Posts Tagged ‘anp’

Sephora wil verkopen via Google Assistant: luxe-retailer focust op tech

Posted 22 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Het Franse beauty- en cosmeticamerk Sephora gaat als een van de eerste retailers aan de slag met ‘Transactions on Google’. De functie om te verkopen via Google Assistant. Het is niet voor het eerst dat Sephora er als de kippen bij is om nieuwe technieken uit te proberen.

Voor de dochteronderneming van ’s werelds grootste luxemerk LVMH – ook eigenaar van merken als Dior, Louis Vuitton, Marc Jacobs en diverse warenhuizen – past die focus op digitale middelen naadloos bij het moderne retailen. ‘Als je een succesvolle retailer wil zijn, moet je digitaal denken en dit op het hoogste niveau in de organisatie onderbrengen’, zei de bekende Julie Bornstein eens die aan de wieg stond van de strategie.

Technologie verrijkt klant- en winkelervaring

Klanten hebben behoefte aan entertainment, zo is de overtuiging. Met ongeveer 2500 winkels in tientallen landen heeft Sephora daarvoor een uitstekende basis in huis. De afgelopen jaren is er daarom flink geëxperimenteerd met technieken die de klantervaring kunnen aanvullen.

Misschien wel het beste voorbeeld daarvan is de Sephora Virtual Artist. Deze augmented reality-tool stelt het winkelend publiek in staat lipsticks en andere make-up visueel uit te proberen. De tool is bovendien voorzien van allerlei tutorials die laten zien hoe een bepaalde ‘look’ te bereiken is. Met ingebouwd zelflerend mechanisme adviseert de applicatie kleuren die passen bij iemands huid. Dat de retailer deze technologie in zowel de app als op de winkelvloer beschikbaar maakt, gebeurt omdat het bedrijf snapt dat het productaanbod in een gemiddelde winkel overweldigend kan zijn.

Er zijn winkeliers die juist daarom een grote rol zien weggelegd voor adviserende medewerkers, Sephora zegt te geloven in ondersteunende technieken. De ingegrepen machine learning kan inmiddels zo goed rekening houden met gezichtskenmerken dat het kwaliteitsniveau van de visualisaties of adviezen hoog genoeg is hiervoor. In een vorig jaar gegeven toelichting noemde het bedrijf de tool al een groot succes. In korte tijd probeerden ruim acht miljoen klanten de app en probeerden zo honderden miljoenen keren een make-up.

Innovaties in de retail moeten niet omarmd worden omdat ze ‘cool’ zijn of tijdelijk hip, waarschuwt één van de betrokkenen. Een digitale oplossing moet de klantbeleving leuker, beter of efficiënter maken. Voor het bedrijf zelf is het een manier om de eigen mensen te ondersteunen. Daarom rust het bedrijf alle medewerkers uit een techniek genaamd Color IQ. Daarmee ‘meten’ zij iemands huid, informatie die wordt opgenomen in het loyaliteitsprogramma van het bedrijf. Loyaliteit draait namelijk niet om punten of het bereiken van een volgend spaarniveau. Het gaat erom klanten zo persoonlijk mogelijk te benaderen en ze advies te geven.

Intern voorbereiden op personalisatie

Of het nu de vroegtijdige experimenten met Apple Pay of beacons zijn, veel ervan komt voort uit Sephora’s eigen innovatielab. Zo is een techniek om op basis van huidkenmerken parfums te adviseren al geprobeerd. Door deze kraamkamer te vestigen in Silicon Valley zegt het bedrijf snel te kunnen schakelen met talloze start-ups en de nieuwste oplossingen op kleine schaal te kunnen proberen. Een speciale interne denktank nodigt medewerkers uit om vernieuwende ideeën te pitchen aan het managementteam.

Het Franse bedrijf wil zich voorbereiden op een luxe-industrie die steeds meer gaat draaien om de persoonlijke ervaring. Daarin speelt technologie een grote rol. Digitale oplossingen kunnen zich immers aanpassen aan het reeds opgeslagen uiterlijk, de eerdere verkopen en andere voorkeuren.  Ter voorbereiding hierop voerde Sephora afgelopen najaar ook al enkele interne veranderingen door. De twee teams die verantwoordelijk waren voor de in-store retail en e-commerce zijn samengevoegd. Een subteam is in het leven geroepen om de offline en online klantervaring verder in lijn te brengen met elkaar.

Een van de belangrijke stappen die het bedrijf sindsdien heeft gezet, is het aankondigen van een oplossing voor Google Assistant. ‘Het gebruik van stemgestuurde assistenten gaat voor een revolutie zorgen in retail’, spreekt de retailer stellig. Nu is er via de Google Home alleen nog een afspraak te maken voor een makeover, met de komst van Transactions on Google wil het op die manier ook e-commerce bedrijven. Een van de voornaamste redenen: data. Sephora denkt zo een belangrijke brug te kunnen slaan tussen de offline en online kanalen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Facebook stopt autoplay videoreclames in Messenger

Posted 21 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Reclame zit al anderhalf jaar in Facebook Messenger, maar het bedrijf erachter gaat nog een stap verder: het gaat automatisch reclamevideo’s afspelen rondom de persoonlijke chats.

Dat maakte het hoofd van de reclamebusiness in Messenger, Stefanos Loukakos, eerder deze week bekend in Frankrijk. Dat deed hij in een door Facebook gehuurd strandhuisje dat als podium fungeert tijdens het Cannes Lions Festival.

Loukakos boort hiermee een nieuw geldstroom aan, een waar vooral grotere adverteerders in zijn geïnteresseerd. Videocommercials hebben, mits goed gemaakt, grote impact dan een statische banner Maar ze kosten ook meer. Zo lang het mogelijk is om de uitingen gericht af te leveren bij de beoogde doelgroepen, hebben bedrijven daar budget voor.

De grote vraag is vooral hoe gebruikers van Messenger reageren op de indringende, bewegende beelden in hun persoonlijke gesprekken. Facebook neemt zoals altijd een reactieve opstelling in en zegt bereid te zijn tot aanpassingen als gebruikers het als te hinderlijk ervaren.

Flickr: Jimmy G (cc)



Lees het volledige bericht op Emerce »

Kansspelautoriteit gaat loot boxes controleren

Posted 20 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

De Kansspelautoriteit gaat vanaf vandaag na of gamebedrijven aanpassingen hebben gedaan in hun illegale loot boxes, schatkistjes in games.

De toezichthouder onderzocht in de periode november 2017 – april 2018 loot boxes in populaire games. Aanleiding hiervoor waren zorgen over deze gokelementen in games bij spelers van games, ouders en zorginstellingen.

Loot boxes zijn een soort schatkistjes die in een spel kunnen worden verkregen. Soms moet ervoor worden betaald, soms niet. De opbrengst maakt het spel soms alleen cosmetisch mooier, soms wordt het ook makkelijker om het spel te winnen. Daarnaast kan de inhoud van een loot box buiten het spel om worden verhandeld en daardoor geldwaarde krijgen.

De Wet op de kansspelen staat dit laatste niet toe: het aanbieden van een dergelijk kansspel zonder vergunning is verboden. Het gaat dan om de combinatie van verhandelbaarheid en verkrijging door toeval.

De betrokken partijen kregen tot 20 juni de tijd om hun spel aan te passen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Drone van Agrifly bestrijdt voedseltekorten

Posted 20 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

“Globaal gezien zou er over een aantal decennia sprake kunnen zijn van een voedseltekort. Daarom moeten we efficiënter te werk gaan”, vertelt Wilco Stollenga (21), oprichter van Agrifly in het Groningse Eppenhuizen. Zijn drone-concept draait volledig om luchtopnames van land- en akkerbouwpercelen, en om de gegevens die daaruit voortkomen.

Wat is Agrifly?

“Wij bieden dronevluchten aan om te analyseren welke onregelmatigheden zich voordoen in gewassen.”

Hoe werkt het precies?

“De drones zijn uitgevoerd met een speciale camera die onder andere kijkt naar de biomassa van akkers en velden. Uit de biomassa kan de hoeveelheid fotosynthese in een gewas afgeleid worden, en dat geeft de dichtheid en grootte van het gewas weer. Ook zijn uit de beelden groei- en kleurverschillen af te lezen op basis waarvan boeren hun gewassen beter kunnen verzorgen en een hogere productie kunnen draaien.”

Hoe groot is de drone?

“Een Agrifly-drone is met zijn twee meter groter dan reguliere consumentendrones. Dat maakt ‘m stabieler en hij kan langere afstanden afleggen.”

Welk probleem los je op?

“Inefficiënte teelt. Dat uit zich in grote onderlinge verschillen van opbrengst. De dichtheid van het aantal planten kan sterk afwijken als je plekken gaat vergelijken of het kan zijn dat planten verschillen in grootte. Een boer kan hierop inspelen door de ruimte beter te benutten en de voeding aan te passen.”

Waarin zit het onderscheidende karakter van Agrifly?

“In de jarenlange ervaring in analyse en ook ben ik goed bekend met de sector door mijn eigen achtergrond.”

Wat is jouw eigen achtergrond?

“Ik ben opgegroeid op een boerderij en dat is wat mijn vader nog steeds doet. Zelf studeer ik Technische Bedrijfskunde in Groningen. Mijn achtergrond en studie gecombineerd is wat ik nu naast mijn studie opzet: Agrifly.”

Hoe ben je hiermee begonnen?

“Op mijn achttiende heb ik geïnvesteerd in een kwalitatief goede drone. De kwaliteit van de beelden verbaasden boeren in de buurt en zo kwamen de eerste aanvragen binnen om percelen in kaart te brengen.”

Dus je legt alleen de beelden vast?

“Ja, en meer. De eerste stap is vastleggen, de tweede de juiste conclusies trekken en de derde de uitvoerings- en implementatiefase. Ik focus met Agrifly op de eerste twee, omdat het aan de agrariërs is of ze aanpassingen gaan doen. De boer blijft uiteindelijk de baas over zijn land.”

Waar sta je nu?

“Ik ben druk in de weer met mijn eerste klanten in Noord-Nederland, traditioneel een gebied met veel aardappelteelt. Op aardappelen zit de meeste marge en kan ik de meeste waarde toevoegen voor mijn klanten. Zodra ik dat bewezen heb, ga ik ook andere gewassen vastleggen en andere klanten bedienen. Ik ben ook betrokken bij een experiment met 5G.”

Hoe is de ontwikkeling tot stand gekomen?

“Aan het begin was het een drone met een standaardcamera. Na een tijdje heb ik een betere camera op een klein modelvliegtuig geplaatst. Die vormen nu de drone. Bij de eerste boeren heb ik uitgeprobeerd aan welke eisen de drone moest voldoen. Denk aan hoe lang de drone moet vliegen, hoe hoog of juist laag en welke stabiliteit van belang was. Dit allemaal is meegenomen in de keuzes voor camera’s en het vliegtuig.”

Tegen welke uitdagingen loop je aan?

“Het ontbreekt mij nu aan de biologische kennis van gewassen om een algoritme te kunnen bouwen en de juiste conclusies te kunnen trekken. Op dat vlak wil ik samenwerken met andere partijen en partners. Verder is de schaalbaarheid een probleem, want als ik duizend aanvragen krijg heb ik niet de capaciteit om in deze aantallen te voorzien.”

Hoe wil je een probleem als schaalbaarheid trotseren in de toekomst?

“Ik wil er naartoe dat ik techniek lever en ontwikkel die gemakkelijk toe te passen is. Die kan dan werken op een algoritme en zo automatisch de data verwerken en een advies genereren. Maar misschien is er over een tijdje vraag naar anderen data waarop ik dan kan inspelen, het ontwikkelt zich zo snel.”

Wat zie je in de toekomst gebeuren en wanneer ben je tevreden?

“In de toekomst wil ik echt bewezen waarde toevoegen voor de boeren. Dat ik cijfers kan noemen en dat ik iets nieuws gecreëerd heb voor deze sector.”

Wat verwacht je van het Accenture Innovation Awards-programma?

“Ik ga er heel open in, maar hoop goede feedback te krijgen van de experts van het thema Nutrition en met deze mensen en in contact te komen. Netwerken is belangrijk en door dit programma kan ik een basis leggen voor de toekomst.”

Wat is jouw gouden tip?

“Uitproberen, uitproberen en nog meer uitproberen. Niet oneindig veel plannen schrijven en investeerders aantrekken. Heel cliché, maar ik zie meer succes in klein beginnen en vanuit daar uitbouwen.”

Agrifly neemt deel aan de Accenture Innovation Awards 2018 in het thema Nutrition.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Ex Machina Groep ontwikkelt formules voor shoppingkanalen

Posted 20 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws
Ex Machina Groep heeft een aantal interactieve formaten uitgewerkt voor shoppingkanalen, zowel via YouTube, Facebook als het grote scherm. Directeur Frank van Oirschot gaf gisteren een voorproefje op Cross Media Café in Hilversum.

Van Oirschot meent dat reclame op lineaire (reguliere) tv een doodlopende weg is. Het bereik wordt minder en online media bieden veel meer mogelijkheden op het gebied van metingen en gerichte reclame.

Toch zijn er in zijn ogen slimmere manieren om consumenten te bereiken. Namelijk met de aloude formule van het shoppingkanaal, maar dan in een modern jasje.

De formules die gisteren werden getoond dragen titels als Zengo, Amsterdam Today, Karaoke Cooking en – vermoedelijk in verband met Singles Day – het Cyber Sales Festival. Getoonde producten kunnen meteen besteld worden, uiteraard met spectaculaire kortingen.

Verkocht zijn de formules nog niet, vertelde Van Oirschot, maar dat zou geen al te grote opgave moeten zijn. Ex Machina Group werkt samen met grote namen in de entertainmentindustrie, waaronder Red Bull, ITV, Twitch, FremantleMedia, Microsoft, Talpa Global, Sony Pictures Television, WinView en NBC. In Nederland werkt het bedrijf voornamelijk voor RTL vanwege de ‘pittige budgetten’.

Ex Machina Groep heeft in dit verband e-commerce gigant Alibaba geadviseerd over de aanpak van zijn shopping event Tmall Luxery Flash, maar Van Oirschot moest toegeven ‘dat wij meer van hen hebben geleerd’.



Lees het volledige bericht op Emerce »

.@_janpostma_ Amerika-correspondent voor De @Telegraaf

Posted 20 jun 2018 — by Villamedia
Category nieuws

Jan Postma gaat aan de slag als Amerika-correspondent voor De Telegraaf. Postma woont al in Washington DC, waar hij sinds februari als freelance correspondent voor…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

Case: Travelbags blijft groeien door omnichannel en retargeting

Posted 20 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Travelbags, de Nederlandse marktleider in koffers en (reis)tassen, weet nog elk jaar te groeien. Tot voor kort deed het bedrijf dit geheel op eigen kracht, maar in juni 2018 sloot het een investeringsovereenkomst met RTL. “We willen niet alleen de groei in Nederland en België doorzetten, maar ook uitrollen in omliggende landen”, aldus medeoprichter Gerjan Horstra.

Het bedrijf begon in 2006 als fysieke speler, maar inmiddels is de webshop het leidende kanaal. Met een assortiment van meer dan 14.000 artikelen is de webwinkel, in 2008 gestart, uitgegroeid tot de grootste Nederlandse webshop binnen haar segment. Als het aan Horstra ligt, blijft het daar niet bij. “Enkele jaren geleden heb ik alle buitenlandse domeinnamen gekocht, zodat we stapsgewijs kunnen uitbreiden in Europa.”

Via Amazon actief in Duitsland en Engeland

Naast de Nederlandse en Belgische markt is het bedrijf via Amazon momenteel actief in Duitsland en Engeland. “Op deze manier kunnen we vrij eenvoudig testen welke merken hier aanslaan, zodat we op termijn eigen webwinkels kunnen lanceren die zijn ingericht volgens de smaak van de lokale consument.”

Ook sluit Horstra niet uit dat er naast de winkels in Hardenberg, Groningen en Zwolle extra fysieke vestigingen worden geopend. “De fysieke retail is een wat lastigere markt, maar er liggen wel degelijk kansen. Er is best een grote doelgroep die het fijn vindt om de producten in het echt te zien en de materialen te kunnen voelen.” Hij vertelt dat de winkels goed zijn voor negen tot twaalf procent van de totale omzet. Al wordt dit wel elk jaar lager door de groei van de webshop.

‘Het aantal orders zit nog elk jaar in de lift’ 

Het Overijsselse familiebedrijf boert lekker. In de recente Twinkle100 veroverde Travelbags plaats 109 met een geschatte jaaromzet van 11,5 miljoen euro. “Exacte cijfers deel ik niet”, zegt Horstra. “Maar we draaien inderdaad goed. We verwerken dagelijks vele honderden orders en dit aantal zit nog altijd in de lift. Elk jaar sluiten we af met een recordomzet. Dit jaar verwachten we weer 25 tot 30 procent te groeien.”

Horstra denkt dat het grote succes van Travelbags onder meer valt toe te schrijven aan het innovatieve karakter van het bedrijf. “Wanneer je wilt groeien, moet je blijven doorontwikkelen”, zegt hij. Daarom wordt vrijwel elke verdiende euro direct weer in het bedrijf gestoken. “Wij proberen ons te onderscheiden door de trends in de markt goed te volgen en deze te vertalen naar de behoefte van onze klant. Zo hebben we onlangs onze mobiele site verder geoptimaliseerd voor een nog betere gebruikservaring.”

‘We wilden boven ons zelf kunnen uitstijgen’

Om ervoor te zorgen dat Travelbags top of mind is wanneer mensen een koffer of (reis)tas zoeken, investeert het bedrijf flink in allerlei marketingkanalen. “Het vergroten van onze naamsbekendheid is één van onze belangrijkste doelstellingen. Je ziet ons daarom op tv, op allerlei social media-kanalen en YouTube. Ook zetten we dynamische remarketing in, verspreiden we tekstadvertenties en maken we gebruik van (prijs)vergelijkers.”

Aangezien het met al die verschillende marketingkanalen knap lastig kan zijn om het optimale eruit te halen, werkt Travelbags samen met AdResults. “We hadden eerst een ander marketingbureau. Zij hebben ons goed geholpen met de eerste stappen, maar wij wilden meer. We wilden boven ons zelf kunnen uitstijgen en zochten daarom een partij die in staat was om met ons mee te denken.”

Nog voldoende potentie in de markt

Inmiddels werken de bedrijven alweer vijf jaar samen en zijn de verkoopcijfers, die al niet gering waren, met honderden procenten gestegen. Om de groei goed te monitoren en in kaart te brengen welk deel het resultaat is van de betaalde online marketingkanalen, ontwikkelde AdResults een document waarin dit in één oogopslag duidelijk wordt. “We kunnen nu precies zien wat de resultaten per kanaal zijn en wat het totale effect is van de betaalde kanalen. Ook kunnen we de resultaten goed vergelijken met voorgaande maanden.”

Doordat de werkwijze zorgt voor een helicopterview kan er beter worden bepaald welke koers er moet worden gevaren. “Mocht het nodig zijn, dan kunnen we direct onze doelstellingen aanpassen”, zegt Gerjan. Hij bedoelt hiermee overigens niet dat doelstellingen moeten worden afgeschaald, want de groei die Travelbags weet te realiseren is jaar na jaar hoger dan die in de markt. “Er is nog voldoende potentie in onze niche. Travelbags groeit nog elke dag en ik ben ervan overtuigd dat we deze trend nog wel even kunnen voortzetten.”



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘E-commerce transformeert Europese steden’

Posted 20 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Europese steden dienen meer rekening te houden met de uitdagingen van e-commerce. Dit is de belangrijkste conclusie uit het rapport ‘Signed, Sealed, Delivered – Analysing the Impact of E-commerce on Urban Areas’ van ingenieursadviesbureau Sweco.

De omzet van e-commerce groeit jaarlijks met 10 tot 15 procent, wat vraagt om structurele veranderingen in de aanvoerketen van winkels. Voorheen was winkelgedrag van consumenten relatief voorspelbaar in plaats en tijd, maar met de komst van e-commerce is dit veel complexer geworden.

Stedelijke planners, winkeliers en logistieke bedrijven staan volgens de onderzoekers voor nieuwe uitdagingen. Dat geldt helemaal voor levering aan inviduele consumenten. Ook het organiseren van retourzendingen en het aanbieden van verschillende duurzame bezorgmethoden vergen hun eigen aanpak.

Door de toename van e-commerce maken minder mensen de reis naar fysieke winkels, maar daarvoor in de plaats neemt het transport van goederen binnen de stad (last-mile delivery) flink toe. Het transport van een distributiecentrum naar een winkel verandert nu in het transport van een distributiecentrum naar de individuele consument. Doordat winkels verdwijnen volgt een nieuwe definitie van ruimtelijke ordening en de winkels die blijven zullen wellicht enkel gebruikt worden om producten te tonen. De functie en structuur van hedendaagse winkelgebieden, terminals en verzamelpunten zal aanzienlijk veranderen.

In Europa accepteren de meeste consumenten een levertijd van drie tot vijf dagen. In Nederland bestaat een duidelijke voorkeur voor een snellere levering van maximaal twee dagen en bij voorkeur tot aan de deur.

In verstedelijkte gebieden brengt dit volgens Sweco enorme uitdagingen met zich mee en nieuwe bezorgtechnieken doen hun intrede die zich concentreren op de zogenaamde last-mile delivery. Voorbeelden zijn smart locks (voor auto- of huisbezorging, verzamelpunten in (bestaande) winkels en thuisbezorging van dagelijkse boodschappen.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Plagiërende site gewiekst in zijn hemd gezet

Posted 19 jun 2018 — by Villamedia
Category nieuws

BuzzFeed heeft een lezenswaardig verslag over de aanpak van een plagiërende site, waar ruim zevenduizend artikelen van één auteur zijn gewist, nadat de site waar het meeste materiaal van werd gejat een slimme val had gezet.

Lees het volledige bericht op Villamedia »

‘Nog voor zomerreces duidelijkheid over wijzigen Postwet’

Posted 19 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

De vakbonden FNV, Bond van Post Personeel (BVPP), CNV en VHP2 willen dat het kabinet nog voor het zomerreces met concrete vervolgstappen komt ten aanzien van de wijzigingen in de Postwet.

De regelgeving moet beter aansluiten bij de sterk krimpende postmarkt. Aanpassing van de huidige regelgeving is nodig om de bereikbaarheid en de betrouwbaarheid van de postvoorziening voor alle Nederlanders in de komende jaren te waarborgen.

Consolidatie is daarbij onvermijdelijk. Vindt ook PostNL, een van de deelnemers aan de zogenoemde Postdialoog. ‘Door de snelheid van de krimp van de postmarkt is snel handelen van de politiek van groot belang. De sector is gebaat bij heldere keuzes en maatregelen die consolidatie mogelijk maken.’

Er moet volgens FNV, Bond van Post Personeel (BVPP), CNV en VHP2 nu snel worden doorgepakt om de regelgeving aan te passen zodat de voorgestelde consolidatie daadwerkelijk geregeld kan worden en ‘het huidige afbraakbeleid in de postsector kan stoppen’.

Zo moet het Kabinet voorwaarden scheppen die bijdragen aan fatsoenlijke arbeidsvoorwaarden, continuïteit van de postbezorging en een geleidelijk sociaal verantwoorde afbouw van de werkgelegenheid.

De vakbonden wachten met hun definitieve oordeel over het Kabinetsbeleid, totdat hierover duidelijkheid is.

PostNL zal zich naar eigen zeggen verder verdiepen in de bevindingen en aanbevelingen. De verdere stappen zijn afhankelijk van de snelheid waarmee aanpassing van regelgeving en andere maatregelen wordt gerealiseerd.



Lees het volledige bericht op Emerce »

Hoe haal je alles uit het marktplaatsmodel?

Posted 19 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

De strijd om de aandacht van de online-consument speelt marktplaatsen in de kaart. Zij bieden gemak en een allesomvattend assortiment, of het nu gaat om een niche als nepwimpers of om telefoonhoesjes. Bijna elk product dat je nodig kunt hebben kan je vinden bij marktplaatsen als Amazon of Bol.com. Hoe maak je succesvol gebruik van dit businessmodel?

Het cijfer is bekend: in de VS start 63 procent van de consumenten hun zoektocht naar een product direct op Amazon. Ze vergelijken geen websites meer en doen geen onderzoek op recensiesites omdat ze erop vertrouwen dat Amazon de juiste prijzen en een geweldige koopervaring biedt en daar ook beoordelingen van consumenten worden gegeven. In Nederland zie je hetzelfde gebeuren met Bol.com.

Tot een paar jaar geleden was de technologie niet klaar voor deze manier van verkopen. Je moet immers als marktplaats toegang hebben tot de productcatalogi en actuele voorraad van tal van partners – in het geval van Amazon miljoenen – en de betalingen aan de verschillende leveranciers goed kunnen afhandelen.

Vliegwieleffect

Waarom zijn marktplaatsen nu zo interessant? Dit is te verklaren met het vliegwieleffect: meer aanbod trekt meer kopers die weer meer aanbieders aantrekken. Vaak leidt dit tot meer efficiency wat weer lagere prijzen als gevolg heeft en dus een verdere versnelling van het vliegwiel.

Voor bijvoorbeeld groothandels – die zich in toenemende mate zorgen maken over hun toegevoegde waarde – is het creëren een marktplaats en aantrekkelijk manier om hun product range te vergroten zonder enorme investeringen in extra voorraad.

Een aannemer die een dakkapel gaat plaatsen wil niet vijf leveranciers af moeten gaan om alle materialen bij elkaar te sprokkelen. Die surft naar een marktplaats voor bouwmaterialen en bestelt alles in één keer. Dat zijn winkelmandje door verschillende leveranciers wordt gevuld, daar merkt hij niets van.

Nu het realiseren van een marktplaats, door de ontwikkelingen in de techniek, technisch eenvoudiger wordt, zullen we een aanzienlijk groei in marktplaatsen gaan zien. Zeker in de B2B is er volop ruimte voor verticale marktplaatsen.

Hoe ga je hier nu mee om als online retailer of groothandel? In een eerder blog beschreven we al dat er twee mogelijkheden zijn:

  1. Je start zelf een marktplaats;
  2. Je sluit je bij een bestaand platform aan.
 1. Je start zelf een marktplaats

Als je een marktplaats wilt oprichten, dan is er een aantal zaken die de kans op succes vergroten:

  • Ben je in staat om een allesomvattend assortiment te voeren in je branche (horizontaal) of alle producten in een bepaalde niche (verticaal)?
  • Kun je je businessmodel en organisatie snel aanpassen aan de nieuwe manier van zakendoen? Je gaat externe partijen aansluiten op je platform – hoe doe je de on-boarding, welk producten biedt je aan, hoe ga je om met prijzen – sta je prijsconcurrentie toe op je marktplaats – en hoe richt je de klantenservice in?
  • Ben je eigenaar (of kun je dat worden) van alle interfaces? (hierover later meer)

De belangrijkste vraag die je moet beantwoorden als je een marktplaats start, is natuurlijk of het een probleem oplost. Een marktplaats voor laptops heeft niet zoveel zin – Amazon verkoopt ze immers ook al. Maar stel, je biedt refurbished Macbooks aan. Dat is een dusdanig nicheproduct dat de grote spelers het niet in hun assortiment hebben. Je zou dus andere refurbishers kunnen aanspreken en een marktplaats beginnen met dat specifieke aanbod. Of begin een marktplaats met alle benodigdheden die een boer zou kunnen inkopen; van veevoeder tot schrikdraad en kalverdekken. Dat zijn niches die nog niet in de long-tail van de grote marktplaatsen zitten maar wel een publiek hebben.

Wanneer je hebt bepaald wat je wilt aanbieden op je marktplaats, dan is er vervolgens geld en tijd nodig om het businessmodel goed vorm te geven. Het is niet iets wat je er even bij doet, niet alleen vanwege de technologische complexiteit maar ook vanwege de impact op je eigen producten.

Daar kwam automaterialenketen Halfords in de UK achter – de eigen omzet daalde omdat andere producenten de voorkeur kregen van bezoekers van de Halfords-marktplaats. Maar als je je businessmodel zodanig inricht dat de kannibalisatie op het eigen assortiment wordt gecompenseerd door meer bezoek (vliegwieleffect!) en commissie inkomsten over verkopen van derden, dan worden dit soort teleurstellingen voorkomen.

Er zijn meerdere strategieën mogelijk bij het oprichten van een marktplaats. Drie modellen die zich in de praktijk hebben bewezen zijn:

  • De start-up

Zoek investeerders en creëer een nieuw bedrijf met een digital-first aanpak en nieuwe medewerkers. Zo word je een agile, softwaregedreven, pure-player. Dit is de beste aanpak als je jaren van change management, debatten over cultuurverschillen en de last van legacy processen en software wilt voorkomen. Je begint vanaf nul zodat de marktplaats perfect aansluit op de markt. Dit model werkt met name in niches.

  • De buy-in

Werk samen met fabrikanten of zelfs de concurrent. Start een coöperatieve marktplaats met andere spelers in je markt en zorg voor een long-tail aanbod dat andere verkopers niet hebben. Je deelt kosten en opbrengsten en verhoogt je marktaandeel ten opzichte van niet-deelnemers. Dit model is heel geschikt voor markten waar de concurrentie moordend is.

  • De uitbreider

Dit model spreekt vooral marktleiders aan die bang zijn om marktaandeel te verliezen aan disruptieve spelers. De bestaande e-commerce website wordt omgeturnd tot een marktplaatsplatform waar andere spelers hun producten op kunnen verkopen. Let wel, het is een langetermijnstrategie. Het vergt een investering in processen en geld maar op den duur betaalt het zich terug in traffic en conversie.

Je sluit je aan bij een bestaande marktplaats

Het feit dat consumenten hun tijd niet wensen te besteden aan het aflopen van verschillende webshops levert de marktplaatsen veel traffic op en een hoge positie in de zoekmachineresultaten. Voor een nieuwe webshop wordt het heel moeilijk om op SEO te scoren en de kosten van SEA zijn niet op te brengen door de moordende concurrentie. Dan ligt het voor de hand je aan te sluiten bij een bestaande marktplaats.

Dat besluit is nog maar het begin. Marktplaatsen zeggen allemaal hoe gemakkelijk het is om je aan te sluiten en dat succes dan volgt. Maar het maken van de connectie met het platform is niet de uitdaging, dat is de stap die daarna komt: hoe ga je succesvol producten verkopen op een marktplaats? Heb je de juiste prijs en content voor je aanbod? Hoe weet je zeker dat je producten bovenaan de zoekresultatenpagina’s komen te staan?

Sommige marktplaatsen geven verschillende mogelijkheden om je producten voor het voetlicht te brengen op hun platformen. De drie meest voorkomende zijn: de marktplaats koopt de producten in verkoopt die zelf (1P), een reseller verkoopt je producten namens jou of je doet alles zelf (3P).

Interface-imperialisme

Aan de twee keuzemogelijkheden zitten voor- en nadelen. Wat echter de doorslag geeft bij het besluit zelf doen of aansluiten, is het antwoord op de vraag: bezit je alle interfaces zoals desktop, mobiel, maar ook slimme luidsprekers of zelfs slimme koelkasten?

Succesvolle merken, retailers en groothandels zijn eigenaar van de interfaces die hun klanten gebruiken, wat we interface-imperialisme noemen. De logica achter deze vorm van imperialisme is simpel: als je eigenaar van de interface bent, ben je ook eigenaar van de klant, en dus eigenaar van de data. En als je de data bezit, heb je de toekomst in handen.

Als je deze strijd niet kan winnen, dan zal je moeten sluiten bij een partij die wel alle interfaces bezit. Amazon is een goed voorbeeld van een ecosysteem dat geschikt is voor elke digitale interface en ontworpen is om een geweldige gebruikerservaring te bieden, of het nu om een smartphonescherm gaat of een ‘spraakassistent’.

De glazen bol

Digitale marktplaatsen spelen goed in op de klantvraag van vandaag. Ze bieden een prettige ervaring en lossen problemen op. Ze besparen de consument immers tijd, geven gemak door producten en diensten van over de hele wereld bij elkaar te brengen en het zijn platformen waar merken, fabrikanten, kopers en verkopers ervaringen en ideeën kunnen delen.

Wij verwachten dat marktplaatsen in de toekomst alleen maar socialer en persoonlijker worden door groei in en toepassing van data en machine-learning. Er zijn twee mogelijke scenario’s:

  • Iedereen wordt eigenaar van of integreert met een marktplaats.

Het effect is dat marktplaatsen het traditionele e-commerce model vervangen. Omdat iedereen met elkaar verbonden is, is dit feitelijk een nulsomspel.

  • The winner takes it all.

Dit is een waarschijnlijker scenario. Enkele grote spelers overleven de interface-race waarna een beperkt aantal grote B2C-platformen en D2C-shops van sterke merken het internet domineert. In B2B zal er zeker ruimte zijn voor meerdere specialistische marktplaatsen, maar ook daar zet de consolidatie door. De overige (multi-brand) retailers moeten aansluiting zoeken bij een bestaande marktleider, anders worden ze steeds minder relevant en lopen zij het risico dat ze zullen verdwijnen.

Headerfoto: Radu Bercan / Shutterstock.com



Lees het volledige bericht op Emerce »

Uitdaging voor reisbranche zit in data-analyse

Posted 19 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Sommige reizigers bezoeken wel 38 websites voordat zij daadwerkelijk een ticket boeken. Om deze potentiële klanten voor zich te winnen, moet de reisbranche zich aanpassen aan nieuwe digitale-marketingstrategieën. Hoe helpt kunstmatige intelligentie hierbij?

Met het grote aantal zoekmachines, booking-apps, online reisbureaus en sites met speciale deals kunnen consumenten continu zoeken naar de beste reisaanbiedingen. Toch vindt 39 procent van de vakantiegangers en 45 procent van de zakelijke reizigers dat zij te veel verschillende websites gebruiken om vliegtickets te vinden. Bovendien wil 43 procent van de toeristen en 51 procent van de zakenreizigers minder tijd besteden aan het zoeken naar vluchten. Aanbieders van vliegtickets, hotels en huurauto’s kunnen hierbij helpen door op het juiste moment gepersonaliseerde advertenties te tonen.

Deep learning

Deep learning is een innovatieve tak van kunstmatige intelligentie, waarbij de activiteit van het menselijk brein wordt nagebootst bij dataverwerking en het creëren van patronen voor besluitvorming. Deep learning-technologie kan helpen bij het voorspellen van unieke gewoonten en behoeften van gebruikers. Het vereenvoudigt de dagelijkse gebruikerservaring door zeer gerichte advertenties aan te bieden, bijvoorbeeld met aanbiedingen of diensten die we sneller geneigd zijn te kopen. Maar ook met aanbod dat we nog niet eerder hebben gezien of producten waar we nog niet eens aan hebben gedacht, maar waarschijnlijk wel graag willen hebben. En dat kan nuttig zijn, want dertig procent van de mensen geeft aan dat zij na het zien van een aanbiedingsactie bereid zijn een reis te ondernemen, zelfs als ze dat niet van plan waren. 25 procent geeft zelfs aan een andere bestemming te overwegen dan oorspronkelijk gepland, na het zien van een advertentie.

Segmentatie

Gebruikerssegmentatie is belangrijk bij het realiseren van een unieke customer journey. In het geval van vliegtickets wordt dit bijvoorbeeld gedaan door gebruikers onder te verdelen in mensen die uitgebreid zoeken naar een vlucht en mensen die slechts af en toe of last-minute vliegen. De eerste groep zal eerder specifiek gerichte aanbiedingen ontvangen, terwijl de tweede groep informatie ontvangt over de laatst beschikbare stoelen in een vliegtuig.

Segmenteren kan ook op basis van het kanaal waar mensen vandaan komen – via de site van een luchtvaartmaatschappij, een online reisbureau of een reiswebsite – of op basis van stoelklasse, zoals gebruikers die geneigd zijn over te stappen naar eersteklas of businessclass. De huidige performance-based marketingcampagnes kunnen getarget worden op zoveel verschillende variabelen dat je vooral moet ontdekken welke voor jouw business het best werken.

Neem als voorbeeld reiswebsite Musafir.com, die ook heeft ondervonden dat het waardevol is om segmenteren. Zij richtten zich op reizigers met unieke en persoonlijke berichten. Elk bericht bevat een aanbieding die overeenkomt met het online koopgedrag, de behoeften en de koopintentie van de gebruiker. Hiermee wisten ze hun conversion rate met acht procent te vergroten.

Cross-selling

Volgens PWC is het belangrijk om ook aandacht te besteden aan aanvullende aanbiedingen, zoals accommodaties, huurauto’s, entertainment en gepersonaliseerde rondreizen. Voor luchtvaartmaatschappijen is het daarom belangrijk om digitale-marketingmogelijkheden verder te ontwikkelen en zich te richten op het verzamelen van zoveel mogelijk klantdata. Zo kunnen zij een gedetailleerd profiel van de reiziger creëren en deze informatie vervolgens omzetten in een gepersonaliseerd aanbod, inclusief een huurauto ter plaatse, informatie over lokale evenementen of mogelijkheden voor sightseeing. Hier ligt de ware potentie van deep learning: deep learning-algoritmes kunnen data verzamelen, bekijken en analyseren, om op maat gemaakte advertenties te creëren die voor elke gebruiker op persoonlijk niveau werken.

Retargeting

Retargeting – waarbij bezoekers van een website op andere sites worden uitgenodigd om terug te keren naar de website van de adverteerder – biedt een hoop creatieve mogelijkheden om een merk succesvol te promoten. Bijvoorbeeld met eenvoudige banners die oproepen tot het boeken van een reis of die de meest aantrekkelijke bestemmingen op dat moment uitlichten, zoals exotische bestemmingen in de winter of speciale aanbiedingen in de aanloop naar nationale feestdagen. Ook interessant is het promoten van bestemmingen met bepaalde extra’s, zoals aantrekkelijke vliegtijden, businessclass-plaatsen, gratis onbeperkte wifi of de goedkoopste aanbiedingen.

Door op het juiste moment relevante aanbiedingen te tonen, is het ook Flyin.com gelukt om reizigers in de markt opnieuw te betrekken. Elke bezoeker uit het verleden kreeg gepersonaliseerde aanbiedingen te zien, bestaande uit reisbestemmingen die hen het meest interesseren en tot boekingen kunnen inspireren. Dankzij de campagne-optimalisaties werden de conversies van Flyin.com tot 23 procent verhoogd.

Data-analyse is de sleutel

Het verkrijgen van data is eenvoudig; de echte uitdaging zit ‘m in het analyseren en het trekken van de juiste conclusies. Ook hier spelen kunstmatige intelligentie en deep learning een grote rol. Hoe meer data je algoritmes analyseren, hoe beter de resultaten. De reisbranche moet zich een nieuwe mindset aanmeten, gericht op het verzamelen en correct analyseren van data. Alleen zo kan écht een compleet beeld worden gecreëerd van het aankoopproces van reizigers.



Lees het volledige bericht op Emerce »

‘Trump-tijdperk vereist nieuwe journalistieke aanpak’

Posted 18 jun 2018 — by Villamedia
Category nieuws

Schrijver en docent journalistiek Dan Gillmor roept journalisten en media op niet langer als doorgeefluik voor leugens van de Amerikaanse overheid te fungeren. Het excuus dat er enkel verslag wordt gedaan voldoet niet langer. “Dit zijn geen normale tijden”,…

Lees het volledige bericht op Villamedia »

‘Digitaliseringsagenda kabinet mist nog focus’

Posted 18 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Stichting Digitale Infrastructuur Nederland (DINL), de Dutch Startup Association (DSA) en de Fiber Carrier Association (FCA) vinden dat de zaterdag gepresenteerde digitaliseringsagenda van kabinet Rutte III focus mist.

De drie organisaties stellen (pdf) dat het goed is dat het kabinet de ambitie uitspreekt om Nederland digitale koploper te maken. Ook is het te prijzen dat het Kabinet het economisch belang van de digitale ontwikkelingen erkent en dat een strategie is ontwikkeld die het thema digitalisering over de volle breedte van het kabinetsbeleid adresseert.

Toch missen de drie organisaties nog enkele essentiële elementen in het voorgestelde beleid.

De ondertekenaars maken zich onder meer zorgen over de aanpak om alle bedrijven over dezelfde kam te scheren. Het kabinet zet in op digitalisering van het Nederlandse bedrijfsleven in de breedte. Maar daarbij gaat het kabinet voorbij aan het feit dat Nederland ook sterke digitale multinationals zoals Adyen, Booking.com, Leaseweb heeft voortgebracht. Ook zijn ongeveer twintig procent van de aan vestiging gerelateerde investeringen uit het buitenland toe te rekenen aan onze digitale mainport functie. Dat heeft grote internationale digitale merken naar Nederland getrokken. Al die bedrijven zijn van nature digitale koplopers. Ze zorgen samen met startups en scale-ups voor nieuwe economische activiteiten in Nederland.

‘Door onvoldoende te differentiëren in het beleid, en slechts in te zetten op inlopen van achterstand van bestaande bedrijven, loopt het kabinet het risico die platform sector en de digitale mainport zelfs af te remmen en zo afhankelijker te worden van digitale diensten uit het buitenland. Dat zou kunnen resulteren in een lager tempo van de digitale ambities en de beoogde groei van economische activiteiten.’

Daarnaast ontbreekt een verdieping van het thema startups en scale-ups. De one size fits all benadering van de agenda lijkt echter vooral in te zetten op bestaande bedrijven. Daarbij remt de toenemende regulering van digitale activiteiten de mogelijkheden voor experimenteren en voor startups. Want de nationale en nieuwe Europese regels worden ervaren als complex, onduidelijk, en de interactiemogelijkheden met toezichthouders zijn gedateerd. ‘Het digitale kabinetsbeleid zou ook in moeten zetten op het tegengaan van de negatieve effecten van de regels op startups, het wegnemen van zulke knelpunten en het steviger stimuleren van de startups en ondersteunen van de scaleups.’

De agenda kan verder aanzienlijk aan kracht winnen met meer aandacht voor de benodigde en beschikbare overheidsmiddelen voor de digitale transitie, vinden de drie organisaties. Deze zitten nu veelal nog besloten in de departementale begrotingen waardoor een goed gebundeld overzicht ontbreekt. Vooralsnog blijft zodoende onduidelijk hoever hier de kabinetsambitie reikt.

De ondertekenaars van de brief roepen het kabinet verder op om een fonds in te richten voor het wegnemen van specifieke knelpunten en voor stimuleringsmaatregelen in digitale infrastructuur en de platformeconomie.



Lees het volledige bericht op Emerce »

De ongemakkelijke strijd tegen nepnieuws

Posted 16 jun 2018 — by Emerce
Category nieuws

Sociale media worstelen al langere tijd met (politieke) beïnvloeding. Er liggen allerlei voorstellen op tafel om nepnieuws te bestrijden, maar zo makkelijk is dat niet. Hoe krijgen media weer grip op de waarheid?

Hij moest in grote advertenties in Britse kranten zijn excuses aanbieden voor het lekken van gegevens van mogelijk 87 miljoen gebruikers. Facebook-CEO Mark Zuckerberg kroop diep door het stof voor het incident met het schimmige Britse bedrijf Cambridge Analytica, dat op basis van gebruikersprofielen het Amerikaanse kiespubliek probeerde te bereiken via op maat gemaakte berichten over toen nog de republikeinse kandidaat Trump.

Het schandaal kreeg een vieze bijsmaak toen bleek dat Cambridge Analytica niet alleen zonder toestemming gegevens via Facebook had vergaard, maar ook afkeurenswaardige tactieken inzette om Trump aan zijn verkiezingsoverwinning te helpen. De leiding van het bedrijf vertelde voor een verborgen camera van Channel 4 dat ze niet terugdeinsde voor het betalen van steekpenningen, spionage of het inzetten van prostituees.

Niet dat Facebook daaraan bewust had meegewerkt, maar het bedrijf liet het wel gebeuren. Het gaf weer eens aan dat het bedrijf veel te ver is doorgeschoten met het delen van gebruikersdata.

Bij het verhoor in het Amerikaanse Congres en het Huis van Afgevaardigden had Zuckerberg zeven pagina’s nodig om uit te leggen dat Facebook zich heeft geconcentreerd op ‘al het goede dat het verbinden van mensen kan brengen’, maar dat hij ‘geen brede kijk op onze verantwoordelijkheid had’. ‘Ik begon Facebook, en ik ben verantwoordelijk voor wat hier gebeurt.’

Facebook laat een onafhankelijke commissie van academische deskundigen onderzoek doen naar de vermeende beïnvloeding van de verkiezingen. Zij moet ook met aanbevelingen komen. Een aantal filantropische instellingen zorgt voor de financiering.

Gevoelig
Het bedrijf heeft verder technische maatregelen aangekondigd: apps en games krijgen bijvoorbeeld alleen nog maar toegang tot naam, e-mailadres en de profielfoto van de gebruiker. Ontwikkelaars die meer willen, zullen een contract moeten ondertekenen met behoorlijk wat juridische clausules. Datasets waarmee adverteerders gebruikers kunnen analyseren en gerichte advertenties kunnen voorzetten worden beperkt. In de tijdlijn van gebruikers wordt getoond welke apps toegang hebben tot hun data. Zij kunnen daarmee ook apps de toegang ontzeggen.

Ondanks de toezeggingen blijft er nog veel uit te leggen: aan de EU, zeker in het licht van de aanstaande Europese privacywetgeving, maar ook aan de Amerikaanse Federal Trade Commission (FTC). Deze toezichthouder wil weten of het technologiebedrijf zijn eigen privacyrichtlijnen heeft geschonden. Facebook heeft in 2011 namelijk al een strengere privacybescherming toegezegd, en een van de vragen is of het bedrijf zich hieraan heeft gehouden.

Extra pijnlijk waren in dit verband de opmerkingen van Apple-topman Tim Cook, die op de vraag wat hij zou doen als hij in de schoenen van Zuckerberg zou staan, antwoordde ‘dat mij dit nooit zou zijn overkomen’. Simpelweg omdat de missie van Apple nooit geweest is om de data van gebruikers te verkopen.

Cambridge Analytica was zeker niet het enige incident. Vorig jaar moest Facebook toegeven dat zeker veertig procent van de Amerikaanse kiezers tijdens de presidentsverkiezingen in aanraking was gekomen met nepnieuws dat via Rusland werd verspreid in de vorm van betaalde advertenties. Aangeleverd door een trollenfabriek, genaamd Internet Research Agency.

Over de aanpak hiervan schijnt bij het social platform intern grote onenigheid te zijn ontstaan. Het hoofd beveiliging van het mediabedrijf, Alex Stamos, kondigde onlangs zijn vertrek aan, omdat hij het niet eens was met de manier waarop Facebook de verspreiding van nepnieuws en desinformatie wil bestrijden. Stamos wilde openheid van zaken geven over pogingen van Rusland om via Facebook de Amerikaanse presidentsverkiezingen te beïnvloeden, maar dat lag kennelijk te gevoelig bij de top van het bedrijf.

MIT
Aanvankelijk ging de discussie over de politieke beïnvloeding via sociale media toch vooral over de vraag of hier eigenlijk wel sprake van was. Kort na de verrassende verkiezingsuitslag in de VS vermoedde ook Google-topman Sundar Pichai dat nepnieuws daarbij een rol had gespeeld. De verkiezingen waren immers een nek-aan-nekrace. Een kleine groep kiezers kon de uitslag bepalen. Maar bewijzen kon hij het niet.

De vraag hoe je dit soort ontwrichtende propaganda moet aanpakken, is dan ook nog lastiger te beantwoorden. Het verspreiden van onwaarheden valt immers grotendeels onder de vrijheid van meningsuiting. Voor een individueel bericht is dit meestal geen probleem, maar het totale effect van individuele foutieve berichten kan substantieel zijn, constateert het Centraal Planbureau (CPB) in een onlangs verschenen advies. Als het onderliggende probleem meer een gebrek aan kennis is dan een gebrek aan goede prikkels, dan zou voorlichting of onderwijs in mediawijsheid kunnen helpen.

De kracht van internet – het rechtvaardigheidsprincipe waarbij het niet noodzakelijk is dat elke speler evenveel kansen heeft om te slagen, maar wel dat alle spelers het spel volgens dezelfde regels spelen – is tegelijk zijn grote zwakte gebleken. Dat begon natuurlijk al vroeg met commerciële beïnvloeding. Spammers wisten de zoekresultaten bij Google zo te manipuleren dat bedrijfsnamen en producten hoog scoorden. Zoekmachines moesten hun algoritmen regelmatig bijstellen in wat een grenzeloos kat-en-muisspel leek. Achter de schermen werden nieuwe technieken ontwikkeld om consumenten op basis van slimme profielen zeer gericht te benaderen met op maat gesneden advertenties.

En die technieken worden tegenwoordig ook volop ingezet om propaganda te verspreiden. Na het bestuderen van 126.600 berichten die door drie miljoen Twitteraars zijn verzonden en gedeeld, concludeert het Massachusetts Institute of Technology (MIT) dat nepnieuws zich sneller verspreidt dan echte journalistieke verhalen.

Experts beweren dat het Google-zoekalgoritme de verspreiding van nepnieuws juist heeft bevorderd door de kans te berekenen dat een internetgebruiker ook daadwerkelijk zal klikken op een zoekresultaat. Dit soort user engagement moet volgens kenners anders worden gewogen.

Response team
Veel van de voorgestelde maatregelen werken echter niet of nauwelijks. Facebook wilde eerst onafhankelijke factcheckers in de arm nemen en dubieuze nieuwsberichten voorzien van een waarschuwing. Was een bericht eenmaal aangemerkt als verdacht, dan werden ook geen advertenties meer getoond. Maar ook dit heeft zo zijn nadelen: want wie bepaalt wat precies de waarheid is? Onderzoek van Yale University laat zien dat een nepnieuwslabel bij artikelen eerder contraproductief werkt. Trump-aanhangers en jonge lezers bleken zelfs eerder geneigd een dergelijk artikel te geloven.

Het rechtvaardigheidsprincipe zorgt ook voor lastige keuzes: betrouwbare en minder betrouwbare bronnen zijn op internet nauwelijks van elkaar te onderscheiden, maar een schifting op basis van betrouwbaarheid geeft een ongemakkelijk gevoel: alternatieve opinies moeten ook gehoord kunnen worden.

Sommige landen schieten helemaal door. Duitsland wilde de verspreiding van nepnieuws tegengaan door wetgeving. Met boetes die tot vijfhonderdduizend euro kunnen oplopen. SPD-voorman Thomas Opperman benadrukte dat het niet de bedoeling is om een meningspolitie of waarheidscommissie in het leven te roepen. Het wordt echter een lastige discussie om te bepalen wat precies nepnieuws is. Het Netzwerkdurchsetzungsgesetz blijkt nu al niet te werken, omdat ruziënde burgers elkaar aangeven.

Groot-Brittannië heeft daarbij zelfs plannen voor een rapid response team, dat bevoegdheid krijgt om op te treden tegen ‘desinformatie’ op sociale media en andere online platformen.

Maleisië op zijn beurt dreigt zelfs met tien jaar gevangenisstraf voor het verspreiden van nepnieuws. Amnesty International zag dit gelijk als een poging om kritiek op de regering tegen te houden: nieuwe wetten maken critici monddood en de persvrijheid wordt aan banden gelegd. Waarbij ook in Singapore en de Filipijnen de autoriteiten overwegen om nepnieuwswetgeving in te voeren. Amnesty riep alle landen in de regio op deze gevaarlijke ontwikkeling tegen te houden.

Protest
Dat toezicht helemaal geen zoden aan de dijk zet, bewees de Europese commissie tegen nepnieuws EU vs Disinfo. De Europese taakgroep, die vanuit Brussel nepnieuws analyseert, ontvangt sinds vorig jaar ruim een miljoen euro uit het budget voor strategische communicatie en heeft veertien mensen in dienst. Maar de werkgroep ligt onder vuur. Die bleek gemakshalve ook GS Media, De Persgroep en The Post Online tot verspreiders van nepnieuws te rekenen. Na dreiging met een kort geding volgde een rectificatie.

De advocaten van deze mediabedrijven haalden dan ook flink uit. Overheid blijf ver weg bij het beoordelen van het werk van journalisten, luidde hun kritiek. De EU heeft volgens de juristen boter op haar hoofd als zij beweert dat het haar als koene ridder van de waarheid alleen zou gaan om het bestrijden van ‘pro-Kremlin-desinformatie’. Haar campagne diende eerder de belangen van de EU in de regio rond Rusland en was overduidelijk onderdeel van het beleid van de EU richting deze regio.

Uitwassen kun je natuurlijk wel bestrijden. In een gesprek met The Washington Post gaf de Amerikaan Paul Horner in 2016 ronduit toe dat hij al jaren leefde van nepnieuws via advertenties. Tijdens de verkiezingscampagne publiceerde hij berichten die door het Trump-kamp gretig werden overgenomen, zoals het verhaal dat een democratische demonstrant 3500 dollar betaald had gekregen om te protesteren bij een rally van Trump.

Google heeft inmiddels paal en perk gesteld aan de mogelijkheden van bloggers en vloggers om geld te verdienen met nepnieuws. Mede onder druk van adverteerders. Zij hebben miljoenen dollars ingetrokken, omdat ze hun advertenties niet meer bij dubieuze content willen zien staan.

Waar echter nog te weinig mee wordt gedaan, zijn algoritmen die bepalen wat consumenten zelf betrouwbaar vinden. Facebook laat gebruikers al wel bepalen welke nieuwsbronnen betrouwbaar zijn. Andere bronnen worden dan naar de achtergrond gedrukt.

Identiteitscontrole
Sommige critici zien ondanks de uitdagingen ook een positieve ontwikkeling. Naarmate meer mensen zich zorgen maken over desinformatie, neemt de waardering voor betrouwbare informatie toe. Zorgwekkend is wel dat één op de drie Nederlanders in een onderzoek van de Volkskrant zegt ‘tegenwoordig vaak niet meer te weten wat waar is en wat onwaar’, slechts 29 procent zegt ‘echt nieuws van nepnieuws te kunnen onderscheiden’.

Mede hierdoor hebben Kamerleden Hans van der Molen (CDA) en Kees Verhoeven (D66) al gepleit voor een bewustwordingscampagne over nepnieuws, de invloed van geldschieters op advertenties en meer kennis over algoritmes van Twitter en Facebook die bepalen wat gebruikers zien. De BBC helpt middelbare scholieren nu al om echt nieuws van nepberichten of stukken met valse informatie te onderscheiden.

Het CPB stelt nog andere maatregelen voor: een online platform zou iedere gebruiker de mogelijkheid moeten geven om zijn identiteit te laten controleren. De gebruiker kan baat hebben bij identiteitscontrole, omdat andere gebruikers hem of haar dan eerder vertrouwen. Zogenoemde verified accounts moeten een recht worden, geen privilege. Dat kunnen platforms in principe zelf organiseren, maar de overheid kan ook een DigID-achtig platform aanbieden om identificatie te faciliteren, aldus het CPB. Mogelijk biedt blockchaintechnologie hier een efficiënte oplossing.

Grote internetbedrijven hebben al wel toegezegd meer uitleg te zullen verschaffen over hoe de selectie van nieuws werkt. En ook zij willen meer maatregelen gaan nemen, al dan niet met behulp van machine learning die verdachte patronen herkent. Facebook, Twitter en Google zijn daarnaast onderdeel geworden van een 39 leden tellende adviesgroep onder leiding van de Nederlandse hoogleraar Madeleine de Cock Buning. In het advies blijft een belangrijke rol voor factchecken weggelegd, maar dan via een netwerk van onafhankelijke Europese centra voor (academisch) onderzoek.

Nederlands probleem?
Minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken) spiegelde eerder dit jaar voor dat nepnieuws ook in Nederland een groot probleem is. De bewindsvrouw noemde als voorbeeld de Russische pogingen om de meningsvorming over de ramp met de MH17 te beïnvloeden. Universitair docent politieke communicatie Sanne Kruikemeier, die onlangs onderzoek deed naar online activiteiten van Nederlandse kiezers, maakt zich echter geen zorgen. Nederlanders consumeren informatie nog steeds via traditionele media, zoals het NOS Journaal, de krant en sociale contacten. Ons land is ook minder gepolariseerd, waardoor de motivatie voor beïnvloeding minder urgent aanwezig is.

Vergunning
Het Centraal Planbureau (CPB) heeft eind vorig jaar een advies uitgebracht over een vergunningstelsel voor online platforms. Zo’n vergunning zou gericht moeten zijn op Europese gebruikers. In de financiële sector stellen toezichthouders hoge eisen aan bankvergunningen, dus waarom zou je zoiets ook niet kunnen verlangen van nieuwsleveranciers? Platforms kunnen verplicht worden om berichten met ongewenste of schadelijke informatie te markeren of te filteren. De bestaande regulering voor informatiemakelaars, nu voornamelijk verankerd in mediabeleid, is veelal ontworpen voor (traditionele) offline bedrijven en daardoor ontoereikend voor de risico’s die digitale platforms met zich meebrengen.

Trollenfabriek
Blogsite Tumblr, onderdeel van Yahoo, heeft naar eigen zeggen 84 accounts aangetroffen die duidelijke banden hebben met de trollenfabriek van de Russische overheid in Sint-Petersburg. Die accounts werden vooral ingezet om in aanloop naar de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 onrust te zaaien en presidentskandidate Clinton in diskrediet te brengen. De financiering en leiding van de trollenorganisatie zou in handen zijn van restaurateur Jevgeni Prigozjin, ook wel de ‘kok van Poetin’ genoemd. Om hun achtergrond te verhullen, huurden de Russen Amerikaanse servers. Pas in maart 2018 heeft de Amerikaanse regering van Trump Rusland sancties opgelegd voor wat het noemde ‘destabiliserende activiteiten’.

* Dit artikel verscheen eerder in het meinummer van Emerce magazine (#165).

Illustratie: Eva Straver (in opdracht van Emerce)



Lees het volledige bericht op Emerce »