Posts Tagged ‘communicatie’

Mag je nog wel persoonsgegevens verwerken volgens de AVG?

Posted 19 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

De gedachte leeft dat onder de AVG ongeveer niks meer mag. Maar als je de wet nauwkeurig leest, valt het op dat de AVG ongeveer hetzelfde regelt als de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Er is praktisch niets veranderd. Dus als je je al aan de wet hield, is dat na 25 mei nog steeds het geval. Toch?

De twee belangrijkste veranderingen zijn dat de boetes zijn verhoogd en dat verduidelijkt wordt op welke drie onafhankelijke regels je wordt geacht te kunnen aantonen dat je compliant bent. En met name die drie regels zorgen voor veel onduidelijkheid. Ze worden door elkaar gehaald, er worden onderlinge verbanden verondersteld die er niet zijn, ze worden anders geïnterpreteerd dan de wet zegt. Wat je wordt geacht aan te tonen om aan de wet te voldoen:

Regel 1 Grondslag: heb ik het recht om persoonsgegevens verwerken voor marketingdoeleinden?

Ja, dat recht heb je. Zolang je er maar een goede reden voor hebt die door de wet wordt erkend. In de wet worden dit grondslagen genoemd. Er zijn er zes (onder andere noodzakelijk voor de uitvoering van een contractuele verplichting, vitaal belang, publiekrechtelijke taak, enzovoort). Je zal meestal een beroep doen op ofwel permissie/toestemming, ofwel gerechtvaardigd belang. Merk op dat direct marketing expliciet wordt genoemd in de wet als domein waarop gerechtvaardigd belang als grondslag van toepassing is.

Permissie is dus lang niet altijd verplicht en dus ook niet altijd nodig. Permissie is wel verplicht op persoonsgegevens die via elektronische weg zijn verzameld (bijvoorbeeld cookie informatie en e-mailadressen) en dus onder de telecommunicatiewet van 2016 vallen. Maar dat is al meer dan twee jaar zo, dus daar is niks veranderd onder de AVG. Informatie zoals CRM-data, transactiehistorie, informatie ten behoeve van klantprofielen van derden kan ook worden ingezet onder de grondslag gerechtvaardigd belang.

Regel 2 Doelbinding: Voor welk doel mag ik persoonsgegevens verwerken?

Je mag persoonsgegevens verwerken voor het doel waarvoor je die gegevens verzameld hebt (doelbinding). De truc is dat je moet aantonen dat je aan de eisen van doelbinding voldoet. Dat betekent dat je in een document moet vastleggen voor welke doelen je de gegevens verwerkt. Het privacybeleid is een prima plaats daarvoor. Vervolgens moet je er ook voor zorgen dat de individuen van wie je persoonsgegevens verwerkt, hiervan op de hoogte kunnen zijn door transparante communicatie. En je moet je houden aan de doelen die je hebt vastgelegd in je privacydocument. Als je dan vragen krijgt, kun je enerzijds aantonen dat je je aan het beginsel van doelbinding houdt en anderzijds dat het individu dit had kunnen weten.

Doelbinding staat los van grondslag. Je moet aan de eisen van doelbinding voldoen ongeacht van welke grondslag je je bedient. Je moet ook transparant zijn in jouw communicatie en consumenten het recht bieden van inzage, verwijdering, vergetelheid, portabiliteit, ongeacht de grondslag die je gebruikt. Andersom is er ook geen eis over welke grondslag je moet gebruiken, gekoppeld aan enig doel. Dus het zijn allebei harde eisen maar ze hebben in beginsel geen relatie onderling.

Regel 3 Verwerking: Op welke manier mag ik persoonsgegevens verwerken?

Je mag persoonsgegevens verwerken op verschillende manieren. Je kunt persoonsgegevens in een kaartenbak in je kluis bewaren, ze op individuele basis laten oproepen door je callcentermedewerkers ter ondersteuning van telefoongesprekken, je kunt er statistische analyses mee maken of selecties. Je kunt ze ook gebruiken voor profiling. zoals het segmenteren van doelgroepen en het maken van (klant)profielen en persona’s. Al deze toepassingen zijn mogelijk en toegestaan. Wel is bij profiling een extra regel van toepassing. Immers, omdat profiling gebruik maakt van voorspellingstechnieken en veronderstelde correlaties, is het niet toegestaan om geautomatiseerd beslissingen te nemen over individuen die rechtsgevolgen hebben voor het individu. Maar keuzes over welke marketingboodschap je aan wie communiceert mogen zeker op basis van profiling worden gemaakt.

Ook hier geldt weer dat er geen relatie is tussen de eisen rond verwerking en de andere twee regels (grondslagen en/of doelbinding). Als je besluit profiling in te zetten, moet je je houden aan de profiling regels. Er is geen verband met of je de grondslag permissie gebruikt of de grondslag gerechtvaardigd belang. En de regels rond doelbinding veranderen ook niet op basis van welke verwerkingsmethode je hanteert.

Het is voor marketeers toegestaan persoonsgegevens te verwerken voor hun marketingpraktijk. Zolang je maar een in de wet vastgelegde reden of grondslag hebt. Voor data die onder de telecommunicatiewet valt is permissie verplicht, het gebruik van andere persoonsgegevens is prima te rechtvaardigen onder de grondslag “gerechtvaardigd belang”. En zolang je je aantoonbaar aan de regels van doelbinding en transparantie houdt is de AVG niet veel anders dan de WBP. Wel een aanzienlijk grotere administratieve taak maar niet een beperking van de marketingmogelijkheden.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Conversieoptimalisatie: de Bayesian vs Frequentist-methode

Posted 19 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

Momenteel zijn er twee stromingen in de statistiek die je impact testen: Frequentist en Bayesian​. Wat zijn de eigenschappen van deze twee stromingen binnen de teststatistiek? Bayesian líjkt beter geschikt voor conversieoptimalisatie vanwege de heldere communicatie, het gebruiksgemak en de flexibiliteit van deze methode. 

Het is een stuk simpeler en transparanter om via de Bayesian-methode een kans op succes te communiceren dan om de statistische aannames te delen die Frequentistische statistiek vereist (P-waardes, Confidence Intervals, nulhypothese en dergelijke). In de online marketing en conversieoptimalisatie heeft niet iedereen evenveel kaas gegeten van het onderwerp statistiek. Juist daarom is de mogelijkheid om gemakkelijk resultaten te delen erg belangrijk.

Vaak zijn de mensen waarmee je schakelt geïnteresseerd in hoe de adviezen tot stand komen en waar ze op zijn gebaseerd. Hierin heeft Bayesian zeker een voordeel ten opzichte van Frequentist. Direct hieraan gerelateerd is natuurlijk het gebruiksgemak van de statistische methode. Welke van de twee methoden is gemakkelijker te gebruiken?

Bayesian is gemakkelijker in gebruik

Er komen steeds meer tools online waarmee je gemakkelijk Bayesiaans kunt testen. Deze tools en de versimpelde vorm van interpretatie en communicatie van testresultaten maakt het steeds makkelijker om met Bayesiaanse statistiek bezig te zijn, zonder hier diepgaande kennis van te hebben. De meeste tools geven je namelijk een kans dat variant B beter zal presteren dan A, wanneer je enkel de bezoekers- en transactie-aantallen ingeeft.

Wat hier achter de schermen gebeurt is dus niet ‘nodig’ om uitspraken te kunnen doen over je data. Dit is uiteraard een enorm voordeel, aangezien het testen hierdoor erg laagdrempelig is. Het zorgt echter ook voor een grote valkuil wanneer mensen ook tests opzetten en uitspraken gaan doen over data die niet goed past bij Bayesian statistiek. Het foutief inzetten van A/B-testing en de statistiek leidt tot verkeerde business decisions en heeft daarmee zelfs impact op de omzet! Het is daarom sterk aan te raden om de juiste kennis in te schakelen van een conversiespecialist die hier uitgebreide ervaring mee heeft.

Kortom, Bayesian is gemakkelijker in gebruik en implementatie, maar laat vanwege de flexibiliteit wel ruimte over voor human errors. Deze kans op human errors kan dan wel weer gemakkelijk ondervangen worden door het inzetten van de juiste experts op dit gebied. Dit kenmerk waarin Bayesian flexibeler is dan Frequentist zien we ook in de test strengheid terug.

Frequentist test strenger, maar Bayesian is flexibeler

Frequentistische statistiek is erg streng in zijn eisen. Er zijn twee onfeilbare hypotheses, de nulhypothese die stelt dat er geen verschil is, en de experimentele hypothese die stelt dat er wel verschil is. Ook dien je voordat je begint met data verzamelen al verschillende zaken te hebben uitgezocht. Zo moet je op voorhand de power (gebaseerd op verwachte impact van uw testvariant) berekenen en je benodigde hoeveelheid datapunten (users, respondenten, etc.). De getallen die hieruit komen zijn absoluut en moeten hoe dan ook nageleefd worden, anders is je
test niets meer waard.

Dit berekenen zorgt voor meer rigiditeit en is een lang proces voordat je überhaupt begint met data verzamelen, maar zorgt ook voor een streng eindoordeel. Mocht je dus het geduld hebben en de moeite er in willen steken om aan het einde van de rit (wat soms maanden kan duren) een significant resultaat te vinden, dan kun je er ook relatief zeker van zijn dat je de juiste beslissing aan het maken bent. Deze trage opzet van Frequentistische tests is vaak een erg lastig punt in de dynamische en snel veranderende online marketing wereld. Bayesian is flexibeler in zoverre dat er geen aannames van tevoren gesteld hoeven te worden.

Dit is een voordeel aangezien organisaties en de online omgeving natuurlijk behoefte hebben aan flexibiliteit. Echter is het ook een mogelijk nadeel wanneer er niet juist wordt omgegaan met deze flexibiliteit. Het is namelijk zo dat Bayesiaanse statistiek met evenveel ‘zekerheid’ kan spreken dat B beter zal zijn dan A na 10 observaties (conversies) als na 100 observaties. Het is hierbij dus erg belangrijk om de kwaliteit van je experimenten te bewaken en alsnog een soort benchmark te zetten voor hoeveel observaties nodig zijn om nuttige uitspraken over te kunnen doen.

We hanteren een minimale looptijd van twee businesscycles en een minimum aantal bezoekers en conversies, dit baseren wij op het gemiddelde online verkeer op de pagina. Een test op een website met weinig verkeer zal immers langer moeten lopen om nuttige uitspraken te kunnen doen over je data.

Conclusie: Bayesian is de beste keus, maar kwaliteitsbewaking is nodig

De ervaring leert dat Bayesian voor A/B-testing bij de meeste organisaties het prettigst werkt. Dit komt voornamelijk door de simpele manier om je resultaten te bespreken. Ook is de flexibiliteit die Bayesian statistiek toelaat een groot voordeel, waar Frequentist vaak te strikt is in haar eisen. De flexibiliteit van de Bayesian methode is een enorm voordeel, maar wel alleen wanneer de kwaliteit van de A/B-testing en statistiek wordt bewaakt door iemand met de juiste kennis van zowel A/B-testing als statistiek. Ons advies is dan ook om een goede kwaliteitsbewaker te betrekken bij je A/B-testing en zo samen tot de beste resultaten te komen voor je organisatie. Beide statistische methoden hebben immers kennis nodig om tot hun volle potentie gebruikt te worden.

Daarnaast is het grootste verschil dat je bij Bayesian zelf de kwaliteit moet waarborgen, wat wel meer flexibiliteit biedt, maar ook voor human errors kan zorgen. Het is op vrijwel alle fronten de statistische methode die de meeste werkbaarheid biedt door de flexibiliteit en de omgang met data. Het is echter niet zo dat de ene methode per definitie ‘beter’ is dan de ander. Het advies dat volgt uit een experiment met goede Bayesian statistische analyse en interpretatie zal vrijwel altijd hetzelfde advies geven als een experiment met goede Frequentistische statistiek analyse en interpretatie. Bayesian is in de context van de werkvloer en de dynamische online omgeving vaak sneller, werkbaarder en gemakkelijker, maar niet betrouwbaarder, beter of superieur ten opzichte van Frequentistische statistiek in een absolute zin.

Voor beide soorten statistiek is het sterk aan te raden om een specialist te hebben die de kwaliteit van je experimenten waarborgt door de juiste kennis over experimenteren en de bijbehorende statistiek. Enkel met de juiste kennis kun je de correcte data-driven business decisions maken, om grensverleggende resultaten te realiseren.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Meldplicht voor overnames in Nederlandse telecomsector

Posted 19 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

Partijen die Nederlandse telecomvoorzieningen willen overnemen, moeten dit vooraf melden aan het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Dit staat in het Wetsvoorstel Ongewenste zeggenschap telecommunicatie dat staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat) vandaag heeft gestuurd naar de Raad van State.

Het gaat om het verkrijgen van invloed op bedrijven van vitaal belang zoals aanbieders van telefonie, internet of datacenters. Als internet, dataverkeer en telefonie niet goed werken, raakt het openbare leven ontwricht. Consumenten en ondernemers leiden bovendien economische schade. Het kabinet wil verhinderen dat ‘onbetrouwbare, niet-transparante of criminele bedrijven aan onze nationale veiligheid komen’.

De telecomsector omvat in het wetsvoorstel niet alleen aanbieders van mobiele-, vaste telefonie en internet. Ook bedrijven die vitale voorzieningen aanbieden zoals internetknooppunten, datacentra, hosting- en certificeringdiensten vallen hier onder, omdat ze van belang zijn voor continuïteit, betrouwbaarheid en veiligheid van de dienstverlening en de infrastructuur in Nederland.



Lees het volledige bericht op Emerce »

CM.com koopt ticketingspecialist EventsIT

Posted 18 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

Communicatie- en betaalplatform CM.com neemt EventsIT, specialist in ICT en ticketing voor sportevenementen, uit Rotterdam over.

De bedrijven maakten de overname gisteren bekend. Financiële details van de transactie meldden ze niet.

Het kantoor van EventsIT blijft nog een jaar bestaan. Achter de schermen zal het portfolio al worden geïntegreerd met dat van de nieuwe eigenaar uit Breda. Dat bestaat naast ticketing ook uit de IT-zaken die daarbij horen in de sportbusiness. De Rotterdammers werkten afgelopen jaar onder meer aan het NK Tennis en de Davis Cup en de KLM Open.

Gilbert Gooijers, managing director van CM.com: “Met de overname van EventsIT halen we specialistische ervaring, kennis en techniek in huis die een logische aanvulling vormen op ons productaanbod voor de sportsector, één van de markten waar wij ons specifiek op richten. De overname is een manier om het portfolio compleet te maken. We zien recent een groeiende vraag vanuit professionele sportorganisaties naar de combinatie van toegang-, betaal- en dataoplossingen. EventsIT past, vanwege de specialisatie in sportticketing, perfect in de plannen van CM.com als totaalleverancier voor de sportsector.”

Foto: Shawn Perez (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Omnichannel vraagt om andere aanpak van supply chain

Posted 17 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

Dankzij de omnichannel-aanpak zou het retourproces van een retailer soepel moeten verlopen. Toch verloopt de supply chain niet altijd even soepel. Het is goed om te realiseren dat omnichannel-fulfillment meer tijd en geld kost dan traditionele fulfillment.

Onlangs probeerde mijn vrouw bij een warenhuis een jurk terug te brengen. Wat een eenvoudig retourproces had moeten zijn, liep uit op een vossenjacht door het warenhuis, simpelweg omdat ze de jurk via de website had gekocht. En terwijl ze van het kastje naar de muur werd gestuurd, wist geen enkele medewerker hoe de retour moest worden verwerkt.

Gezien de omnichannelaanpak waar steeds meer winkels op overstappen, zou dit niet meer moeten gebeuren. Met name omdat retailers door dit soort verwarring het risico lopen dat klanten voortaan ergens anders gaan shoppen. De retailwereld verandert; tijd voor het supply chainmodel om mee te veranderen.

Een veranderend landschap

Online shoppen valt veel traditionele retailers nog altijd rauw op hun dak. De traditionele supply chainsoftware is vaak ongeschikt voor de omnichannel-aanpak, omdat de software is ontworpen voor het ‘pick, pack and ship’-model van het distributiecentrum naar de winkel. Bij dit model wordt ervan uitgegaan dat artikelen die van het distributiecentrum naar de winkel worden gestuurd, ook daadwerkelijk worden verkocht aan consumenten die naar de winkel komen.

Dat is niet meer de realiteit. Moderne, online shoppende consumenten verwachten veel meer van de retailer: dat hij precies weet welke producten ze interessant vinden, wat hun eerdere aankopen zijn geweest, waar ze zich op dat moment bevinden en dat er verschillende snelle ophaalopties beschikbaar zijn. Vandaar dat fysieke winkels – in navolging van onlinewarenhuizen als Zalando – steeds vaker fungeren als magazijn. Ze laten klanten bijvoorbeeld onlinebestellingen plaatsen, die ze een paar uur later al in de winkel kunnen ophalen.

Een nieuw model?

De moderne factoren waarmee een retailer zich kan onderscheiden, zijn reactietijd, flexibiliteit in vraag en aanbod, en klantgemak. Maar hoe?

Het is goed om te realiseren dat omnichannel-fulfillment meer tijd en geld kost dan traditionele fulfillment. Om tegemoet te komen aan de vraag van de consument, is het belangrijk dat traditionele supply chainmodellen plaatsmaken voor een geïntegreerd en flexibel netwerk. Daarnaast moet de volledige organisatie accepteren dat de veranderende marktdynamiek vraagt om een nieuwe aanpak. En dat deze nieuwe aanpak vaak gepaard gaat met het beheersen van de risico’s die zijn verbonden aan de verandering van bestaande processen, zoals onvoldoende kennis over nieuwe retourprocessen.

Eén voorraadsysteem

Verandering begint bij volledig inzicht in de supply chain. Daarvoor heb je realtime inzicht in vraag vanuit de winkel, fabrieken en vervoer nodig. Dat creëer je met beheeroplossingen die assortiments- en voorraadmodellen verbinden met één oplossing.

Ook de communicatie tussen de supply chain-organisatie en andere retailafdelingen moet worden uitgebreid. De medewerkers en het management moeten samenwerken voor de bewerkstelliging van fulfillment-mogelijkheden in de winkel. Denk aan eenvoudig retourneren, ook als je het product online hebt besteld. Daarnaast is het van belang dat supply chain-medewerkers hun ‘pick, pack and ship’-kennis delen met het winkelpersoneel dat nog onbekend is met deze essentiële functies. Daardoor kan het winkelpersoneel bijvoorbeeld eenvoudiger retourneren, de klant beter informeren en de voorraad goed beheren. Ook moet er meer interactie plaatsvinden tussen back-end en front-end supply chainmanagement, waarbij meer informatie wordt gedeeld. De uitwisseling van expertise is essentieel en de traditionele rollen moeten worden overgenomen door degenen met de juiste kerncompetenties.

Om dit alles mogelijk te maken, is één voorraadsysteem nodig, dat de vraag vanuit meerdere hoeken bijhoudt. Een dergelijk overkoepelend voorraadsysteem moet worden ondersteund door fulfillment-flexibiliteit, multi-echelon, dynamisch voorraadbeheer – oftewel het integraal plannen van voorraden op verschillende locaties – en optimalisatie. Factoren die hierin een rol spelen, zijn bijvoorbeeld opslagkosten of levertijd. Zo kan het in bepaalde gevallen gunstiger zijn om een product op een specifieke locatie op te slaan, omdat dit de goedkoopste optie is. Of omdat het vanaf die locatie het snelst geleverd kan worden. Daarnaast vraagt dit systeem om een flexibel fulfillment-proces dat de voorraad binnen het netwerk op dynamische wijze kan bijhouden en toewijzen om zo efficiënt en kosteneffectief mogelijk tegemoet te komen aan de omnichannelvraag.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Mariëlle Bevers is de nieuwe directeur Communicatie ministerie OCW

Posted 16 apr 2018 — by Adformatie
Category nieuws

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Nieuwe vormen cashbacks: verkiest trouwe klant direct geld boven sparen?

Posted 16 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

Slim marketingmiddel of een race naar de bodem? Cashback-acties komen steeds vaker voorbij. Populaire e-commercebedrijven maken ze structureel onderdeel van hun eigen spaarprogramma’s. Maar werkt het ook op lange termijn? Zorgt het deels terugbetalen van het aankoopbedrag voor loyaliteit?

Wie deelneemt aan Amazons loyaliteitsprogramma Prime kan al jaren rekenen op gratis en snellere thuisbezorging van de producten. Maar behalve de toegang tot allerlei extra (online) diensten is daar inmiddels ook de garantie van een cashback aan toegevoegd. Een speciale op de markt gebrachte creditcard geeft klanten automatisch vijf procent van het aankoopbedrag terug. Dat geldt niet alleen online, ook de aankopen bij de door Amazon overgenomen supermarkt Whole Foods zijn nu geld waard, zo werd kortgeleden aangekondigd.

‘Millennial wil direct voordeel’

Amazon staat niet alleen in de keuze om klanten op die manier te belonen voor hun aankoop of loyaliteit. E-commerceplatform Spring bewandelt sinds enige tijd dezelfde weg. Deze modeportal en -app verkoopt, zonder zelf voorraad te hebben, kledingstukken van zo’n tweeduizend merken. De deelnemers van het loyaliteitsprogramma krijgen nu op al die producten standaard een cashback van vier procent. Klanten krijgen het bedrag na zestig dagen – om misbruik te voorkomen – automatisch gestort op hun bankrekening. Spring heeft met een aantal merken deals gesloten om klanten een dubbele korting te kunnen geven.

Volgens Glossy, een uitgave over e-commerce in fashion, zet het bedrijf als eerste ‘multi brand’ modeplatform die stap. Opvallend aan de keuze is dat Spring al vrij trouwe klanten heeft, zegt een van de betrokkenen. Zestig procent van de bezoekers en appgebruikers valt in de categorie terugkerend verkeer. Veertig procent van alle klanten doet bovendien binnen drie maanden een nieuwe bestelling.

Waarom kiest de marketeer van het bedrijf dan toch voor een eigen cashback programma? De meeste andere retailers kiezen liever voor een traditionele opzet van het loyaliteitsprogramma: punten sparen over iedere gespendeerde dollar of euro. In gesprek met de doelgroep stelde het bedrijf vast dat die vrouwelijke millennials wel behoefte hebben aan iets extra’s voor trouwe klanten, maar dit vooral direct voordeel moet opleveren. Op een zoveelste spaarprogramma met punten die pas na twintig orders iets waard worden zit niemand te wachten.

‘Quick win’

De vraag is natuurlijk of de belofte van achteraf-korting ook voor trouwere klanten zorgt. Of dat klanten slechts hebberiger worden en de producten bovendien niet meer op waarde kunnen schatten. In een eerder gesprek met Wilco de Bie van Magneds stelde hij al dat cashback-acties mensen inderdaad in beweging krijgen. De keerzijde ervan is dat ze de korting als normaal gaan beschouwen en op de langere termijn meer vragen voor diezelfde actie. Dat is niet altijd gemakkelijk. Voor de retailer het weet onderscheidt hij zich alleen nog maar op de prijs.

Een cashback levert inderdaad in veel mindere mate een ‘loyaliteitsgevoel’ op dan bijvoorbeeld een spaarprogramma. Dat zegt Thomas Daling van DDC Europe, een bedrijf dat marketingactiviteiten en geld-terug-acties organiseert. Aan een loyaliteits- of spaarprogramma kleeft namelijk een inspanningsverplichting. Een klant moet bijvoorbeeld een account aanmaken en een pas bij zich houden. “De keuze daarvoor is bewuster.” Een cashback-actie kun je wat hem betreft beter zien als quick win.

‘Ook strategisch inzetbaar’

Toch worden acties wat Daling betreft tekort gedaan door te stellen dat ze niet op langere termijn beklijven. Over het algemeen, zo legt hij uit, worden de acties heel strategisch ingezet.

Voor bedrijven die goedkopere producten verkopen, bijvoorbeeld levensmiddelen, is een tijdelijke actie juist een middel om trouwe klanten te werven. “Veel van onze klanten zien na een piek een kleine blijvende stijging van de verkopen. Uiteindelijk werf je er dus ook vaste klanten mee.” In andere gevallen is geld-terug-actie vooral een manier om een hele nieuwe productlijn of variatie in de markt te zetten. Over het algemeen vindt iemand de keuze om iets voor het eerst te proberen dan een stuk gemakkelijker, zegt Daling.

Voor een fabrikant van duurdere producten, bijvoorbeeld washmachines, is er bovendien nog een ander motief om een cashback-actie in te zetten. De actie kan de verkoop van een bepaald model flink stimuleren. Dat is een nuttig instrument als de verkoop ervan tegenvalt of als er in een regio een salesdoelstelling behaald moet worden.

‘Betere integraties in aantocht’

Dat met name millennials wars zijn van punten en liever direct hun voordeel innen, snapt Daling wel en hoort hij bovendien onder de eigen klanten terug. “De consument wordt overspoeld met programma’s om ze loyaal te houden.” Bij zo’n beetje ieder bedrijf waar iemand geregeld komt moet er weer een account of pas worden aangemaakt. Bij verlies ervan moet de klant de moeite nemen om een nieuwe aan te maken. “Zelf ben ik bijvoorbeeld al tien spaarbonnen van de subway kwijtgeraakt waardoor ik nu op een punt ben dat ik het heb laten zitten.”

Daling verwacht daarom dat loyaliteitsprogramma’s op termijn meer met elkaar gaan optrekken. Zodat bijvoorbeeld Air Miles, FreeBees, een broodjeszaak en ook de bonusaanbieding van Albert Heijn met één pas of app werken. Cashback-acties worden bovendien beter geïntegreerd met zulke andere vormen van marketing. De gegevens die klanten achterlaten bij het innen van hun geld zijn immers weer bruikbaar voor latere communicatie. “Op die manier is een eenvoudige prikkel om te zetten in een langdurigere klantrelatie.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Je merk onderscheiden? Branded commerce

Posted 13 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

Als een online merk niet duidelijk kan maken waar het voor staat, is het niet meer dan een shopping basket. Doe het het andere uiterste en vertelt het alleen hoe geweldig het merk is, dan is het een hot air balloon. Als je die twee uitersten laat samenkomen, doe je aan branded commerce. Maar hoe creëer je een brand preference?

Voor (fashion)merken die direct naar de klant gaan is het ideaal om merk en commercie hand in hand te laten gaan. Lastiger is het als je verschillende merken verkoopt; dan heb je de bijkomende vraag wat je rondom e-commerce doet om zelf een differentiator te zijn. Ga je vol op service zitten? Geef je het beste advies? Bied je de meest exclusieve spullen aan? Heb je het breedste portfolio of lever je het snelst?

We leefden tot nu toe in twee gescheiden werelden: die van het CMS en de e-commerce-platformen. Die scheiding vind je niet alleen in de technologie, maar ook in de organisatie van het personeel: marketing- en communicatie-afdeling enerzijds en de IT- en e-commerce-afdelingen anderzijds. De eerste is, uiteraard, marketing georiënteerd, de tweede zit op techniek. Die scheiding tussen de afdelingen bestond eerst – vóór het digitale tijdperk – ook al en de techniek heeft die tweedeling gevolgd. Daarna werd het voor beide partijen steeds ingewikkelder om elkaar te snappen.

Brand preference

Ik sprak onlangs met een grote reisorganisatie die voortdurend bezig is met de optimalisatie van de website en de boekingsflow. Tijdens dat proces ontdekten ze: less is more. Dus geen plaatjes, zo min mogelijk reviews. Maar het probleem van die learning is dat alle reissites, ook hun concurrenten, er hetzelfde uit gaan zien, allemaal op dezelfde manier werken en ook nog eens dezelfde soort reizen aanbieden. Wie ben je als reisorganisatie dan nog? Waarom zou iemand jou boven een ander kiezen? Je kunt zelf op de hoogte zijn van alle onderdelen die je goed doet, maar de klant gaat door een funnel, koopt een reis en vergeet vervolgens wie je bent. Je moet er dus voor zorgen dat mensen bij jou willen komen. Klanten moeten er een gevoel bij hebben: een brand preference. Maar hoe creëer je die?

Garantie tot de voordeur

Een voorbeeld van een chaotische, merk-onvriendelijke site is de bouwmarktshop. Toch heb ik door puur toeval een brand preference voor ze ontwikkeld. De expertise, snelle klantenservice en logistiek is ronduit uitmuntend. Het kost desalniettemin meer moeite dan nodig om ze aan te bevelen of terug te gaan. En dat heeft te maken met de belabberde  ervaring die de site me biedt.

Alle (fashion)merken zitten met hetzelfde probleem: ze verkopen wel spullen, maar het merk komt nergens goed tot uiting. Soms word je groots onthaald op een homepage, het voorportaal van een prachtig merk, aangekleed met de mooiste animaties en overtuigende calls-to-action. Op zo’n pagina bevindt zich niet zelden een knop met WEBSHOP. Als je daarop klikt kom je ineens een grid terecht met alleen maar producten. Alle emotie van de homepage is weg. Je zit in een droge toendra van filters en categorieën, hangend onder een zoekbalk. Deze ‘oplossing’ zien we in veel gevallen. De uitdaging in branded commerce is om die twee werelden één te maken. Dat de knoppen WEBSHOP en OVER ONS verdwijnen en dat we in een geïntegreerde wereld komen waarin inspiratie en conversie hand in hand gaan.

About You

Een eerste teken van branded commerce op grote schaal is de fashionwinkel About You, dochter van het Duitse Otto, de tweede grootste webshop van Duitsland. Met een kritische blik kun je zien dat dit nog niet het ultieme voorbeeld van branded commerce is, maar als ik inlog via Facebook staat er ‘About Max’. De shop houdt rekening met mijn voorkeuren. Er staat een bataljon aan influencers op de site die de kleding dragen en er verhalen bij vertellen. Je kunt ‘shop-the-look’ klikken en wordt zo langs relevante producten geleid. Ze hebben de harde kant van de commercie gekoppeld aan een verhaal dat niet ophoudt als je op een knop drukt.

NET-A-PORTER

Een van de voorlopers is NET-A-PORTER, een mash-up van stories, editorials en shop-the-looks, met designers en influencers die de toon zetten voor nieuwe outfits. Het merk zet en volgt daarmee trends in het hoge segment. De site werkt al een tijdje op eenzelfde manier en ook daar zijn ze vast bezig met een volgende iteratie. Toch kun je zeggen dat ze als trendsetter duidelijk snappen waar branded commerce potentie heeft.

Branded commerce als dé oplossing

Branded commerce is het combineren van merkwaarde/identiteit met snoeiharde commerce. Er zijn twee oplossingsrichtingen:

De harde kant van de oplossing vergt een omslag in techniek, een betere integratie van huidige e-commerce en CMS-systemen, of opnieuw beginnen. Het klinkt mooi, het samenbrengen van die werelden. En dat is het ook, maar het kost heel veel geld, want de grote platformen waarop al deze webshops draaien zijn óf een CMS óf een e-commerce-platform. Er zijn CMS’en die e-commerce modules aanbieden – en andersom -, maar ze hebben beide nog een flinke slag naar elkaar te maken. We zullen bijvoorbeeld zien dat het CMS van Salesforce de komende tijd beter geïntegreerd gaat worden met Commerce Cloud en andere leveranciers zullen niet anders in de wedstrijd staan. Begin dan ook vandaag het gesprek met je team, agency en leverancier(s) van je platform en zet het bovenaan in je ontwikkel-roadmap.

De zachte kant van de oplossing gaat over jouw differentiators. Een belangrijk resultaat van je brand differentiator is de brand preference; mensen die over je merk praten, anders verlies je aandacht en moet je die voortdurend generen. Dat is zo kostbaar dat je op een gegeven moment geen marge meer kunt maken. Je moet je dus in het bewustzijn van mensen nestelen. Je kunt het niet alleen roepen met een pakkende slogan of amusante virals, maar zodra een klant binnenkomt op het platform waar je als merk wilt converteren moet dat gevoel doorzetten. Je kunt direct beginnen met een persoonlijke campagne, betere service, goede voorwaarden. Denk bij een persoonlijke campagne  aan influencers, socials, re-targeting. Maak je service slimmer, zie het als een prioriteit om snel te antwoorden en zorg voor goede productinformatie. Maak het in je voorwaarden bijvoorbeeld mogelijk om spullen makkelijk te retourneren en maak elk contactmoment waardevol. En zoek deze oplossingen in die dingen die jouw merk onderscheidend maken.

Anders gezegd: ga samenwerken

Dit alles kost tijd, veel tijd. Elk groot A-merk heeft het verenigen van die werelden nu hoog op de agenda staan. Het is het speerpunt om e-commerce met brand te verenigen. Dat is een vereiste, niet omdat bedrijven of bureaus dat zo graag willen, maar omdat de klant het vraagt. Als bedrijven willen accelereren, moeten ze transformeren. Losse afdelingen moeten gaan samenwerken. Vergeet daarbij niet je agencies en leveranciers op elkaar aan te sluiten.

Als er een belangrijke takeaway is van branded commerce, dan is het dit: houd geen losse meetings meer die over merk, marketing, techniek, data, klantcontacten, conversie, logistiek en verschillende leveranciers/agencies gaan. Voeg al die aspecten samen tot een branded commerce team, met regelmatige integrale meetups. Dat kost niets, levert direct positief resultaat op en je kunt er vandaag nog mee beginnen.

Ter volledigheid: Genoemde voorbeelden in dit blog zijn geen relaties.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Thijs Jaski (ING): ‘Meer langere content voor social’

Posted 12 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

Met het volstromen van de tijdlijnen, zullen bedrijven kiezen voor langere content op social media. Die verwachting sprak Thijs Jaski, Head of Social bij ING, uit op The Social Conference.

Nog meer dan nu al het geval is, zullen bedrijven moeite moeten doen om de aandacht van de consument te vangen. Het merk dat langst de aandacht weet te vangen wint, zegt Jaski. Het jurylid van The Best Social Awards verwacht, opvallend genoeg, dat langere content daarvoor belangrijk wordt.

“Je ziet dat bol.com langzaamaan teruggaat naar het oude model van de inhaker. Dat vind ik opvallend want zeker voor de consument die met met digitaal is opgegroeid, gaat het om meer dan alleen een grappig of leuk merk. Het gaat ook over de kernwaarden van een bedrijf. Wat is het verhaal dat je als bedrijf probeert te vertellen? Daarom vind ik een merk als Tony’s Chocolonely zo goed. Ze weten het merk goed te presenteren, maar nemen ook heel duidelijk de kenwaarden van het bedrijf mee in de communicatie.”

Zijn verwachting is daarom dat bedrijven, door middel van langere content, gaan laten zien waarvoor ze staan. Wat doen ze voor de maatschappij? En wat hebben ze meer te bieden dan alleen producten of diensten?

Binnen ING’s aanpak is daarom een belangrijke rol weggelegd voor ‘employee advocacy’. Met het interne programma ‘Conversation Company’ reist het bedrijf langs alle nationale en internationale kantoren om medewerkers bewust te maken van de rol en kracht die ze hebben om het merk breder zichtbaar te maken. Met tools worden ze gefaciliteerd in het delen via hun eigen social media kanalen. “Zo wordt het persoonlijker. Het beklijft meer.”

De scheidslijn tussen merk en werknemer wordt met de tijd steeds dunner, zegt Jaski. “In onze verhalen, online maar ook op tv, willen we de werknemer meer laten zien. Het menselijke gezicht wordt belangrijker.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Gevoelige informatie over crisiscommunicatie ligt op straat na datalek

Posted 12 apr 2018 — by Adformatie
Category nieuws

Lees het volledige bericht op Adformatie »

KPN gaat 5G in het veld testen

Posted 12 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

KPN gaat in de loop van 2018 vier verschillende 5G-field labs opzetten om te kunnen experimenteren met de opvolger van 4G. Dat varieert van het testen van slimme antennes in stedelijk gebied tot het onderzoeken van de verbinding van drones voor precisielandbouw, virtual reality in de industrie en zelfrijdende voertuigen.

Vooralsnog beperkt KPN zich daarbij tot Amsterdam Zuidoost, op een boerderij in Drenthe, in de Rotterdamse Haven en op snelwegen nabij Helmond.

In Amsterdam Zuidoost gaat KPN, samen met de gemeente Amsterdam, de Amsterdam ArenA en netwerkleverancier Nokia verschillende 5G-toepassingen testen. Daarvoor zal gebruik worden gemaakt van nieuwe antenne technologieën (Massive MIMO), waarmee ‘extreme capaciteit’ kan worden geboden.

In Drenthe gaat KPN, samen met onder andere de provincie, Wageningen Universiteit en netwerkleverancier ZTE, werken met precisielandbouw en drones. De testen zullen plaatsvinden op een proefboerderij in Valthermond. Ook gaat KPN zelf in Drenthe experimenteren met mobiele communicatie op basis van millimeter golven. Hiermee kunnen in potentie snelheden tot ruim boven de gigabit per seconde worden behaald.

In de Rotterdamse haven gaat KPN, samen met netwerkleverancier Huawei, ‘network slicing’ onderzoeken. Dit is een concept waarbij specifieke diensten in een virtueel mobiel netwerk worden afgeschermd van het overige mobiele verkeer. Dat komt van pas bij bepaalde bedrijfskritische toepassingen. In de Rotterdamse haven wil KPN ook het gebruik van virtual reality voor industriële toepassingen onderzoeken.

Op de A270 in de buurt van Helmond en op de A58 tussen Eindhoven en Tilburg zal KPN, als onderdeel van het Europese project Concorda, de nieuwste technologieën in mobiele netwerken gaan testen voor automotive-doeleinden.

Daarnaast blijft KPN betrokken bij 5Groningen, een industrie brede proeftuin in Noord-Groningen.

In tegenstelling tot 4G wordt 5G naar verwachting een ecosysteem waar veel bedrijfstakken, industrieën en gebieden van kunnen gaan profiteren. Naast een hogere snelheid richt 5G zich nadrukkelijk op flexibiliteit in het netwerk om hele korte reactietijden en een hogere betrouwbaarheid te ondersteunen.

KPN gaat met het 4G-netwerk stapsgewijs ‘voorsorteren’ op de komst van 5G.



Lees het volledige bericht op Emerce »

LISA verbetert customer experience met omnichannel klantenservice

Posted 12 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

LISA levert geïntegreerde ledeninformatiesystemen voor sportverenigingen en -bonden. Daarmee helpt het een efficiënt informatie- en communicatieplatform te creëren voor leden, bestuurders, vrijwilligers en sponsoren. Het leveren van de beste service is een belangrijk onderdeel van de klantervaring. Daarom richtte LISA de klantenservice in op basis van een omnichannel-strategie. Een keuze die vruchten afwerpt.


Het ledenadministratiepakket van LISA wordt gebruikt door de KNLTB, KNHB en door 340 hockey- en 1300 tennisverenigingen in Nederland. Daarnaast ontwikkelt LISA voor hen de websites en mobiele apps. Om snel en efficiënt te reageren op vragen van klanten heeft LISA een eigen support-centrum. “We proberen voortdurend de beste service te leveren, ook op ongewone tijdstippen. We merkten dat alleen de traditionele kanalen als e-mail en telefoon onvoldoende waren om dit ook in de toekomst succesvol in de praktijk te blijven brengen”, vertelt Bas Nelen, verantwoordelijk voor de klantcommunicatie binnen LISA. “Daarom besloten we voor onze klantenservice een omnichannel-strategie in te zetten.”

Een goede omnichannel-strategie is ontworpen met de klant als basis, zodat die net zo snel als de servicemedewerkers tussen kanalen kan bewegen. Deze strategie wordt idealiter ondersteund door een supportoplossing die ervoor zorgt dat de silo’s in customer service verdwijnen. Lisa gebruikt hiervoor het systeem van Zendesk. Al het klantcontact via de verschillende kanalen wordt daarmee automatisch geregistreerd en gekoppeld.   

Chat effectief service-kanaal

Een belangrijk onderdeel van de omnichannelstrategie van LISA is het gebruik van een chat-toepassing. “Chat is een heel effectief customer service-kanaal”, vindt Nelen. “Mensen krijgen vrijwel direct antwoord. Servicemedewerkers kunnen bovendien de chat oppikken en het pad zien dat de klant genomen heeft om tot daar te komen– welke ‘helpartikelen’ ze gelezen hebben of welke pagina’s ze bezocht hebben. Dit zorgt ervoor dat er geen informatie wordt gegeven die al verstuurd of gesuggereerd is. Daarbij ontlast chat de telefonische helpdesk. Voordat we chat gebruikten hadden we 1,5 keer meer telefoontjes te verwerken. Voor ons een bevestiging dat dit een juiste keuze is geweest. Door mensen te helpen op een platform dat ze zelf kiezen maak je echt een groot verschil in de customer experience.”

Begrip van de support journey

Door een intuïtieve flow te creëren van één kanaal naar het andere hebben servicemedewerkers van LISA één beeld van de klant, op één locatie. “Je creëert sneller meerwaarde. Door een beter begrip van de ‘support journey’ kun je ook zien hoe je elk kanaal optimaal kan bemannen, leer je wanneer het proces vastloopt en of hoe je medewerkers kunt laten bewegen tussen kanalen. Door in te zetten op een omnichannel-strategie zorgen we ervoor dat de silo’s in onze customer service zijn verdwenen. Eerder dan klanten te overstelpen met ‘kanaalkeuzes’, hebben we het natuurlijke pad of de ‘customer journey’ als uitgangspunt genomen. Daarmee hebben we de onze service, en de waardering daarvan, naar een nog hoger plan kunnen tillen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Culturele sector zoekt vooral marketeers en communicatieprofessionals

Posted 10 apr 2018 — by Adformatie
Category nieuws

Analyse van vacatures afgelopen jaar laat sterke groei zien

Lees het volledige bericht op Adformatie »

Zo gaat generatie Alpha om met technologie

Posted 09 apr 2018 — by Emerce
Category nieuws

De generaties die zonder internet opgroeiden, worden schaarser. De nieuwste telgen, generatie Alpha, gaan wéér anders om met technologie dan hun oudere broers en zussen. Maar technologie maakt niet dom. Het maakt ons vrij om ons te concentreren op meer intellectueel uitdagende activiteiten. Hoe kom je mee met toekomstige generaties? 

Elke ouder kent het wel – je kunt bijna alles goed doen, en jezelf toch nog steeds voor het hoofd slaan om de dingen die je ofwel slecht, ofwel helemaal niet hebt gedaan. Mijn dochter is inmiddels een puber in de tweede klas van de middelbare school en zit af en toe zeker vastgeplakt aan haar telefoon. Tegelijkertijd zie ik dat de kinderen van een vriendin – geboren na 2010 en dus generatie Alpha – nog weer anders omgaan met technologie.

Zij vertelde de volgende anekdote: “Tijdens het avondeten at mijn dochter haar hele bord broccoli leeg– een pluspunt voor mij. Maar hoewel ik het al heel vaak heb uitgelegd, weet ze nog steeds niet hoe ze 11×10 moet uitrekenen – minpunt. Vervolgens liet ik haar een uur voor het slapengaan op haar iPad om YouTube door te spitten, in plaats van haar boek te lezen – weer een minpunt.

En ja, dat heb je goed begrepen: ze is zes en heeft haar eigen iPad. Toen haar vriendinnetje haar op vakantie uitlachte omdat ze er geen had, heb ik haar mijn iPad gegeven – nog zo’n voorbeeld van een geweldige opvoeding. Ik gaf meteen toe, in de hoop wat rust en stilte te krijgen op een ligstoel, en liet de kans lopen om haar iets te leren over de waarde van geld en over niet verwend worden.”

Ondanks de waarschuwingen van neurowetenschappers zijn mijn vriendin en ik niet enige. Ook al voelen we dat moederlijke schuldgevoel, de meerderheid van ons doet eraan mee. Volgens het rapport van Hotwire en Wired – Maak kennis met Generatie Alpha – gebruikt meer dan 55% van de 3- tot 4-jarige kinderen een tablet.

Technologie die ons verder helpt

Misschien moeten we niet zo hard voor onszelf zijn als het gaat om onze kinderen en tablets en beginnen met kijken naar de voordelen. Laten we een stap verder gaan en vragen hoe technologie onze kinderen verder kan helpen. We moeten op zijn minst weten hoe technologie bijdraagt aan wie onze kinderen zijn en worden, zodat wij het kunnen bijbenen.

Dus hoe verandert technologie de manier waarop onze kinderen denken? Dramatische koppen zoals Google maakt ons dom en Smartphones veranderen ons in zombies slaan de plank mis – technologie maakt ons niet dom. Het maakt ons vrij om ons te concentreren op meer intellectueel uitdagende activiteiten.

Zo is er nu op school minder nadruk op het onthouden van tafels om vermenigvuldiging te begrijpen en meer aandacht voor het begrijpen van het probleem zelf. Naarmate er nieuwe technologieën worden ontwikkeld, zien we dit steeds meer. Denk aan zelfrijdende auto’s en de IoT-technologie die de noodzaak wegnemen om onze hersens te gebruiken voor traditionele taken zodat we ons kunnen concentreren op het oplossen van grotere problemen.

Verbeterde cognitieve vaardigheden

Maar het gaat niet alleen om werk. Technologie heeft ook invloed gehad op hoe onze kinderen hun vrije tijd doorbrengen. Van videogames en smartphones tot tablets, de mogelijkheden van onze kinderen om constant te worden vermaakt, doen alles wat wij hadden toen we opgroeiden verbleken. En niet per se in negatieve zin. Onderzoek uit 2013 koppelde videogames aan verbeterde cognitieve vaardigheden, zoals oog-handcoördinatie en de capaciteit om te multitasken. Andere studies hebben aangetoond dat het spelen van bepaalde videogames ertoe kan leiden dat kinderen hoger scoren op intelligentietests.

Dat komt door een verbeterde visuele respons en probleemoplossende vaardigheden. En laten we de recente komst van stemassistenten zoals Alexa of Google Home niet vergeten: kinderen kijken nu op van hun schermen en communiceren via spraakinterfaces op een persoonlijkere en bevredigendere manier met de omgeving om hen heen. Google heeft onlangs aangekondigd dat het gezinsvriendelijker gaat worden met 50 nieuwe audio-ervaringen op maat voor onze kleintjes in samenwerking met merken zoals Disney. Maar terwijl mijn nichtje een gil van vreugde slaakt bij de gedachte aan Alexa die het verhaal van Sneeuwwitje voorleest, vraag ik me af wat er gebeurt als ze haar dan vraagt ​​wat voor soort appel vergiftigd was, wat ‘bedeesd’ betekent en of een kus je echt wakker kan maken na vergiftiging?

En dan is er de overvloed aan AI-apparaten die de markt overspoelen – waardoor entertainment nog persoonlijker is. Dit is wat generatie Alpha van entertainment leert verwachten en het is wat ze zullen eisen van alle merken waarmee ze bezig zijn tijdens het opgroeien tot volwassenen.

Dus wat betekent dit voor communicatie?

  1. Verander je werkwijze. Onze proactieve communicatie moet mensen op gedenkwaardige manier entertainen en zo zorgen dat ze terugkomen voor meer. Feiten alleen blijven niet hangen. Zorg dat je beschikbaar bent op het moment dat generatie Alpha antwoorden nodig heeft. De winnaars zijn diegenen die overtuigend, kort en het meest zichtbaar op Google zijn.
  2. Laat je stem horen. Als generatie Alpha volwassen wordt kan de stem terugkeren. Speelde deze na jaren de tweede viool naast e-mail, sms en Whatsapp, kan voice als het gaat om het oproepen van een reactie, het medium zijn waar merken zich rechtstreeks op individuele basis profileren. Vergeet echter niet om zowel diepte als breedte in te bouwen in spraakgestuurde campagnes – het heeft geen zin om een spraaksysteem in te stellen dat vervolgvragen niet kan oplossen.
  3. Ontwikkel subtiele campagnes die niet over eigen merken gaan. Er komt een hele nieuwe wereld aan en we bereiken generatie Alpha niet via de gewoonlijke buitenreclame, displays of digitale advertenties. In plaats daarvan moeten we met hen praten op het moment dat zij ergens behoefte aan hebben – wanneer ze Alexa om een aanbeveling vragen over hun volgende tandpasta of wanneer ze op YouTube aan het browsen zijn op zoek naar hun volgende maaltijd. De dapperste, en misschien wel meest succesvolle marketeers, ontwikkelen nieuwe, subtiele communicatiecampagnes. Als zij bijvoorbeeld een maaltijd aanbevelen, mag die maaltijd niet eens één van hun producten bevatten. De aanbeveling moet voorzien in een behoefte zodat generatie Alpha in eerste instantie de organisatie kan vertrouwen als content provider en daarna pas als merkmarketeer. Door deze emotionele connectie in de loop der tijd op te bouwen, zullen we een ander soort relatie creëren, een die persoonlijk is voor de consument van morgen, en hen bovenaan de lijst plaatst.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Wesley ter Haar, Aad Kuijper en Krijn van Noordwijk in ADCN Hall of Fame

Posted 08 apr 2018 — by Adformatie
Category nieuws

De drie worden geëerd voor hun uitzonderlijke bijdragen aan creativiteit in communicatie en hun werk voor ADCN.

Lees het volledige bericht op Adformatie »