Posts Tagged ‘google’

Emerce Performance: een cryptomunt voor de adverteerdersmarkt

Posted 17 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Nieuwe cryptomunten schieten als paddenstoelen uit de grond, nu is er ook de nieuwe virtuele munt voor de adverteerdersmarkt: Adcoin.

Deze munt moet zijn waarde gaan bewijzen bij microtransacties en met het genereren van kliks, leads en klanten binnen advertentienetwerken als Google Adsense. Hoe Adcoin dit gaat doen en wat de meerwaarde is vergeleken met bijvoorbeeld Bitcoin vertelt medeoprichter Jerry Donker op Emerce Performance op 16 november in Amsterdam.

Emerce Performance is het jaarlijkse evenement van Emerce rond online adverteren en de vraag hoe je meer sales, aanvragen, downloads of leads kunt genereren. Toonaangevende mediamanagers, strategen en planners geven een kijkje in de keuken en delen hun ervaringen en successen.

Natuurlijk hebben we meer sprekers. Bol.com was een gedreven televisie-adverteerder, maar dat verandert radicaal. Het budget is overgeheveld naar online, en daarvoor heeft het bedrijf een aantal flows ontworpen. Esther Elberse gaat dieper in op deze werkwijze.

Net als op Emerce Engage ook aandacht voor GDPR. De GDPR is een Europese algemene verordening gegevensbescherming. Deze privacyverordening gaat over de ‘bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens’. Wat is de GDPR en wat betekent deze richtlijn voor bureaus en adverteerders?

Nederland loopt redelijk voorop als het gaat om online adverteren. Toch zijn er gebieden in de wereld waar andere en nieuwe dingen gebeuren, en Arjan Bolhuis (IPG Mediabrands) is daar graag bij. Jarenlang werkte hij in Azië en Australië.

Performance wordt wederom gehouden in Pakhuis de Zwijger. Kaarten hier.

Foto: Peter Boer



Lees het volledige bericht op Emerce »

Weer veel techbedrijven sneuvelen langs groene meetlat Greenpeace

Posted 17 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Grote techbedrijven als Samsung, Huawei en Amazon doen bar weinig om hun milieu-impact te verkleinen. Dat stelt Greenpeace in zijn Groene Elektronica Gids. Fairphone en Apple doen het stukken beter.

Greenpeace legde ook dit jaar weer 17 wereldwijd opererende techbedrijven langs de groene meetlat. Daarbij werd onder meer gekeken naar het verminderen van CO2-uitstoot, de mogelijkheid om de producten te repareren en te upgraden en het terugdringen van gevaarlijke chemicaliën.

Techbedrijven claimen voorlopers te zijn op innovatie, maar ondertussen blijven de meeste ouderwets het milieu vervuilen, aldus Greenpeace.

Fairphone is volgens de organisatie de groenste keuze voor een smartphone. Op de voet gevolgd door Apple. Samsung, de grootste producent van smartphones, leunt in zijn productieproces echter nog zwaar op fossiele brandstoffen. Het bedrijf gebruikte in 2016 meer dan 16.000 GWh energie. Dat is net zoveel als het stroomverbruik van 5,3 miljoen huishoudens in een jaar.

Er is wel enige vooruitgang te bespeuren. Onder andere Apple, Google en Facebook laten steeds meer van hun datacentra op schone energie draaien. Maar het grootste gedeelte van de CO2-uitstoot vindt tijdens de productie van de elektronische apparatuur plaats en op dat gebied gebeurt er nog weinig.

Ook zijn veel elektronische apparaten niet ontworpen om gemakkelijk te repareren of om lang mee te gaan. Apple, Microsoft en Samsung gaan zelfs de verkeerde richting op wat betreft de duurzaamheid van het ontwerp. Hun nieuwe modellen zijn steeds lastiger te repareren of te upgraden.

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Google koopt AMP-bedrijf

Posted 16 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Google heeft Relay Media gekocht, een bedrijf van een voormalige Google medewerker dat reguliere webpagina’s converteert naar het AMP formaat.

AMP staat voor Accelerated Mobile Pages en is in eerste instantie bedacht door Google ten behoeve van uitgevers. De techniek zou pagina’s van nieuwssites sneller helpen laden en daarmee meer verkeer moeten opleveren.

Volgens Google wordt AMP gebruikt op 2 miljard pagina’s via zo’n 900.000 domeinen.

Relay Media CEO David Gehring was betrokken bij het AMP Project sinds de geboorte van de technologie via het Digital News Initiative (DNI). Vorig jaar begon hij een eigen bedrijf.

Volgens TechCrunch wordt Relay Media opgeheven en opgenomen in het Google platform.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Groeiende ergernis over niet bijgewerkte apps op Smart TV’s

Posted 16 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

TV-fabrikanten verwijzen naar ontwikkelaars als het gaat om het niet meer bijwerken van apps voor Smart TV’s. Toestellen van 2011 of ouder zijn bijna niet meer bruikbaar omdat meegeleverde apps niet meer werken.

Uit een zaterdag gepresenteerde enquête van het tv-programma Kassa blijkt dat meerdere apps het niet meer doen op oudere Smart TVs. Van de 1100 respondenten geeft 40,7 procent aan dat de YouTube-app niet langer werkt op hun toestel. Bij 29,7 procent van de respondenten doet de NPO-app het niet meer en bij 26,1 procent de RTL XL-app. 73,2 procent van de ondervraagden vindt dat apps de gehele levensduur van de Smart TV moeten blijven werken.

Het gaat niet om één specifiek model, maar om verschillende modellen van verschillende tv-merken, zoals Philips, LG, Samsung en Sony.

Anders dan smartphones, die gemiddeld na drie jaar worden afgedankt, worden televisies veel langer gebruikt. Contentpartijen lijken daar echter nauwelijks rekening mee te willen houden. Het gevolg zou kunnen zijn dat consumenten Smart TV’s op den duur gaan mijden. Een veel duurzamere oplossing is om een normaal toestel te kopen en daaraan een Chromecast, Apple TV of een soortgelijk apparaat te koppelen.

‘Wij hebben geen invloed op welke apps appaanbieders beschikbaar stellen op de Samsung Smart TV,’ zo laat Samsung aan Kassa weten (pdf). ‘Dit zijn keuzes die appaanbieders maken. Wij kunnen daar geen verandering in brengen.’

Ook Philips zegt dat alle apps zijn ontwikkeld door externe partijen. Het is aan de appontwikkelaars om ervoor te zorgen dat apps werken op al dan niet bijgewerkte systemen.

De NPO stelt dat ze financieel keuzes moeten maken en belastinggeld zo efficiënt mogelijk willen inzetten. Daarom wordt alleen nog ontwikkelde voor toestellen na 2014.

RTL geeft aan dat de achterliggende techniek sneller veroudert. Om een optimale gebruikservaring te kunnen bieden zijn niet alle toestellen meer geschikt en zijn ze genoodzaakt om een selectie te maken.

Ook de KIJK-app van SBS is niet geschikt op oudere modellen. Omdat elke tv een ander besturingssysteem heeft, kan er niet één app gemaakt worden voor alle besturingssystemen.

De nieuwe YouTube-app heeft nieuwere functies en is hiervoor niet geschikt op oudere apparaten, zo laat moeder Google weten.

 

 

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Zes redenen waarom je je website van HTTP naar HTTPS moet overzetten

Posted 16 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

HTTPS is bij steeds meer websites aanwezig. Vooral grote organisaties en bedrijven als bol.com, Coolblue en Wehkamp zijn al even voorzien van HTTPS. Ook kleinere organisaties lijken over te stappen naar het HTTPS-protocol. Toch blijkt uit onderzoek van de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland (SIDN) eerder dit jaar, dat bij grofweg 85% van de bedrijfswebsites nog geen gebruik maakt van HTTPS. Dit is waarom je deze maand nog zou moeten overstappen naar HTTPS.

Wat is eigenlijk het verschil tussen HTTP en HTTPS?

HTTPS staat voor Hypertext Transfer Protocol Secure. Dit is een manier waarmee een browser veilig verbinding kan maken met een website. Bij HTTPS zijn data en gegevens, welke uitgewisseld worden tussen bezoekers en een website, versleuteld. Dit ´versleutelen´ houdt in dat de gegevens, voorafgaand aan het verzenden, onherkenbaar worden. Dit wordt vervolgens weer omgezet nadat deze zijn aangekomen bij de bestemming, bijvoorbeeld na het invullen en verzenden van een webformulier. Bij HTTP is geen sprake van deze versleuteling. Hierdoor kunnen deze gegevens door kwaadwillenden gemakkelijker onderschept en misbruikt worden. Doorgewinterde hackers zijn goed in het onderscheppen van gegevens waarbij we het vaak niet eens doorhebben, bijvoorbeeld als je op dezelfde wifiverbinding zit. Bij HTTPS kunnen hackers deze gegevens nog steeds wel onderscheppen, alleen kunnen ze er niks mee omdat ze geen sleutel hebben en het niet kunnen ontcijferen. Maar met HTTPS kun je veel meer. Hier zes redenen waarom je moet overstappen naar HTTPS:

1. Betere beveiliging

Deze reden heb ik al kort besproken: betere beveiliging van gegevensuitwisseling. Bijna wekelijks worden we in het nieuws wel geconfronteerd met hacks onder grote bedrijven. Dit terwijl ook minder bekende websites doelwit kunnen zijn. Onder gegevensverzending valt alles wat via invoervelden op websites wordt verstuurd. Denk aan het online geld overmaken, persoonsgegevens invullen of zelfs je aanmelden voor een e-mail nieuwsbrief. Bij HTTPS weten we daarnaast ook zeker dat de informatie die wordt teruggezonden van de website naar de gebruiker echt van de website komt en niet mee gesjoemeld is. HTTPS maakt jouw website daarom dus ook minder aantrekkelijk voor hackers.

2. Het geeft meer vertrouwen en converteert beter

Een extra voordeel als resultaat van betere beveiliging is dat het meehelpt om vertrouwen van websitebezoekers te winnen. In de Chrome browser staat het ´https://’ in het groen met daarvoor het woord ‘Secure’ en een groen slotje:

Hiermee worden bezoekers continue herinnert aan een gegarandeerde versleutelde verbinding tussen bezoeker en website. Voor websitebezoekers geeft dit een professioneler en veiliger idee tijdens het surfen op een website en dit stelt hen meer op hun gemak. Daarbij geldt: des te meer bezoekers zich op hun gemak voelen op de website, des te groter de kans dat ze geneigd zijn te converteren.

3. Het kan de CTR verhogen in de Google resultaten

Veel internetgebruikers kunnen HTTPS inmiddels herkennen. Ze snappen in de basis wat dit inhoudt en weten het verschil met HTTP. Bijna ieder internetbezoek gaat gepaard met een zoekopdracht op een van de zoekmachines, bijvoorbeeld Google. Daarbij is het natuurlijk van belang dat jouw zoekopdrachten (welke veel over je leven kunnen vertellen), niet in te zien zijn voor anderen. Dat niet alleen, Google vind het dermate belangrijk dat de gegevens goed worden afgeschermd, dat ze het ook in de zoekresultaten laten zien. Na het intikken van een zoekterm in Google krijgen we de resultaten pagina te zien. Ook hier is ‘https://’ zichtbaar bij websites met een HTTPS  verbinding:

Naast een goede opmaak van de ‘snippet’ in de zoekresultaten, is het zichtbare HTTPS in de URL weer een extra overtuiging waarom een gebruiker op jouw website moet doorklikken.

4. Het is een ranking factor voor Google

In de SEO-wereld is dit inmiddels alweer enkele jaren bekend. Google heeft aangegeven dat een HTTPS-verbinding ook een factor is om hoger te ranken in de zoekresultaten. Dit betekent dat het uiteindelijk meehelpt om op hogere posities in Google terecht te komen. De impact lijkt vooralsnog beperkt te zijn: het draagt bij aan betere vindbaarheid, echter zal je geen grote verschillen zien na het overstappen naar HTTPS. De vraag is in welke mate Google nog een groter gewicht gaat toekennen aan HTTPS in de toekomst.

5. ‘Niet beveiligd’ melding in Google Chrome (Vanaf Oktober 2017 van kracht!)

Kort geleden kwam Google met de volgende melding: “Vanaf Oktober 2017 zal Chrome (versie 62) bij invulvelden een “Niet beveiligd” waarschuwingsmelding geven op HTTP verbindingen”. Deze melding zal er zo uit komen te zien:

Bron: Google Developer Updates

De intentie is om meer website eigenaren snel over te laten stappen op HTTPS. Hiermee gaat Google weer een stapje verder in de richting van het veiliger maken van het internet. Het kan websitebezoekers weerhouden om persoonlijke gegevens te delen wanneer ze worden geconfronteerd met deze melding. In zo´n geval gaat het zelfs de bestedingen en aankopen van bezoekers negatief beïnvloeden via de website.

6. Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)

Tegenwoordig is het voor bedrijven verplicht de verzending of uitwisseling van persoonsgegevens via internet te beveiligen. Dit is opgenomen in de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) welke voortvloeit uit de Europese richtlijnen. Deze internetveiligheid wordt zo serieus genomen dat bij nalatigheid boetes kunnen oplopen tot wel 4500 euro op persoonlijke titel.  Dit geldt niet alleen wanneer bank en creditcard gegevens worden ingevuld, maar ook voor minder gevoelige gegevensuitwisseling. Hoewel de wet niet zegt dat een SSL certificaat verplicht is, wordt dit wel vanuit de overheid uitgelegd als verplichting bij het verwerken van persoonsgegevens.

Van plan om te migreren naar HTTPS?

Het migreren naar HTTPS hoeft niet moeilijk te zijn, echter moet er wel nauwkeurig gewerkt worden om alles soepel te laten verlopen. Zeker bij grote websites komt er best wat kijken bij een migratie. De belangrijkste stappen kort samengevat zijn:

  1. Voordat je begint wil je kunnen meten of het goed gaat, dat betekent dus dat alle domeinvarianten in Google Search Console moeten worden gezet.
  2. Zorg voor een goed SSL certificaat en laat de webbouwer deze installeren.
  3. Zorg ervoor dat alle URLs 1:1 worden geredirect met een 301 status code van http, naar https. Geen van de pagina’s mag meer op http beschikbaar zijn.
  4. Zorg er ok voor dat alle benodigde bestanden in HTTPS of protocol onafhankelijk in de broncode zijn opgenomen.
  5. Pas handmatige Interne links aan naar HTTPS variant indien nodig (enkel absolute URL’s).
  6. Vergeet niet de sitemap aanpassen met de HTTPS URL’s en opnieuw indienen.

Als al deze onderdelen worden opgevolgd zijn de belangrijkste stappen voor een succesvolle websitemigratie gezet.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Een Franse middenklasser

Posted 16 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Niet alle smartphones komen uit Azië of Cupertino. Het Franse ARCHOS introduceert de ARCHOS Diamond Omega. Met 5,7 inch display met een volgens de fabrikant ideale screen-to-body verhouding.

De ARCHOS Diamond Omega heeft een donkerblauwe, glazen behuizing met Corning Gorilla Glass bescherming. Het Full HD 5,7 inch randloos scherm heeft een resolutie van 2040 x 1080 pixels en onder de motorkap vinden we een Qualcomm Snapdragon 835 processor, Adreno 540 grafische processor, 8GB aan LPDDR4X RAM en 128GB UFS 2.1 intern geheugen.

De ARCHOS Diamond Omega heeft vier camera’s, twee voorop en twee achterop. De 23MP camerasensor (Sony IMX 318) achterop heeft een groot f/2.0 diafragma met een 2x zoom zonder kwaliteitsverlies. De tweede sensor heeft 12MP (Sony IMX 362) en een f/1.8 diafragma voor een maximale lichtopbrengst voor prachtige beelden, zowel overdag als ’s nachts.

De digitale vingerafdruksensor ontgrendelt de smartphone in slechts 0,2 seconden. Bluetooth 4.1 en NFC-technologie verzekeren volgens ARCHOS audiokwaliteit en gemakkelijke mobiele betalingen.

De smartphone draait onder Google Android 7.1 Nougat met de Nubia UI 5.0 overlay. Hierdoor zijn allerlei optimalisaties mogelijk zoals touch-handelingen op de rand van het scherm, extra context of mogelijkheden door op een app-icoon te drukken.

De ARCHOS Diamond Omega zal naar verwachting eind november op de Europese markt komen met een adviesprijs van 499,99 euro.

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Drie redenen waarom prijsvergelijkingssites ontevreden zijn over Google Shopping

Posted 16 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

In juni van dit jaar ontving Google een recordboete van 2,42 miljard euro vanwege het misbruiken van haar machtspositie. Google was namelijk de enige die als vergelijker kon adverteren via Google Shopping. Het bedrijf kreeg van de Europese Commissie de opdracht om te stoppen met het profiteren van haar eigen machtspositie anders zou het nog hogere boetes kunnen verwachten.  Inmiddels is Google Shopping aangepast, maar prijsvergelijkingssites zijn nog steeds ontevreden. Lees gauw verder waarom.  

Aanpassingen in Google Shopping

Als je zoekt op ‘Philips wake up light’ dan krijg je shopping resultaten te zien. Voorheen konden webshops alleen via Google betalen om hier zichtbaar te zijn. Google heeft er echter voor gekozen om Google Shopping onder het moederbedrijf (Alphabet) te plaatsen. Dit zorgt ervoor dat ook Google moet gaan bieden op advertentieposities. Google betaalt haar moederbedrijf dus voor een plekje in de Google Shoppingresultaten. Deze aanpassing heeft er voor gezorgd dat bedrijven zoals Beslist en Vergelijk ook advertentieruimte kunnen kopen. Zo heeft Vergelijk sinds enkele dagen haar producten in Google Shopping staan, maar directeur Ben Kerkhof is nog niet tevreden:

“Het is een vrij onlogisch verhaal van Google. We hebben geen idee tegen wie we opbieden, en theoretisch gezien kan Google altijd het meeste bieden.” Hij noemt de oplossing van Google dan ook ‘te kort door de bocht’.”

Andere vergelijkingssites zijn echter niet van plan om gebruik te maken van Google Shopping en daarmee hopen ze dat de Europese Commissie oordeelt dat Google niet ver genoeg is gegaan met de aanpassingen. De 3 belangrijkste redenen waarom Google Shopping nog steeds niet interessant is voor vergelijkingssites zetten we  op een rij.

1. Consumenten slaan vergelijkingssites over

Prijsvergelijkingssites zien geen nut in het adverteren via Google Shopping omdat daar hun toegevoegde waarde niet ligt. Vergelijkingssites hebben het doel om consumenten objectief te voorzien van relevante informatie. Volgens Janneke ten Dam van Kieskeurig ligt de waarde van een vergelijkingssite meer in het helpen van consumenten door hen goed geïnformeerd naar een webshop door te sturen. Via Google Shopping gaat een consument direct van de zoekopdracht in Google naar de webshop. De vergelijkingssites zelf worden als het ware overgeslagen en dienen alleen nog als doorgeefluik.

2. Weinig invloed op weergave advertentie en de kosten die ervoor betaald worden

Vergelijkingssites zijn ook ontevreden over de aanpassingen in Google Shopping wat betreft de weergave van de advertentie. Zoals in de afbeelding valt te zien, worden producten gepresenteerd op basis van merk, prijs en bij welke winkel dit product te koop is. Vergelijkingssites hebben echter de beschikking over veel meer informatie over het product, maar ook waar het product het goedkoopst is of waar de beste recensies vandaan komen. Hierdoor kan objectiviteit van vergelijkingssites schade oplopen. Zijn de consumenten bij de BCC wel het beste uit of wordt BCC getoond omdat zij geld betalen? Vergelijkingssites hebben hier momenteel geen invloed op. Daarnaast weten vergelijkingssites op dit moment nog niet hoe zij een hoge advertentiepositie kunnen krijgen.

3. Oneerlijke concurrentie blijft aanwezig

Door de aanpassingen in Google Shopping krijgen andere vergelijkingssites nu ook de kans om te concurreren om de hoogste advertentiepositie. Op deze manier probeert Google te voldoen aan de eisen van de Europese Commissie, die vinden dat andere vergelijkingssites dezelfde kansen moeten krijgen. Google wordt (of blijft) één van de concurrenten. Toch is het Google die uiteindelijk de touwtjes in handen blijft houden want hoe objectief wordt het afgesplitste Google Shopping? Kees Verpalen van Beslist is in ieder geval duidelijk: ‘’Eigenlijk is er niks veranderd. Google zegt: jij mag als concurrent een klant bij ons worden. Maar dat is geen eerlijk speelveld.”

Hoe nu verder?

Zowel Beslist als Kieskeurig vinden dat Google niet ver genoeg gaat in de aanpassingen van Google Shopping en hopen dat de Europese Commissie er hetzelfde over denkt. De verwachting is dat de Europese Commissie binnen twee maanden met een reactie komt en mocht Google niet hebben voldaan aan de eisen die zijn gesteld dan kan het een torenhoge boete van 5% van de wereldwijde omzet per dag verwachten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Marktplaats overgestapt op real-time header bidding

Posted 16 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Marktplaats zegt als eerste grote website in Nederland volledig te zijn overgestapt op real-time header bidding. Dit is een techniek die alle display advertentie posities volledig geautomatiseerd ontsluit.

Display advertising op Marktplaats wordt al geruime tijd voor het overgrote deel automatisch ingevuld. Hiervoor wordt samengewerkt met de partners Improve Digital en Google. Tot voor kort werden alle beschikbare webposities gelijkmatig tussen deze beide partners verdeeld en werd een deel van de impressies gereserveerd voor directe campagnes.

Adverteerders hadden hierdoor slechts toegang tot een deel van de impressies. Met header bidding gaat dat veranderen: vanaf nu hebben adverteerders op ieder moment toegang tot alle webposities en het volledige bereik van 8,2 miljoen unieke bezoekers per maand.

De header bidding oplossing die door Marktplaats wordt aangeboden is ontwikkeld in samenwerking met Improve Digital. Het grote voordeel is volgens de eBay dochter de volledige real-time beschikbaarheid van elke positie en doelgroep op het platform. Daarnaast kunnen adverteerders voortaan zelf kiezen via welke supply-side platform (SSP) ze willen inkopen: dit kan via zowel Improve Digital als Google Exchange.

Volgend jaar wil Marktplaats ook header bidding toevoegen op de in-app posities van de ruim 6 miljoen Marktplaats-app downloads. Dit geeft adverteerders ook in-app de mogelijkheid om een nog betere performance te realiseren, zegt Marktplaats.

Philippe van Ooteghem van AdLantic Online Advertising voorspelde vorig jaar al de doorbraak van header bidding in Nederland. Met header bidding kunnen website-eigenaren hun programmatic banners aanbieden aan adverteerders via meerdere real-time veilingen (SSP’s) in plaats van aan één. Eigenlijk is er sprake van een soort pré-veiling. De werkelijke veiling vindt dan plaats bij de winnende SSP.

Vorig jaar werd header bidding nog lang niet door alle gangbare SSP’s in Nederland ondersteund.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Programmatic: een jaar na de ANA Papers

Posted 14 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

De reclamewereld was een jaar geleden in de ban van de ANA Papers. De discussie over fraude en torenhoge marges vlakte af, maar Procter & Gamble zwengelde haar onlangs weer aan. Veel vingers wijzen naar programmatic advertising. Hoe gaat de branche het imago herstellen?

“Als al je vrienden van een klif springen, doe jij dat dan ook?” Met die woorden hekelde Marc Pritchard, Procter & Gambles Chief Brand Officer, begin dit jaar op een IAB-meeting in Florida het ontbreken van een marktbrede standaard van digitale platforms voor het meten van de zichtbaarheid van advertenties. De speech maakte veel los en het bleef niet alleen bij woorden: P&G maakte vlak voor de zomer bekend honderd miljoen dollar te snoeien in het eigen budget voor online marketing. De reden: een overdaad aan bot clicks met aantoonbaar ineffectieve campagnes tot gevolg.

Deze rigoureuze bezuiniging kwam precies een jaar na het spraakmakende onderzoek van K2 Intelligence voor de Association of National Advertisers (ANA) naar de transparantie van de Amerikaanse reclame-industrie, dat al gauw te boek stond als de ANA Papers. De conclusies: bij mediabureaus blijft te veel geld aan de strijkstok hangen voor totaal niet transparante diensten. Met veel te hoge marges en obscure geldstromen waarvan publishers extreem weinig terugzien. En waarbij met name de transparantie van programmatic buying en trading desks ter discussie staan.

Is de discussie uit de ANA Papers ruim een jaar na dato terug van weggeweest? “De overheid heeft het nog steeds in het vizier”, zegt internetondernemer Maarten Roelofs, die in 2016 stevig de noodklok luidde over de uitwassen in de VS die ook in Nederland zichtbaar waren. “In de industrie van programmatic buying is sindsdien in essentie weinig veranderd. Wel is het zo dat er veel aandacht is voor partijen die meer transparantie beloven.”

Marges
Het grote probleem is natuurlijk de almacht van de dominante techreuzen. “De hele displaymarkt verliest razendsnel terrein. Het geld loopt niet meer via de mediabureaus, maar direct naar Google en Facebook. Ook influencer- en contentmarketing betekent vaak direct zakendoen. Bureaus verdienen alleen maar aan gefactureerde uren advieswerk, aan contracten. Ze kunnen hun inkomen niet meer uit marges halen. Bureaupitches gaan dan ook niet meer over mediabestedingen, maar louter over advisering. De hele free ride is voorbij.”

En dat werd hoog tijd, vindt Roelofs. “Qua overheidscontracten is er in tien jaar tijd zo’n half miljard euro aan verborgen marges verdampt. Inkoopprijzen gingen drie of vier keer over de kop. Dat gebeurt trouwens nog steeds.”

In de hoop meer transparantie op de Nederlandse markt af te dwingen, presenteerde de Bond van Adverteerders (BVA) afgelopen zomer een modelcontract voor mediabureaus. Het contract is ontwikkeld door adviesbureau Ebiquity, waar voormalig BVA-mediaspecialist Bart van der Gaag tegenwoordig werkt.

“Het sluit aan bij de veranderende werkelijkheid en de digitale ecosystemen zoals die er nu zijn”, zegt Van der Gaag. “Ook is rekening gehouden met de General Data Protection Regulation (GDPR) die volgend jaar in de hele EU in werking treedt. Het doel is om wederzijds volledig transparante afspraken te kunnen maken.” Ook de BVA zelf benadrukt het belang van transparantie, evenals het opkrikken van het digitale kennisniveau van adverteerders.

Ook IAB onderneemt actie. Internationaal kwam de digitale branchevereniging met Ads.txt, dat adverteerders middels tekstcodes duidelijkheid biedt over het eigenaarschap van reclame-inventory. Daarmee wordt doorverkoop en ander gerommel met reclameposities tegengegaan. In Nederland maakt de branchevereniging zich intussen hard voor nieuwe online advertisingrichtlijnen, waarbij wordt gewerkt met het mondiale principe van L.E.A.N. (Light, Encrypted, Ad Choice Supported, Non-invasive Ads).

Duopolie
De vraag is in hoeverre dit soort initiatieven het speelveld echt structureel veranderen. “Dit brengt echt wel wat teweeg in het ecosysteem”, reageert Harmen Tjaarda, COO bij JustPremium, een geautomatiseerd platform voor rich media. “Het zijn stuk voor stuk goede initiatieven, al zijn ze niet allemaal even helder. Hoe dan ook moet er iets gebeuren. Er is tegenwicht nodig voor de duopolie van Google en Facebook. Dan is het goed om de krachten te bundelen, zoals met de Coalition for Better Ads.”

Transparantie bereik je natuurlijk niet zonder de duopolisten, erkent de COO. “Kleine initiatieven zijn niet de scheidsrechters, want dat is Google. Het signaal van Procter & Gamble betekent dat er nu echt ergens een lijn moet worden getrokken. En Google gaat die lijn trekken, niemand anders.”

Met zijn zoekmachine en de dominante browser Chrome heeft het advertentiebedrijf natuurlijk alle macht in handen. “Het spelletje wordt omgedraaid”, zegt Tjaarda. “Als een publisher zich niet aan de spelregels houdt, worden zijn pagina’s nog wel getoond, maar zonder advertenties. Want dan activeert Google een adblocker voor die bewuste websites. Van die nieuwe Chrome-toepassing bestaat nu al een mobiele bètaversie, maar in het eerste kwartaal van 2018 gaat hij echt live. Dan gaat er veel veranderen. Voor de consument betekent dit wel aanzienlijk minder intrusive advertenties.”

Tjaarda heeft ook goede hoop over de IAB-initiatieven. “Ads.txt is een goed begin om het doorlussen van advertenties aan te pakken. Daisy chaining, ofwel het inkopen en meteen doorverkopen van advertentieruimte, wordt bemoeilijkt, omdat je voortaan moet aangeven dat jij de erkende verkoper bent van een bepaalde positie. Op zijn beurt gaat L.E.A.N. bijdragen aan zaken als hogere laadsnelheden.”

Wake-upcall
‘ANA-cadabra’ noemt zelfstandig media-adviseur Peter Wiegman de huidige retoriek over transparantie in het reclamevak. “Het is maar de vraag of er veel is veranderd na de publicatie van de ANA-Papers. Het modelcontract van BVA is een stap in de goede richting, maar misschien ook een druppel op de gloeiende plaat.”

Het valt hem op dat header bidding ineens als panacee wordt aangedragen. “Het lijkt een manier om de omzet aan de kant van publishers op te krikken.” Improve Digital slaat ermee op de trom, getuige een recente blog van Michele Appello en Jan-Willem Borsboom. “Header bidding is hoofdzakelijk een hack”, schrijven zij. “Een manier voor contentproviders om de adserver-waterval te omzeilen. Een poging om concurrentie binnen de veiling te verhogen en uiteindelijk ook meer inkomsten te genereren. Maar zoals voor de meeste hacks geldt, is dit niet de meest duurzame oplossing.”

Header bidding heeft wel een relatie met transparantie, maar het is geen instrument dat zich daar specifiek op richt. “Deze hele discussie draait sowieso niet om tools, maar om mensen die hun verantwoordelijkheid moeten nemen”, zegt Sebastiaan Moesman, CEO van Improve Digital. “De discussie over transparantie gaat volgens hem over twee verschillende thema’s: enerzijds fraude bestrijden en viewability maximeren, anderzijds eerlijke businessmodellen. “Adverteerders als Procter & Gamble en Unilever praten hier al jaren over, dus is de recente ophef niet echt een verrassing. De markt heeft het zichzelf een beetje aangedaan. Programmatic is oorspronkelijk ontstaan in de Long Tail, voor advertentieruimte die publishers niet verkocht kregen. Na bijna tien jaar mogen adverteerders inmiddels wel een behoorlijke kwaliteit en betrouwbaarheid verwachten.” Dat spreekt volgens de CEO ook uit de reactie van P&G, dat honderdveertig miljoen dollar online advertentiebudget heeft ingetrokken omdat het probleem niet snel genoeg wordt opgelost. “Het klopt natuurlijk ook niet dat adverteerders zelf zouden moeten gaan checken of Chinese serverfarms massaal op hun advertenties klikken. De markt zit in een moeilijke fase, waarbij dit echt een wake-upcall is.”

Smart contracts
Op zoek naar transparantie in programmatic advertising ligt het voor de hand om ook naar blockchain te kijken. “Die techniek leent zich uiteindelijk perfect voor programmatic”, zegt Tim Geenen, oprichter van Faktor, een op blockchain gebaseerd platform dat identiteiten beheert voor uitgevers, merken en consumenten. “Bijkomend voordeel: van elke persoon die zich via blockchain aanmeldt en een transactie doet, weet je zeker dat het een echt mens is, dus geen bot. Zo ben je er zeker van dat je geen advertenties uitserveert aan botnetwerken.”

Een belangrijke meerwaarde voor een succesvolle toepassing in programmatic is volgens Geenen het eigenaarschap: geen enkele partij is exclusief eigenaar van de data. “Het is heel democratisch: het netwerk als geheel bepaalt of iets de waarheid wordt. Het draait allemaal om vertrouwen. Ik zie daarbij een grote uitdaging voor de tussenlaag van bureaus, netwerken en technologieleveranciers die geen directe relatie hebben met de consument. Die partijen zullen hun eigen toegevoegde waarde opnieuw moeten ontwikkelen.”

Ook wat de strijkstokdiscussie van de ANA Papers betreft, biedt blockchain serieuze kansen om het roer rigoureus om te gooien. Geenen: “In smart contracts komen alle afspraken digitaal vast te liggen in een chain. En door de toepassing van boolean logic worden de slimme contracten alleen uitgevoerd als er aan de juiste voorwaarden voldaan wordt. Er komt geen menselijke interventie meer aan te pas. Dan weten alle partijen precies waar ze aan toe zijn. Als je dat op grote schaal toepast voor advertising, zetten we echt een grote stap vooruit.”

Zekerheid
De tijd van de ‘cowboymarges’ is inmiddels voorbij, maar volgens Moesman (Improve Digital) is daarmee het lek nog niet boven. “Schoon schip maken betekent voor veel partijen ook zelf veel inkomstenverlies, terwijl investeerders hoge resultaten verwachten. Op hun beurt hebben adverteerders jarenlang geprofiteerd van heel lage tarieven. Nu ze roepen om een optimale inventory, zouden ze daar ook weer meer voor moeten willen betalen.”

Volgens Roelofs lost het probleem zich vanzelf op. “Het wordt kleiner door directe geldstromen van adverteerders richting partijen als Google. Bureaus moeten zichzelf nu hervormen. Je ziet WPP-topman Sorrell zich beklagen over marginale groei. De tijden van enorme marges zijn voorbij. Mediabureaus tuigen hun eigen inkoopplatforms op (zoals Xaxis van GroupM), waar kennis en data worden geclusterd. Tegelijk klinkt een dwingende roep vanuit adverteerders om gegarandeerde zichtbaarheid, bijvoorbeeld via opvallende take-overs of wallpaper-ads. Zo’n oproep van P&G is natuurlijk een schreeuw om aandacht of simpelweg een onderhandelingsstrategie. Adverteerders willen gewoon meer zekerheid.”

Gelukkig zijn er steeds meer initiatieven van zowel bureaus, adverteerders als uitgevers die de hele keten onder druk zetten, constateert Geenen. Bureaus valideren steeds meer het verkeer dat ze inkopen op kwaliteit en op het gebied van blockchain blijkt MadHive een goed voorbeeld, dat met adverteerders- en uitgeversconsortium Adledger nieuwe standaarden ontwikkelt. Plus dat uitgevers via header bidding de ‘adserver-waterval’ proberen te corrigeren. “Liefst wil je alles in één model proppen. Of dat nu via business rules of via een veiling gaat; je wil het speelveld homogeniseren en zelf bepalen waar de meeste waarde zit. In principe doet header bidding nu wat uitgevers altijd al wilden, namelijk dat alle vraag op een centrale plek kan worden verwerkt. Het is de ultieme manier om een positie te verwerven in een markt die totaal wordt gedomineerd door Amazon, Criteo, Google en Facebook.”

Schokgolven
Zoals het statement van P&G maatgevend is voor de veranderende opstelling van adverteerders, geldt dat evenzeer voor de bureauwereld als WPP-topman Martin Sorrell zich uitspreekt. Eind augustus liet de geridderde Brit nadrukkelijk van zich horen tijdens de presentatie van de halfjaarcijfers van zijn mediaconcern. Daar noemde hij 2017 het slechtste boekjaar van het laatste decennium, onder druk van ‘schokgolven’ die de reclame-industrie teisteren. Het resultaat: een omzetkrimp van een halve procent, waar een kleine groei was verwacht. Bovendien verwacht ’s werelds grootste reclameconcern voor dit jaar nauwelijks nog groei. Sorrell voerde de meest uiteenlopende oorzaken aan, van politieke onzekerheid tot de invloed van fake news. Vakblad AdAge ziet het simpeler: de roep om transparantie lijkt de belangrijkste oorzaak, waarbij de ANA Papers eindelijk echt hun tol beginnen te eisen.

Groei
Programmatic advertising is in 2016 met twintig procent sterk gegroeid, naar een omzet van 225 miljoen euro in Nederland. Dit blijkt uit de ‘Programmatic Advertising Study’ die Deloitte vlak voor de zomer publiceerde in opdracht van IAB Nederland. Programmatic video laat een omzetstijging zien van 95 procent en heeft daardoor nu een vijftien procent omzetaandeel binnen programmatic advertising. Ook mobile inventory blijft groeien: 35 procent van de exchange-omzet komt van mobieltjes of tablets.

De respondenten verwachten meer experimenteerdrift met header bidding (bieden op impressies die bij meerdere exchanges tegelijk worden aangeboden), dat dit jaar vijf procent van de programmatic-omzet zou moeten kunnen halen. Ook transparantie is een trending topic. Steeds meer URL-informatie van de aangeboden impressie wordt vrijgegeven binnen de exchange. Waarbij in 2012 van alle ingekochte impressies vijftien procent werd ingekocht zonder te weten waar deze zou worden geuit, is ‘blind’ inkopen nu vrijwel volledig verdwenen.

* Dit artikel verscheen eerder in het oktobernummer van Emerce magazine (#161).

Beeld: Isengardt (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Google search console: wat is nieuw?

Posted 13 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Google search console is een dagelijks go-to platform voor SEO-specialisten. Het biedt inzichten, zoals via welke pagina’s en zoektermen mensen bij jouw website terecht komen. Maar het platform vertelt ook wanneer Google technische problemen ondervindt in relatie tot je website. Dit heilige SEO-platform wordt voortdurend verbeterd. Recentelijk zijn er weer aankomende updates gedeeld en deze lijken zich te focussen op twee belangrijke aspecten: informeren over problemen op je website en tools aanbieden om aanpassingen snel en gemakkelijk te verifiëren.

Waar we het tien jaar geleden nog moesten doen met vier rapporten die ons op de hoogte hielden van de prestatie van onze website, worden er nu regelmatig nieuwe updates gedaan om het aantal rapporten en daarmee de prestaties van websites te verhogen. Na een serie updates, waarvan de laatste in juli, heeft Google recentelijk een nieuwe update aangekondigd: de bèta release. Deze update zal de webmasters helpen om websiteproblemen eenvoudiger te identificeren en op te lossen.

Wat gaat er precies veranderen?

Google heeft de tool-update in drie groepen opgedeeld: insights, workflow en feedback loops. Binnen de categorie insights heeft Google plannen voor een aanpassing die webmasters en developers helpt bij de identificatie en clustering van problemen op hun website: “We zullen nu de geïdentificeerde problemen groeperen op basis van een gemeenschappelijke route cause. Zo vertelt Google de webmaster waar in de code gesleuteld moet worden. Vervolgens worden de problemen in taken verdeeld. Deze taken hebben een toegewezen status, zodat je gemakkelijk kunt zien of het probleem nog open is, of Google de oplossing heeft gedetecteerd en hoe het staat met de voortgang (vergelijkbaar met bug tracking systemen).”

De geplande veranderingen op het gebied van workflow maken het mogelijk om taken te creëren. Gebruikers kunnen hiermee to do’s uitdelen aan andere Search Console-leden. Dit helpt om de SEO-werkstromen beter te faciliteren en dagelijkse interne processen en optimalisaties te stroomlijnen.

Ten slotte wordt er een langdurige frustratie onder handen genomen: de feedback loops. Waar je voorheen lang moest wachten op de resultaten van wijzigingen om deze in de broncode te kunnen zien, zorgt de wijziging in de feedback loops voor een directe preview van opnieuw gecrawlde websites nadat de wijzigingen hebben plaatsgevonden.

Nieuwe BETA-features

De komende weken gaat Google twee BETA-features onder een kleine groep gebruikers uitrollen:

 

  • Index coverage report
  • AMP fixing flow

 

Het index coverage report is een uitbreiding van het huidige index status rapport. Het geeft het aantal geïndexeerde pagina’s weer, informatie waarom sommige pagina’s niet kunnen worden geïndexeerd, én laat voorbeeldpagina’s en tips zien over het oplossen van indexeringsproblemen. Het zorgt daarnaast voor een simpele sitemap-submissie en de mogelijkheid om alle index gegevens te filteren op een van de ingediende sitemaps.  

Eerste previews van het index coverage report zijn ook al bekend: De AMP fixing flow zal gebruikers helpen bij het (sneller) identificeren van problemen in hun AMP-code, waarna onmiddellijk verificatie van de voltooide oplossing worden gegeven. De komende paar weken worden de rapporten uitgerold en dan kunnen SEO-specialisten direct gebruik maken van de verbeteringen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Gamification in travel: vier voorbeelden van hoe het wel moet

Posted 13 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Heeft gamification toegevoegde waarde voor de reisindustrie? Volgens Expedia wel, maar dan moeten er wel lessen worden geleerd uit het verleden. “Voor elke Monopoly zijn er duizend mislukte spellen die de doos niet uitkomen omdat ze slecht ontworpen zijn.”

Design staat dus centraal in een succesvolle toepassing van gamification in travel, stelt Expedia in een ebook hierover. Het typische beeld van gamification is een app waarmee gebruikers virtuele badges of stickers kunnen verdienen als beloning voor bepaald gedrag. Loyaliteitsprogramma’s zijn hier een goed voorbeeld van – wie genoeg koopt, komt steeds een treetje hoger te staan met bijbehorende voordelen. Maar, zo zegt Expedia, een goed ontworpen spel is complexer en subtieler dan dat, met een verhaal dat betrokkenheid creëert en de motivatie om geld uit te geven binnen het spel. “Nog belangrijker is dat gamification moet worden gedreven door een heldere bedrijfsdoelstelling. Vanaf daar zijn de ontwikkelfases hetzelfde als bij elk ontwerpproces: onderzoek, prototype, iteratie, test, verfijning, release.”

Als de doelstelling bijvoorbeeld is om een nieuwe vliegroute te promoten, dan stelt Expedia als use case een vluchtsimulatorspel dat gemakkelijk gedeeld kan worden op social media voor met gratis vliegtickets als beloning voor de winnaars.

In het ebook geeft Expedia ook een aantal praktijkvoorbeelden van succesvolle gamification in de reisbranche:

Visit Norway/Holmenkollen

Het Noors verkeersbureau Visit Norway wilde zowel Holmenkollen als skibestemming als Noorwegen zelf promoten. Een simpel spel werd ontwikkeld met als doel spelers verder de booking funnel in te krijgen. Het is een microsite waar je met je toetsenbordcommando’s een schansspringer kunt besturen. Als de speler twee sprongen heeft gemaakt, worden er links verstrekt die helpen bij het boeken van een reis naar Noorwegen. De content wordt dus op een andere manier onder de aandacht gebracht. Er zijn niet zoveel data beschikbaar over de resultaten, maar het verkeer naar het subdomein is goed voor 1 procent van de totale websitetraffic van Visit Norway en het spel staat bovenaan de organische zoekresultaten op Google als je ‘ski jump game’ intypt.

YUGE

YUGE maakt gebruik van technologie om een spelelement toe te voegen aan een vrijetijdsactiviteit. De mobiele app is ontwikkeld door het Franse skigebied Paradiski en benut geolocatie om skiërs content te bieden die hun beleving verbetert. Zo is er een plattegrond van de pistes met actuele informatie over de sneeuwconditie, weer en wachttijden bij de lift. Verder kunnen de bezoekers zien waar hun vrienden zich bevinden en houdt YUGE de prestaties bij van de wintersporters, met een ranglijst die volgens gebruikers een stimulans is om toch een extra afdaling te maken.

Rocketrip

In dit geval wordt gamification ingezet om zakenreizigers te stimuleren lagere reiskosten te maken. Als zij de goedkoopste beschikbare opties boeken, krijgen ze daarvoor een beloning. De algoritmen van Rocketrip berekenen onder welk budget ze uit moeten komen op een bepaalde reis en de medewerker ontvangt de helft van eventueel gerealiseerde besparingen in de vorm van een tegoed dat bij bepaalde merken en retailers uitgegeven kan worden. Volgens Expedia werkt het idee dankzij het ontwerp van het dashboard waar de zakenreiziger zijn doelstellingen en positie in de ranglijst van ‘bespaarders’ kan zien.

JetBlue/TrueBlue

JetBlue heeft haar loyaliteitsprogramma TrueBlue vormgegeven door middel van gamification. Passagiers kunnen badges verdienen die slaan op producten van JetBlue. De Even More Space-badge beloont bijvoorbeeld klanten die extra beenruimte boeken. Met de JetPaws-badge sparen klanten die met hun huisdier reizen punten. Het zijn visuele weergaven van de dienstverlening van JetBlue die upselling gemakkelijker maken. De punten kunnen worden ingewisseld voor gratis vluchten, maar bijvoorbeeld ook worden gedoneerd aan liefdadigheidsinstellingen. En op de gepersonaliseerde landkaart kan de passagier precies zien waar hij of zij is geweest.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Aantal mobiele platformen zakelijke markt gereduceerd tot twee

Posted 12 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Op de zakelijke markt voor mobiele telefonie zijn, nadat deze week bekend is geworden dat Microsoft definitief is gestopt met Windows Mobile, nog slechts twee platformen over: Google Android en iOS van Apple. Beide systemen zijn goed voor 43 procent van de zakelijke smartphones die op dit moment in gebruik zijn, zo constateert Computer Profile uit navraag bij circa 2500 bedrijfsvestigingen.

Symbian staat inmiddels op 0 procent marktaandeel, nieuwe Blackberry smartphones draaien inmiddels op Android en de toestellen op basis van het eigen Blackberry OS zijn zo goed als verdwenen.

Er zijn overigens nog steeds meer bedrijfslocaties met iPhones dan bedrijfslocaties met zakelijke Android toestellen. Circa driekwart van de locaties geeft aan dat er één of meerdere iPhones in gebruik zijn. Voor Android toestellen ligt dit op 56 procent van de bedrijfslocaties.

Apple is ook het meest voorkomende smartphone merk. Ongeveer 44 procent van de zakelijke smartphones is een Apple toestel.

Het aandeel iPhones ligt bij overheidsinstanties het hoogst, daar is meer dan de helft van de geïnventariseerde smartphones een Apple. Bij zorg- en onderwijsinstellingen is het aandeel iPhones het laagst, met respectievelijk 16 en 19 procent van het totaal. Samsung vormt 37 procent van alle smartphones. Samsung kent in de zorgsector met 61 procent haar hoogste aandeel en in het onderwijs juist het laagste.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Google opent weer tijdelijke winkels

Posted 12 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Evenals vorig jaar opent Google in New York City en Los Angeles popup winkels om, in de aanloop van de feestdagen, zijn nieuwste hardware te tonen. Veel details zijn nog niet bekend, behalve dat de deuren volgende week donderdag opengaan.

In New York komt de winkel aan 110 Fifth Ave, in Los Angeles aan 8552 Melrose Avenue. De winkels gaan iedere dag open van 10.00 tot 20.00 uur. Waarschijnlijk blijven ze, net als vorig jaar, tot eind december.

Onder de noemer Made by Google zullen onder meer de nieuwste Google Home luidsprekers, de nieuwste generatie Pixel smartphones en de Pixelbook worden getoond. Deze producten werden vorige week aangekondigd.

Wat al deze producten uniek maken is volgens Googles Rick Osterloh de combinatie van AI, software en hardware.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Influencer marketing: tips voor reisorganisaties

Posted 12 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

De reisbranche mag op een warme belangstelling van influencers rekenen – er zijn genoeg mogelijkheden voor het creëren van mooie content. Maar wat is de zakelijke waarde van werken met influencers? En hoe haal je het maximale uit je budget?

Tijdens eTravel Europe bleek dat veel reisorganisaties vragen hebben over influencer marketing, al is dat een term die Suze Renner, oprichter van de reisblog Luxury Columnist, nogal irriteert. “Ik heb het liever over het creëren van content. Er zijn zoveel mensen die zichzelf als influencer positioneren. De eerste kwaliteitscontrole is dan ook om te kijken of ze goed kunnen schrijven en mooie foto’s maken.”

Uit onderzoek van socialmediabureau Chute onder tweehonderd marketeers blijkt dat driekwart van hen eind dit jaar een influencermarketingstrategie geïmplementeerd willen hebben. De belangrijkste redenen hiervoor zijn het bereiken van een nieuw publiek (80 procent), micro- of nichedoelgroepen aanspreken (70 procent) en buzz creëren rond een nieuw product of campagne (64 procent). Op zich is die belangstelling voor influencer marketing niet zo verwonderlijk. “Tweeënnegentig procent van de consumenten hecht veel waarde aan de mening van anderen. Van generatie Z geeft 40 procent aan dat ze daardoor gemakkelijk worden beïnvloed,” zegt Renner. “En er zijn 2,8 miljard actieve gebruikers van social media.”

Bron: Chute

Goede influencers zijn transparant

De optelsom ten faveure van influencers is dus snel gemaakt, vindt Renner, met name wanneer je hoofddoel het creëren van PR-waarde of meer merkbekendheid is. Toch doet een derde van de door Chute ondervraagde marketeers niet aan influencermarketing. Het grootste obstakel is dat ze niet weten met welke influencers ze moeten werken (40 procent). Renner heeft voor deze groep een aantal praktische tips. “Vraag influencers naar hun publiek. Goede influencers zijn transparant en vinden het geen probleem om cijfers te delen. Je kunt ook overwegen om iemand te kiezen die op Instagram een business account heeft. Die zijn minder populair dan persoonlijke accounts maar hebben als grote voordeel dat je statistieken krijgt.”

Bron: Chute

Tools om authenticiteit te bepalen

Bij de uiteindelijke keuze van een influencer is het belangrijk dat deze actief is op meerdere kanalen, vindt Renner. “Idealiter hebben ze een blog en volgers op nog één of twee social media. Uit onderzoek blijkt namelijk dat blogs de meeste SEO-waarde bieden, gevolgd door Facebook en de andere social media. Je zoekt dus iemand die niet alleen mooie content maakt maar ook technische kennis heeft en begrijpt hoe zoekmachineoptimalisatie werkt.”

Om te bepalen of een blog goed wordt gelezen kun je tools als die van Moz.com gebruiken, die de domeinautoriteit meet. “Een goede blog heeft een score van 30 of hoger. Daarbij wordt meegenomen hoelang een website al bestaat. Hoe meer autoriteit, des te hoger zo’n blog in de zoekresultaten van Google komt te staan.”

Voor socialmedia-accounts is Socialblade.com een goede manier om ‘fakes’ eruit te halen. Hierop vul je de naam van de influencer in en krijg je een overzicht te zien van de platformen waarop hij of zij actief is en de volgactiviteit per dag. “Als iemand bijvoorbeeld op één dag er 15.000 volgers bij heeft gekregen, dan moet je je achter de oren krabben,” waarschuwt Renner.

Het overzicht van Socialblade.com voor influencer Enzo Knols Instagramaccount

Relevantie is uiteraard ook een belangrijke beoordelingsfactor. “Als iemand heel veel volgers heeft, maar normaliter alleen modefoto’s plaatst, dan kun je je afvragen hoe waarschijnlijk is dat het publiek je product koopt.”

Waar vind je die?

De criteria zijn duidelijk, maar waar vind je de ideale match voor je bedrijf? Renner adviseert allereerst te kijken naar bestaande merkambassadeurs. “Kijk op je eigen social media kanalen welke mensen erg betrokken zijn bij je merk. Als zij een groot en/of interessant bereik hebben, dan hoef je niet verder te zoeken. Verder kun je op social media op trefwoorden monitoren wie over je merk of bestemming praten. Ook zijn er influencerplatformen die bemiddelen tussen opdrachtgever en contentmakers, al kunnen die vrij algemeen zijn. PR-bureaus hebben vaak al contacten met influencers dus die zouden moeten kunnen helpen. Of vraag aan influencers die je al kent of zij iemand weten.”

Het volgende vraagstuk is hoe je de samenwerking met de influencer gaat vormgeven. Met als belangrijkste keuze: wordt de influencer betaald of is het een barterovereenkomst? Renner heeft een voorkeur voor betaalde deals. “Als je daar een contract voor opstelt kun je meer uit de samenwerking halen en afspraken maken over het aantal posts, hashtags die moeten worden gebruikt, exclusiviteit, enzovoorts. De vergoeding kan een fee per dag zijn of een bedrag per campagne. Als je die kosten afzet tegen advertentiekosten dan is de investering laag. De gemaakte content kun je bovendien als merk hergebruiken in marketingcampagnes en op je eigen socialmedia-accounts.”

Rendement van influencer marketing

Voor de meeste bedrijven zal er een cijfermatige onderbouwing plaats moeten vinden voordat ze bereid zijn te investeren in influencers. Hoe bepaal je het rendement? Tomoson, een bemiddelingsplatform, zegt dat het rendement op elke dollar die je investeert 6,50 dollar is. Het bedrijf baseert zich op eigen onderzoek onder 125 marketeers, dat in 2015 plaats vond. Daarbij wordt echter niet duidelijk hoe de markteers de waarde van hun influencermarketingactiviteiten hebben berekend. Ook kun je je afvragen welk effect de versnippering van het landschap – bijna iedereen noemt zich tegenwoordig influencer of wil het worden – heeft op de ROI. Renner stelt dat er tal van methoden zijn – naast het tellen van clicks en likes – om het effect van de samenwerking vast te stellen. “Je kunt het rendement meten door affiliate clicks of traceerbare links toe te voegen. Een andere manier is om een wedstrijd te organiseren waarvan je de data kunt vastleggen, door mensen te vragen om je te volgen op social media, je Facebookpagina te bezoeken, een bericht achter te laten of lid te worden van je nieuwsbrief. En als de insteek van de influencermarketingcampagne is om meer merkbekendheid te verkrijgen, dan kun je dat natuurlijk ook meten.”

Bron: Chute

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Wat zoeken millennials in een live evenement?

Posted 11 Okt 2017 — by Emerce
Category nieuws

Jaarlijks vinden er tienduizenden publieke en besloten evenementen plaats in Nederland. Millennials zijn de drijvende kracht achter de stijgende bezoekersaantallen. Hoe overtuig je als marketeer deze doelgroep om naar je live evenement te komen?

Omdat we bij Eventbrite benieuwd zijn naar wat Nederlandse millennials drijft, hebben we onderzoek gedaan naar de wensen en behoeften ten aanzien van live evenementen. Hieruit blijkt het beeld dat het sociale leven van millennials zich vooral online afspeelt, niet klopt. Zij voelen zich juist zeer verbonden met de ‘echte’ wereld. De groep 18- tot 34-jarigen vindt beleving belangrijker dan bezit en is de drijvende kracht achter het bezoeken van evenementen, zowel voor fun als vanuit maatschappelijke betrokkenheid.

Sterke wisselwerking met online

Negen op de tien Nederlandse millennials hebben in de afgelopen twaalf maanden een live evenement bijgewoond. De wisselwerking met online is sterk. De ondervraagde millennials gebruiken social media om hun belevenissen tijdens live evenementen te ‘maximaliseren’. Ze hebben een sterke behoefte aan verbindingen met anderen en om zichzelf te uiten. Andersom betekent dit dat ze het ook erg leuk vinden om andermans live ervaringen te zien op social media (68 procent). Meer dan de helft (54 procent) van de millennials zegt dat ze live evenementen bijwonen zodat ze iets te delen hebben op social media, wat voortkomt uit de inmiddels bekende drang naar zelfexpressie en het opdoen van nieuwe ervaringen.

Ondanks dat hiervoor technologie nodig is, geloven millennials sterk in face-to-face interactie, met name om positieve veranderingen te bewerkstelligen. Deze jonge doelgroep woont dan ook meer politieke evenementen bij dan generatie X. Dat wil niet zeggen dat online gedrag hier geen invloed op heeft: 46 procent is offline politiek actief geworden door een online trigger.

Opvallend weetje: millennials met kinderen plaatsen het vaakst social media posts over evenementen. Tweeënzestig procent zegt dat ze een event bijwonen om iets te melden te hebben op Facebook, Twitter of Instagram. Bij de millennials zonder kinderen is dit 48 procent.

Er springen dus drie belangrijke kenmerken uit: millennials zoeken verbinding, social media zijn heel belangrijk om de beleving van een evenement te versterken en jonge gezinnen met kinderen hebben meer behoefte aan live evenementen. Hoe kun je al deze kennis optimaal benutten bij je event?

Verbinding

Millennials willen ‘connected’ zijn en dat slaat niet alleen op de kwaliteit van de wifi. Ze zoeken een echte aansluiting bij mensen met dezelfde interesses. Dit gegeven kun je benadrukken in de marketing rond je evenement. Wordt er bijvoorbeeld een bepaald goed doel ondersteund of zijn er mogelijkheden om te netwerken? Benoem dat dan vooral in je marketing-uitingen. Er zijn vast veel mensen die het leuk vinden om mee te doen met een zwemtocht in de Amsterdamse grachten, maar doordat er bij City Swim voor een goed doel wordt gezwommen (ALS) is het evenement een doorslaand succes. Maar het kan ook een ander soort verbinding zijn. Zo organiseert HelloFresh, bekend van de maaltijdboxen, regelmatig ‘aanschuifdiners’ voor klanten, waarbij de herkomst van de producten centraal staat. Dit zijn dus mensen die gezond eten belangrijk vinden en zo aansluiting bij elkaar vinden.

Belang van social media

Maak gebruik van het feit dat millennials het belangrijk vinden dat het evenement ‘Instragram-waardig’ is. Creëer bijzondere fotomomenten die mensen willen delen. Dit kan de locatie zelf zijn – denk aan de concerten die elke zomer door Royal Park Live worden georganiseerd in de tuin van Paleis Soestdijk –, een photobooth of een andere aandachtstrekker. Zorg ervoor dat de hashtag van het event overal te zien is en wijs de bezoeker op de mogelijkheden van live streaming, bijvoorbeeld door een prijs uit te reiken voor het leukste live filmpje.

Familiegevoel

Ongeveer de helft van de millennials heeft kinderen. Deze groep is zoals gezegd het meest geneigd om een live evenement bij te wonen en hun ervaringen te delen met de rest van de wereld. Zorg dus voor een kindvriendelijke sfeer, als het evenement zich daarvoor leent. Into The Great Wide Open staat hier bijvoorbeeld bekend om – naast de acts voor volwassenen is er een kinderprogramma. En ook bij steeds meer zakelijke events zie je dat er kinderopvang wordt aangeboden of zelfs vergoed, zoals Google dat doet bij het jaarlijkse I/O event voor developers.

Ervaringsdeskundige: Arne Koefoed van WINK

Met klanten als Lowlands, MTV, Eastpak en Scotch & Soda (om maar een kleine selectie te noemen) is evenementenproductiebedrijf WINK dagelijks bezig met de millennial doelgroep. Oprichter Arne Koefoed herkent veel in de onderzoeksresultaten en denkt dat experience marketing een belangrijke manier is om als bedrijf of merk millennials te bereiken. “In algemene zin kun je zeggen dat er een shift is in hoe millennials worden gezien. Vroeger werden ze weggezet als een groep die niet kan kiezen, gericht op het direct vervullen van hun behoeften en met een grote ‘sense of entitlement’. De laatste vier tot vijf jaar dringt het besef door dat millennials juist bereid zijn dingen te delen, minder waarde hechten aan spullen, authentieke belevingen en een te gekke tijd hebben belangrijk vinden, enzovoorts. Dat is belangrijke informatie voor merken die millennials willen raken. Alleen maar verhalen zenden over jezelf heeft geen zin, dan word je als merk niet meer gezien. De jongere doelgroep bind je aan je als je een unieke beleving biedt die in het verlengde ligt van je merkverhaal. Het liefst een evenement met inhoud, zoals kunst of een goed doel. Je moet ergens voor staan. En dat hoeft niet altijd diepgang te hebben, millennials willen het leven vieren. Zolang wat je organiseert en zegt maar echt en gemeend is.”

De tijd waarin je in een reclamespotje je product kon aanprijzen en daarmee de consument overtuigde het te kopen is echt voorbij, benadrukt Arne. “Je kunt nog steeds hetzelfde bereik realiseren maar dan in samenwerking met je publiek. Als je een festival houdt, dan versterk je dat natuurlijk zelf voor, tijdens en na het evenement via je online kanalen, maar je community draagt het verhaal ook uit.”

Daarbij plaatst hij twee kanttekeningen: social shares kunnen nooit de primaire drijfveer van een evenement zijn en wees voorzichtig met influencers. “Natuurlijk is het belangrijk om social buzz te creëren en voor veel marketeers rechtvaardigt dat de investering in een evenement. Maar millennials prikken erdoorheen als een event puur gericht is op social shares. De hoofdgedachte moet zijn om mooie dingen te maken en je betrokkenheid te tonen als merk. Wat de influencers betreft, ik vind dit een heel sterk en legitiem kanaal. Echte mensen die over je merk vertellen, dat is te gek en veel puurder dan wanneer je het zelf zegt. Maar we zitten op dit moment in een influencer bubble – iedereen noemt zichzelf influencer. Veel posts zijn gewoon clickbait. Ik verwacht hier nog wel een kwaliteitsslag, waarbij de mensen die invloedrijk zijn en uitstralen dat ze niet te koop zijn, zullen overblijven. Ook hier draait het erom of de boodschap echt en gemeend aanvoelt.”



Lees het volledige bericht op Emerce »