Posts Tagged ‘facebook’

Next level funding: IPO of alternatief?

Posted 16 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Wil je als start-up of scale-up groeien, dan heb je vaak extern kapitaal nodig. Van investeerders, via een beursgang of anderszins. Wanneer kies je nu voor een IPO? En wanneer niet? En welke alternatieven zijn er, zowel op dit moment als in de toekomst?

“Er gaat te veel geld om in venture capital en te veel slimme mensen jagen op te weinig geweldige entrepreneurs”, zo luidt een gevleugelde uitspraak van de Amerikaanse durfkapitalist Dan Levitan. Dit geldt zeker voor de situatie in de Verenigde Staten. Techreuzen als Google en Intel pompen exorbitante bedragen in de markt, op de voet gevolgd door bedrijven als Comcast, Salesforce, Cisco, GE en Bloomberg. Waarbij grote spelers als Apple, Microsoft, Facebook en Amazon als venture capitalist overigens aanzienlijk minder met hagel schieten dan concurrent Google.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat er in de VS meer dan genoeg groeigeld beschikbaar is. Google Ventures alleen al heeft een paar miljard dollar te besteden. Toch maken die miljarden ongedurig, want voormalig CEO Bill Maris beklaagde zich ooit dat start-ups veel te lang wachten met een beursnotering. “Ik zie bedrijven die weigeren een notering aan te vragen, om redenen die ik nauwelijks begrijp”, aldus Maris. “Dat leidt tot minder geld, meer angst en nog meer voorzichtigheid. Sommige bedrijven leggen de lat zelfs zo hoog dat ze het zichzelf onnodig moeilijk maken. Daardoor kunnen ze veel geld verliezen.”

De Europese markt is er volgens Maris eentje van eb en vloed. Met vorig jaar een hoge mate van angst. Zo durfden veel kansrijke start-ups toen vanwege de overvolle aandelenmarkt de stap naar de beurs niet te zetten, aldus beleggerssite MarketWatch. Door de financiële onrust zakte het aantal beursintroducties in de eerste helft van 2016 dan ook met 56 procent ten opzichte van een jaar eerder. Start-ups zouden vooral bang zijn dat beleggers hun bedrijf op de publieke beurzen minder hoog waarderen dan investeerders in de private markt. Tegelijk ligt er wel degelijk veel geld voor het oprapen, want volgens The Wall Street Journal waren er vorig jaar 149 private start-ups met een marktwaarde van één miljard dollar of hoger.

Droomwens
Toch hebben start-ups wereldwijd vorig jaar aanzienlijk minder durfkapitaal opgehaald bij private financiers dan een jaar eerder: 140,6 miljard dollar, een daling van circa tien procent. Niet alleen daalde het aantal transacties fors (van bijna 18.000 deals in 2015 tot ruim 13.500 transacties vorig jaar), in de VS kelderde bovendien de waarde van de investeringen: van 79 naar 69 miljard dollar. In Azië en Europa bleven de investeringen goeddeels stabiel.

“Private financiers zijn selectiever geworden”, stelt Daniël Horn van KPMG Innovative Start-ups. “Ze denken langer na over mogelijke investeringen en zijn vooral geïnteresseerd in start-ups met een aantoonbare strategie om winstgevendheid te genereren. Jonge bedrijven realiseren zich dat ze kritisch naar hun bedrijfsvoering moeten kijken om investeerders te kunnen aantrekken. Die zoeken bedrijven met tractie. Een paar getekende opdrachten kunnen daarbij net het verschil maken.”

“Het aantal Nederlandse start-ups dat daadwerkelijk hardop nadenkt over een beursgang is enorm beperkt”, zegt Remco Janssen, die dergelijke bedrijven ondersteunt met zijn bureau Proudly Represents en het online platform Silicon Canals. “Het bekendste recente voorbeeld is Takeaway.com, maar andere partijen – zoals Adyen – willen niet naar de beurs of worden voortijdig opgeslokt.”

Het van oorsprong Nederlandse opensourceplatform GitLab haalde vorig najaar nog twintig miljoen dollar op. “Ons uiteindelijke doel is om over een aantal jaar naar de beurs te gaan”, aldus medeoprichter Sid Sijbrandij die tegenwoordig kantoor houdt in San Francisco. “Dat lukt de meeste start-ups niet, dus moeten we ervoor zorgen dat we echt uniek zijn.”

Janssen verwacht echter niet dat een start-up als GitLab uiteindelijk ook echt een beursgang zal maken. “Zo’n partij wordt opgekocht door Amazon. Het is toch meestal een kwestie van buy or die.” De meeste ondernemers hebben volgens hem een aandachtsspanne van hooguit vijf jaar. Naar de beurs gaan klinkt voor hen als een droomwens, maar in de praktijk is de reden van dit soort transacties bijna altijd hetzelfde: het geld is op. “Of anders zijn er problemen, is er stront aan de knikker. Start-ups met een uniek product dat écht niemand anders heeft, zijn heel schaars. Denk dan vooral aan zeer specialistische medische techbedrijven.”

Meelopers
Floyd Sijmons, managing director en co-founder van Helpling Netherlands, sluit zich bij de scepsis van Janssen aan. “Persoonlijk vind ik dat je alleen een beursgang moet doen als je het geld echt nodig hebt om extreem op te schalen. Bovendien moet je businessmodel zich daar natuurlijk voor lenen.” Vooral de enorme hoeveelheid werk die erin zit plus de kostbare administratieve rompslomp ziet hij als grote nadelen. “Ook drukt het flink op de voortgang van je resultaten op korte termijn. Het moet consistent beter gaan, terwijl het vaak juist logisch kan zijn om in die fase nog even te investeren in toekomstige groei en niet per se in groei per kwartaal.”

Volgens Ronald Kleverlaan, oprichter van CrowdfundingHub, weten veel investeerders vaak niet eens precies waar ze in stappen. Hij noemt het voorbeeld van een converteerbare lening. “Minder ervaren investeerders denken dat ze daarmee heel veilig een lening afsluiten, maar in feite is het wel degelijk een soort aandeel met een hoog risico.”

Menig investeerder is volgens hem dan ook uitermate volgzaam, een soort meeloper. “Ze investeren wanneer er al een grotere groep heeft geïnvesteerd, omdat ze dan denken dat het wel goed zit. Dit kan goed uitpakken, maar het blijft belangrijk om zelf een goede afweging te maken.”

Veel startende ondernemers beschouwen venture capitalists vaak als doel op zich. “Niet alle ondernemingen zijn hiervoor geschikt. Business angels zoeken vooral naar risicovolle beleggingen. Snelgroeiende bedrijven die het liefst rap internationaal kunnen schalen, wat zeker niet voor alle start-ups geldt.”

Het gros van de investeerders stapt volgens Janssen zelfs in zonder doorwrochte kennis van zaken. “Iedereen wil graag een beetje start-upinvesteerder spelen. De vuistregel is echter dat tien procent van de start-ups slaagt, wat het een behoorlijke gok maakt. En dus hangen veel start-ups al snel aan het investeerdersinfuus.”

Takeaway.com
Er zijn in ons land hooguit een paar écht deskundige angel investors, meent hij. “Heel gechargeerd zijn dat alleen Marcel Beemsterboer en Arthur Kosten. Veel andere investeerders doen maar wat. Ik ben niet pessimistisch, maar de start-upmythe mag best eens worden doorgeprikt. Geef startende ondernemers geld en ze gaan achterover leunen. Niet voor niets zijn de beste ideeën op een zolderkamertje ontwikkeld. Het gaat erom dat je een bedrijf bouwt en succesvol bent. Waardebepaling van start-ups is daarnaast gewoon heel lastig.”

Recente beursgangen tonen aan dat start-ups vaak ook te hoog worden gewaardeerd. “Aan de beursgang van Takeaway.com ging een aantal mislukte investeringsrondes vooraf”, zegt Janssen. “Kijk ook naar hun positie: het derde platform van Europa, met relatief oude technologie en concurrenten die beter presteren met bezorging. Natuurlijk stijgt de beurskoers direct na de lancering, maar daarna doen beleggers de aandelen weer massaal van de hand. Een patroon dat je altijd terug ziet komen. Bij de beursgang van Snap was dat niet anders, ook die koers zakte uiteindelijk in.”

Wie niet naar de beurs gaat en onvoldoende in beeld is bij grote vc-fondsen, kan kiezen voor alternatieve vormen van financiering. Crowdfunding biedt wat dat betreft steeds serieuzere kansen, bevestigt Kleverlaan van CrowdfundingHub. “Crowdfunding is veel laagdrempeliger dan bij een bank aankloppen, voor zover dat al opgaat, en kan soms ook flinke sommen geld opleveren. Neem Peerby, dat in pakweg een week twee miljoen euro ophaalde.” Crowdfunding wordt volgens hem ook steeds meer serious business. Zoals bij de relatief kleine Britse brouwerij BrewDog, die in meerdere rondes zo’n 25 miljoen pond ophaalde en onlangs werd gewaardeerd op één miljard pond. “Zij hebben kleine investeerders verleid met leuke gimmicks, zoals een membershipcard.”

Blockchain
In tegenstelling tot de Amerikaanse markt is er in Europa veel minder geld beschikbaar. Kleverlaan: “Je vindt in Nederland dan ook nog te weinig start-ups met meer dan een miljoen euro aan investeringsgeld. De komende jaren gaan dat soort bedragen steeds vaker wel lukken via crowdfunding. Aansprekende b2c-bedrijven met een grote community moeten in staat zijn om pakweg tien miljoen euro op te halen bij de eigen crowd. Van een populair bedrijf als Coolblue kan ik me voorstellen dat ze op die manier makkelijk honderd miljoen euro uit de markt kunnen halen.”

Om kleine bedrijven die nog niet naar de beurs kunnen toch iets te bieden, zijn er equity crowdfunding platforms als Seedrs, SyndicateRoom en Crowdcube. “Daar kunnen ook miljoenendeals worden gesloten”, stelt Kleverlaan. “In Nederland hebben we zelfs een soort minibeurs, de NPEX, waar bedrijven als Fastned en Wagamama actief zijn. De meeste start-ups vragen er bewust minder geld dan 2,5 miljoen euro, omdat dat de grens is waarboven de AFM bedrijven verplicht om met een prospectus te komen.”

Sowieso is het zaak dat startende entrepreneurs zich niet gek laten maken. “Over het algemeen is altijd het advies: haal zo laat mogelijk investeringen op”, aldus Sijmons (Helpling). “Hoe verder je komt zonder investeerders, hoe waardevoller je bedrijf is en hoe meer funding je krijgt voor minder equity.”

Volgens Kleverlaan liggen er op termijn ook enorme kansen voor Initial Coin Offerings, kortweg ICO’s. Daarbij gaat het om de uitgifte van een nieuwe crypto-currency of specifieke tokens voor het financieren van projecten of ondernemingen, doorgaans in de fintech- of blockchainindustrie. “Dat is echt next level”, stelt hij. “Met ICO’s wordt investeren nog interessanter en sneller, maar die markt is nu nog totaal ongereguleerd.” Het bedrijf Bancor, dat een protocol ontwikkelt voor een nieuwe generatie cryptovaluta’s, haalde hiermee zelfs 150 miljoen dollar op in een paar uur tijd. “De kracht van blockchain is tevens dat het certificaten goed bewaakt en eigendom goed vastlegt, zonder dat je daarbij een notaris nodig hebt.” Tegelijk is de exclusiviteit van het systeem ook een groot nadeel, concludeert Kleverlaan. Want handel in Bitcoins of Ethers kan alleen binnen het eigen platform plaatsvinden.

Spotify
Spotify lijkt het anders te willen aanpakken dan andere bedrijven die naar de beurs gaan. De streamingdienst mikt volgens Reuters op een direct listing bij de New York Stock Exchange. Dit betekent dat de muziekdienst de beurs wil betreden zonder een Initial Public Offering (IPO), wat de gangbare methode is. Bij een IPO leidt een zakenbank de verkoop van nieuwe aandelen tegen een vooraf vastgestelde prijs. Bij een direct listing verkoopt de nieuwe toetreder geen nieuwe aandelen, maar worden bestaande aandelen te koop aangeboden. Daarmee vervalt de zakenbank als verplichte tussenpersoon. Als deze direct listing doorgaat en een succes wordt, zouden andere bedrijven kunnen volgen en is dat een klap voor handelsbanken – en daarmee voor de beurshandel als geheel. Tegelijk zijn direct listings ook risicovol, omdat de prijs alle kanten op kan schieten. Bij een IPO zorgt de prijsstelling vooraf voor stabiliteit. Voor relatief onbekende beursgangers is een direct listing sterk af te raden.

Druk
Deelplatform Peerby probeert uiteenlopende financieringsvormen uit. De start-up is opgebouwd met groeigeld van VC-fondsen, maar koos vorig jaar voor crowdfunding. Met succes, want in een week tijd werd maar liefst twee miljoen euro opgehaald. “Veel meer dan we hadden kunnen dromen”, zegt oprichter Daan Weddepohl. “Crowdfunding past bij een consumentendienst als de onze. We hebben echte fans en het bedrag dat we vroegen was niet veel te hoog. Ook was direct helder wat we met het geld gingen doen: uitbreiden in het buitenland.” Het bedrijf teert nog steeds op die publieke funding.

Een IPO zit er voor Weddepohl echt niet in. “Dan moet je behoorlijk groot zijn en een heel hoge waardering hebben. We kijken wel met interesse naar ICO’s, die nemen een enorme vlucht. Ik vlieg zelfs naar Londen om een congres over cryptofinancing bij te wonen. Met crowdfunding krijgen wij voor 70 procent geld van mensen die al lid zijn, terwijl je met een ICO een andere doelgroep bereikt.”

Een van de grootste bezwaren van start-ups tegen een beursgang is de druk van aandeelhouders om rendement te halen op de korte termijn. Toch ziet Weddepohl ook daar ruimte: “Een bedrijf als Etsy heeft als B-corp een beursnotering gekregen aan NASDAQ. Die constructie houdt in dat je als bedrijf niet verplicht bent om altijd aandeelhouderswaarde bovenaan te zetten.”

* Dit artikel verscheen eerder in het septembernummer van Emerce magazine (#160).

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

200 miljoen actieve gebruikers voor Pinterest

Posted 15 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Pinterest heeft nu 200 miljoen actieve maandelijkse gebruikers. De mijlpaal van de eerste 100 miljoen werd twee jaar geleden bereikt en die van 150 miljoen een jaar later. Gemiddeld bedraagt de groei daarmee 50 miljoen per jaar.

Dat is weliswaar bescheiden vergeleken met Instagram en Facebook, maar het bedrijf is er zelf trots op. “We zijn pinners erg dankbaar”, vertelde Pinterest-president Tim Kendall gisteren op Dmexco in Keulen.

De grootste groei wordt gerealiseerd buiten de VS. Daarom wil Pinterest meer regionale versies maken van Pinterest, vertelde Kendall. Veertig procent van de gebruikers bestaat inmiddels uit mannen.

Volgens Kendall is het succes bereikt dankzij vergaande focus. “Je moet regelmatig nee zeggen, ik moet mijn medewerkers vaak teleurstellen, maar van de drie dingen die we erg graag zouden willen doen, doen we er bewust maar één.”

“Pinterest heeft inmiddels een duidelijke functie binnen marketing en dat wordt ook steeds meer herkend,” vervolgde Kendall. “Marketeers gebruiken zoekmachines en sociale media om merken onder de aandacht te brengen, maar als je nieuwe producten wilt introduceren, moet je op Pinterest zijn. Onze gebruikers willen nieuwe dingen ontdekken. Ze tikken bij ons zelden merknamen in.”

Analisten houden er rekening mee dat Pinterest dit jaar 500 miljoen dollar aan advertentieomzet kan genereren. Volgens Kendall is Pinterest een natuurlijke omgeving voor adverteerders. “We hebben lat de laatste tijd flink hoger gelegd, minder relevante advertenties zul je niet meer snel zien.”

Financiële diensten groeien snel op Pinterest, naast de voor de hand liggende sectoren als retail. Ook dat verbaast Kendall niet. “Als je gaat trouwen moet er van alles geregeld worden. Steeds vaker wordt Pinterest voor inspiratie gebruikt.”

Scott Coleman, hoofdinternationale zaken, spreekt op Emerce eDay op 5 oktober.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Facebook Messenger heeft nu 1,3 miljard gebruikers

Posted 14 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Facebook Messenger heeft nu 1,3 miljard maandelijkse actieve gebruikers. Vorig jaar juli stond de teller op 1 miljard. Het zijn evenveel gebruikers als WhatsApp heeft.

De groei is wel aan het vertragen. Messenger had zes maanden nodig om van 800 miljoen naar 1 miljard gebruikers te groeien en negen maanden om de 1,2 miljard te halen.

Het grote voordeel van Messenger ten opzichte van WhatsApp is dat de apps op meerdere toestellen zijn te gebruiken.

Messenger heeft de concurrentie ver achter zich gelaten. WeChat uit China heeft 938 miljoen gebruikers en QQ 861 miljoen.

 

 

 

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

De vijf meest voorkomende Google Analytics fouten

Posted 14 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Als je gebruik maakt van Google Analytics is de kans groot dat het incomplete en onjuiste data van je website of webshop verzamelt, en jij op basis daarvan verkeerde beslissingen neemt. Niet omdat Google Analytics niet goed werkt, maar omdat het niet goed is geïmplementeerd of ingericht.Daarom heb ik hieronder de vijf meest voorkomende fouten bij het implementeren en inrichten van Google Analytics op een rij gezet die ik in de praktijk tegenkom. Uiteraard met een passende oplossing.

Check deze punten bij je Google Analytics implementatie en integratie om er zeker van te zijn dat je over complete en juiste data beschikt. Data op basis waarvan je de juiste beslissingen kunt nemen.

De vijf meest voorkomende Google Analytics fouten:

1. Google Analytics tracking code niet of dubbel geïmplementeerd

Regelmatig zie ik dat niet alle pagina’s in een website of webshop zijn voorzien van de juiste Google Analytics tracking code. Hierdoor worden niet alle paginabezoeken gemeten, werken funnels niet goed en wordt de paginawaarde verkeerd berekend. Wat ook vaak gebeurt is dat op één pagina de Google Analytics tracking code tweemaal geïmplementeerd is (bijvoorbeeld éénmaal hardcoded en éénmaal via Google Tagmanager). Of dat op één pagina twee verschillende Google Analytics tracking codes geïmplementeerd zijn, bijvoorbeeld één van jouw eigen Google Analytics property en één van een externe dienst zoals bijvoorbeeld Vimeo. Het spreekt voor zich dat dit de kwaliteit van je data niet ten goede komt.

2. Google Analytics meet eigen bezoeken

Standaard meet Google Analytics alle bezoeken. Ook die van jou, je collega’s, je webbouwer, etcetera. Dan kan het hard gaan met die bezoekersaantallen! Omdat jij en andere professioneel betrokkenen niet de doelgroep zijn en je website of webshop anders gebruiken dan je doelgroep, vervuilt dit je Google Analytics data. Wat ook regelmatig voorkomt is dat wel de bezoeken vanaf werklocaties uit de data worden gefilterd, maar niet die vanaf thuiswerklocaties. Dan houd je dus nog steeds een stuk datavervuiling. Andere ‘eigen bezoeken’ die vaak ten onrechte door Google Analytics worden gemeten zijn de bezoeken vanaf subdomeinen van je website, bijvoorbeeld vanaf blog.website.nl of nl.website.com, of vanaf betaalproviders. Uiteraard dienen die niet als verwijzend bezoek te worden gemeten maar als onderdeel van je website. Hoe je eigen bezoeken uit de data filtert lees je hier, meer over verwijzingsuitsluitingen lees je hier.

3. Doelen worden niet goed gemeten en/of gewaardeerd

Iedere website of webshop heeft een doel, anders heeft deze geen recht van bestaan. Voor een webshop ligt dat doel voor de hand; een afgeronde bestelling. Voor andere websites zijn die doelen bijvoorbeeld geslaagde contactaanvragen, brochure-downloads, nieuwsbrief-inschrijvingen, of andere events. Wat het ook is, Google Analytics moet het meten. En goed, anders neem je de verkeerde commerciële beslissingen. Hoe je deze conversies correct meet lees je hier. Daarnaast is het ook belangrijk om een doelwaarde te bepalen en aan een doel toe te kennen om daarmee onder anderen de waarde van individuele pagina’s te kunnen bepalen. Ook dat wordt vaak vergeten.

4. Funnels staan niet ingesteld of werken niet

Een krachtig instrument van Google Analytics zijn de funnels (trechters). Deze bieden je een goed inzicht in de route die je bezoekers afleggen naar het behalen van hun doel (zie punt 3), de stappen waarin zij daarbij wegvallen, en de dwalingen die zij daarbij maken. Die funnels werken natuurlijk alleen als je ze goed instelt. Hierbij worden vooral vaak fouten gemaakt bij het instellen van de URL’s in de stappen voorafgaand aan het doel. Worden die niet correct ingesteld, dan werkt de funnel niet. Tips voor het instellen van trechters vind je hier.

5. Campagnes en advertenties zijn niet meetbaar binnen Google Analytics

Maak je gebruik van Google AdWords, en heb je dit gekoppeld aan Google Analytics, dan meet Google Analytics alle individuele AdWords campagnes, advertentiegroepen, advertenties en zoekopdrachten. Op basis van deze informatie kan je je AdWords campagne optimaliseren op basis van traffic en conversies. Maar waarschijnlijk zet je niet alleen Google AdWords in maar ook Facebook updates en advertenties, display advertising, e-mailnieuwsbrieven, affiliate marketing, etcetera. Allemaal verkeersbronnen die Google Analytics niet standaard meet. Voorzie je deze media niet van de juiste tags dan zie je als verkeersbron in Google Analytics bijvoorbeeld niet meer staan dan ‘m.facebook.com’ of ‘email’, en kan je die betreffende campagnes dus niet optimaliseren op basis van traffic en conversies. Voorzie daarom de URL in iedere update of advertentie van UTM tags met behulp van Googles Campaign URL Builder.

Deze en andere Google Analytics fouten voorkomen

Naast deze vijf meest voorkomende fouten bij de implementatie en inrichting van Google Analytics zijn er nog vijftien andere belangrijke punten waar je op moet letten bij de implementatie en inrichting van Google Analytics. Deze 20 punten en hun oplossingen vind je in een gratis Google Analytics checklist die je hier kan opvragen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

JustPremium lid van Coalition for Betters Ads

Posted 14 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het Nederlandse JustPremium is lid geworden van de Coalition for Betters Ads, een internationaal initiatief om de meest storende internetreclames van de markt te weren.

Het bedrijf is naar eigen zeggen de eerste Nederlandse partij die zich aansluit bij het iniatief dat Google vorig jaar met zestien andere partijen presenteerde. JustPremium gebruikt zijn aanwezigheid op vakbeurs dmexco dit jaar om zijn lidmaatschap van de coalitie uit te drukken.

Andere leden van de Coalition for Betters Ads (CBA) zijn onder meer AppNexus, BVDW, Facebook, Google, GroupM, IAB, News Corp, Omnicom Media Group, P&G, Unilever, The Washington Post en Thomson Reuters.

Deze bedrijvengroep kwam tot stand in response op de snelle toename van het gebruik van adblockers. Digitale consumenten begonnen zich te weren tegen irritante, nietszeggende reclameboodschappen die hen letterlijk confronteerden. Omdat adblockers meestal niet erg genuanceerd worden ingezet, begonnen de alarmbellen te rinkelen bij de grote tech- en mediabedrijven. Met de oprichting van de CBA als gevolg.

Momenteel ligt de aandacht vooral nog op het verzamelen en testen van alle variaties reclameformats en het adviseren over de inzet daarvan. Naar verwachting zullen deze adviezen uiteindelijk als prescriptief worden aangenomen. Ze worden leidend voor de opzet van de adblocker in Google Chrome.

Directeur Operaties Dennis Pekel legt aan Emerce uit: “Door het uitvoeren van consumentenonderzoek en het actief uitdragen van bevindingen, beoogt CBA bedrijven die deel uit maken van het online advertising ecosysteem te stimuleren om de online beleving van consumenten te verbeteren.”

JustPremium is in vijf jaar tijd uitgegroeid van een – in eigen bewoording – lokale gerichte rich media marketplace tot een bedrijf met drieduizend aangesloten publishers, elf kantoren en negentig medewerkers.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Facebook publiceert nieuwe voorwaarden voor content

Posted 14 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Facebook heeft nieuwe voorwaarden gepubliceerd voor content waarmee geld kan worden verdiend. Het sociale netwerk wil die mogelijkheden verder uitbreiden, maar wil voorkomen dat adverteerders worden geconfronteerd met ongewenste content.

Tot voor kort kon er niet direct geld worden verdiend met content op Facebook. Dat gaat veranderen. Een manier om geld te verdienen aan content zijn Ad Breaks of reclameblokken. Dat gebeurt al op kleine schaal in de VS bij live Facebook-uitzendingen. Wie meer dan 300 kijkers trekt, kan reclameblokken op zijn of haar pagina of profiel instellen. Elk reclameblok kan maximaal 15 seconden duren.

De voorwaarden beperken het gebruik van content echter in sterke mate. Facebook wil geen content die het gebruik van drugs of alcohol aanmoedigt of vandalisme promoot, en ook ongewenst taalgebruik wordt niet getolereerd. Maar ook beelden van bloed, operaties, natuurlijke rampen en criminaliteit vallen onder de beperkingen, evenals controversiële sociale vraagstukken. Facebook verbiedt deze content niet, maar aan de content kan dan niet verdiend worden.

Gevreesd wordt dat dit zou kunnen leiden tot zelfcensuur, omdat gebruikers wellicht toch ‘makkelijke content’ willen brengen waaraan ze in elk geval kunnen verdienen.

Facebook probeert adverteerders ook tegemoet te komen met garanties tegen advertentiefraude na diverse incidenten met onjuiste analyses en compensaties aan adverteerders. Ook over de zichtbaarheid van Facebook advertenties loopt al enige tijd een discussie. Facebook sluit zich daarom nu aan bij een Certified Against Fraud-programma van de Trustworthy Accountability Group (TAG).



Lees het volledige bericht op Emerce »

Online video vreet bandbreedte

Posted 13 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Door de rappe toename van online video zal de bandbreedteconsumptie verdriedubbelen de komende vijf jaar, van 96 naar 278 exabytes per maand. En video beslaat dan 82 procent van alle traffic. Mede door Facebook, Twitter en live ‘over-the-top bundles’ heeft live video hier het grootste aandeel in.

Dit blijkt uit onderzoek van Cisco. Dat ‘cord cutters’ – consumenten die hun tv-aansluiting de deur uit hebben gedaan – nu al twee keer zoveel verkeer genereren dan mensen die voor reguliere tv betalen, is een teken aan de wand.

Miljoen videominuten per seconde

Tegen 2021 zullen er wereldwijd bijna 1,9 miljard online videogebruikers zijn (exclusief mobile-only kijkers), terwijl dat er in 2016 nog ‘slechts’ 1,6 miljard waren. Per maand bereiken we dan met elkaar een biljoen online videominuten, oftewel een miljoen videominuten per seconde.

Live online video vervijftienvoudigt de komende vijf jaar en zal 13 procent van alle internet videoverkeer beslaan. Maar ook VR en AR hebben aantrekkingskracht. Tegen 2021 zal het VR- en AR-verkeer twintig keer zo groot zijn en een procent van het wereldwijde entertainmentverkeer omvatten.

Vooral wifi en mobiel

De meeste traffic komt van wifi- en mobile connected devices: 73 procent, waarvan wifi 53 procent (2016: 52 procent) en mobiel 20 procent (2016: 10 procent) bevat. Vaste lijnen zijn goed voor 27 procent (2016: 38 procent) van alle online verkeer.

Flink aantal wifi-hotspots in Frankrijk

Het aantal wifi-hotspots verzesvoudigt wereldwijd de komende vijf jaar, aldus Cisco. Van 94 miljoen in 2016 naar 541,6 miljoen in 2021. China gaat voorop met 170 miljoen hotspots in 2021, gevolgd door Amerika (86 miljoen) en op afstand Japan (33 miljoen). Frankrijk komt verrassend genoeg op de vierde plek met 30 miljoen wifi-hotspots in 2021.

*) Een deel van dit artikel werd eerder gepubliceerd in het septembernummer van Emerce magazine (#160).



Lees het volledige bericht op Emerce »

Artificial Intelligence, een introductie en de impact op logistiek (1)

Posted 13 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Hoewel je de laatste tijd veel hoort over de term Artificial Intelligence (AI), Kunstmatige Intelligentie of Machine Learning zijn er maar weinig mensen die het vakgebied echt begrijpen. Er wordt geschat dat er wereldwijd slechts circa 10.000 experts zijn op dit vakgebied. Voor meer dan 95 procent betreft dit academici dan wel researchers in dienst van de grote technologiebedrijven (Facebook, Google, Apple, Amazon, IBM etcetera).

Aangezien AI als erg belangrijk wordt bevonden voor de toekomstige concurrentiekracht van bedrijven en landen, zijn er nu bijvoorbeeld al discussies bij de Amerikaanse overheid om overnames van Amerikaanse AI-gerelateerde bedrijven door Chinese bedrijven aan banden te leggen.

Wat is Artificial Intelligence nu eigenlijk?

Artificial Intelligence is een vakgebied wat reeds 40 jaar bestaat en zijn ups en downs heeft gehad. Van 2000 tot en met 2010 was er zelfs sprake van een zogenaamde ‘AI Winter’. De aandacht voor AI was destijds tot een nulpunt gedaald. De laatste twee à drie jaar is Artificial Intelligence (AI) echter weer in zwang. Waarom? Daar komen we zo meteen op.

AI is een verzamelnaam voor meer dan 1000 verschillende wiskundige algoritmen. Denk dan aan begrippen als Support Vector Machine, Random Trees, K-Means, Neural Networks, LSTM en vele andere namen die gegeven zijn aan specifieke algoritmen. Achter elk van deze algoritmen gaan wiskundige formules schuil die vaak zo complex zijn dat 99,99 procent van de mensheid ze niet kan en wil begrijpen. Het is daarom dat de afgelopen 40 jaar de toepassing van AI-algoritmen met name beperkt is gebleven tot research in de academische wereld.

Pas de laatste drie à vier jaar zien we concrete toepassingen van AI-algoritmen bij bedrijven. Denk dan aan zelfrijdende auto’s waarin AI-algoritmen de data vanuit de sensoren in die auto’s verwerkt en het automatisch handelen van de auto bepaalt. Denk aan Amazon Alexa/Google Home/Apple Siri, de spraakherkenning en het automatische antwoord wordt bepaald door AI-technologie. Denk aan chatbots (het begrijpen van taal en het automatisch antwoord wordt bepaald door AI technologie) en vele andere innovatieve toepassingen die de afgelopen paar jaren zijn gelanceerd.

Machine Learning algoritmen zijn eigenlijk een sub-set van de AI-algoritmen. Deze Machine Learning algoritmen (die ook in vele verschillende vormen beschikbaar zijn) zijn in staat om ‘zelf’ patronen te leren ontdekken in data. Hoe dat precies werkt, zullen we zo meteen laten zien.

De zogenaamde Deep Learning algoritmen (de eigenlijke naam is neurale netwerken) zijn vervolgens weer een subset van de Machine Learning algoritmen. Veel innovaties van de afgelopen paar jaren zijn gebaseerd op de Deep Learning algoritmen, denk dan aan de zelfrijdende auto’s, Amazon Echo en chatbots welke allemaal Deep Learning algoritmen gebruiken.

Hieronder zal de algemene werking van deze Deep Learning algoritmen worden uitgelegd. Vergeet echter niet dat de scope van AI dus veel breder is dan alleen Deep Learning algoritmen. In de praktijk zullen de overige AI-algoritmen namelijk breder toepasbaar zijn in de wereld van supply chains, met name waar het echte optimalisatievraagstukken betreft. Deep Learning wordt met name veel toegepast in situaties waarin beeld- en geluidsherkenning een rol speelt. In de praktijk zijn we overigens ook veel probleemsituaties waarin een combinatie van verschillende AI-algoritmes wordt ingezet.

Hoe werkt Deep Learning eigenlijk?

Deep Learning algoritmen kunnen onderverdeeld worden in twee verschillende categorieën:

  1. Supervised Learning
  2. Unsupervised Learning

Bij ‘Supervised Learning’ algoritmen is er sprake van historische inputdata en tegelijkertijd de daadwerkelijke bijbehorende outputdata. Het algoritme gaat via zijn wiskundige formules (gebaseerd op een neuraal netwerk) de inputdata vertalen in outputdata. Tegelijkertijd weet het algoritme wat de daadwerkelijke outputdata had moeten zijn. Op basis van de discrepantie tussen de berekende outputdata en de daadwerkelijke outputdata kan het algoritme daardoor zijn parameters zelf aanpassen zodat de volgende keer bij de gegeven input wel de gewenste output wordt berekend. Veruit het gros van de praktische toepassingen van Deep Learning betreft ‘Supervised Learning’.

Bij ‘Unsupervised Learning’-algoritmes heeft het AI-model geen daadwerkelijke outputdata nodig. Wel heeft het AI-model dan een ‘live’ win-loss functie nodig, het moet real-time kunnen bepalen of iets goed of slecht is (het acteert als het ware rechtstreeks op gebeurtenissen in zijn omgeving). ‘Unsupervised Learning’-algoritmen worden bijvoorbeeld toegepast bij het spelen van computerspellen door AI-modellen (waarbij het meteen helder is of het wel of niet Game-Over is). De meest geavanceerde zelfrijdende auto’s maken ook gebruik van ‘unsupervised’ learning.

In de onderstaande figuur staat bijvoorbeeld een grafische weergave van een bekend Unsupervised Learning model dat alle Atari-spellen kan spelen.

Links in het model ziet u de inputdata. In dit specifieke geval worden er twee plaatjes van het computerscherm als input gegeven. Waarom twee plaatjes? Omdat het AI-model dan de snelheid van de bewegende delen op het computerscherm kan bepalen.

Helemaal aan de rechterkant van het model ziet u de outputdata. In dit specifieke AI-model betreft de output alle mogelijke acties die met behulp van de Atari joystick genomen kunnen worden, dus concreet alle mogelijke combinaties van hendel en button op de joystick.

In het midden van het model ziet u de zogenaamde ‘hidden layers’. Deze bestaat uit meerdere lagen van allerlei neuronen (naar analogie van hoe onze eigen hersenen werken). Deze neuronen zijn eigenlijk mathematische formules met elk bepaalde kenmerken/parameters. Het geheim (en tevens de complexiteit) van Deep Learning zit hem eigenlijk in deze ‘hidden layers’. Alles wat het AI-model ‘leert’ wordt eigenlijk opgeslagen in de ‘hidden layers’.

Het neurale netwerk krijgt vervolgens trainingdata (of zoals in het geval hierboven speelt het een Atari-spel en ontvangt het dus de twee plaatjes van het scherm). Deze plaatjes wordt vervolgens als input in het AI-model gestopt. Het AI-model past daar alle mathematische calculaties in de ‘hidden layers’ op toe en vervolgens wordt er een output berekend. In het geval van ‘Supervised Learning’ hebben we de outputdata en kunnen we dus een discrepantie berekenen tussen de gewenste outputdata en de berekende outputdata. In het geval van Unsupervised Learning leert het AI-model ‘live’ van zijn omgeving.

Als het game-over is in het spel, weet het AI-model dat het iets verkeerds heeft gedaan. Op basis van de berekende discrepantie dan wel het ‘live’ leren van zijn fouten of goede stappen, voert het AI-model vervolgens de zogenaamde ‘backpropagation’ uit. Hierbij wordt er eigenlijk teruggerekend in de ‘hidden layers’ om zodoende de parameters in de ‘hidden layers’ zodanig aan te passen dat het de volgende keer wel goed gaat.

In het geval van de Atari spelcomputer leert het AI-model op deze wijze elk willekeurig Atari-spel te spelen (zonder de specifieke regels van het betreffende Atari spel te kennen). Binnen vier à vijf uur spelen kan het AI-model op deze wijze zodanig bijvoorbeeld Atari Breakout spelen dat het het spel beter kan spelen dan welk mens dan ook. Eigenlijk leert het AI-model op dezelfde wijze een spel spelen zoals kinderen op uw iPad of computer vaak verbazend snel een spel leren spelen.

Waar kan het toegepast worden in de wereld van Supply Chain?

Eigenlijk staan we pas aan de vooravond van het ontdekken van de mogelijke toepassingen van AI. Met behulp van AI worden dingen mogelijk die tot dusver gewoon niet mogelijk waren. Dit betekent dat het ook veel ruimte creëert voor innovatieve toepassingen. Binnen Fontys Hogescholen zijn we bijvoorbeeld ook bezig met de opstart van een project, tesamen met het bedrijfsleven, om te ontdekken waar de AI-technologie binnen de supply chain wereld nu kunne toepassen. Enkele toepassingen die we tot dusver al zijn tegengekomen:

  • Optimalisatie van planningsprocessen
  • Herkennen van de kwaliteit van producten
  • Voorraad optimalisatie
  • Optimalisatie van het strategisch supply chain netwerk
  • Voorspellen van de vraag naar produkten
  • Voorspellen van ingrediënten prijzen

Eigenlijk alle processen waarin optimalisatie dan wel sensoren (camera beelden, geluid) een rol spelen kan AI een belangrijke rol spelen. In de wereld van Internet of Things (IoT) bijvoorbeeld is AI de ontbrekende schakel om ook daadwerkelijk iets met alle verzamelde data van de sensoren te kunnen doen.

In een volgende blog zullen we uitleggen hoe we een combinatie van verschillende AI technologieën concreet hebben toegepast bij de transportplanning van een grote logistieke dienstverlener.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Jack Dorsey (Twitter): ‘We blijven ons op adverteerders richten’

Posted 13 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Twitter blijft zich richten op adverteerders. Dat vertelde Twitter-CEO Jack Dorsey vanochtend tegen Sir Martin Sorrell, CEO van WPP, op de marketingbeurs DMexco in Keulen. Sorrell vroeg hem of het bedrijf ook abonnementen overweegt. Daar kwam geen duidelijk antwoord op.

“We hebben het voor adverteerders niet altijd makkelijk gemaakt, dat zijn we aan het verbeteren”, aldus Dorsey. “Ook moeten we zorgen dat gebruikers hun interesses beter kunnen volgen.” Bijvoorbeeld via livekanalen.

Sorrell hield Dorsey voor dat het noodzakelijk is voor adverteerders dat er een derde kracht ontstaat naast Facebook en Google. Die partijen zijn volgens de reclameman te dominant. Dorsey antwoordde dat Twitter in elk geval een grote naamsbekendheid heeft. “We hebben een enorm krachtig merk, maar we zien ons niet als een sociaal netwerk zoals Facebook, Twitter draait wel rond conversaties. Ook zijn we een open platform. Tweets worden overal geplaatst, ook op websites.”

Gevraagd naar Donald Trump, inmiddels de bekendste Twitteraar, hield Dorsey zich op de oppervlakte. “Hij twittert al sinds 2012 en doet dat consequent. Ik vind dat goed, of ik het nu met hem eens ben of niet, leiders moeten verantwoording afleggen. Daaraan draagt een communicatiekanaal bij.”

Dorsey erkende wel dat hij een tegenstander is van het besluit van Trump om het programma DACA voor jonge illegale immigranten stop te zetten. “Die mening heb ik ook op Twitter verkondigd.”

Waar staan je bedrijven over vijf jaar, wilde Sorrell weten, doelend op Twitter en zijn betaalbedrijf Square. Blijven ze onafhankelijk? Dorsey leek dat te bevestigen. Vorig jaar kon Dorsey niet naar DMexco komen omdat werd onderzocht of Twitter overgenomen kon worden. Dat zou voor het bedrijf de druk van de ketel halen. Nu noemt Dorsey onafhankelijkheid als ‘onze grootste kracht’.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Medeoprichter WhatsApp stapt op

Posted 13 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Medeoprichter van WhatsApp Brian Acton gaat het bedrijf verlaten. Hij begon de startup samen met de huidige CEO Jan Koum in 2009.

Hij ontmoette Koum bij Yahoo, waarna de samen een eigen bedrijf begonnen.

WhatsApp groeide daarna snel aan populariteit. In 2014 kocht Facebook WhatsApp voor 19 miljard dollar. Actons vermogen wordt geschat op 6,5 miljard.

Acton wil zich nu op non-profit organisaties richten.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Aliexpress.com tweede in Nederlandse ranglijst e-commerce sites’

Posted 13 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Marktplaats.nl is met 4,5 miljoen bezoekers per maand verreweg de populairste e-commerce website onder Nederlanders, zo blijkt uit onderzoek van online marketingplatform SEMrush naar de bezoekerstatistieken van alle Nederlandse e-commerce websites in juli 2017. De tweede op de lijst is pas echt verrassend: het door Alibaba beheerde Aliexpress.com.

Met 2,8 miljoen bezoekers is Aliexpress een relatieve nieuwkomer op de Nederlandse markt, De derde best bezochte e-commerce website is Booking.com met bijna 2,5 miljoen bezoekers.

Het begrip e-commerce is met twee banken overigens wel ruim genomen.

Domein (internationaal) Bezoekers
marktplaats.nl 4475467
aliexpress.com 2804933
booking.com 2498840
bol.com 2141716
rabobank.nl 1494225
abnamro.nl 1420983
apple.com 1164040
ah.nl 759771
mediamarkt.nl 741762
ziggo.nl 714439

Worden de buitenlandse webshops en e-commerce websites buiten beschouwing gelaten, dan blijft Marktplaats op nummer 1 staan, gevolgd door bol.com met ruim 2,1 miljoen bezoekers. Een opmerkelijke derde plaats is de Rabobank.

Domein (nederlands) Bezoekers
marktplaats.nl 4475467
bol.com 2141716
rabobank.nl 1494225
abnamro.nl 1420983
ah.nl 759771
mediamarkt.nl 741762
ziggo.nl 714439
zalando.nl 606846
thuisbezorgd.nl 558726
wehkamp.nl 479501

Ruim de helft van al het internetverkeer naar webshops in Nederland is volgens het onderzoek direct, dat wil zeggen dat het internet adres meteen wordt ingetikt. 31,2 procent komt via zoekmachines bij de webshop. Nog eens 7,85 procent komt bij een webshop via een link op een andere website, 4,8 procent via een advertentie en 2,7 procent via sociale media.

Facebook zorgt voor een flinke 71,4 procent van het internetverkeer naar de webshops die in Nederland actief zijn. Maar ook YouTube draagt haar steentje bij. 7,4 procent van het verkeer komt bij dit populaire videoplatform vandaan.

Twitter komt op de laatste plaats als het gaat om het aanjagen van verkeer richting webshops en e-commerce websites. Slechts 4,1 procent van al het verkeer vanaf sociale media komt van Twitter.

Zoekmachines zijn een belangrijk middel voor webshops om gevonden te worden. Bol.com spant wat dat betreft de kroon. Zij zijn het best vindbaar door mensen die zoeken naar relevante producten. Bol.com wordt gevolgd door apple.com en op de derde plaats komt beslist.nl.

SEMrush heeft op basis van omzet en brandsterkte eerst diverse domeinen geselecteerd, waarop een eigen meting is losgelaten. Via het eigen ontwikkelde SEMrush Domain Analytics zijn de gegevens van 100 miljoen ‘echte’ internetgebruikers (via apps en browsers) geanalyseerd. Dat resulteerde wel in merkwaardige discrepanties. Marktplaats geeft bijvoorbeeld zelf een veel hoger bezoekersaantal op.

 

 

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Nepnieuws taggen op Facebook contraproductief’

Posted 12 Sep 2017 — by Villamedia
Category nieuws

Het project van Facebook om twijfelachtige of leugenachtige artikelen te voorzien van een melding, lijkt slechts marginaal succes te hebben. Bepaalde groepen zoals Trump-aanhangers en jonge lezers blijken zelfs eerder geneigd het artikel te geloven,…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Spanje legt Facebook miljoen euro privacyboetes op

Posted 12 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

De Spaanse privacywaakhond legt Facebook boetes op met een totaal van 1,2 miljoen euro voor drie overtredingen. Zonder internetters daar goed over te informeren en zonder toestemming, verzamelt de profielensite persoonlijke informatie over hen voor reclamedoeleinden.

Facebook krijgt straf van de Spanjaarden omdat het zowel op zijn eigen site als, via zijn social plug-in voor Like-duimpjes, op sites van derden informatie verzamelt, verwerkt en opslaat over interesses en gedragingen van internetgebruikers.

Toezichthouder AEPD legt de boete op voor drie overtredingen, waarvan er een als ‘zeer ernstig’ wordt bestempeld. Daarvoor krijgen de Amerikanen zes ton boete, voor de andere twee drie ton elk. De zeer ernstige boete is voor het zonder expliciete toestemming daartoe ‘verwerken van speciaal beschermde data voor reclamedoeleinden’.

Privacywaakhonden in Europa kijken bij dit soort zaken vooral naar wat wordt hoe verzameld en heeft de datavertrekkende persoon daar ook expliciet toestemming voor gegeven.

Zoals altijd in dit soort zaken zegt Facebook zich netjes aan de regels te houden die gelden in Ierland. Daar heeft het zijn Europese hoofdkantoor. De advocaten gaan in hoger beroep tegen de uitspraak die gisteren in Madrid klonk.

De AEPD werkt samen met privacytoezichthouders uit Nederland, Duitsland, België en Frankrijk. In deze landen lopen ook vergelijkbare zaken tegen Facebook.

Foto: Filipe Gabaldón (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Finnair introduceert chatbot op Facebook Messenger

Posted 12 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

Finnair is van start gegaan met een chatbot op Facebook Messenger die is bedoeld om vliegtickets te boeken, vluchtstatus te checken en te helpen met additionele informatie over de luchtvaartmaatschappij. De boeking is echter nog niet volledig af te handelen in Messenger, blijkt uit een test.

Finnair managet in elk geval de verwachtingen van de gebruiker: bij het eerste contact wordt duidelijk gezegd dat je met een grotendeels gescripte bot praat die nog aan het leren is. Dat is ook wel nodig, want de gesuggereerde manier van zoeken (‘Van Amsterdam naar Tokio, 2 volwassenen, 20 juli vertrek’) begrijpt de chatbot niet. Dan maar stapje voor stapje met de bestemming Shanghai.

De chatbot komt snel met een suggestie voor deze zoekopdracht maar is niet ingesteld op de complexiteit van vliegtickets. Het tarief dat wordt gegeven is een basic fare waarbij kosteloos wijzigen bijvoorbeeld niet mogelijk is. Deze informatie wordt in een apart tabblad weergegeven. En wie een tarief met soepeler voorwaarden wil, moet de zoektocht op de website van Finnair voortzetten.

Ook de betaling kan niet binnen Messenger worden afgehandeld, daarvoor moet de gebruiker eveneens naar de site van Finnair. “Daar werken we aan,” zegt Rogier van Enk, vicepresident Distributie van Finnair, desgevraagd. “We hopen snel een gebruiksvriendelijke oplossing te hebben gevonden die voldoet aan alle regels.”

Sneller dan een zoekopdracht ingeven op de website is de bot niet, terwijl de flow hetzelfde is – vertrek- en aankomstluchthaven, data en aantal personen. De toegevoegde waarde van de bot zou hem in de conversatie moeten zitten, maar het systeem heeft duidelijk nog niet voldoende geleerd van gevoerde gesprekken om dat natuurlijk te kunnen doen. “We willen de bot steeds effectiever en efficiënter maken maar onze API’s hebben deze basisinformatie nodig voor een boeking,” zegt Van Enk. “In algemene zin zullen de gespreksvaardigheden steeds beter worden. In de toekomst zal de bot suggesties doen voor bestemmingen, de beste reisdata, enzovoorts.”

Headerfoto: Mike Fuchslocher / Shutterstock.com

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Koopintentie voorspellen in real-time

Posted 11 Sep 2017 — by Emerce
Category nieuws

De meeste bedrijven besteden een aanzienlijk deel van hun reclamebudget aan retargeting campagnes, maar opvallend is dat de meeste doelgroepen in deze campagnes op basis van intuïtie getarget worden. De retargeting doelgroepen worden voornamelijk samengesteld door middel van eenvoudige regels, zoals ‘alle mensen die de website hebben bezocht’ of ‘alle bezoekers die een product hebben bekeken’. Dit is de zwakke plek van remarketing en gaat terug tot het beroemde citaat van John Wanamaker.

De zwakke plek van remarketing

Vanuit zakelijk oogpunt willen we geen websitebezoekers retargeten die een specifieke interactie met de website hebben gehad. Veel liever retargeten we de bezoekers die het meest waarschijnlijk tot conversie overgaan wanneer ze opnieuw worden benaderd, en de advertenties dus ervaren als relevant en informatief (zie afbeelding 2). Als we inzicht kunnen krijgen in de koopintentie van een individuele bezoeker, kunnen we dit inzicht integreren in onze campagnes om alleen de relevante mensen te benaderen.

De logische verwachting is dat deze aanpassing het conversiepercentage positief zal beïnvloeden. Het voorkomt bovendien de bekende frustraties die irrelevante advertenties opwekken en verbetert de merkervaring van de geretargete persoon, omdat hij of zij de advertenties opvat als relevant. Dus hoe kunnen we het voornemen tot conversie van een websitebezoeker onmiddellijk vaststellen, zodat we dit kunnen gebruiken voor retargetingdoeleinden?

Ontwikkeling van een voorspellend model

Deze vraag kan worden beantwoord door het slim benutten van clickstream-data en diverse machine learning-technieken om een model te ontwikkelen dat de koopintentie van een individuele websitebezoeker real-time kan voorspellen. Dit klinkt misschien alsof er tal van geavanceerde technologieën met peperdure licenties voor nodig zijn, het tegendeel is waar. Wij maken uitsluitend gebruik van open-source technologieën om een dergelijk voorspellingsmodel te bouwen en te implementeren. De volgende stappen lichten het proces in het kort toe (zie afbeelding 3):

  1. Als eerste verzamelden we de clickstream-data van 500.000 sessies (dit aantal kan verschillen per website), met alle interacties  van de bezoekers tijdens hun bezoek aan de website.
  2. Daarna passen wij de algoritme-suite toe op de gegevens, om uit te zoeken welk algoritme het beste het browsergedrag herkent die kenmerkend is voor kopende klanten. Meer dan 30 verschillende indicatoren worden gebruikt om dit browsergedrag te herkennen, waaronder gegevens van de huidige en vorige website bezoeken van de gebruiker. Uiteindelijk, na talloze herhalingen en tests, wordt het algoritme dat het meest accuraat voorspelt welke bezoekers gaan converteren gebruikt op de website.
  3. Nu moet het voorspellingsmodel in de website worden geimplementeerd, zodat het daadwerkelijk real-time voorspellingen kan doen. Het voorspellingsmodel wordt in de website geïmplementeerd met diverse JavaScripts via Google Tag Manager. Deze scripts zorgen ervoor dat er in real-time voorspellingen worden gedaan en dat de benodigde informatie wordt verzameld en opgeslagen van elke individuele bezoeker.
  4. Nu we een voorspellingsmodel hebben dat de koopintentie van elke individuele bezoeker real-time voorspelt, kunnen we deze voorspellingen versturen naar alle gewenste advertentieplatformen waar deze gebruikt kan worden voor gerichtere retargeting.

De voorspellingen van het model gebruiken

Nu alles is geregeld, kunnen we de voorspelde koopintentie gebruiken om onze retargetingdoelgroepen in campagnes te verbeteren. Zo kunnen we voorkomen dat we irrelevante en ongeïnteresseerde bezoekers (weinig of geen koopintentie) benaderen en daarmee het conversiepercentage verbeteren. Het experiment dat we uitvoerden was bedoeld om te onderzoeken of het model relevante en waardevolle real-time voorspellingen kon doen. We stelden een grens vast om een goed onderscheid te maken tussen een zwakke en sterke koopintentie van websitebezoekers.

Daarna zetten we een experiment op waarbij we de huidige doelgroep voor retargeting, die bestond uit alle mensen die een product bekeken of een product aan hun winkelwagen toevoegden, in twee groepen splitsten. De eerste groep was de groep met een zwakke voorspelde koopintentie en de tweede groep een sterke voorspelde koopintentie.

Voor beide groepen gold dezelfde biedstrategie, hetzelfde frequentiebereik en beide groepen werden via Facebook benaderd met dezelfde advertentie. De hypothese voor dit experiment was als volgt: ‘Het conversiepercentage van de groep met een sterke koopintentie is significant hoger dan dat van de groep met een zwakke koopintentie’. We analyseerden het verschil in resultaat tussen beide groepen en de uitkomst was indrukwekkend.

Het is geen verrassing dat de groep met een sterke koopintentie een derde uitmaakt van de totale groep die werd geretarget. Daarentegen is het wel interessant dat het verschil in conversiepercentage tussen de twee groepen aanzienlijk is. Met andere woorden, als we alleen de bezoekers retargeten die zijn geclassificeerd als bezoekers met een sterke koopintentie, zouden we een stijging van 236 procent in conversieratio genereren, wanneer wij deze vergelijken met de groep met een zwakke koopintentie (zie afbeelding 4 hieronder). Maar wanneer de doelstelling is om de omzet te optimaliseren, zouden we niet adviseren om de bezoekers die zijn geclassificeerd als bezoekers met een zwakke koopintentie uit te sluiten, omdat ook in deze groep kopers zitten. Wel zouden we adviseren om deze groep anders te behandelen (bijv. met een andere biedstrategie, frequentiebereik etc.).

Hoewel het model nog geen perfecte voorspellingen doet, bevestigt het eerste experiment dat het model in staat is om betrouwbare voorspellingen te doen over de koopintentie van bezoekers. Nu is de volgende vraag: ‘Hoe kunnen we de voorspelde koopintentie in campagnes gebruiken om het conversiepercentage te verbeteren of om meer omzet te genereren?’ Momenteel voeren we experimenten uit om het antwoord op deze vraag te vinden en zijn we op zoek naar technisch slimme corporate marketeers en managers met een pioniersgeest die zich bij onze speurtocht aansluiten.

Alternatieve toepassingen

Dit model kan verschillende doelen dienen. Zo kan het worden gebruikt om dynamische content te leveren om de website te personaliseren. Daarnaast kan de voorspelde koopintentie worden gebruikt voor uitbreiding van de rapportages. Aangezien we met deze metric (koopintentie) niet alleen enkele interacties meten, maar de werkelijke intentie van websitebezoekers, is het een veel rijkere metric die inzicht biedt in het algemene voornemen van een specifieke groep bezoekers. Verder is er maar een kleine aanpassing nodig om dit model geschikt te maken voor het voorspellen van de verwachte omzet die een bezoeker waarschijnlijk oplevert wanneer hij of zij opnieuw wordt benaderd, of welk frequentiebereik moet worden gebruikt voor retargeting van elke individuele bezoeker.

Tot slot, door het slim benutten van big data, machine learning en open-source software, is het mogelijk om een voorspellingsmodel te ontwikkelen dat onlinemarketeers helpt om een zo relevant mogelijke doelgroep te benaderen en niet-geïnteresseerde bezoekers met rust te laten. Zouden we dat niet allemaal willen?

De uitkomsten van het voorspellingsmodel kan worden gebruikt om het conversiepercentage aanzienlijk te verbeteren en om budgetten efficiënter in te zetten. Daarnaast kan het voorspellingsmodel verschillende doelen dienen en bijvoorbeeld worden gebruikt voor dynamische content, rapportages of het voorspellen van de verwachte omzet van elke bezoeker. Dit biedt technisch slimme marketeers een nieuwe dimensie om te innoveren en creatief te werk te gaan.

Met andere woorden, dit model is geschikt voor tal van verschillende toepassingen en creëert daarmee een nieuw speelveld in online marketing, waarin zakelijke vraagstukken kunnen worden vertaald in dataoplossingen met behulp van machine learning en data.



Lees het volledige bericht op Emerce »