Posts Tagged ‘google’

‘Android toestellen hopeloos achter met veiligheidsupdates’

Posted 17 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Ruim een kwart van de Android smartphones heeft een oude veiligheidsupdate van oktober 2016 of nog ouder. Bijna één derde van deze smartphones geeft geen enkele informatie over veiligheidsupdates. Dit blijkt uit onderzoek van de Consumentenbond.

Voor smartphones zijn er zowel veiligheids- als versie-updates. Met een veiligheidsupdate worden lekken in software gedicht.

Alle Google Pixel, Google Nexus en General Mobile smartphones uit de test hebben de meest recente veiligheidsupdate van april 2017. Van Samsung, marktleider in Nederland van Android smartphones, heeft slechts één model, de Samsung Galaxy J7, de veiligheidsupdate van april 2017.

En Huawei, dat ook vele modellen verkoopt in Nederland, heeft helemaal geen recente veiligheidsupdates voor zijn toestellen.

De laatste versie van Android is 7.1. Eind maart 2017 bleek slechts 8 procent van de toestellen die de Consumentenbond sinds april 2014 heeft getest, over Android 7 te beschikken. Bijna de helft van de smartphones draait op een oudere versie dan Android 6.0, dat al anderhalf jaar oud is.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Site a.s.r. ingeruild voor chatinterface: de eerste inzichten en resultaten

Posted 17 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

De verzekeraar a.s.r. heeft de traditionele homepage in één klap volledig ingeruild voor een ‘conversational interface’ – beter bekend als chatbot. Hoe is een computergestuurd gesprek te rijmen met de persoonlijke adviesrelatie die het bedrijf ook belooft? En wat levert deze vrij opmerkelijke keuze op? Nu de site enkele maanden draait dienen zich de eerste inzichten aan.

Het is nogal een transformatie: geen zoveelste site waarop de informatiedichtheid een hoogtepunt bereikt, maar een uitgeklede variant met daarin een prominent chatvenster. De homepage ís eigenlijk een chatbot. De lancering zorgde begin december voor nogal wat opgetrokken wenkbrauwen. Want vlekkeloos werkte de bot toen zeker niet. Door het statement erboven – ‘a.s.r. gelooft in de kracht van adviseurs’ – deed het zelfs aan een PR-stunt denken. ‘Grapje klanten. Natuurlijk gaan we niet mee met die hype. Want bij a.s.r. geloven we in adviseurs. Mensen die mensen helpen.’

Afbeelding: conversational interface a.s.r. (tekst loopt door aan onderzijde)

‘Vooral nieuwe manier van navigeren’

Een hype kun je al die chatbots makkelijk noemen. Toch is de oude website niet ingeruild om de techniek op zich, vertelt Nick Aanraad die bij a.s.r. verantwoordelijk is voor de customer experience. De verzekeraar had een heldere probleemstelling voor Studio Dumbar – het bureau, onderdeel van het Dept netwerk, dat tekende voor het ontwerp. “Uit de analytics bleek met name dat klanten online lang niet altijd hun doelen bereikten: informatie werd niet gevonden of ze gebruikten de verkeerde telefoonnummers en moesten alsnog worden doorverbonden. We zagen het ook terug in de customer journey’s: er trad verspilling op in de processen. Online liep het niet helemaal lekker dus.”

Hoewel Studio Dumbar drie verschillende concepten presenteerde als oplossing is deze uiteindelijke conversational interface een heel logische uitkomst, zegt Wouter Dirks – online strateeg bij het bureau. Het doel is namelijk om de klantvraag écht centraal te stellen. De bezoekers, met name bestaande klanten, worden direct bij binnenkomst getrakteerd op de servicevraag. ‘Waarmee kunnen we je helpen?’. Tijdens de chat krijgen ze zoveel mogelijk antwoord op vragen of worden ze verwezen naar de dieperliggende pagina’s.

En ook bijzonder: de site is verder helemaal ontdaan van banners en ander marketingmateriaal. De content die er normaal is om over de beschikbare producten te vertellen is grotendeels ingeruild voor de content tijdens de chat. “In mijn visie is dit niet zozeer een geautomatiseerd gesprek maar een andere manier van navigeren.”

‘Techniek moet niet leidend zijn’

Maar waarom niet een meer subtiel chatvenster als toevoeging aan een meer traditioneel vormgegeven site? “Daarmee zouden we ons doel niet bereiken”, legt Aanraad uit. “We kiezen er vrij rigoureus voor om de boel om te draaien. Bedrijven publiceren normaal allemaal inhoud waarvan ze vermoeden dat klanten dat interessant vinden. Vervolgens moet iedere bezoeker zichzelf al filterend een weg banen door al die content. We stellen de vraag liever centraal. Vergelijk het met Google: vertel waarmee je zit, dan snijden wij de rest weg.”

Dat de adviseurs zo nadrukkelijk in beeld komen, is ook een strategische keuze. “We werken met meer dan vijfduizend onafhankelijke adviseurs die een grote rol spelen in de klantbediening en proposities. Hiermee laten we zien te geloven in die meerwaarde van een adviseur. Als een vraag aan de chatbot te complex is wordt iemand doorverwezen.” Dat de foto’s verwarrend kunnen zijn blijkt wel uit de eerste data. Er komt daarom binnenkort een update van de homepage uit. Met behulp van de nu vergaarde data zijn de adviseurs ‘natuurlijker’ op te nemen in de flows. Precies wanneer het voor de vraag relevant is, komt een adviseur dan in beeld.

Voor de ontwikkeling van de ‘conversational interface’ heeft Studio Dumbar opmerkelijk genoeg geen gebruikt gemaakt van kunstmatige intelligentie. “De techniek moet niet leidend zijn”, zegt Aanraad. “Met name de Nederlandse oplossingen op dat vlak zijn niet zaligmakend. We zijn daarom van de inhoud uitgegaan. Met slimme software die de taal interpreteert en ‘human intelligence’ is de chatbot live gegaan. Kunstmatige intelligentie wordt in de gaten gehouden voor een toekomstige versie.”

Concreet betekent dit dat allerlei bedrijfsonderdelen van a.s.r. zijn betrokken bij het project. Daarmee zijn alle mogelijke vragen geïnventariseerd en is vastgesteld welk kanaal op welk moment meerwaarde biedt. “Samen met die service agents zijn allerlei ‘flows’ ontwikkeld. Welke kant stuur je de vragensteller op? Op welk moment bied je contact via live chat of telefoon aan? Die hele complexe beslisboom vormde de basis voor het programmeerwerk.”

‘Data zijn belangrijke meerwaarde’

Zoals uit a.s.r.’s lancering blijkt begint een belangrijk deel van het werk eigenlijk pas na de livegang, bevestigt ook Aanraad. Dat er wat kritiek volgde op de versie uit december was dan ook wel ingecalculeerd. “Wat we online hebben gezet was echt een MVP – een minimaal levensvatbaar product. Juist door live te gaan ontvang je ontzettend waardevolle feedback in de vorm van gebruiksdata. We zijn geen webwinkel met miljoenen bezoekers. De tool moest dus wel een tijdje draaien voor we konden optimaliseren. Dan blijken er altijd mensen te zijn die hun vraag weer net anders stellen dan verwacht of hele andere informatie zoeken. De reacties waren inderdaad wisselend, maar we wisten dat we eerst met de billen bloot moesten.”

Met name al die data zijn een belangrijke meerwaarde voor een bedrijf als a.s.r. Aan het taalgebruik ziet het bedrijf letterlijk hoe klanten zoeken. De een schrijft een heel verhaal, de ander juist kernachtig en kordaat. “Dat leert ons heel goed hoe we klanten straks nog beter kunnen bedienen. De gespreksopening kun je zo bijvoorbeeld personaliseren.”

Wat Aanraad wel ziet is dat een niet onbelangrijk deel van de bezoekers toch het traditionele menu gebruikt terwijl ze de betreffende pagina of informatie sneller hadden gevonden via de chatbot. Hij zegt hier vooral uit op te maken dat bezoekers nog wat ondersteuning kunnen gebruiken bij het formuleren van hun vragen. “We kunnen daarin op verschillende manieren sturen. Door met de openingszin te experimenteren en ook de mate waarin je het initiatief naar je toetrekt. De uitdaging is dat we een open gesprek voeren en niet maar twee keuzemogelijkheden geven. Bij veel andere chatbots die verschijnen wordt er maar een klein aantal bedrijfsonderdelen opgenomen in de beslisboom, wij hebben al onze processen hierin betrokken. We willen dus initiatief nemen en gebruikers in de juiste flow houden, maar wel relevant en open communiceren.”

Natuurlijk levert al die gebruiksdata welkome inzichten op die ook intern bruikbaar zijn. Omdat tijdens elk gesprek wordt gevraagd naar de ervaringen – door de context voelt zo’n vraag niet als enquete terwijl het dat in feite natuurlijk wel is – zijn er goede analyses te maken voor de klantcontactstrategie, vertelt Aanraad. “Via welk kanaal kun je het beste een bepaalde vraag beantwoorden, welk kanaal krijgt de hoogste Net Promotor Score en welke informatie ontbreekt er waar? Het spel van online en offline contact wordt heel tastbaar.”

‘Chatbot is een voortdurend procent’

De bedoeling is dat er zo meer samenhang ontstaat tussen de kanalen. Ontvangt de klant een e-mail en klikt diegene door naar de site dan zou het logisch zijn om op een homepage te landen waar al een chat is gestart. ‘We zien dat je net een bericht hebt ontvangen over je autoverzekering. Wil je meer weten? Of direct een berekening maken?’. In plaats van een homepage met een bak aan informatie krijgt de bezoeker direct antwoord bij zijn zoektocht.

Hoeveel zo’n chatbot nu onderaan de streep scheelt, kan hij nog niet precies zeggen. Maar de Customer Effort Score, de Net Promotor Score en de First Time Fix Rate (percentage van fouten dat tijdens een eerste contact is opgelost) zijn de belangrijke KPI’s. “Daarop is onze nieuwe site echt van positieve invloed.”

Zoals gezegd zien beiden de chatbot als een voortdurend proces. Op korte termijn wil a.s.r. vooral gesprekken optimaliseren en nieuwe content toevoegen. Voor sommige vragen komt videocontent bijvoorbeeld beter tot zijn recht dan tekst. Op de iets langere termijn lijkt het logisch de chatbot te integreren met andere systemen. Een integratie met een inlogomgeving zou de communicatie nog persoonlijker kunnen maken. Een bot speciaal voor Facebook Messenger is niet iets waar a.s.r. nu concreet naar kijkt. Aanraad: “We focussen ons op de eigen website als platform. Ook de koppeling met software van partnerbedrijven staat op de wensenlijst. Dan til je de service echt naar een nieuw niveau.”

Beiden adviseren anderen vooral lef te hebben. “Nee de technieken zijn nog niet perfect”, realiseert Dirks zich ook. “Twee jaar wachten op de perfecte bot is dan een optie. Maar a.s.r. beschikt straks over twee jaar aan statistieken. Al die learnings zijn heel erg welkom als de stap naar kunstmatige intelligentie wel is te zetten.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Inspelen op Voice Search? Begin vandaag

Posted 16 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

“Moet ik al gaan inspelen op spraakgestuurde zoekopdrachten en zo ja, hoe kan ik dat doen?”. We geven je in dit artikel graag een update rondom de Voice Search ontwikkelingen. Hoewel er steeds vaker wordt geschreven over deze nieuwe manier van zoeken, ondernemen nog maar weinig bedrijven actie. Doorloop het stappenplan en kom erachter of je websitebezoekers gebruik maken van gesproken zoekopdrachten. Hoe sneller je inspeelt op de verkregen inzichten, hoe grotere stappen je maakt.  

Voice search is het opvragen van informatie via een smartphone, waarbij de zoekopdracht wordt ingesproken in plaats van getypt. Door de continue ontwikkeling van Artificial Intelligence, zijn zoekmachines beter in staat om zoekopdrachten in de juiste context te plaatsen en worden antwoorden relevanter voor de gebruiker. Met een toekomst waarin digitale assistenten (zoals Google assistent die het Google Home device aandrijft) steeds belangrijker worden, moeten we rekening houden met PASO. Met wat? Met Personal Assistant Search Optimization.

Voice Search ontwikkelingen binnen Nederland

Ligt er met Voice Search een tweede mobiele revolutie op de loer? Het is al langer bekend dat 20 procent van alle zoekopdrachten binnen de VS spraakgestuurd is. Je zal begrijpen dat Voice Search met name gebruikt wordt wanneer mensen onderweg zijn en de handen in gebruik hebben (het besturen van een auto) of wanneer het typen lastig is (op een mobiele telefoon). Hoewel oudere generaties de gewoonte hebben om te typen, hoeven jongere generaties niet eens meer hun best te doen om Voice Search te adopteren. Zij zijn beland in een tijdperk waarin mobiele applicaties Voice promoten en dit als normaal wordt beschouwd in het straatbeeld.

Daarom wordt verwacht dat in 2020 zelfs de helft van alle zoekopdrachten gesproken of op afbeelding gebaseerd zal zijn. Door content te creëren die digitale assistenten kunnen gebruiken om vragen van de Voice gebruikers te beantwoorden, speel je in op de Voice Search revolutie. Hoe sneller je handelt, hoe meer je uitloopt op de concurrentie.

Hoewel het nog niet is onderbouwd met data, schat Google dat reeds zes procent van de Nederlandse zoekopdrachten spraakgestuurd is. Dus ga maar na: hoeveel van jouw bezoekers maken al gebruik van Voice Search?

Hoe herken ik een spraakgestuurde zoekopdracht?

Je herkent een spraakgestuurde zoekopdracht aan verschillende kenmerken. Volgens onderzoek van Moz zijn er in de basis vijf verschillen tussen tekst en spraakgestuurde opdrachten. Voice Search bevat langere zoekopdrachten (1) en natuurlijker taalgebruik (2). Dit zorgt voor meer vragende zoekopdrachten (3), wat de intentie van de zoekopdracht duidelijker maakt (4). Tenslotte zijn Voice resultaten vaker lokaal gebaseerd (5), waardoor er meer ‘quick answers’ en ‘quick actions’ worden getriggerd.

Maar wat betekent dit voor je? Om in te spelen op Voice Search, moet je eerst de spraakgestuurde zoekopdrachten van je bezoekers inzichtelijk hebben.

Hoe maak ik spraakgestuurde zoekopdrachten inzichtelijk?

Spraakgestuurde zoekopdrachten maak je inzichtelijk door gebruik te maken van de bovenstaande kenmerken. Tot op heden maakt Google namelijk nog geen onderscheid tussen tekst en spraakgestuurde zoekopdrachten binnen een zoektermenrapport. Om erachter te komen of je bezoekers al gebruik maken van Voice Search, kan je een inschatting maken van de spraakgestuurde zoekopdrachten op basis van de eerder genoemde kenmerken. Hoe je dit doet? Wij hebben het stappenplan Voice Search Insights voor je gemaakt.

Stappenplan: Voice Search Insights

  1. Download een Search Query Report (SQR) vanuit een Webmaster Tool, zoals Search Console. Via Super Metrics kan je op een snelle manier de top-5000 organische zoektermen voor je website exporteren naar Google Sheets.
  2. Wanneer je de voorkeur hebt om in Excel te werken, kan je de resultaten plakken in Excel en vanuit daar verder werken. In dit stappenplan gebruiken wij Google Sheets.
  3. Zorg dat je de zoektermen en impressies in Google Sheets hebt staan, aangevuld met kolommen naar eigen wens.
  4. Voeg een extra kolom toe en plaats hierin het aantal woorden waaruit de zoekterm bestaat. Je kan hiervoor de volgende formule gebruiken:Afbeelding 1. Formule voor ‘aantal woorden’
  5. Filter op lengte van de zoekterm, waardoor je de zoekopdrachten met (bijvoorbeeld) minimaal vijf zoekwoorden overhoudt.
  6. Nadat je hebt gefilterd op een minimaal aantal woorden, selecteer je enkel de zoekopdrachten die er natuurlijk geformuleerd uitzien. Een voorbeeld van één van onze partners, ziet er als volgt uit:

    Afbeelding 2. Voorbeelden van spraakgestuurde zoekopdrachten

Natuurlijk moeten we met deze aanpak een slag om de arm houden. Maar totdat Google daadwerkelijke spraakgestuurde zoektermen inzichtelijk maakt, is het een goed begin. Hoe nu verder?

SEO ontmoet PASO

Nu je een inschatting hebt van relevante spraakgestuurde zoekopdrachten, kan je aan de slag. Verwerk concrete actiepunten in je SEO strategie. Hierbij is het belangrijk dat je begrijpt wat PASO inhoudt.

Wanneer je bezoeker gebruikmaakt van een digitale assistent, zullen vraag en antwoord elkaar direct en logisch opvolgen. Je moet je voorstellen dat je bezoeker een interactief gesprek voert door middel van haar smartphone. Dit wordt ook wel conversational search genoemd.

Het is daarom belangrijk dat de websitecontent zo natuurlijk mogelijk is geschreven. Verwerk de Voice Search Insights (die je hebt gevonden dankzij het doorlopen van het stappenplan) in je content en geef zo natuurlijk mogelijk antwoord op deze zoekvragen. De digitale assistenten herkennen deze vraag-antwoord constructie, waardoor je de kans vergroot dat je content als antwoord wordt gebruikt.

Daarnaast blijken digitale assistenten vaak featured snippets te gebruiken als informatiebron. Deze snippets zijn uitgelichte antwoorden op zoekvragen binnen Google, die vaak met ‘wat’ of ‘hoe’ beginnen. Ze verschijnen in een box boven de eerste organische positie en worden daarom ook wel de ‘nul-positie’ genoemd.

Afbeelding 3. Voorbeeld van een featured snippet

Hoe kan je content optimaliseren om als featured snippet weergegeven te worden in de SERP? Maak zoveel mogelijk gebruik van de eerder genoemde vraag-antwoord constructie. Verwerk de exacte zoekvraag bij voorkeur in een header (h1 of h2) en geef hieronder direct antwoord op de vraag. Een andere manier is om een kennisbank te starten binnen hetzelfde domein, waardoor je aan Google laat zien dat je een autoriteit bent binnen deze niche. Maak ook hier gebruik van de vraag-antwoord constructie, en profiteer tegelijkertijd van unieke en relevante content.

Tenslotte zijn de Voice Search resultaten vaker lokaal gebaseerd, waardoor we je adviseren om de microdata op orde te hebben. Voorbeelden van microdata zijn je adres, telefoonnummer en openingstijden. Zorg dat de broncode van je webpagina is voorzien van voldoende microdata, zodat Google (en de digitale assistent) je weet te vinden wanneer er in de omgeving naar je product of dienstverlening wordt gezocht.

Let the Voice battle begin

Maak de spraakgestuurde zoektermen van je bezoekers inzichtelijk door bovenstaand stappenplan te doorlopen. Gebruik deze resultaten om vandaag nog Voice-proof content te creëren. Pas je SEO strategie hierop aan en sla je slag door vroeg te beginnen met PASO. ‘OK Google, let the Voice battle begin!’

*) Dit blog is mede tot stand gekomen met Diantha van Surksum.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Google past voorwaarden AdSense aan, geen ban meer bij misbruik

Posted 16 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Google gaat websites niet langer straffen als zijn AdSense advertenties naast ongeschikte content komt te staan. De advertenties worden nog steeds ingetrokken, maar alleen op de pagina’s waar die content is te vinden.

Google betaalt jaarlijks 11 miljard dollar uit aan sitebeheerders via het AdSense programma. Daaraan zijn wel voorwaarden verbonden. Racistische opmerkingen of pornografie worden bijvoorbeeld niet getolereerd.

Tot nu toe kon een site een volledige ban opgelegd krijgen bij misbruik, ook als de aanstootgevende content weer was verwijderd, maar dat gaat veranderen. Google wil naar eigen zeggen de transparantie vergroten. Lang niet altijd werd de oorzaak van een ban duidelijk gecommuniceerd.

Verder introduceert Google een Policy Center voor AdSense uitgevers. Daar krijgen ze meer informatie over wat wel en niet is toegestaan.

De nieuwe voorwaarden worden de komende weken van kracht.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Overname Spinnin’ Records in de maak’

Posted 16 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Sony en Warner overwegen om het Nederlandse Spinnin’ Records over te nemen. Het sterk digitaal georiënteerde dancelabel van Eelko van Kooten wordt in ieder geval aangehaald door Music Business Worldwide als overnamekandidaat. Er zouden al enige tijd gesprekken gaande zijn, ook met private financiers.  

‘Een beetje weinig’ reageert Van Kooten, zoon van Willem van Kooten alias Joost den Draayer, op het bedrag van 100 miljoen dollar dat door het magazine wordt genoemd.

Dat grote labels belangstelling hebben voor (buitenlandse) dancelabels is geen geheim. Sony heeft de afgelopen jaren al diverse muzieklabels overgenomen, waaronder Ministry of Sound.

Spinnin’ Records uit Hilversum heeft artiesten als Tiësto, Afrojack, Sander van Doorn en Oliver Heldens onder contract en het YouTube-kanaal telt alleen al 17 miljoen abonnees.

Worden Facebook, YouTube, Twitter, Instagram, Google+ en Soundcloud meegerekend dat komt het aantal volgers op 23 miljoen.

Denis Doeland heeft onlangs nog het digitale vermogen van het label uitgerekend en komt op een bedrag van 55 miljoen euro. Die waardering is gebaseerd op het aantal digitale connecties: relaties tussen fan en Spinnin’, maar ook de relatie van de fans onderling. Doeland ziet Spinnin’ als een sterk virtueel sociaal netwerk.

De ontwrichting op het gebied van communicatie, marketing en verkoop voltrekt zich in de dance-industrie in een razend tempo, constateert Doeland. ‘De always connected realiteit geeft meer dan ooit mogelijkheden om een directe relatie met de (potentiële) achterban te onderhouden. Digitale kanalen vormen nu de meest effectieve, flexibele en schaalbare manier om deze relaties te ontwikkelen. De positie in het digitale ecosysteem bepaalt het succes van een dancelabel.’



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Google Assistant naar iOS’

Posted 15 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Google Assistant, het spraakhulpje van het bedrijf, maakt zijn debuut op iOS. Volgens Android Police wordt dat volgende week al aangekondigd op de ontwikkelaarsconferentie I/O.

Naar verluidt zal de app eerst alleen in de VS beschikbaar zijn. De Nederlandse ondersteuning zal ongetwijfeld langer op zich wachten.

Google Assistant debuteerde op Google Pixel en is inmiddels op meer Android-smartphones te vinden, waaronder de LG G6, Moto G5 en Moto G5 Plus.

Anders dan Apples Siri zal Google Assistant een losstaande app blijven en niet echt geintegreerd zijn in iOS.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Taxibedrijf Lyft partnert met Waymo

Posted 15 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

De concurrent van Uber in Amerika Lyft gaat samenwerken met Waymo, het Googleonderdeel dat is gespecialiseerd in technologie voor zelfrijdende auto’s.

Dat bevestigen de partijen aan Amerikaanse media.

Op welke onderdelen ze met elkaar samenwerken, houden ze echter voor zich. Het ligt voor de hand dat Lyft op geaggregeerd niveau ritinformatie levert en Waymo de technologie om auto’s zelfrijdend te maken.

De automobielindustrie en technologiebedrijven sloten afgelopen kwartalen op verscheidene niveaus deals. Beiden vinden ze in elkaar materie om de producten en diensten van de toekomst mee te ontwikkelen. Hoe die er exact uitzien en wie welke rol in de keten speelt, zal de tijd moeten wijzen. De ideeen daarover zijn niet veel meer dan opvattingen en wensen.

Foto: Tony Webster (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Durf jij te LinkTinderen? Social Selling 2.0

Posted 15 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Heb je het gevoel dat jouw contentmarketing-inspanningen niet genoeg rendement opleveren? Dat de tijd die je erin stopt niet in verhouding staat tot de omzet die het genereert? Dan ben je zeker niet alleen.

Contentmarketing werkt fantastisch om bekendheid te krijgen, waardevol te zijn voor je doelgroep, volgers en fans te krijgen. En ja, ook leads en zelfs klanten te werven.

Toch merken veel bedrijven, zeker MKB bedrijven, dat de conversie van blogbezoekers en socialmediavolgers naar leads, prospects en klanten kan tegenvallen. Kijkers zijn nu eenmaal lang niet altijd kopers.

Zelf merkte ik dit ook. Mijn niet geringe inspanningen op het gebied van contentmarketing de afgelopen jaren leveren zeker veel goodwill, zakelijke contacten, partnerships en ja, ook klanten op. Maar voor mijn gevoel moest er veel meer in zitten. In verhouding tot de hoeveelheid exposure, vond ik het rendement relatief onder de maat.

Ontbrekende schakel: de telefoon

Ik had het gevoel dat ik iets over het hoofd zag bij mijn onlinemarketingaanpak. Maar wat?

Het kwartje viel toen ik klanten die bij CopyRobin een proefopdracht hadden ingeschoten, maar daarna, ondanks onze follow up e-mails, stil bleven, ging nabellen. Het bleek te helpen. Na een hartelijk telefoongesprek converteerden de meesten alsnog tot klant.

In een telefoongesprek kon ik snel de vragen waarmee ze zaten beantwoorden en twijfels wegnemen. Ik had de ontbrekende schakel gevonden: de telefoon.

Koud bellen?

Omdat ik voor CopyRobin snel meer klanten wilde werven, besloot ik om proactief prospects te benaderen door middel van social selling via LinkedIn.

Ik verdiepte me in de materie. Luisterde naar en las een aantal boeken (verderop vind je mijn boekenlijst) en kwam tot de conclusie dat ik om meer resultaat te halen de telefoon weer moest herontdekken als verkooptool.

Maar ‘koud’ bellen? Daar geloof ik nog steeds niet in. Waarom zou ik een ander iets aandoen dat ik zelf verschrikkelijk vind?

Social selling 2.0

Ik sprokkelde alle goede ideeën uit de boeken die ik heb gelezen en geluisterd bij elkaar en formuleerde een nieuwe social selling strategie om tot betere verkoopresultaten te komen. Die social selling strategie bestaat er in het kort uit dat ik mijn online presence inzet als een ijsbreker voor mijn outbound verkoop: ‘social selling 2.0’.

Het komt erop neer dat ik mijn online reputatie gebruik om in contact te komen met zoveel mogelijk mensen die in mijn ‘target profile’ passen. Vervolgens start ik online een conversatie met ze, met als doel om bij de meest geschikte prospects de relatie naar offline te halen. Een telefoongesprek en uiteindelijk een afspraak.

Deze zogenoemde ‘outbound prospecting’ is tijdrovend. Het is dus zaak om je tijd zo effectief mogelijk te besteden. Daarom heb ik een proces uitgewerkt dat ik hieronder met je ga delen.

Gebruik het ter inspiratie, maar pas het vooral naar je eigen inzichten en mogelijkheden aan. Ieder mens is anders. Iedere doelgroep is anders. Maar als je de outline van mijn social selling 2.0 proces volgt, bespaar je jezelf gelijk al een hoop kostbare tijd.

Stap 1: Bepaal het ‘target profile’ van je prospect

Om effectief met je tijd om te gaan, kun je het beste eerst een ‘target profile’ formuleren van de prospects die je wilt gaan benaderen. Daar kunnen we ingewikkeld over doen, maar wat naar mijn ervaring het beste werkt is om je ideale klant in gedachten te nemen en die goed te beschrijven.

Wat zijn de grootste uitdagingen waarmee deze mensen dagelijks te maken hebben en waarvoor jouw bedrijf de beste oplossing biedt?

In mijn geval koos ik voor internetbureaus. Dat had namelijk een aantal voordelen:

  • Ik kon me heel goed in hun situatie verplaatsen, omdat ik zelf jarenlang een internetbureau heb gerund.
  • Daardoor wist ik dat voor veel internetbureaus het produceren van teksten voor hun opdrachtgevers vaak een bottleneck is. Een duidelijk pijnpunt.
  • Internetbureaus werken voor veel opdrachtgevers, dus met een bureau haal ik potentieel veel werk binnen.
  • CopyRobin levert naar mijn mening de beste oplossing, namelijk het op schaal super gestroomlijnd produceren van originele teksten.

Ik verfijnde mijn target profile verder tot bureaus met 20 tot 200 medewerkers. Kleinere of grotere bureaus kunnen ook prima bij ons terecht, evenals tal van andere bedrijven, maar dit werd mijn focus.

In totaal bestond mijn doelgroep daardoor uit zo’n 250 internetbureaus. Een aantal dat goed is te overzien. Want de kracht van social selling 2.0 is dat je al je communicatie zo efficiënt mogelijk kunt inzetten. Je moet je marketing en sales content zo min mogelijk per lead hoeven aanpassen. Dat scheelt veel tijd.

Actiepunt: Omschrijf voor jouw bedrijf je meest waardevolle klant en vertaal dat naar een target profile.

Stap 2: Publiceer waardevolle informatie

Als je nog niet aan content marketing doet, kijk wat de mogelijkheden zijn. Heb je tijd en inspiratie om te bloggen, begin dan zeker met een blog. Al is het alleen op LinkedIn.

Het voert te ver om in het kader van dit artikel al te diep in te gaan op het publiceren van waardevolle informatie, maar ik heb al talloze eerdere artikelen over dit onderwerp gepubliceerd.

Heb je geen tijd om te bloggen, of is schrijven niet je ding? Er zijn tal van mogelijkheden om het uit te besteden.

Als zelf content publiceren geen optie is, kun je ook een heel eind komen door content van anderen te delen. Zorg ervoor dat het content is die voor jouw target profile waardevol is en dat je er zoveel mogelijk zelf waarde aan toevoegt door de content in context te plaatsen.

Tip: Gebruik Sniply om meer waarde te halen uit de content die je deelt. Sniply plaatst namelijk een kleine banner met jouw boodschap onder de pagina die je deelt.

Actiepunt: Publiceer regelmatig content die interessant is voor je doelgroep. Eigen content en/of content van derden waar je zelf jouw inzichten aan toevoegt (content curation).

Stap 3: Maak een klantcentrisch LinkedIn profiel

Nu komt een essentieel onderdeel van deze aanpak: een super converterend ‘klantcentrisch’ LinkedIn profiel.

Zoals je verderop zult zien, wordt jouw LinkedIn profiel als het ware een landingspagina die tot taak heeft om bezoekers te converteren tot connecties.

Deze ‘landingspagina’ bestaat uit 6 belangrijke onderdelen waaraan je aandacht moet besteden om ze op de juiste manier in te richten.

1. Je achtergrondfoto

Gebruik een eigen, unieke achtergrondfoto in plaats van de standaard achtergrond die LinkedIn je geeft. Met de achtergrondfoto kun je meer van jezelf en/of je bedrijf laten zien.

2. Je profielfoto

Een klantcentrisch LinkedIn profiel heeft in ieder geval een perfecte profielfoto foto. Lees in dit artikel hoe je een perfecte profielfoto voor LinkedIn maakt. Volgens LinkedIn ontvangen profielen met foto 21 keer meer bezoekers dan profielen zonder foto.

3. Je naam

Je naam: Alleen je naam en eventuele titel.

4. Je functieomschrijving

Laat vooral zien wat je voor je klanten doet en met name bereikt.

5. Je samenvatting (zichtbaar):

De eerste twee regels moeten de bezoeker direct pakken, want alleen de eerste circa 213 tekens zijn zichtbaar. Vergelijk het met de zoekresultatenpagina (serp) in Google. Jouw naam en functieomschrijving zijn dan de titel en de eerste 213 tekens van je samenvatting zijn dan de meta omschrijving. Tezamen moeten ze de bezoekers verleiden op de rest van je profieltekst te lezen door op de knop ‘meer weergeven’ te klikken.

Tip: Gebruik bijzondere tekens om extra op te vallen.

6. Je samenvatting (verborgen):

De rest van je samenvatting is verborgen achter de knop ‘Meer weergeven’. Hier heb je nog zo’n kleine 1.800 tekens om je landingspagina compleet te maken. Gebruik deze ruimte, dat helpt met de nodige zoektermen om je profiel beter vindbaar te maken.

Maak er in ieder geval geen C.V. van! Tenzij je op zoek ben naar een andere baan uiteraard. Maar als je vooral in contact wilt komen met de juiste prospects, schrijf dan de tekst zoals je een goede landingspagina zou schrijven.

Tip: luister naar deze aflevering van de podcast Linkedinformed en bezoek dit artikel op Inc. en deze blog van LinkedIn.

Actiepunt: Update je LinkedIn profiel zodat het een perfecte klantcentrische landingspagina is gericht op jouw target profile.

Stap 4: Ga ‘LinkTinderen’

Ik hoor nog regelmatig mensen zeggen dat ze alleen connecten op LinkdIn met mensen die ze ook persoonlijk kennen. Prima als je geen verantwoordelijkheid hebt om meer verkopen te realiseren. Maar als je wel new business zoekt, kom je met die instelling niet ver.

Leestip: Waarom ik graag link met onbekenden op LinkedIn – Corinne Keijzer

Het woord zegt het al: new business. Daarvoor moet je nieuwe mensen leren kennen. En LinkedIn leent zich daarvoor uitstekend.

Maar hoe laat je nou zowel de kwaliteit als de kwantiteit van je LinkedIn connecties razendsnel groeien?

Hoe kun je connecten met mensen op schaal? Zonder dat ze je als een stalker gaan zien.

Om die vraag te beantwoorden kun je het beste eerst een andere vraag aan jezelf stellen: kijk je wel eens op LinkedIn naar wie jouw profiel hebben bezocht?

Anders dan bij Facebook, kun je op LinkedIn zien wie jouw profiel heeft bekeken. Bij de gratis versie is dit weliswaar beperkt tot de laatste vijf, maar in de betaalde versies van LinkedIn kun je zien wie jouw profiel de afgelopen 90 dagen hebben bezocht.

Wat doe je als zo’n profiel jouw interesse wekt? Als je denkt dat die persoon misschien wel interessant voor je kan zijn? Dan kijk je terug toch?

Lok spontane connectieverzoeken uit

Dit is dus waar stappen 1 t/m 3 zich gaan uitbetalen. Want als het goed is, heb je een perfect, klantcentrisch profiel, waarop je regelmatig waardevolle content deelt gericht aan precies de juiste doelgroep. En als je veel profielen bezoekt die aansluiten bij jouw target profile, zul je zien dat veel van die mensen jouw profiel gaan bekijken.

Goedkoper adverteren bestaat niet. Als jouw profielpagina is ingericht als een landingspagina die interessant is voor jouw target profile, zul je veel terugkijkers krijgen. En zelfs veel spontane connectieverzoeken.

Zie het als ‘LinkTinderen’.

Je hebt elkaar bekeken en als er een match is, is een connectieverzoekje snel gestuurd en vrijwel altijd geaccepteerd.

Maar het op schaal bezoeken van LinkedIn profielen kost natuurlijk veel tijd. Dus dat gaan we automatiseren. En daarvoor gebruiken we twee tools:

Pak je target profile erbij en zoek op LinkedIn naar mensen die daarbij matchen. In LinkedIn Sales Navigator gaat dat heel makkelijk met ‘lead builder’. Dat is de uitgebreide zoekfunctie van Sales Navigator die je in staat stelt om heel gericht bedrijven (accounts) te vinden die passen bij jouw target profile en vervolgens de juiste mensen (leads) binnen die bedrijven.

Sales Navigator Lead Builder:

Sales Navigator is echter nogal kostbaar (vanaf zo’n € 48 per maand). Als je die kosten niet kunt of wilt dragen, kun je ook prima zoeken met de standaard zoekfunctie.

LinkedIn standaard zoekfunctie:

Gebruik de diverse filters tot je een goed zoekresultaat hebt. Bij voorkeur ergens tussen de 200 en 3000 profielen. In Sales Navigator kun je de zoekopdracht nog verfijnen tot uitsluitend mensen die de afgelopen 30 dagen actief waren op LinkedIn. Op die manier verspil je geen bezoeken aan mensen die waarschijnlijk toch niet kijken. (Zo’n 25% van alle profielen op LinkedIn is inactief).

Bewaar het zoekresultaat voor later:

Automatiseer het bezoeken van profielen

Nu ga je aan de slag met je geheime wapen: Dux-Soup. Met deze tool kun je automatisch de LinkedIn profielen van je zoekresultaat bezoeken, terwijl jij ondertussen iets nuttigers – of leukers – doet.

Daarnaast stelt Dux-Soup je in staat om tags en notities toe te voegen aan LinkedIn profielen. Een functionaliteit die LinkedIn enige tijd geleden heeft overgeheveld van de gratis versie naar Sales Navigator. Ook in Sales Navigator is deze functie van Dux-Soup handig. Met name de ruimte voor notities, want die staat veel meer tekens toe dan Sales Navigator zelf.

De gratis versie stelt je in staat om maximaal 150 profielen per dag te bezoeken. Er is ook een betaalde ($10 per maand) versie waarmee je tot wel 800 profielen per dag kunt bezoeken (kijk daar wel mee uit, want LinkedIn kan dat als ongewenst gedrag zien). Ook kun je met de betaalde versie de e-mailadressen van 2e graads connecties ophalen.

Tip: Gebruik de autotag functie van Dux-Soup om automatisch bij elk bezocht profiel een tag te plaatsen waardoor jij straks weet dat een bepaalde persoon daadwerkelijk jouw profiel eerst heeft bekeken. Dat ga je namelijk gebruiken in de tekst bij je connectieverzoek.

Connect met de mensen die jouw profiel hebben bekeken

Nu komt het: nadat Dux-Soup zijn werk heeft gedaan, analyseer je de mensen die jouw profiel hebben bekeken. Je zult merken dat dit er veel meer zijn dan voorheen. Ook zul je merken dat je al snel een paar spontane connectieverzoeken per dag extra krijgt.

Scan de profielen van de mensen die jouw profiel hebben bezocht en stuur een connectieverzoek naar ieder persoon die voldoet aan jouw target profile. Ik raad je aan om een gepersonaliseerd bericht mee te sturen.


Ik gebruik daarvoor een standaard bericht dat voor 95 procent van toepassing is op mijn target profile en ik varieer daar een beetje in per verzoek. Sowieso gebruik ik altijd de voornaam van de persoon in de aanhef en varieer ik een beetje met de functie naam waar nodig.

Tip: Gebruik TextExpander om snel je standaard teksten in je berichten te plakken. Dat scheelt veel tijd.

Zodra iemand je connectieverzoek heeft geaccepteerd stuur je hem of haar een welkomstbericht. Zorg dat je welkomstbericht jouw nieuwe connectie verrast door niet te pitchen, maar juist te helpen.

Wijs ze gerust op je blog of nodig ze uit je te volgen op Twitter of om lid te worden van een LinkedIn groep of Facebook groep die je beheert. Zolang het maar dienstbaar is en niet opdringerig.

Tip: Verderop deel ik al mijn template teksten met je, zodat je een paar concrete voorbeelden hebt ter inspiratie.

Deel updates en content van je leads

Sales Navigator heeft een handige newsfeed die alleen de updates van jouw accounts toont. Dit maakt het makkelijk om de updates van accounts en bijbehorende leads te volgen. Deel, like of plaats een opmerking bij de updates van je leads. Dat zal hen zeker niet ontgaan. Zo bouw je stapje voor stapje aan de relatie met je prospects.

Home screen LinkedIn Sales Navigator met in het midden de newsfeed van geselecteerde leads en accounts:

Het contact is gelegd. Nu begint het echte werk: van online naar offline.

Actiepunt: Connect met zoveel mogelijk mensen die passen bij jouw target profile en vergroot je zichtbaarheid door regelmatig artikelen of updates te posten en hun content te delen.

Power tip: LinkTinder met bezoekers van je website

Er bestaan tegenwoordig veel tools die bedrijven herkennen die je website hebben bezocht.


Ik heb de afgelopen jaren regelmatig trial accounts van dergelijke tools aangemaakt, maar ik vond het zonde van m’n tijd. Ja, ik kon zien welke bedrijven mijn website hadden bezocht, maar wat moest ik met die informatie?

Ik kon ze moeilijk benaderen met de mededeling dat ik had gezien dat ze m’n website hadden bezocht. Da’s nogal creepy. Maar in combinatie met ‘LinkTinderen’ werkt het prima.

Je ziet dat een bedrijf dat past bij je target profile je website heeft bezocht. Vervolgens zoek je op LinkedIn het bedrijf op en klik je op een overzicht van alle medewerkers en LinkTinderen maar! Wacht af wie er terugkijken en stuur een connectieverzoek.

Ik heb een aantal van dergelijke tools bekeken: Online Succes, Leadforensics, Whoisvisiting  en Leadfeeder. Mijn keuze viel uiteindelijk op Leadfeeder om twee belangrijke redenen:

  • Ten eerste hoef je bij Leadfeeder, in tegenstelling tot de overige tools, geen code in je website te plaatsen. Het werkt met Google Analytics. Dat heeft als voordeel dat je gelijk bij de start van je trialperiode al een geschiedenis van 30 dagen kunt inzien. De trial is met 30 dagen ook lekker lang.
  • Ten tweede is Leadfeeder (vanaf 59 euro per maand) de helft goedkoper dan de concurrenten en daarmee in een prijsbereik dat ik acceptabel acht voor een dergelijke tool. En voor zover ik kan zien herkent Leadfeeder even veel bedrijven als de andere tools.

Tip: Maak ‘custom feeds’ aan om snel de meest waardevolle prospects te vinden. Bijvoorbeeld inschrijvingen op je nieuwsbrief of mensen die je contactpagina hebben bezocht. Hieronder wat voorbeelden van Mediaweb in Leadfeeder:

Stap 5: Bellen!

Het doel van social selling 2.0 is om in gesprek te komen met interessante prospects. En de beste manier om met je prospects te praten is via de telefoon, videogesprek of uiteraard een persoonlijk gesprek op locatie.

Afhankelijk van hoe moeilijk bereikbaar jouw prospects doorgaans zijn, zul je daarvoor waarschijnlijk meerdere contactmomenten nodig hebben. En daarbij zet je ook meerdere communicatiemiddelen in:

  • LinkedIn berichten
  • E-mail
  • Voicemail
  • SMS/Whatsapp/Facebook Messenger
  • Telefoongesprek

Als het goed is, heb je een overzichtelijke lijst met prospects en heb je een eerstegraads connectie met ze op LinkedIn. Jullie hebben een paar berichtjes uitgewisseld. Je hebt al een tijdje zo nu en dan updates en content van ze geliked, gedeeld of van een comment voorzien.

Als je ze nu gaat bellen, zullen ze het niet als koude acquisitie ervaren. Ze kennen je al enigszins. Je hebt ze al waarde gegeven. Neem maar van mij aan dat als je ze nu gaat bellen, ze je vriendelijk te woord zullen staan. Dus, wees niet bang. Klim in die telefoon!

Je eerste gesprek heeft alleen maar tot doel om erachter te komen of het zin heeft om een afspraak te maken voor een langer gesprek face to face of via een video conference.

Tip: stuur je prospects een link naar een online agenda waarmee ze zelf makkelijk een afspraak met je kunnen plannen. Er bestaan meerdere oplossingen, maar mijn keuze is gevallen op Youcanbook.me.

Veel mensen zetten hun mobiele nummer in hun contactgegevens op LinkedIn. Ik bel bij voorkeur zo’n mobiel nummer. Want als je dat doet, kunnen er drie dingen gebeuren:

  • De prospect neemt zelf op
  • Je wordt doorgeschakeld naar voicemail
  • Er is geen verbinding
Voicemail: spreek altijd iets in

Je zult vaak de voicemail krijgen, Spreek altijd een bericht in met wie je bent en waarom je belt. Noem je telefoonnummer twee keer. Houd het kort. Minder dan vijftien seconden is ideaal. Maak het in ieder geval niet langer dan 30 seconden. Zorg dat je een voicemail template hebt, zodat je niet met een bek vol tanden staat. Maar laat nooit meer dan eens dezelfde boodschap achter bij een prospect.

Gatekeeper: benader als belangrijkste prospect

Als je een vast nummer belt, is de kans groot dat je een ‘gatekeeper’ krijgt. Tenzij je de directe lijn van je prospect hebt natuurlijk. Gatekeepers zijn receptionisten, office managers, collega’s etcetera. Er bestaan tal van boeken over het omgaan met gatekeepers. Mijn advies: behandel ze altijd vriendelijk en wees transparant over je bedoelingen. Stel hem of haar gewoon de vragen die je ook aan je prospect zou stellen. Als je waardevol overkomt, is de kans groot dat ze je doorverbinden of een serieuze terugbelnotitie sturen.

Prospect direct aan de lijn: kom snel ter zake

Als je geluk hebt, krijg je jouw prospect direct aan de lijn. Zorg dan zeker dat je niet met je bek vol tanden staat. Bereid je gesprek altijd goed voor. Houd een script voor het gesprek bij de hand, maar lees het niet letterlijk op. Dat komt onnatuurlijk over. Noem je naam, verwijs naar jullie connectie op LinkedIn en kom snel ter zake.

Mijn ervaring is dat verreweg de meeste prospects aangenaam verrast zijn. Serieus. Meestal is de eerste reactie een kreet van herkenning in de trant van: “Hee Eric!”. Dit is geen koude acquisitie. Integendeel.

Vertel na het moment van herkenning direct waarom je belt. Draai niet om de hete brij heen. Verwijs naar jullie eerdere contacten via LinkedIn en zeg bijvoorbeeld dat je kort wilt overleggen of een afspraak voor nader onderzoek zinvol is.

Powertip: Time blocking

Blokkeer vaste tijden in je agenda om telefonisch te prospecten. Doe het bij voorkeur in de ochtend, voordat je aan je dagelijkse beslommeringen begint. Je bent dan nog fris en na afloop heb je voor de rest van de dag al een super voldaan gevoel.

Actiepunt: Blokkeer elke week een paar vaste momenten in je agenda om prospects te bellen.

Social Selling 2.0 Templates PDF

Het voert te ver om in dit artikel in detail te beschrijven hoe je deze moderne vorm van telefonische acquisitie doet. Maar gelukkig zijn daar een flink aantal uitstekende boeken over geschreven. Ook biedt deze blogpost niet de ruimte om alle voorbeeldteksten te plaatsen.

Daarom heb ik een PDF voor je gemaakt met daarin een lijst met de beste boeken over prospecting en sales van dit moment en al mijn templates voor de diverse berichten:

  • Connectieverzoeken
  • Bedanken na acceptatie
  • Welkomstbericht inkomende verzoeken
  • Telefoon script
  • Voicemail script

Kopieer en pas aan naar eigen smaak en omstandigheden.

Stuur me een gepersonaliseerd connectieverzoekje via LinkedIn en verwijs naar dit artikel. Dan stuur ik je de PDF met liefde toe.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nieuwe CEO voor Webtrekk

Posted 12 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Analyticsbedrijf Webtrekk stelt Wolf Lichtenstein aan als nieuwe algemeen directeur.

De Duitse onderneming, met activiteiten in Nederland, maakte gisteren bekend dat de leiding in handen van de oud topman van SAS Germany en, tot voor kort, partner bij McKinsey komt.

Lichtensteins missie is het customer intelligence platform steviger op de internationale markt te positioneren. Hij neemt de taken over van oprichter Christian Sauer.

Gebruikers van het dertien jaar oude systeem vinden er een concurrent in voor de analytics- en DMP-diensten van Adobe en Google. Webtrekk heeft kantoren in Berlijn, Milaan, Madrid, Amsterdam en Peking. Het bedrijf ontving in 2014 25 miljoen euro venture capital.

Foto: Jörg Schubert (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nieuwe hardwarebaas Google alweer weg

Posted 12 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

De man die Amazon hielp aan zijn grootste successen Kindle en Echo hielp en vervolgens naar Google overstapte, heeft dat bedrijf alweer verlaten.

Google wil niet zeggen waarom David Foster al na zes maanden weer is opgestapt. Hij zou de hardwaretak van Alphabet (het moederbedrijf va Google) verder helpen uitbouwen en werkte aan nieuwe modellen van de succesvolle smartphone Pixel en Home luidspreker.

Foster was verantwoording schuldig aan oud-Motorola topman Rick Oserloh.

Foster heeft een indrukwekkende staat van dienst. Voor Amazon werkte hij voor Apple en Microsoft.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Anonimiteit als nieuwe norm

Posted 12 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Data delen is eng en gevaarlijk. Een hardnekkige misvatting die onder meer leidt tot initiatieven als anonieme e-commerce. Onterecht. Want we kijken simpelweg de verkeerde kant op.

Als er één industrie onderhavig is aan vooroordelen dan is het de online wereld wel. Van Zalando dat nooit winst zal maken met z’n retouren, tot de groei van de online boodschappenmarkt. Op iedere straathoek zit immers al een supermarkt. De vooroordelen zorgen ervoor dat wanneer een onderwerp op tafel komt we al snel een mening klaar hebben. En een genuanceerd, inhoudelijk standpunt vormen lastig wordt.

Ook als het aankomt op privacy is de Pavlov-reactie al snel dat de consument het allemaal eng vindt en beschermd moet worden. En verbaast het niet zozeer dat er nu een e-commercestartup is die totale anonimiteit belooft en namens klanten orders plaatst bij webwinkels. Uiteraard tegen meerprijs.

Verrassen

Onderzoek en mijn eigen ervaring laten echter een veel genuanceerder beeld zien. Het interessante is namelijk dat de bereidheid om data te delen juist sterk toeneemt, mits je de consument maar uitlegt wat je gaat verzamelen en wat je ermee gaat doen. De veel gepredikte achterdocht komt dan ook veelal door het totale gebrek aan transparantie. En natuurlijk door de indianenverhalen in de media, over wat Facebook en andere online platformen bijvoorbeeld allemaal over je weten. Om nog maar te zwijgen over de overheid die dit vuurtje maar al te vaak aanwakkert.

Desalniettemin lukt het Google, Facebook en Amazon amper om ons te verrassen met iets dat echt relevant en in context is. Jammer. Want zodra je openlijk zegt dat je data verzamelt, moet je ook de meerwaarde ervan duidelijk maken. En dat doen ze niet…

Risico

En dus zitten we in een overgangsfase, ergens rondom Gartners peak of inflated expectations. Zowel voor alles wat we big data noemen, als machine learning en artificial intelligence. Momenteel wordt er ongelooflijk veel data verzameld, maar weten veel partijen er geen échte toegevoegde waarde uit te halen. Dat zorgt voor weerstand bij de consument enerzijds, en een groter wordende uitdaging voor bedrijven om er iets van waarde uit te halen anderzijds. Neemt niet weg dat een hoge data-dichtheid leidt tot een hogere kans op betere voorspellingen. Mits je natuurlijk weet wat je wilt voorspellen.

Opgeteld maakt dit alles het erg risicovol om een bedrijfsmodel volledig te bouwen om een gepercipieerd consumentenprobleem als gebrek aan anonimiteit. Daar liggen nu ook niet de echte uitdagingen voor het vak. Die spelen zich namelijk af aan de andere kant van het data-spectrum, bij personalisatie.

*) Dit artikel werd eerder gepubliceerd in het meinummer van Emerce magazine (#158).



Lees het volledige bericht op Emerce »

Anonimiteit als nieuwe norm?

Posted 12 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Data delen is eng en gevaarlijk. Een hardnekkige misvatting die onder meer leidt tot initiatieven als anonieme e-commerce. Onterecht. Want we kijken simpelweg de verkeerde kant op.

Als er één industrie onderhavig is aan vooroordelen dan is het de online wereld wel. Van Zalando dat nooit winst zal maken met z’n retouren, tot de groei van de online boodschappenmarkt. Op iedere straathoek zit immers al een supermarkt. De vooroordelen zorgen ervoor dat wanneer een onderwerp op tafel komt we al snel een mening klaar hebben. En een genuanceerd, inhoudelijk standpunt vormen lastig wordt.

Ook als het aankomt op privacy is de Pavlov-reactie al snel dat de consument het allemaal eng vindt en beschermd moet worden. En verbaast het niet zozeer dat er nu een e-commercestartup is die totale anonimiteit belooft en namens klanten orders plaatst bij webwinkels. Uiteraard tegen meerprijs.

Verrassen

Onderzoek en mijn eigen ervaring laten echter een veel genuanceerder beeld zien. Het interessante is namelijk dat de bereidheid om data te delen juist sterk toeneemt, mits je de consument maar uitlegt wat je gaat verzamelen en wat je ermee gaat doen. De veel gepredikte achterdocht komt dan ook veelal door het totale gebrek aan transparantie. En natuurlijk door de indianenverhalen in de media, over wat Facebook en andere online platformen bijvoorbeeld allemaal over je weten. Om nog maar te zwijgen over de overheid die dit vuurtje maar al te vaak aanwakkert.

Desalniettemin lukt het Google, Facebook en Amazon amper om ons te verrassen met iets dat echt relevant en in context is. Jammer. Want zodra je openlijk zegt dat je data verzamelt, moet je ook de meerwaarde ervan duidelijk maken. En dat doen ze niet…

Risico

En dus zitten we in een overgangsfase, ergens rondom Gartners peak of inflated expectations. Zowel voor alles wat we big data noemen, als machine learning en artificial intelligence. Momenteel wordt er ongelooflijk veel data verzameld, maar weten veel partijen er geen échte toegevoegde waarde uit te halen. Dat zorgt voor weerstand bij de consument enerzijds, en een groter wordende uitdaging voor bedrijven om er iets van waarde uit te halen anderzijds. Neemt niet weg dat een hoge data-dichtheid leidt tot een hogere kans op betere voorspellingen. Mits je natuurlijk weet wat je wilt voorspellen.

Opgeteld maakt dit alles het erg risicovol om een bedrijfsmodel volledig te bouwen om een gepercipieerd consumentenprobleem als gebrek aan anonimiteit. Daar liggen nu ook niet de echte uitdagingen voor het vak. Die spelen zich namelijk af aan de andere kant van het data-spectrum, bij personalisatie.

*) Dit artikel werd eerder gepubliceerd in het meinummer van Emerce magazine (#158).



Lees het volledige bericht op Emerce »

Hoe zet je Google Search Console optimaal in?

Posted 11 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Met Google Search Console kom je achter eventuele problemen die goede posities in de zoekresultaten in de weg zitten. Daarnaast krijg je ook mogelijkheden om je vindbaarheid verder te verbeteren. En het is nog gratis ook. In dit artikel leg ik uit wat Google Search Console is en welke onderdelen je als marketeer kunt inzetten om meer gratis verkeer uit Google te krijgen.

Wat is Google Search Console?

Google Search Console (GSC), voorheen bekend als Google Webmaster Tools, is een gratis online tool van Google, waarmee je de aanwezigheid van je website in de zoekresultaten van Google kunt monitoren en onderhouden. Het is niet verplicht om Google Search Console te hebben om zichtbaar te zijn, maar het helpt je om te begrijpen hoe Google je website ziet. Daarnaast kun je ook je website voor de zoekresultaten optimaliseren.

Als je Google Search Console nog niet hebt dan kun je hier lezen hoe je het kunt installeren.

Wat kun je met Google Search Console?

De mogelijkheden van Google Search Console zijn divers. Een aantal hiervan zijn handig voor website-techneuten. In dit artikel hebben we het vooral over de mogelijkheden die interessant zijn voor marketeers, namelijk:

  • Berichten van Google ontvangen
  • Gestructureerde gegevens instellen (zonder ook maar één regel code te schrijven)
  • HTML-verbeteringen opsporen
  • Zoekverkeer analyseren
  • Links naar je website (externe links) in kaart brengen
  • Links binnen je website (interne links) in kaart brengen
  • Handmatige acties van het anti-spamteam van Google ontdekken en oplossen
  • Voor zoekmachines geblokkeerde content opsporen
  • Indexatieproblemen ontdekken door middel van sitemaps
  • Serverfouten en 404-pagina’s ontdekken
Berichten van Google ontvangen

Deze is makkelijk, want je hoeft hier niets voor te doen. Dit is standaard ingesteld en ik raad je aan dit zo te laten. Je kunt controleren of je E-mailmeldingen van Search Console ontvangt door te gaan naar het tandwielicoontje rechts bovenin en dan naar Voorkeuren voor Search Console. Als je een vinkje ziet staan zit je goed.

Je krijgt nu belangrijke meldingen, bijvoorbeeld wanneer je site gehackt is of er een toename is in het aantal 404-pagina’s.

Gestructureerde gegevens instellen

Het instellen van gestructureerde gegevens, ook wel rich snippets genoemd, zorgt ervoor dat bepaalde informatie op je website mooier en overzichtelijker getoond wordt in de zoekresultaten.

Omdat dit vrij technisch is, heeft Google een versimpelde manier bedacht om een aantal van deze gestructureerde gegevens op te geven via Google Search Console. Deze tool vind je onder het kopje Zoekopmaak links in het menu en heet Gegevens markeren. Klik op de blauwe knop Markeren starten om te beginnen.

Geef eerst de URL op van de pagina(‘s) die je wilt gaan opmaken, bijvoorbeeld jouwwebsite.nl/blog. Als er meerdere soortgelijke pagina’s zijn, zoals je blogartikelen, hoef je dit maar één keer te doen.

Selecteer met je muis de gedeelten van de pagina die je wilt markeren. In het geval van je blogartikel is dit in ieder geval de titel en optioneel de auteur, de publicatiedatum, afbeelding, categorie en gemiddelde waardering.

Let er wel op dat deze informatie op dezelfde manier in je andere artikelen staat, zodat Google de opmaak voor alle soortgelijke pagina’s kan gebruiken.

Als je klaar bent druk je op Gereed. Je maakt dan een paginaset aan, waar soortgelijke pagina’s in worden opgemaakt. Nadat je deze gecontroleerd hebt op juiste indeling druk je op Publiceren.

GefeliciteerJe hebt zojuist gestructureerde gegevens ingesteld zonder een regel code te schrijven.

HTML-verbeteringen

Dit klinkt technischer dan het is. Als marketeer kun je deze functie, die je vindt onder Zoekopmaak > HTML-verbeteringen,  gebruiken om achter problemen te komen die je met een CMS zoals WordPress met Yoast SEO plugin vaak zelf kunt oplossen.

De content problemen die je kunt achterhalen met Google Search Console zijn:

  • Metabeschrijving
    • Dubbele beschrijvingen
    • Te lange beschrijvingen
    • Te korte beschrijvingen
  • Title-tag
    • Ontbrekende “title”-tags
    • Dubbele “title”-tags
    • Lange tekst tussen “title”-tags
    • Korte tekst tussen de “title”-tags
    • Niet-informatieve tekst tussen de “titel”-tags
  • Content die niet is te indexeren

Als er verbeteringen zijn dan wordt dit aangegeven met een blauwe link. Klik er op om de details te zien. Ga in je website-CMS naar de betreffende pagina en pas de title tag en/of metabeschrijving aan.

Houd als vuistregel aan dat de title tag ongeveer 70 karakters lang mag zijn of 612 pixels. Voor de meta beschrijving kun je 160 karakters aanhouden. De Yoast SEO plugin helpt WordPress-gebruikers door middel van een groen balkje of je je aan de aanbevolen lengte houdt.

Als iedere pagina een unieke titel en meta beschrijving heeft voorkom je dat Google je pagina niet toont in de zoekresultaten, omdat het een andere pagina toont die er veel op lijkt.

Ook voorkom je zo dat de titel en omschrijving worden afgekapt omdat deze te lang is. Een pagina met een geoptimaliseerde titel en beschrijving wordt netter getoond en krijgt daarom vaak meer kliks.

Zoekverkeer analyseren

Een door marketeers veel gebruikte tool binnen Search Console is de Zoekanalyse, die onder Zoekverkeer te vinden is.

De tool is bedoeld om de prestaties van de website in Google Zoeken te analyseren. De opties die je hier krijgt zijn:

  • Klikken
  • Vertoningen
  • CTR (Click Through Rate of doorklikpercentage)
  • Positie

Je kunt binnen deze gegevens filteren op onder meer zoekopdrachten, pagina’s, landen, apparaten en zoektype (web, afbeelding of videobestanden).

Wat je allereerst moet weten is dat de data die je te zien krijgt niet 100 procent betrouwbaar is.

Zo worden niet alle vertoningen bijgehouden en posities zijn gemiddelden. Het kan voorkomen dat je op 1 staat voor een zoekterm, maar je een heel andere positie terug ziet in de statistieken. Ook zijn de statistieken niet real-time.

Dit artikel van Moz gaat dieper in op de (on)betrouwbaarheid van de data in Search Console.

Er zijn betaalde alternatieven waaronder MozAhrefs en Majestic die meer betrouwbare data aanbieden.

Waar gebruik je Zoekanalyse dan wel voor?

Sinds Google de organische zoektermen in Google Analytics grotendeels heeft vervangen voor de term “Not Provided”, wordt deze data gezien als een alternatief.

Door de lijst met zoekopdrachten door te nemen kom je achter zoektermen waar je (volgens Google) op gevonden wordt. Als je een zoekterm tegenkomt die voor jou interessant is, kun je besluiten om je website hiervoor te optimaliseren.

Dat kan op twee manieren:

  • Kijk of je al een pagina over dat onderwerp hebt en kijk kritisch hoe je de pagina nog beter kunt maken.
  • Maak een nieuwe pagina die zo goed mogelijk het onderwerp behandelt.

Gebruik de data dus voornamelijk als inspiratiebron voor nieuwe of bestaande zoektermen om je posities te verbeteren.

Links naar je website (externe links)

Een van de meest besproken onderwerpen in zoekmachine-optimalisatie is links. En niet ten onrechte, want de hoeveelheid en kwaliteit van de links naar je website bepaalt grotendeels je positie in Google.

Aan de andere kant, als er links van websites met een spam-achtig karakter naar jouw website gaan kan dit de posities in negatieve zin beïnvloeden.

Het is daarom erg handig om inzicht te krijgen in welke links naar jouw website verwijzen. Google Search Console verschaft deze data bij Zoekverkeer > Links naar uw site.

Er zijn twee categorieën: De meeste links naar uw site en Uw content met de meeste links. Klik op de link Meer >> om de volledige lijst in te zien en optioneel te downloaden naar een spreadsheet.

Ook hier worden helaas niet alle links getoond en geldt dat betaalde alternatieven als Open Site Explorer van Moz, Ahrefs, Majestic en SEO Spyglassvan Link-Assistant completere data bieden.

Wil je geen geld uitgeven? Dan kun je vaak met de gratis (proef)versies toch al aardig wat inzichten verkrijgen in het zogenoemde linkprofiel van je website.

Pro tip: Link Research Tools legt in dit artikel uit hoe je meer links uit Search Console kunt halen door meerdere pagina’s binnen je account te verifiëren.

Wat te doen

Als je weet welke websites spontaan naar een pagina op je website linken, dan kun je deze informatie gebruiken om contact te leggen met de webmaster van die website. Wellicht zijn er meer mogelijkheden met deze site, zoals het schrijven of plaatsen van een gastblog.

Verder zie je aan de hand van inkomende links welke van de door jou besproken onderwerpen populair zijn bij andere websites. Deze kennis gebruik je vervolgens als je nieuwe content wilt publiceren. Pitch deze nieuwe content ook bij de websites die al naar je eerdere pagina hebben gelinkt. Grote kans dat ze ook geïnteresseerd zijn in je nieuwe content.

Leestip: The Definitive Guide to Linkbuilding (2017 edition)van Brian Dean.

Links afwijzen

Als er links naar je website gaan die van te lage kwaliteit zijn en daarmee jouw posities negatief beïnvloeden, dan kun je deze inkomende links afwijzen via Search Console.

Door een bestand te uploaden communiceer je direct met Google en geef je per link aan dat je niet wilt dat deze meetelt voor jouw linkwaarde-beoordeling. In dit artikel van Google staat hoe en waar je links kunt afwijzen.

Links binnen je website (interne links)

Niet alleen externe links, zoals hierboven beschreven, tellen mee voor je positie in Google. Ook interne links dragen hier – weliswaar in mindere mate –  aan bij. Door op je eigen pagina’s te verwijzen naar andere pagina’s op je website geef je aan dat die pagina belangrijk voor je is. Hierdoor kunnen bezoekers, maar ook zoekmachines, je content beter vinden.

Search Console toont onder Zoekanalyse > Interne links de pagina’s op jouw website en hoeveel interne links er naar toe gaan. Door op de betreffende doelpagina te klikken zie je welke pagina’s er naar verwijzen.

Als online marketeer is het je taak om te zorgen dat bezoekers en zoekmachines jouw belangrijkste content goed kunnen vinden.

Bekijk daarom in dit gedeelte van Search Console of jouw belangrijkste pagina’s ook de meeste interne links krijgen. Dit kun je doen door een link op te nemen in een menu, zoals in de header of de footer, maar ook door in de content van een pagina een link op te nemen.

Let er wel op of het voor bezoekers logisch is dat je op een pagina naar een andere pagina verwijst. Link altijd in de eerste plaats om de gebruikers van je website andere hulpvaardige content te laten vinden.

Handmatige acties ontdekken en oplossen

Dit is het onderdeel van Search Console dat je hopelijk niet hoeft te gebruiken. Toch is het belangrijk om te noemen.

Google gebruikt Search Console om met jou als website-eigenaar of -beheerder te communiceren.

Als een menselijke controleur heeft vastgesteld dat er pagina’s op je website niet voldoen aan Google’s kwaliteitsrichtlijnen voor webmasters dan komt in het gedeelte Zoekanalyse > Handmatige acties te staan welke actie er is ondernomen en hoe je dit kunt oplossen.

Veel voorkomende handmatige acties zijn onder andere:

  • Gehackte site met malware
  • Door gebruikers gegenereerde spam
  • Gratis website hosting met veel spam
  • Content die verborgen is voor bezoekers
  • Onnatuurlijke links naar of op de website

Door meldingen aan te houden kom je op de hoogte wanneer er een handmatige spamactie heeft plaatsgevonden. Let wel, een handmatige actie is iets anders dan een verlaging van je posities door het algoritme van Google. Deze kun je dan ook niet via Search Console zien.

Informatie over gehackte inhoud vind je ook wel onder het kopje Beveiligingsproblemen.

Geblokkeerde content opsporen

In het gedeelte Google-index > Geblokkeerde bronnen kun je zien welke gedeelten van de website Google niet indexeert, omdat je dit hebt geblokkeerd.

Als marketeer kun je deze pagina’s bekijken en beoordelen of dit de bedoeling is.

Een normale uitsluiting van zoekmachines is bijvoorbeeld een bedankpagina die getoond wordt nadat iemand een contactformulier heeft ingevuld. Je wilt niet dat iemand via Google op deze pagina terecht kan komen, omdat je dit ingesteld hebt als doel in Google Analytics.

Als je in de lijst met geblokkeerde bronnen pagina’s tegenkomt waarvan je juist wél wilt dat deze wel vindbaar zijn in Google, dan staat er mogelijk iets niet goed in het robots.txt bestand. Laat iemand met verstand van website techniek deze indexeringsfouten oplossen.

Sitemaps

Als je website een sitemap heeft, dan kun je de locatie hiervan opgeven in Google Search Console. Ga hiervoor naar Crawlen > Sitemaps.

Druk rechts bovenin op de knop Sitemap Toevoegen/Testen en vul de locatie in. Dat kan bijvoorbeeld zijn jouwwebsite.nl/sitemap.xml of als je de Yoast plugin voor WordPress gebruikt jouwwebsite.nl/sitemap_index.xml.

Het is ook mogelijk om een pagina met uitsluitend links naar je pagina’s, bijvoorbeeld jouwwebsite.nl/sitemap, op te geven als sitemap. Zie voor meer informatie over sitemaps deze uitlegpagina van Google.

Als Google je website heeft geïndexeerd kun je zien of het aantal geïndexeerde pagina’s overeenkomt met het aantal pagina’s dat in de sitemap staat. Is dit niet het geval, dan heb je mogelijk een indexatieprobleem dat je met je webbouwer kunt oplossen.

Meer informatie over eventueel aangetroffen fouten in de sitemap vind je eveneens in dit onderdeel van Search Console.

Als het geen technisch probleem is dan kan het ook zijn dat je veel pagina’s hebt die Google niet interessant genoeg vindt om op te nemen. Dit wordt ook wel ‘thin content’ genoemd. In dat geval kun je de content op die pagina’s verbeteren of de pagina’s verwijderen.

Tip: meld nieuwe pagina’s handmatig ter indexatie aan bij Google. Ga daarvoor in het zijmenu naar Crawlen >> Fetchen als Google en vul de url in het formulier aan. Klik op de rode knop Ophalen en vul de Captcha correct in om aan te tonen dat je een mens bent. Google weet nu dat je een nieuwe pagina hebt om te indexeren. Hierdoor zal je pagina normaal gesproken sneller in Google te vinden zijn dan wanneer je dit niet doet.

Serverfouten en 404-pagina’s opsporen

Als je linkt naar een pagina die niet (meer) bestaat wordt er een zogenoemde ‘404-fout’ gegeven. Dit is een slechte gebruikerservaring en daarom moet je dit zo veel mogelijk voorkomen.

Gelukkig helpt Google je een handje. Ga naar Crawlen > Crawlfouten . Onder het kopje URL-fouten vind je de top 1000 pagina’s met fouten.

Klik op de getoonde URL om de foutdetails te bekijken. Klik vervolgens op het tabje Met links vanaf om te zien welke pagina’s links hebben die naar deze 404-pagina linken.

Ga vervolgens naar het CMS van je website en pas deze links aan om de fout op te heffen.

Google Search Console voor marketeers: Conclusie

Google Search Console gebruik je als marketeer om achter website problemen te komen die je vaak zelf al kunt oplossen. Als dit niet mogelijk is dan kun je de webbouwer met een gerichte opdracht aan het werk zetten. Op deze manier houd je jouw website in tip-top conditie.

Daarnaast kun je de zoekresultaten van jouw pagina’s verder optimaliseren, zodat ze beter opvallen in de zoekresultaten.

Met ZoekanalyseLinks naar je website en Links binnen je website heb je waardevolle data in handen om content te creëren waar naar gezocht wordt. Promoot deze content bij websites die eerder naar jou linkten en link vanuit artikelen op je eigen website. Op die manier krijg je steeds sterkere posities in de zoekresultaten.

Tot slot: Search Console is de manier om met Google te communiceren. Als je getroffen bent door hackers of spam ben je als eerste op de hoogte om dit pro-actief op te lossen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Google publiceert cijfers Nederlandse verwijderverzoeken

Posted 11 Mei 2017 — by Villamedia
Category nieuws

Google ontving in de afgelopen drie jaar 32.661 verwijderverzoeken van Nederlandse gebruikers. Daarbij werd gevraagd om in totaal 113.828 links te verwijderen. Dat blijkt uit nieuwe…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Apple gaat standaard WebRTC toch ondersteunen

Posted 11 Mei 2017 — by Emerce
Category nieuws

Apple lijkt de standaard WebRTC te gaan ondersteunen in iOS 11 en macOS 10.13. Dat blijkt uit code in Apples WebKit. Met deze standaard werken Skype en Hangouts direct in de browser.

Google Chrome en Firefox ondersteunen WebRTC al langer, maar Apple leek niet geïnteresseerd.

iOS 11 wordt tijdens WWDC 2017 op 5 juni onthuld.



Lees het volledige bericht op Emerce »