Posts Tagged ‘communicatie’

Chatbots: een must of een potentiële valkuil?

Posted 14 Aug 2017 — by Emerce
Category nieuws

Geen enkele CMO kan op een marketinggerelateerde conferentie nog zonder een aantal slides over de chatbot van zijn of haar eigen organisatie. Na de multi- of omnichannelstrategie en customer journeys is het nu de beurt aan chatbots. Logisch ook. Het is de toekomst, het is innovatief en het laat zien hoe progressief een organisatie is. Toch?

Het woord zegt het eigenlijk al: een robot die chat. Dat is de primaire functie die het vervult. Een chatbot kan consumenten helpen met het beantwoorden van vragen over de dienstverlening en/of producten van organisaties. Het doel van elk bericht is vraagoplossend al dan niet verbonden aan een transactioneel component.

Chatbots hebben de belofte om op een relevante manier en real-time te reageren. Hiermee vergroot een bedrijf of merk haar capaciteit om (potentiële) klanten op elk geschikt moment en waar ook ter wereld te helpen. Facebook, Whatsapp en een handvol andere initiatieven bieden het platform en de tooling om ook jouw organisatie een kickstart te geven.

Zonder twijfel, technologisch gezien, zijn chatbots innovatief. Een chatbot maakt gebruik van machine learning om berichten op een juiste manier binnen een bepaalde context en met een zekere soort van relevantie in te schatten. Daar wordt het ook in de loop van de tijd beter en beter in. Ook voor consumenten lijken er op het eerste gezicht juist voordelen aan te zitten. Er kan in principe geen sprake zijn van een onjuiste interpretatie en de invloed van non-verbale communicatie wordt volledig uitgesloten.

Sociale nuances en cognitieve inspanning worden door chatbots tenietgedaan. Het sluit aan bij onze natuurlijke psychologische voorkeuren in de zoektocht naar verdere simplificatie van ons bestaan. Als consument willen we dat het ons zo makkelijk mogelijk wordt gemaakt. Niet zonder reden moet er altijd de mogelijkheid voor menselijke interventie mogelijk zijn tijdens een chat. Natural Language Processing (AI) is op dit moment bijvoorbeeld voor de Nederlandse taal nog onvolledig, maar heeft de potentie om het aantal (noodzakelijke) menselijke interventies terug te dringen.

Een chatbot, een doel op zich?

Toch zijn er ook grote uitdagingen. Het grootste probleem zit in het feit dat bedrijven het hebben van een chatbot als een doel op zich zien. In feite helpt een chatbot de welbekende customer experience op een efficiënte manier te verbeteren. Efficiëntie, daar zijn we weer. Het zegt niets over de effectiviteit en vaak ook niets over de langere termijn ervaring. Voor de korte termijn kan de customer experience een positieve impuls krijgen. Tegelijkertijd, een chatbot vervangt op dit moment een eigen (service)medewerker nog niet.

Veel chatbots missen op dit moment nog het empatische inlevingsvermogen dat je eigen medewerkers (over het algemeen) wel hebben. Daarmee is een chatbot geen standalone noviteit, maar iets dat wordt gegeven bovenop de services die al worden geboden. Het ontwikkelen van een bot voor je organisatie is ‘relatief’ eenvoudig, maar eentje die een verlengstuk is voor je merk of organisatie en eventuele vragen bij je klant wegneemt is een verhaal op zich. Als je met een chatbot niet direct de verwachtingen van je consument, op basis van ervaringen met je organisatie via andere online en offline kanalen kan invullen, is het de vraag of iets vernieuwend opweegt ten opzichte van de lange termijn doelstellingen.

Een andere uitdaging is hoe je chatbot in de organisatie wordt gezien. Als een manier om kosten te reduceren? No way! Een volgende uitdaging is ook dat je eigen (service)medewerkers de toegevoegde waarde van bots moet laten inzien. Een chatbot is immers geen vervanging van je eigen medewerkers maar een verlengstuk. Niet alleen de chatbot zal ontwikkeld moeten worden, ook je eigen medewerkers zullen getraind moeten worden.

Stel een bandbreedte in

Een chatbot moet, zeker in het begin, gemonitord, gevuld en bijgestuurd worden. Een van de belangrijkste zaken is om de bandbreedte van chatbots te bepalen. In China zijn een aantal chatbots, zoals Tay, BabyQ en XiaoBing, geproduceerd door bedrijven als Turing Robot en Microsoft, tijdelijk offline gehaald nadat deze wel heel uitgeproken reageerden op specifieke onderwerpen als de Communistische Partij of de Chinese territoriale wateren. Xiaofeng Wang, een senior analist bij Forrester stelde eerder tegenover Financial Times: “Machine learning betekent dat er gebruik wordt gemaakt van data. In dit geval waar data dan ook ergens op internet beschikbaar is. Wanneer je niet de duidelijke bandbreedte aangeeft kan je ook niet bepalen wat er geleerd wordt.”

Meet het succes van je chatbot

Marketeers zijn de afgelopen jaren behoorlijk verwend geraakt. Naast bereik en engagement worden ook zaken als klanttevredenheid en incrementele omzet ten opzichte van controlegroepen gerapporteerd. De volledige (sales)tunnel kan worden gemonitord, waar nodig verder worden geoptimaliseerd en gerapporteerd op de ROI. Op het gebied van messaging apps en in het bijzonder chatbots zijn er nog geen standaard metrics beschikbaar. Voldoende discussie dus. Bij chatbot metrics kan onder andere worden gedacht aan gemiddelde sessietijd en confusion triggers.

Een bot is ‘maar’ een bot

Niet de chatbot zelf maar juist het complete proces en inrichting eromheen gaan het verschil maken. Een goede technologie maakt nog geen goede dialoog, een goede dialoog ondersteunt met een goede technologie maakt een betere dialoog. Laat niet de technologie maar de menselijke maat en creativiteit de start zijn.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Doorbreek de trackingmuur

Posted 11 Aug 2017 — by Emerce
Category nieuws

Het is bijna vast prik geworden, je moet eerst toestemming geven om getrackt te worden voordat je toegang krijgt tot een website of voordat je nieuwe slimme apparaat het volledig doet. Het is tijd dat er grenzen worden gesteld aan deze tracking ratrace. De tijd is rijp dat Brussel ingrijpt.

Geen toegang zonder tracking

We kijken er niet meer van op dat onze persoonlijke en zakelijke communicatie, het vergaren van nieuws of het contact met de overheid via internet verloopt. Toegang tot online informatie en diensten is van cruciaal belang om tegenwoordig mee te kunnen draaien. Toch worden we dagelijks gedwongen om te laten volgen —van website naar website, van app naar app en op verschillende apparaten— voordat we überhaupt toegang tot deze informatie of digitale diensten krijgen.

Cookie walls

De beruchte cookie walls zijn hier het schoolvoorbeeld van als je websites bezoekt. Als je achter die muur wilt zien te komen, dan moet je eerst akkoord gaan dat je online gedrag gedetailleerd gevolgd kan worden. Voor de duidelijkheid, we hebben het hier niet over de cookies die nodig zijn om bijvoorbeeld je instellingen te bewaren of op een correcte wijze het gebruik van de website te registreren. We hebben het hier over al die trackers die meestal afkomstig zijn van hele andere partijen dan de website zelf en die je blijven achtervolgen.

Geen functionaliteit zonder gevolgd te worden

Maar ook als je je smart device op een normale manier wil gebruiken, word je regelmatig gedwongen om in te stemmen dat je gedrag gevolgd wordt. Zo wezen we er onlangs op dat de smart assistant ‘Bixby’ van de nieuwste Samsung smartphone alleen werkt als je eerst akkoord gaat dat je locatie met Uber, Foursquare en Inrix gedeeld kan worden. Ga je niet akkoord, dan krijg je ook niet de beloofde functionaliteit van deze smart assistant en is de speciaal aangebrachte ‘Bixby-knop’ op je smartphone waardeloos.

Dit is een screenshot van de voorwaarden waarmee je akkoord moet gaan bij activatie van Bixby op een Samsung S8:

Afgedwongen toestemming

Een veel gehoorde reactie is dat je ook kunt weigeren om toestemming te geven om je te laten volgen. In theorie is dat juist, maar in de praktijk is dat vaak niet het geval. Steeds vaker wordt de keuze beperkt tot helemaal geen toegang óf je laten volgen.

Het wordt extra problematisch als het gaat om het vergaren van informatie of het gebruiken van diensten van publieke instellingen of organisaties die een belangrijke rol in onze samenleving spelen waar je niet zomaar omheen kan. Denk niet alleen aan overheidsinstellingen zoals de Belastingdienst, maar ook aan ziekenhuizen, medisch hulpverleners, zorgverzekeraars, banken of aanbieders van internettoegang. In dat geval heb je eigenlijk geen keuze: je toestemming wordt afgedwongen. Maar afgedwongen toestemming is geen vrije toestemming.

De nieuwe Europese privacyregels bevatten gelukkig een haakje om dit soort praktijken aan te pakken. Het afdwingen van toestemming voor gebruik van je data die niet vereist is voor de gevraagde dienst, kan binnen die nieuwe regels een reden zijn om deze toestemming ongeldig te verklaren.

Neerwaartse spiraal

Advertenties zijn nog steeds het dominante online verdienmodel. Eerst ging dit vooral op de manier waarop we dit in de offline wereld gewend waren: de advertenties waren contextafhankelijk. Maar de afgelopen jaren zijn veel partijen steeds verder afgegleden naar het surveillance-model: het systematisch volgen van gebruikers via trackers en de verdere automatisering van online advertenties.

Niet voor niets heeft deze neerwaartse spiraal geleid tot een tegenreactie in de vorm van adblockers en andere technische tools om trackers te weren. We zijn het zat dat we constant gevolgd worden en dat onze apparaten vervuild raken met trackers, onze databundel verspild wordt aan opdringerige advertenties of dat onze veiligheid op het spel wordt gezet door malvertising.

Ook adverteerders beginnen zich te ergeren aan de huidige stand van zaken. En bedrijven zoals Apple en Google proberen met nieuwe initiatieven een deel van de irritaties van gebruikers weg te nemen. Maar dit is slechts een deel van de oplossing. Het is tijd om de kaders van wat wel en niet mag opnieuw vast te stellen.

Afgedwongen toestemming is geen vrije toestemming

Natuurlijk weten we dat een deel van de aanbieders van informatie en online diensten afhankelijk zijn van advertentie-inkomsten. Met dit businessmodel – aandacht vergaren en vervolgens doorverkopen – kun je het wel of niet eens zijn, maar daar zit niet per se de kern van het probleem. Waar je wel bij stil moet staan, is de vraag hoe ver je hierin mag gaan. Niet voor niets stellen we bijvoorbeeld eisen aan advertenties gericht op kinderen en zouden we het onacceptabel vinden als natuurgebieden vol zouden staan met billboards. Kortom, niet alles is toegestaan in de race om aandacht.

De vraag die we ons moeten stellen is: vinden we het oké dat we ons gedwongen digitaal laten uitkleden, analyseren en beïnvloeden? Waarbij je bovendien niet goed weet wie wat met al de verzamelde informatie gaat doen. Wij vinden van niet en ook een ruime meerderheid van burgers in Europa denkt er zo over:

Geen gedwongen tracking

Het zou dan ook veel beter zijn om gewoon heldere grenzen te stellen. Je moet in vrijheid informatie kunnen vergaren en diensten kunnen gebruiken zonder gedwongen tracking. In Nederland geldt dit gelukkig al voor diensten van de overheid, zoals de Belastingdienst of het UWV. Maar dit zou ook moeten gelden voor publiek gefinancierde instellingen en organisaties die een belangrijke rol in onze samenleving spelen. En misschien ook wel gewoon voor alle online informatie en diensten die we gebruiken?

Wat gaat Brussel doen?

Op dit moment worden in Brussel de regels rondom de vertrouwelijkheid van digitale communicatie herzien. Voor jou als internetgebruiker kunnen die nieuwe regels van grote invloed zijn: wie mogen er meelezen met jouw berichten, zijn tracking walls toegestaan en mag je fysieke locatie straks ongevraagd via je telefoon in kaart worden gebracht?

Deze herziening van de regels biedt bij uitstek de kans om eindelijk voor heel Europa de trackingmuur te doorbreken. Samen met onze collega’s bij EDRi werkten we aan een position paper en verschillende amendementen om het voorstel van de Commissie op veel punten te verbeteren. Het doorbreken van de trackingmuur is één van die verbeteringen.

Vinden we het oké dat we ons gedwongen digitaal laten uitkleden, analyseren en beïnvloeden?

We zijn niet de enigen die hiervoor pleiten. Ook de privacytoezichthouders in Europa willen deze praktijk aan banden leggen.

De vraag is wat de Europese wetgever gaat doen: zullen de rechten van internetgebruikers gewaarborgd worden of zwicht men voor de immense lobbydruk van de partijen die ons in kaart willen brengen? We zullen het dit najaar zien…

Wat vinden jullie? Welke vormen van gedwongen tracking zouden niet toegestaan moeten zijn?

*) Dit artikel is ook gepubliceerd op de website van Bits of Freedom. (Licentie: CC BY-NC-SA 4.0)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Youfone past communicatie over Onbeperkt abonnement aan

Posted 10 Aug 2017 — by Emerce
Category nieuws

Youfone heeft na een berisping van de Reclame Code Commissie de naam van zijn Onbeperkt MB-bundel gewijzigd in Onbeperkt MB FUP. Dat FUP staat voor fair use policy.

Anders dan de naam Onbeperkt MB deed vermoeden, kent dit abonnement wel degelijk een beperking. Na verbruik van 15GB wordt de snelheid namelijk verlaagd naar 64Kbps. Daarnaast spreekt Youfone zelf van een bundelgrootte van 15GB, wat ook aangeeft dat de bundel beperkt is.

Ook werden klanten niet overal waar het Onbeperkt (data/MB) abonnement wordt weergegeven over de beperking geïnformeerd, maar slechts bij de laatste stap van het keuzeproces gedurende de aankoop.

Youfone stelt dat feitelijk alle huidige aanbieders van een ‘onbeperkt’ abonnement een of andere beperking toepassen en dat een FUP een gebruikelijk fenomeen is bij de meeste abonnementen in de markt. Verder geldt dat de gemiddelde Nederlandse gebruiker 1 à 2GB aan data verbruikt per maand. De kans dat de grens van de FUP wordt bereikt is dus miniem.

Bij Tweakers wijzen klanten op nog enkele addertjes onder het gras. Als de FUP is opgemaakt, sluit YouFone klanten af van 4G en moeten ze verder surfen via 3G

Een andere klant beweert dat YouFone het gebruik afrondt, ‘daardoor sjees je door je MB’s heen. Ooit voor mijn vrouw een klein abonnement willen afsluiten omdat ze niet zoveel data verbruikt. Na 3 dagen was ze door haar 500MB heen.’



Lees het volledige bericht op Emerce »

Amadeus schildert vier toekomstscenario’s voor de reisbranche

Posted 10 Aug 2017 — by Emerce
Category nieuws

Een gestroomlijnde reisbeleving en personalisatie, dat zijn de twee assen waarlangs de reisbranche zich de komende vijf tot zeven jaar gaat bewegen. Amadeus ziet vier mogelijke scenario’s voor de nabije toekomst.  

Met een gestroomlijnde reisbeleving doelt Amadeus met name op het wegnemen van grenscontroles zonder dat de veiligheid in het geding is. De reiziger wordt dankzij een real-time informatievoorziening zo snel en geruisloos mogelijk naar zijn bestemming geholpen. Dit betekent dat regeringen, bedrijven en andere stakeholders bereid moeten zijn om data te delen.

Personalisatie gaat volgens Amadeus veel verder dan de segmentatie die nu wordt toegepast. Dankzij technologische ontwikkelingen op het gebied van big data en Artificial Intelligence (AI) kan worden voldaan aan de behoeften van elke reiziger, op elk moment. Dat betekent wel dat overheden het delen van consumentendata moeten toestaan, ook met andere landen, en dat bedrijven die gegevens af moeten staan omwille van het grotere geheel.

Afhankelijk van de antwoorden op deze vragen ziet Amadeus vier mogelijke scenario’s, genoemd naar schilders die erbij passen:

 1. Picasso

Mondiale economische welvaart zorgt voor een grote vraag naar gepersonaliseerde reisaanbiedingen. Groeiend nationalisme en zorgen over veiligheid delen de wereld op, waardoor de reisbranche zich regionaal ontwikkelt. Amadeus noemt dit scenario Picasso omdat het kubistisch, gefragmenteerd en zeer persoonlijk is.

Het meeste levert de last mile op – platformen die restaurants, shows en excursies aanbieden zijn spekkoper. In de gevarenzone bevinden zich reisagenten, omdat het dienstenpakket van deze ticket- en toursaanbieders zeer concurrerend is. Airlines lopen het risico een massagoed te worden in plaats van de eerste stap in het plannen van de reis. Een deel van de luchtvaartmaatschappijen zal er daarom voor kiezen om hun website uit te breiden met aanvullende reisdiensten. Dit levert ook meer marge op dan op vliegtickets het geval is.

 2. Dalí

In dit scenario verdwijnen grenzen en stimuleren overheden integratie in de vorm van vrijhandel en internationale samenwerking. Het is genoemd naar Dalí omdat het innovatief, futuristisch en enigszins surrealistisch is.

Social media hebben de bedenkingen over het delen van persoonlijke gegevens weggenomen. Daardoor wordt de privacywetgeving ook minder streng. Digitale communicatie en mobiele apps faciliteren vrijwel alle contactmomenten tussen bedrijven en consumenten, met nadelige gevolgen voor fysieke winkels en online spelers die alleen een website hebben. Er zijn minder controles op de luchthaven en reizigers hebben altijd actuele informatie voorhanden over hun trip. Een explosie in innovatieve technologieën – van zelfrijdende auto’s tot IoT – maakt reizen makkelijker, sneller en goedkoper.

IT- en cybersecuritybedrijven zijn de winnaars in dit scenario. Traditionele en online reisagenten daarentegen verliezen klanten omdat die gebruikmaken van digitale assistenten voor het regelen van hun reizen. Leveranciers zoals de airlines en hotels raken het directe contact met de klant kwijt. Dat is in handen van de techreuzen: Google, Amazon, Baidu, WeChat, enzovoorts.

 3. Bosch

In het slechtste scenario van de vier zorgen nationalisme en een economische recessie voor protectionisme en wantrouwen. Innovatie wordt in de kiem gesmoord en de reisbranche is gefragmenteerd. Het doet denken aan de inktzwarte onderwerpen van Hiëronymus Bosch, die graag getormenteerde zielen en demonen schilderde.

Het anti-EU-sentiment maar ook Trumps America First-belofte maken dit scenario niet eens zo vergezocht. Innovatie komt tot stilstand omdat talent, ideeën en kapitaal niet internationaal kunnen worden ingezet. Protectionisme van nationale markten en zware regelgeving zorgen voor gefragmenteerde reismarkten die in handen zijn van grote binnenlandse spelers. De angst voor (cyber)terrorisme maakt reizen tijdrovend, duur en moeizaam.

Voor de techreuzen is dit scenario het minst gunstig: consumentendata blijven binnen de landsgrenzen en daardoor is personalisatie niet mogelijk. Dit is gunstig voor reisagenten, tenzij de angst zo diepgeworteld is dat consumenten onvoorwaardelijk kiezen voor vertrouwde namen en die luchtvaartmaatschappijen en hotels direct boeken.

 4. Warhol

Azië groeit, maar het westen stagneert. Consumenten worden prijsgevoeliger en willen niet betalen voor gepersonaliseerde aanbiedingen. Innovatie floreert, vooral in de lokale of regionale context vanwege de strikte privacyregels. Zoals Andy Warhols befaamde afbeelding van de soepblikken van Campbell is dit een gestandaardiseerde wereld.

Dit scenario gaat uit van de snelgroeiende Aziatische middenklasse. Deze groep heeft minder te besteden dan hun evenknieën in de VS of Europa en is daarom niet bereid te betalen voor personalisatie. Reisbedrijven in Azië richten zich op massatoerisme tegen lage prijzen.

De stagnerende economie in het westen biedt kansen aan deelplatformen en low-cost carriers. De individuele beleving blijft, maar consumenten gaan op zoek naar een betaalbare invulling. De marges komen onder druk te staan, wat leidt tot consolidatie. Er ontstaan reisconglomeraten bestaande uit airlines, hotels, luchthavens en tours- en ticketaanbieders.

De techreuzen zijn minder geïnteresseerd in de reisbranche in dit scenario, wederom omdat zij zonder personalisatie weinig toegevoegde waarde kunnen bieden.

Amadeus matrix toekomstscenario's 

Meer lezen? De whitepaper van Amadeus over de toekomst van de reisbranche is hier te downloaden.  



Lees het volledige bericht op Emerce »

Team communicatie verwelkomt Miriam Huizing

Posted 09 Aug 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Huizing gaat aan de slag als contentmanager.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Nederlands journalistiek experiment genomineerd voor Europese award

Posted 09 Aug 2017 — by Villamedia
Category nieuws

Het journalistieke experiment De Tweede Kelder maakt kans op een Digital Communication Award. De award wordt uitgereikt aan de beste campagnes en projecten op het gebied van digitale communicatie in Europa. De Tweede Kelder werd geselecteerd uit meer…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Meld een Vermoeden: fraude te lijf met handige app

Posted 08 Aug 2017 — by Emerce
Category nieuws

Gemeenten en politie werken intensief samen om fraude tegen te gaan. In de praktijk komen meldingen – zoals illegale prostitutie of leegstand – niet, te laat of bij de verkeerde persoon binnen bij de gemeente. De innovatie Meld een Vermoeden van de Anti-Fraud Company moet dat tegengaan. CEO Viresh Jagesser vertelt hoe het werkt.

Viresh, hoe zou je Meld Een Vermoeden omschrijven in één tweet?

“Digitale oplossingen zoals het Meld een Vermoeden-platform bieden nieuwe manieren voor gemeenten en partners om integraal samen te werken.”

Wat houdt Meld een Vermoeden in?

“Het zorgt voor efficiëntere communicatie, snelle meldingen en afstemming tussen gemeente-afdelingen. Als gemeenten en hun partners zoals de politie, douanes of de Belastingdienst soepeler samenwerken, kan fraude voorkomen worden. Zo werd dankzij de app al een roversbende opgepakt, waarbij meer dan dertig gestolen auto’s in beslag werden genomen. Na een succesvolle pilot in Den Haag wordt de app daar al gebruikt, en ook in de gemeente Rheden wordt de app over twee weken gelanceerd.”

Hoe werkt het?

“Als een wijkagent, een melding doet via de app, wordt die vervolgens direct naar de juiste persoon binnen de gemeente gestuurd. Denk hierbij aan meldingen over leegstaande huizen, drugspanden of illegale prostitutie. De app is voor agenten te downloaden via MDM, een soort interne AppStore, en geeft de agent de kans om zijn administratie binnen een minuut, ter plekke te maken. Hij kan ook foto’s toevoegen en krijgt meteen bericht als de gemeente werk maakt van de melding. De gemeente kan bijvoorbeeld het pand laten sluiten of iemand uitschrijven op een adres.”

Welk probleem lost Meld een Vermoeden op?

“Direct en laagdrempelig melding doen op straat, meer waardevolle informatie doorgeven in minder tijd en zeker weten dat die terechtkomt bij de juiste personen. Het vergroot de leefbaarheid en veiligheid in de gemeente. Gemeenten kunnen immers beter inspelen op de problemen in een wijk.”

Wie zijn je klanten?

“Nederlandse gemeenten met meer dan 25.000 inwoners en hun ketenpartners – zoals de politie. We richten ons hierbij op zowel de communicatie tussen de verschillende afdelingen binnen de gemeente, als tussen de verschillende partners. Afdelingen opereren vaak als eilanden en communiceren weinig met elkaar. Hierdoor komen veel meldingen bij de verkeerde persoon terecht.”

Hoe ziet het verdienmodel eruit?

“We bieden het Meld een Vermoeden-platform op abonnementsbasis aan voor gemeenten, in de vorm van een SaaS-model (Software as a Service). Momenteel passen we dit verdienmodel toe in Den Haag en Rheden.”

Werk je samen met partners?

“Ja, softwareleverancier Milvum is een belangrijke partner van Meld een Vermoeden. Zij helpen ons bij de ontwikkeling en het onderhoud van de app. Daarnaast zit Arthur Dallau in onze adviesraad, hij zet zijn ervaring bij gemeenten in om de app zo passend mogelijk te maken voor gemeenten en partners.”

Heeft Meld een Vermoeden concurrentie?

“Meld een Vermoeden is bij mijn weten de enige tool die de communicatie tussen gemeenten en ketenpartners toegankelijk en eenvoudig stimuleert. Andere spelers in de markt gooien het vooral op data-analyses om fraude op te sporen, zoals VX Company, of software om boetes uit te delen, zoals Sigmax. Net als de buurt-WhatsApp-groepen zie ik dat eerder als aanvulling op onze dienst dan als directe concurrentie.”

Hoe is Meld een Vermoeden ontstaan?

“De oprichters – Arvind Jagesser, Salim Hadri, Randy Tjin Asjoe en ik – kenden elkaar van Milvum: het innovatielab voor corporates en de overheid dat nu als zusterbedrijf van Meld een Vermoeden fungeert. Meld een Vermoeden is voortgekomen uit de winst van een hackathon in april 2016, die het ministerie van Binnenlandse Zaken en Stichting ICTU organiseerden om als overheid effectiever te zijn tegen fraude. Na een succesvolle pilot in Den Haag ontstond toen de Anti-Fraud Company.”

Wat staat er nu op de agenda?

“We zijn momenteel bezig met AdresChecker, een nieuw platform dat we samen met de gemeente Den Haag ontwikkelen. Een ambtenaar van de gemeente gaat langs op de adressen en heeft met een slimme online-checklist de juiste data van de burger en het adres bij de hand. Zo optimaliseren we het hele proces, van melding tot en met afhandeling.” 

En verder?

“Daarnaast lanceren we binnenkort een verbeterde versie van het Meld een Vermoeden-platform, dat dan op grotere schaal meldingen kan verwerken. Het gaat live tijdens de lancering bij de gemeente Rheden over een paar weken.”

Welk knelpunt kom je tegen als start-up?

“Om met een beperkt budget toch je doelgroep goed te kunnen bereiken. Veel gemeenten zijn actief op evenementen, maar deze zijn vaak betaald en niet altijd mogelijk binnen ons start-up-budget. Nu benaderen we gemeenten telefonisch, maar met fondsenwerving hopen we ze in de toekomst sneller te kunnen interesseren.”

 *) Dit is een artikel in de serie van de Accenture Innovation Awards dat ik schreef in samenwerking met Nikki Mennen. Meld een Vermoeden doet mee aan de Accenture Innovation Awards van dit jaar. Bekijk hier de AIA-winnaars van 2016.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Marianne Aalders nieuwe PR & Communicatie Manager Madurodam

Posted 07 Aug 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Madurodam ondergaat de komende jaren een transformatie.

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Antwerpse apps krijgen fikse financiële injectie

Posted 02 Aug 2017 — by Emerce
Category nieuws

De app Seesr heeft de ontwikkelwedstrijd Apps from Antwerp gewonnen. Die werd gekozen uit 17 ingediende voorstellen en na bijna zesduizend deelnemers die hun stem uitbrachten. De stad Antwerpen zal de ontwikkelaars ondersteunen in het uitwerken van hun app.

Seesr zorgt ervoor dat koppels op een snelle en eenvoudige manier de ideale date kunnen vinden. De ontwikkelaars krijgen een geldsom van 20.000 euro en een extern bedrijf zal hen helpen met hun PR-aanpak.

De app BlueBear – een online marktplaats voor sport- en vrijetijdsactiviteiten – krijgt een geldsom van 15.000 euro en extra ondersteuning op het vlak van communicatie.

10.000 euro is er voor ROOKU. Het sms-platform verbetert de communicatie tussen scholen en ouders.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Meeste Belgische startups in Vlaanderen

Posted 01 Aug 2017 — by Emerce
Category nieuws

Vlaanderen telt meer start-ups dan Wallonië en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Dat blijkt uit de Digitale barometer 2017, waarin voor het eerst de ontwikkeling van start-ups in België in kaart is gebracht.

De Digitale Barometer definieert een startup als een onderneming die minder dan vier jaar geleden is opgericht.

71,2 procent van de 3119 actieve start-ups in België bevindt zich in Vlaanderen, tegenover 19,2 in Wallonië. Hekkensluiter is de regio Brussel met 9,7 procent. Brussel is natuurlijk een kleiner gebied, maar wel de hoofdstad.

Wat opvalt is dat maar weinig startups het lang volhouden. Start-ups in de telecommunicatie weten doorgaans wel te overleven.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Communicatiedirecteur Witte Huis al weer opgestapt

Posted 01 Aug 2017 — by Villamedia
Category nieuws

Slechts tien dagen na zijn aantreden mag communicatiedirecteur van het Witte Huis, Anthony Scaramucci, het veld weer ruimen. Hij zou moeten opstappen op verzoek van de nieuwe stafchef van de president, generaal John Kelly, melden Amerikaanse media.

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Hoe een headless CMS toch slim kan zijn

Posted 27 Jul 2017 — by Emerce
Category nieuws

Er wordt de laatste tijd veel geschreven en gesproken over headless content management. Het vertrekpunt van de discussie is daarbij doorgaans dat er twee categorieën CMS-systemen zijn: volledige headless systemen, waarbij voor iedere nieuwe touchpoint ook een nieuwe presentatielaag ontwikkeld moet worden, en pagina-gebaseerde systemen die een onlosmakelijk geheel vormen met de desktop website. De werkelijkheid is veel genuanceerder en biedt een heel scala aan opties die tussen deze twee uitersten in liggen.

Daarbij kun je denken aan een experience as a service-oplossing, waarbij het CMS gedeeltelijke pagina-rendering verzorgt, of een hybride CMS-oplossing die – net als een headless CMS – content kan uitleveren naar ieder gewenst kanaal maar ook een presentatielaag heeft. Hierdoor kunnen alle verschillende kanalen met elkaar verbonden worden en creëer je geen content silo’s.

Een headless CMS creëert data-eilandjes

Om het aanschouwelijk te maken, zou je een digital experience kunnen vergelijken met een eiland. De interactie met de websitebezoeker vindt daarbij aan de oppervlakte plaats, terwijl content en data door middel van ondergrondse pijpleidingen heen en weer worden getransporteerd. In een volledig headless scenario creëer je met ieder nieuw kanaal (microsite, mobile site, in store display, intranet, etc.) dat je toevoegt een nieuw, losstaand data-eilandje. Met als gevolg dat je een nieuwe brug moet bouwen en nieuwe ondergrondse pijpleidingen aan moet leggen. De verschillende data-eilandjes die je op deze manier creëert, communiceren slecht met elkaar omdat ze allemaal individueel up-to-date gehouden moeten worden.

Een hybride CMS zorgt voor een connected experience

Wanneer je als bedrijf voorop wilt blijven lopen met innovaties en je snel wil kunnen aanpassen aan veranderingen in de markt, is het van groot belang dat je snel kunt schakelen en kunt experimenteren met nieuwe touchpoints. Om daarbij een consistente customer journey te waarborgen, is het essentieel dat die verschillende touchpoints content, assets en data met elkaar kunnen uitwisselen. Een hybride CMS voorziet in die behoefte. In plaats van met veel moeite voor ieder nieuw marketinginitiatief nieuwe bruggen te bouwen, breid je gewoon je oorspronkelijke eiland uit, waardoor je heel gemakkelijk nieuwe touchpoints kunt ondersteunen. Tegelijkertijd kunnen die touchpoints content en data direct met je hele digitale landschap delen.

Silo’s staan haaks op personalisatie

De grootste valkuil en het grootste risico van een headless CMS is dan ook het feit dat in silo’s georganiseerde systemen per definitie niet of slecht onderling communiceren. Dat geldt niet alleen voor verschillende touchpoints, maar ook voor teams, assets en integraties met andere systemen. Op presentatieniveau zorgt dit gebrek aan uniformiteit voor een gefragmenteerde klantreis, waarbij iedere touchpoint een andere look & feel heeft, ze niet dezelfde informatie weergeven of een andere boodschap uitdragen. Een dergelijke gebroken klantreis is in de huidige tijd niet meer acceptabel. Voor de klant maakt het immers niet uit welk kanaal hij gebruikt – hij wil overal dezelfde perfecte ervaring.

Onder de oppervlakte, daar waar alle data en content zich bevinden, zorgen headless silo’s voor een nog veel groter probleem: ze hinderen personalisatie. Om cross-channel te kunnen personaliseren is voortdurende communicatie nodig tussen alle touchpoints en externe applicaties, zoals CRM-systemen en transactionele platformen. In een volledig headless scenario komt personalisatie dan ook vaak met horten en stoten tot stilstand.

Echte flexibiliteit is flexibiliteit voor iedereen

De reden waarom er momenteel zoveel over headless CMS wordt gesproken is de vermeende agility bij het creëren van nieuwe touchpoints. De realiteit is dat bedrijven vaak een groot aantal van elkaar losstaande touchpoints creëren, die in de praktijk lastig te onderhouden blijken. Dit legt een enorme druk op de ontwikkelaars, die voortdurend de functionaliteiten en templates van iedere integratie in het oog moeten houden. Maar ook op de marketeers, die voor iedere afzonderlijke touchpoint nieuwe content moeten creëren. Bovendien is het publiceren van nieuwe content zonder een presentatielaag en de bijbehorende preview-optie vaak een schot in het donker – met alle risico’s van dien.

Door content onafhankelijk van de presentatielaag op te slaan kun je naar hartelust experimenteren met nieuwe kanalen. Wanneer iedere kleine aanpassing aan die kanalen echter gepaard gaat met meerdere overlegrondes tussen marketing en IT, verlies je al snel de flexibiliteit waarvoor je nu juist een headless oplossing had gekozen. Precies om die reden zijn hybride CMS-systemen zo ideaal: niet alleen houden ze content en presentatie gescheiden, ze beschikken eveneens over een ingebouwde cross-channel presentatielaag. Content kan op die manier formaat-neutraal gebruikt worden – iets waar ontwikkelaars blij van worden – en marketeers kunnen hun content op een eenduidige manier via alle kanalen verspreiden.

Alleen een softwarebedrijf bouwt zijn eigen software

Veel bedrijven kiezen voor een headless scenario in de blijde veronderstelling dat ze op die manier een presentatielaag kunnen bouwen die voor ieder afzonderlijk kanaal exact de gewenste templates bevat. Maar al te vaak komen ze vervolgens tot de conclusie dat wanneer je zelf de daarvoor benodigde software bouwt, je die ook zelf moet onderhouden. Dit betekent dat iedere bug fix, iedere aanpassing aan de wensen van de klant of de marketingafdeling, iedere API voor een nieuwe touchpoint en al het standaard onderhoud op het bord van je ontwikkelteam terechtkomt. Daardoor transformeren je ontwikkelaars al snel van aanjagers van innovatie naar onderhoudsmedewerkers van je presentatielaag.

Naast het voortdurende onderhoud dat in eigen huis moet plaatsvinden, betekent het bouwen van je eigen systemen ook dat ontwikkelaars rekening moeten houden met alle wensen vanuit de marketingafdeling. Het creëren en onderhouden van templates wordt daardoor automatisch ook een taak van het ontwikkelteam, aangezien voor iedere kleine aanpassing die de marketingafdeling wil maken, zoals het aanpassen van een kleur of font, de tussenkomst van een ontwikkelaar vereist is. Voor bedrijven die wereldwijd actief zijn, zal er een volledig nieuwe functionaliteit moeten worden ontwikkeld om gemakkelijk content te kunnen vertalen. Bovendien zullen bedrijven met meerdere auteurs en redacteurs een uitgekiende workflow met de geëigende gebruikersrechten moeten ontwikkelen.

Zonder hoofd maar niet zonder verstand

Het wekt geen verbazing dat een headless oplossing voor bedrijven die gewend zijn aan een star, pagina-gebaseerd CMS-systeem in eerste instantie een geschenk uit de hemel lijkt. In werkelijkheid leidt een dergelijk scenario tot het bouwen van vele verschillende bruggen naar geïsoleerde eilandjes die tijd-intensief onderhoud verlangen en uiteindelijk vertraging van de bedrijfsprocessen veroorzaken. De reden daarvoor is simpel: een headless configuratie staat gelijk aan het met duct tape repareren van een probleem dat je CMS allang had moeten oplossen.

In een wereld waarin het aantal touchpoints en marketing-technologieën voortdurend toeneemt zou de mogelijkheid om content, assets en data door alle kanalen heen te delen tot de kernfunctionaliteiten van ieder CMS moeten behoren. Om je klant op alle apparaten een consistente, interactieve en persoonlijke ervaring te bieden, heb je een oplossing nodig die de content-flexibiliteit van een headless architectuur combineert met kanaal-overstijgende connectiviteit. Alleen op die manier kun je data-intelligence in het hart (en hoofd) van je digitale merkbeleving plaatsen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Cees Wijnnobel directeur VEA

Posted 26 Jul 2017 — by Emerce
Category nieuws

Cees Wijnnobel wordt per 1 november 2017 opgevolgd door Talmon Kochheim als directeur van de Vereniging voor Communicatie adviesbureaus VEA.

Kochhein heeft een rijke bureauervaring bij onder andere PPGH/JWT, Lowe Kuiper & Schouten en Ogilvy & Mather opgedaan. In de afgelopen periode was hij Algemeen Directeur van Leukwerkt Worldwide.

Namens de VEA was Talmon reeds enige jaren lid van het Dagelijks Bestuur van de Stichting Reclame Code.

Talmon is nu reeds betrokken en actief voor de VEA en zal per 1 november het directeurschap formeel overnemen.

Op de foto: Kochheim links, Wijnnobel rechts



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Anti-phishing training kinderen werkt kort’

Posted 25 Jul 2017 — by Emerce
Category nieuws

Kinderen die een training krijgen in cyberveiligheid en het herkennen van phishing, zijn beter in staat onderscheid te maken tussen valse en echte emails en websites. Maar die kennis zakt wel snel weg, zo blijkt uit onderzoek van de Universiteit Twente.

Kinderen komen tegenwoordig al vroeg in aanraking met het internet, ook op hun smartphones en tablets, daarom is onderzocht of ze ook snel valkuilen herkennen. Voor kinderen in de leeftijdsgroep 8-13 jaar hebben de onderzoekers daarom een test en een training ontworpen rondom ‘phishing’: emails en webpages die er echt uitzien, maar bijvoorbeeld vragen om privégegevens.

Uit de test van Universiteit Twente blijkt dat de kinderen zelf middelmatig scoren in het herkennen van phishing, ongeveer zes van de tien halen ze eruit. Na een training stijgt dit met 14 procent. De leerlingen leren dan bijvoorbeeld kritisch kijken naar het email- of webadres en naar de manier waarop het is verwoord. Daarnaast leerden de scholieren bijvoorbeeld letten op overdreven urgentie en op gebrekkige taal.

Hoewel de scholieren direct na de training beter scoren blijken ze bij een herhaalde test na vier weken niet veel beter te scoren dan vóór de training, in het herkennen van phishing mails. Er is dus wel ‘awareness’ gekweekt, maar dit vergt onderhoud.

Met aandacht voor de schaduwkant van online-zijn kun je niet vroeg genoeg beginnen, zeggen de onderzoekers. Phishing wordt vooral als een probleem voor volwassenen gezien in hun zakelijke communicatie. Maar hoewel kinderen misschien minder gebruik maken van email en meer van sociale media, duiken slimme technieken ook daar op. Initiatieven zoals ‘Safe and Secure Online’ verdienen verdere uitbreiding, vinden de onderzoekers.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Marketeer Kim Kleine Staarman naar bureau Jump! Communicatie

Posted 24 Jul 2017 — by Adformatie
Category nieuws

Ze werkte de afgelopen jaren als retailmarketeer.

Lees het volledige bericht op Adformatie »