Posts Tagged ‘communicatie’

Contentmarketing: Zo kun je je contentorganisatie opschalen

Posted 08 mrt 2019 — by Emerce
Category nieuws

Je contentmarketing-strategie staat op poten, en de eerste resultaten worden zichtbaar. Wanneer start je precies met de uitbouw van de eigen contentmarketingorganisatie en vooral: hoe pak je dat aan?

Als je de vijf cruciale stappen hebt gezet voor impactvolle customer journey content, je contentstrategie hebt opgezet vanuit het door Hearst Create & Dremel ontwikkelde Content Marketing Strategy-model en je de content hebt geplot in de Content & Conversion-map, dan ben je aardig geavanceerd bezig op contentmarketinggebied. Vervolgens ga je resultaten zien, die vragen om optimalisaties. Deze optimalisaties leiden tot uitbreiding van je activiteiten en dus van je contentmarketingafdeling. Het zijn logische conclusies die je kunt voorzien en waarvan je weet dat je er op moet anticiperen. 

Top-down

Als je top-down werkt, is het makkelijker om vanuit je merkdoelen en doelgroepen te denken en de eerdergenoemde, logische stappen te volgen. Je hebt als contentmarketingprofessional je contentstrategie perfect, van scratch af aan, opgetuigd. De uitbreidingsvraag dient zich na de eerste optimalisatierondes onherroepelijk aan. Want je hebt nieuwe formats, nieuwe contentproducties en misschien zelfs nieuwe kanalen of uitbreiding naar het soort kanalen nodig.

Het zijn in deze fase vaak meer de handen die je nodig hebt dan het denkwerk. Het denkwerk en de verantwoordelijkheden staan namelijk als een huis (dit heb je tenslotte goed ingericht met behulp van het Content Marketing Strategy-model onder Organise). Uitbreiding wordt vooral gezocht in de categorie Create, Implement en Optimise. Dit kan je in huis uitvoeren of uitbesteden bij een contentmarketingbureau. In feite is dit de uitrol van je contentmarketingstrategie: hier ben je voortaan 24/7 mee bezig.

Uitbesteden of niet?

Of je dit gaat uitbesteden bij een contentmarketingbureau of een contentafdeling in huis gaat optuigen, is afhankelijk van een aantal zaken: het soort organisatie, de hoeveelheid doelgroepen en of je een corporate of juist een startup of scale up bent. En uiteraard ook het gereserveerde budget voor de uitrol. In een goede, gestroomlijnde contentorganisatie moet je nu eenmaal investeren; dit is niet iets wat je er ‘even bij doet’, zoals voorheen nog wel eens werd gedacht.

Met de middelen en technieken van tegenwoordig zit dat hem niet zozeer in het investeren in het kopen van mediabereik  maar vooral in de investering in tijd. Het kost met name tijd (lees: manuren) om je contentstrategie goed uit te rollen als je daar de vruchten van wil plukken voor het behalen van je bedrijfsdoelstellingen. Maar een contentstrategie uitrollen is niet duurder geworden dan wat voorheen voor een marketingstrategie werd uitgegeven. Een standaard uitgangspunt is nog steeds dat je 10% van je omzet aan marketingcommunicatie kunt besteden. Dat kan natuurlijk variëren. Je kunt bovendien cyclisch tot anti-cyclisch opereren; dat is allemaal afhankelijk van het soort organisatie of de markt waarin je je begeeft.

Onderstaande figuren geven, als je door de bomen het bos niet meer ziet, goed weer waar de opschaling kan beginnen. Creëren, produceren en launchen kosten nu eenmaal het meeste tijd én de meeste handen. Het denkwerk, de strategie en de monitoring daarvan is een continue proces. Als je het zo simpel voor je ziet, spreekt het voor zich.

Figuur 1. Contentmarketingstrategie-flow

Figuur 2: Opschaling contentorganisatie

Bottom-up

Legio bedrijven werken echter nog andersom met hun contentstrategie: bottom-up. Er is een mooi merk, er zijn merkdoelstellingen en er zijn veel kanalen ingericht. Er is gewoonweg een begin gemaakt met het invullen van al die kanalen. In het begin werd vaak over alle kanalen dezelfde content uitgestrooid. Dat dit niet de ultieme manier is, is voor elke marketeer inmiddels duidelijk. Elk kanaal heeft tenslotte een ander doel, en pakt een ander touchpoint in de klantreis van de doelgroep. Maar ondanks dat besef, zijn die kanalen nog regelmatig wél een eigen leven gaan leiden. Deze opereren vaak afwijkend van de doelen en doelgroepen, los van de kern van de contentmarketingstrategie.

Zo kan een instagrambedrijfsaccount een prachtige feed hebben, maar staat dit kanaal soms niet (meer) in verbinding met de (content)marketingdoelen en de doelgroepen van het merk zelf. Een ander kanaal waar je dit ziet gebeuren, is de nieuwsbrief. Men is niet meer bezig met de doelstellingen, maar vooral met het feit dat hij elke twee weken verstuurd moet worden. Ongeacht of de inhoud relevant is voor de doelgroep. Ook zie je dat veel bedrijven hun contentmarketinguitrol versnipperd hebben over verschillende bureaus (social-, media- en/of advertising), stand-alone freelancers en nog een handjevol medewerkers, verspreid over (vaak) verschillende afdelingen van de organisatie. Zeker bij retailers, waar de omnichannelaanpak heer en meester is, zie je dat het ownership van de kanalen, de content formats én de totale contentstrategie soms verdwenen is. Het terugpakken hiervan is lastig. De betrokkenen – vaak zeer gedreven mensen – geven dit namelijk niet zomaar terug. Zij hebben hun plek veroverd op een bepaald domein of kanaal en zijn voor hun gevoel juist heel goed bezig voor de organisatie.

Ownership terugpakken

Toch is dat terugpakken van ownership wél wat er moet gebeuren in dit geval. Dat kan echter alleen als men er op C-level van overtuigd is dat de contentmarketingaanpak gaat leiden tot het behalen van de gestelde KPI’s van de hele organisatie.  Als de contentorganisatie in jouw organisatie een strategische pijler is zoals hierboven genoemd, kan je het Content Marketing Strategy-model gebruiken om de huidige structuur in kaart te brengen. Welke kanalen en formats zijn er? Wie zijn de owners en welke systemen gebruiken we? Welke processen en werkafspraken zijn er gemaakt? Als je dit in kaart hebt gebracht, kijk je opnieuw naar de bedrijfsdoelstellingen om te zien of dit met elkaar correspondeert. Wellicht kom je erachter dat je afscheid moet nemen van bepaalde freelancers, bureaus die voor je werken of collega’s van samenwerkende afdelingen in de eigen organisatie. Vanaf nu ga je het centraal organiseren. Dat begint met het aanstellen van één hoofdverantwoordelijke voor de hele contentstrategie en –uitrol. Dit kan een Marketing Director zijn, een Commercieel Directeur of een Content Lead; you name it. Deze persoon draagt de verantwoordelijkheid voor de doelstellingen vanuit de organisatie en zet het team, zowel intern als extern, zo op dat alles bijdraagt aan het totaal. Zo loopt de contentorganisatie qua kosten niet meer vooruit op de baten, maar blijft deze schaalbaar omdat er op vastgelegde KPI’s wordt gestuurd. Behapbaar, georganiseerd en klaar voor gewenste successen.

Dit betekent dat we, mits er voldoende budget wordt vrijgemaakt en we goed georganiseerd te werk gaan, élk merk op élk moment kunnen opschalen naar een contentplatform (owned en earned). Zo bieden we de eindgebruiker door middel van content een waardevolle beleving. Eentje die impact heeft, de gebruiker dieper in de customer journey fase brengt en zodoende zorgt dat bedrijfsdoelstellingen gerealiseerd worden.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Communicatie is een vak vol vrouwen, maar mannen domineren’

Posted 08 mrt 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Sybrig en Mayke van Keep doen oproep aan communicatiebureaus, bedrijven, media en vrouwen voor meer diversiteit en doorgroei voor vrouwen.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

‘Labels native advertising vaak onduidelijk’

Posted 08 mrt 2019 — by Emerce
Category nieuws

Onderzoek van UAntwerpen bewijst dat lezers meer vertrouwen hebben in een nieuwsmedium en in de adverteerder als er duidelijkheid is over native advertenties. De huidige labels zijn niet transparant genoeg.

Steeds meer nieuwswebsites bevatten native advertenties: advertenties in de vorm van gesponsorde nieuwsartikelen, die bijna niet van het echte nieuws te onderscheiden zijn. De reclamewetgeving verplicht adverteerders en nieuwsmedia om duidelijk te maken dat het het gesponsorde bijdrage betreft. Maar heel precies is dat niet vastgelegd. Met als gevolg dat lezers labels als ‘ADV’, ‘brandvoice’ en ‘partner content’ als native advertentie moeten kunnen herkennen. Spoiler: dat kunnen ze dus niet.

Simone Krouwer, communicatiewetenschapster op UAntwerpen, heeft in experimenteel onderzoek vastgesteld dat 453 Belgische online nieuwslezers vier verschillende labels voor gesponsorde nieuwsartikelen maar amper kunnen onderscheiden. Het label ‘partnercontent’ was het minst herkenbaar. Het tweede label ‘gesponsord door… ‘ bevatte in ieder geval al de naam van de adverteerder.

Daarnaast werden nog twee labels met gedetailleerde uitleg getest. Het eerste label benadrukte het belang van advertentie-inkomsten voor de nieuwsmedia. Het andere label benadrukte de onafhankelijkheid van journalisten (de advertenties worden geschreven door een aparte afdeling, of de adverteerder zelf).

Native advertenties met een gedetailleerd label wordt als transparanter beoordeeld. Het label ‘gesponsord door’ werkte al een stuk beter dan ‘partnercontent’, maar de twee gedetailleerde labels met extra uitleg werkten uiteindelijk het beste.

Dat nieuwswebsites native advertenties plaatsen, is begrijpelijk. Verreweg de meeste Belgen en Nederlanders betalen nog altijd niets voor het lezen van online nieuws. Ook gebruikt een steeds groter gedeelte een zogenoemde ad blocker, die traditionele banner advertenties volledig blokkeert. Maar de journalisten die ons dag in dag uit van nieuws voorzien, moeten op de een of andere manier toch betaald worden.

Wat nieuwsmedia en adverteerders moeten voorkomen, is dat dit tot een verdere beschadiging in het lezersvertrouwen leidt, duidt de communicatiewetenschapster. Duidelijke uitleg over de creatie en het waarom van native advertenties, kan het begrip van lezers verhogen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Hoe Henri Kruithof de VVD-fractie disciplineerde: ‘Ik stond bekend als boeman’

Posted 07 mrt 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Geen Commentaar! Podcast-serie over crisiscommunicatie. Frank Kromer interviewt deskundigen. Dit keer de oud-VVD-spindoctor Henri Kruithof.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Joost Ravoo weg als directeur Communicatie Amsterdam wegens gebrek aan ‘ruimte en support’

Posted 07 mrt 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Vertrek na 1,5 jaar heeft alles te maken met het nieuwe college van B&W. Nu interim aan de slag bij TU Delft.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Mark Zuckerberg ziet verschuiving naar intieme communicatie

Posted 07 mrt 2019 — by Emerce
Category nieuws

Facebook topman Mark Zuckerberg denkt dat sociale netwerken zich meer gaan ontwikkelen richting intieme communicatie. Dat zou betekenen dat chatapps als Messenger en WhatsApp een grotere rol gaan spelen.

Zuckerberg schrijft in een uitgebreide analyse dat het een-op-een versturen van berichten en korte verhalen een belangrijke groei doormaakt en mensen steeds minder graag informatie delen in grotere groepen. Wellicht ook als gevolg van de vele privacyschandalen.

Ook sterke versleuteling, end-to-endencryptie, wordt volgens Zuckerberg een belangrijk middel in de toekomst.

Zuckerberg schrijft: ‘Ik kan begrijpen dat veel mensen denken dat we geen privacyvriendelijk platform kunnen bouwen, omdat we op dat gebied geen sterke reputatie hebben, en wij ons telkens hebben gericht op open communicatie. Maar we hebben herhaaldelijk laten niet dat we diensten kunnen ontwikkelen waar mensen om vragen.’

Of en wanneer Facebook verandert is niet duidelijk. Zuckerman geeft aan dat dat best eens jaren kan duren.

De topman had al eerder laten weten dat hij de chatdiensten van zijn apps Messenger, WhatsApp en Instagram met elkaar wil laten integreren.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De dunne lijn van communicatie waarop ProRail balanceert

Posted 06 mrt 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Naar buiten treden of niet? Ook binnen spoorbedrijf zijn de meningen verdeeld. Interview met Jaap Eikelboom.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Zijn we wel goed opgeleid?

Posted 06 mrt 2019 — by Emerce
Category nieuws

Ontwikkeling is heel belangrijk. Hoe kan het dan dat opleidingen, cursussen en conferenties het aantal inschrijvingen zien teruglopen? Opleidingsbudget is er wel. Toch blijkt het lastig te zijn om het goed in te zetten.

Juist die kennisontwikkeling vinden we belangrijk. Naast dat we zelf graag op de hoogte blijven van de nieuwste tools, psychologische inzichten, automatisering, het doorgronden van hoe we statistiek het beste in kunnen zetten en cultuurverandering binnen bedrijven, zijn we zelf ook graag bezig met het delen van onze kennis. Zo staan mijn collega’s vaak als sprekers op evenementen en hebben we een uitgebreid opleidingsaanbod.

Helaas zien we dat het aantal inschrijvingen achteruit gaat. Niet alleen bij ons, maar afgelopen week was ik op een evenement van Springest (vergelijkingsplatform voor opleidingen) en daar sprak ik allerlei aanbieders die hetzelfde ervaren. Hoe komt dat nou? In februari van dit jaar publiceerde CXL een onderzoek onder 462 ‘marketing leaders-CMOs, VPs of marketing, marketing directors’ in de Verenigde Staten. En wat blijkt nou? Het is nog niet zo makkelijk om zomaar een training of opleiding te volgen vanuit je werkgever.

Waarom gebruiken zo weinig werknemers hun budget?

Momenteel gebruikt maar 1 op de 5 ondervraagden zijn of haar opleidingsbudget ondanks dat de budgetten groeien en er dus meer geld is voor ontwikkeling van werknemers.

Volgens het onderzoek is de groei in ontwikkelingsbudget vooral zichtbaar bij de grotere bedrijven. Maar binnen deze bedrijven worden eigen vaardigheden en kennis van het team overschat waardoor trainingen als onnodig worden beschouwd. Bij 74 procent van de ondervraagden is niet de werknemer zelf maar de manager verantwoordelijk voor het trainen van de werknemers.

Bij een manager leven andere belangen en vragen als het gaat om het opleiden van een team. Voor een manager is teamontwikkeling belangrijker dan de ontwikkeling van het individu. Een manager zit met vragen als: moeten we iedereen opleiden? En als iedereen eenmaal opgeleid is lopen we dan niet alweer achter? Evenals de vraag of een training goed genoeg is? En wat een training gaat toevoegen aan de dagelijkse werkzaamheden? Een algemene angst die werkgevers lijken te hebben is dat een werknemer intern wordt opgeleid en daarna het bedrijf verlaat. Maar verwarring door interne communicatie, bijvoorbeeld over budget en beschikbare tijd, is de grootste oorzaak van het niet volgen van een training.

Bij kleinere bedrijven ligt het anders. Eén van de grootste redenen van kleinere bedrijven om medewerkers geen training te laten volgen is gebrek aan resources om de uren die aan opleiding besteed worden op te vangen. Hierdoor lukt het werknemers niet om een training te volgen.

Zowel voor werknemer als werkgever heeft het volgen van een opleiding positieve effecten.

Trainingen en opleidingen volgen is ontzettend goed voor jezelf en voor jouw bedrijf. Het volgen van een training wordt gerelateerd met allerlei positieve gevolgen zoals betere werkprestaties, nieuwe vaardigheden en hogere commitment. Het is vastgesteld dat trainingen een positief effect hebben op de prestaties van individuen en teams (Aguinis & Kraiger, 2008). Dus naast persoonlijke ontwikkeling is er ook zeker baat bij voor bedrijven om werknemers zichzelf te laten ontwikkelen door middel van opleidingen.

Daarnaast is het voordeel voor organisaties dat trainingen zorgen voor een positieve werksfeer, werknemers gemotiveerder zijn, effectiever werken en meer kennis in huis hebben. Ook erg belangrijk; werknemers die trainingen volgen blijven langer bij een organisatie werken (Aguinis & Kraiger, 2008).

Stimuleer het volgen van een training

Uit het onderzoek van CXL komt naar voren dat 66 procent van de bedrijven van plan is om in 2019 meer geld uit te geven aan ontwikkeling. Eén van onze klanten gaf aan dat als werknemers 90 procent van hun ontwikkelingsbudget gebruiken ze het jaar daarop extra geld krijgen. 

Mijn advies aan deze bedrijven is om hun medewerkers niet te verplichten een bepaalde opleiding te volgen maar juist keuzevrijheid geven uit opleidingen. Wees daarnaast als manager ook betrokken, vraag de werknemer wat hij geleerd heeft en hoe het team die kennis kan gebruiken. Ook hoop ik dat het interne aanvraagproces een stuk makkelijker gemaakt wordt bij bedrijven. Daarom wil ik iedereen aanmoedigen om trainingen en cursussen te gaan volgen, er is bij veel bedrijven tenslotte budget voor.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Maarten Lens-FitzGerald (Emerce Update Voice): ‘Kinderen weten straks niet meer wat een muis is’

Posted 04 mrt 2019 — by Emerce
Category nieuws

Met presentaties van Auping, KLM, NS, Talpa en Rabobank praat Emerce je morgen in Amsterdam een dag lang bij over de nieuwste ontwikkelingen rond Voice. Dagvoorzitter Maarten Lens-FitzGerald is ondernemer in wat nieuw is. Als Global head of Voice bij Nodes helpt hij bedrijven het nieuwe voice kanaal ontdekken.

Van onder meer augmented reality en predictive coaching ben je nu actief met Voice. Wat was de aanleiding om je hierop te storten? En wat doet je nieuwe bedrijf Conva Voice precies?

“Voor mij is Voice het vijfde nieuwe medium waar ik mee bezig ben. Begin jaren negentig begon ik met het web en ontwikkelde ik sites voor Shell, Adformatie en Akzo Nobel. Begin 2000 schakelde ik over op email en hielp ik bedrijven als Nuon een TomTom. Vervolgens stapte ik over op mobiel waarmee ik de NPO en voedingscentrum de eerste stappen hielp zetten. Later kwam Augmented Reality dat ik letterlijk de wereld in poogde te zetten met Layar.

“Teamily was mijn volgende venture voor predictive coaching dat ik samen met Layar partner Raimo van der Klein begon om anderen te helpen met de digitale transitie. We werken daar onder andere voor Google, ABN Amro en Rockstart.

“Meer dan anderhalf jaar geleden wilde ik weer meer de technische kant op. Ik was thuis al voicegebruiker omdat ik in het eerste bètaprogramma zat van Amazon Alexa. Meer dan vier jaar jaar doe ik met de stem elke dag mijn lichten aan, luister ik muziek en vraag ik naar het weer aan mijn praatpaal. En ik niet alleen. Ook mijn vrouw en kinderen.

“Conva ben ik gestart met Naos Wilberink en we hebben bedrijven en instellingen als Radboud UMC, PVH en Talpa op het gebied van Voice geadviseerd. Sinds februari dit jaar zijn de diensten ondergebracht bij het Europees agentschap Nodes. Wij runnen nu hun Nederlandse kantoor. Voice is hier een sterke toevoeging op onder meer bedrijfskritische mobiele app ontwikkeling. De inzet van Voice lukt eigenlijk niet zonder stevige enterprise backend. We helpen bedrijven met hun voice strategie, prototype ontwikkeling, audio branding, dialoog ontwerp en ontwikkeling op de bekende platformen van Google, Amazon, Samsung en Apple.

“In de zomer komt mijn boek Voice uit bij uitgeverij Business Contact. Zoals bij elk begin van een nieuw kanaal is er veel evangelisch werk te verrichten.”

Het idee was dat Siri en andere spraakhulpjes op de smartphone Voice populair zouden maken, maar het gebruik ervan valt toch wat tegen. De doorbraak lijkt te komen van slimme luidsprekers, omdat voice hier de enige interface is. Gaan we nu dan ook meer spraak op de smartphone gebruiken?

“Timing is alles, heb ik geleerd. Niet alleen voor de introductie, maar ook voor de verwachting van het publiek. Siri was baanbrekend negen jaar geleden, maar de kwaliteit bleef achter. Intussen heeft Voice de wind in de rug door de introductie van de slimme speakers van Google en Amazon. Een op de vier gezinnen in de VS heeft sinds de introductie vier jaar geleden een of meerdere slimme luidsprekers thuis staan.

“Inmiddels zijn er 2 miljard eindpunten waar je via spraak aan het werk kunt. Verder is er geen auto-, tv- of keukenmachine-maker meer die niet bezig is Voice in te bouwen in hun apparaten. Straks praat je meer met apparaten dan je partner, is mijn voorspelling. Gestaag wordt het medium Voice dus onderdeel van ons leven. Een nieuwe generatie groeit op: de Voice First generatie die verwacht tegen alles te kunnen praten.”

Search biedt de gebruiker nog altijd een ruime keuze aan zoekresultaten, voice search leidt idealiter tot een enkel antwoord. In het geval van producten en diensten kan dat lastig zijn. Welke leverancier krijgt de voorrang?

“Wanneer een aanbieder het hele web ontsluit op Voice, zoals Google dat momenteel doet met het web, dan is dat een probleem. Maar het huidige Voice aanbod is al veel groter. Siri heeft momenteel de grootste groep gebruikers, gevolgd door Amazon. Google timmert ook goed aan de weg. Denk eens aan mobiel. In het begin had je slechts Blackberry en Nokia. Die gebruik je nu niet meer. Hoe het ecosysteem er precies uit gaat zien, en hoe we daarin onze voorkeuren zullen aangeven, dat valt nog te bezien. Wie weet hebben we straks toegang tot appstores met voicediensten die we zelf kunnen selecteren.

“Duidelijk is dat voice adoptie sneller gaat dan mobiel. Het is zaak voor elke organisatie om te leren ‘praten’ met hun klanten. Organisaties hebben intussen leren innoveren. Effectief en slim. Want links of rechtsom, dat is de kern van beweging. Wie vroeg begint staat nu sterker.”

Welke tekortkomingen moeten we nog overwinnen met Voice?

“Hoe kijk jij naar een kind? Kijk je naar de gebreken, of naar hoe goed het al kan rennen en niet omvalt? Zo kijk ik naar Voice, het is heel jong. maar kan al zo veel.

“Ik zie twee belangrijke ontwikkelingen: Om te beginnen de inzet van Voice bij bedrijven als interface, service, communicatie en verkoopkanaal. Zoals het web geïntegreerd is in nagenoeg alle zakelijke diensten, zal dat ook met Voice gaan.

“Niet echt een verwachting, maar wel een eventueel risico: verwachtingsmanagement. Je moet een realistische verwachting hebben over wat wel en niet kan. Google heeft dat goed begrepen met Google Glass en ik hoop dat ze dat blijven managen. Want wanneer we allemaal te te snel willen, hebben we een probleem van teleurstelling te overwinnen. Dat zou zonde zijn.”

Waar is Voice over pakweg tien jaar?

“Voice is over tien jaar een standaard kanaal en interface voor iedereen. Kinderen weten straks niet meer wat een muis is en we praten met alle apparaten om ons heen. Je praat ook met elk bedrijf of dienst. Zelf of dat je Voice assistent dat voor je doet. Voice heeft haar app store en andere rituelen gevonden. De Assistent helpt ons als een butler. Hij anticipeert op wat we nodig hebben en communiceert effectief omdat hij onze communicatievoorkeuren door en door kent. Tevens is privacy gewaarborgd en beheren onze persoonlijke data zelf.”

 



Lees het volledige bericht op Emerce »

Deze adverteerders kozen onlangs een nieuw bureau

Posted 01 mrt 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Accountnieuws: Dienst Publiek en Communicatie, Marcel’s Green Soap, Driehoek, en Koninklijke Bibliotheek kiezen een nieuw bureau.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Aantal communicatiemedewerkers bij het Rijk stijgt fors, tot 700 fte’s

Posted 01 mrt 2019 — by Adformatie
Category nieuws

In de anderhalf jaar van het kabinet-Rutte III steeg het voorlichtingsapparaat met 10 procent. Dat zou 3,5 miljoen euro per jaar kosten.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Adidas kiest Coopr voor PR en communicatie in Nederland

Posted 28 feb 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Bureau zal met name ondersteuning bieden bij diverse sport- en lifestyle-productintroducties.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Vergeet de e in e-commerce, focus op de klant

Posted 28 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Elke organisatie wil een blijvende band smeden met klanten. De tijd en energie die je steekt in het onderhouden en ontwikkelen van een relatie met je klanten is een kleine moeite als je kijkt naar de beloning. Maar als je je alleen richt op het digitale gedeelte (e-commerce), dan lijdt de diepe connectie met klanten daar onder. We moeten dus niet alleen focussen op een digitale aanpak of de technologie centraal zetten, maar juist de elementen integreren die de klantrelatie bevorderen. Dat betekent ook breken met conventies.  

E-commerce lijkt vooral te draaien om het optimaliseren van websites. Maar waarom wordt er nog steeds onderscheid gemaakt tussen digitale en fysieke handel? Vrijwel alle bedrijven hebben een omnichannel focus: stenen winkels, de e-commerce site, online marktplaatsen, et cetera. De e in e-commerce is volkomen overbodig omdat alles al op commerce neerkomt. Die e is illustratief voor het feit dat we uit het oog verliezen waar het echt om draait: de klantrelatie.

Fysieke en digitale handel liggen in elkaars verlengde. Dit gaat veel verder dan piekeren over microcopy tijdens het check-out proces of de kleur van een bepaalde knop. Nee, het echte werk is om een dusdanige band met klanten op te bouwen dat ze überhaupt je website en/of winkel willen bezoeken.

Als je keihard je best doet om onderscheidend te zijn en vervolgens de techniek centraal zet, dan lijkt alsnog alles op elkaar. Kijk maar naar hoe verzekeraars hun autoverzekeringen online presenteren. SEO dicteert dat het primaire keyword altijd een synoniem van ‘goedkoop’ is. Of het nu betaalbaar, low-cost of budget is, er is weinig tot geen verschil te vinden. Als iedereen alles op dezelfde manier doet, dan is het eindresultaat dat de consument rondjes blijft rennen.

Geen zin om het merk te laten zien

Contactlenzenmaker Alcon, een dochteronderneming van farmacieconcern Novartis, durfde het wel aan om de conventies los te laten. Ze maken verschillende soorten lenzen: dag- en maandlenzen en allerlei niveaus van comfort. Het belangrijkste pijnpunt is dat ze goede producten maken, maar klanten beseffen nauwelijks dat ze Alcon-lenzen dragen. Voor Alcon is het dan ook een grote uitdaging om nieuwe klanten te werven. Het is immers zinloos om de merknaam te laten zien. In plaats daarvan besefte Alcon dat ze mensen wegwijs moeten maken in de wereld van contactlenzen.

Daarom heeft Alcon de websites www.wearlenses.co.uk, www.lenzendragen.nl en nog veel meer regionale varianten gecreëerd. Deze webshops fungeren als startpunt voor mensen die informatie zoeken over lenzen en om ze over te halen om deze te proberen.

Harde aanpak werkt niet

Met deze strategie worden drie belangrijke doelgroepen aangesproken. Ten eerste zijn er de mensen die nog nooit eerder lenzen hebben gedragen en uitgebreide, gedetailleerde informatie nodig hebben. Ten tweede heb je mensen die al contactlenzen dragen, maar het comfort niet als prettig ervaren en denken dat dat nu eenmaal zo hoort. De derde groep bestaat uit mensen die slechter gaan zien en nog niet op de hoogte zijn van het bestaan van multifocale lenzen.

Met andere woorden, een harde, online-only aanpak is zinloos. De producten (en doelgroepen) zijn niet simpel. Alcon heeft een gedurfde strategie om potentiële klanten te helpen met hun oogproblemen: merk- of productnamen niet noemen tot het moment in de customer journey waarop de gebruiker wel degelijk geïnteresseerd is in het merk (de sweet spot). De relaunch van de website had dan ook niet conversie als doel, maar het geven van informatie. Door het als een service te behandelen in plaats van als een funnel, kon Alcon gebruikers van de website naar de winkel en weer terug naar de website leiden.

Digitaal vertalen naar fysiek

Alcon implementeerde een peervormig model, waar andere gebruikers hun ervaring konden delen (via testimonials, trial video’s, et cetera). Zo wordt op een visuele manier aan potentiële nieuwe gebruikers getoond wat het concept is. Natuurlijk is er altijd een oogmeting nodig om te bepalen welk type lens de klant nodig heeft. Daarom wordt er als incentive een korting aangeboden.

Dat is het moment waarop er een vertaling plaats vindt van het digitale (het downloaden van de kortingsvoucher) naar het fysieke (met de voucher naar een stenen winkel gaan). Dit gedeelte van het proces moet nog worden fijn geslepen. De communicatie moet aansluiten op de behoeften van de potentiële gebruiker.

Toekomstproof merk

Dit roept de vraag op: is dit alles e-commerce? Zeker niet. En dat geldt voor veel meer merken die hun klanten via verschillende kanalen bedienen. Dit is hoe merken toekomstproof worden. De eerste stap is om een betekenisvol, eerlijk verhaal te vertellen, een relatie op te bouwen met je klanten en dan pas te converteren. In plaats van je klanten te manipuleren en zo een (tijdelijke) conversie te bewerkstelligen, zoals Booking.com dat doet, kies je voor de minder platgebaande paden en bouw je een duurzame, diepere band op met je klanten. Dat is veel ingewikkelder dan bepalen welke microcopy effect sorteert, maar het resultaat is onvergelijkbaar.

Ik geloof niet in shortcuts. Zodra de concurrentie je product kan namaken, moet je je op een ander manier onderscheiden. Je moet dus weten wat je klanten willen, waar zij zich bevinden en hoe ze te vinden zijn. Hoe krijg je en houd je je product in de hoofden van mensen? Door je te focussen op het verhaal dat je wilt vertellen. Dát maakt het verschil. En met die website komt het dan wel goed, dat garandeer ik je.



Lees het volledige bericht op Emerce »

DPDK wint met Nike Reactor jaarprijs CSS Design Awards

Posted 28 feb 2019 — by Emerce
Category nieuws

Digitaal bureau DPDK heeft bij de CSS Design Awards de prijs voor Website of the Year in de wacht gesleept. Het bureau kreeg de prijs voor de experimentele microsite van Nike React.

Ter promotie van de Nike React-lijn ontwikkelde DPDK een site die duidelijk moet maken hoe licht deze nieuwe sneakers zijn. De campagnepagina vraagt bezoekers bij binnenkomst naar hun verwachtingen. Door ze te laten kiezen uit diverse materialen en objecten en de eigen hardloopstijl, genereert het een bijpassende en gepersonaliseerde 3D-figuur. Opgebouwd uit bijvoorbeeld veertjes, ballonen en skippyballen. En uiteraard het geadviseerde paar schoenen. De video ervan is op te slaan en via social media te delen.

Bijzonder aan het project is dat de Nike Reactor in eerste instantie bedoeld was als instore communicatiemiddel, vertelt DPDK’s CEO Pim van Helten. De oplossing bleek echter zo goed in elkaar te steken dat Nike er ook een online campagne in zag. Daarmee was voorafgaande aan het verkoopproces al een gevoel te creëren bij het product.

“Omdat Nike van zichzelf al zo’n enorm kwaliteitsniveau heeft, durft het verder te denken dan de bestaande marketingkalender”, zegt Van Helten. “Er werken designers die zo diep in de materie zitten dat ze vooruit kunnen lopen op trends. Dat maakte het voor ons als bureau zowel interessant als uitdagend. Je werkt met mensen die nooit in één keer tevreden zijn. Het wrijft op een goede – motiverende – manier.”

Voor de bouw ervan heeft DPDK gebruikgemaakt van HTML, CSS en WebGL. Alle animaties draaien op basis van GSAP – het GreenSock Animation Platform. Daarmee won het bureau niet alleen deze website van het jaar-verkiezing. Eerder is al een zilveren Lovie, W3 Award en een maandprijs bij Awwwards toegekend. CSS Design Awards nomineert het bedrijf hoogstwaarschijnlijk ook als bureau van het jaar.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Communicatiewetenschap UvA opnieuw beoordeeld als beste ter wereld

Posted 27 feb 2019 — by Adformatie
Category nieuws

Tweede achtereenvolgende jaar aan kop in prestigieuze QS-ranking.

Lees het volledige bericht op Adformatie »