Posts Tagged ‘boek’

‘100 procent biologisch en glutenvrij’; 5 ondernemerslessen van Valentine van der Lande (Oot Granola):

Posted 21 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Oot Granola levert ontbijtgranen die heel weinig suikers bevatten, maar wel heel krokant zijn. In tegenstelling tot granen in de supermarkt worden ze vers gebakken met alleen maar natuurlijke suikers, 100 procent biologisch en glutenvrij. De ontbijtgranen van Oot Granola worden online verkocht en geleverd in platte dozen die in de brievenbus passen. Vijf ondernemerslessen van oprichtster Valentine van der Lande.

Valentine van der Lande verdiende haar sporen in uitgeversland bij onder andere Bol.com en Albelli. In deze functies deed ze veel contacten op bij uitgevers in binnen- en buitenland. Bij Bol.com was ze verantwoordelijk voor het gehele Engelstalige boekenassortiment. Ook stond ze aan de basis van het e-booksproject bij deze grootste webwinkel van Nederland.

Ze werd vooral bekend toen ze in 2010 TenPages.com lanceerde. TenPages was een innovatief uitgeefconcept waar nieuw – en later ook bekend – schrijftalent financieel werd gesteund door het publiek. De website was na Sellaband de eerste grote crowdfundingwebsite van Nederland.

In 2018 richt ze Oot op, een nieuw ontbijtmerk dat verse, gezonde ontbijtgranen thuis in de brievenbus bezorgt.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Amazon opent Turkse webwinkel

Posted 21 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Amazon heeft een Turkse versie van zijn webwinkel gelanceerd. Weliswaar konden Turkse consumenten bestellen via de internationale site, maar ze moesten dan vaak toeslagen betalen voor het transport.

Het is het zestiende land waar Amazon van start gaat. Aanvankelijk ging het alleen om Duitsland en Engeland, daarna volgden Frankrijk (2000) Italie (2010), Spanje (2011) en Nederland (2014). De Nederlandstalige site is nog altijd ondergebracht bij Amazon Duitsland.

In Turkije biedt Amazon een zo’n breed mogelijk aanbod, inclusief boeken, elektronica en speelgoed.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Warm onthaal van beleggers voor Eventbrite

Posted 21 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Ticketingbedrijf Eventbrite is succesvol naar de beurs gegaan. De koers sloot gisterenavond op 36,50 dollar, 58 procent hoger dan de koers waar tegen het naar de beurs ging (23 dollar).

De openingskoers was al bepalend voor de toon de rest van de dag: 36 dollar. In de loop van de Amerikaanse handelsdag steeg die nog naar 38,98 dollar om uiteindelijk te eindigen op 36,50 dollar.

Met de transactie aan de NYSE strijkt Eventbrite 230 miljoen dollar op.

In een bericht aan de zakelijk gebruikers klinkt het: “Dit grotere podium stelt ons in staat om dieper te investeren in innovatie, meer mensen te verbinden met hun passies en we kunnen meer makers succes brengen. De stap vandaag is gewoon een stap vooruit in onze gezamenlijke reis.”

De grootste investeerders zijn Sequoia, Tiger Global en T. Rowe Price. Het is niet bekend hoeveel van hun gezamenlijke 48 procent zij in omloop gaan brengen.

Investeerders staken in de afgelopen jaren driehonderd miljoen dollar in de start-up die vorig jaar Ticketscript uit Amsterdam kocht.

Eventbrite boekte afgelopen twee jaar veertig miljoen dollar verlies bij een groeiende omzet. In 2016 lag die op 133 miljoen, in 2017 op 201 miljoen dollar.

Geld verdient het aan organisatoren van evenementen die de Amerikaanse technologie inzetten voor hun ticketverkoop, -registratie en -gebruik.

Foto: North Charleston (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

E-commerce is het domste businessmodel: de webwinkel als sterfhuisconstructie

Posted 21 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

E-commerce is de belofte van de deze eeuw. Winkelcentra maken langzaam plaats voor bezorgdiensten van de grote en goedverdienende webwinkels. Toch? Niet als je naar de cijfers kijkt. Online verkoop is in hele wereld marginaal te noemen, betoogt Hans van Tellingen. Sterker nog, webwinkels zijn schadelijk voor de maatschappij.

Zijn naam: Pieter Zwart. Zijn beroep: eindbaas bij Coolblue. Zijn missie: een absurd hoge klanttevredenheid. Chapeau. Wie kent Pieter niet? Briljant ondernemer. Een PR-machine. Begiftigd met een forse dosis humor. En bovendien ‘very likable’. In december 2017 zei hij het volgende: “E-commerce is het domste businessmodel ter wereld. Iedere webwinkel ziet er precies hetzelfde uit. Het is altijd iets met een plaatje. Iets met een prijsje. En iets met een knopje. En daar zit precies het probleem. Dat plaatje is iets wat je zelf niet bedacht hebt. Dat knopje moet het gewoon doen. Dus uiteindelijk blijft er maar één ding over waarmee je je kunt onderscheiden. En dat is het (lage) prijsje. Aangezien ik alleen al in Nederland 60.000 concurrenten heb, snap je dat dit gewoon een race to the bottom is. Oftewel: geld verdienen met webwinkels maken, is bijna onmogelijk”.

Hé, maar dat is grappig. Dit lijken wel citaten uit ons eigen artikel (februari 2016). Een artikel waarop veel reacties kwamen. Van (uiterst) positief tot (uitgesproken) vijandig. Want: “Kom niet aan de webwinkel. Dat is de toekomst!”. Mwah, dat is de vraag vonden wij. En vinden wij nog steeds. En zou Pieter dat nu ook door hebben? Dat je dus geen geld kunt verdienen met (alleen) webwinkels?

Een aantal webwinkelfeiten uit Silicon Valley

Twee waargebeurde verhalen. Het eerste; toen ik Cisco in Silicon Valley bezocht – in het najaar van 2016 – werd daar een cursus ‘disruptie’ gegeven. Over hoe je met webshops geld kon verdienen. En hoe je de fysieke winkel kunt verslaan. Bij Cisco dachten ze dat 40 procent van alle aankopen in de VS al via het web ging. En dat de toekomst voor webwinkels zonnig is. Maar ik wees fijntjes op het feit dat het omzetaandeel van Amerikaanse webshops minder dan 8 procent was. Officiële cijfers van ‘The US Government’. Consternatie alom. Zeker toen ik het volgende vertelde: “Echt geld verdienen kun je alleen met een stenen winkel. Zo’n beetje elke webshop lijdt verlies. Gebruik internet als hulpmiddel om mensen naar jouw winkel toe te halen. Zodat de transactie daar plaatsvindt. Het liefste met een lange kassabon. Ingewikkelder dan dat is het niet”.

Het tweede verhaal. Ik bezocht ook Google, afgelopen voorjaar. Google is een stuk verder dan Cisco. Waarom? Google gelooft in retail. Fysieke retail wel te verstaan. In meerdere presentaties werd dit benadrukt. De mogelijkheden van de zich oriënterende consument zijn inmiddels oneindig groot. Hoe krijg je die consument in jouw winkel? Dat is de essentie. In geen enkel land vertegenwoordigen de webaankopen meer dan 10 procent. En Google verwacht niet dat dit percentage de komende jaren heel veel zal stijgen. Meer dan 90 procent van alle aankopen vindt dus nog steeds in de fysieke winkel plaats. En in die fysieke winkel kun je dus nog het meeste geld verdienen. Online zichtbaarheid is echter van groot belang. Maar internet dient met name om mensen naar de fysieke winkel toe te halen. Aldus Google. Internetgigant.

Ons eerder genoemde artikel deed veel stof opwaaien. Wat waren de belangrijkste conclusies destijds?

  • Het geloof in de webshop is een soort religie. ‘Internetkerk’ is een goede benaming.
  • Als je denkt dat webshops dé toekomst zijn, dan doe je aan achterhaald ‘2012-denken’.
  • Er is geen directe correlatie tussen internet en leegstand.
  • De pure webplayers zijn uiterst scheutig met informatie over de omzet. En de grote percentages groei. Maar zij zijn niet scheutig met informatie over winst. Daar is zelfs bijna nooit sprake van. Sterker nog: de megaverliezen stapelen zich op. Vaak evenredig. Dus: hoe hoger de omzet, hoe hoger het verlies. Met name Zalando – gratis verzendingen en gratis retourzendingen, terwijl deze laatste naar verluidt zeventig procent bedragen – maakt het bont. Elk jaar in januari melden zij trots dat zij voor het eerst winst hebben gemaakt. Maar ergens in augustus blijkt dan dat er kennelijk nog ‘vergeten kosten’ zijn. Die van de ‘brutowinst’ moeten worden afgetrokken. Zalando lijkt zo een piramidespel te zijn. Op een gegeven moment loopt het spaak. Bijvoorbeeld als de financiers Zalando zat zijn. In het artikel wordt een uitgebreide tabel getoond die onze stellingen ondersteunt.
  • En kloppen de omzetgegevens eigenlijk wel? Verzend- en retourkosten zijn meestal bij de omzet inbegrepen. En tevens doet men aan ‘dropshipping’. De omzet van de aangesloten partner (een andere retailer) van het verkochte product wordt voor 100% meegerekend. Terwijl sommige producten alleen maar zijn verhandeld. En dus nooit in het bezit zijn geweest van de internetaanbieder. Zodat eigenlijk alleen de commissie als omzet gerekend moet worden. Als Bol zegt met 30 procent te groeien, zijn ze eigenlijk maar met 7 of 8 procent gegroeid.
  • Waarom gaan bedrijven als Zalando toch gewoon door? Dat kunnen zij zolang er sprake is van financiers. Maar deze willen toch ook geen geld gooien in een bodemloze put? Uiteindelijk niet, zo is de verwachting.
  • Maar het zou ook anders kunnen. Op veel plekken worden fysieke winkels geopend door de vroegere ‘pure players’. Zodat zij volwaardige omnichannel-aanbieders worden. Zoals CoolBlue. Fietsenwinkel.nl. En op internationale schaal Amazon. En Ali Baba, dat zelfs complete winkelcentra opkoopt.
  • En verder kwam de Nederlandse onderzoeker Jesse Weltevreden tot de conclusie dat 80 procent van de e-tailers eigenlijk geen geld verdient. Zij zijn vaak niet eens vindbaar op het internet. Het zijn veelal ‘zolderkamerbedrijfjes’. En veel van die ‘winkels’ verdwijnen na een paar jaar weer. Natuurlijk zijn er ook bedrijven die wél vindbaar zijn. En die zelfs hoge omzetten behalen. Maar vaak wordt door deze bedrijven met name geconcurreerd op ‘prijs’. En dat is in 2018 niet anders
  • Discounters als Action en Primark hebben geen webshop en halen torenhoge omzetten. Hoge groeipercentages. En hoge winsten. Een webshop zou de winsten teniet doen. Want de lage marges laten geen verzend- en retourkosten toe, die door de retailer betaald moeten worden.
  • Op het internet wordt gericht gezocht en gekocht. Vaak blijft het bij één product. Er is sprake van een korte kassabon. In de fysieke retail wordt vaak meer gekocht dan men van plan was te kopen. Een lange kassabon.
  • De van origine fysieke spelers als Zara en onze eigen vanHaren hebben een webshop. Maar het gros van de (hoge) omzet en de (grote) winst wordt behaald in de fysieke winkel. Ook hier geldt dat de webshop meer als een service naar de klant wordt gezien. Om je bestaande klanten te houden. Om deze nog meer te laten besteden. En om nieuwe klanten te verkrijgen. Die daarna ook de winkel ingelokt worden als zij de bestelde spullen ophalen. En aldus een lange kassabon genereren.  
  • De ICSC heeft berekend dat minimaal tachtig procent van alle (van origine fysieke) retailers met een webshop verlies maakt op de webshop. Maar als je een sterk merk bent, maakt dat niet uit. Je maakt het goed met de winst van de fysieke winkel. Maar juist als matig draaiende retailer kan een webshop meer ‘burden’ zijn dan ‘asset’. Een webshop is er eigenlijk alleen voor de betere retailers, die de verliezen hierop kunnen compenseren.

Er kwamen veel reacties. Sommigen uit de online wereld dreigden zelfs met juridische maatregelen. Dat was het slechte nieuws. Maar goed nieuws was er ook. De media – krant, radio, tv, tientallen interviews – smulden van het verhaal. In Nederland én België. Eindelijk werd het hosannagejuich van de webshops een keer doorgeprikt. En sindsdien komt ook CoolBlue met winstcijfers naar buiten. Wat ze voorheen niet deden. Heel erg minieme – bruto? – winstcijfers overigens. Waarbij je je moet afvragen of dit ook eigenlijk geen netto verliezen blijken te zijn. En daarbij: zijn de verliezen uit eerdere jaren al gecompenseerd? In hoeverre is er sprake van eigen vermogen op de balans?

Maar meestal goed nieuws dus. En veel positieve reacties. Maar wat je dan krijgt, is dat anderen er ook met je verhaal vandoor gaan. Dat is prima. Wordt ook toegejuicht door ons. Als die mensen een bron gebruiken althans. Velen deden dat. Maar een aantal niet. Maar ach. Wat maakt het uit. Ons artikel uit 2016 raakte een snaar. En de boodschap mag gehoord worden. Een webshop is slechts een distributiekanaal en is geen concurrent voor de stenen winkels.

Waarom webwinkels schadelijk zijn voor de maatschappij

Maar het verhaal gaat verder. Webwinkels doen soms meer kwaad dan goed. En zijn vaak zelfs schadelijk voor de maatschappij. In dit artikel, van oktober 2017, is daar het volgende over geschreven:

  • Webwinkels leiden tot meer verkeerscongestie en gevaarlijke situaties in de binnenstad;
  • Grote ‘consultancy firms’ (als McKinsey) hebben vaak weinig met retail. En doen verkeerde voorspellingen die veel te positief uitpakken voor de toekomst van de webwinkels;
  • Banken lijken retail ook vaak niet goed te vatten. En hebben webshops zwaar gefinancierd;
  • Webshops betalen geen (winst)belasting;
  • The ‘race to the bottom’ leidt tot lagere prijzen. En dus ook tot verlies bij fysieke retailers;
  • Webshops worden onevenredig bevoordeeld ten opzichte van fysieke winkeliers, er is geen gelijk speelveld;
  • De overheid – en dus de belastingbetaler – draait uiteindelijk voor de kosten op.

Groeit het internetaandeel eigenlijk wel zo hard?

In 2015 hebben wij becijferd dat het internetaandeel in de totale retailomzet hooguit 7 procent bedroeg, en geen 23 procent waar Thuiswinkel.org en GfK mee schermden destijds in 2015. Let wel: in dit percentage – van maximaal 7 procent – is ook omnichannel verwerkt (op het web bestellen, in de winkel halen; of in de winkel bestellen en het dan thuis laten bezorgen), terwijl dit eigenlijk ook een fysieke component kent. In een komend artikel en het komende boek ‘Waarom Stenen Winkels Winnen’ volgen de resultaten van de eerste betrouwbare meting. 

Een webwinkel is eigenlijk een postorderbedrijf

Interessant is echter de these in hoeverre het onlineaandeel echt gegroeid is als je de vroegere postordermarktaandelen eraf trekt. Postorderbedrijven werden destijds verzendhuizen genoemd. Geen warenhuizen of winkels. Verder is Amerikaanse warenhuisketen Sears ooit begonnen als postorderbedrijf. Om later pas uit te groeien tot een fysieke warenhuisgigant. Amazon gaat dezelfde kant op. Amazon? Ja, Amazon. Want een webwinkel is eigenlijk niets meer dan een postorderbedrijf. En Amazon (nu al met een fysiek aandeel van ruim 30 procent) gaat zich ontwikkelen tot een soort Sears  en opent in rap tempo stenen winkels. Vroeger werd er al bezorgd, door de postorderbedrijven. Nu wordt er ook bezorgd, door de webwinkels. Het enige verschil met vroeger is een handige bestelapp. Niet veel meer dan dat. Maar met bezorgen verdien je geen geld in de retail. En daarom gingen de postorderbedrijven zich ontwikkelen tot fysieke aanbieder. En doen de huidige webwinkeliers hetzelfde.

Het verliesvehikel van Bol.com

En dan Bol.com, de eeuwige start-up. Al sinds 1999 actief. Mede-auteur Tadek Solarz heeft hier al sinds 2016 meerdere blogs aan gewijd. Het aardige is dat Ahold Delhaize sinds vorig jaar jaarcijfers produceert. En hieruit kun je, via een omweg, de verliescijfers van Bol.com distilleren. Deze bedragen jaarlijks zo’n 100 miljoen euro op een omzet van ruim een miljard. Dat lijkt geen duurzaam verdienmodel. In dit blog vat Tadek het samen: Daarmee lijkt het avontuur van de Nederlandse pure players voorlopig ten einde. Er is op dit moment kennelijk geen schaal in Nederland waarmee je als pure player een online warenhuis succesvol kan exploiteren. Verdere groei richting handelsplatform of investeren in fysieke winkels is onvermijdelijk”. 

En in een ander blog wordt ook de totale behaalde jaarlijks online omzet – van alle webwinkels tezamen – in Nederland (zo’n 11 miljard) gerelativeerd: “Elf miljard omzet is natuurlijk een indrukwekkend getal. In perspectief is het echter nog steeds maar evenveel als de halfjaaromzet van Zara, dat er met zijn stenen winkels meer dan een miljard euro netto aan overhoudt. Wat in Nederland wordt verdiend, onder de streep, met het verplaatsen van die elf miljard euro online omzet – waar online believers mee pronken – weet niemand”. En over de winsten – die geen echte winsten zijn – het volgende: “Nadat een ING-medewerker (gespecialiseerd in retail) juichend twitterde dat de ebitda van Coolblue was toegenomen, meldde ik dat ebitda nog geen winst was. En dat de verhouding ebitda versus omzet wellicht ietwat aan de krappe kant was. Ik werd door hem neergezet als een Dinosaurus. En we weten allemaal wat er met de Dinosaurussen is gebeurd. Alles mag je zeggen natuurlijk, maar van een bankmedewerker had ik iets meer diepgang verwacht. Ebitda – inkomsten vóór aftrek van rente, belasting, afschrijvingen op activa, leningen en goodwill – is een vaag begrip”.

Amazon, zo elegant als een kettingzaag

OK, zult u als lezer zeggen, dit is Nederland. In Amerika kan het wel, winst maken. Zo maakt Amazon veel winst. Zou het? In dit artikel blijkt dat – op de retailverkopen – Amazon misschien wel een miljard dollar per jaar verlies lijdt. En winst wordt er alleen behaald met clouddiensten en aanverwante zaken. Het is zeer de vraag of de hoge beurswaarde van Amazon gerechtvaardigd is. En of Amazon nog heel lang dé uitdager zal blijven. Zo verwacht Doug Stephens, Amerikaans Retail Futurist, althans. In essentie zegt hij: “As a shopping experience, Amazon is about as elegant and enjoyable as a chainsaw”.

Stephens heeft overigens al veel over Amazon geschreven. En door Retailtrends is hij ook geïnterviewd. Dat Amazon steeds nadrukkelijker investeert in echte winkels, is voor Stephens het bewijs dat het fysieke winkellandschap niet dood is. Logisch ook, vindt hij: “Want naar een winkel gaan is een menselijke activiteit, die afstamt van de dagen dat we nog jagers en verzamelaars waren. Het zit in ons DNA, de neiging om naar een winkel te gaan zal dus blijven”. Hij ziet Amazon nog veel jaren de lakens uitdelen, maar signaleert voor de onderneming ook risico’s aan de horizon: “Op een gegeven moment is Amazon op het speelveld geen uitdager meer die de vrijheid heeft om geld te verkwanselen onder het motto van innovatie en groei”. Anders gezegd: ook Amazon is eindig.

Het failliet van de platformeconomie

En de platformen als businessmodel? Bol is een platform, Amazon ook. In die zin dat je ook producten van anderen verkoopt. Volgens sommigen zijn platformen de toekomst. Maar wij denken dat de platforms (‘mooier Nederlands dan platformen’) eigenlijk de weg kwijt zijn. Alsof het niet meer om de producten gaat, maar alleen om de distributiekanalen. Het gaat echter niet om het distributiekanaal, het gaat om de spullen die je verkoopt. Dat moeten producten zijn die mensen ook willen hebben. En waarvoor ze willen betalen. Zowel online als offline.

De webshop is passé

De verwachtingen die de webshop-economie met zich meebracht zijn eigenlijk niet gerealiseerd. ‘Pure players’ spelen niet de belangrijke rol die werd verwacht. Zoals we eigenlijk al jaren roepen, blijkt ‘online’ een distributiemodel te zijn. Dat nu ook met succes als een servicemodel door alle winkels is omarmd. Kijk maar naar de gratis boodschappendiensten van Jumbo en Albert Heijn. Men noemt het e-commerce, maar dat is onzin. De kruidenier van vroeger bracht de boodschappen ’s avonds ook gratis bij je thuis. Dit betreft ‘gewoon’ goede service. ‘Piet de SRV-man’ deed elke avond een extra ronde, waarbij hij gratis de spullen bracht die hij overdag niet in zijn kar had. De hele e-commercediscussie is nogal hijgerig.

Daarbij is alles eigenlijk omnichannel geworden. De slechte winkelketens hebben door een waardeloze vermogenspositie de afgelopen tien jaar het loodje gelegd. Al die faillissementen stookten het online vuurtje op: ” Zie je wel, online heeft de toekomst, kijk eens naar al die bedrijven die kapot gaan. Dat komt door het internet”. Het bleek onzin. Zo blijkt. Nu de economie weer draait en de koopkracht weer meer op orde is. De meeste winkelbedrijven verdienen gewoon weer geld.

Verder gaan wij nu richting een nieuwe financiële situatie. Wanneer de rente gaat oplopen komen er alternatieven voor beleggers. De afgelopen jaren werd geïnvesteerd in de zogenaamde groeiaandelen, zoals bijvoorbeeld Thuisbezorgd/Takeaway. Niet omdat de resultaten zo goed zijn. Maar omdat er veel geld naar toe vloeit, stijgt de beurskoers als vanzelf. Dat levert mooie  – fictieve – rendementen op voor beleggers. De helft van de omzet is echter verlies. Dat kun je met droge ogen nauwelijks een verdienmodel noemen. Veel van deze internetaandelen, vrijwel allemaal, keren geen dividend uit. Dus zijn het eigenlijk geen aandelen voor beleggers. Maar wél aandelen voor speculanten. De geldpersen hebben de afgelopen jaren volop gedraaid. Een muur van ‘gratis geld’ stuwde de webshopeconomie.

Maar als je goed kijkt, zie je dat er een verandering op til staat. De geldpers draait steeds langzamer. De rente kruipt omhoog. Zodra financiële markten gaan veranderen – en dat is in de afgelopen tien jaar nog niet gebeurd – breekt de volgende fase aan voor de online pure players die – omdat ze niet of nauwelijks geld verdienen – niet zo veel vet op de botten hebben. Zodra speculanten alternatieven hebben om te beleggen, valt de motor stil. Het zou zomaar kunnen dat wij dan een domino-effect gaan zien. De problemen bij bijvoorbeeld Tesla steken misschien wel het lont in het kruitvat. Waarna ‘lievelingsdisrupters’ als Uber en Airbnb – en andere platforms-  het heel erg moeilijk gaan krijgen.

Het bloedbad van Uber, Tesla en Takeaway

Het is een soort bespiegeling die je niet veel leest. Iedereen schreeuwde dat de winkels naar de verdoemenis gingen vanwege het internet. Dat was onzinnig. Geld zoekt rendement en dat was te vinden in de onlinehoek. In die hoek groeiden de omzetten. Dat er geen ene mallemoer verdiend werd maakte niemand wat uit. Omzetgroei zorgde voor meerwaarde van die bedrijven en die werden meer waard omdat er meer geld ingestopt werd. Eigenlijk pomp je er een hoop lucht in. En alleen de eerste investeerders profiteren. De laatste investeerders draaien voor de ellende op. Daar zijn bedrijven heel groot mee geworden. Zodra dat geld ergens anders kan renderen loopt die motor echter vast. De kassa’s van bijvoorbeeld Takeaway en Tesla zijn leeg.  Daar moet steeds extern geld in. Zodra dat niet meer komt is het van de ene op de andere dag afgelopen. Het zou zomaar kunnen dat we zoiets binnen twee jaar gaan meemaken. Nu hebben wij geen glazen bol. Maar dat het weerstandsvermogen van veel online bedrijven nauwelijks iets voorstelt is een publiek geheim. Met één zuchtje tegenwind is het simpelweg afgelopen.

Je kunt je wel voorstellen dat zoiets een bloedbad kan worden. Als het vertrouwen uit die online shopmarkt loopt, krijg je simpelweg geen financieringen meer. De bank of externe financiers trekken óf de stekker eruit óf de webretailer betaalt zich bont en blauw aan risico-opslag. Waardoor je nooit meer een euro kunt verdienen. In zo’n scenario gaan wij precies zien wat wij ook gezien hebben met de fysieke winkels. Maar dan andersom. Gebrekkig eigen vermogen. En banken die niet thuis geven. Tel uit je winst. Of beter, je verlies. Faillissementen zijn het gevolg.

Conclusie

Is online zichtbaarheid eigenlijk met name een middel om klanten naar de echte winkel toe te lokken? En een service om jouw maat/kleur dezelfde dag of volgende dag thuis te laten bezorgen als het product niet op voorraad van de winkel is – met overigens wél gevolgen voor de marge vanwege de bezorgkosten -? Is een webwinkel eigenlijk alleen maar geschikt voor sterke fysieke retailers? En niet geschikt voor kwakkelende retailers – zie V&D, zie Blokker -? Te grote online marktaandelen leiden ertoe dat je in je eigen voet schiet als retailer. De onlinediscussie is daarmee een achterhoedegevecht. Uiteindelijk gaat het om de producten die je verkoopt. De collectie. Én de service en het ondernemerschap.

En om weer terug te komen op de postorderbedrijven van vroeger: ook toen had je al luie mensen. Of mensen die een hekel hadden aan winkelen of slecht ter been waren en dus vanuit hun stoel bestelden. Online verkoop is een distributiemodel maar geen verdienmodel. Een webwinkel runnen is een tamelijk domme activiteit, waarmee je zelden winst kunt maken.

Dit artikel is samen geschreven met Tadek Solarz, DGA van The Creative Marketing Group / CMG Nederland en  Ernest Schaapman, die op dit moment werkt aan een start-up in Stealth modus tezamen met partners Samsung en MoodMedia.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nederlandse merken: 1,25 miljard omzet via Alibaba

Posted 21 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Nederlandse merken realiseerden 1,25 miljard euro omzet met handel via Alibaba’s warenhuis Tmall. Honderd Nederlandse bedrijven voeren er een actieve e-commercestrategie. Via eigen puien op Tmall realiseerden ze 350 miljoen euro omzet in China.

Deze exclusieve cijfers deelt Alibaba Group voor het eerst over de Nederlandse markt. Het zijn cijfers over het boekjaar dat eindigde op 31 maart 2018. Eind vorige week gaf Alibaba Benelux’ topman Roland Palmer toelichting op deze cijfers aan Emerce en besprak zijn plannen voor het komende jaar.

Enorm competitief

“Ik werk nu ruim twee jaar voor Alibaba Group als MD Benelux en EMEA-baas voor Alipay. Vanuit de eerste rol heb ik vooral gesproken met merken en retailers die actief willen worden in China. Terugkijkend moeten dat er zo’n vijfhonderd zijn geweest. Dan kijk je hoe hoog een China-strategie op de agenda staat en hoe serieus ze willen investeren. De Chinese markt is enorm competitief. Je moet stevig investeren om een marktpositie te krijgen. Uiteindelijk zijn we nu live met honderd bedrijven. Er zijn er drie of vier afgevallen. Dat kan gebeuren.”

Roland Palmer was tot de zomer van 2015 vier jaar bestuursvoorzitter bij Blokker Holding en ging daarna naar Alibaba Group. Daar opereert hij grotendeels in de luwte. Dat gebeurt vanuit een klein kantoor in een van de duurste hoeken van de Herengracht te Amsterdam. Hij reist veel. Vorige week nog met een Nederlandse handelsdelegatie door China. En schakelt vooral met collega’s in het Verre Oosten. Hoeveel raad en capaciteit ook nodig is, die wordt vrijgemaakt.

Waar jaar één in het teken stond van het openen van ‘the port to China’, daar draaide jaar twee om ‘direct import’. Alibaba Group wil dat Chinese consumenten op Tmall kunnen beschikken over een constant, goed aanbod uit het buitenland. Daarom fungeert het niet louter als doorgeefluik maar is het ook zelf direct gaan inkopen bij de honderd Nederlandse bedrijven. En natuurlijk ook bij partijen in andere landen.

“Wat Chinezen zoeken is heritage en oorspronkelijkheid. Je ziet daarom merken als Maxi-Cosi, Mifi (Nijntje) en Zwitsal maar ook G-Star, Suitsupply, Douwe Egberts, Bols, Heineken en Brabantia op ons platform.” Over handelsvolumes per merk zegt Palmer niets, maar gemiddeld gaat het om 12,5 miljoen euro per merk uit de Benelux per jaar. Een peulenschil voor een bedrijf dat per kwartaal bijna 600 miljoen kopende klanten bedient.

Supply voor alle kanalen

Op de lange termijn wil Alibaba twee miljard actieve klanten per jaar hebben die zijn platform gebruiken. Het wil 110 miljoen nieuwe banen creëren, minus de miljoen die topman Jack Ma eerder in de VS beloofde, en tien miljoen MKB-bedrijven moeten door Alibaba winstgevend kunnen opereren. Technologie speelt een belangrijke, zij het faciliterende rol daarbij.

Palmer: “Het komende jaar staat in het teken van de fundamentele verandering van de Chinese markt. We streven ernaar om China om te keren van een exportland naar een importland. Dat moet per 2022 het geval zijn.” Om dat doel te kwantificeren geeft de bestuurder een getal: 8.000 miljard dollar aan bruto handelswaarde van artikelen die tegen die tijd naar China worden geïmporteerd.

“Mijn taak: supply realiseren voor alle kanalen uit en via Nederland naar China waar vraag naar is.”

Het gaat daarbij niet enkel om zaken als kinder- en babyspullen, kleding, drank en luxe-artikelen. Begin vorig jaar ging Tmall Fresh van start. Zoals de naam verklapt, is dat een aparte entiteit die zich erop toelegt louter verse producten te importeren en vers af te leveren. Dat varieert van bloemenbollen tot vlees en van groenten tot vis.

Transport geschiedt via lucht, zee en over land. China investeert honderden miljarden euro’s in een nieuwe zijderoute, het Belt and Road Initiative [?]. Dat omvat onder meer een treinverbinding van China via Rusland naar Duisburg. Een rit duurt nu nog drie weken, maar Palmer heeft er goede hoop op dat dat uiteindelijk vijftien dagen kan worden.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Growth Tribe opent drie kantoren in Scandinavië

Posted 20 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Growth Tribe opent deze maand kantoren in Zweden, Denemarken en Finland. Verder wil het de komende twee jaar nieuwe academies uitrollen in zeven andere Europese landen. Een noodzakelijke stap, aldus co-founder en CEO Peter van Sabben: “Wanneer het gaat om digitaal leiderschap en technische kennis loopt Europa flink achter op Amerika en China.”

Growth Tribe lanceerde begin 2015, als eerste speler in Europa, een lesprogramma gericht op growth hacking. Inmiddels is het werkveld van de Amsterdamse start-up uitgebreid met diverse trainingen. “Elk bedrijf dat wil groeien en in staat is om data te verzamelen behoort nu tot onze doelgroep.”

Test now, fix later

“Er zijn zo veel dingen die je zelf kunt doen om je marktpositie te versterken, zonder dat je hiervoor een marketingbureau hoeft in te schakelen,” verklaart Peter. Het probleem is echter dat veel mensen de benodigde kennis niet paraat hebben, waardoor ze alsnog zijn aangewezen op externe partijen. Met behulp van trainingen en in-house-programma’s wil Growth Tribe deze kloof verkleinen, waardoor elke onderneming snel stappen kan maken.

Data zijn hierbij leidend, zowel binnen het bedrijf zelf als bij klanten. Ook wordt er volop geëxperimenteerd middels het motto: test now, fix later. Door veel te testen en de bijbehorende data goed bij te houden, zie je volgens de growth hacking-methode snel wat wel en niet werkt. Mits er data kan worden verzameld, kun je alles testen.

Al ruim 4000 mensen getraind

Veel experimenten zijn gericht op het verhogen van de bezoekersaantallen of de conversie. Maar er zijn bijvoorbeeld ook gemeentes die growth hacking inzetten om te kijken op welke manier ze hun boodschap het beste kunnen overbrengen bij het publiek. De experimenten die niet aanslaan, worden afgewezen en de testen die wel werken worden verder opgeschaald. “Door de data goed in kaart te brengen, kunnen we eenvoudig herleiden wat de bron is van het succes. De kanalen die het beste scoren, worden vervolgens geoptimaliseerd.”

In de afgelopen drie jaar trainde Growth Tribe ruim 4000 mensen binnen 700 bedrijven volgens deze methode. Dit zijn overigens niet overwegend Nederlandse cursisten, want het bedrijf is al sinds de start wereldwijd actief. Naast Engeland, waar het al een kantoor had, en de Nordics wordt Growth Tribe regelmatig ingeschakeld door Aziatische bedrijven. “Ons ultieme doel is om dé standaard voor growth marketing te worden, in binnen- en buitenland.”

Groeien op eigen kracht

Waar de meeste techbedrijven worden ondersteund door investeerders, is Growth Tribe opgericht met eigen middelen. “Omdat we geen verantwoording hoeven af te leggen aan externe partijen kunnen we sneller werken en denken we nog sneller te kunnen groeien.”
Op dit moment speelt huisvesting in Amsterdam een belangrijke rol, aangezien het bedrijf in korte tijd is vertienvoudigd qua medewerkers. “Voor de uitbreiding van ons pand hoeven we geen beroep te doen op financiers, dit regelen we gewoon zelf.”

Om te bepalen of er ruimte is voor extra uitgaven, raadpleegt Growth Tribe de cijfers uit Exact Online. “Op de balans zien we precies hoe we er financieel voorstaan en hoeveel speelruimte er nog is. We hadden eerst een ander systeem, maar werden al snel te groot voor deze software. Onze boekhouder adviseerde ons om over te stappen op Exact Online, zodat we weer een volledig inzicht hebben in onze financiën. Ook worden de betaalstromen nu grotendeels geautomatiseerd, waardoor we meer tijd overhouden voor het najagen van onze ambities.”

‘Dé standaard voor growth hacking’

Voor veel innovatieve startups is het streven om het einde van het jaar af te sluiten met zwarte cijfers, maar Growth Tribe is naar eigen zeggen al sinds de start winstgevend. “We waren de eerste Europese speler in dit segment, terwijl de vraag naar onze dienst enorm is.”

Inmiddels zijn er meer partijen die zich bezighouden met growth hacking, maar de voorsprong die Growth Tribe heeft opgebouwd halen ze volgens Peter niet zomaar in. “Wij zijn al veel verder in onze ontwikkeling”, zegt hij. “Bovendien zijn we relevant voor een bijzonder groot publiek, variërend van young professionals tot directeuren van multinationals en beleidsmedewerkers die meer binding met hun doelgroep willen.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Travel Tomorrow AI MeetUp: artificial intelligence verbetert de wereld (1)

Posted 20 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Doemscenario’s rondom kunstmatige intelligentie halen de aandacht weg van de nu al indrukwekkende prestaties van deep learning. We zijn nog heel ver verwijderd van een computer die hetzelfde kan als de mens, maar vandaag de dag heeft AI bijvoorbeeld al wel de medische diagnoses aanzienlijk verbeterd.

Dit was in een notendop de boodschap van dr. Erik van Breusegem van SIMON, die tijdens de Travel Tomorrow MeetUp van ANVR, Vakantiebeurs en Emerce, aan de 140 deelnemers zijn visie op deep learning deelde.

Om de achtergrond van de technologie-angst te begrijpen, dook Van Breusegem de geschiedenis is. Al in 70 na Christus gaf keizer Vespasianus geen toestemming om een nieuw transportmechanisme voor zuilen in gebruik te nemen, omdat dat arbeiders hun baan zou kosten. De angst dat machines mensen overbodig maken is dus al zo oud als de weg naar Rome.

Econoom Milton Keynes kwam in de jaren dertig van de vorige eeuw met de nieuwe ziekte ‘technologische werkeloosheid’. Oftewel: we gaan zoveel automatiseren dat een gemiddelde werkweek 20 uur zal zijn in 1990. En veel recenter zei vastgoedgroep CBRE dat over elf jaar de helft van de beroepen overbodig zal zijn. Om te kunnen beoordelen of deze bewering, die al tweeduizend jaar wordt gedaan, dit keer wel waar zal zijn, is het belangrijk dat je weet hoe de techniek zich heeft ontwikkeld.

“Een heel belangrijk persoon in de ontwikkeling van AI is wetenschapper Jeffrey Hinton,” zegt Van Breusegem. “Hij behaalde in 1977 zijn PhD in Artificial Intelligence en was zijn hele carrière bezig met neurale netwerken. Zijn idee was om een computer te bouwen die de neocortex in de hersenen van de mens, waar rationele handelingen worden aangestuurd, kan nabootsen. Oftewel: er gaat een signaal in, dat wordt verwerkt en dan heb je een uitkomst, zoals: dit is een kat of: die persoon is boos of: de prijs moet met 20 procent omhoog, of: dit is mijn bagage en niet die van een ander. Dit idee bestaat al sinds 1950 maar het werkte voor geen meter. Hinton dreigde dan ook vast te lopen totdat Stanford-onderzoeker Fei Fei Li Imagenet oprichtte. Zij realiseerde zich namelijk dat artificial intelligence referentiemateriaal miste.”

Feedback geven

Ter vergelijking: als mens zien we zestig beelden per seconden. Tegen de tijd dat een kind vijf jaar is heeft hij honderden miljoenen plaatjes gezien en krijgt hij continu feedback van zijn omgeving of hij die juist interpreteert. Dus zette Fei Fei mensen in lagelonenlanden in om een database te vullen met miljoenen gelabelde plaatjes. Op Amazon Turk, de grootste AI-motor ter wereld, worden foto’s omschreven en gelabeld voor 1 cent per plaatje.

Google vindt dat te duur en zet Captcha in. Elke keer dat je gevraagd wordt in een serie foto’s aan te geven of er bijvoorbeeld een kat op staat om te bewijzen dat je een mens bent, ben je bezig kunstmatige intelligentie te trainen in het herkennen van katten. Deze database kwam precies op tijd en professor Hinton is tegenwoordig hoofd Artificial Intelligence bij Google.

Computer herkent beeld beter dan de mens

Hoe goed is de technologie nu? Van Breusegem: “In 2011 was de foutenmarge van de computer bij het herkennen van beelden 25 procent. De mens zit op 5 procent. Vandaag de dag haalt AI aan lagere foutmarge. Een probleem dat tot voor kort onoplosbaar werd geacht, is nu dus niet alleen opgelost maar ook nog zodanig dat het beter presteert dan een mens.”

En als iets werkt, gaan we het overal proberen toe te passen, stelt Van Breusegem. “Als het algoritme maar genoeg data en een goede feedback-lus heeft, dan kan het patronen signaleren. Het wordt onder andere gebruikt voor kankeronderzoek. Het algoritme is beter in staat om afwijkingen te detecteren dan een oncoloog en samen zijn ze nog sterker. Dat is waar we staan. Noem een techniek en AI wordt erin gebruikt. Giganten als Google, Amazon, Baidu zijn er natuurlijk heel agressief mee bezig. Maar problemen van kleinere bedrijven in de reisindustrie zullen niet voor je worden opgelost door Google of Amazon. Daar zit meteen een kans: je kunt zelf aan de slag met AI om toepassingen te bedenken die je verder helpen. Met een klein team kun je heel mooie resultaten boeken.”

Toepassingen in travel

In de reisbranche maakt Schiphol er bijvoorbeeld al gebruik van om te voorspellen hoe druk het zal zijn bij de security. Boeing en Airbus onderzoeken hoe ze een piloot kunnen schrappen in de cockpit. “Een zelfvliegend vliegtuig is mogelijk – die ene piloot die overblijft moet van de knoppen afblijven maar wekt wel vertrouwen bij de passagiers. De Thalys is bezig met de zelfrijdende trein. Die gaat er zeker komen, maar er zal wel een machinist op worden gezet om reizigers te woord te staan. De techniek moet robuuster worden gemaakt maar de acceptatie zit hem vooral in psychologie.”

Van Breusegem verwacht dat we eerst allerlei praktische tools en oplossingen gaan zien, bijvoorbeeld op het gebied van bagage. “Waarom hebben we allemaal nog een paspoort? Je kunt met zekerheid worden geïdentificeerd op basis van een gezichtsscan of andere biometrische kenmerken. Denk ook aan wayfinding – je bent op een luchthaven, wordt herkend en gekoppeld aan je vlucht, waarna je doorkrijgt hoe laat en waar deze vertrekt, hoelang de veiligheidscontrole duurt, et cetera. Dat is het leuke aan AI: het is er gewoon al en iedereen is ermee bezig.”

Rekenkracht van een muis

Maar dat is toch ook juist wat mensen beangstigt? AI is overal en kan de wereld overnemen. Volgens Van Breusegem wordt de soep niet zo heet gegeten als hij wordt opgediend. “Op dit moment is de beschikbare rekenkracht vergelijkbaar met de 4 miljoen neuronen in de neocortex van een muis. Als je die rekenkracht focust op één taak kun je al heel mooie dingen doen, bijvoorbeeld zelfrijdende auto’s bouwen. De mens heeft 21 miljard neuronen dus het duurt nog wel even voor we dat niveau kunnen benaderen met kunstmatige intelligentie.”

Gezien de ontwikkeling van rekenkracht zou het kunnen dat in 2045 dat stadium wordt bereikt. Maar dit is een extrapolatie op basis van grove aannames, dus zeker is het niet. “Anders gezegd: computers kunnen nu 0,02 procent van wat de mens kan. Ze zijn dus nog behoorlijk dom. Als iemand tegen mij zegt dat over tien jaar computers de wereld overnemen: kansloos. Het is gewoon nog niet zover. Het gaat misschien wel die kant op. Dan kom je in speculatieve scenario’s terecht. Niet alleen ben ik mijn baan kwijt, als er iets slimmers is dan ik, word ik dan een soort huisdier? Ja, er zijn risico’s. Het gaat hard en je moet daar met regulering rekening mee houden. Maar in the end vinden wij als mensen de toekomst uit. De technologie is neutraal en je kunt er een nog mooiere wereld mee bouwen.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

Tiqets krijgt voet aan de grond in Japan dankzij Veltra

Posted 19 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Tiqets heeft een samenwerkingsovereenkomst gesloten met de Japanse online reisagent Veltra. Veltra gaat de technologie van Tiqets voor het verkopen van toegangskaartjes voor attracties en musea plus de content, integreren in het eigen platform.

De twee bedrijven gaan voor drie jaar met elkaar in zee. Voor Tiqets is de Japanse markt nieuw in het portfolio.

De missie van Tiqets, dat in 2014 werd opgericht, is om cultuur en entertainment beter toegankelijk te maken. Dat klinkt simpel maar het is best lastig, zei CEO Luuc Elzinga eerder op Emerce.nl. “Je hebt te maken met taalbarrières, omslachtige boekingsprocedures en het creëren van zichtbaarheid – wat is er te doen, waarom moet iemand naar die venue toe? Wij hebben een technologische oplossing voor deze drie problemen bedacht die zowel de consument als de venues toegevoegde waarde biedt én schaalbaar is.”

qetsVeltra is marktleider in Japan op het gebied van tours en activiteiten. Het werd in 1991 opgericht en is daarmee een van de eerste online reisagenten ter wereld. Volgens CEO Wataru Futagi is Tiqets een ‘natural fit’ voor de ambities van Veltra.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Nike+: biedt Nike de ultieme customer experience?

Posted 18 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Nike brengt haar nieuwe salesstrategie naar de markt, geeft het loyaliteitsprogramma Nike+ een nieuwe impuls en laat zien wat de nieuwe “technisch begaafde” Nike Live winkel in Los Angeles inhoudt. Het Amerikaanse bedrijf tekent voor de volgende stap in retail.

In 2017 presenteerde Nike-topman Mark Parker een vijfjarenplan, waarbij de focus op exclusiviteit en omnichannel retail ligt. Nike wil onder meer over twee keer zoveel directe verbindingen met consumenten beschikken via NikePlus – ook wel Nike+, het loyaliteitsprogramma. Daarnaast moet in 2022 dertig procent van de omzet online worden geboekt, waar dat nu nog maar vijftien procent is. Hoe ziet de nieuwe visie en het loyalty retailconcept er in de praktijk uit?

Nike is ervan overtuigd dat “ongedifferentieerde, middelmatige retail niet zal overleven” en dus gaat het roer om. Afgezien van duidelijke focus op online verkoop kiest het Amerikaanse sportmerk voor een diepgaande samenwerking met veertig van de 30.000 retail partners, waaronder Footlocker, Nordstrom en Amazon. Deze partners zullen exclusieve Nike-producten verkopen en Nike krijgt meer te zeggen over hoe hun producten worden verkocht, waardoor het nog het meest weg heeft van een shop-in-shop strategie. Deze strategie zorgt ervoor dat Nike meer invloed heeft op de verkopen en haar campagnes nog zichtbaarder zullen worden.

In juli 2018 heeft Nike een bijzondere volgende stap gezet in het uitvoeren deze nieuwe visie, met de opening van de eerste winkel die zich specifiek op Nike+-leden richt. Indien je geen lid bent kom je niet binnen, dus wat kun je met Nike+ en hoe werkt het samen met de winkel?

Het Nike+ memberprogramma is gratis en wordt omschreven als: “alles wat je nodig hebt om het beste uit jezelf te halen”. Met de apps Nike+ Run Club en Nike+ Training Club word je voor je prestaties beloond met “unlocks” die je kunt inwisselen voor unieke producten en aanbiedingen, ook van partners. Nike+ biedt standaard gratis verzending, als eerste toegang tot nieuwe producten en uitnodigingen voor evenementen. De apps geven je exclusieve content van de beste atleten ter wereld, tips voor je work-outs en persoonlijke promoties zoals een verjaardagscadeau of in bijzondere gevallen een wedstrijdticket van je favoriete sportclub. Daarnaast kun je met je unlocks ook bij partners terecht en bijvoorbeeld kiezen voor high-energy training mixes via Apple Music, meditatiesessies via Headspace of fitnesslessen via Classpass.

De vernieuwing zit met name in de herziene aanpak voor Nike+. Het is geen transactionele loyaliteit die beloont op basis van je Nike-aankopen, het draait met name om ervaringen en emotie. Precies de richting die wij onze klanten ook adviseren en waar we in oktober ons volgend artikel over zullen publiceren, namelijk de drijfveren van loyaliteit. Nike+ in het bijzonder daagt je uit en beloont je wanneer je actiever bent en dat biedt voordelen voor beide partijen. Zo krijg je bijvoorbeeld extra unlocks wanneer je je snelste rondje van de week loopt, maar je slijt je schoenen ook sneller als je ze vaker gebruikt. Een win-win situatie dus. Het belangrijkste is dat Nike je helpt bij het behalen van je doelen. Met 140 miljoen gebruikers heeft Nike bovendien een berg aan nuttige userdata waar enorm veel potentie in zit.

Nike Live store

De nieuwe Nike Live winkel is bedoeld om online en offline retail te verenigen en fungeert als een “servicehub” die specifiek is aangepast aan de regio of buurt. Om ervoor te zorgen dat online en offline samenkomt is er een speciale app gelanceerd, welke een “shop companion” is, en het brengt digitale ervaringen via de app naar de fysieke winkel. Zo kun je met de Nike App at Retail:

  • Realtime de inventaris bekijken en de producten direct laten klaarzetten in de winkel of een pashokje.
  • Reserveren via de app, met een push-melding wordt verteld wanneer items klaar staan om te worden opgehaald uit een in-store kluisje.
  • Een QR-barcode scanner om meer te weten te komen over een product, beschikbare maten en kleuren, maar ook om je producten digitaal af te rekenen zonder in de rij bij de kassa te staan.
  • Nieuwe functies en content op je Nike+ account zodra je de Nike Live store bezoekt.
  • Toegang tot speciale Nike-producten, exclusieve kortingen en partner beloningen voor winkelactiviteiten in de Nike App.


Ook de nieuwe Nike Live store zelf heeft interessante functies om de omnichannel shopper van alle gemakken te voorzien. Zo zijn er kluisjes waar online bestelde producten kunnen worden opgehaald. Heeft de winkel Curb Services waar je snel iets kunt kopen, terugbrengen en/of ruilen via de stoep.

Dan is er een sms-dienst waarmee je direct in contact komt met een Store Athlete, de verkoper, genaamd Swoosh Text. Swoosh is de naam voor het logo van Nike. “Swoosh Text NIKE BY MELROSE at 424-277-NIKE”. Hierdoor is een snellere en meer gepersonaliseerde service mogelijk. De winkel beschikt over de Nike Sneaker Bar, waar je met een expert kunt praten over nieuwste beschikbare schoenen en het customizen daarvan. Tevens kunnen schoenen ter plekke getest worden op een loopband. Een andere service is Nike Express Sessions, waarin leden één-op-één persoonlijke styling afspraken kunnen boeken via de Nike-app. Bij de Nike+ Unlock Box kun je om de twee weken je gespaarde unlocks inwisselen om exclusieve Nike producten te bemachtigen.

Elke twee weken wordt de winkel gevuld met nieuwe bestsellers en buurt-specifieke stijlen, die geselecteerd worden op basis van de verzamelde regionale data. Dit loopt gelijk met de unlocks-automaat waardoor je dus getriggerd wordt om elke twee weken naar de winkel te komen.

Voor de opening van de eerste vestiging heeft Nike naar eigen zeggen gebruikgemaakt van de inzichten van duizenden members uit vijf postcodegebieden in Los Angeles. Het nieuwe winkelconcept wordt binnenkort ook in andere steden over de wereld gelanceerd. Dit jaar nog in Portland en vanaf 2019 wil Nike het concept onder meer in Tokio uitrollen.

Het nieuwe servicegerichte omnichannel winkelconcept lijkt een schot in de roos om loyaliteit, in ieder geval regionaal, te vergroten en een goede stap om de doelstellingen van CEO Mark Parker te behalen. Waarschijnlijk zullen de komende jaren deze services ook wereldwijd bij de andere 1150 Nike stores worden uitgevoerd en hoef je nu dus niet direct het vliegtuig naar Los Angeles te pakken.

Wij zien de nieuwe Nike Live winkelformule als de next big step in retail loyalty. De nieuwe winkel combineert de beste customer experience met customer service, wat zal leiden tot verhoogde klantloyaliteit. Er is goed gekeken waar de klanten echt behoefte aan hebben en hoe Nike daarop kan inspelen, anders gezegd: waar zitten de pains en gains. Deze formule is in onze ogen de ultieme combinatie van on- en offline, emotioneel en transactioneel. Allereerst vanwege de integratie tussen de nieuwe retail app en (de nieuwe functies van) de winkel. Ten tweede doordat de winkel op basis van regionale voorkeuren is ingericht en dit speciaal doet voor haar Nike+-leden. Zij kunnen daar extra unlocks verdienen en verzilveren.

De branding van Nike en de toekomst

Nike bombardeerde in september 2018 NFL-rebel Colin Kaepernick tot boegbeeld van de nieuwe campagne: “Believe in something. Even if it means sacrificing everything. Just do it.” Ze krijgen wereldwijd veel lof voor dit statement, maar tegelijkertijd roept het ook enorme weerstand op. Dat Nike als een van de weinige merken niet bang is om een statement te maken op het gebied van maatschappelijke en politieke issues weten we uit het verleden met onder meer de Nike Hijab en de excuses van Tiger Woods. Nike maakt deze statements heel bewust en altijd op basis van grondige data-analyses. Hieruit blijkt eens te meer dat consumenten het steeds belangrijker vinden dat merken de waarden steunen die zij belangrijk vinden en dat zorgt juist voor veel meer binding en loyaliteit. Deze vorm van branding, het maken van een statement en dus scherpe keuzes maken, is in onze ogen heel slim uitgevoerd en levert Nike nu al een piek in verkopen op.

Nike biedt met Nike+ en de Nike Live store relevante en toegevoegde waarde door sporters te helpen fitter te worden, ze uit te dagen en te stimuleren. De producten die Nike verkoopt zijn in principe niet anders dan dat van de bekende concurrenten, maar de product- en merkbeleving juist des te meer. Ze hebben een grote stap gemaakt die Nike veel gaat brengen. Daarnaast verzamelt Nike grote hoeveelheden data die omgezet kunnen worden in waardevolle klantinzichten, productverbeteringen of vernieuwende relevante campagnes. Wat ook weer interessant is voor de innovatieve partijen waar Nike mee samenwerkt. Ik ben benieuwd wanneer Amsterdam aan de beurt is.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Reiziger wil best betalen voor passende extra’s’

Posted 18 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Hoe goed past de reisbranche personalisatie toe? Die vraag stelde Mindtree in een onderzoek onder tweeduizend Amerikaanse reizigers. De conclusie: er is een kloof tussen de verwachtingen van de consument en wat reisbedrijven bieden.

Achtentachtig procent van de respondenten geeft aan dat personalisatie leidt tot meer loyaliteit aan het reismerk. Zevenenzeventig procent heeft weleens een slechte ervaring gehad bij een reisbedrijf en als gevolg daarvan heeft 27 procent nooit meer bij die partij geboekt.

Van degenen die gepersonaliseerde reisaanbiedingen ontvangen, zegt 31 procent daar gebruik van de maken. De groep die dit niet doet, geeft aan dat de timing van de aanbiedingen niet goed is (45 procent), dat de termijn om er gebruik van te maken te snel verloopt (35 procent) of dat de waarde tegenvalt. Drieëntwintig procent zegt dat de aanbiedingen die op basis van hun voorkeuren worden gedaan, uitstekend zijn. Er is dus nog ruimte voor verbetering, aldus Mindtree.

Het is niet zo dat personalisatie altijd draait om voordeeltjes. De meerderheid van de respondenten (68 procent) heeft extra’s gekocht die werden aangeboden door reisbedrijven. Reizigers zijn naar eigen zeggen best bereid te betalen voor een beleving die past bij hun behoeften. Zo willen ze gemiddeld 18 procent bij betalen voor een upgrade tijdens de vlucht. Bij treinen is dat zelfs 21 procent. Verder mag een huurauto 17 procent vragen voor een betere auto en een hotel 18 procent voor een betere kamer. Huishoudens in de hogere inkomenscategorie zijn zelfs bereid tot 30 procent meer neer te tellen voor een upgrade. Bij lage inkomens is dat 13 procent.



Lees het volledige bericht op Emerce »

TUI Group wil meer doen met excursies

Posted 18 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

TUI Group heeft Italiaanse start-up Musement gekocht, een online platform voor activiteiten, tours en excursies. Volgens TUI Group versterkt het hiermee zijn positie in deze markt, die wereldwijd 150 miljard euro waard is.

Musement werd vijf jaar geleden opgericht en biedt inmiddels 35.000 producten in 1.100 steden wereldwijd. Het portfolio omvat onder andere toegangskaartjes voor musea, evenementen en attracties, tours met gids en boot- en fietsexcursies. Musement heeft 130 medewerkers en een miljoen gebruikers.

TUI Group bedient de excursiemarkt al met TUI Destination Experiences en wil met de acquisitie van Musement door groeien in dit segment, dat gekenmerkt wordt door hoge marges. De Italiaanse aanwinst wordt als aparte unit gemanaged binnen TUI Destination Experiences. TUI Group verwacht veel te leren over digitalisering en personalisatie van Musement.

TUI Destination Experiences biedt tours, excursies en activiteiten aan op alle belangrijke vakantiebestemmingen. Het is de bedoeling dat de klant vanaf het moment van boeken tot vertrek wordt gewezen op de mogelijkheden. Klanten zullen hun eigen beleving kunnen vormgeven op de reis, bijvoorbeeld een bezoekje aan het Vaticaanmuseum met een Franssprekende gids op een bepaalde datum en tijd. Musement zal bijdragen aan de techniek die nodig is om dit geautomatiseerd te regelen.

De excursiemarkt is zeer gefragmenteerd. Meer dan 90 procent van de 350.000 aanbieders zijn kleine bedrijven die minder dan een miljoen euro omzet per jaar draaien. Het online platform van Musement biedt deze bedrijven een digitale marktplaats waar ze snel en eenvoudig hun producten kunnen presenteren en verkopen. Dit model blijft gehandhaafd. Het aanbod zal niet alleen beschikbaar zijn voor de TUI-klanten, maar blijft ook boekbaar voor derden, aldus TUI Group.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Dit zijn de manieren om veiligheid van AI-toepassingen te waarborgen

Posted 17 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Veiligheid en artificial intelligence vormen tot dusver nog geen combinatie die op veel aandacht mag rekenen. Als het al over de betrouwbaarheid van AI-toepassingen gaat, komt vooral de donkere kant bovendrijven. Op deze manier maak je je AI-toepassingen wel veilig.

In een eerder blog ging ik in op de ‘Best-practices van AI-toepassingen in de reis- en hotelindustrie’. Daarop kwam naar aanleiding van het rapport ‘TCS Global Trend Study: Part II’ boven water dat men vooral de volgende maatregelen zou moeten nemen om kunstmatige intelligentie (AI) ook in toekomst duurzaam en consistent succesvol in te kunnen zetten:

  • Beveilig het systeem tegen hacken;
  • Ontwikkel een systeem dat goede, betrouwbare en veilige beslissingen neemt;
  • Zorg ervoor dat medewerkers de systemen begrijpen en willen gebruiken.
Dystopische discours op Google dominant en gebrek aan transparantie vanuit bedrijven

Opvallend is dat op zoekwoordcombinaties in Google zoals ‘artificial intelligence secure systems hacking’ vooral de schaduwzijde – het dystopische discours-  centraal wordt gesteld met titels als: ‘Hackers are on the brink of launching a wave of AI attacks’, ‘6 ways hackers will use machine learning to launch attacks’ en ‘How AI-Driven Systems Can Be Hacked’.

Concrete informatie over de drie maatregelen en hoe deze door bedrijven die gebruik maken van AI-toepassingen, gebruikt wordt, is nauwelijks op het web te vinden. Zelfs bij directe benadering van bedrijven wordt vaak benoemd, dat men bewust niet dit soort informatie beschikbaar stelt. Als reden wordt bijvoorbeeld aangegeven dat het om te complexe processen gaat.

Transparantie van AI-systemen schiet te kort

Volgens onderzoekers ontbreekt het hedendaagse AI-systemen vaak aan transparantie. AI-systemen vormen een black box. Ontwikkelaars kunnen er niet altijd achter komen hoe AI-systemen bepaalde beslissingen nemen. De voorspelling is dat dit probleem groter zal worden omdat AI-applicaties steeds complexer worden.

Cases om van te leren

Microsoft’s chatbot Tay is een goed voorbeeld hoe AI beïnvloed kan worden door negatief gedrag van buitenaf. Dat kan resulteren in het tegenovergestelde van wat de makers in gedachten hadden. Tay was een chatbot die live interacties op Twitter gebruikte om intelligenter te worden. Terwijl Tay uitmuntende conversatie-eigenschappen ontwikkelde, bleek hij eveneens racistische en vrouwenhatende trekjes aan te nemen. Ook het voorbeeld van Facebook met Alice en Bob heeft getoond dat men AI op een solidere wijze zou moeten benaderen. Nadat de systemen hun eigen taal hadden ontwikkeld, die de facebookmedewerkers niet meer begrepen, werd het experiment meteen gestopt.

Stappen om AI-systemen veiliger te maken

Welke maatregelen kunnen worden genomen om AI veiliger te maken? Een eerste stap zou zijn de black box te openen, door transparantie-grondwetten te introduceren, open-source codes beschikbaar te stellen en AI minder ondoorgrondelijk te makenAI Now, een non-profitorganisatie die voor algoritme-vrijheid pleit, werkt met een simpel principe: als het te maken heeft met services voor mensen, als de designers niet een beslissing van een algoritme kunnen verklaren, zou men de applicatie niet mogen gebruiken.

Als het om het ontwerpen van AI-applicaties gaat, is het belangrijk om zeer facetrijke en verschillende teams samen te stellen, tebeginnen bij ras, geslacht, cultuur en socio-economische achtergrond. Daarnaast wordt aanbevolen om verschillende experts uit verschillende vakrichtingen erbij te betrekken, zoals sociologen, ethici, psychologen en geesteswetenschappers. Op deze manier wordt het risico’s van bias verminderd, doordat men probeert een AI-toepassing zo genuanceerd mogelijk te designen.

3 manieren om AI veilig te implementeren

Naveen Joshi (2017) introduceert in een artikel drie manieren om AI veilig te implementeren binnen een bedrijf

1. Ontwikkel richtlijnen/draaiboek ter bewaking van de AI-veiligheid

Het is belangrijk dat een tool, fysiek of digitaal, op ethische wijze wordt ingezet. Bedrijven zouden hiermee aan de slag moeten om te laten zien dat zij AI-applicaties op een goede manier en voor goede doeleinden inzetten. Het wordt daarom aanbevolen om bedrijfsinterne richtlijnen voor het gebruik van AI-systemen op te stellen en de medewerkers binnen het bedrijf hierbij te betrekken.

2. Beheer de integriteit van datasets: betrek mens en techniek erbij

Om de integriteit van AI-systemen moeten bedrijven eerst zorgvuldig omgaan met de integriteit van de gegevens en modellen welke ten grondslag liggen aan AI-systemen. Organisaties moeten technieken en processen implementeren om risico’s als gevolg van anomalieën te beschermen, op te sporen, te corrigeren en te beperken. ForAllSecure, een start-up, gevestigd in Pittsburgh, heeft in deze context een veiligheids-bot ontwikkeld, die in staat is om bugs en veiligheidsbedreigingen in systemen op te sporen.

Om de veiligheid van systemen te kunnen garanderen, heeft MIT’s Computer Science and Artificial Intelligence Laboratory en de machine-learning startup PatternEx een kunstmatige intelligentieplatform ontwikkeld, AI2 genaamd. Ze claimen dat het cyberaanvallen aanzienlijk beter voorspelt dan bestaande systemen, door voortdurend input van menselijke experts te verwerken. Dit is een goed voorbeeld hoe de menselijke expertise goed ingezet kan worden om systemen te verbeteren.

3. Valideer en verifieer

Valideren en verifiëren is een maat voor de betrouwbaarheid en voorspelbaarheid van AI-systemen. Voor het bereiken van robuustheid en veiligheid moeten alle AI-systemen worden gecontroleerd, gevalideerd en getest voordat ze worden geïmplementeerd. AI-systemen maken gebruik van nauwkeurige procedurele logica, analyse, redeneringen en zingeving met unieke menselijke kwaliteiten zoals empathie, waardeoordeel en esthetiek. Als AI-systemen veilig worden geïmplementeerd, kunnen bedrijven waardevolle inzichten verkrijgen en beter geïnformeerde zakelijke beslissingen nemen.

Een van de beste manieren om bijvoorbeeld connected auto’s te beschermen tegen cyber-aanvallen, is om een beveiliging in te bouwen in het ontwerp van de voertuigen. Dit betekent bijvoorbeeld dat er geen conflicten, fouten of misconfiguraties in afzonderlijke componenten zijn. Volledig geassembleerde auto’s moeten strenger worden getest om te zorgen dat het eindproduct aanvallen af kan weren, met behulp van methoden zoals penetratietesten. Hierbij worden systemen doelbewust aangevallen om gebreken bloot te leggen. Dit zou op zijn beurt weer leiden tot betere tools en standaarden die iedereen in de industrie zou dwingen vanaf het begin rekening te houden met veiligheid.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Voorspelling van vraag en aanbod maakt marketing efficiënter

Posted 17 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Te weinig sollicitaties voor een vacature verkleint de kans op goede nieuwe werknemers. De reisindustrie verliest geld als een accommodatie niet wordt geboekt. Daarnaast wil je geen marketingbudget investeren in vacatures of accommodaties die zonder meer worden ingevuld of verhuurd. Dit probleem van over- en underselling kan vermeden worden met een demand forecasting system.

Het voorspellen van de vraag door middel van een demand forecasting system is om verschillende redenen van waarde, maar het is vooral belangrijk voor bedrijven die zich in een van de volgende situaties bevinden:

  • Flexibel aanbod – flexibele vraag: het toekomstige aanbod van het product of de dienst is flexibel en het bedrijf heeft hier enige invloed op.
  • Vast aanbod – vaste vraag: het toekomstige aanbod van het product of de dienst ligt vast voor toekomstige periodes en het bedrijf heeft hier weinig invloed op.

Om het probleem van over- of underselling aan te pakken, is het mogelijk om een demand forecasting system te ontwikkelen. Dit is een systeem dat de verwachte vraag voorspelt (vacatures of reserveringen van accommodatie) voor de komende 52 weken en waarin het toekomstige aanbod is verwerkt om te bepalen of er acties moeten worden ondernomen. Met andere woorden: het demand forecasting system voorspelt de vraag naar een bepaald product per week, tot 52 weken in de toekomst. Dit wordt vergeleken met de levering van het product voor elke afzonderlijke toekomstige week. Wanneer er een gat is tussen vraag en aanbod, wordt het product gemarkeerd en kunnen acties worden ondernomen om over- of underselling proactief te voorkomen.

Hoe werkt het demand forecasting system?

Het vermogen om de toekomstige vraag nauwkeurig te voorspellen, is voornamelijk te danken aan het toepassen van machine learning. Die technieken worden toegepast op historische gegevens waarmee modellen worden gebouwd. In die modellen worden seizoensinvloeden en trends voor individuele producten of diensten nauwkeurig opgenomen. Op wekelijkse basis haalt het model nieuwe informatie op, bestaande uit de volgende stappen:

Figuur 1: Belangrijkste componenten in een voorspellingssysteem.

1. Data verzamelen

De eerste stap is het verzamelen van historische data die wordt gebruikt om automatische leermodellen en statistische modellen te trainen. Samen met de werkelijke ‘transactionele’ data is statische, tijdelijke en website data opgenomen. Dit kan van grote invloed zijn op de nauwkeurigheid van de voorspelling. Deze aanvullende data omvat parameters zoals websiteverkeer, productweergaven, het toevoegen van producten aan winkelwagentjes, het weer, de week van het jaar en andere kenmerken van het voorspellingsmodel.

2. Structureren en verrijken

De volgende stap is om de data op te schonen en om te zetten in complete tijdreeksen, wat dan zal bestaan uit een compleet set datapunten van een uniek product. Oftewel, gegevens van alle huidige producten gedurende de laatste vier jaar zijn nodig. Je hebt data nodig van ten minste twee jaar om ervoor te zorgen dat seizoensgevoeligheid gedetecteerd kan worden. Deze gegevens zijn niet beschikbaar voor nieuwe producten en daarom moeten we deze data genereren met behulp van een passend algoritme. Dit algoritme vergelijkt de kenmerken van het nieuwe product (bijv. prijsklasse, categorie, locatie, enz.) met alle producten in de database. Vervolgens selecteert het algoritme de 10% bijpassende producten en wordt de data van de gemiddelde historische gegevenspunten gebruikt voor het nieuwe product. Nadat dit algoritme op de gegevensset is toegepast, genereert het een volledige en schone gegevensset die kan worden gebruikt voor modellering.

3. Forecast reservations & model competition

De derde stap in dit proces is het begin van de modellering. Deze stap bestaat uit verschillende componenten. Ten eerste: voer een model competition uit, waarin zes modellen worden geselecteerd (zie figuur 2 hieronder). Daaruit zal het best presterende model komen. Hier wordt een controleset van de laatste 52 weken van alle producten gebruikt om te testen welk model de beste prestaties levert (MAE en RMSE). Na deze eerste stap wordt het best presterende model (inclusief de hyperparameters) gebruikt als het definitieve model om de vraag naar alle producten voor de komende 52 weken te voorspellen. Op dit punt wordt de verwachte toekomstige vraag per product voorspeld op het meest gedetailleerde niveau (bijvoorbeeld product per week).

Figuur 2: Algoritmen gebruikt in de model competition (incl. hyperparameter tuning)

4. Het voorspellen van aankomstperiodes

Het voorspellen van de aankomstperiode is een extra tijdscomponent die niet voor alle bedrijfstakken van belang is, maar alleen voor diegenen met een specifieke leverings- of consumptiedatum. Een voorbeeld hiervan is de reisindustrie. Je bent wellicht niet geïnteresseerd in het tijdstip waarop de boeking plaatsvindt, maar juist in de geboekte week of weekend. Met het gebruik van bootstrapping worden de voorspelde boekingen omgezet in voorspelde aankomstperiodes.

5. Voorraadverschil voorspellen

Nu de vraag naar alle producten voor 52 weken vooruit wordt voorspeld, is het eenvoudig om dit af te trekken van het beschikbare aanbod en een product te markeren wanneer er een potentieel toekomstig overschot is. Bovendien is deze stap flexibel en beschikbaar voor de eindgebruiker om mee spelen. Er zijn veel bedrijfsspecifieke beslissingen die in deze stap kunnen worden toegepast. Daarom is testen de beste aanpak.

Ten slotte is de output van het systeem tweeledig. Het genereert een lijst met gemarkeerde en niet-gemarkeerde producten die meestal wordt gebruikt voor het toewijzen of intrekken van marketingbudget uit campagnes die betrekking hebben op die producten. Daarnaast genereert het de voorspelde vraag die vaak wordt gebruikt door managers en directeuren voor budgettering en voorraadbeheer. Deze voorspellingssystemen zijn typische batchprocessen. Dit betekent dat ze ’s nachts op een dagelijkse, wekelijkse of maandelijkse basis werken, afhankelijk van het bereik dat je wilt voorspellen.

6. Monetisatie

Het systeem voor het voorspellen van de vraag kan op verschillende manieren worden gemonetariseerd, afhankelijk van het soort bedrijf en de use case die je hebt.

  • Vast aanbod – flexibele vraag: in dit scenario kun je geld verdienen met dit systeem door je marketingbudget slim toe te wijzen aan de producten die het nodig hebben. Trek gewoon het vaste aanbod af van de verwachte vraag en selecteer de producten met een groot verschil tussen vraag en aanbod. Stop bovendien alle reclamecampagnes en -inspanningen die verband houden met de producten waarvoor overselling wordt verwacht en investeer meer in producten waarvoor een overschot wordt verwacht.
  • Flexibel aanbod – flexibele vraag: in dit scenario kun je inkomsten genereren met het demand forecasting system door je strategieën voor voorraadbeheer te verbeteren. In detail betekent dit dat de voorspelde vraag eenvoudig zou kunnen functioneren als input voor de inkoopafdeling wanneer er pre-orders worden gemaakt. Je kunt de voorspelde vraag ook voor verwachtingsmanagement gebruiken wanneer nieuw aanbod wordt aangeboden. In de recruitmentsector kan het bijvoorbeeld worden gebruikt om het bedrijf dat op zoek is naar nieuwe werknemers een inschatting te geven of de vacatures op tijd zullen worden vervuld.

Het is duidelijk dat deze twee situaties met elkaar verweven zijn en dat het ene scenario het andere absoluut niet uitsluit. Het demand forecasting system wordt het best benut wanneer het wordt gebruikt voor alle mogelijke scenario’s, waarvan er slechts een paar hierboven worden genoemd. Alle activiteiten gerelateerd aan de toekomst, van het inhuren van nieuw personeel tot budgetallocatie en voorraadbeheer, kunnen worden verbeterd met behulp van dit voorspellingssysteem.

Meer sales, minder overschot

Het probleem van zowel over- als underselling komt voor bij veel bedrijven. Deze scenario’s hebben vaak een negatief effect en daarom zoeken bedrijven naar nieuwe manieren om ermee om te gaan. Een machine learning forecasting system stelt bedrijven in staat om goed inzicht te krijgen in de toekomstige vraag, die wordt vergeleken met het toekomstige aanbod (voorraad). Als gevolg daarvan moeten – voor de producten waarvoor een groot verschil wordt verwacht tussen vraag en aanbod – acties worden ondernomen om proactief het verschil hiertussen te vermijden. Er zijn verscheidene scenario’s waarin bedrijven de kans hebben veel geld te verdienen met een demand forecasting system.

Een quick win is het automatisch verschuiven van het marketingbudget van producten waarvan wordt verwacht dat er sprake zal zijn van overselling naar producten waarvan wordt verwacht dat er sprake is van underselling. Dit resulteert in meer verkopen en minder overtollige producten. Dit is zowel gunstig voor het bedrijf als voor de klanten. En zodra je grip hebt op de toekomstige vraag, kun je je marketinginspanning nog beter optimaliseren.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Krassen voor kwalitatieve e-mailadressen – de CoolCat-case

Posted 17 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

CoolCat communiceert met drie doelgroepen: kinderen, tieners en hun ouders. Dat gebeurt vooral via e-mailmarketing. Om de database uit te bouwen gebruikt CoolCat een even simpele als doeltreffende methode: kraskaartjes waarmee klanten een prijs kunnen winnen.

E-mail is een van de weinige kanalen die écht goed werken voor CoolCat, stelt online marketing manager Sander Andriessen. “Niet alle klanten zitten op social media en daar moet je steeds meer betalen om je eigen klanten te bereiken. Affiliate marketing en display advertising hebben als nadeel dat alle fashionmerken daarop actief zijn. Wij hebben drie doelgroepen: tieners van 12 tot 18 jaar, kinderen tot 12 jaar en ouders. Als een tiener op Kleding.nl ziet dat je ook kinderkleding aanbiedt, dan ben je niet cool meer. Via e-mail kunnen we elke doelgroep de producten en outfits laten zien die hen interesseren. Daar komt bij dat het prijskaartje voordelig is: voor een Facebook-lead betalen we 50 cent, bij e-mailmarketing is dat 14 cent.”

Leadgeneratie is heel belangrijk voor CoolCat omdat het kledingmerk geen loyaliteitsprogramma heeft. “Alle klantcontact verloopt online, met name via e-mailmarketing omdat dat een kostenefficiënt kanaal is om klanten te benaderen. Een grote database is hiervoor uiteraard belangrijk, daarom zijn we vorig jaar gestart met een leadgeneratiecampagne in samenwerking met Tailor Digital.”

Kortingsbon voor de moeite

Iedereen die iets in de fysieke winkels of de webshops koopt, krijgt een kraskaartje met daarop de URL van een landingspagina. De klant vult daar de opengekraste code plus zijn persoonsgegevens in en ziet of hij heeft gewonnen. Sowieso krijgt hij voor de moeite een kortingsbon. De ingevulde e-mailadressen komen automatisch terecht in het e-mailmarketingsysteem van Copernica, waarna zij een flow ingaan die is afgestemd op de leadgeneratiecampagne.

“De kraskaartjes zijn gecodeerd, zodat we precies weten waar verzilverde kaartjes vandaan komen. Daardoor kunnen we exact de conversie per winkel meten en daar ook tussentijds op sturen. Wanneer een winkel ondermaats presteert, kan dat komen doordat medewerkers de actie niet goed begrijpen of vergeten zijn, de storemanager bij de start van de actie op vakantie was, kaartjes zonder uitleg aan de klant worden meegegeven of die uitleg nog nét iets beter kan. Het is natuurlijk prettig als je daar tijdens de looptijd van de campagne achter komt, zodat je er nog iets aan kunt doen.”

Conversie van 10 procent

De eerste campagne met kraskaartjes lanceerde CoolCat in juni vorig jaar bij wijze van test. Daarbij konden deelnemers een shoptegoed van 200 euro winnen. Alle deelnemers kregen bovendien een korting van 10 procent op de volgende aankoop. “De Win That Prize-campagne leverde ons 75.000 unieke deelnemers op, van wie driekwart nog niet in onze database stond. De conversie was 10 procent. Na drie maanden stond 85 procent nog steeds ingeschreven voor de nieuwsbrief en opende deze ook,” zegt Andriessen.

De belangrijkste learning uit deze succesvolle test was dat het personeel goed moet worden ingelicht over waar de actie om draait en hoe ze dit richting de klant uitleggen. “We hebben daarom een soort competitie opgezet waarbij het personeel van de vijf best scorende winkels prijzen kon winnen. Dat werkt heel goed – klanten worden beter voorgelicht over de actie, er worden daadwerkelijk meer kaartjes meegegeven door de medewerkers en meer klanten doen mee.”

Ook interessant is het feit dat één prijs van 200 euro een enorme conversie opleverde. “Er worden door andere bedrijven weleens grotere prijzen uitgereikt. Eén Nederlandse retailer had zelfs een leadgeneratiecampagne met een prijzenpot ter waarde van een miljoen. Zij gaven auto’s en vakanties weg, maar hun conversieratio is niet hoger dan die van ons. De prijs hoeft dus niet zo groot te zijn.”

Samenwerking met Bruna

In augustus vorig jaar lanceerde CoolCat de tweede campagne, dit keer in samenwerking met boekhandel Bruna. “Het was een back-to-school campagne en we hoopten op een synergie-effect door onze klantengroep te combineren met die van Bruna. Uit deze tweede campagne haalden we heel veel learnings. Ten eerste hadden we een nieuwe URL voor de landingspagina omdat mensen nog steeds hun kaartje uit de eerste campagne konden verzilveren. Dat leverde heel veel verwarring en vragen op – mensen gingen naar dezelfde pagina als bij de Win That Prize-actie en konden de Back to School-campagne niet vinden.”

Tweede les was dat de franchisenemers van Bruna het niet prettig vonden om klanten een kaartje mee te geven dat verwees naar een website. Zij waren bang om omzet te verliezen aan online. “Daardoor realiseerde Bruna een conversie van minder dan 1 procent terwijl wij boven de 13 procent zaten. Voor ons was de campagne op zich succesvol maar de beoogde kruisbestuiving tussen de klantgroepen van CoolCat en Bruna kwam niet tot stand.”

Meer draagvlak in de winkels

Daarom is het bij omni-channel leadgeneratie essentieel dat inzicht wordt gegeven in de win-win situatie voor zowel de winkels als de webshop. “Via de nieuwsbrief bereiken wij ontzettend veel mensen die nooit online kopen, maar wel in de winkels. Hoe meer winkelklanten de nieuwsbrief ontvangen, des te sneller zij geneigd zullen zijn om naar de winkel te gaan om een aankoop te doen. Wij maken dus inzichtelijk hoe vaak de kortingscodes online en in de winkel gebruikt zijn. Bij de Win That Prize-campagne werd 60 procent van de omzet uit de kortingscode in de winkels besteed. Met zulke cijfers en inzichten groeit het draagvlak vanuit de winkels en dat zie je terug in de conversie van de kraskaartjes.”

CoolCat is nog druk bezig met het optimaliseren en leren van de campagnes. Daarbij wordt ook de e-mailmarketingflow waarin de deelnemers terecht komen getest en verbeterd. De eerste campagnes hebben veel learnings opgeleverd. Voor de volgende campagne wil Coolcat de e-mailmarketing nog wat meer toespitsen per doelgroep, zo kan goed gezien worden hoe deze doelgroep zich ontwikkelt. “Ik ben benieuwd wat voor resultaten dat oplevert,” aldus Andriessen.

Meer weten? Download hier de casestudy ‘Leadgeneratie e-mailadressen in fashion’ en lees meer over hoe je met leadgeneratiecampagnes een goede database opbouwt en effectiever communiceert.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Bohemian Birds Group lanceert derde label: studiereis.com

Posted 14 sep 2018 — by Emerce
Category nieuws

Reisorganisatie Bohemian Birds Group is gestart met een nieuw label, www.studiereis.com, dat – de naam zegt het al – is gespecialiseerd in studiereizen voor studieverenigingen.  

Bohemian Birds Group heeft een nichestrategie waarin elk label een specifieke doelgroep bedient. Na www.bohemianbirds.com (lustrumreizen) en www.incentivereis.nl (bedrijfsreizen) is www.studiereis.com het derde label van het bedrijf dat zich focust op de ‘bucketlist-generatie’. Studiereis.com biedt maatwerkreizen aan voor grote groepen naar bestemmingen als Argentinië, Engeland, Frankrijk, Japan, Portugal, Spanje, Verenigde Staten en Zuid-Korea. De boeker heeft keuze uit vier thema’s: innovatie & technologie, duurzaamheid, belevingsreizen en ‘Wie is de Mol?’

Innovatie & technologie is bijvoorbeeld een combinatie van een bezoek aan de Web Summit in Lissabon met een aantal dagen surfen in Ericeira. Voor duurzaamheid heeft Bohemian Birds een partnership met By the Ocean We Unite. “Samen met hen kunnen we studiereizen organiseren waarbij studenten een week gaan zeilen en meer leren over het plasticprobleem in de oceaan,” zegt oprichter Jasper Mutsaerts. “Qua belevingsreizen hebben we onlangs een studiereis van vier dagen georganiseerd in samenwerking met de Bear Grylls Survival Academy. Op deze manier leren studenten zichzelf en elkaar goed kennen in een bijzondere setting.”

Bij ‘Wie is de Mol?’ leggen groepen studenten een route af door middel van aanwijzingen die ze krijgen over de volgende bestemming. Het is belangrijk om de lokale bevolking hierbij om hulp te vragen wat het ook weer educatief maakt. Punten verzamelen en uitzoeken wie de mol in het spel is, is het doel van het spel.

Van 7 naar 100 miljoen omzet in zes jaar

Bohemian Birds Group werd in 2013 opgericht en staat onder leiding van CEO Michiel Stoffels. Naast Mutsaerts zitten Otto Verhage en Jelle Postma in de board. Het bedrijf werkt inmiddels voor de 50 grootste studenten- en studieverenigingen van Nederland en voor bedrijven zoals Acumen, BCC, Guidion, Nauta Dutilh en Tripadvisor. In 2019 verwacht het bedrijf circa 7 miljoen euro omzet te genereren. In 2025 moet dat 100 miljoen zijn, is de ambitie van Verhage en Postma.

Hoe gaat Bohemian Birds dat doen? “In de periode 2014 – 2018 zijn we ieder jaar met meer dan 200 procent per jaar in omzet gegroeid. We verwachten dit tempo tot en met 2025 vast te houden vanwege een heldere groeistrategie die gebaseerd is op drie pilaren: focus, repetitie en happiness. We hebben ten eerste een vlijmscherpe focus op het aanbieden van ‘bucketlist maatwerkreizen’ voor grote groepen met een budget tussen de 10.000 en 1 miljoen euro per reis. Op termijn zijn we van plan om een apart label op te zetten gericht op groepsreizen voor individuen met een vergelijkbare bucketlist. Verder zullen we constant zoeken naar technologische oplossingen, zoals een offertesysteem, om schaalbaar te blijven groeien. Volgens onze analyse kunnen we met deze focus uitgroeien tot een bedrijf met 100 miljoen euro omzet binnen de Benelux in 2025.”

Repetitie slaat volgens Mutsaerts op het versneld uitrollen van het ‘repeatable model’, waarin steeds een website wordt gelanceerd die een specifieke niche bedient, zoals lustrumreizen, bedrijfsreizen en sutdiereizen. “De ambitie is om mensen echt structureel te helpen met het legen van hun bucketlist, dus van studententijd tot en met pensioen. De niches maken we succesvol door online een goede positie op Google te bereiken bij een aantal relevante keywords en offline een gestructureerd salesproces op te tuigen met gepassioneerde bucketlistadviseurs.”

Happiness draait om medewerker- en klanttevredenheid. “We organiseren teamreizen, geven medewerkers de mogelijkheid om zo nu en dan voor hun werk te reizen en we houden iedere maand een Happiness survey. Verder streven we altijd naar een klanttevredenheid van 9/10. Een van onze crowdfunding investeerders is Asha Lalai, Founder van United by Happiness. Zij heeft ons gemotiveerd om happiness te integreren in onze bedrijfsvoering.”



Lees het volledige bericht op Emerce »