepassingen op de tekentafel. Banken en financiële instellingen zijn druk bezig met het onderzoeken van de mogelijkheden. Maar je kunt blockchain ook gebruiken bij loyaliteitsprogramma’s als een soort digitale grootboektechnologie die de talloze spaarkaartsystemen overbodig maakt. Of in online advertising om transparantie te creëren in het ecosysteem van spelers, rollen, kanalen, formats en algoritmen.

Achmea is ook benieuwd wat er allemaal kan met blockchain en heeft zich daarom aangesloten bij het B3i-initiatief, dat een nieuwe, open en veilige digitale manier van boekhouden voor de verzekeringssector wil ontwikkelen. Het idee is dat met blockchain op verschillende plaatsen gelijktijdig transacties of aanspraken kunnen worden vastgelegd, waardoor de efficiëntie en veiligheid wordt vergroot. B3i onderzoekt de haalbaarheid hiervan.

Sommige experts denken dat de nummer drie van de lijst, Artificial Intelligence, een grotere impact op marketing zal hebben dan social media. Met Artificial Intelligence en de bijbehorende technologieën van natuurlijke-taalverwerking en machine learning kun je klanten persoonlijk benaderen waardoor ze een betere merkbeleving hebben. Dit geldt natuurlijk ook voor de marketeers van Achmea, die altijd op zoek zijn naar slimme toepassingen om de 8 miljoen klanten nog beter van dienst te zijn.

Drie trendwords en een zee aan mogelijkheden: 2017 belooft weer een innovatief en uitdagend jaar te worden voor marketeers. Kun je niet wachten om met deze en andere trends aan de slag te gaan? Achmea ook niet. Kijk daarom op werkenbijachmea.nl welke kansen ze bieden.

<img src=" var axel = Math.random() + “”; var a = axel * 10000000000000; document.write(‘<ifr



Lees het volledige bericht op Emerce »

Adfactor begint influencer foodlab

Posted 19 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het Nederlandse bureau Adfactor lanceert Foodlab, een eigen label voor haar netwerk van ‘food influencers’, vloggers en bloggers die zich vooral met eten en drinken bezighouden.

Het Foodlab moet een one stop shop worden op het gebied van influencer marketing voor zowel voedingsgerelateerde merken als influencers.

Adfactor is vijf jaar geleden begonnen met food influencers. Het segment groeide als kool, zegt commercieel directeur Wouter van de Kamp. “We zijn begonnen met sponsored content, maar inmiddels leveren we samen met onze influencers advies, boekingen, events en verzorgen we complete strategieën toegespitst op food gerelateerde merken. Vandaar we nu een eigen label beginnen.”

Toen Van de Kamp vijf jaar terug begon, was mode nog een groter segment, nu heeft food mode ingehaald. Van de Kamp: “Dat is ook logisch, iedereen heeft wat met eten. Veel mensen zoeken via Google naar recepten. Blogs zijn erg belangrijk.” Het aantal foodvloggers in Nederland is daarentegen nog bescheiden, maar dat zou kunnen veranderen.

Foodlab staat volledig in het teken van het verbinden van merken aan de juiste influencers met aansprekende content. Foodlab gaat volgens Van de Kamp dan ook veel verder dan het leveren van sponsored content. Het organiseren van een event, een rol in een commercial, ontwikkelen van content voor eigen kanalen of een kennissessie bij de adverteerder, de verzoeken worden steeds gevarieerder.

Adfactor werkt met een groot aantal merken, denk aan Unilever, Promavel of Kumar’s.

De ruim dertig influencers die onder het label Foodlab vallen, en exclusieve afspraken maken met Adfactor, bereiken gezamenlijk ruim 3,5 miljoen unieke bezoekers per maand.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Martijn van der Zee wordt digital director Rituals, weg bij Suitsupply

Posted 19 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Martijn van der Zee gaat per 1 mei bij Rituals aan de slag als digital director. “Een nieuwe businessunit met als ambitie om de digitale groei te versnellen”, licht hij toe.

Van der Zee was e-commercebaas bij KLM en daarna, in de afgelopen 2,5 jaar, de marketingdirector bij Suitsupply. “Daar heb ik erg veel kunnen realiseren, onder meer een nieuw team van zo’n twintig man kunnen opbouwen, in een erg dynamisch bedrijf. Ik kijk er met plezier op terug, maar het was tijd voor een nieuwe uitdaging.”

Die uitdaging omvat het optuigen van de afdeling die er puur op is gericht om de digitale handel te versnellen. Hij gaat in tandem werken met marketingbaas Micha Medendorp. “Net als ik van KLM ken, komen e-commerce en marketing nu naast elkaar.”

De nieuwe e-commercebaas zegt meerdere aanbiedingen te hebben overwogen. “Ik sloeg aan op de cultuur, techniek en andere randvoorwaarden om succes te realiseren.”

Rituals is inmiddels een internationaal, in Europa goed lopend bedrijf met meer dan vijfhonderd fysieke winkels. De jaaromzet ligt rond de half miljard euro. Tussen de vijf en tien procent daarvan wordt via internet gerealiseerd. Sinds eind vorig jaar probeert oprichter Raymond Cloosterman ook een positie op de Amerikaanse markt te verweven en opende daartoe een winkel in New York.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Gamificationvoorbeelden: wat doe je met een beperkt budget?

Posted 18 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Er zijn vele manieren om spelaspecten in online content toe te voegen. Van het toevoegen van een sudoku tot het ontwerpen van een daadwerkelijk spel. Maar wat zijn nou leuke manieren om de engagement van je bezoekers te verhogen zonder dat het je al te veel geld kost? In deze blog zal ik een aantal gamificationvoorbeelden geven.

Wat moet je weten voor je aan gamification begint

Voor je met wat voor vorm van gamification dan ook begint, zijn er een aantal zaken om in de gaten te houden. Juist als je een beperkt budget hebt, is het belangrijk om goed voorbereid te zijn, om te voorkomen dat je voor nare verrassingen komt te staan. Want hoewel je helemaal geen grote budgetten hoeft uit te trekken voor een leuke en effectieve campagne, is het wel van belang om antwoord te hebben op de volgende vragen:

  • Wat wil je bereiken met gamification?
  • Past het plan wel bij je bedrijf?
  • Is het goed geïntegreerd met de rest van je (online) marketing?
  • Hoeveel kost het qua tijd, moeite en geld om bij te houden en heb je dit er voor over?

Zeker langdurige vormen van gamification zoals achievements, leaderboards maar ook kleinere vormen zoals quizzes zijn meer dan een eenmalige investering. Deze geven de meeste meerwaarde bij een langdurig traject en moeten klanten niet frustreren doordat er bijvoorbeeld bugs zijn of omdat het spelelement niet goed wordt bijgehouden. Formuleer dus eerst een antwoord op bovenstaande vragen voor je verder gaat met onderstaande gamificationvoorbeelden.

Verstopte items

Het idee is heel simpel: ‘verstop’ een aantal dingen in je webshop, waardoor spelers door alle categorieën en items moeten bladeren om ze allemaal te vinden. Dit kan je al simpel doen door een extra fotootje toe te voegen aan een product, of door een productfoto tijdelijk te vervangen door één waar wat extra’s op staat. Roep je klanten op om de items te vinden en wie ze allemaal gevonden heeft kan wat korting krijgen of maakt bijvoorbeeld kans op een prijs. Simpel, niet duur en toch een hele efficiënte manier om mensen uit te nodigen om je hele site door te speuren.

Leuk voorbeeld van dit concept was de paasei-actie van de HEMA: als je vijf paaseieren vond op de website, kreeg je vijf euro korting op je bestelling. Simpel, leuk voor iedereen en ook goed te combineren met offline-acties.

Go social

Social media bieden een simpele manier om bezoekers te bereiken. Het vraagt weinig tot geen aanpassingen aan je site en kleine spelletjes zijn vaak redelijk snel in elkaar te zetten. Bovendien nodigt social media bij uitstek uit om dingen te delen, wat je naamsbekendheid tegelijk zal vergroten. Er zijn genoeg spelletjes te bedenken die je bezoeker niet teveel tijd kosten, maar die wel heel leuk zijn voor extra engagement: van ‘Where’s Waldo’-achtige zoekplaatjes tot het op volgorde laten zetten van verschillende plaatjes op Instagram, wat met de recente update gemakkelijker is omdat je per post meerdere plaatjes kan uploaden.

Simpel en zo gemaakt: zoek de verschillen van Kuszzz. Het is snel gemaakt, geeft je bezoekers even wat entertainment en zet ze ook aan om met je product bezig te zijn.

Nodig ook vooral je bezoekers uit om dingen te delen: een prijsvraag voor de leukste/mooiste/grappigste foto van een kop koffie heb je zo uitgeschreven. Let wel op en doe liever niet mee aan standaard ‘deel en like’ acties: dit zijn geen spellen en nodigen niet uit tot engagement, zijn eigenlijk niet toegestaan en wekken bovendien nogal eens irritatie op.

Levels en achievements

Dit laatste voorbeeld kost wel het meeste werk maar kan, zeker op de lange termijn, wel veel voor je doen. Door bezoekers of klanten bepaalde levels of achievements te laten behalen, worden ze gestimuleerd méér te doen op jouw website. Denk hierbij niet alleen maar aan punten verdienen als je iets koopt, zoals traditionele customer loyalty programma’s doen: denk vooral verder. Laat bezoekers bijvoorbeeld ook punten verzamelen met acties die ze geen geld kosten: het delen van content, het bekijken van een X-aantal artikelen of het schrijven van reviews.

Bij het bedrijf Gongshow verdien je niet alleen punten bij aankopen, maar ook door reviews, het referren van vrienden en het inschrijven voor de nieuwsbrief.

Deze tactiek is ook zeer geschikt voor websites met veel content: heb je bijvoorbeeld een site waar bezoekers producten kunnen vergelijken, dan is informatie van consumenten wellicht voor jou van belang. Door mensen te belonen voor hun bijdrage geef je hun ook een extra reden om te blijven bijdragen.

Je kunt je bezoekers belonen met de hiervoor genoemde korting of punten, maar ook het ‘vrijspelen’ van content (een whitepaper of e-book, film of andere voordelen als een trial van iets wat voor jouw gebruikers relevant is). Wat voor jou werkt, is compleet afhankelijk van het bedrijf, de gebruikers maar ook de soort content.

Beperk je met je achievements niet alleen tot het geven van een beloning. Zorg dat bezoekers ook kunnen laten zien hoeveel punten ze hebben en of ze een speciale status hebben verdiend, door dit te delen op social media bijvoorbeeld. Waak er wel voor dat je achievements niet nutteloos worden: mensen zullen minder snel geneigd zijn om zich in te zetten als ze er niets uit kunnen halen.

Door bezoekers/leden competitief met elkaar te laten strijden creëer je een extra reden om bijvoorbeeld achievements te halen. Wil je er wat extra tijd en moeite in stoppen dan, is het creëren van een leaderboard dus wellicht een leuke keuze

Hopelijk kun je met deze tips aan de slag als je erover denkt om gamification in je content (marketing) toe te passen. Door kleine aspecten in je content marketing aan te passen of anders te presenteren Vragen? Let me know!

*) Dit artikel is ook gepubliceerd op de website van Traffic Builders



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Rijenradar’ laat bezoekers Amsterdamse musea wachttijden zien

Posted 15 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Amsterdam Marketing is samen met de gemeente Amsterdam een proef gestart met het tonen van wachttijden voor populaire attracties in de metropoolregio. De zogeheten Rijenradar is te vinden op de site van IAmsterdam.

De twee partijen willen weten of inzicht in wachttijden kan helpen bij het spreiden van bezoekers over Groot-Amsterdam. Bijkomend voordeel is dat de informatie de ervaring van bezoekers zal verbeteren. Tien musea en attracties houden zelf realtime bij hoe druk het is. Het gaat om het Van Gogh Museum, Anne Frank Huis, Rijksmuseum, Heineken Experience, Scheepvaart Museum, Tropenmuseum, Eye Filmmuseum,Rembrandthuis, Cobra Museum (Amstelveen) en Frans Hals Museum (Haarlem).

Per museum wordt aangegeven hoelang de wachttijd op dit moment bedraagt en of dat meer of minder is dan gebruikelijk. De bezoeker kan direct tickets bestellen en de route opvragen. Er is nog geen feedbackknop, waarmee gebruikers kunnen aangeven of de informatie klopt.

De proef loopt drie maanden. Bij gebleken succes zullen meer attracties worden aangesloten.

rijenradar



Lees het volledige bericht op Emerce »

CEO LaDress: ‘Data is niet leidend’

Posted 15 Apr 2017 — by Emerce
Category nieuws

Simone van Trojen (47) is verkozen tot een van de meest inspirerende tech-vrouwen van ons land. Mede door haar fashionlabel LaDress, dat vrouwen middels ‘het perfecte jurkje’ wil empoweren in hun dagelijkse leven. En niet zonder succes. “Ik doe geen marktonderzoek, maar vertrouw op mijn intuïtie.”

In 2006 begon Van Trojen – die tot dan toe niets met fashion van doen had – met haar eigen label, ladress.com. Destijds bestaande uit een jurkje dat in vier kleuren kon worden besteld. Alleen online. “Uit eigen behoefte. Omdat je als vrouw vandaag de dag zoveel rollen hebt – van zakenvrouw, moeder, partner tot vriendin – en niet dagelijks al te veel tijd kwijt wilt zijn met de vraag wat je die dag aan gaat doen.” De verkoop van de tijdloze en kwalitatief hoogwaardige jurkjes ging zo voorspoedig dat ze na twee jaar al de huiselijke werkomgeving verruilde voor een kantoor op de Amsterdamse Keizersgracht.

Inmiddels is LaDress alweer enkele jaren gevestigd op het bedrijventerrein Schinkel in Amsterdam-Zuid, waar ze met ruim tachtig medewerkers ruim zestigduizend klanten bedient. Afkomstig vanuit de hele wereld, maar met name uit Europa. “Het gros, ongeveer 85 procent, komt daarbij uit Nederland, gevolgd door Duitsland en België. Met in de slipstream landen als het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en de Verenigde Staten.”

Wie een LaDress-jurkje wil bestellen, heeft tegenwoordig de keuze uit wel vierhonderd soorten. In tal van kleuren. Indien gewenst met bijpassende kleding, zoals blouses, broeken, leggings en jassen. Ondanks dat Van Trojen liever geen omzetcijfers prijsgeeft, wil ze wel kwijt dat LaDress vorig jaar ruim honderdduizend jurkjes heeft verkocht (opgeteld goed voor zo’n vijftien miljoen euro, red.). En dan te bedenken dat de omzet sinds de oprichting jaarlijks gemiddeld met “ruim 65 procent” is gegroeid.

Je staat voor het eerst vermeld in de Nederlandse Inspiring Fifty, en bent daarmee een van vrouwelijke rolmodellen in de tech-industrie. Had je dat ooit verwacht?
“Nee, het is een hele eer en erkenning van hetgeen we al ruim tien jaar doen. Waarbij onze jurk mijn metafoor is voor empowerment. Onze ambitie is altijd al geweest om vrouwen zelfvertrouwen te geven, zodat ze hun dromen waar kunnen maken. Ik hoop dat mijn aanwezigheid in de lijst daar tevens een steentje aan bijdraagt. Zelf word ik geïnspireerd door iemand als Brigitte Bardot, maar ook door andere vrouwen die het leven ten volle omarmen. Uit mijn omgeving, maar ook vrouwen uit het bedrijfsleven, van Natalie Massenet, oprichter van luxe designer webshop Net-a-Porter, tot Gillian Tans, CEO van Booking.com. Zo zijn er nog legio voorbeelden.”

Je vertrouwt vanaf het begin heel erg op je gevoel. Zowel wat betreft de collectie als de ontwikkeling van de website. Is dat nog steeds het geval?
“Absoluut. Wel gebruiken we data om te toetsen of onze intuïtie nog klopt. En niet andersom. Ik probeer ook continu te denken vanuit onze doelgroep en klanten. Door bijvoorbeeld met ook niet-klanten van gedachten te wisselen, veel te lezen, elke dag nieuwsgierig te zijn en dergelijke. Soms word ik nog weleens verrast, maar dat is dan juist ook weer leuk.”

De fashionindustrie staat erom bekend dat er veelvuldig van collectie wordt gewisseld. Hoe gaan jullie daarmee om?
“Op diverse manieren. Zo doen we niet aan uitverkoop, brengen twee keer per week nieuwe jurkjes uit en houden we vast aan onze ambachtelijke manier van werken en de premium Italiaanse en Franse stoffen die we gebruiken. Wel doen we af en toe aan sample sales, voor jurkjes en andere items waarvan het tijd wordt dat ze uit het assortiment gaan. Op dit moment hebben we vier designlijnen: LaDress (de jurk waar alles mee begon), Couture (in samenwerking met kennis en couturier Frans Hoogendoorn), Girls (een collectie gericht op jonge meisjes) en Balance (home-, yoga- en sportgerelateerde kleding). Ook hierbij laten we ons niet leiden door de markt, maar door mijn eigen behoefte. Waardoor onze collectie organisch blijft groeien. Dus wie weet wat er nog gaat komen… Momenteel betreft zo’n zeventig procent van onze verkoop de oorspronkelijke LaDress-jurk, in al haar varianten. Dat is onze kern, en dat zal nog wel even zo blijven.”

Waarom niet ook schoeisel en dergelijke?
“Haha, vooralsnog vind ik dat echt een ander métier. Wij zijn goed in jurkjes en de stoffen waar we nu mee werken. Het eventueel partneren met een bestaand schoenenmerk zie ik hierbij ook niet als optie. Onze focus ligt echt op LaDress. We zijn geen platform voor andere merken of fashionlabels. Als we iets doen, willen we het altijd zelf ontwikkelen. Hoe verleidelijk het andere ook is. Uiteindelijk is het wel ons streven dat onze klanten 24 uur per dag LaDress kunnen dragen.”

Elke vrouw heeft een andere pasvorm, hebben jullie daardoor niet relatief veel retouren?
“Die hebben we nauwelijks. Natuurlijk wordt er weleens wat teruggestuurd, maar dat is veelal bij nieuwe klanten die hun maat nog niet weten. Dan wel bestaande klanten die meer bestellen dan ze uiteindelijk willen kopen. We besteden sowieso heel veel aandacht aan de pasvorm, zodat de kleding veel vrouwen afkleedt. Daar nemen we ook de tijd voor en dat doen we tot in detail. Net zolang totdat we tevreden zijn. Dat kan ook omdat we zelf bepalen wanneer een collectie wordt uitgebreid. Zelf pas ik, net als toen we begonnen, nog steeds alles door. En doordat we niet afhankelijk zijn van seizoenen, kunnen we onze toeleveranciers (de producten worden in Roemenië, Portugal en Nederland gemaakt, red.) het hele jaar door werk garanderen. Wat ook weer prettig is voor hun medewerkers.”

Tot 2011 was LaDress een pure player, daarna zijn jullie offline gegaan. Eerst met een pop-upstore. Vervolgens met shop-in-shops in warenhuizen in binnen- en buitenland. Die laatste hebben jullie niet meer. Waarom?
“In Nederland waren we inderdaad te koop bij de Bijenkorf, omdat we onze hele collectie wilden kunnen aanbieden. En we meer invloed wilden hebben op de winkelomgeving – lees: experience – zijn we daarmee gestopt. Mede daarom zijn we ook niet actief op een platform als bol.com of Zalando. In onze huidige winkels, in Amsterdam en de tweede net geopende in Den Haag, kan dat gelukkig wel. En voel je bij binnenkomst direct wie we zijn. In elke brand boutique tref je daarom ook dezelfde collectie aan, die we vanuit één centraal magazijn bevoorraden. Naast dit alles hebben we inderdaad een pop-upstore, genaamd LaDress Boutique, waarmee we door het hele land reizen. Een mooie manier om lokale zichtbaarheid te creëren en mensen met ons in contact te brengen, ook op plekken waar we niet snel een winkel zouden openen.”

Hoeveel fysieke winkels ga je de komende jaren nog openen?
“In Nederland zal dat onder meer in Maastricht zijn (in mei, red.), maar we kijken ook naar Rotterdam. Uiteraard staat het buitenland eveneens op de planning. Met België en Duitsland als eerste landen. En Parijs als dé kers op de taart, ergens in de toekomst. Als we elders lokaal actief worden, zullen we daar overigens ook een reizende pop-upstore introduceren. Na lancering in de ons omringende landen is het de vraag of we noordwaarts gaan of juist naar het zuiden afreizen. Afhankelijk van de reacties en de verkopen aldaar. En de kansen die zich aandienen, want een winkelpand of bepaalde locatie ligt niet altijd voor het oprapen. Overigens komt momenteel meer dan vijftig procent van onze omzet uit online. Dat willen we ook zo houden als we verder groeien. Met onze multichannelpropositie verwachten we dat de verkoop exponentieel zal groeien. Waardoor we eind 2018 zo’n 20 à 25 miljoen euro omzet zullen doen.”

Wat is jullie belangrijkste marketingkanaal?
“Dat is absoluut mond-tot-mondreclame. Daar geloven we ook erg in. Online is Facebook ons belangrijkste kanaal, met ruim 270.000 volgers. Waarbij we heel gericht met onze doelgroep communiceren. De interactie die we er hebben, vinden we heel waardevol. Ook op Twitter en Instagram zijn we actief, maar die zijn minder leading voor ons. Op Pinterest doen we niks meer, daar zat te weinig tractie in. We doen overigens niet aan aparte marketingcampagnes above of below the line. Onze bestaande klanten zijn namelijk by far onze grootste en beste merkambassadeurs. Om hen aan ons te binden, verwennen we ze ook altijd met een cadeautje als ze voor meer dan 250 euro aan LaDress-producten kopen. Voor vaste klanten hebben we daarnaast nog een Gold en Diamond lidmaatschap, elk met bepaalde privileges. Dat wordt zeer gewaardeerd. Een klassiek spaarboekje met gouden stickers die je zelf moet inplakken, is daar onderdeel van. Voor een persoonlijk gevoel in een digitaal tijdperk.”

Naast een online blog over alles rondom jullie merk doen jullie ook aan incentives. Tijdje terug nog ‘the things we love’, waarbij jij een centrale rol speelde. Is dat bewust?
“We bestonden toen tien jaar en hadden bedacht dat het leuk zou zijn dat klanten spullen konden winnen waar ik persoonlijk van houd. Zoals mijn Cartier-horloge, geurstokjes en andere zaken. Hiermee gingen we van storytelling naar storyliving. Iets waar we in de toekomst meer mee willen doen, net als met onze events en speciale avonden die we organiseren. Normaliter blijven we zo veel mogelijk weg van mijn persoonlijkheid, maar rondom ons tienjarig bestaan vond ik het wel gepast. Het idee van storyliving betekent overigens niet dat onze site over een paar jaar allerlei niet-kledinggerelateerde producten zal bevatten. Het is vooral een vorm van marketing.”

Ga je, nu je aan de vooravond van een versnelling staat, achter de schermen alvast online opschalen of zaken anders inrichten?
“Nee hoor, net als voorheen laten we op momenten onze site door een externe partij reviewen. Verder proberen we zaken zo veel mogelijk intern te doen. Van content tot A/B-testen, wat we overigens mondjesmaat doen. Afhankelijk van de tractie die we door onze offline aanwezigheid genereren, zullen we stappen zetten. Omdat we niet een op de massa gericht fashionlabel zijn, kunnen we dat voorlopig managen met wat we online hebben staan.”

Wil je internationaal gaan groeien, dan heb je meestal funding nodig. Hoe zit dat bij jullie?
“Wij financieren alles zelf en hebben dus geen extern groeigeld nodig. Zelf heb ik nog steeds ongeveer negentig procent van de aandelen in handen. De komende drie jaar ligt onze focus overigens geheel op Europa en niet daarbuiten. Dus voor ons nog even geen plannen in de Verenigde Staten of China. We hebben hier nog meer dan genoeg te doen.”

* Dit artikel verscheen eerder in het aprilnummer van Emerce magazine (#157).

Foto: Alek (in opdracht van Emerce)



Lees het volledige bericht op Emerce »