Posts Tagged ‘marketing’

Negen maanden AVG: wat is er tot nu toe gebeurd?

Posted 23 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is inmiddels driekwart jaar van kracht. Tijd om de tussenstand op te maken. Waarbij de vraag is of de AVG ons wel de gegevensbescherming brengt waarop we op hadden gehoopt. De aangescherpte wetgeving werpt immers ook een dam op voor gegevens die we wél willen delen 

Sinds 25 mei 2018 hebben bijna tienduizend Nederlandse consumenten een klacht ingediend bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), die belast is met het toezicht op de naleving van de Europese privacyregels. Zakelijke dienstverleners, de IT-sector en de overheid zijn in de ogen van consumenten de grootste boosdoeners, op de voet gevolgd door de financiële instellingen en zorginstellingen.

De meeste klachten gaan over een schending van een privacyrecht (32 procent), zoals het recht op inzage en het recht op verwijdering. Mensen krijgen bijvoorbeeld geen inzage in hun gegevens als ze daarom vragen of ondervinden drempels als zij persoonsgegevens verwijderd willen hebben. Zo komt het voor dat organisaties vragen om een kopie van een identiteitsbewijs, alvorens zij gegevens willen verwijderen. Dit mag vaak helemaal niet.

Megaboetes zijn er in Nederland nog niet opgelegd, maar er wordt wel actief gecontroleerd op de naleving van de wet. Zo heeft de AP begin december 2018 bij 53 organisaties het privacybeleid opgevraagd. Het gaat om bloedbanken, IVF-klinieken en gemeentelijke politieke partijen die bijzondere persoonsgegevens over gezondheid en politieke voorkeur verwerken. Ze zijn daarom verplicht om in een privacy- of gegevensbeschermingsbeleid onder meer vast te leggen met welk doel zij die gegevens verwerken, wat de bewaartermijn is en hoe de databeveiliging in elkaar steekt.

Vooralsnog hebben deze onderzoeken niet geleid tot ingrijpende financiële sancties. De eerste boete die in Nederland onder de AVG-regels is uitgedeeld bedraagt 600.000 euro wegens het te laat melden van een datalek.

Meer controle is een concurrentievoordeel

Is er nu veel veranderd sinds mei? Het goede nieuws is dat de meeste bedrijven zich er bewust van zijn geworden dat er voorzichtig omgegaan moet worden met data. De AVG heeft ervoor gezorgd dat bedrijven die compliant zijn, een overzicht hebben van de data. Ze weten waar wat is opgeslagen en hebben meer controle.

Dat is een concurrentievoordeel. De consument zal niet zo snel kiezen voor een bedrijf dat steken laat vallen op het gebied van dataprivacy. Een organisatie heeft dus niet alleen boetes te vrezen, maar kan ook reputatieschade oplopen als ze niet voldoet aan de AVG.

Consumenten hebben op hun beurt veel meer waarborgen. Ze hebben het recht om informatie op te vragen en een pressiemiddel, omdat ze klachten kunnen indienen bij de AP. Tegelijkertijd ontstaat daar ook een dilemma. Aan de ene kant zijn wij als consumenten bang voor de groeiende marktmacht van grote dataverzamelaars, maar we kunnen eigenlijk ook niet zonder het gemak van hun producten of diensten. En we vinden het ook wel makkelijk om aanbiedingen te krijgen die bij onze interesses aansluiten.

Daar wringt de AGV inmiddels. De aangescherpte wetgeving werpt deels een dam op voor gegevens die we wel willen delen. We zullen eerlijker moeten worden over waartegen we wel en waartegen we niet beschermd willen worden. Werd het privacydebat tot nu toe beheerst door angst voor het onbekende, we zullen moeten toegeven dat hedendaagse dataprivacy soms een uitruil is waarbij je concessies moet doen.

Hoe blijf je compliant?

Momenteel merken we, dat het grootste vraagstuk dat nu bij bedrijven leeft, is hoe je ervoor kunt zorgen dat je compliant blijft. De meeste organisaties hadden 25 mei 2018 rood omcirkeld in de agenda staan en voldeden op of rond die datum aan de gestelde privacy-eisen. Maar hoe kun je over een jaar checken of je nog steeds compliant bent? Hoe zorg je ervoor dat de AVG op de agenda blijft staan?

Het belangrijkste daarbij is dataprivacy goed te beleggen in de organisatie. Zorg dat alle partijen, van de IT-afdeling tot marketing, bij elkaar aan tafel zitten om te zorgen dat alle processen en procedures op orde zijn. Stel iemand aan die is belast met privacy, ook als het niet verplicht is. Is de respons op databreuken up-to-date? Weet iedereen binnen de organisatie wat hij of zij moet doen als er een incident is?

Belangrijk is ook dat privacy naar aanleiding van de AVG ook op de agenda van de toezichthouders komt te staan. De raad van commissarissen is immers ook verantwoordelijk voor de naleving van wet- en regelgeving. Ze moeten weten welke vragen ze moeten stellen om te controleren of een organisatie voldoet aan de AVG. Organisaties en bedrijven die zo te werk gaan en begrijpen wat consumenten willen weten over hun gegevens, winnen het (digitale) vertrouwen van de klant.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De Hero image is dood – lang leve relevantie

Posted 22 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

De Hero image – de grote foto die de homepage van een site overheerst – is alom tegenwoordig op het web. En dat terwijl het gebruik ervan zo vaak de plank misslaat. Toch lijkt iedereen het erover eens; de hero is belangrijk en verdient ruimte. Maar is dat wel zo? 

Wikipedia: In web design, a hero image is a large web banner image, prominently placed on a web page, generally in the front and center. The hero image is often the first visual element a visitor encounters on the site; it presents an overview of the site’s most important content. A hero image often consists of image and text, and can be static or dynamic (e.g. a rotating list of images and/or topics). The content presented varies with the purpose of the site: it can be relevant news about the site, specific site-links, or—in the case of e-commerce—the best-selling or strategically placed products or services.”

Wanneer een nieuwe website wordt ontworpen hoeft niemand meer te roepen: “Net onder de hoofdnavigatie hebben we een vaste ruimte nodig voor een grote foto met ons fantastische product erop. Op het strand. Met zonsondergang. Emotie. En een call-to-action die zegt: ‘Koop nu’”. Die ruimte is vaak al aanwezig in een website design of template; een grote banner die meer dan vijftig procent (of soms honderd procent) van het beeldscherm inneemt. Elke designer, webdeveloper en iedereen die werkt bij online bedrijven neemt het voor lief. Iedereen is het erover eens; de hero is belangrijk en verdient ruimte. We moeten het merk laden, de propositie delen en onze bezoekers inspireren. De hero is de de facto standaard.

Maar helaas wordt de hero ruimte vaak slecht gebruikt. Ik zie te grote foto’s met onleesbare tekst door slechte positionering. Ik zie de veelgemaakte fout van klassieke witte tekst op een te lichte achtergrond. Zulke hero’s bieden geen enkele waarde voor bezoekers. Doe het niet.

Gelukkig zijn er ook nog genoeg indrukwekkende hero’s met prachtig foto’s. Bijvoorbeeld wanneer een fotograaf alle regels en richtlijnen volgt voor het maken van de beste hero-foto. Een foto waarbij rekening is gehouden met kijkrichting, compositie en plaatsing van de gekleurde call-to-action knop. Maar, werken deze hero’s eigenlijk wel? Zorgt de hero voor interactie met de bezoeker en wordt erop geklikt?

Ik geloof niet meer in de hero, die heldendagen zijn voorbij. Wat ik wel geloof? De hero is dood. En ik zal je vertellen waarom.

Labbé

Labbé is een Duitse webshop waar je hobbyproducten zoals scharen, papier en pennen kunt kopen. Ook vind je er pdf’s met geweldige instructies over tekenen in perspectief, het maken van papieren lampionnen en meer. Ze hadden een traditionele hero met een afbeelding die meer dan de helft van het desktop beeldscherm bedekte. In het midden van de hero bevond zich een duidelijke call-to-action. Het zag er mooi, speels en inspirerend uit – helemaal in lijn met het merk Labbé. De hero afbeelding werd elke maand vernieuwd. Mijn onderbuikgevoel vertelde me dat ik er niet aan moest komen. De bezoekers vonden het waarschijnlijk fantastisch en zouden meer producten willen bestellen door er alleen al naar te kijken. We waren het erover eens; het was een inspirerende hero waar we met onze handen vanaf moesten blijven.

Maar wat als …

Het begin van een verandering komt vaak met de vraag ‘wat als…’. Zo ook bij mij. Want wat als niemand op de call-to-action in de hero klikt? Wat als de afbeelding die meer dan de helft van het beeld vult, juist helemaal niet leidt tot interactie met de bezoeker?

Op naar Hotjar. De Hotjar heatmap liet nauwelijks kliks zien, maar er kon iets mis zijn met de data. Omdat we niet alleen van Hotjar data uit wilden gaan zat er maar één ding op. Zelf verder graven en meten. En meten deden we.

1,21%

Ik analyseerde de data en mijn vermoeden klopte. Slechts 1,21% van de bezoekers klikte op de call-to-action in de hero. Het was zelfs zo dat maar 1,21% interactie had met de volledige hero – ik heb de button en de hele hero gemeten. Kortom, één op de honderd bezoekers klikte op de hero; dit moest anders.

We wilden de relevantie voor de bezoeker vergroten, iets laten zien waar ze op willen klikken. Maar hoe weet je nu wat relevant is voor bezoekers? Hoe komen we erachter wat ze willen zien en waarnaar ze op zoek zijn? Heel simpel, door het ze te vragen.

Vraag het de bezoekers

Als je telefoonnummers van klanten hebt, kun je ze bellen en vragen waarom ze je webshop bezoeken. Met adressen kun je een bezoek brengen. Maar laten we eerlijk zijn, daar wordt niemand blij van. Ze zullen het je echt niet in dank afnemen en je webshop niet meer bezoeken.

We kozen ervoor om de bezoekers te benaderen met een Hotjar poll pop-up op de homepage. Onze enige open vraag aan hen: ‘Wat is het doel van je bezoek aan onze website?’ Als je werkzaam bent in online marketing en je een dergelijke poll opzet zal iedereen zeggen: ‘Ik reageer nooit op zulke polls en klik ze gewoon weg.’ Dat kan, maar wijs ze erop dat zij niet de webshopbezoeker zijn en niet tot de doelgroep behoren. Don’t listen to the haters, probeer het gewoon en kijk wat eruit komt. Al krijg je maar één antwoord, dan weet je al honderd procent meer dan voorheen.

De resultaten van de poll

We plaatsten de poll en kregen 119 antwoorden. Het reactiepercentage lag onder de 1 procent en was hiermee lager dan we verwacht hadden (1-3 procent). Toch waren er meer dan voldoende goede antwoorden die we konden analyseren.

Door de antwoorden in een tag cloud te plaatsen, kregen we een goed beeld van de redenen waarom mensen de Labbé webshop bezochten.

Uit de analyse bleek dat we de respondenten konden verdelen in twee groepen:

  • Ik weet wat ik wil (71%)
  • Ik ben op zoek naar ideeën (29%)

Respondenten die wisten waar ze naar op zoek waren, gaven vaak antwoorden waarin ze productcategorieën, producten of materialen voor specifieke activiteiten noemden. Door middel van de antwoorden konden we de belangrijkste doelgroepen identificeren en de hoofdredenen waarom ze de webshop bezochten:

  • School (docenten)
  • Kleuterschool (basisschooldocenten)
  • Seizoensgebonden onderwerpen (Pasen, Kerst etc.)
  • Ideeën (voor ouders met kinderen)
Tijd voor iets nieuws

We wisten wie de website van Labbé bezochten en waar ze naar op zoek waren. Het enige wat we nu nog nodig hadden was een nieuw design met hierin de nieuwe categorieën en ruimte voor Labbé content. Er werd een nieuwe hero ontworpen op basis van resultaten van de poll:

Links is ruimte gecreëerd voor content vanuit Labbé. Rechts staan vier blokken die elk de belangrijkste doelgroepen en redenen voor bezoek weergeven. Ook zie je nieuwe unieke USP’s.

Het resultaat

De nieuwe lay-out werd geïmplementeerd en natuurlijk zijn we direct gestart met het meten van de resultaten. Het klikratio ging door het dak. Van 1,21 procent gingen we naar een klikratio van ruim 13 procent. Dit is een stijging van meer dan duizend procent.

Dus, is de hero dood? Ja. Tenminste, als je een traditionele hero gebruikt die alleen jouw verhaal vertelt in plaats van het verhaal dat je bezoekers willen horen. Bovendien, als je een hero op je homepage plaatst omdat iedereen er één heeft, denk er dan nog eens goed over na. Misschien heb je toch geen hero nodig?

Ga niet alleen af op je gevoel als je beslissingen maakt; jij en je team zijn niet de websitebezoekers of potentiële klanten. Als je twijfelt, of het niet weet; meet het. Ze zeggen niet voor niets, meten is weten. Als je niet weet wat je bezoekers denken; vraag het. Geef je bezoekers wat ze willen, niet wat jij wilt dat ze krijgen.

De hero is dood – lang leve relevantie.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Machine learning kan opbrengst digitale marketing sterk verhogen’

Posted 22 feb 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Dat constateren Boston Consulting Group (BCG) en Google. Slechts 2% van alle bedrijven maakt optimaal gebruik van datadriven marketing

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Basic-Fit: hoe technologie 1,8 miljoen leden helpt

Posted 22 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Het concept van Basic-Fit lijkt bedrieglijk eenvoudig: digitaliseer zoveel mogelijk processen en diensten zodat je de kosten laag en de klanttevredenheid hoog houdt. Daarachter schuilt bijna een technologiebedrijf dat leden hyperefficiënt bedient.

Basic-Fit is Europees marktleider in het budgetfitnesssegment. Het bedrijf is actief in Nederland, België, Luxemburg, Frankrijk en Spanje. Het heeft meer dan 600 clubs, 1,8 miljoen leden en zo’n 5000 medewerkers. Alle landen worden aangestuurd vanuit het hoofdkantoor in Hoofddorp, onder andere door Erica Hahn, International Marketing Manager en Pierre Coolen, International Customer Care Manager. Zij vertellen hoe ze Basic-Fit-leden werven en behouden.

Offline en digitaal gaan hand in hand

Basic-Fit staat open voor iedereen. In de praktijk blijkt dat het concept met name goed aansluit bij de wensen van millennials. Een groot deel van de leden is millennial of jonger. “Fitness is sowieso iets wat jongeren veel doen. En als we deze doelgroep nu aantrekken, blijven ze als ze ouder zijn bij ons sporten. We zien ook dat de acquisitiekosten van oudere doelgroepen veel hoger liggen, maar we vinden het belangrijk om een goede leeftijdsmix te hebben in onze clubs. Jongeren zijn over het algemeen veel geïnteresseerder in fitness en hebben minder overtuiging nodig om ermee te beginnen dan ouderen.”

Daarbij is personalisatie in de gehele mediamix heel belangrijk. Van elke advertentie wordt een aantal varianten gemaakt en getest op de verschillende segmenten.. Door in Salesforce Advertising Studio onze database realtime te koppelen aan het advertentiesysteem kunnen we mensen die net lid zijn geworden uitsluiten van campagnes. Dan vermijd je dus dat bestaande leden met berichten worden geconfronteerd die niet relevant voor hen zijn. Ook kunnen we de journeys beter managen over de verschillende platformen en afhankelijk van de boodschap het kanaal kiezen.”

De eerste weken zijn cruciaal

Vervolgens is het natuurlijk zaak om de nieuwe leden zo goed mogelijk van dienst te zijn. “Als het gaat om retentie werken we nauw samen met marketing,” zegt Pierre. “We willen een verandering bewerkstelligen, van niet naar wel sporten. Om een nieuw lid zo goed mogelijk op weg te helpen, bieden we digitale ondersteuning. De eerste weken zijn cruciaal bij het veranderen van gewoontes. We willen onze leden helpen om hun fitnessreis zo goed mogelijk te starten.”

Voor wie zonder plan gaat fitnessen en dus niet weet hoe je moet trainen, waar de apparaten voor dienen, enzovoorts, is het begin moeilijker dan voor iemand die wel goed is geïnformeerd en een plan heeft, stelt Pierre. Leden kunnen ervoor kiezen om fysieke begeleiding te krijgen door met een personal trainer te werken. Een lid dat hier niet voor kiest, krijgt op een andere manier persoonlijke begeleiding. “We doen dan alles digitaal om je zo goed mogelijk te helpen. Als je je hebt aangemeld, ontvang je een mail met je gegevens en een link naar de landingspagina waar Ruby, de virtuele assistent, je een aantal vragen stelt om een persoonlijk trainingsplan voor je samen te stellen.”

Efficiency en schaalbaarheid

Bij het automatiseren van de processen en diensten staat voorop dat de verandering waarde moet toevoegen en weinig handwerk moet kosten. Om die reden is er bijvoorbeeld een chatbot gelanceerd, vertelt Pierre. “Die helpt om het juiste lidmaatschap te kiezen en verwijst bij vragen door naar de juiste selfservice kanalen. Het doel is om klantvriendelijk te zijn en onze leden echt goed te ondersteunen. Tegelijkertijd hebben we live chat, zodat een medewerker kan ingrijpen als de bot de vraag van de klant niet herkent.”

Belang van technologie

Bij alles wat Basic-Fit doet, is technologie ‘superbelangrijk’, aldus Erica. “Juist omdat we een budgetketen zijn kunnen we door slim gebruik van technologie voor een lage prijs de hele ervaring bieden. Met technologie is alles mogelijk, aan ons de taak om het zo in te zetten dat het de consument toegevoegde waarde biedt.”

Voor Pierre zit het grote voordeel in de schaalbaarheid van het callcenter. “We hebben nu zeshonderd clubs, maar dankzij de tools die we gebruiken kunnen we gemakkelijk opschalen. In Salesforce Service Cloud loggen we alle cases – hoelang staat een vraag open en moet iemand wachten op antwoord? Met die informatie kunnen we efficiënt werken. En we sturen zoals gezegd aan op selfservice. Onze doelgroep verwacht dat ze met drie muisklikken hun adres kunnen wijzigen of een vraag kunnen stellen over een nieuw trainingsschema. Technologie maakt dat mogelijk.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Programmatic audioreclame brak door in 2018’

Posted 22 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Profielgericht digitaal adverteren met audio is in 2018 doorgebroken. Zuzanna Gierlinska van Spotify in Europa verwacht dat programmatic audio in 2019 standaard onderdeel wordt van de digitale reclamemix.

“Zelf begonnen we in 2016 met programmatic audio, maar in 2018 ging het van niche naar mainstream. Dat merkten we vooral aan de ontwikkelingen in Engeland en Duitsland, maar nu zien we ook erg veel kopers uit Nederland maar ook Spanje en Italië.”

Gierlinska, gevestigd in Londen, was gisteren in Nederland om haar werk voor het voetlicht te brengen. Adverteerders en mediabureaus zijn bekend met programmatic en met audio (via radio) maar de combinatie van de twee verdient toch nog toelichting.

“Programmatic biedt meer mogelijkheden in targeting en creative dan bijvoorbeeld radio. Partijen kunnen via een DSP hun first party data inladen en onze profielinformatie gebruiken om publieksgroepen te selecteren. Per groep kun je kiezen voor andere reclameberichten. Is iemand een sporter? Heeft hij muziek voor een diner party opstaan? Is het warm of koud buiten? Dat zijn stuk voor stuk variabelen die je kunt gebruiken.”

Het hoofd Automatisering en haar team zal dit jaar veel bezoeken afleggen aan de grote marketingbureaus in Nederland die onderdeel van concerns zijn en aan specialistische labels.

“De verandering naar meer streaming audio is vorig jaar ingezet door de opkomst van connected speakers. Mensen luisteren muziek via internet tijdens het sporten, gamen, in de auto en thuis op de bank. De richting van de aandacht van het publiek verandert. Die van adverteerders volgt daarop. Bovendien zie je dat marketingbureaus snappen hoe je programmatic buying toepast in een omnichannel omgeving”, ze hanteren een geraffineerde digitale marketingmix. Daarbij tekent ze wel aan, dat de effectmetingen van audioreclame nog in de kinderschoenen staat. Spotify rapporteert met name hoe vaak en lang commercials draaiden. Voldoende voor adverteerders op dit moment, “ze hebben daarvoor ook interne benchmarks.”

Reclame is voor Spotify een betrekkelijk kleine bron van inkomsten. Tien procent van de omzet wordt ermee gerealiseerd. De overige negentig procent komt uit abonnementsgelden.

Momenteel zendt Spotify enkel rondom muziekstreams reclame uit. De podcasts zijn wat dat betreft nog een blanco blad, maar daar komt verandering in. Naarmate het muziekplatform ook meer erkend wordt als podcastverspreider kan het meer gebruiksdata verzamelen. Dat gebeurt nu al. Er is echter nog niet genoeg volume daarin bereikt om het commercieel in te zetten. “Dat doen we pas als we schaal hebben.”

Foto: Ludo Rouchy (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Icecat koopt Zweedse reviews-aggregator Testseek

Posted 21 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Data-uitgever Icecat neemt de Zweedse verzamelaar van online recensies Testseek over. Daardoor kan het in eigen beheer zijn eigen productdata gebundeld gaan verkopen aan e-commercepartijen met verzamelde, relevante recensies erbij.

De partijen maakten de transacties zojuist bekend. Hoeveel geld met de overname gemoeid is, houden ze voor zich. Icecat betaalt de overname uit de winst. Het koopt de huidige aandeelhouders, oprichter Fredrik Engdahl en investeerder Netvalue, uit. Netvalue is het investeringsvehikel van Martijn Hoogeveen, tevens de CEO van Icecat. De partijen werken reeds sinds 2012 samen. In 2013 kocht Netvalue de helft van de aandelen in Testseek.

De combinatie van productdata en productreviews wordt ten behoeve van de ecommerce- en online marketing-omgevingen van klanten verkocht Recensiedata beïnvloedt de aankoopbeslissing van consumenten en professionele inkopers. De abonnementen van Testseek werden tot op heden vooral verkocht binnen de IT & Electronica-branche. “Maar we zien dat ook buiten deze belangrijke e-commercecategorie een zeer groot belang gehecht wordt aan productreviews, en denken de Testseek-dienst daarom ook snel naar andere categorieën te kunnen opschalen”, zegt Emre Tan, managing director Icecat, in een persbericht.

Foto: Christopher Mann (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Verdienmodel voor digitaal bureau: eigen start-up en de verkoop ervan

Posted 21 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Her en der zoeken digitale bureaus naar alternatieve verdien- en samenwerkingsmodellen. De Wortel van Drie richtte daarom de zorgstart-up Fello op. Maar besloot deze uiteindelijk toch weer te verkopen aan DELA. Ze zou het zo weer doen, zegt bureaupartner Elien Phernambucq. Maar wel anders. “De ontwikkeling van een start-up is als een mikadospel, zo nauw als het luistert. Elke beslissing raakt tien andere.”

Er ging niet één specifiek moment aan vooraf, herinnert Elien Phernambucq zich. Het is eerder een groeiend inzicht waardoor appbouwer De Wortel van Drie vorig jaar besloot de eigen start-up van de hand te doen. Het ging goed met Fello – de app voor mantelzorgers. Maar niet snel genoeg.

Impact en eigen verdienmodel

Een kleine vier jaar ervoor zag het bureau de druk op mantelzorgers van dichtbij toenemen. Met name de complexe logistiek er omheen, leidt binnen families tot uitdagingen, vertelt ze. Samen met haar bureaupartners ziet ze een gat in de markt: aan een digitale oplossing die het leven van de mantelzorger gemakkelijker maakt is ongetwijfeld veel behoefte, zo redeneren de ondernemers. Met een app waarin familieleden onder meer een agenda hebben en de zorgtaken goed kunnen verdelen, is een maatschappelijke bijdrage te leveren.

Zou het bedrijf erin slagen het product goed te vermarkten dan heeft het bovendien een nieuw verdienmodel in handen. “Veel leuker nog dan andermans projecten maken, vinden we het om aan een eigen onderneming te werken”, legt Phernambucq uit. “Daarmee heb je nog meer directe maatschappelijke impact.” Het bureau is nooit op een verkoop uit geweest. Met een andere inkomstenstroom dan uurtje factuurtje kon de ‘klantkraan’ wat dicht en die van het ondernemerschap verder open.

Slagkracht

Hoe het bureau de ontwikkeling van een eigen start-up aanpakte? Waar het bedrijf normaal via de eerste wireframes langzaam tot een oplossing of product komt, was ditmaal een eigen visie het vertrekpunt. Als goed ontwerpers betaamt staken ze met name tijd in de bouw en UX van Fello, voor een deel bekostigd uit de inkomsten van het bureau. “Als er 7000 uur werk in zit, zou me dat niets verbazen.”

De inspanning leidt tot een serieus aantal eerste gebruikers. En een paar keer tot de winst van ondernemerswedstrijden en challenges. “De geldprijzen zorgden ervoor dat we een serieus team konden opbouwen met een redactie, marketing en klantsupport. Heel nobel natuurlijk, maar om impact te maken is het nog noodzakelijker je geldzaken op orde te hebben.”

Met de bedrijfsgroei, nemen namelijk ook de kosten toe. Het maakt de noodzaak van een verdienmodel volgens Phernambucq alleen maar groter. “Wat je als start-up eigenlijk wil, is dat de eindgebruiker betaalt. Dan blijft voor iedereen het belang om die eindgebruiker volledig te dienen het grootst.” Een tweede mogelijkheid is om gebruikers diensten van derden aan te bieden – in de zorg niet ongebruikelijk. Voor een thuiszorgorganisatie is een Fello-gebruiker bijvoorbeeld een goede lead.

Hoe Phernambucq en haar collega’s ook rekenden met de diverse businessmodellen, het kwam gewoon niet uit. “We wilden een rendabel bedrijf ontwikkelen, maar uiteindelijk bleken we daarvoor een wel heel lange adem nodig te hebben. Wil je als ondernemer een groter publiek bereiken, dan heb je dus marketinggeld nodig. Fello groeide organisch, snelheid vraagt echter om slagkracht en serieuze budgetten.”

De Wortel van Drie: Phernambucq en collega’s Michael Noom en Niels Meijssen

Corporate met juiste intenties

Voor die slagkracht kun je natuurlijk terecht bij een investeerder of een grotere partij waarbij de onderneming is onder te brengen. Voor dat inzicht moesten Phernambucq en haar collega’s wel even hun ego opzij zetten. “Je beseft toch iemands hulp nodig te hebben.” Zowel met externe financiers, impactfondsen als corporates zijn er gesprekken gevoerd. In misschien wel twintig soorten en maten. Een grote zorgverzekeraar toonde serieuze interesse, maar de daadwerkelijke klik volgt als er een gesprek is geweest met de uiteindelijke koper, uitvaartverzekeraar DELA. “Dat klinkt misschien niet voor de hand liggend, maar DELA’s innovatie-afdeling zoekt telkens naar vernieuwingen voor een gezondere oude dag. Fello past perfect in die visie.”

Een overnamesom deelt ze niet, maar in algemene zin waren de gesprekken de spannendste uit haar leven. “Laat ik vooropstellen dat Nederland geen Amerika is. In de start-up wereld leeft het idee dat een bedrijf met een paar duizend gebruikers direct een paar miljoen waard is. Zo werkt het hier niet. Je moet met de billen bloot en in zekere zin geldt ‘wat de gek ervoor geeft’.”

Ze heeft ervan geleerd te zoeken naar een partij met de juiste intenties. Voor De Wortel van Drie was het een harde eis om Fello zelf te kunnen blijven doorontwikkelen. De garantie van bureau-omzet is natuurlijk lekker. Maar belangrijk nog is het gevoel dat hierbij meespeelt. Het bureau is nog niet los van de eigen ambitie met Fello. “Tijdens de gesprekken heb ik geprobeerd aan te voelen of DELA bereid zou zijn meerdere jaren te investeren zonder zicht op direct rendement. Dat het een coöperatie is die zich daardoor automatisch wat meer op impact richt en dat met andere producten aantoont, speelde zeker mee.”

Lessen geleerd

Sinds de verkoop aan DELA gaat het Fello nog een stuk beter. Er is wat je noemt momentum. Het aantal gebruikers is de afgelopen tijd meer dan verdubbeld. En indirect heeft het bureau er bovendien alsnog een nieuw samenwerkingsmodel aan overgehouden. De ervaringen die De Wortel van Drie opdeed zet het nu in voor andere start-ups. In plaats van de “u vraagt, wij draaien-projecten”, werkt de Wortel van Drie veel vaker in een constructie van aandeelhouderschap. De klant betaalt een gereduceerd tarief, het bureau neemt het risico in te stappen.

Wat Phernambucq betreft zou die samenwerkingsvorm veel vaker moeten voorkomen in bureauland. “Ik geloof erin dat bedrijven en producten die ‘digital’ in hun kern hebben, niet zomaar de ontwikkeling ervan moeten uitbesteden. Door een bureau mee te laten investeren, zorg je voor een heel andere relatie. “Het werk dat je hieraan overhoudt is in mijn ogen veel leuker. De klant benadert je niet om iets te maken, maar om ons mee te laten kijken naar het businessmodel. We worden benaderd als mede-ondernemer en zoeken samen naar de risicovolle aannames.”

Mocht de kans zich voordoen dan zou ze zonder enige twijfel zo weer een onderneming starten binnen haar bureau. Maar dan met een andere aanpak. Behalve direct te kijken naar het business- en verdienmodel, zet ze er dan een full-time CEO op. “We verkeerden in de bureauwereld waarin we uren moesten maken en hadden daarnaast een onderneming die tijd vroeg. Die belangen schuren weleens.” Wil je een bedrijf uitbouwen en er omzet mee generen dan is een leider nodig die ongeremd kan werken, zo ziet ze in. En niet deels met zijn hoofd bij klantprojecten is. “Als ontwerpers heb je weleens de neiging tweehonderd uur te steken in een functionaliteit die maar voor twee procent van de gebruikers écht belangrijk is. Je hebt iemand nodig die makkelijker durft te schrappen en ego’s niet in de weg laat zitten.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Sterke groei marketing- en blockchain start-ups

Posted 21 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Het aantal start-ups dat blockchain en marketing combineert neemt sterk toe, zo blijkt uit een telling van Jeremy Epstein, auteur van het boek The CMO Primer for the Blockchain World.

In september 2017, toen er voor het laatst werd geteld, waren er slechts 22 bedrijven. Begin 2918 waren dat er al 88 en inmiddels 290. De markt is in 18 maanden verdertienvoudigd.

De toepassingen lopen sterk uiteen: van contentmarketing tot geautomatiseerde advertentieverkoop. In adtech zijn de meeste ontwikkelingen, bijvoorbeeld op het gebied van fraudedetectie.

Meestal zitten de bedrijven nog in de testfase. Kennelijk is de markt zo aantrekkelijk dat ook steeds meer bekende namen opduiken, onder wie Joni Leimala van GroupM, tegenwoordig CEO van Adcoin.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Miele Nederland start online wasplatform

Posted 21 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Witgoedfabrikant Miele lanceert in Amsterdam de Miele Laundry Club, een onlinedienst voor het ophalen van de vuile was. Die wordt binnen de 48 uur schoon en netjes gestreken terugbezorgd.

Het initiatief lijkt op Dobbi, het wasplatform dat vorig jaar werd opgezet door wasmiddelenfabrikant Henkel in samenwerking met PostNL.

Stefan Verhoeven, directeur Miele Nederland, ziet een verschuiving in de markt van product naar dienst en naar uitbesteding van diensten om tijd te besparen. ‘Wij willen het onze klanten zo gemakkelijk mogelijk maken om de was te doen, zodat er meer vrije tijd over blijft voor leuke dingen. Met dit soort initiatieven willen we oplossingen bieden die passen bij de behoeften van onze klanten,’ zegt hij tegen Marketing Tribune.

Miele Laundry Club is een initiatief van Miele en startup studio Aimforthemoon. Alle bestellingen in Amsterdam worden per bakfiets geleverd door Cycloon Post & Fietskoeriers.

De was- en strijkservice is verkrijgbaar vanaf 35 euro.

Later dit jaar zal de dienst ook in andere steden beschikbaar zijn.



Lees het volledige bericht op Emerce »

FlyGRN: wel reizen, zo min mogelijk impact

Posted 21 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

De klimaatverandering en de impact die reizen daarop heeft, waren de aanleiding voor Jelle Bekirovic om van start te gaan met FlyGRN. Deze start-up gebruikt een deel van zijn commissie om de CO2-uitstoot van geboekte vluchten te compenseren. De consument betaalt hier dus niets extra’s voor. “Ik wil dat heel Nederland bewuster gaat reizen.”

Dat duurzaam reizen de belangstelling heeft van de consument, bleek vorig jaar uit een onderzoek van Booking.com. Maar liefst 87 procent van de respondenten gaf aan groen op vakantie te willen gaan. Slechts 39 procent zegt daar vaak of altijd in te slagen. De grootste obstakels? Het vermeende prijskaartje dat aan milieuvriendelijk reizen hangt (42 procent), gebrek aan informatie (32 procent) en de extra reistijd die groen transport kost (22 procent).

Jelle Bekirovic, FlyGRN
FlyGRN heeft dus in elk geval het momentum mee. De start-up is zes maanden geleden officieel gelanceerd en sleepte in januari de titel ‘Beste Reisidee 2019’ binnen, een wedstrijd georganiseerd door ANVR’s Travel Tomorrow, Vakantiebeurs, Emerce en Travel Impact Lab. “We zijn natuurlijk net begonnen, dus we compenseren nog maar een klein aantal vluchten,” zegt Bekirovic. “Maar na het Beste Reisidee is het aantal boekingen verdubbeld. We hebben inmiddels de CO2 van tientallen volle vliegtuigen gecompenseerd. Het doel is natuurlijk om de impact van de vliegreizen van alle Nederlanders te compenseren.”

Daarvoor is Bekirovic in zee gegaan met een project dat zonnepanelen installeert in India. Deze alternatieve bron van energie maakt het mogelijk om de zeer vervuilende kolencentrales te sluiten. “Je wilt de meeste impact maken met de beste certificering tegen de beste prijs. Dit project voldoet aan die criteria. Maar we zijn ook in gesprek met partijen om een bomenproject toe te voegen. CO2-compensatie is een belangrijke financiële incentive om ontbossing tegen te gaan.”

Ook alternatieven tonen

Wie een vliegticket boekt op FlyGRN, krijgt niet alleen te zien hoeveel CO2 het bedrijf kosteloos compenseert, maar ook of er eventueel milieuvriendelijkere alternatieven zijn. “We zijn druk bezig met het leggen van API-verbindingen met een aantal goede treinsites. De bedoeling is dat je straks niet alleen ziet hoeveel CO2-uitstoot een vliegreizen van bijvoorbeeld Amsterdam naar Londen veroorzaakt en wat de trein op dat traject doet, maar ook hoelang de totale deur-tot-deur reistijd is, zodat je vliegtuigen en treinen eerlijker kunt vergelijken. Aan de benodigde systeemintegratie wordt nu gewerkt.”

Een kritiekpunt van de jury tijdens het Beste Reisidee 2019 (bestaande uit Steven van der Heijden van Corendon, ondernemer Jolanda Degen en reisnestor Louis Frankenhuis) was dat het lastig is om als boekingsplatform op te vallen in de zeer concurrerende markt van online reisagenten. Oftewel: hoe krijgt Bekirovic genoeg traffic naar zijn website? “Laat ik vooropstellen dat we daar marketingbudget voor hebben. Ik heb een aantal andere vergelijkingssites die goed lopen en het geld dat daarmee wordt verdiend, investeer ik deels in FlyGRN. Maar het klopt dat we natuurlijk niet de marketingbudgetten hebben zoals onze grote concurrenten. Wij moeten het hebben van early adopters, de groep die begaan is met het milieu. Ze willen wel op reis maar minder en/of bewuster. Hen willen we aan ons binden en tot ambassadeur maken. Kijk naar hoe het met Tony’s Chocolonely is gegaan. Eerst werd dat gekocht door betrokken mensen, later werd het een mainstream product dat gewoon in de supermarkt ligt. Wij willen op dezelfde manier groeien.”

Om die early adopters aan zich te binden, wil Bekirovic allereerst de e-mailmarketing goed opzetten. “Nu krijgen mensen de bevestiging van hun betaling en een mail als de CO2-uitstoot is gecompenseerd. Wij willen natuurlijk dat ze een volgende vlucht of treinreis ook bij FlyGRN boeken en zetten daarvoor e-mail flows op. Het is essentieel dat we de interactie aangaan om loyaliteit op te bouwen.”

Coachingsessies

De jury vroeg zich ook af in hoeverre het concept van FlyGRN financieel houdbaar is. Daarmee is Bekirovic aan de slag gegaan. “Onderdeel van de prijs zijn coachingsessies bij het Travel Impact Lab, waar ik met name deze vraag heb voorgelegd. FlyGRN is uit idealisme gestart, dus we hoeven geen megawinsten te maken. Maar het is natuurlijk wel belangrijk dat we break-even spelen. Daar word ik nu goed bij geholpen.”

Waar Bekirovic in de prakijk tegenaan loopt, is dat mensen weliswaar iets goeds willen doen voor het milieu, maar niet bereid zijn daarvoor te betalen. “Dat hoeft bij ons ook niet, maar het is lastig om dat goed duidelijk te maken. Wij leveren commissie in om de vlucht geheel of deels te compenseren. We merken dat mensen het lastig vinden om te begrijpen dat ze niet meer betalen voor hun vliegticket dan bij een ander platform. Daarom zijn we ons verhaal aan het finetunen en AB-testen. We spreken ook met gebruikers om erachter te komen hoe we zo goed mogelijk kunnen communiceren. Dat heeft bijvoorbeeld geleid tot duidelijkere headlines om de USP’s helder over te brengen.”

En hoe nu verder? “Als de basis goed staat, willen we andere talen toevoegen. Verder zijn we aan het puzzelen hoe we gebruikers doorverwijzen naar onze partners voor de daadwerkelijke boeking. We merken dat sommige mensen afhaken omdat we om een e-mailadres vragen, zodat we informatie kunnen sturen over de CO2-compensatie. Het is niet verplicht om je mailadres achter te laten, maar het zorgt toch voor afhakers. We moeten dus beter communiceren waarom we het vragen en dat het niet verplicht is.”

Headerfoto: IRVING MARTINEZ op Unsplash



Lees het volledige bericht op Emerce »

Zo werken de beste digital bedrijven van Nederland – deel 2: Springest

Posted 20 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Anders dan anders. Je gaat wat meemaken. Het ideale bedrijf om een stagedag te doen. Holacracy Safari. Vrijheid. Transparantie. Kreten die mij letterlijk ter ore zijn gekomen als ik vertelde dat ik ‘stage’ ging lopen bij Springest.

9:15 uur kom ik aan bij bedrijfsverzamelpand HNK aan de Van Diemenstraat 192 in Amsterdam. Ik word naar de derde etage gestuurd waar Springest een kantoorruimte heeft van ongeveer vijfhonderd vierkante meter. De eerste indruk is fris en rustig – er zijn ook nog niet heel veel mensen. Er wordt door sommigen gebeld, maar niet luid of druk.

Ruben Timmerman, oprichter, rijst op vanuit een van de middelste bureaus. “Je kunt straks aanschuiven bij de Alignment Tactical Meeting om 9:30 uur.”

Holacracy

Springest is de grootste marktplaats van Nederland voor opleidingen en cursussen. Veel mensen zullen Springest en Ruben vooral kennen van het bijzondere besturingssysteem: Holacracy. Ik had er al vaker van gehoord en heb zelfs een keer een lezing van Ruben bijgewoond over het besturingssysteem. Ook mijn vorige stagebedrijf SRPRS.me had Holacracy (deels) doorgevoerd, maar wat is het nou precies?

“Met Holacracy hebben we geen managers. Ik ben er mee begonnen toen we zo hard groeiden dat we eigenlijk een managementlaag moesten nemen. Ik wilde dat niet. Bij ons heeft iedereen zijn eigen rol en verdelen we verantwoordelijkheden.” legt Ruben uit.

Alignment Tactical Meeting

“Ja, tijd, we moeten naar boven, het is half 10,” zegt Ruben me. “Ja, alles is stipt op tijd hier. Je mag gewoon mee en op de tweede rang plaatsnemen als spectator.” We lopen de trap op naar de vergaderruimte waar al zes man staat, ja staat, te wachten. Aan de muur hangen twee grote tv-schermen: op de linker een drietal gezichten die vanuit huis – vermoed ik – werken en op de rechter een spreadsheet met de KPI’s.

Bij Hulc hebben we veel meetings, maar nooit zo gestructureerd als deze. Ik kreeg een gelamineerd A4’tje met daarop de terugkerende agendapunten. De facilitator (lees: voorzitter) volgde deze zeer strak en iedereen hield zich keurig aan de regels.

De regels, tja, die zijn overal aanwezig. Veel trouwens. Mega veel. Dit zorgt voor structuur en tegelijkertijd vrijheid, doordat iedereen binnen de regels zelf invulling aan zijn of haar rol mag geven.

Mario Kart met een salade op schoot

Tijdens de zeer uitgebreide lunch, inclusief saladebar en verse sappen, ervaar ik hoe vrij iedereen echt is. Lunchen kan vanaf 12:30 uur en kan tot – uhm.. ja – tot alles weggehaald is ergens halverwege de middag. Kijk maar wanneer je luncht.

Een groepje is ondertussen aan het tafeltennissen, vier man speelt Mario Kart en ik neem plaats naast de groep die een potje aan het pesten is. Inmiddels is het gaan sneeuwen buiten, maar dat weerhoudt een ander groepje er niet van om een frisse neus te gaan halen. Chill is de sfeer die hier ademt.

Ik ontdek de saladebar en sta versteld van de luxe producten. “Ja mega relax dat het allemaal geregeld wordt hier,” zegt mijn buurman nadat ie een twee op de kaartenstapel werpt en roept: “Twee kopen!”.

Rollen maar geen functies

“Dat maakt echt niet uit,” antwoord Bas op de vraag hoe laat hij moet beginnen. “Je hebt verantwoordelijkheden en die moeten gewoon af. Of je dat in de trein, thuis of hier doet maakt niet uit.” Bas (27) schreef zijn scriptie over Holacracy en is daarna blijven plakken. Hij vervult nu de rol van Leer Adviseur. “Maar ik heb nog een rol,” vertelt hij bijna glunderend. “Ik ben ook verantwoordelijk voor de meditatie pauze om 15:00 uur.”

Bij Springest zijn alle mogelijke taken verdeeld in rollen met bijbehorende verantwoordelijkheden. Dit is een onderdeel van de Holacracy. Dit geldt voor de welbekende taken zoals marketing en sales, maar er is ook iemand verantwoordelijk voor de lunch en dus zelfs voor de gezamenlijke meditatie.

A-players

Stipt 11:00 uur ga ik mijn “meeting” in met Ewout. Er staat een interview gepland met hem waarin ik de structuur van de organisatie probeer te achterhalen. Ewout is Lead Link (een soort manager nieuwe stijl) van sales voor de B2B tak van Springest.

Transparantie is ook hier overduidelijk, want ik word overspoeld met nuttige en leerzame informatie. “Wij geloven in het ontwikkelen van groeipotentieel bij mensen,” vertelt Ewout. Ik vraag of Holacracy alleen geschikt is voor gedisciplineerde A-players, de top van de top. Er wordt namelijk veel zelfstandigheid verwacht terwijl sommige werknemers juist afgebakende taken en een manager fijn zullen vinden, kan ik me voorstellen. Het lijkt me dan ook niet voor iedereen een geschikt besturingssysteem. “Door Holacracy ontstaan er juist meer A-players die anders geen A-player zouden zijn,” antwoordt Ewout. Ik reageer: “Als ze de kans krijgen.” “Ja, en als ze die kans vervolgens ook pakken, want dat moet iedereen alsnog zelf doen. Dit wordt aan alle kanten gestimuleerd. Zo is er bijvoorbeeld voor iedereen, ongeacht rol, een minimum ontwikkelbudget van €1000 per jaar. Minimum dus hè.”

Ewout geeft nog een aantal voorbeelden waaruit blijkt dat Springest enorm veel investeert in persoonlijke ontwikkeling. Een opvallende vind ik de hackday, waarbij iedereen, ongeacht je rol, een dag iets verbetert of bouwt, iets anders dan je normale werk. Zo gaan er niet-programmeurs aan de slag met programmeren. “Wie weet blijk je daar wel enorm veel talent voor te hebben!”

Ik schijn een HiPPo te zijn

Ewout: “Jij bent een HiPPo.” Ok, vreemde wending van het gesprek, denk ik nog. Ik ben benieuwd naar wat zijn uitleg gaat zijn. Hij laat me een tekening zien waarop de Hippo uiteindelijk bepaalt. “Jij bent de Highest Paid Person en jouw Opinion telt. Jij bent de hippo. Dit wil je dus voorkomen.”

Het wordt me steeds duidelijker. Bij Holacracy kan iedereen een voorstel doen en kunnen de andere daarop schieten. Een voorstel of toegewezen rol afwijzen mag, maar alleen als je met data kunt onderbouwen dat het schadelijk is voor de purpose.

Chief Happiness Officer

Happiness, dat is denk ik het keyword van deze organisatie. Ruben noemt zichzelf dan ook liever Chief Happiness Officer dan CEO. Ewout vertelt: “Ruben heeft ieder kwartaal met iedereen een persoonlijk gesprek. Hij gaat dan graag lopen en neemt gerust een uur de tijd voor je. En dat zijn inmiddels dus al 50 gesprekken. Ook als je privé issues hebt dan proberen we er alles aan te doen om je te helpen. Als je lekker in je vel zit is dat natuurlijk beter voor de sfeer, maar je bent ook gewoon aantoonbaar productiever.”

Dat happiness-gehalte voel ik overal terug op de vloer. Mensen zijn open, toegankelijk, helpen elkaar en lijken gewoon enorm goed in hun vel te zitten. Er wordt gelachen, maar ook hard gewerkt. Er is goede koffie (al lijkt dat niet heel populair behalve bij mij), vers fruit, een saladebar, een leeshoek, een game-hoek, pingpong tafel en ga zo maar door. Letterlijk de helft van het kantoor is ingericht als ‘lounge’ met dergelijk vertier.

Dan mag je gongen

Ik sta op de Jura koffiemachine te wachten als ik een enorme gong hoor aan de andere kant van het kantoor. “Iemand heeft zojuist een grote boeking gedaan,” vertelt Nick (28) die zelf Leer Adviseur is. Hij zag me verbaasd kijken en legt verder uit: “Als je iets moois bereikt hebt dan mag je gongen.”

Bram, Lead Link Marketing vertelt me, wederom openhartig, over de marketingactiviteiten waar hij verantwoordelijk voor is.

“Alles draait om de website. Dat is onze motor. Zoals je nu weet heeft iedereen metrics die we in de gaten houden. Voor marketing houden we web traffic in de gaten,” legt Bram uit. “En conversie-optimalisatie dan? Hoe zorg je er dan voor dat je het maximale uit je bezoekers haalt?” vraag ik. Bram: “Nee, dat doet de cirkel Product. Zij zijn verantwoordelijk voor het zo goed mogelijk maken van ons product: de website.”

Ah, oké; Ieder z’n rol. Holacracy.

Ik ben de eerste die het pand om 17.02 uur verlaat. Iedereen zit nog in de zone. Maar wow, wát een dag. Ik heb ontzettend veel nieuwe insights opgedaan op het gebied van organiseren, structuur, verantwoordelijkheden en nog duizend dingen. Voor all the way Holacracy vind ik het nog te vroeg, omdat het team van Hulc te klein is voor allerlei cirkels en rollen. Toch ga ik wel degelijk elementen overnemen en direct doorvoeren. Zo zal ik inzichtelijk maken wat er bij Hulc eigenlijk allemaal voor taken en verantwoordelijkheden zijn en zullen we deze – gezamenlijk natuurlijk – toewijzen aan de meest geschikte persoon. Ook het wekelijks doornemen van de KPI’s is iets dat ik meer structuur wil geven.

Al met al passen we bij Hulc al wel veel onderdelen toe van Holacracy, omdat we nog geen managementlagen hebben met ons kleine team van zeven mensen. Maar wat heb ik veel geleerd vandaag.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Dit zijn de genomineerden voor de Dutch Marketing Awards tot nu toe

Posted 19 feb 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Van vier van de zeven categorieën is de shortlist gepubliceerd.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Exsite Media: ‘Flexibel ondernemen is voor mij altijd aan staan’

Posted 19 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Na dertien jaar gewerkt te hebben voor Nederlandse multinationals, besloot Orchidea Teljeur het roer om te gooien. Ze richtte Exsite Media op, een online marketingbureau voor het midden- en kleinbedrijf. “Ik ben geen schakel meer in het grote geheel, maar verantwoordelijk voor het hele traject.”

Van de corporate wereld naar zelfstandig ondernemer – hoe heb je die beslissing genomen?

“Ik ben mijn carrière begonnen als projectmanager bij een reclamebureau, waar we voor allerlei multinationals werkten. Daarna ging ik aan de slag bij KLM als online marketeer, weer een groot Nederlands merk. Ik heb me daar gedurende acht jaar bezig mogen houden met de wereldwijde salescampagnes. Dat was heel gaaf, we hebben heel mooie projecten gedaan. Toen ik het gevoel had dat ik alles eruit had gehaald wat erin zat, heb ik mijn baan opgezegd en een sabbatical genomen. In die rustperiode heb ik met heel veel ondernemers gesproken. Wat me opviel was dat met name MKB’ers behoefte hadden aan ondersteuning bij hun online marketing en communicatie. Mijn persoonlijke interesses en professionele achtergrond heb ik vervolgens gebundeld en ik ben vorig jaar Exsite Media gestart.”

Wie zijn jullie klanten precies?

“We werken met bedrijven voor wie online marketing en communicatie geen core business is. Maar ze hebben online wel nodig om zaken te kunnen doen. De budgetten zijn natuurlijk kleiner dan die van de multinationals waarvoor ik gewerkt heb, maar daardoor maakt onze kennis juist het verschil. De impact van mij en mijn team is groot en dat geeft veel voldoening. We zijn geen schakel meer in het grote geheel, maar samen met de klant verantwoordelijk voor het hele traject. Ook prettig is dat we snel tot actie over kunnen gaan. Bij grote bedrijven loop je soms toch tegen bureaucratie aan. Daar hebben we geen last meer van.”

Wat is het grootste probleem waar die bedrijven mee worstelen?

“De vraag waar de meeste klanten mee komen is dat ze meer sales willen. Daarvoor moet het totaalplaatje natuurlijk kloppen – meestal is de vindbaarheid van het bedrijf het achterliggende probleem. Daar gaan we dan dus mee aan de slag.”

Online marketing is een dynamisch vakgebied. Wat zijn de belangrijkste trends waar jullie nu naar kijken?

“Er verandert inderdaad heel veel, je bent nooit uitgeleerd. Dat vind ik leuk, ik ben heel nieuwsgierig. Nu is het vooral belangrijk dat je als merk niet meer zendt vanuit je eigen kanalen, maar zorgt dat je met klanten in gesprek raakt en in hun voorkeursomgeving aanwezig bent. Voor het MKB, waar onze klanten zoals gezegd onder vallen, is local search een heel belangrijke trend. Alles valt toch weer terug te voeren op vindbaarheid en goede content, of iemand nu via voice met je in contact komt of gewoon door een zoekopdracht op hun desktop.”

Die snelle veranderingen betekenen ook dat je flexibel moet kunnen ondernemen. Wat betekent dat voor jou?

“Flexibel ondernemen is voor mij dat je altijd aan staat. Klanten moeten je ook buiten kantooruren kunnen bereiken en zelf ben ik als ondernemer natuurlijk altijd bezig met mijn bedrijf. Dat is leuk, omdat je heel flexibel bent in hoe je je tijd indeelt. Maar je moet wel oppassen dat je in je enthousiasme de balans tussen werk en privé niet uit het oog verliest. Verder zorgen we er natuurlijk voor dat we beschikbare tools en oplossingen benutten zodat we zo efficiënt mogelijk kunnen werken. We managen de advertentiebudgetten van onze klanten bijvoorbeeld met behulp van het virtual payment-programma van American Express. Wij maken voor elke klant een eigen creditcardnummer aan. De klant maakt aan ons het afgesproken bedrag over, dat wij vervolgens belasten op het virtuele kaartnummer. Zo hoeven we niet voor te financieren en kunnen we heel gemakkelijk de verschillende budgetten managen. Het is plug ‘n’ play en we hebben niet te maken met administratieve rompslomp.”

Wat zijn je ambities voor Exsite Media?

“We willen datgene wat we doen, goed blijven doen. Dat betekent dat we blijven leren en om ons heen kijken. Wat doen de grote merken, wat gaat er gebeuren met voice? Op dit moment zijn we vooral actief voor bedrijven in Amsterdam en omgeving. We willen heel Nederland gaan bestrijken en sluiten het buitenland ook niet uit. Wat we nu doen voor bestaande klanten, gaat elders deuren openen, daar ben ik van overtuigd. En natuurlijk zetten we ons eigen advertentiebudget actiever in voor nationale werving.”

Heb je tips voor andere startende ondernemers?

“De ontwikkelingen gaan heel snel. Een valkuil is dat je alles interessant vindt en ermee aan de slag wilt gaan. Bepaal je doel, indien mogelijk samen met een coach of een andere sparringpartner. Als je iets interessants hoort, toets dan of het past bij je doel. Zo ja, ga er dan voor, maar houd je focus.”

Dit is het eerste artikel in een serie van drie over flexibel ondernemen. Benieuwd naar meer informatie over flexibel ondernemen of wil je meer diepte-interviews lezen met succesvolle ondernemers? Lees hier dan verder. 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nieuw: de zelfreguleringscode voor kindermarketing. Nu met extra grote mazen!

Posted 19 feb 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Dankzij de nieuwe Reclamecode Voor Voedingsmiddelen zijn insuline, statines en hartmedicatie straks niet aan te slepen.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

HEMA vervangt het gedrukte promotiemateriaal door een succesvolle digitale campagne

Posted 19 feb 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Oogst – a Merkle company ontwikkelde een marketingstrategie met HEMA waarbij een digitale campagne het gedrukte promotiemateriaal vervangt

Lees het volledige bericht op Adformatie »