Posts Tagged ‘marketing’

Takeaway.com gaat opgegeten worden, alleen door wie?

Posted 22 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

De food delivery market is in een interessant spel terecht gekomen. Ik heb met interesse de beursgang van het meest recente succesvolle beursgang gevolgd: Takeaway. Een typisch internetplatform waar potentieel veel winst in zit. Dat wil zeggen; het bedient twee partijen tegelijkertijd. En Takeaway is de virtuele middle man die aan elke transactie wat overhoudt. Aan beide kanten. Lees hieronder mijn voorzichtige conclusie dat Takeaway overgenomen gaat worden. Het is alleen nog de vraag op welk moment, en voor welk bedrag…

Takeaway is het mooiste bedrijf dat er bij is gekomen op de Amsterdamse beurs afgelopen jaar. Het bedrijf zit in een belangrijke fase waar de kern gigantisch groeit. Tegelijkertijd wordt het zelf alweer aangevallen door de nieuwe spelers in de markt. Het bedrijf begeeft zich plots in een arena met nieuwe vechters zonder dat het nog dezelfde wapens bezit.

Het heeft nu technologie geacquireerd met ‘Bloomsbury food delivery’ om ook — naast alleen orderafhandeling — ook de logistiek van ‘thuisbezorgd’ te doen. Nu is het de vraag of Takeaway daarin niet al teveel achterstand heeft.

Bedrijf Thuisbezorgd

Het initiële model van Takeaway is eigenlijk die van het pre-internet tijd. De lokale pizzabakker opbellen om pizza’s thuis te laten bezorgen. Dat model is naar online getrokken, en vervolgens naar een mooie app en goede mobiele website. Daar is een platform omheen gebouwd zodat de consument de keuze kreeg van de opties in de buurt om eten te bestellen.

Zorgen dat die pizzeria meer orders binnen krijgt is de hoofdtaak van Thuisbezorgd.nl. En vervolgens zijn daar een heleboel andere ‘afhaal-’ restaurants ook op aangesloten. De Chinees, Indisch en de ‘lokale’ Thai. Zij krijgen via een mooi systeempje in de keuken extra orders binnen, het eigen personeel doet controle op de order -de eerste keer vaak nabellen- en brengt die, via de scooters voor de deur, rond in de nabijheid.

De consument krijgt van Takeaway een platform aangeboden waarop het kan kiezen op basis van de postcode en de restaurants die er op zijn aangesloten. Dit is een potentiële miljardenmarkt waarbij de maatschappelijke trend van gemak perfect bediend wordt.

Grote groei in verschillende landen

Daar is Takeaway verdomd goed in geworden, dat niet alleen. Ze hebben ook de rest van de markt uitgekocht of opgekocht zodat zij in de top van deze markt acteren in de landen waar zij actief zijn. Dat is vooral Nederland, Duitsland, Polen, Oostenrijk en België na flinke verschuivingen van activiteiten met de lokale ‘just-eat’ partijen in Europa.

Het gaat goed met Takeaway. De laatste cijfers hebben dan ook er voor gezorgd dat de beurskoers omhoog spoot. Clean en netjes in een kantje het verhaal: Orders +54% year-on-year. Perfect! De waarde van het bedrijf in enkele weken met 30 procent gestegen.

Tipping point

De markt neemt alleen — nu nog met minuscule omvang — een andere wending in de grote steden. Daar is het niet alleen extra orders binnenkrijgen via een platform. Nieuwe spelers in de markt hebben gezien dat er veel gedoe is rondom het uitserveren van het eten. Nabellen van nieuwe klanten, klachten opvangen bij te lang wachten op het eten. Extra personeel alleen voor het rondbrengen van het eten. Veel extra orders betekent ook veel extra problemen voor de restauranthouders die naast piekbelasting in de keuken ook de piekbelasting in de logistiek moeten managen.

Nieuwe spelers hebben al die logistieke taken ook naar zichzelf toegetrokken. Dan kan het restaurant bij zijn of haar kerntaak blijven: Zo goed mogelijk (lekker) eten (op een snelle manier) de keuken uit krijgen.

Dat betekent ook: geen brommeronderhoud, geen personeelonderhoud en allerlei personeel standby hebben staan. En zelfs als service voor de vergrote vraag zijn er extra keukens geplaatst om te doen waar het bedrijf goed in is: gerechten produceren.

Voor al het andere wordt gezorgd, deels door software, deels door de flexibele laag van standby personeel — die net zoals de Ubertaxi’s goed vraag en aanbod opvangen met betrekking tot piekbelasting. Totale ontzorging van de restauranthouders van deze nieuwe service bedrijven.

Deze nieuwe diensten doen namelijk alles van orders binnen halen tot de hele infrastructuur van zorgen dat het bij de persoon thuis komt die besteld heeft. Het lijkt bijna hetzelfde, het is het totaal niet. En dat kan Takeaway pijn gaan doen. Stad voor stad.

Vergelijk het met de mobieltjesmarkt — Nokia was ooit fier koploper in de markt voor mobieltjes die nog gigantisch zou groeien. Nokia zag de iPhone in 2007 gepresenteerd worden maar stond er bij te kijken. Het open platform en het high-end platform zag het in no-time voorbij steken. Wat als high-end begon, veranderde uiteindelijk de totale markt. Nokia heeft misschien langste tijd wel het grootste marktaandeel gehad, van het ‘dumbphone’ segment. Een langzaam uitstervend soort. En dat het snel kan gaan in een industrie, zo laten de opkomst en de neergang van LG, HTC en Nokia wel zien.

Kleurrijk Amsterdam

In Amsterdam is het rond etenstijd een gekrioel van de verschillende ‘kleuren’ op de fiets, eerst al Foodora en Delivero. Vervolgens ook het krachtige ‘zwarte’ Uber Eats met de miljarden dollars achter de hand (en nog iets veel belangrijkers, later meer daarover). En inderdaad, ook nog steeds de oranje Thuisbezorgdscooters.

Zoals Uber stad voor stad de taximarkt heeft veroverd – al dan niet illegaal – zal dat ook zo gaan met deze deliverydiensten in het Westen. Het probleem alleen is dat er nu vier verschillende diensten zijn in Amsterdam. Dat worden er op lange termijn hoogstens twee met misschien nog een sukkelende derde. Een flinke vechtersmarkt dus waar voorlopig verliezen worden geaccepteerd om uiteindelijk als marktwinnaar de monopolie positie ten gelde te maken.

Tornado

Het alweer 20 jaar oude boek Inside the Tornado van Geoffrey Moore legt perfect uit wat er nu in deze markt gaande is. Alles en dan ook echt alles voor marktaandeel en snelle groei. Dat is een kwestie van lange adem, veel geld of ergens een powerknop vinden in je eigen marketing en sales activiteiten.

Daar komt de power van Uber om de hoek zetten. Zij hebben het meest belangrijke: de creditcardinformatie van huidige Uberklanten — de welgestelde carrièredoelgroep die vaak deze manier van eten verkiest uit gemak en snelheid. Het grote voordeel is dat deze doelgroep de prettige Uberervaring kent. Uber Eats heeft een grote drempel verlaagd door deze doelgroep in de steden al bereikt wordt via de Uber App.

Service level up

Uber gebruikt zijn technologie. Én dus nog betere service voor de consumenten die eten bestellen. Je ziet letterlijk je eten naar je toe gebracht worden via de app. Waarbij je ook al — via je creditcard — in twee klikken je eten hebt betaald zonder uit de app te stappen.

Ik heb het zelf geprobeerd en naast de Uber app ook de Uber Eats app gedownload op mijn mobiel. Binnen een druk op de knop waren al mijn gegevens ingeladen binnen Uber Eats, een minuut later eten besteld via de al automatisch gekoppelde creditcard. Zestien minuten later stond het eten voor mijn deur.

Zestien minuten! Voor een restaurant dat een kleine twee kilometer weg lag, okay, het was een burrito met nacho chips. En het was verre van het beste wat die ik ooit gegeten heb. Maar holy shit: in zestien minuten een volwaardig avondmaal gebracht. Waarbij de koerier nog twee minuten voor de verkeerde deur stond ook.

De grootste concurrent komt dus niet van Just Eat (ook het oude Thuisbezorgd / Takeaway concept) maar van Deliveroo, Delivery Hero (Foodera), Uber Eats en …. drumroll …. zelfs Amazon gaat zich roeren in deze markt. (Hoewel dat voorlopig alleen in de States zal zijn).

Het zijn dus de bedrijven die ook de logistiek meepakken van de order en dus aan beide kanten van het platform de service verhogen, want in ‘eigen’ beheer via rating & review. Het is niet alleen markt afpakken, het is ook nog eens de high-end van de markt afpakken van Takeaway, waar het meeste op wordt verdiend.

Investeren voor de toekomst

Dat is de tegenstand, allemaal bereid om flink te investeren in het netwerk en het bedrijf, om later als winnaar op de lange termijn winsten af te romen.

De acquisitiekosten van nieuwe klanten voor Uber kunnen, inclusief het Uber Eats, hoger zijn juist doordat Uber op deze wijze twee markten bediend. Eenmalig kosten maken voor customer acquisition en vervolgens de klanten op meerdere markten bedienen.

Wereldwijd worden de verliezen geschat op drie miljard dollar in het afgelopen jaar voor Uber. No problem. Tegelijkertijd maakt dat het bedrijf zelf 60 miljard dollar waard. (Als het al niet meer is ondertussen). Juist vanwege de achterliggende netwerkeconomie-gedachte. Dezelfde aanpak zie je terug bij Amazon. Elke node extra op het netwerk zorgt voor extra veel waarde van het totale netwerk.

Daar moet Takeaway tegen concurreren. En dus flink geld uitgeven aan de marketingcampagne. Concurrentie is nooit goed, (voor een bedrijf) heeft Peter Thiel ons geleerd in Zero to One. Peter Thiel is een vreemd figuur, hij heeft het alleen businesswise wel vaak bij het juiste eind.

Netwerkmarkten vervallen altijd in hetzelfde patroon. De winner takes all. Zie Facebook, zie Spotify, of geheel vroeger… het Christendom om even een ander voorbeeld te noemen.

Potje risken?

Ergens lijken deze bedrijven een soort van Risk te spelen. (Nico Inberg van IEX vergelijk het met Monopolie tijdens de IPO). Eenmaal gewonnen landen zijn moeilijk te verslaan en het is belangrijk je niet te veel te verspreiden met je huidige legers (lees: cash). Na het veroveren van de markten is het daarna de koehandel met de overgebleven activiteiten die zijn overgebleven in landen die niet kunnen worden gewonnen. Zie de vele uitwisselingen van activiteiten de afgelopen jaren tussen onder andere Takeaway, Just Eat en Delivery Hero (Rocket internet).

Daarbij kan het strategisch zijn om de aanvalsplannen groots te verkondigen om juist andere spelers te misleiden. Zie alle berichtgeving in de Duitse thuismarkt voor Delivery Hero. Met Liefeheld en Foodera is het daar actief in de thuismarkt — die Takeaway claimt te hebben gewonnen maar waar Takeaway miljoenen euros moet investeren in de marketing campagne.

Endgame

Waar sommige nichemarkten nog uiteindelijk gewonnen worden door de liefde voor het product, is het hier heel simpel. Technologie + economische modellen zijn aan het werk. Het is harde business en ‘winner takes all’ markt.

Er zijn vier Nederlandse platformbedrijven waar ik aan moet denken die Takeaway zijn voorgegaan: Booking, Marktplaats, Hyves en KPN. Alle vier zijn zij totaal anders geëindigd.

Er zijn nu vier verschillende scenario’s voor Takeaway- aan de hand van die Nederlandse voorgangers — in mijn ogen, waarvan de eerste drie het meest waarschijnlijk:

  1. Overname door grote partij: Het Booking.com scenario- Takeaway wordt direct overgenomen en kan onder die paraplu doorgroeien als leading brand. Mooie premie op de beurskoers en iedereen blij.
  2. Overname door grote partij: Het Marktplaats scenario — Een overname waarbij de gewonnen landen gelden als cashcow en het operationeel lekker blijft doordraaien zonder grote investeringen of uitbreidingen. De landen zijn verdeeld en Takeaway is overgebleven als kleine lokale sterke speler en wordt voor een kleine premie overgenomen.
  3. Zelfstandig — Het Hyves Scenario — Op de top van de Nederlandse markt en enkele buitenlandse activiteiten die worden ontplooid, maar de grootste internationale speler walst uiteindelijk na een aantal jaar toch het bedrijf omver. Wachtend op de prins op het witte paard wordt het bedrijf uitgemergeld en uiteindelijk weggevaagd.
  4. Zelfstandig — Het KPN scenario — Takeaway zal zich steeds verder terug moeten trekken en opgesloten zitten in het eigen land. Wachtend tot er een keer een overname komt van een grote buitenlandse partij. Hoge marges blijven draaien op de omzet maar weinig groei op de lange termijn. Door zo erg op enkele landen en activiteiten te focussen overleeft Takeaway zelfstandig. Maar geen lange termijn groei meer door gebondenheid aan de geografische grenzen en de merkportefeuille die niet internationaal is.

Nu is Takeaway 1,3 miljard euro waard. Dit is natuurlijk een prachtprestatie van oprichter Jitse Groen. De waardering op de beurs is alleen wel bijna 20 keer de omzet van 2017. Nu weet ik dat exponentiële groei bijna niet te bevatten is en dus dat het — ondanks de mega waardering — ook nog simpelweg goedkoop kan zijn op de lange termijn.

Alleen de absolute waardering op lange termijn zit mijn inziens nu op slot omdat:

  1. De expansie gelimiteerd is aan de huidige landen. Het is nu eerder slim onderhandelingen over huidige activiteiten, dan oorlog voeren en nieuwe ‘werelden’ veroveren.
  2. Er nieuwe concurrenten bij zijn gekomen die extra service leveren. Takeaway moet hier opboksen tegen wereldwijde spelers en loopt simpelweg achter op dit gebied. Ze kopiëren deze ‘logistieke’ spelers nu wel in de steden maar ik vrees dat zij te laat zijn.

In 2016 zal de omzet hebben gelegen op circa 75 miljoen waarbij men zwaar moest investeren in de Duitse tak. En met de 49 miljoen orders is het internationaal gezien nog een kleintje vergeleken met de andere Europese spelers Just-Eat (2016 net onder de 100 miljoen orders) en Delivery Hero die recent ook Foodpanda binnen heeft gehengeld (en nu gezamenlijk 20 miljoen orders per maand verwerkt)

Gaat deze markt vervallen in echt pure wereldwijde monopolie? Zoals Facebook dat is, of in een markt waar landsgrenzen nog belangrijk zijn zoals bijvoorbeeld bij telco’s / kabelaars zoals kpn/ Vodafone? Moeilijk te zeggen. Verdere overnames in deze markt lijken in ieder geval onvermijdelijk.

De vraag is wat dan de huidige lokale marktdominantie waard is? In een groeimarkt, maar waar wel direct alweer aan de stoelpoten wordt gezaagd door de nieuwe spelers met een completer servicepakket.

Welke kant het op gaat? Ik heb een idee, zie het Nokia verhaal. Het zal in ieder geval zorgen voor grote uitschieters van de beurskoers.

P.S. Ik schrijf deze stukken puur uit interesse voor nieuwe technologie en trends. Schrijven helpt mij om de eigen gedachten te ordenen en vooral later terug te lezen hoe fout ik het had. Op moment van schrijven geen positie in bovengenoemde bedrijven.



Lees het volledige bericht op Emerce »

RIDE wint pitch Harley-Davidson Benelux

Posted 22 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Contentbureau RIDE heeft een pitch gewonnen om de socialcampagnes voor Harley-Davidson te verzorgen en in de Benelux leads te genereren.

Zo gaat de motorbouwer socialmedia ook inzetten als kanaal om daadwerkelijk transacties te genereren. Daarnaast wil het bedrijf werken aan zijn imago onder jongere rijders.

Digital Marketing Specialist van Harley-Davidson, Nienke Wynia, onderbouwt haar keuze: “RIDE kwam in de pitch niet alleen als creatiefste bureau uit de bus, ook bestaat het team uit een aantal fervente motorrijders. Het is voor ons een grote pree als onze partners het vrije gevoel van motorrijden echt kennen.”

Haar werkgever heeft te kampen met een koperspubliek dat vergrijst. Dat is met name op de Amerikaanse thuismarkt te merken. Het jaar 2016 werd afgesloten met een kleine min in de omzet en een kleine plus van het aantal rijders in de VS.

Harleys doelstelling voor het komende decennium is ‘een nieuwe generatie rijders van Harleys-Davidsons wereldwijd opbouwen’. Sociale media zijn bijna onontbeerlijk om het nieuwe publiek te bereiken.

Foto: Jun Seita (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Dit zijn de wapenfeiten van Heineken's Bram Westenbrink

Posted 21 Feb 2017 — by Adformatie
Category nieuws

De directeur marketing zat nog geen vier jaar op zijn positie, maar drukte wel zijn stempel op de business.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Waarom Stories in WhatsApp een briljante zet is

Posted 21 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

De introductie van Stories in WhatsApp is heeft alles in zich om een geweldig succes te worden. Het vult een gat in wat Facebook zelf heeft achtergelaten. Foto’s en video’s van je dag delen met je vrienden, die 24 uur lang de tijd hebben om ze te bekijken. Waar hebben we het eerder gezien? Laten we het beestje bij zijn naam noemen: de introductie van Stories in WhatsApp is de zoveelste poging van Facebook om Snapchat te verslaan in haar eigen spel.

Facebook probeerde dat al op talloze manieren, tot ronduit zielig aan toe. Voor en nadat Snapchat Facebooks miljardenbod van tafel schoof in 2014, was het sociale netwerk van Mark Zuckerberg al bezig om het succes van Snapchat te imiteren. Er was de app Facebook Poke, waarmee je ontvangen foto’s maar één keer kon bekijken. Gefaald. Er kwam de app Slingshot, waarbij je een ontvangen foto pas mocht bekijken als je er eerst een terugstuurde: ook een flop.

Schaamteloos, maar succesvol

In augustus vorig jaar kwam Facebooks andere adoptiekind, Instagram, al met een Stories-functie. Één op één overgenomen uit Snapchat. Met foto’s en video’s geef je volgers 24 uur lang een kijkje in je leven. Foto’s en video’s, natuurlijk ondergekliederd met krabbels, stickers en teksten – want zo doet die andere app uit Silicon Valley het ook.

Hoe schaamteloos de kopie ook: Instagram Stories sloeg en slaat aan. Anderhalve maand geleden maakte Instagram bekend dat het zo’n 150 miljoen dagelijkse Stories-gebruikers heeft – dat is meer dan het totale aantal gebruikers van Snapchat. Toch is het nog niet de jackpot: Instagram heeft in totaal 400 miljoen dagelijkse gebruikers. Meer dan de helft ziet Stories (nog) niet staan dus.

Instagram Stories: rare spagaat

Dat is helemaal niet zo vreemd ook. De Stories-functionaliteit bezorgt Instagram in de basis namelijk een rare spagaat. Instagram was en is een app die je opent om je mooie kiekjes te delen, of die van anderen te bekijken. Het is een app voor het delen van highlights – een selectie beelden waar je trots op of blij mee bent, die je echt de wereld niet wil onthouden.

Een nieuwe functie die erop is gericht om je meest alledaagse tussendoorse tafereeltjes te delen, is eigenlijk een far stretch van die insteek. Ik zie nog steeds professionele fotografen die hun leven fotofilterperfect vastleggen, en dat niet kunnen rijmen met de rauwe werkelijkheid die Stories blootlegt. Het grote merendeel van mijn vrienden deelt nog steeds liever het uitzicht van de piste dan vijf seconden skiën er vanaf.

Maar nu is er Stories in WhatsApp. Een plek waar het wel hoort.

Het heeft een enorme kans op succes. Niet zozeer omdat de alom geprezen Chinese chatapp WeChat groot is geworden door precies de combinatie chatten en statusupdates, maar omdat Stories in het verlengde ligt van hoe je WhatsApp al gebruikt.

Een andere uitlaatklep

Alle commerciële mogelijkheden van de app ten spijt; WhatsApp is een app die je start om op de hoogte te blijven van je vrienden. Je partner, je vrienden, je familie, teamgenoten en je collega’s. Je opent voortdurend hun ontvangen berichtjes, je leest steeds weer bij in groepen. Je deelt met chatberichten al jaren ‘persoonlijke statusupdates’ in individuele gesprekken of groepen.

Nu geeft WhatsApp de optie om dat in één keer naar al die connecties (of mét uitsluitingen van specifieke vrienden) te doen, in plaats van in chats. Je voetbalteam, je oudelui, je buren mogen best weten dat je bankhangt en voetbal kijkt. Pannenkoeken eet met de kids. Nog steeds blij bent met het uitzicht vanaf de Zuidas.

Het zijn die kleine deelmomenten waar WhatsApp op inspringt. Te alledaags en te ‘lelijk’ om te delen op Instagram, te klein en te tijdelijk om te delen op Facebook. Op Facebook en Instagram deel je de feestelijke foto als het zwemdiploma is gehaald. Hier deel je die twee voor jou uitputtende zwemlessen in de week zelf. ‘Weer hier. Gaan we weer’. Het is een andere uitlaatklep.

Een extra openingszin

Stories in WhatsApp is het kanaal dat Facebook zelf ooit was, voordat het een marketinghemel werd. Voordat Facebook een mediastorm werd van virale video’s en schreeuwerig fakenews. De persoonlijke, de alledaagse aard is Facebook kwijtgeraakt. Op Facebook gebeurt het niet, op Instagram ziet nog niet de helft van de gebruikers het staan – alleen op Snapchat deelt zo’n groot deel van de gebruikers dagelijkse tussendoorse beslommeringen.

Facebook heeft maar één app in Nederland en Europa waarin personen al in zo’n persoonlijke sfeer zitten, waarin alledag wordt besproken, waarin zo veel ge-heen-en-weer plaatsvindt. ‘ Stories voegt er gewoon een extra openingszin aan toe. Een aanleiding voor nog meer chitchat. WhatsApp wás dit al. Het valt nog steeds onder het gouden app-mantra ‘doe één ding en doe dat ene ding goed’. Het heeft alles in zich om een groot succes te worden.

P.S.: wist je dit?

Nog even dit dan. In de eerste versie van WhatsApp kon je alleen maar statusupdates delen met je contacten. De naam is dan ook een woordgrap van ‘What’s Up?’.  De app sloeg niet aan. Toen Apple in 2009 met pushberichten kwam, kreeg WhatsApp een chatfunctie. De rest is geschiedenis…

De statusupdate-functie werd de afgelopen acht jaar niet aangepast, tot nu dus. Je zou stiekem kunnen stellen dat WhatsApp met de update een hommage doet aan zijn eigen roots – al is dat ongetwijfeld niet de insteek geweest. Dat is simpelweg Snapchat verslaan in haar eigen spel, want nu dus wel eens zou kunnen lukken.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Klantbeleving wordt belangrijker dan prijs en product

Posted 21 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Forbes verwacht dat in 2020 de klantbeleving de belangrijkste reden is waarom de consument voor een bepaald bedrijf of merk kiest. Hoe de klant de dienstverlening ervaart wordt dus belangrijker dan het product en de prijs daarvan. Dit heeft grote gevolgen voor de marketingstrategie.

Het minder goede nieuws: CMO Council deed onderzoek onder marketingprofessionals wereldwijd en slechts 16 procent vindt dat hun bedrijf een klantbeleving biedt die in overeenstemming is met de merkbelofte. Twee derde slaagt hier soms wel en soms niet in en 14 procent lukt het nooit. Om maximale waarde uit de klant te halen en een lange-termijnrelatie op te bouwen zal marketing een manier moeten vinden om een geïntegreerde, samenhangende beleving te bieden die klanten aanspreekt.

Eruit halen wat erin zit

Kennis van de klant is hierbij belangrijker dan ooit. Die heeft namelijk hooggespannen verwachtingen die je alleen waar kunt maken als je zijn gedrag begrijpt en daarop direct kunt inspelen. De marketingdirecteur van Marston’s, een Engelse bierbrouwer die ook pubs uitbaat, verwoordt het treffend: “Je kunt geen vrienden worden met iemand die je niet echt kent.”

Gebrek aan kennis van en begrip voor de klant heeft gevolgen voor de bottomline. Slechts 3 procent van de marketeers uit het CMO-onderzoek zegt dat zij de maximale omzet uit hun klanten halen. Bijna de helft (47 procent) doet dit niet, 44 procent werkt eraan en 6 procent weet domweg niet hoe ze op dit gebied presteren.

Het goede nieuws: de eerste voorzichtige stap in de juiste richting is door 49 procent van de ondervraagde marketeers al gemaakt: zij werken nauwer samen met sales-, service- en support-afdelingen om de klantbeleving consistent te maken. Silo’s afbreken is heel belangrijk om inzicht te verkrijgen in wat klanten beweegt. Zo blijft cruciale informatie niet hangen bij een bepaalde afdeling of tool en verkrijg je een volledig beeld van de klant.

Data genoeg, nu nog inzichten

Op zich hebben de marketingprofessionals toegang tot heel veel klantdata. De uitdaging is om deze te aggregeren tot een volledig beeld van de klant. Zonder dat ‘360 graden’ inzicht kun je immers geen personalisatie toepassen. Slechts 3 procent zegt dat al hun databronnen volledig zijn geïntegreerd. Zeventien procent heeft de data deels gecombineerd. Bijna de helft (48 procent) verzamelt en analyseert de informatie los van elkaar. Tien procent zegt dat de datastromen te complex zijn om te consolideren. Meer dan een vijfde doet niets aan consolidatie en analyse van klantgegevens.

Eenendertig procent biedt een betere klantbeleving, omdat ze data gebruiken om relevanter te worden voor de klant. Dit gebeurt echter vrijwel altijd op basis van historische data. De volgende zet is om analytics niet achteraf, maar real-time te gebruiken, in de context van de klantreis. Bij elke interactie kun je de uit data verkregen inzichten gebruiken om een natuurlijk, relevant gesprek met de klant te voeren. De klant voelt zich begrepen en gewaardeerd als individu. Zo creëer je betrokkenheid bij het bedrijf of merk.

Marketingsucces

Waar kun je het beste mee beginnen als je echt een klantgericht bedrijf wilt worden? Vier tips op weg naar marketingsucces:

Het is de reis van de klant, niet die van jou
De klant wil de vrijheid om zijn eigen pad te volgen in plaats van een van tevoren gedefinieerd proces te moeten doorlopen. Dit noemen we de customer-managed journey. Het trechtermodel werkt niet meer, omdat de klant via heel veel verschillende kanalen met het bedrijf in contact kan treden. Klanten verwachten nu relevante content die voldoet aan hun individuele behoeften en voorkeuren.

Actiegericht en actueel inzicht versus op campagnes gebaseerde inzichten

Een campagne opzetten en achteraf meten wat het effect is, heeft niet zoveel zin. Benut de beschikbare gegevens om nieuwe, actuele inzichten in het gedrag van de klant te verkrijgen. Als je begrijpt waarom klanten tijdens bepaalde contactmomenten dreigen af te haken, kun je dat voorkomen.

Richt je niet alleen op de bekende gebruikers

Iemand die anoniem je website bezoekt, staat aan het begin van de klantreis. Die mensen kun je negeren, maar dan is de kans klein dat ze daadwerkelijk klant zullen worden. In plaats daarvan kun je tijdens die eerste interactie luisteren, leren en je aanpassen aan de behoeften van de anonieme gebruiker. Ook met mensen die je nog niet kent kun je een relevant gesprek voeren. Iemand die een meubelsite bezoekt om een bepaalde stoel te bekijken, kun je bij het volgende bezoek bijvoorbeeld gratis verzending aanbieden van die stoel. 

Omni-channel personalisatie

Het is niet genoeg om aanwezig te zijn op nieuwe platformen. Een klant die eerst een bericht op je Facebookpagina plaatst en vervolgens een mailtje stuurt naar sales, ziet dat niet als aparte interacties. Het bedrijf moet met één stem spreken in alle online en offline kanalen. De klant vertelt één keer zijn verhaal. Vervolgacties kunnen door alle medewerkers, in alle kanalen, systemen en platformen, worden ondernomen zonder dat het gesprek hapert. Zo werkt menselijke interactie en dat is wat de klant verwacht: behandeld worden als een individu. Personalisatie draait niet om een naam in de aanhef van een e-mail. Het gaat erom dat je weet wie de klant is, zijn gewoonten en voorkeuren – wat, hoe en wanneer hij iets wil.

Meten is weten is winnen

De klant verandert en marketing dus ook. Door on- en offline systemen op elkaar af te stemmen, eilanddenken in het bedrijf tegen te gaan en data te gebruiken om inzicht te verkrijgen in de actuele klantreis kun je direct anticiperen op de behoeften van de klant. Die is koning, maar dient ook een doel: omzet genereren. Investeren in de relatie betekent dat je de maximale omzetpotentie van je klanten benut. De weg naar succes begint bij kennis van de (potentiële) klant.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Joost Hagesteijn bevestigd als lokale Snapchat-baas

Posted 21 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Joost Hagesteijn bevestigt zelf het gerucht als zou hij de lokale activiteiten van Snapchat gaan optuigen.

Dat doet hij met een melding op zijn LinkedIn-pagina. Daarin geeft hij aan een nieuwe functie te bekleden, die van ‘Leader bij Snapchat Benelux & Nordics’.

Of het camerabedrijf al over een lokale filiaal beschikt, is nog niet bekend. Hagesteijn was kort voor publicatie niet bereikbaar voor commentaar.

Het Nederlandse kantoor, dat zich op verkoop, marketing en support zou richten, is het derde van Snapchat. In Londen en Parijs heeft het al lokale filialen.

Een van de belangrijkste taken voor Snapchat wordt het overtuigen van de lokale adverteedersmarkt van het effect van campagnes in de foto-app. Vooralsnog zijn er geen systemen om de effecten van commerciële uitingen te meten. MeMo2 speelt daar op in door zijn panel uit te vragen. Diens cijfers laten zien dat zeventig procent van de jongeren tussen de 12 en 24 jaar de app gebruikt.

Naast zijn functie bij Snapchat is Hagesteijn volgens zijn LinkedIn-profiel ook nog steeds werkzaam als managing director van AOL in Amsterdam. Bij zijn bedrijf Eleqt, een social netwerk voor welgestelden, heeft hij geen actieve rol meer. Daar is hij enkel aandeelhouder. De functie van CEO daar is in handen van compagnon Ruud Smeets.

Foto: Kevin Dooley (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Heineken Nederland benoemt David Lette als directeur marketing

Posted 21 Feb 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Lette volgt Bram Westenbrink op, die zijn carrière voortzet als directeur marketing Heineken Brazilië.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Wat houdt B2B-bedrijven over vijf jaar bezig?

Posted 21 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Wat houdt B2B-bedrijven die digitaliseren op dit moment bezig en waarin denken zij over vijf jaar te moeten investeren? Het Adobe B2B Digital Trends-rapport geeft het antwoord.

Verreweg de meeste aandacht ging in 2016 uit naar de optimalisatie van online content, zo blijkt uit het onderzoek. Die inspanning hangt nauw samen met de twee andere focuspunten: targeting en marketing automation.

En hoewel optimalisatie ongetwijfeld belangrijk zal blijven, boet het wat in aan urgentie zo is de verwachting. Net zoals dit voor B2C-marketeers twee jaar geleden bovenaan de agenda stond en nu ‘gewoon’ is geworden, zo krijgen marketeers op de zakelijke markt dit ook onder de knie. De automatisering van e-mail en andere marketing is binnen afzienbare tijd afgerond, waarna de optimalisatie plaatsmaakt voor personalisatie.

Kansen over vijf jaar tijd

Op de langere termijn voorzien B2B-marketeers weinig ingrijpende koerswijzigingen, blijkt uit Adobes data. Vergelijkt men de marketing van afgelopen jaar met die over vijf jaar tijd dan zal deze vooral datagedreven zijn. Marketeers hopen met name het analyseren van data in de vingers te krijgen zodat zij in veel sterkere mate één-op-één kunnen communiceren. Daarnaast draait het om het optimaliseren van de digitale klantervaring. Een kleine groep heeft daarnaast hoge verwachtingen van het Internet of Things.

De juiste inzet van data is natuurlijk belangrijk voor een zo optimaal mogelijke klantervaring. Maar zonder bredere strategie heeft die investering hoe dan ook geen al te groot effect. Het belangrijkste ingrediënt dat dan ook in huis moet zijn is een samenhangend plan, visie voor de langere termijn en ondersteuning vanuit de top van de organisatie. Exact de helft van de ondervraagden bestempelt dit als belangrijkste factor. Het design – goed ontworpen customer journey’s zonder frictie – noemen de marketeers ook, gevolgd door de data en juiste cultuur waarin multidisciplinair samenwerken centraal staat.

‘Geen e-commerce?’

Gevraagd naar zijn lezing van dit rapport zegt Ferry Meijndert, CEO van B2B-agency Evident, het vooral opvallend te vinden niets te horen over e-commerce. Waarom staat dit niet op de agenda van de onderzochte groep marketeers? “Dat is op zijn minst opvallend, zo niet schokkend.” Meijndert ziet het vooral als signaal dat de meeste organisaties nog altijd in silo’s werken. “E-commerce wordt gezien als iets van IT, e-business of sales. Een gemiste kans. We zien namelijk dat dit de komende jaren een enorme vlucht neemt. Het is in elk geval cruciaal dat er een brede visie is op digital die afdelingoverstijgend is.”

Dat marketeers zo druk bezig zijn met de customer experience en dit ook als mooiste kans zien voor de komende vijf jaar stemt hoopvol. “Er liggen ook een hoop kansen op dat gebied, zeker in B2B.” De verklaring is natuurlijk dat er ook gewoon nog heel veel te verbeteren valt. Maar, zegt Mijndert, de inzet van digitale middelen maakt het ook makkelijker een uniforme en bovengemiddelde ervaring te bieden. “Maak het klanten in ieder geval zo eenvoudig mogelijk om zaken met je te doen. Dan investeer je in een customer experience die ook resultaat oplevert.”

Opvallend is volgens hem wel dat er nog zoveel bedrijven moeite hebben overtuigende content te maken. Dit valt deels te verklaren door een gebrek aan kennis en vaardigheden in B2B. “Dit is en blijft een zeer belangrijk ingrediënt, maar bedrijven worstelen ermee. Veel bedrijven hebben domweg onvoldoende kennis en expertise in huis om online tot een succes te maken, valt me op.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Google mengt zich in influencer marketing: megaplatform in de maak?

Posted 20 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Google houdt zich sinds kort bezig met influencer marketing. Het bedrijf koppelt populaire YouTubers aan merken. Op naar het grote Google influencersplatform?

Nu bedrijven inluencers omarmen gaat ook Google zich bemoeien met deze relatief nieuwe vorm van marketing. Het bedrijf heeft afgelopen jaar een nieuw initiatief opgericht, YouTube Labs, dat populaire videomakers heeft gekoppeld aan enkele merken van L’Oreal. Dat deed het door samen te werken met multi-channel network (MCN) en YouTubekanaal AwesomenessTV.

Product in ontwikkeling?

De Amerikaanse tak van L’Oreal werkte tot nu toe als enige samen met YouTube Labs. Google noemt het dan ook een service met een alpha-status. En hoewel dit dus betekent dat YouTube Labs nog een verre van definitief product is, worden komend jaar meer merken geholpen bij het vinden van influencers. In Europa gaan onder meer BMW en Johnson & Johnson ermee aan de slag.

Voor L’Oreal heeft een hele serie aan video’s opgeleverd die goed zijn bekeken. AdAge meldt dat er met name is gewerkt met minder bekende namen uit de beautywereld. De bekendste namen weet het cosmeticabedrijf natuurlijk zelf wel te vinden. Er zijn juist contacten gelegd met andere influencers, bijvoorbeeld een populaire reisvlogger.

Welke rol Google exact voor ogen heeft is nog niet duidelijk. Afgelopen najaar nam het ook al Famebit over, een marktplaats die videomakers met marketeers in contact brengt. Dat resulteert dan vaak in content voor kanalen die niet van de bedrijven zelf zijn. Na de overname werd eveneens gesteld dat dit als een kleine aanval gezien moest worden op MCN’s.

‘Logische stap: steeds lastiger aandacht te krijgen’

Dorit Roest kijkt er niet van op. Zo is ze oprichter van The Influencer Movement (TIM), een marktplaats zoals Famebit. “Ik zou me haast beledigd voelen als Google niet een stap had gezet richting influencer marketing. Het is vooral een compliment als zo’n grootmacht zich op jouw markt begeeft en interesse heeft in een concurrent. Toen we begonnen was er nog niet eens een naam voor, nu wordt het door Google gezien.”

Hoe logisch is het dat Google zich op dit terrein begeeft? Behoorlijk, laat Roest weten. “Mede door de opkomst van adblockers, algoritmes op sociale media en reclamevrije initiatieven als Netflix wordt het steeds lastiger om iemands aandacht op een traditionele manier te krijgen. Bloggers, vloggers en mensen op sociale media hoeven die gewilde aandacht van de consument niet op te eisen, maar verdienen die gewoon dagelijks.” Zij kunnen de boodschap van een bedrijf volgens Roest op een authentieke wijze vertalen. “Natuurlijk wil Google dit stimuleren. Hoe minder storende en irrelevante advertenties, hoe beter.” Ze noemt haar eigen kijk idealistisch: ze gaat uit van het scenario dat Google gaat voor de gebruikerservaring en de kwaliteit van content.

Opvallend is wel dat één van de betrokken influencer netwerken laat weten de helpende hand van YouTube Labs in ieder geval niet als bedreiging te zien. Hoe de commerciële afspraken eruit hebben gezien – en in de toekomst uitzien – is niet bekendgemaakt. Google zegt niets te hebben gerekend voor de ‘match’. Google verdient natuurlijk wel aan de advertenties die het bedrijf rondom de video’s plaatst. Ook zouden de bedrijven de video’s ook op andere platformen – Facebook bijvoorbeeld – mogen gebruiken.

“Natuurlijk kan het ook anders lopen”, zegt Roest. “Een scenario waarin Google het geld achterna gaat. Wat ik helaas vaak zie is dat influencers en merken dan om verkeerde redenen aan elkaar worden gekoppeld. Niet omdat de influencer oprecht enthousiast is over het merk of omdat iemand een relevante doelgroep heeft, maar omdat er exclusiviteitscontracten zijn gesloten of veel geld mee gemoeid is.”

In een commentaar op het recent nieuws is in ieder geval één scenario uitgedacht: Google en YouTube kunnen het algoritme zo aanpassen dat de video’s uit het eigen lab goed worden gepositioneerd. ‘Natuurlijk zal YouTube er een label ‘gesponsord’ opplakken, maar dat valt op den duur niemand meer op’, wordt er opgemerkt.

‘Er is meer dan bereik’

“Wat ik niet wil”, vervolgt Roest haar verhaal, is dat we deze sympathieke vorm van marketing laten afglijden naar een vorm van van adverteren die niemand meer gelooft. Omdat het simpelweg ook niet echt is. Hopelijk komt er naast de aandacht voor iemands bereik vooral aandacht voor wat wij de REAL-factoren noemen: Relevance, Engagement, Authenticity, Likeability.”

Of Google zich op deze marketingvorm stort en hét dominante platform wordt of dat er juist ruimte is voor allerlei kleine nichespelers weet nog niemand. “Maar de wildgroei aan bemiddelaars gaat op termijn normaliseren”, denkt Roest. In bepaalde disciplines, food en fashion bijvoorbeeld, ziet ze al een aantal grotere spelers. “Wat je ziet is dat de ‘winnaars’ zich niet alleen richten op het matchen, maar ook services en advies bieden over bijvoorbeeld campagnes.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

VentureBuilders koopt Fashiolista

Posted 20 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Start-up Studio VentureBuilders uit Amsterdam koopt een van de grootste internationale sociale netwerken die Nederland kende: Fashiolista.

Op het hoogtepunt in 2015 had Fashiolista twee miljoen actieve leden en stond het internationaal in de kijkers. Het was, en is nog steeds, een social netwerk waar de leden foto’s over mode en accessoires met elkaar delen. In dat jaar besloot de leiding echter niet meer in het platform te investeren en het netwerk verzandde.

Vandaag maakt VentureBuilders bekend dat het het sociale netwerk heeft gekocht. Financiële details worden niet bekendgemaakt. Een van de verkopers is oprichter Joost Nauta, die wel doorging met de bureaukant en Fashiolista Agency uiteindelijk voortzette als influencer marketing agency.

Dat juist deze partij de overname doet, is niet helemaal verrassend. Een van de oprichters van Fashiolista, Thijs Goos, is ook betrokken bij start-up studio.

De fashioncommunity staat nu onder leiding van Martine de Ridder, tot voor kort werkzaam bij Business Models Inc.

De Ridder tegen Emerce: “Fashiolista was een begrip in de internationale modewereld. VentureBuilders hebben alles gekocht: het IP, de technologie, het merk en de gebruikersdatabase. Met dit platform maken we fashion social. Die plek wordt niet door een andere partij ingevuld. Instagram wel, maar dat is geen modespecialist.”

De site heeft nooit echt stil gelegen, maar was bij gebrek aan aandacht onder een laag stof terecht gekomen. “De gebruikers bleven wel content creëren”, al liggen de gebruikersaantallen niet meer in de miljoenen maar in de tienduizenden.

Op dit moment formuleren De Ridder en team VentureBuilders de strategie voor de komende periode. De sterke SEO-positie en het grote gebruikersbestand vormen het startpunt van de reanimatie.

Foto: Mikael Colville-Andersen (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Kortingscodes: lust of last?

Posted 18 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Zeven op de tien Nederlanders maakt gebruik van kortingscodes bij het webwinkelen. Gouden business voor publishers en affiliates, maar nadelig voor de marge van menige webshop. Ook zorgen fake-kortingssites voor overlast. Rijst de vraag: wat is de toegevoegde waarde van de voucherbusiness?

‘The Great Voucher Code Swindle’, zo heette een prikkelende column die afgelopen zomer op de internationale vakblog PerformanceIn.com verscheen. Daarin betoogde Matt Bailey (FusePump) dat kortingscodesites niks bijdragen aan klantloyaliteit en maakte hij de ruwe schatting dat zeker negentig procent van alle vouchercodetraffic afkomstig is van de zoekopdracht ‘merk + korting’. Met als frustrerende uitkomst dat consumenten meestal stuiten op iets anders dan kortingscodes, aangezien het vaak standaardaanbiedingen betreft.

Zijn kritiek leidde ook in Nederland tot een debat. “Webshops zijn bang om sales mis te lopen, dus doen ze er massaal aan mee”, stelt Harm Linssen van Relevant Online, die er op Emerce.nl al eens een scherpe blog over schreef. “De aanname is dat het veel extra bezoekers oplevert die je anders niet zou hebben. Ik ben er echter van overtuigd dat slechts een klein deel van de vouchercodewebsites écht waarde toevoegt.”

Basket-freeze
Het probleem wordt ook herkend door het Utrechtse bureau Conversive, dat webshops actief waarschuwt voor het onnodig weggeven van marge aan last-click cookies. “Veel partijen zijn niet gediend van kortingscodespelers die alleen aan het einde van de funnel zitten”, vertelt campaign manager Ishtvan Torpoi. “Om zo’n inpikmoment te voorkomen, doen webwinkels er goed aan om een ‘basket-freeze’ te installeren, die aan het einde de cookies voor pakweg dertig minuten bevriest. Dan gaat de marge gewoon naar de affiliate die de klant naar de webshop heeft verwezen.”

Een andere oplossing is om als webshop te werken met exclusieve kortingscodes per publisher. “Het is een ongeschreven regel dat affiliates niet met elkaars unieke codes werken”, zegt Torpoi. “Natuurlijk heb je zogenaamde ‘scrapers’, zoals MrKortingscode.nl, maar die verwijzen vaak naar reguliere aanbiedingen. Adverteerders kunnen hen daarop aanspreken, al doen ze dat vaak niet, omdat elke vermelding toch weer extra exposure en klanten oplevert.”

“Er bestaat in deze business geen toegevoegde waarde van nul”, zegt Jochem Vroom, managing director van de grote speler Imbull, die onder meer de couponportals Kortingcode.nl en Actiecode.nl bestiert. “De grote webshops hebben dit steeds beter onder controle. Net als elk ander kanaal heeft ook het voucherkanaal added value, al moet je het wel optimaliseren. De commissievergoedingen voor affiliates hebben de laatste zes tot acht jaar wel onder druk gestaan en zijn wat gedaald. Maar uiteindelijk is iedereen er beter van geworden, zowel bureaus als marketeers. De markt is echt veranderd. Affiliate marketing is niet een van de duurste kanalen, maar de volumes zijn enorm. Zo hebben wij rond de kerst met kortingscodes voor een adverteerder een saleswaarde van twee ton gerealiseerd in slechts één dag tijd.”

De discussie over het ‘inpikken’ van cookies vindt Vroom dan ook een achterhoedegevecht. “Consumenten die via Google een kortingscode zoeken, ervaren blijdschap bij het afronden van hun aankoop. Waarom zou je daar vervolgens tegen willen vechten? Wees daar niet bang voor. Zorg gewoon dat je de boel optimaliseert en je prettig voelt bij het afrekenmodel. Daarnaast gebruikt de bezoeker minder touchpoints dan vaak wordt aangenomen. Hij gaat echt niet langs vier of vijf publishers voor korting. Vaak weet hij vooraf al wat hij wil. Geloof me: er wordt nog vaak genoeg voor een first cookie betaald.”

Verzonnen
Een simpele search leert dat er online volop kortingscodes worden aangeboden voor webwinkels die daar zelf helemaal niet aan meedoen. Zo communiceert Wehkamp expliciet via AdWords dat het ‘geen codes’ heeft, maar dat klanten altijd welkom zijn voor ‘leuke aanbiedingen in de sale’. Daaronder volgt een hele trits websites die wél kortingscodes voor het bedrijf zeggen aan te bieden. Doorklikken maakt direct duidelijk dat het vaak gaat om reguliere aanbiedingen of zoiets generieks als gratis verzendkosten.

‘Altijd korting!’ schreeuwt zelfs een van de vele affiliates over Wehkamp. De realiteit is echter anders: sinds eind 2013 is het Zwolse bedrijf al gestopt met het toelaten van externe kortingscodesites tot zijn affiliate netwerk. De online retailer ergerde zich eraan dat vaak niet-bestaande codes of acties werden gepromoot en dat posities in zoekmachines daardoor ‘op dubieuze manieren werden verkregen’. Deze aankondiging ging gepaard met het dreigement dat Wehkamp misbruik streng in de gaten ging houden.

Volgens Vroom (Imbull) is Wehkamp echter een uitzondering. Maar zijn ze natuurlijk wel op een andere wijze actief, via sites die deals aanbieden. Er zijn veel verschillende manieren om een kortingscodestrategie in te zetten. Een speler die voucher-affiliates inzet als onderdeel van een bredere strategie, is bol.com. Vroom: “Heel slim bieden zij gerichte kortingen op markten waar ze nieuwe toetreder zijn. Als bijvoorbeeld een Amazon vol gaat doorpakken in Nederland, zijn scherpe kortingen voor hen ook het eerste middel dat ze inzetten.” Scrapen kan altijd, zegt Torpoi over een voorbeeld als Wehkamp. “Er is pas sprake van inbreuk als adverteerders er bezwaar tegen maken. Omwille van de extra exposure doet men dat vaak niet. Dat is gewoon de manier van werken. In Nederland houden we nu eenmaal van korting en gratis.”

Linssen heeft flinke bedenkingen bij de werkwijze van veel kortingscodesites. “Kannibalisatie ligt op de loer, maar daar kunnen webwinkels veel tegen doen. Zo kunnen ze aangesloten affiliates verbieden dat hun merknaam indexeerbaar door Google gebruikt wordt. Daarnaast geven click-to-conversionrapportages inzicht in de transactietijd, waaruit kan worden opgemaakt of een kortingscode op het laatste moment elders is gehaald. Als je tienduizenden euro’s uitgeeft aan affiliate marketing, ben je gek als je geen geld uit wilt geven aan zo’n test.”

Cowboys
Een specifiek probleem zijn de fake-kortingssites. Zowel Thuiswinkel.org als de Consumentenbond hebben hiervoor in november gewaarschuwd. In korte tijd ontving de laatstgenoemde maar liefst meer dan tweeduizend klachten. Gedupeerden klagen specifiek over kortingssites die telefonisch proefabonnementen aanbieden waarmee producten en reizen met korting kunnen worden gekocht. Het aanbod lijkt in eerste instantie vrijblijvend, maar wie niet binnen de proeftijd opzegt, ontvangt toch een rekening. Volgens de bond zijn dit soort bedrijven in overtreding, omdat de consument niet akkoord is gegaan met deze transactie. Deze onrechtmatigheid zou aanbieders er echter niet van weerhouden om met bandopnames van telefoongesprekken consumenten alsnog onder druk te zetten, vaak met behulp van agressieve incassopraktijken.

“Een mondeling akkoord geldt in deze niet”, zegt Joyce Donat van de Consumentenbond desgevraagd. “Wij pleiten dan ook voor strengere wetgeving bij proefpakketjes, in lijn met wat er tegenwoordig geldt voor proefabonnementen op kranten en tijdschriften.”

Thuiswinkel.org waarschuwt op zijn beurt voor websites die niet-werkende codes aanbieden, soms tegen betaling. “Het afgelopen jaar is ons opgevallen dat er steeds meer websites zijn waarop nepkortingscodes worden aangeboden”, aldus de brancheorganisatie. “Het doel van de fake-kortingswebsite lijkt het genereren van traffic te zijn, hoewel er ook sites zijn die in ruil voor een laag bedrag een kortingscode aanbieden.” Thuiswinkel spreekt in dit kader van misbruik en fraude, vanwege onrechtmatig gebruik van bedrijfsnamen en het eigen Waarborg-logo, het kopiëren van websites en het oplichten van consumenten. “In samenwerking met de politie pakken wij deze fraudeurs aan.”

Ook marktpartijen spreken hun ergernis over dit soort nepsites uit. “Het zijn echt cowboys, eerder in de vorm van een soort callcenters dan kortingscodewebsites”, concludeert Vroom. “Ze bellen consumenten op, iets wat wij nooit zullen doen. Een ‘ja’ wordt vervolgens gebruikt om je een contract aan te smeren. Hiermee verzieken dit soort spelers onze markt.”

Orde
Te midden van het stormachtig groeiende aantal kortingscodewebsites kiezen sommige bedrijven bewust voor een afwijkende positionering. “Kortingsacties vechten elkaar de tent uit, dus hebben wij besloten het model om te draaien”, vertelt Jasper van Elferen, oprichter van Yellowbag. Dit bedrijf, dat onlangs de focus verlegde van app naar website, verzamelt alle kortingen van retailers in Nederland. En verdient hierbij aan affiliate commissies bij verkopen via het eigen platform.

“Kortingscodes zijn inmiddels een verzadigde markt”, zegt Van Elferen. “Daar zijn al veel spelers heel lang in bezig, dus die oorlog gaan we niet winnen. Daarom probeert ons concept een ander probleem op te lossen: orde scheppen in de chaos.” Hij ziet zijn bedrijf niet als een oneigenlijke concurrent. “Er zijn talloze e-commerceconcepten die zich bevinden tussen de retailer en de consument. Die kunnen allemaal prima naast elkaar bestaan. Wij helpen beide partijen om het doorzoeken van alle kortingen mogelijk te maken.”

Volgens Vroom is er juist sprake van allesbehalve een verzadigde markt. Als goed voorbeeld noemt hij Zalando, dat groot is geworden door affiliate marketing en kortingscodewebsites. “Ze hebben altijd goed op de googelende consument ingespeeld. Eigenlijk zijn dat ook de beste bezoekers, want zij zijn écht aan het shoppen. Ze zitten in feite al met hun creditcard in de hand voor je klaar.”

Fake-kortingen
Nepsites verzieken de markt met nepkortingen. De Consumentenbond waarschuwt in dit verband voor de volgende kortingssites: De Beste Korting, Weekendje Genieten, Crowncard, Kortingscenter, Big Mundo, Megapot, Reisvoordeelvoucher, Nr1cashback, Happy Numbers/Play Simple, Cadeaucashback-shopping, New Match/chance, Fictory/Takerz, Lucky Millions, HomeatHoliday, Voordeelinkoop, Spotreis, City Consultant en Voordelig Winkelen. Thuiswinkel.org richt zijn pijlen op: Kortingscode.coupon-worldshop.com, Acties-kortingscodes.com, Acties.me, Convict.nl, Kortingscodes-winkels.com en Couponpromotie.com.

Korting als doel
Bij het online shoppen maakt zeventig procent van de Nederlanders gebruik van kortingscodes. Dit blijkt uit de jaarlijkse barometer van Actiepagina.nl, sinds 2013 onderdeel van de Amerikaanse marktplaats RetailMeNot. De crisis, het grote aanbod online winkels en nieuwe technologieën hebben effect gehad op het winkelgedrag van Nederlanders.

Bij 87 procent van de kortingzoekers is kopen voor de best mogelijke prijs een doel op zich geworden en niet meer alleen een noodzaak. Dit zogenoemde ‘slimme shoppen’ zorgt ervoor dat bij 53 procent van deze doelgroep het actief zoeken naar digitale aanbiedingen of kortingscodes een vast onderdeel van het online winkelproces is geworden. Vooral jongeren in de leeftijd van 18 tot 24 jaar omarmen deze moderne manier van shoppen; 86 procent van hen gebruikt online kortingscodes tijdens het winkelen.

Actief naar korting zoeken is niet alleen goed voor de portemonnee, maar geeft ook een goed gevoel. Driekwart van de ‘slimme shoppers’ zegt zich trots te voelen als ze een goede deal hebben gevonden. Het laat mensen zich ook minder schuldig voelen over impulsaankopen.

Verder blijkt dat kortingscodes een grote invloed hebben op onze aankoopbeslissingen. Zo zoekt driekwart van de coupongebruikers naar aanbiedingen voordat ze weten wat of waar ze iets gaan kopen. 42 procent heeft daarnaast weleens een aankoop geannuleerd of uitgesteld, omdat ze geen goede aanbieding of kortingscode konden vinden. Dit is bijvoorbeeld het geval bij luxere producten, waarbij voor 66 procent een coupon of kortingscode de doorslag geeft voor aankoop.

Influencers
Zanox, een van grote affiliate partijen in Nederland, ziet kortingscodewebsites als veel meer dan alleen ‘converters’. Ook hun rol als influencer is groot, aldus het bedrijf. Onderzoek van Affiliate Window uit 2015 toont aan dat dit soort publishers de afgelopen jaren een constante groei hebben doorgemaakt en steeds belangrijker zijn geworden voor affiliate marketing. Over hun rol als influencer stelt dit onderzoek dat bij de grootste kortingssites veel traffic plaatsvindt, soms zelfs meer dan bij een webshop. Dat suggereert dat online shoppers eerst op zoek gaan naar leuke aanbiedingen alvorens ze daadwerkelijk de webshop opzoeken. Ook worden consumenten door kortingscodepublishers op de hoogte gehouden van codes via nieuwsbrieven en online en offline aanbiedingen. Kortingscodepublishers zijn dus niet alleen actief in de laatste stap van de transactie, maar staan ook regelmatig helemaal aan het begin van de customer journey.

In Nederland vertaalt de rol van influencer zich in sterke samenwerking met adverteerders, zoals Kortingscode.nl (Imbull) dat doet met mediatitels als Metro, Grazia en Glamour. Door een speciale sectie op dit soort websites te plaatsen met een widget worden bezoekers op de hoogte gebracht van nieuwe kortingen en promoties.

* Dit artikel verscheen eerder in het februarinummer van Emerce magazine (#155).

Illustratie: Agnes Loonstra (in opdracht van Emerce)



Lees het volledige bericht op Emerce »

AdfoCup: we gaan weer voetballen!

Posted 17 Feb 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Het voetbaltoernooi voor bedrijven uit de reclame-, media- en marketingwereld wordt gespeeld op 10 juni

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Android-gebruikers actiever met reisapps, maar iOS’ers kopen meer

Posted 17 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Android-gebruikers zijn actiever bezig met hun reisapps, maar iOS-mensen kopen meer. Dit blijkt uit onderzoek van AppsFlyer.

AppsFlyer keek allereerst naar de retentie van organische en niet-organische gebruikers. De eerste groep zijn mensen die uit zichzelf een app downloaden, de tweede doen dat na een marketing push.

Op de eerste dag nadat een Android-gebruiker uit zichzelf een reisapp heeft geïnstalleerd, is 23,4 procent actief. Op dag 7 is dat 8,1 procent en na dertig dagen 3,5 procent. Bij de niet-organische downloaders zijn die percentages respectievelijk 15,9 procent, 6 procent en 2,7 procent.

Android-gebruikers blijken trouwer te zijn dan mensen met een iOS-apparaat. Dik 20 procent van de organische iOS-downloaders gebruikt de app op de eerste dag, 3 procent minder dan de Android-gebruikers. Ook op de langere termijn en bij de niet-organische gebruikers ligt de retentie van apps die zijn ontwikkeld voor iOS-besturingssystemen lager.

Daar staat tegenover dat áls een Apple-fan de app actief gebruikt, hij of zij dit vaker doet dan de Android-gebruiker. Het gemiddeld aantal sessies per actieve gebruiker is 3,42 (organisch) en 3,35 (niet-organisch) bij iOS vergeleken met 2,92 en 3,18 bij Android.

Ook interessant is dat actieve iOS-gebruikers 2,5 keer zo vaak converteren als Android-mensen.

Volgens AppsFlyer is het goede nieuws dat de retentiegraad van apps in 2016 is verbeterd vergeleken met 2015. Het bedrijf denkt dat dit komt door een verschuiving in app marketing van zoveel mogelijk downloads naar betrokkenheid creëren bij de gebruiker. Toch blijft het lastig om na de installatie gebruikers vast te houden. AppsFlyer adviseert enerzijds het gebruikersgedrag te meten en analyseren, zodat er beter kan worden gesegmenteerd en de funnel wordt geoptimaliseerd. Anderzijds is het zaak om de betrokkenheid van de gebruiker te vergroten door retargeting, pushberichten en dieplinken.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Takeaway lanceert nieuwe internationale campagne

Posted 17 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

Takeaway.com, in Nederland bekend onder de naam Thuisbezorgd.nl, begint op zijn vijf grootste markten een nieuwe merkbouwende campagne. Ook programmatic display wordt voor branding ingezet.

De campagne ging gisteren van start in Nederland, Duitsland, Polen, België en Oostenrijk. Hij combineert massamedia (TV, out of home) en programmatic display en video. Inhoudelijk worden alledaagse momenten gekoppeld aan de vijf verschillende Takeaway-labels.

Bureau Etcetera is verantwoordelijk voor het werk en licht, toe: “Men kijkt steeds minder lineair tv, maar het toenemende online video kijkgedrag biedt mogelijkheden om getarget een merk te bouwen. Door niet alleen breed maar ook zeer gericht doelgroepen te bereiken kunnen we op het juiste moment inspelen op het juiste inzicht, waardoor we altijd een relevante boodschap kunnen vertellen.”

Takeaway.com ging eind vorig jaar naar de beurs en haalde daarmee 328 miljoen euro op. Een groot deel daarvan wordt besteed aan merkbouwende marketing. Dat is een spel van lange adem waarbij herkenbaarheid en het stimuleren van herhaalaankopen centraal staat. Vooral Duitsland is vechtmarkt voor CEO Jitse Groen, waar hij het opneemt tegen Delivery Hero.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Dentsu Aegis herpositioneert databedrijf DAN DNA

Posted 17 Feb 2017 — by Emerce
Category nieuws

De dataspecialisten van Dentsu Aegis Nederland werken sinds kort niet meer voor collega-labels maar hoofdzakelijk voor externe klanten. Een ingrijpende verandering na anderhalf jaar leren en proberen.

“Sinds 1 januari zijn we 99 procent client facing”, licht managing director van DAN DNA aan deze uitgave toe. “We werken met 21 man en hadden 53 producten”, data- en onderzoeksproducten die allemaal van de afzonderlijke Dentsu Aegis-dochters bij elkaar waren gebracht en toegankelijk gemaakt. Maar veel hebben staat niet gelijk aan efficiënt werken.

“Nu werken we met drie productlijnen: audience insights, impact & effect en data-activiteiten. Dat gaat zowel om offline als online media.” De kern van de onderneming blijft het werken met data, maar die expertise wordt nu direct naar de markt gebracht. We hebben in anderhalf jaar geleerd hoe het dataspel werkt en dat gaat we nu aan klanten leren.”

“Wat in onze praktijk constant terugkeert is dat we unieke databronnen hebben, met beweerd en gemeten gedrag, maar ook social en webanalytics. Niemand anders dekt zo’n breed terrein af. We kijken naar alle vormen van gedrag.”

Julius Minnaar, CEO van Dentsu Aegis in Nederland, vult aan: “Er wordt goed in het bedrijf geïnvesteerd, er is een M&A-plan en ze kunnen gaan opschalen naar dertig man. We scannen het aanbod. DNA kan met zijn propositie alleen naar de markt of samen optrekken met zusterlabels als Carat, Vizeum of iProspect. De een doet data, de ander media & creatie.”

Waar Flaat komende tijd met name in wil investeren, voor organische groei of acquisities, is het advieswerk op het gebied van marketing en media. Zijn team levert immers data en inzichten, maar zijn klanten moeten daar wel mee kunnen werken. “Ze moeten ermee leren voordat ze zelf helemaal aan de knoppen kunnen zitten”. Flaat onderschrijft daarmee de trend dat met name grote adverteerders datamanagementplatformen in huis nemen en ook de uitvoering van de marketing- en datastrategie helemaal zelf willen verzorgen.

Google signaleerde aan Emerce vorige week al dat de helft van de top 25 adverteerders in Nederland echter geen bewuste datastrategie heeft en dus nog veel moet leren. Om die reden wil DNA consultants aanstellen. “Een belangrijke taak, zien we nu al, is het ontsiloën van de data binnen organisaties.”

Andere zaken waarin wordt geïnvesteerd: het uitbreiden van de CRM-expertise en “data en programmatic bij elkaar brengen. Ze lijken zo dicht bij elkaar te liggen, maar dat is enkel een papieren werkelijkheid. In de praktijk zijn er nog veel witte vlekken.”



Lees het volledige bericht op Emerce »